geld
het laat zich draaien naar eigen wijsheid
het is een van de grote "G" 's scepterzwaaiend
Laat het geld je toelachen
Ingrid Lenaerts
geld
pijl en boog
dit ruige lijfDit ruige lijf draagt baard en vloek
blaast de bombardon van angst
kwaakt als de kikker
bolle dagen van verzet
Bij nacht zoekt hij warmte
bij de haard waar hij zijn liefde droomt
waar al zijn zinnen tintelen als tentakels
die hij niet spreiden kan
Dit ruige lijf van harde taal en beton
verbergt zijn verdriet
dat innerlijk gloeit en zoekt naar respons
een antwoord gebeiteld in mensentaal.
Ingrid Lenaerts
opzolder 2De zoldergeesten hebben ons gehoord
ze zijn beledigd door het brusk ontwaken
dat wij hen opleggen rauw en onbarmhartig
nemen nu weerwraak door hun stofgezellen
die ze activeren met niesbevorderend poeder
Wij worden er door overrompeld
moeten hoesten en proesten
onze ogen tranen van de prikkeling
Ook de spinnen tussen de hanebalken vluchten
Muizen hebben sporen nagelaten
We huiveren bij deze onderneming
De opruimingswerken op zolder
Wij worden niet gespaard.
Ingrid Lenaerts
op zolder 1
Ik verf uw muur romerood van verwachting
een zucht in deze koude dagen te weten
dat we bloeddarmoedig hunkeren , ons keren
naar de schaduw van de milde zomerzon
in brede landschappen op hun rug
cypressen staig in hun heren wacht
staalblauw schieten we het zenit open
ogenblik en wachten in winter
verwezen vuur dat kantelt in meer
dan schichtige vlammen van verlangen
onkundig als we zijn elkaars lief en leed
zwijgen we dit levenslang.
Een kortverhaal van dag en nacht
RoepRoep mijn liefste zijn stem in een notendop
aat ze kiemen tussen wal en schip
in het ei, of is ze dekip nabij
wie zoekt die vindt zijn schaduw.
in de zomer ophet lome erf , de hond
de eelt op de droom van ons pachtgoed
Om God zeggen we is de zon zo zo vrij
sleept het oerstof in zijn sporen
woorden wakker tot angst ontgaapt
uit elke morgen onze mond dods.
de bomen lachen groen te velde
Roep mijn liefste zijn stem uit de notedop.
In onze greep van het enige zicht.
Ingrid Lenaerts
kinderen van ...
Nadine
ik zagIk zag geen meester op het land
geen helling in de zon op de terrassen
de weg liep droog op zijn borst
aan de rand, alleen de viersprong
van kiezen of delen geven of nemen
hij koos ik deelde het lot ongewild
hij nam de maan op schoot
ik gaf mijn naam op als verleden
heden een toekomst als spiraal
Hij daalde neer langs zoveel lijnen
onthouiden van aarde de harde kluiten
de zweer al ploegde hij ze om en om.
het verweer van dag tot dag , ik kwam
thuis te traagom de diepe pijn
dan alleen maar zot en bot te vieren
de eeuwige afstand in mijn handen.
Ingrid Lenaerts
Uit Vikingskoorts 1996

Bij minderheidBij minderheid oplossingen gezocht
om het probleem van verwoording
laat teksten met geladen gevoelens twijfelen
zichzelf prijs te geven in het gedicht
waarvoor ze borg bieden bij het raden naar.
Het blijft onuitgesproken de wens
zich onherkenbaar te uiten om magie
de kans die biedt , de kans die vervliedt
in de holten van de aanschakeling der woorden
de kracht van het gedicht
te ontbolsteren dat ding
dat de levensvragen biedt.
Ingrid Lenaerts
lettersUit het alfabet dwarrelen zes letters
ze vallen speels bijeen in het woord liefde
dat zijn vlucht maakt over de stad
als een ware goudwaarde
die iedereen wil hebben en nog hebben
houden maar soms verliest
soms verdoet tot snippers van niemedal
verwaaiend in de wind
die het woord ontkeedt tot op het bot
de letters uiteen blaast
alleen nog even vervreemdende resten
die smeulen in het parcours van asboulevard
Ingrid Lenaerts

Voor het oog de modellenshow
op lege pleinen zoals een standbeeld
in een fabrieksruïne jeugd naast verval
in de parken guitig de lach als natuur
op de fiets de kracht in rust
aan zee op een strand charme en bekoring
op de boerderij het gezonde stoere
daarnaast het hype type kort vanstof
voor elk wat wils in elk uur
de lingerie,de stads en strandkledij
de trouwpartij en disgenoten
de hoogdagen van de sport
de zwangere en het kind
voor een maatje meer
en al wie zoekt
Voor het oog catwalk en pose
om je beter te dienen met mode
en haar varianten door tijden heen
Ingrid Lenaerts
om den brode
kistenDe kisten hebben zich allemaal verzameld
tot de rand vol gerschiednis van het huis
herinneringen van jong en oud in bewaring
voor de toekomst van het nageslacht
voor de ouderen stukken doorwinterde emotie
waarin ze ondergedompeld zoals in een bad
nog dagelijks in en uitstappen
Verhuizen brengt een andere maat op gang
die van komen en gaan naar andere oorden
zo eigen aan een ander levensperiode
Ingrid Lenaerts
rustplaatsRustplaats der gebroken liefdes
ze leven nog alleen in stilte
bij de schaduw van hun hart
hun herinneringen koesterend
bij de ondergaande zon
die ooit hun ogen glanzen deed
voor dat laaiende vuur
dat nu nog smeult
bij wijlen in de wind aanwakkert
als gedenktekens uit vervlogen tijd
de rode rozen uit hun herfst
om nooit te vergeten
Ingrid Lenaerts
stoelEen stoel
drie tot vierpotige constructie
in wisselende materie kleur en vorm
die wij bij wijlen overheersen
hij draagt vaak ons bestaan
laat zich zich neerdrukken
door zoveel bipsen ter wereld
in zwijgzame onderdanigheid
tenzij hij kreunt
onderuit gaat en breekt
hij kent toch ook een revolte
tegen zijn bezetter in emotie van
de lichtgeaarde wraak.
Ingrid Lenaerts
ver van huisVer van huis en zonder eigen ik
verplicht in het spoor van een ander
aan handen en voeten gebonden
de opstandigheid voorbij en moe
gestreden gestampt verweerd
Wat dan nog rest is de nacht
die overal de duisternis omspant
woorden zijn er niet meer, ze zijn vermoord
bij bevel te zwijgen dat men zweet
ver van huis verkracht door het cliché
van de blinde macht
het bullebakkenoffensief viert hoogtij.
Ingrid Lenaerts
slippendragers