Naar de inhoud

Kronieken van Leest

bij Mechelen
akke.beakke.be

Archief

Vervolg Meester Victor SELLESLAGH

Oorlog

Op de stralende morgen van 10 mei 1940 bestookten de Duitsers niet enkel militaire doelen, ze vielen ook steden en dorpen aan. De aanval op Brussel om 05u20 leverde al een eerste tragische balans op : 41 doden en 62 gewonden. Meteen was de bevolking bij het conflict betrokken en begon paniek om zich heen te grijpen. De gruwelen van de eerste wereldoorlog waren nog niet vergeten en vele mensen verkozen te vluchten. Niemand wist eigenlijk waar naartoe maar weg van het krijgsgeweld was het eerste gebod. Snel scharrelden Victor en Fien het noodzakelijkste bij elkaar, wat geld en vooral veel kinderen. De fietsen volgeladen met wat schamele bezittingen, een voorbehouden plaatske op het speelkarretje van Jefke Vink en weg waren ze. Langs de Tiendeschuurstraat over de Bist, waar Victor van de Lodde de gouden raad meekreeg terug huiswaarts te keren want ze gingen het gevaar tegemoet. Achteraf zou Victor hem gelijk geven. Via Kapelle-op-den-Bos belandden ze stapvoets in een platgebombardeerd Aalst waar ze letterlijk door de vlammen heen moesten. Huilende duikvluchten van Duitse vliegtuigen maakten de verwarring compleet. In het dorpje Schuiferskapelle, thans een deelgemeente van Tielt, speelden ze dochtertje Raf kwijt. Die was met haar fietsje wat voorop geraakt. Gelukkig kon vader Victor haar gezond en wel terugvinden. Misschien waren het de vele rozenkransen die de kinderen samen met Colette Vink moesten bidden, die hen veilig tot bij boer Van de Walle in Tielt West-Vlaanderen brachten : de terminus van hun vlucht. In de kelder van deze boer konden ze eindelijk wat op adem komen en besloten ze terug huiswaarts te keren. Hun vlucht had tien dagen geduurd.
Thuisgekomen vernamen ze van ‘den Blokmaker’ dat tijdens hun vlucht 20 mannen op de koer van de jongensschool bijeen gebracht waren om geëxecuteerd te worden, wat gelukkig niet is doorgegaan. Nog volgens ‘den Blokmaker’ hadden de Duitsers het plan opgevat om hun woning in brand te steken, maar had hij dat kunnen beletten door te verklaren dat er een groot gezin in dat huis gevestigd was.
Dochter Raf vertelde over die periode : “Een winteravond zoals velen. Als hout, kolen en kinderen binnen waren, zaten we meestal met z’n allen met ons voeten op het onderste van en rond de Leuvense stoof. Ieder met zijn eigen bezigheid. Omdat het onderste van de stoof te klein was om 18 voeten op te parkeren, gebeurde het meermaals dat den ene zijn voeten op die van de andere plaatste. Ons moeder die met vier priemen en dikke breiwol de mooiste warme sokken kon breien, maar af en toe van de stoof schoof, voeten op de grond, steken eveneens, breiwerk in retard, een verwrongen vloek ten gevolg, en een schietgebedje om met ons Heer weer wit te staan. Het deksel van de stoof werd bij valavond even opgelicht, zodat er bij het bidden van het dagelijks rozenhoedje, wat licht scheen in de duisternis. Sfeervol en onze gedachten verdwaalden niet !! Soms moesten we bidden voor een jong gezin dat aan uitbreiding dacht. De manier waarop werd angstvallig verzwegen ! Ons moeder las dan luidop :
‘leer hen een kinneke maken
Niet te grof, niet te fijn,
maar juist zoals het kinneke moet zijn.’
