kat zonder naam
Ze kwam er aan miauwend dun
krabde aan de keuken deur
een verloren kat dacht ik
staart omhoog angstig blazend
Ze was me naamloos en onbekend
hongerig verwaarloosd.
ze at een bakje kattenvoer leeg
als een schranser van dagen
Ze nam haar rust achter de kachel
spon naderhand haar dromen
's anderdaags is ze vertrokken
het huis was haar te eng.
Ik heb ze uitgewuifd
nooit meer teruggezien.
Ik denk nog vaak
aan de kat zonder naam.
Ingrid Lenaerts

