burentuin
Het burentuintje ligt na te denken
in de schrale zon van eindejaar
hoe kaal zijn buik erbij ligt
tussen de triestige kabouters
die doelloos vissen zonder vijver
die hun lantaarn uit de hand verdween
verweesd staan de afgebladerde beeldjes erbij
het stenen konijnen is zo goed als blind
de kikker oogt nog het gezondst
onder het groene mos op zijn kop.
Af en toe bezoeken vogels
het bontet uingezelschap
ze kwetteren er honderduit
tot hun vliegdrift hen weer duwt
de hoge lucht in
zij het verlaten tuintje vaarwel zeggen.
tot bij een volgende passage,
"dag burentuintje."
Ingrid Lenaerts