En negen maanden nadien mochten we dan naar dat kinneke gaan zien. Wij kenden geen weelde, wel een gelukkige jeugd. Omwille van de schaarse en dure brandstof en het dure leven voor zo een groot gezin leefden we in een kleine ruimte. In onze keuken moesten 9 mensen van groot tot klein zoeken om hun eigen taak zo goed mogelijk te kunnen vervullen !! En geloof me, dat was zeker niet gemakkelijk !!! Op die luttele oppervlakte moest ieder naar behoren functioneren. Koken, eten, de was drogen, schoenen poetsen, breien, sokken stoppen, studeren, huiswerk maken, verbeteren van schooltaken, plezier beleven en ruzie maken !! Geld om een ganse woning op te warmen was er niet. De kolen waren veel te duur en gerantsoeneerd. In de tweede plaats (nu living genaamd) stond een feu-continue. Als er een beetje geld in kas was, kocht ons moeder 200 kg antraciet. Met het weekend als iedereen thuis was werd daar het vuur aangestoken. Dat was een GROTE LUX, tenminste als de schouw niet vochtig was en deze een goeie werking had !! Zo niet konden wij door het slecht functioneren van de schouw best met gerookte haringen vergeleken worden. Als de wind uit het noorden kwam hadden we meestal prijs ! Deuren en ramen werden dan op elkaar opengezet zodanig dat de rook kon afdrijven. Soms kon ons moeder concurreren met den Ammoniak van Willebroek. Eens de vlam in de pijp was het euvel verholpen. De Leuvense stoof werd door ons moeder gepoetst op vrijdagnamiddag als heel het capittel naar school was. De ronde pot was gauw kapot gestookt. Om de barsten te repareren had ons moeder de oplossing gevonden, waar weet ik niet, maar het lukte ! Ze kletste wat slam (vraag me niet wat het was) tegen de barsten en eens de schooltijd gepasseerd, stond de gerepareerde pot roodgloeiend. Dat mens kon zelfs den duvel doen blozen ! ’s Winters moest de was meestal in de keuken gedroogd worden. Wat nagelen in de muur, kruisgewijze de draden gespannen en klaar was kees ! Gemakkelijk was anders ! Als elk centimeterke draad benut was, moest men op zoek naar de bewoners. Dat was wel een voordeel als men wat mispeuterd had, ofwel haperde men met zijne neus in een manshemdslip of kon je je verstoppen achter een opgehangen vrouwenbroek. We zochten dat zelf wel uit ! We waren niet groot, de broek integendeel wel ! De boterhammekens waren als de kolen : gerantsoeneerd ! Drie, niet meer niet minder lagen er op ons te wachten. In de zomer konden we veel recupereren met groenten uit de moestuin of fruit uit de boomgaard. Hier en daar had vader wel een handje voor. Aan een schappelijk prijske kocht of kreeg hij soms melk, boter en eieren en al eens spek op Goede Vrijdag bij de Lodde of bij Stefanie van Toontjes (kozijn en nicht van hem). Ook bij rosse Colette (uit de Hertstraat) kon hij altijd terecht. Wij zijn hen daar steeds dankbaar om geweest. Men zou voor minder onder den oorlog ! Van rosse Colette kreeg ik voor mijn plechtige communie als geschenk een zelfgebakken taart. Een kunstwerk op zijn eigen, gecamoufleerd met veel crème fraiche, dat laatste hadden we nog nooit gezien. Heel voorzichtig met mijn bijdegronds meisjesveloke was ik met de taart gaaf thuis ‘geland’. Doch wanneer deze op mijn grote dag op de tafel werd gezet stelde ons moeder verontwaardigd vast dat al de crème fraiche er afgelikt was ! En toppunt was, niemand had dat gedaan, waarschijnlijk omdat den ene voor den andere moest zwijgen ! Van solidariteit gesproken ! Je kunt je voorstellen, als er zeven aan dat ding gelikt hadden, dat ’t spel dan wel kaalgeschoren was ! ’t Zal dan toch vermoedelijk voor de communie wel gesmaakt hebben ! Zo spartelden onze ouders met ons door de oorlogsjaren.”

