Naar de inhoud

Hylpen likje stea oen it Yselmor

mijn
Welkom in Hindeloopen. Welkom bij mijn digitaal boek
akke.beakke.be

mijn


Geschiedenisverhalen

Zie ook andere blogs in linker kolom

Ik wens u veel kijk- en leesplezier


Herinneringen aan het (oude) station

Het Hylper station

Het was een mooie nazomerdag. Na het middageten stapte ik, om de tijd te doden, zonder een bepaalt doel op de fiets. Via het fietspad langs “Aesterdijk” ging de route, nog steeds zonder bepaalt doel, richting het Station. Daar werd ik aangesproken door iemand die ik niet kende. Hij vroeg of ik ter plaatse bekend was. Nu als geboren en getogen Hylper kon ik natuurlijk niet anders dan daar bevestigend op antwoorden. Mijn eerste gedachte was, zoals wel vaker voorkomt, dat deze vreemdeling mij de weg wou vragen naar Hindeloopen. Maar nee, zo bleek al snel, dat was niet het geval. Deze voor mij onbekende persoon haalde een (oude) ansichtkaart van het oude station uit zijn binnenzak. Hij vertelde dat hij deze ansicht bij toeval had gevonden tussen de papieren van wijlen zijn vader. Zijn vader, zo was hem gebleken uit achterop de kaart geschreven woorden, had als kind vaak gelogeerd in Hindeloopen. De vraag van de vreemdeling aan mij was “stond dat station op dezelfde plaats als dit huidige glazen hokje”? En zonder mijn antwoord af te wachten vroeg hij “weet u toevallig meer over dat station want ik zelf ben verzamelaar van alles wat met het spoor te maken heeft”?

Overrompeld op deze aanslag op mijn geheugen reageerde ik in eerste instantie niet op deze vragen. De onbekende, mogelijk bang dat hij geen antwoord zou krijgen, reageerde op dit zwijgen van mij met de opmerking: “ Ik wil u niet tot last zijn maar als u iets zou kunnen vertellen over het station uit de tijd van deze foto zou ik daar zeer mee ingenomen zijn.

Inmiddels begonnen bij mij de oude beelden uit het verleden naar voren te komen. Gezien dit meerdere beelden waren, en ik me realiseerde dat dit niet kon worden afgedaan met een simpel ja of nee, stelde ik voor er bij te gaan zitten op de stationsbank op het perron. En daar in de zon van die mooie nazomerdag begon ik te vertellen wat ik wist van het station.Ik begin hier bij wat ik weet uit overlevering en boeken.

Rond 1862 kwam de spoorlijn Leeuwarden-Harlingen klaar. Daarna kwam al snel een discussie op gang om ook de spoorlijn Leeuwarden-Stavoren aan te leggen. Maar dit ging net als altijd bij dergelijk projecten niet zonder slag of stoot. Het duurde ongeveer dertig jaar voor deze lijn ook daadwerkelijk zou worden aangelegd. Het uiteindelijke doel van deze lijn was om in combinatie met een boot een spoorverbinding te realiseren tussen Friesland (Leeuwarden) en Amsterdam.Toen rond 1862 de discussie over de lijn Leeuwarden-Stavoren op gang kwam installeerde de Nederlandse regering een comité om de plannen uit te werken. Zij kwamen met voorstellen om deze lijn via Sneek-Workum-Hindeloopen naar Stavoren aan te leggen.Maar zoals zo vaak gebeurt werd er ook een tegen comité gevormd. Zij kwamen met voorstellen om de lijn via Sneek-Bolsward naar Hindeloopen aan te leggen. Na vele jaren van discussie besloot de Tweede kamer om de lijn via Sneek-Bolsward naar Hindeloopen aan te leggen. De Eerste kamer draaide dit besluit echter terug. Uiteindelijk werd door de Hollands IJzeren Spoorweg Maatschappij de spoorlijn aangelegd via Sneek-Workum-Hindeloopen met Stavoren als eindpunt aangelegd. De lijn werd 8 november 1885 geopend.

