De vraag...
Als er uit een zaadje een geurige bloem ontstaat
en uit een zaadcel en eicel
een klein mensje wordt gevormd.
Als er na iedere donkere nacht
de morgen weer verschijnt.
En na regen de zon weer schijnt.
Waarom kan ik dan op een dag niet opstaan
en veranderd zijn
van wie ik was
in wie ik nu ben.
Ik bedoel op zijn minst in iets goeds
en als alles op weg is
om herboren te worden.
Waarom kunnen dan ook de vijanden
niet veranderen in vrienden.
Waarom luistert die spiegel toch zo traag
als ik iets vraag
maar och! het was maar een domme droom van mij vannacht...
Hilda 15/02/1999