Vervolgt.

Foto’s :
-De kinderen Selleslagh met de fietsjes die de vlucht tijdens de oorlog overleefden. Van links naar rechts : Frans, Irma, Hubert, Raymond, Raf, Maria en Cyriel.
-Meester Selleslagh en meester De Leers in 1941.
-De klas van Meester Selleslagh van 1944 met links het 3de en rechts het 4de leerjaar.
Het 3de v.l.n.r. : Frans Verbruggen, Louis Vloebergh, Frans Fierens, Miel Ceuppens, Edmond Polspoel, Gaston Keulemans, Rik Moons, Antoon Lauwens, Hubert Selleslagh, Jean De Smedt en Marcel Peeters.
Het 4de : Jan Scheers, Julien Piesssens, Frans Keulemans, Louis Nuytkens, Jaak De Cock, Paul Willems, Louis De Decker, Schelfhout (met klompen), Miel Maes, Wellens, Leon Publie, Jef Doms, Louis De Blezer, Staf Schuremans, Georges Verbruggen en Miel Van Steen.

Met dank aan dochter Rafke voor de foto’s en de teksten.



2707303-cf5d9240dbfa2dc321cd3ad6cce48e20.jpg

2707303-02590ae000e77e1a88ec4d08dff932df.jpg

2707303-8a61fc4fdc39faaab25d910907f53bbe.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 10:26 Reageer op dit bericht

Vervolg Meester Victor SELLESLAGH

Gehuwd

Op 1 september 1925 huwde Victor met Delphine ‘Fien’ De Wit een dochter van de Tisseltse vlashandelaar August De Wit en van Maria Catharina Peeters. Fien’s moeder overleed toen ze 14 was en werd, als oudste van vier, verplicht haar studies stop te zetten. Ze werd verantwoordelijk voor haar drie zussen en haar vader en voor de exploitatie van de kruidenierswinkel, het café en de vlashandel. Zij was 31, hij bijna 30 toen ze huwden. Het huwelijk werd ingezegend door pastoor Cyriel Selleslagh, een broer van de bruidegom. Voor de familie De Wit was het een dubbel huwelijk, zus Jeanne trouwde immers tegelijkertijd. Hier was de gelukkige bruidegom Mon Cortebeeck, een Tisseltenaar. Voor dit dubbel huwelijk diende nog een speciale aanvraag ingediend. Vier koetsen, getrokken door paarden, waren nodig om de bruidsstoet naar de St. Janskerk te brengen. Achteraf hadden ze spijt dat ze het niet met een koets minder gedaan hadden en een auto in de plaats, dit om de 60 genodigden sneller aan tafel te brengen. Receptie en feestmaal gingen door in ‘De Vuurmolen’, de receptie in het café op het gelijkvloers, het feest in de bovenzaal. Fien en Jeanne waren identiek gekleed : een zwart kleed en een ‘veloeren’ hoed met gouden pen. Kostprijs 65 frank. Bruidegom Victor was gekleed in pitteleer en zijn schoonbroer Mon Cortebeeck in zwarte redingote. Zussen Maria en Valentina volgden in de bruidsstoet in een lichtbruin veloeren kleed en een zwarte toppé hoed met een brede zwarte strik. Kostprijs 110 frank.
De ‘Dischkaart’ vermeldde : ‘Voorgerecht, Koninginnesoep, Huwelijksbootjes, Ossentong-Caperssaus, Ossenspier in groentenkrans, Vleeschpastei met kampernoeliën, Hesp – salaad, Brusselse kiekens – fruitmoes, Huwelijksgebak, Ooft – nagerecht.’
Enkele noemenswaardige citaten uit de heilwensen en toespraken :
“Weldra zien we in dit huis pastoors en paters.
En meesters, nonnen, dochters met de macht.
De roem en steun de glorie van hun vaders,
de vreugd der moeders dag en nacht.
Zoo, vader, brengt uw kloeke stam schoon vruchten
Voor huisgezin en kerk en maatschappij.
En moeder ziet, uit d’hemel volg genuchten,
haar nageslacht gelukkig, vroom als zij…”

