
1978 – 29 mei : Met o.a. 6.515 fr afkomstig van een dia-vertoning, vertrok zuster Jeanne De
Boeck opnieuw naar Chili na een welverdiend verlof in haar geboorteland.
Gazet van Mechelen :
Groeten van overzee : Jeanne De Boeck
“Enkele uren voor ze opnieuw (na een korte vacantie thuis) naar haar missiepost
in Chili Conception vertrok, schreef zuster Jeanne De Boeck (Ursuline van O.L.
Vrouw Waver) ons een kaartje dat o.m. het volgende vermeldt :
“Ik vertrok op 19 december 1953 voor de eerste maal naar Kongo en verbleef er
tot juli 1962. Door de omstandigheden werd ik genoodzaakt terug te keren.
Sedert 1 maart 1969 werk ik in Chili in een Chileens werk “Hogar de Christo”,
een werk dat reeds wereldberoemd is daar het vanuit Chili is uitgezaaid in een
zestal landen van Zuid-Amerika en acht landen in Azië.
Ik ben zeer blij om het initiatief dat de Gazet van Mechelen nam om ons werk
kenbaar te maken, niet om de eer voor ons zelf maar om de positieve weerslag
die dat op onze Vlaamse mensen mag hebben.
Er is steeds zoveel droevig nieuws te melden dat de mensen de smaak van
schoonheid en goedheid verliezen.
Ik schrijf deze woorden voor mijn afscheid en mijn vertrek naar Chili, een land
en een volk waar het aangenaam is en de moeite waard om voor te werken
ondanks alle ongunstige berichtgeving daarover.
Blij weer in dienst te mogen staan van de armen der armen, van de daklozen,
de zieken en de oudjes groet ik u allenlijk.
Zuster Jeanne De Boeck.”
“Geboren in de Winkelstraat trad Jeanne in bij de zusters ursulinen van O.L.Vrouw-Waver (1947) en werd er regentes wiskunde-wetenschappen (1948). Twee jaar later volgde haar professie als zuster Aleydis.
Ze studeerde verder en behaalde het ‘Diploma Tropische Geneeskunde’ aan het Tropisch Instituut te Antwerpen (1952) en dat van ‘koloniaal verpleegster’ te Leuven (1953). In hetzelfde jaar vertrok ze naar de missies, i.c. naar Belgisch Congo (Democratische Republiek Congo).
In de oostprovincie in de Uele te Titule werkte ze bij de melaatsen : in de ziekenzorg (van 1953 tot 1960) en na de onafhankelijkheid (tot 1962) als leerkracht. Die twee jaren waren bijzonder moeilijk en ze kwam naar België.
Terwijl ze in Mechelen onderwees (ursulineninstituut, 1962-1965) leerde ze Spaans aan het COPAL (Collegium pro America Latina) te Leuven. Ze specialiseerde zich verder te Duffel en behaalde een A1-diploma verpleegkunde voor de centrale jury (1967). Daarop verwierf ze een getuigschrift van de Dienst voor Ontwikkelingssamenwerking te Brussel (1968).
Het jaar nadien vertrok ze naar het Chileense Concepcion. Daar werkte ze in de Hogar de Cristo als madre Juanita in het opvangtehuis, de polykliniek, het ouderlingengesticht of de ‘hogar de ancianos’ en in de huizen voor verlaten meisjes.
Ze leerde er met de computer werken en werd meer dan eens voor haar inzet en werk
geëerd : zo ontving ze in Chili diploma’s voor jeugdzorg, drugbestrijding, gedragsverandering, bestrijding van HIV en vooral werd ze ereburger van Concepcion (1984) ; bij ons ridder in de Orde van Leopold II.
In 1962, 1976, 1978, 1980, 1982 en 1984 was ze op verlof in België.
Na haar opruststelling kwam ze voorgoed naar ons land terug (eind 1992) maar zat er evenmin stil. Een hele tijd (tot 2000) hielp ze nog in de school in de Mechelse Hoogstraat en werd hulparchivaris van de congregatie in O.L.Vrouw-Waver. Ook was ze (van 1992 tot 2003) één dag in de week te vinden als ‘verkoopster’ in de ‘Trefzaal’ van het ‘Pastoraal Centrum’ te Mechelen.
(Wilfried Hellemans : “De Sint-Niklaasparochie in Leest”, 2009)
Jeanne De Boeck was te Leest geboren op 3 maart 1928 als dochter van Alfons en Henriette De Prins (een zus van burgemeester Pieter De Prins).
Met ‘De Band’ onderhield ze een intensieve briefwisseling en de meeste van haar brieven, die ze steevast ondertekende met Juanita De Boeck, verschenen in het ‘heimatblad’. Over haar werk in Hogar de Christo schreef ‘De Band :
“In Hogar de Christo waar zuster Juanita werkt is er vooreerst een ‘tehuis’ waar de mensen zonder dak kunnen komen slapen. Ze betalen er een kleinigheid opdat ze de indruk niet zouden hebben dat ze alles voor niets krijgen.
Dan is er de Polykliniek waar iedereen kan verzorgd worden. Er wordt hen niet gevraagd : ‘Waar woont gij ?’ De mensen kunnen er terecht voor algemene geneeskunde, kinderziekten, vrouwenziekten en tandheelkunde. Zuster Juanita doet de consultatie in de voormiddag, terwijl studenten in de geneeskunde ’s middags komen inspringen. Van daar uit kunnen de mensen doorgestuurd worden naar het groot hospitaal of naar een oogarts (die zijn zeer zeldzaam). Er is ook reeds een klein laboratorium ter beschikking.
Verder is er nog een Ouderlingentehuis ‘Hogar de Ancianos’ voor de oudjes die van de straat worden opgeraapt en ook nog een wijkkapel (La Capilla El Carmen) die afhankelijk is van de grote parochie : elke zondag komt de kapelaan, een Chileense Jezuiet, er de mis opdragen.
Met 7 catechisten bereid zuster Juanita de mensen voor op de eerste communie, het vormsel, het huwelijk en het doopsel. De zondagsmis wordt speciaal verzorgd met zang, gitaar en castagnetten en er ook een zangkoor actief.”
Foto’s :
-1946 : Jeanne De Boeck (18 jaar) nam afscheid van haar familie en vertrok naar het klooster.
Van links naar rechts : tante Julie Brion-De Prins (een zus van haar moeder), vader Fons De Boeck, Pastoor Coosemans, Jeanne, burgemeester De Prins, moeder Henriette (Jette) De Prins, grootnonkel Karel De Boeck (een ongehuwde oom van haar vader die deel uitmaakte van het gezin) en tante Marie De Prins, een andere zus van haar moeder.
-Jeanne De Boeck in Kongo.
-‘Madre Juanita’ in Chili.





































