tussen gedachten
van de beukenbomen
die nu ook uitgeschud
het landschap vullen
loopt een wandelaar
met zijn hond
Zij mijmeren beiden
diep en traag
dat de zon ondergaat.
De vogels scheren in het rond
als een wapperend deken
Wij zitten aan het raam
op deze dag des heren
met op naastons een Perzische kat
die ooit verloren liep.
zij legt zich behaagziek neer
voor het vuur
tot ze wegrent
en kinderen met rode neuzen
hun intrede doen.
Ach opa en oma
jullie moeten naar buiten
roepen ze samen
wandelen en bewegen
bewegen...
Ingrid Lenaerts