Het station van Hindeloopen was identiek aan de gebouwen van Bozum, IJlst en Oudega. Type Loppersum: Parallelstaand middendeel met aan beide zijden een verschillend eindgebouw haaks op het spoor. Het werd in 1884 tesamen met de stations Workum en Oudega voor een totaalsom van ƒ 349.768, gebouwd door de aannemers Kloots en Arend uit 's-Gravenhage. Een soortgelijk station als in Hindeloopen, type Lopersum, staat nog altijd in Lopersum (lijn Groningen - Delftzijl) Rond 1940 werd het station verbouwd. Uit oude foto’s maak ik op dat toen de 3de klas wachtkamer verdween en die verbouwd werd tot fietsenstalling. Ook werd het sierlijke lijstwerk vervangen door eenvoudiger lijsten. Het gehele gebouw werd toen ook wit gepleisterd. In 1973 werd het geheel gesloopt. Ter vervanging van het station werd in 1970 reeds het huidige glazen wachthokje gebouwd.

Naast het personen vervoer was ook het vervoer van goederen van belang.Voor het laden en lossen van deze goederen ( kolen, vee enz enz) werd een apart “los en laad” perron aangelegd.

Terwijl ik deze gegevens aan de onbekende man vertel draai ik de ansicht onbewust om en om. Plotseling realiseer ik me dat dit station op de foto - wit gepleisterd en eenvoudig lijstwerk - niet het eerste gebouw is, maar het rond 1940 verbouwde station. Dus vertel ik mijn onbekende gast dat er voor dit gebouw, wat hij op de foto heeft, er eerder een mijn inziens veel luxer uitgevoerde versie van het station heeft gestaan. “Het oude en luxere station en het station op uw kaart stond iets naast het huidige glazen hokje. Het stond toen iets meer naar achteren dan waar we nu zitten op dit bankje. De huidige fietsenstalling staat feitelijk op de plaats waar toen het Station stond”. Vervolgens vraagt de onbekende mij “zegt de naam Houtsma u ook iets? Want die naam had mijn vader op de kaart geschreven”. Ook hier kan ik bevestigend op antwoorden. Ik vertel hem dat dit weliswaar van voor mijn tijd is maar dat ik uit overlevering weet dat er vroeger een Houtsma op het station woonde en “stationschef” was. Schijnbaar wist de onbekende zo voldoende want er kwamen geen vragen meer. Vervolgens bedankt mijn onbekende gast me uitvoerig voor de informatie en zonder dat we elkaar nader bekend maken vertrok hij in de voor het station geparkeerde auto.

Ik zelf stap weer op de fiets en vertrek richting huis. Maar het gevoerde gesprek met deze onbekende laat mij niet los. Op de fiets, onderweg naar huis, fietsen in mijn gedachten diverse personen en situatie’s uit mijn kinderjaren (1950-1965) met me mee naar huis.

Thuis aangekomen zit de vrouw met de koffie te wachten. Onder het genot van de koffie vertel ik haar het verhaal over de onbekende man. De vrouw vraagt me hierop “nu ik zou ook wel eens meer over het station van vroeger willen weten”. Nu dit verzoek kan ik natuurlijk niet naast me neer leggen.

Dus steek ik deze dag voor de tweede keer van wal over het wel en wee van het spoorwegstation Hindeloopen. Er staat zo je weet nu slechts een klein glazen wachthokje (een abri). In mijn kinderjaren -1950 / 1965 - was het station echter een markant stenen gebouw. Waar nu het glazen wachthokje staat stond vroeger een ander klein gebouwtje. Voor zover ik me herinner moet dat een toilet gebouwtje zijn geweest. Maar daar ben ik niet zeker van. Als je het perron opkwam had je gelijk links om de hoek de fietsenstalling en een opslag voor goederen. Bij het eerste station was daar echter de 3de klas wachtkamer. In het midden gedeelte was een ingang naar het loket met daarnaast het kantoor van de stationschef. Ook was er nog een voordeur aan de straatkant die rechtstreeks naar het loket leidde. Maar die deur en gang naar het loket werd door eigen Hindeloopers weinig gebruikt. Die stapten doorgaans gelijk het kantoor in van stationchef. Wat ik me nog het beste herinner van dit kantoor was de telegraaf die af en toe voor mij niet te begrijpen piep geluiden produceerde. Maar de chef, die daarvoor “gestudeerd” had wist aan de hand van deze pieptonen precies wanneer de trein uit Molkwerum of Workum vertrok. En ook als de trein het station verliet verzond de chef met dit apparaat voor ons onverklaarbare code’s. Naast dit kantoor was de wachtkamer(s). Voor mijn tijd verdeeld in twee klasse’s. In mijn herinnering ging het echter om één grote wachtkamer. Op het eind van deze wachtkamer stond de grote zwarte kolenkachel die in de wintermaanden snorrend het grote vertrek verwarmde en het wachten tot een aangename en gezellige gebeurtenis maakten. Want veelal kwam de reizigers te voet of op de fiets naar het een kilometer van Hindeloopen gelegen station. En dan was met name in de wintermaanden even opwarmen voor men op de trein stapte toch wel aangenaam. Naast de wachtkamer was het voor die tijd grote woonhuis van de stationschef Kees Pruis oftewel in Hindeloopen beter bekend als Kees en Bep. De andere stationchef (in vaste dienst) Wolbers woonde in Hindeloopen.Voor het kantoor van de chef stond het apparaat met vier grote hendels voor het omzetten van de seinen en om de wissels te bedienen. Voor het station lag namelijk toen een dubbelspoor. Ook daar voor het kantoor twee grote slingers aan een standaard voor de bediening van de 100 meter verder gelegen spoorbomen. Met name deze apparaten voor de bomen, wissels en seinen herinner ik me, en waarschijnlijk ook andere jongens, zich nog goed. Want niet zelden mochten we, als de trein naderde, de chef helpen de bomen dicht te draaien en/of de seinen op veilig te zetten. En dat was natuurlijk een gewichtig en verantwoordelijke klus.