Hulde opgedragen aan onze gevierde echtelingen Viktor en Delfina. “In naam van onzen Toneelkring ‘Rust Roest’, afdeeling der fanfaren ‘Arbeid Adelt’ is het mij een waar genoegen U op deze plechtigen dag van uw huwelijksinzegening, onze innige, hartelijkste gelukwenschen toe te sturen. Met welk ongeduld hebt Gij het aanbreken van dezen vreugdevollen verbeid. Wanneer Gij dezen morgen aan het altaar nederknieldet, hebt Gij elkander plechtig liefde en trouw gezworen, thans zijt Gij overgelukkig het huwelijksbootje ingetreden, hopende in den echt troost en zalig geluk te vinden. Ja, waarde bruidegom, van af het ontstaan van onzen Toneelkring zijt Gij reeds ervan de spil geweest. Door uw voorbeeld wist Gij uwe medeleden te stichten, door uwe fijne keuze van woorden, door uwe duidelijke uitspraak in uw onverdroten iever hebt Gij wel het meeste bijgedragen tot den groei en den bloei onze maatschappij, tot veredeling onzer taal in de verheffing van ons Vlaamsche volk. Wij leden van ‘Rust Roest’ nemen deel in het zoet geluk dat U op dit ogenblik te beurt valt en de medegevoelens van vreugde en geluk die ons overstelpen drukken wij uit met U een hartelijk proficiat toe te roepen. Moget Gij, in het huwelijksbootje rustig voortdobberen op de wijde levenszee en moge de horizon van uw leven door geen enkel vuiltje besmet worden, opdat Gij nog menigvuldige jaren zoudt kunnen medewerken, tot eer en roem van onzen kring. Gans uwe levensbaan weze een aaneenschakeling van heil en voorspoed, gepaard met ware stonden van rust en vrede, een aangenaam samengaan, omringd van een talrijk kroost. Moge al deze wenschen tot beider geluk vervuld worden ; een blijde inkomst in het huwelijksleven weze U gegund, een lang en gelukkig leven in het eeuwig verbond dat Gij heden hebt gesloten. Dat de geluksengel uw huis binnentrede, en zich aan den haard nederzette om U nooit meer te verlaten. Nogmaals, gevierde Bruid en Bruidegom in naam van ons toneelgezelschap en ‘Rust Roest’ een hartelijk diepgevoeld proficiat.”

Geachte Bruid en Bruidegom “Volgaarne neem ik het voorzitterschap waar, wanneer ik, in naam onzer fanfaren, onze vurigste wenschen mag toesturen aan een lid dat altijd geieverd heeft tot opbeuring onze Maatschappij. Ja, geacht Medelid, de iever en zelfopoffering die u jegens de maatschappij toondet, was groots, daar u zelden een wekelijksche repetitie liet voorbijgaan, ondanks alle moeilijkheden (u soms beletten). Ook uw aan de Maatschappij bewezen diensten zijn talrijk, want deze opsommen ware mij gansch onmogelijk. Ik wil mij enkel beperken uw bereidwilligheid te noemen tegenover onze medeleden, en uw wijze raadgevingen die we ontvingen, wanneer we in moeilijke omstandigheden onbeslissend bleven. Hoe menig keer ook hebt u, met uw trillende stem, hulde of vaarwel gebracht aan dezen die ons reeds zijn voorgegaan. Met één woord, uw dienstvaardigheid voor de Maatschappij kent geen falen. Daarom, geacht Medelid, zeggen we u duizendmaal dank. Dank voor den moed en zelfopoffering die u ons hebt getoond. Dat God U zegene in al Uw ondernemingen ! Dat voorspoed en geluk U thans op Uw levensbaan vergezelle en dat U beiden nog lange jaren onze rangen moogt verheugen tot groei en bloei onzer fanfare ! Lang leve Victor en Josephine !!! De Fanfarenmaatschappij ‘Arbeid Adelt’.” “

"Geachte vriend en medelid, wij hebben veel genoegen te mogen denken u aangenaam te zijn. Aanstaande zondag 6 september dezer rond 5 uur namiddag aan uwe woonplaats u met een serenade te mogen vereren. Namens de fanfare Ons Genoegen van Battel, de Voorzitter Charles Walschaerts.”

Een heilwens van pastoor Cyriel, broer van de bruidegom : “Lang heeft de schouw gerookt, eindelijk is ze aan ’t vlammen gegaan !!”

