de kerstden vol kleurrijke slingers
Wij daarbij elk jaar organisatoren

niets verandert
burentuinHet burentuintje ligt na te denken
in de schrale zon van eindejaar
hoe kaal zijn buik erbij ligt
tussen de triestige kabouters
die doelloos vissen zonder vijver
die hun lantaarn uit de hand verdween
verweesd staan de afgebladerde beeldjes erbij
het stenen konijnen is zo goed als blind
de kikker oogt nog het gezondst
onder het groene mos op zijn kop.
Af en toe bezoeken vogels
het bontet uingezelschap
ze kwetteren er honderduit
tot hun vliegdrift hen weer duwt
de hoge lucht in
zij het verlaten tuintje vaarwel zeggen.
tot bij een volgende passage,
"dag burentuintje."
Ingrid Lenaerts
verklaring
monument
wintertuinIn de wintertuin
ritsen twee veldmuizen weg
op zoek naar voedsel
de grote huiskat
springt hen listig achterna
mist echter haar prooi
de tuin slaapt weer in
in de schrale bleke zon
tegen deemstering
Ingrid Lenaerts
wij zitten
tussen gedachten
naar de stadNaar de stad met het kloppend hart
van een ruim historisch verleden
waar ik ooit mocht rondlopen aan de hand
van meerdere ooms en tantes
waar ik kon schoollopen van morgen tot avond
waar ik bang was voor de beer aan de ketting
waar ik de witte sokken ruilde
voor een grijze look van ernst
die ik als een gewicht op mijn jeugd voelde
waar ik de maagd van Vlaanderen zag
haar immiteerde in haar bezwering
Naar de stad met het kloppend hart
dat haar binnenstad afbrak
en nu er als een maandlandschap bijligt
wachtend op een groots project
die haar rivier een andere wending gaf
en een illusie armer
geen echte zuiderse bestemming te zijn.
die ondanks haar zielsverandering
mijn bakermat is en blijft
die ik niet verloochen
waar ik me nog kan wentelen in haar erfenis
waarvan ik hou.
Ingrid Lenaerts
een deel van de stille wereldAlsof dit deel van de wereld
zich afzonderde voor de tijd
dit deel is hier in mijn vizier
de kamer in schemerdonker
de oude klok die vijf uur tikt
de kachel die brandt
de ekster in een kale appelboom
Mie, de gans die naar stal waggelt
en ik die voor me uitstaar
Straks wordt dit deel weer aangehecht
en draaien we op volle toeren verder
de kerstboom streelt het oog
de liederenboekjes liggen klaar
straks zingen we uit volle borst
de kerstdagen in
voor vrede en mensen van goede wil.
Ingrid Lenaerts
koudeDeze nacht trok de vriezeman rond
de deugniet deed ons bibberen in bed
hij schilderde zijn ijskoude adem
lukraak op ramen en deuren
als een klidderaar in volle actie.
de wagen wil niet starten
de wissels van de trein zijn bevrozen
het is overal witterdan wit
op de daken en in de straten.
Die kerel kent zijn vak op en top
maar laat ons wat ellende na
met zijn vriezerskapriolen
hij draagr geen hoed of wanten
valt niet achterna te zitten
hij is er en blijft onderons
als ongevraagde gast
Je moet het maar durven.
Ingrid Lenaerts
avonden in december
Avonden in december
ze zijn lang en traag
buiten sluipt hun duisternis
ze kijkt door de verlichte ramen
als een vermoeide reiziger
die geen onderdak vindt
Avonden in december
vertellen hun verhaal binnenskamers
bij het haardvuur
bij een glas rode wijn
en lichtere gedachten
in sprankelende ogen
van een beetje gelukzaligheid.
Ingrid Lenaerts
OnderOnder dikke mist
sluimeren veel verlangens
naar zonnewarmte
Ingrid Lenaerts
kristaldradenKristaldraden spin
een schittering in de zon
gezondheidsgevaar
Ingrid Lenaerts
winterprins
kerstboom uit hout gesnedenKerstboom uit hout gesneden
vier plankjes met reliëf
groengeschilderd met witte sneeuwvlokken
een bos in perspectief
behangen met tintelende lichtjes
gouden engeltjes met trompet
sneeuwmannen met wortelneus
de buishoed op het hoofd
pakjes in glinsterend rood met zilveren strik
in de top een ster
uit bethlehem
om de geboorte van christus te melden
Ingrid Lenaerts
smogGeheel dicht en verpakt in watten
lijkt de lucht een ondoordringbaar wolkenbos
dat zijn blaren verliest bij duizende
ijskristallen als een betovering
op alles wat gaat of staat
je ziet geen hand voor ogen
slechts de tromp van een vertrekkende boot
loeit in de opake morgenstilte
speciaal bij dit weer
alsof we ingeblikt zijn
Ingrid Lenaerts
aftellen
ontgoocheling.
krakende kouEenden en zwanen zitten verfomfaaid
bij de vijver die veranderde in schaatsbaan
Ze zitten er te mediteren
over non-actief aan de harde graskant
het ijs reikt al een heel eind van de oever
het rukt op zoals een leger ten aanval.
De vogels komen nog nauwelijks de loopplank op
hun aangepast hok staat er eenzaam bij
een man met een stok slaat het ijs stuk
in de bres die met moeite openblijft
dan waagt zich een dappere eend te water
gevolgd door andere vogels.
eenden en zwanen vechten op overleven.
Ingrid Lenaerts