Inmiddels heeft de vrouw opnieuw koffie ingeschonken. Maar helemaal opgaande in deze tijd van weleer had ik dat niet gemerkt, dus onderbreekt de vrouw me met de opmerking “drink nu eerst maar je koffie even op, want die is al bijna koud”. Terwijl ik aan dit “gebod” van de vrouw voldoe merkt zij op “die stationschefs hadden, zo lijkt me, niet echt een drukke baan”.

Nu, zo ga ik verder, ik denk dat het toch tegenviel. Er was naast het binnenloodsen van de trein nog veel meer te doen daar op en om het station. Ook de postbode was regelmatig te vinden op het station. De post werd in die tijd vervoerd met de trein. Tweemaal daags fietste de plaatselijke postbode (Veldstra) naar het station om de post voor Hindeloopen op te halen en te brengen. Ook het aan de posterijen gelinieerde van “Gent en Loos” vervoerde de stukgoederen per trein. Deze werden dan afgehaald door de plaatselijke vrachtvervoerder (Amsterdam). En ja, het is mogelijk niet meer voor te stellen maar toen was er ook nog een heus “laad en los perron” voor bulkgoederen. Daar kwamen de wagons met steenkolen aan. En uit overlevering is me bekend dat er eens per week, maar dit was voor mijn tijd, ook een veewagon kwam voor het vervoer van vee van en naar de veemarkt in Sneek. En ook dit alles werd begeleid door de chef door het uitschrijven en uitgeven van vervoers brieven e.d. Ook was het regelmatig oliën van de seinen en alle raderwerken van de spoorbomen en seinen een taak van de chef. Nee, zo antwoordde ik de vrouw op haar opmerking “het was mogelijk geen baan om stres van te krijgen maar al met al denk ik dat zo’n chef toch wel behoorlijk veel had te doen”. En, zo sluit ik mijn verhaal over de stresgevoeligheid van de baan “stationschef” af, “je moet niet vergeten dat een werkweek toen uit 45 uur bestond, en een werkdag van ’s ochtends zes tot half elf ’s avonds in twee (wissel) diensten werd uitgevoerd.

Na deze lezing mijnerzijds over de arbeidsomstandigheden van de stationschef anno 1960 komt de dochter binnen en onderbreek mijn verhaal. Zei merkt bij binnenkomst op “wat is het hier stil, normaal hebben jullie altijd wel de radio of de televisie aan”. Nu de vrouw verteld dat ik al een hele tijd aan het vertellen ben over de glorietijd van de spoorwegen in Hindeloopen. Tenminste, zo komt er achteraan, “die indruk krijg ik uit het verhaal”. In kort bestek verteld zij vervolgens aan onze dochter wat ik haar net verteld heb. De dochter inmiddels ook geïnteresseerd vraagt “was dat nog in de tijd van de stoomtrein”?

Deze vraag zet mij opnieuw aan het denken. Na enig stil rekenwerk mijnerzijds reageer ik met “Ja en nee”. “Het vertelde speelt feitelijk tijdens de overschakeling van de stoomtrein naar de trein met dieselmotor. Ik kan me de grote zwarte stoomloc nog goed herinneren. Met zijn grote stoompluim en zijn “tjuke tjuke” geluid raasde die dan door de landerijen. Met de woorden “een matig mooi gezicht” sluit ik dit gedeelte van het verhaal af.