Fien vertelde later aan haar dochter dat diezelfde schoonbroer echt bekommerd was om haar. Zijn bezorgdheid ging uit naar de nieuwe levenswijze die haar na haar huwelijk in Leest te wachten stond : “Vanaf mijn veertiende tot mijn eenendertigste steeds ten dienste gestaan. De handelszaak onder mijn leiding, de sociale beleving, de omgang met het cliënteel, de trafiek die de vaart met zich meebracht. Het waren stuk voor stuk drukdoende bezigheden die schril afstaken tegen wat Leest me te bieden had. Doch verveling zou geen hoogtij vieren, vader zorgde spoedig voor de gepaste bezigheid. Een kippenkwekerij zou jaren een welgekomen bijverdienste en tijdverdrijf zijn. Doch ook aan gezinsuitbreiding diende gewerkt, want de tijd was beperkt. Gods gebod werd gehuldigd, ga en vermenigvuldigt, en in minder dan tien jaar was de grote bestelling klaar.”

De avond van het bruiloftsfeest werd er een serenade gegeven door de Sussen van Leest (fanfare Arbeid Adelt). In zijn dankwoord tot de fanfare zei Victor onder meer : ‘Wat mij betreft, ik sta liever aan deze kant van de deurdrempel, want jullie spelen buiten en ik speel binnen…’ Langs de openstaande ramen genoten de buren mee van de uitbundige sfeer binnen. Na het feest werden Fien en Victor met de bus van Adolf Masure naar Leest gevoerd. Dolf Masure uit de Statiestraat in Tisselt baatte de eerste lijnbus in de regio uit : ‘Aannemer van Speel- en nachtreizen aan voordeelige prijzen’ stond op zijn annoncekaartje. Het bruidspaar werd afgezet in de gloednieuwe woning in de Dorpstraat. Leest was nog niet aangesloten op het elektriciteitsnet en het koppel diende zich te behelpen met kaarslicht maar dat zal zeker geen domper gezet hebben op de romantiek… Deze woning was pas klaar. Voor ‘ne frank en een chic’ had Victor zijn leerlingen aangesproken om aan de Zenne de bouwstenen te helpen lossen die per schip toekwamen.
Victor en Fien kregen op minder dan één decennium acht kinderen :
-Irma Augusta, geboren op 27 september 1927.
-Johanna-Yvonna, geboren op 14 januari 1929, overleed datzelfde jaar op 12 juli.
-Raymond Cyriel Maria, geboren op 13 februari 1930, overleden op 28/8/1989.
-Cyriel Juliaan Maria, geboren op 28 januari 1932.
-Raphäelle Coleta Joanna, geboren op 13 januari 1933.
-Frans Robert Valentijn, geboren op 30 december 1934.
-Hubert Willem Florent, geboren op 24 maart 1936.
-Maria Johanna Victoria, geboren op 6 juni 1937.

Vervolgt

Foto’s :
-Victor en Fien, zij lieten geen huwelijksfoto na.
-De broer van Victor Pastoor Cyriel Selleslagh toonde zich zeer bezorgd voor de bruid.
-Na het feest werden Fien en Victor met de bus van Adolf Masure naar Leest gevoerd.
-Hun woning in de Dorpstraat.
-Het doodsprentje van Johanna-Yvonna, ze was amper 6 maand toen ze overleed.

Met dank aan dochter Rafke voor de foto’s en de teksten.



2707018-db8bb5ae08b08fc73a9465ce390c7590.jpg

2707018-aad7e29152ea6bb782bef2f1938b4e63.jpg

2707018-91542bd56fc6ad79bf0fbc05f5980510.jpg

2707018-5b49211679d7e043af5751915e92a781.jpg

2707018-c24e45d67bc253a53105b14dbdb2a029.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 09:53 Reageer op dit bericht

