hannah kuipers
als het winter wordt
snoei ik mijn dromen
op bruikbare lengte
met elfenverstand tot kaboutermaat
weg het weerbarstige wilde
het wulpse weelderige
en woeste woekerende
wat overblijft is standaard
orde en regelmaat
kastklaar gepakt met een smaak van kamfer
doe ik de luiken dicht
maar hoe sterk is de lente
de geur van hamamelis
de kleur zonder kleur
van helleborus en vrouwenmantel
ik barst uit mijn knoppen
en word opnieuw geboren
met dromen zoeter dan ooit tevoren
niet te verteren
hoogstens te genieten
wat een leven