Maar gelijk na het uitspreken van deze woorden realiseer ik me dat de woorden “een matig mooi gezicht” in feite gestoeld is op nostalgisch overwegingen. In feite werd die mooie stoomlocomotief in die tijd helemaal niet als zo bijzonder mooi ervaren. Het was meer een feit dat die reed en werd, met name door ons als kinderen, als normaal ervaren. In feite was die stoomlocomotief, zo realiseer ik me, in vergelijking met huidige diesel- en elektrische treinen maar een vuile machine. Algemeen werd de overschakeling naar de dieseltrein dan ook als een stap voorwaarts ervaren.

Na dit ophalen van herinneringen is het tijd voor een paar sneetjes brood. Inmiddels staat ook de TV aan voor het laatste nieuws van het journaal. Als het brood naar binnen is gewerkt en het journaal is afgelopen gaat de vrouw naar de keuken voor de afwas. Ik zelf blijf voor de TV zitten om te zien wat men te vertellen heeft in de actualiteiten rubriek “Twee vandaag”. En daarmee verdwijnen mijn dagdromen voor deze dag.

Voor foto's van het oude station kunt u op de foto boven klikken.

Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Een verhaal van een visser uit 1700

Een verhaal over een Hindeloper visser, die in 1701 een gedicht maakte over de najaarsstormen op de Zuiderzee.

Hindeloopen

De geschiedschrijver Andreas Tiara vertelt in zijn beschrijving van katholiek Friesland dat de katholieken van Hindelopen die in 1700 nog 10% van de bevolking uitmaakten, welgesteld waren en temidden van de protestanten in vrijheid leefden. Achter het huis van de pastoor in de Burren hadden zij een eigen kerkje ingericht en ofschoon volgens de wet dit niet zichtbaar mocht zijn vanaf de straat, hadden zij op het dak een houten klokkentorentje gezet. Voorspoed en rust kunnen nu heel gemakkelijk voor bepaalde mensen nadelig worden. Dit was het geval met de katholieken van Hindelopen, die zich geen opofferingen behoefden te getroosten om hun geloof te beleven maar ook in zekere zin met de gehele burgerij van het kleine handelstadje dat in de 18e eeuw tot grote bloei was gekomen. Van verschillende zijden werd men gewaarschuwd om op zijn hoede te zijn en in de trant van die tijd voorspelde men, dat Gods toorn zou komen ovèr een volk dat niet meer ijverig was. Deze ernstige woorden door dominees en priesters uitgesproken maakten speciale indruk op de vissers. Men bracht allerlei gebeurtenissen in verband met de straffende hand Gods en bij de haven werd er lang over gepraat. Vooral de sterke najaarsstormen van 1701, die de Friese kust teisterden, werden beschouwd als een geesel van God.

Een visser heeft dit opgetekend in een lied, een primitief stukje volkskunst dat in de huizen aan de haard werd voorgedragen. De beschrijving begon met het verhaal van de brand in het katholieke kerkje. Reeds een week lang was het stormweer geweest: de dijken hadden het hard te verantwoorden en hier en daar sloegen de golven over de dijkrug heen het land in. De katholieken waren op zondag 16 oktober naar de kerk gegaan om voor beter weer te bidden maar ze waren nog niet genoeg onder de indruk gekomen van het geweld van de elementen. Onder de hoogmis ontlaste zich boven het stadje een hevig onweer en de bliksem sloeg in in het torentje. Maar de schout, die toevallig in de Burren was, kon de mensen nog tijdig waarschuwen en zo werd een grote ramp voorkomen. Maar laten wede dichter zelf aan het woord: Juist op des Heeren dag zoodat onze pastoor was bezig in de kerk, te stellen Gods woord voor, zoo komt daar in de kerk, een man zeer hard geloopen. Het was onze majoor en deed de kerkdeur open. Hij riep:

,,Kom volk kom uit! de toren is in brand!" voorwaar een groote schrik men in de menschen vand.