Wijzigingen - Aanvullingen

Vervolg Meester Victor SELLESLAGH

Meester Selleslagh was altijd te vinden voor een grap. Komisch waren ook sommige briefjes waarmee hij door nauwelijks geletterde ouders bedacht werd om de afwezigheid van hun zoon te verantwoorden : “Meester, onze Francois kan niet naar het school komen want hij heeft een zweer in de voor van zijn gat…”
“Onze Louis sukkelt met rapen op zijne kop, als hij genezen is stuur ik hem op !”
“Onze Jef moet thuis helpen boeren, want ons paard is versleten, en geen werk, geen eten !!” Een vraag van een boerenzoon : “Meester mag ik eens naar ’t gemak, ik heb toch zone grote kak.” Na een tijdje stond de W.C.-deur op een kier en riep de jongen uit volle borst : “Meester, papier, nog papier…” Een leerling schreef zelf een briefje naar de meester : “Meester ik kon mijn huiswerk niet maken, de deur was vast en ons moe stond te lameren in de geburen…”
Maar de meester speelde ook niet mis. Ging het er soms wat luidruchtig aan toe in de klas, dan gebruikte hij wel eens zijn meesterlijke lat of plofte geregeld zijn schoen in ene zijn gat…
Oud-leerlingen kwamen hem soms om een gunst vragen, meermaals is het gebeurd dat soldaten hem verzochten om een liefdesbrief naar hun meisje te schrijven. Niet dat Victor Selleslagh gefaald had als meester maar vele jongens volgden destijds zeer onregelmatig de lessen en anderen verlieten op hun 12de de schoolbanken om te gaan werken en alzo een steentje bij te dragen aan het gezinsbudget. Wat hij in die brieven neerpende heeft hij zijn kinderen nooit verteld maar als hij die taak vervulde was het met heel veel binnenpretjes.

Stan Gobien, zelf hoofdonderwijzer en inspecteur in 1996 in een brochure “Reünie van de Leestse vijftigjarigen” over meester Selleslagh : “...Meester Selleslagh was een speciale figuur. Een rasechte optimist en een filosoof en daarbij een grappenmaker als geen ander. Tijdens de catechismuslessen kon hij uitspraken doen die geen ander kon nadoen. Wanneer iemand zijn catechismusles niet had geleerd en toch probeerde een en ander van het antwoord te geven, kon dat natuurlijk niet letterlijk zoals het in het boekje stond. Was meester Selleslagh in een serieuze bui dan zei hij : “half en half, maar toch niet heel.” Was de meester in een filosofische bui dan werd het een of andere spreuk die voor ons erg aangebrand leek. De hele klas riep dan :
“Heu !!!” Nog geen drie seconden later vloog dan de deur open stond meester De Leers daar en hij riep dan : “Wat is dat hier nu weer !!!” of “Is ’t hier weer kermis ???” Meester Selleslagh trok zich daar niets van aan en koos – toen meester De Leers weg was – een nieuw slachtoffer waarvan hij met zekerheid wist dat die ook zijn catechismusles niet kende. Toen die zijn tekst wat had gebrabbeld en toen het inderdaad kant noch wal raakte, toverde hij een van zijn andere geijkte spreuken uit zijn mond. De hele klas brulde dan nog luider dan voorheen : “Heu!!!Heu !!!” Meester De Leers kwam toen niet meer opdagen. Dat wist de meester en dat wisten wij ook ! Er werd destijds nogal wat kattenkwaad in de klas uitgestoken. Meester Selleslagh vloog dan naar de boosdoener. Deze zag de wervelwind naderen en sprong de bank uit en rende tussen de banken door de klas. De meester zette natuurlijk de achtervolging in. De andere leerlingen supporterden en joelden en de meester probeerde de belhamel uit te schakelen door hem bij de kraag te pakken en een pak voor zijn broek te geven. Sommige leerlingen waren hem echter te vlug af en toen hij moe werd van de achtervolging probeerde hij een andere tactiek : hij zou het opgejaagd wild uitschakelen door een rake trap. Velen ons ons hebben op deze manier een trap onder hun achterste gekregen. Daarna vlogen de stouteriken in de hoek tot aan de speeltijd. Wij zullen echter nooit te weten komen of meester Selleslagh het echt meende of toneel speelde. Vermoedelijk beschouwde hij het als een toneelspel…”
“…Meester Selleslagh had ook een andere methode van straffen : als hij lange tijd met zijn rug naar de klas moest staan om op het bord te schrijven, duidde hij één van de brave jongens als ‘roeper’ aan. De roeper moest de klas in het oog houden en de naam roepen van de klasgenoot die iets mispeuterde. Die jongens moesten naast elkaar op een rij gaan staan. Als de meester alles op het bord had gezet, ging hij naar dat rijtje en gaf elke jongen ‘een schup tegen zijn broek’. Daarna mochten ze terug gaan zitten.
Maar er zijn ook leukere herinneringen aan meester Selleslagh : als hij in de winter moest toezicht houden op de speelplaats, speelde hij mee tikkertje omdat hij anders ook kou had. Bij meester De Leers moest je jezelf een pak rammel geven…” (‘Kindertijd in Leest’, eindwerk Hilde Smets 1997)

Vervolgt.

