ingmar heytze


nu het zwijgen is begonnen
valt de waarheid pas te horen
niet dat we elkaar verloren, lief
maar dat we bijna wonnen
ingmar heytze

nu het zwijgen is begonnen
valt de waarheid pas te horen
niet dat we elkaar verloren, lief
maar dat we bijna wonnen
naar Durandwaarom, onnodige gedachten, hol je
achter een verloren goed dat niet kan terugkomen?
hoezo, zinloze hersenspinsels, weet je
dan niet dat van verloren geluk triest de herinnering is?
hdcals je je nukkig ingraaft onder de dekens
wil je eigenlijk zeggen: kom bij me liggen
als je de deur achter je dichtslaat en wegrent
wil je eigenlijk zeggen: kom me toch achterna
en als je zegt: ik hou van je
bedoel je: hou je van mij?
zie je nou wel dat poëzie nodig is
want als ik 'ja' zou zeggen,
zou dat niks betekenen.
La Fontaine

sur les ailes du temps
la tristesse s'envole
vrij naar Proustliefhebben is zoals
sprookjes met een triest einde -
je kan er niets tegen,
slechts wachten tot de
betovering breekt
hdchet gaat niet over hebben - hooguit over krijgen
alléén ben ik degene die nooit praat
maar met jou kan ik zwijgen
over wat voorbij is en nooit overgaat
over mijn vader - over een vroegere vrouw
over hoe verliezen kan verrijken
neem een kind dat zijn eerste stappen zet
het gaat niet over hem vasthouden, maar over-zou
ik?-loslaten en lang kijken.
naar miriam van heeer zijn geen argumenten
in de liefde geen bewijzen
ik zou je kunnen vragen
om nooit van me weg te gaan
je zou een antwoord kunnen geven
een teken dat ik moet ontcijferen
geschiedenisik lees geschiedenis
ik oefen mijn bescheidenheid
ik leer wat voor een kleine plek
je hier krijgt toevertrouwd
en hoe krankzinnig je moet werken voor hoe korte tijd
en hoe je daar niet beter van wordt
maar wel oud
gras maaien
www.dagelijksegedachte.net geeft elke dag een 'gedachte', een momentje van bezinning - vandaag was dat:
Wanneer was de laatste keer dat
je iets voor het eerst deed?
germain droogenbroodt

wie brak de gouden teugel
ontvreemdde het paard?
nog is er water
aan de bron
maar de hoefslag
sterft zonder weergalm uit.
hdc

het hangt er maar van af hoe je het ziet:
wij staan net zo dicht bij elkaar,
of net zo veraf, als twee bergtoppen
(jij de jungfrau)
mooi weer, zeg ik
woorden naar jou
als een téléphérique
over de wolken
naar ingmar heytzede dingen die ik doe
opdat ik straks weer beter ben
driemaal daags op handen
als een fruitschaal door de gang
kuren in wachtkamers en woestijnen
uren baden in onverdacht water
kwijnen in een kloostercel
op een rantsoen van melk en gras
alsof ik van mezelf genas
met toeters, bellen en tamboerijnen.
edith oeyenik zal je
missen in het zuiden
daar zal ik dagen slijten
me voelen als jericho
in zwijgzaamheid verwacht ik
de nacht
droom een gedicht
waarin je leeft
ik zal je
vinden na het zuiden
pinkstermaandagde ruimte werd toen één en al licht
de horizon verdween
de grens
tussen hemel en aarde
de tijd werd uitgewist
en leegte werd volheid
of was het groter leegte
- openbaring?
sybren poletverknipte harmonie, overal
verspreid. druppelseconden
het regent triolen
ik hoor mezelf
tikkend leven
alle leven
voorgeboorte, alle geboorte
nageboorte
levenslang
mensen van ondertonen
in een wereld
van boventonen
en wij, een
wandelend interval.
ge-bed daniel hugo

my engel wat hemels hier in my arm lè
laat jou wil geskied, ek sal doen wat jy sê
en lief gee my vrywillig jou daaglikse soen
lei my in versoeking dat ons die bose doen
want aan jou behoort die liggaam en sy mag
so lank as jy lewe, maar veral vannag
laat jou naam 'n geheim bly, laat niemand jou ken
want jy laat my koninklik kom - amen
naar Gustavo Bécquerik ben een onmogelijke droom
een hersenschim van nevel en van licht
ik heb geen lichaam, ik heb geen gezicht
ik kan je niet beminnen - kom, o kom
meiklokjemijn mond gaat voorzichtig open
woorden ontsnappen lucht
geluidsmuur weerkaatst
mijn letters slik ik terug in
gedempt geluid
net als een meiklokje
dat zijn geurige kelkjes ziet
verdwijnen tussen het hoge gras
zo is het vele groen rondom mij te hoog
ik verzuip tussen de wiebelende stengels
schreeuw om hulp
helaas, niemand breekt door mijn bescherming heen.
miriam van heeals ik mij kon beveiligen
maar om de zoveel tijd
komt alles terug, glijd ik uit
op de trap, snijd ik mijn vingers
aan glas, lig ik 's ochtends
in bed als tegen een heuvelrug
hou mij vast roep ik dan
zo is de werkelijkheid
er is niemand gekomen
en ik ben opgestaan
een nieuwe lente

vol geluiden
de lentelucht
waaruit de wereld
geboren werd
alles is liefde
en harmonie
en al wat
vleugels heeft
huwt in lentetijd
de buien
bevruchten kruinen
als een bruid
bindt het woud
de haren los
en venus die liefdesbanden knoopt
vlecht morgen met mirtetwijgen in het lommer
van bomen
pril-groene priëlen
ja, morgen zetelt weer zij hoog op haar troon
haar woord zal wet zijn
morgen moet de liefde komen
bij wie nooit heeft liefgehad
bij wie ooit heeft liefgehad
moet de liefde morgen komen!