Omdat men er zo gauw bij was, kon men een grote brand voorkomen door het klokkentorentje naar beneden te halen en daar gauw uit te maken. Maar het was nu eenmaal een zwarte zondag. God wilde de stad waarschuwen! In de nacht liep een schip vlak voor de haven vast. Aan de wal konden de mensen door het geweld van de golven de noodseinen niet horen. Toen in de vroege maandagmorgen velen op de dijk naar de zee kwamen kijken, zagen ze dit schip in nood. Ze konden echter niets beginnen omdat de zee te woelig was en de branding te gevaarlijk. Voor hun ogen zagen zij het schip jammerlijk vergaan. Aldus beschrijft onze dichter deze gebeurtenis:

Zoodat wij zagen daar matroosjes in de nood
en klommen daar omhoog,
daar kon geen schuit of boot bij haar daar komen niet,
om haar daaruit te halen en velen door den dood,
die moesten het duur betalen, wel veertig zielen dan,
in deze groote nood die op het water daar,
wegbleven in de dood de anderen, die er nog, toen in het leven waren
zijn met een stuk van het wrak,gekomen door de baren.

Dit was een tweede teken van God. De zee, waarop Hindelopen betrouwde, kon zich ook tegen de stad keren en daarom moest men de stem van God beluisteren in de woelige baren. Voor zijn stadgenoten deed de visser dit in de volgende verzen: Daar hebben wij gezien, Gods wonderbare werken hoe machtig dat God is, ach laat ons toch opmerken wat middelen dat God ons kan en ook zal om ons te straffen heeft, daarvoor zoo laat ons al van zonden ook opstaan, en ons alzoo bekeeren gelijk ons pastoor het ook, des Zondags ons ging leeren ziet Nahum den profeet, het was kapittel een al in het zesde vers, de tekst was zoo ik meen.

Dit gedicht dat in het begin van de 18e eeuw in Hindelopen herhaaldelijk werd gedeclameerd en gezongen, toont ons van een andere kant de culturele belangstelling van het nijvere volk uit het oude Zuiderzeestadje. In de tentoonstelling in ons museum werd gesuggereerd dat de grootste bloei van de eigen volkskunst moet gezocht worden in het begin van de 18e eeuw. Daar sluit dit merkwaardige vers zich bij aan en leert ons dat ook Hindeloopen niet is achter gebleven bij de eigen dichtkunst rond de Zuiderzee.

Bron: Dit verhaal is afkomstig van de website www.spanvis.nl.
Met toestemming geplaatst op deze website. Zie voor meer verhalen rond de Zuiderzee onderstaande link.

                   Naar www.spanvis.nl.

Reageer op dit bericht

Vijf generatie's Bootsma als visser

Vijf generaties Bootsma bevisten Zuiderzee en I]sselmeer

 

Als aandenken is de Skeachtrofee ingesteld

 

Een geboren Lemster is hij niet, maar hij is verkikkerd op ons dorp als of hij, zoals Fedde Schurer in het lied foar de Lemmer omschreef "mei de earste tate de sâlte séwyn op syn lippen preau"

De binding van Sipke Bootsma, visser in Hindelopen, met Lemmer is de afkomst van zijn
familie. Lemmer was nog de geboorteplaats van zijn vader Pieter. Zijn eerste persoonlijke kennismaking met Lemmer was als zes jarige in het begin van de jaren vijftig.

 

Dat eerste contact met Lemmer was op een vakantie met zijn ouders. Het zal niet toevallig geweest zijn dat die de Lemster zeilweek hadden gekozen voor dit uitstapje. Zo trof Sipke Lemmer op zijn best: kermis en zeilen van visserschepen! Dat heeft zoveel indruk op mij gemaakt, dat ik deze ervaring tot op heden met mij mee draag. Vaak heb ik gedacht, als ik ooit eens de kans krijg om zoiets te organiseren zal ik het nooit laten.

 

Naar Hindelopen


De Lemsters vissers waren vanouds niet erg gesteld op die van Stavoren, Zij voeren liever door naar Hindelopen dan dat zij Stavoren aan deden. Ook Sipkes grootvader Gauke had op die manier banden met Hindelopen. Zijn zonen Pieter, Jan en Jelle kregen er zelfs verkering en trouwden ook met meisjes uit het stadje

 

Dat was voor Gauke reden om gezin en visserijbedrijf ook daar heen te verplaatsen. Eigenlijk had hij daar een dubbele reden voor. Door de verhuizing hield hij zijn gezinsleden dicht bij elkaar. Naast deze emotionele overweging was er ook nog de praktische dat hij op die manier zijn zonen voor zijn visserij behield.