Foto’s :
-Victor had een innemende persoonlijkheid die hem zeer geliefd maakte.
-Op deze foto geflankeerd door zijn collega’s-leerkrachten uit de jongensschool : Meyers, De Leers en Huysmans.
-Victor Selleslagh was een gelovig man met het hart op de juiste plaats en met een ongelooflijke "sense of humour". 

Met dank aan zijn dochter Rafke voor de foto's en verhalen.



2706749-9d8729043e8387dab0d748c56ab7ee0e.jpg

2706749-bf72ff09550cf3f15d4bcc9f5a6ccb6e.jpg

2706749-5e445ebbeaded427683ca48c8645fce0.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 16:47 Reageer op dit bericht

Wijzigingen - Aanvullingen

1963 – 22 oktober : Overlijden meester Victor Jozef SELLESLAGH

MEESTER VICTOR SELLESLAGH

Victor Jozef Selleslagh was te Leest geboren op 12 december 1895 als zoon van Jan Frans Selleslagh (°Leest 24/8/1857 , +Mechelen 29/2/1896) en Dominica Van den Brande (°Kapelle-op-den-Bos 6/1/1861, +Leest 19/12/1915). Zijn peter was Viktor De Greef, zijn meter was Josepha Van Camp. Doopvader was onderpastoor Pingnet. Victor Selleslagh was de jongste van tien, waarvan er twee kinderen zeer jong overleden. Hun vader kwam tragisch aan zijn einde. Hij was werkzaam als seingever aan de N.M.B.S en werd op 29 februari 1896 geplet tussen de buffers van twee treinstellen. Zolang hij zich tussen die buffers bevond kon hij praten maar toen die treinstellen uit mekaar werden getrokken overleed hij stante pede. Hij liet een weduwe na met acht kinderen, waarvan de oudste veertien jaar oud was en de jongste, Victor, nog geen drie maanden.
De tegemoetkomingen na het ongeval waren ontoereikend om de zware gezinslast te dragen en moeder kon de touwtjes aan mekaar knopen door de uitbating van een herberg, kruidenierswinkel en feestzaal tegenover de kerk van Leest. Zij runde ‘Feestzaal Eldorado’ tot aan haar plotse dood op 19 december 1915.
“Wij werden streng opgevoed,” vertelde Victor later, “basis voor een formidabele samenhorigheid in ons gezin, en algehele inzet voor mekaar. Ook aan leute ontbrak het zeker niet. Zij die ons genegen waren, en dat waren er zeer velen, keerden na bezoek geamuseerd huiswaarts. Het was bij ons echt de zoete inval. Sommigen suggereerden zelfs de naam ‘Eldorado’ te vervangen door ‘In de Zoete Inval’. Ons moeder was streng maar tevens een graag geziene figuur in onze Leestse leefgemeenschap.”
In zijn jeugdjaren was Victor ook misdienaar bij pastoor Verbist. Een anekdote is hem altijd bijgebleven : eens moest er een parochiaan, een zekere Geets van de Leestse Heide, berecht worden. De man was overleden aan het besmettelijke typhus. De pastoor raadde zijn misdienaar aan tijdens de berechting een snoepje in zijn mond te houden en dat nadien weer uit te spuwen. Dit zou besmetting voorkomen. Victor’s moeder kon daar later niet mee lachen en nam het de pastoor uiterst kwalijk. Voorspoed en tegenslag liggen vaak dicht bij mekaar. Op 14 augustus 1915 had Victor zijn onderwijzersdiploma behaald en op 19 december datzelfde jaar overleed plots en totaal onverwacht zijn moeder. Ze waren nog met z’n drieën thuis en zijn zussen Marie en Colette huwden op dezelfde dag. Victor ging bij zijn broer Ivo en schoonzus Hortans in Hombeek wonen. Toen bij dat echtpaar een derde kindje geboren werd verhuisden ze naar de Battelsesteenweg. Victor verhuisde mee en is daar uitgetrouwd.