 

Vijf generaties vissende Bootsma's

 

Vertellend over zijn uit Lemmer afkomstige familie begint Sipke Bootsma bij zijn in 1833 geboren betovergrootmoeder Feije Gauke Bootsma. Dat was een dochter van Gauke Gerbrand Bootsma en Wimpke Bontekoe. Zij had vier zonen Pieter (1858) Gauke (1860) Gerben (1862) en Fimme (1865) Wat er van Gauke en Fimme geworden is weet de Bootsma tak niet, misschien wordt ik dat nog eens gewaar, zegt Sipke hoop vol. Fimme is naar Makkum getogen en zijn nazaten vissen nu nog.

 

Sipke is een achter kleinzoon van Pieter, de oudste zoon van genoemde Fetje. Die Pieter is niet oud geworden hij stierf op 20 mei 1881. Volgens het verhaal dat in de familie rond gaat, na een operatie aan een breuk op de keuken tafel, gevolgd door een infectie van de wond. Zo ging dat toen. Pieter was getrouwd met Akke de Oude. Hun zoon Gauke, de grootvader van Sipke, was getrouwd met Grietje van der Zande. Gauke overleed in 1944 en is begraven in Hindelopen. Na de oorlog werd hij naar zijn wens in Lemmer herbegraven.

 

De Bootsma’s waren vissers. Zijn vissers kunnen we zelfs nog zeggen. De in 1881 overleden Pieter viste en ook zijn zoon Gauke en de Vader van Sipke begon in 1922 te vissen terwijl in 1963 de beurt aan Sipke was, sinds 1990 heeft hij de visserij door gegeven aan zijn zoon Pieter als vijfde vissende generatie.


Scheldnaam of bijnaam


In de visserspiaatsen krioelde het destijds van de bijnamen. Met de vele gelijke namen soms zelfs voor -en achternamen gelijk was dat nodig om de mensen uit elkaar te houden Aanleiding van zo' n naam kon van alles zijn, een uiterlijk kenmerk bijvoorbeeld. Zo moet mijn grootvader Gauke Bootsma een grote neus gehad hebben, dat leverde hem in Lemmer de bijnaam "de Skeach" op. (Skeach= een klein driehoekje onder (roei) boot nabij het roer.)

 

Bijnamen zijn vaak erfelijk Sipke verteld dat hij niet in Lemmer hoeft te vertellen dat hij een zoon is van Pieter Bootsma is, dat zegt niemand wat. Maar als hij zich Sipke zoon van Pieter van Gauke de Skeach noemt, heeft men de familie zo maar op zijn plaats. Niet iedereen is wijs met het stelsel van bijnamen sommige vinden het maar scheldnamen. Sipke Bootsma ziet het even anders. Hij noemt het een erenaam, en ziet het gebruik nog als een eerbetoon aan zijn grootvader. Daarom heeft hij onlangs ook een Skeach trofee ingesteld.


Gevoelsmens

 

Sipke Bootsma is een gevoelsmens. Dat is te merken in de contacten om tot dit stukje te komen. Als hij het heeft over de ontwikkeling van hun visserij en verteld dat zijn zoon nu vist met de kotter HI 8 komt al gauw de opmerking, ik denk vaak dat had de oude Skeach moeten zien. Die kotter was eerst van de Gebroeders Blom, een familie die nu in Hindelopen aken bouwt. Als hij nu eens door Lemmer loopt of hier met het vissersschip afmeert, gaan zijn gedachten naar wat zijn voorgeslacht hier gezien heeft. Een haven vol visserschepen en dus een grote drukte daaromheen. De aanvoer van haring en ansjovis en de verwerking daarvan in Hangen en Rokerijen, de taanpotten en alles wat daar nog verder bij hoorde.

 

De wens om nog eens een wedstrijd van visserschepen te organiseren heeft Sipke Bootsma nooit losgelaten. Een paar jaar geleden zat hij met Andre Sterk en zijn vrienden in het vooronder van de LE 50. Hij sprak toen de wens uit om nog eens een wedstrijd van Hindelopen naar Lemmer te houden, en dan te zeilen voor de Skeachtrofee. Het idee viel in goede aarde, en het vorige weekend is de race gehouden. Als een club wedstrijd van de Zevenwolden. Daarmee werd een jongens droom toch een beetje waar.

Bron: Met dank aan www.spanvis .nl
Zie voor meer verhalen van spanvis onderstaande link.

                            Naar www.spanvis.nl.

Reageer op dit bericht

Link naar polygoon filmpjes

Hier diverse links naar oude polygoon filmpjes

Even voor de goede orde, deze filmpjes zijn het bezit van "POLYGOON" deze pagina 'linkt' U door naar een gemaakte keuze op hun site.

Met Polygoon bij de Noordzee-visserij

Deze aan klikken

Nederland-Amerika door de lucht   

 Deze aan klikken

Vijfentwintig jaar snip en snap  

 Deze aan klikken

Graaf Zeppelin boven Nederland  

 Deze aan klikken

Paraatheidsoefeningen  

 Deze aan klikken

De Nederlandse Dienst voor Volksgezondheid  

 Deze aan klikken

Aangrijpende beelden Watersnoodramp  

 Deze aan klikken

Ex-kroonprins Wilhelm op bezoek in Doorn  

 Deze aan klikken

Emigratie Australie en Nieuw Zeeland  

 Deze aan klikken

Maart roert zijn staart  

 Deze aan klikken

Zonnestraalfilmpje 

 Deze aan klikken

Eerste rijdende tandheelkundige kliniek  

 Deze aan klikken

Johan Cruyff?s afscheidswedstrijd 

 Deze aan klikken

De 10e Huishoudbeurs 

 Deze aan klikken

Joodse vluchtelingen 

 Deze aan klikken

Ex-Beatle John Lennon in New York vermoord 

 Deze aan klikken

Onze Koninklijke Marine 

 Deze aan klikken

Bonaire. Eiland van rust 

 Deze aan klikken

Mijnwerkers met vakantie 

 Deze aan klikken

Voetbalwedstrijd Quick – Slavia 

 Deze aan klikken

Benzine besparing 

Deze aan klikken

Het zondags rijverbod 

 Deze aan klikken

Olympische Winterspelen in Oslo 1952 

 Deze aan klikken

Winterspelen in Innsbruck 1964 

 Deze aan klikken

Herdenking van Gronings Ontzet in 1672 

 Deze aan klikken

Optreden van The Cats 

 Deze aan klikken

Tiende maal het Pinkpop Festival 

 Deze aan klikken

Country & Western festival in de Ahoy Hal 

 Deze aan klikken

Relletjes 

 Deze aan klikken

Bezetting Maagdenhuis 

 Deze aan klikken

De eerste mens op de maan 

 Deze aan klikken

Nederland op de schaats 

 Deze aan klikken

Piet Keyser wint het nationale kampioenschap 

 Deze aan klikken

125 jaar Nederlandse Spoorwegen 

 Deze aan klikken

Voetbalwedstrijd Nederland & Belgie  8 - 0 (1936) 

 Deze aan klikken

Voetbal Holland & Frankrijk 4 - 5 (1934) 

 Deze aan klikken

Voetbalwedstrijd Nederland & Engeland 0 - 2 (1935) 

 Deze aan klikken

Onze Olympische kampioenen weer thuis 

 Deze aan klikken

Wereldkampioenschappen wielrennen 

 Deze aan klikken

Kampioenschappen wielrennen op de weg 

 Deze aan klikken

Vierdaagse 1929 

 Deze aan klikken

Tienjarig bestaan van de Wereldomroep 

 Deze aan klikken

Het leven herneemt zijn gang 

 Deze aan klikken

Vijf Jaren verzet 

 Deze aan klikken

nundatie van de Wieringermeer 

 Deze aan klikken

Minister Lieftinck over de geldzuivering 

 Deze aan klikken

Wederopbouw van Arnhem 

 Deze aan klikken

Wederopbouw van Friesland 

 Deze aan klikken

Noord helpt Zuid 

 Deze aan klikken

De barre winter van 1941-1942 

 Deze aan klikken

Wintersport in de Lage Landen 

 Deze aan klikken

De eerste groep kinderen naar het vakantiehuis 

 Deze aan klikken

Amsterdammers met vakantie 

 Deze aan klikken

EK roeien 1921 

 Deze aan klikken

Vierdaagse 1966 

 Deze aan klikken

Start van de 65e Tour de France 

 Deze aan klikken

Garnalenvangst 

 Deze aan klikken

Vlaggetjesdag in onze haringhavens 

 Deze aan klikken

De haringjacht weer begonnen 

 Deze aan klikken


Reageer op dit bericht

Meer van Hylpen likje stea oen it Yselmor

↑ Terug naar de berichten