Onderwijzer Victor Selleslagh doorliep alle klassen in de lagere school van Leest en haalde zijn diploma van onderwijzer in de Katholieke Normaalschool van Mechelen. Op 1 februari 1917 kwam hij, na 2 jaar in Tisselt les te hebben gegeven als tijdelijk dienstdoende onderwijzer, in dienst als hulponderwijzer te Leest, dit in de plaats van zijn leermeester Dumont. In de gemeenteraadszitting van 25 januari 1917 was hij met unanimiteit van stemmen (negen op negen) verkozen. Zijn jaarwedde : 1.200 fr plus 150 fr verblijfsvergoeding. Hij zou ononderbroken les geven aan het derde en vierde studiejaar.
Meester Jan Dumont was gehuwd met Anne Jepherina Matterne. Tijdens de schoolstrijd in 1879, onder burgemeester Livinus De Laet, was hij naar Leest gekomen en werd hier schoolhoofd. Voordien was hij onderwijzer te Zemst-Laar. Hij woonde in het schoolhuis en had drie kinderen : Stefanie, Albert en Raymond en zoals hun vader stapten ze allemaal in het onderwijs. Victor Selleslagh vertelde later dat zijn voorganger zijn eigen methode had : ‘wie niet horen wil, moest voelen !’, maar hij was een buitengewoon flinke leerkracht : ge moest het leren en het ging er
in ! Voor hem was De Keersmaeker onderwijzer en hij werd door de gemeente betaald. Rijkelijk was die betaling van de schoolmeesters echter niet : ‘La misère an redingote’, zo werden ze toen bestempeld. (Ze droegen gelijk de burgemeester en de dokter de ‘redingote’ of lange jas, maar voor de rest was ’t miserie. Voor 14-18 kregen ze 900 tot 1100 frank per jaar en daarbij moesten ze soms lang op hun centen wachten). Hoofdonderwijzer Jan Dumont verliet Leest voorgoed om zich te Evere te gaan vestigen. Hij vertrok uit het dorp met 300 kg aardappelen, waarvan 100 kg plantaardappelen en 8 kg boter, door hemzelf ingezouten. Niet vergeten het was oorlog. Van die dag af werd Constant Moons hoofdonderwijzer. Remi Kets verving de overleden meester Moons in augustus 1918 maar in 1920 was er opnieuw een vacature voor hoofdonderwijzer. Meester Kets was immers veroordeeld tot 15 maand gevang wegens aanslag op de goede zeden. Victor Selleslagh weigerde zijn kandidatuur te stellen, hij vond zich te jong voor deze functie en zo werd Jan-Baptist De Leers hoofdonderwijzer en schoolhoofd.
Meester Meyers, het latere schoolhoofd, leerde bij meester Selleslagh het sentimentele gedicht : ‘hij trok het schuifke open’ en voegde er aan toe : ‘ik heb bij deze meester veel plezante uren beleefd.’
Boer Wannes Spruyt uit de Winkelstraat cumuleerde zijn beroep met agent van de ABB maar vond dat laatste werk te zwaar om dat te delen met het boerderijleven. Op aandringen van Spruyt en met bijzondere goedkeuring van het ABB bestuur uit Leuven, startte Victor op Kerstmis 1925 als agent ABB, echter op naam van zijn echtgenote.

Vervolgt.

Foto’s :
-Victor Selleslagh zoals de meeste mensen hem gekend hebben.
-Bovenaan als 2de van links meester Selleslagh in 1915 met zijn afgestudeerde collega’s.
-Victor met zijn onderwijzers diploma.
-Zijn klas in 1918. Bovenste rij v.l.n.r. : Frans Spoelders, Edward Selleslagh, Jan Nuytkens, Frans Van Rompaey, Felix Verbeeck, Fons Huysmans, Jan De Muyer, Gust Geerts, Frans Hermans.
Tweede rij : Albert Beullens, Theofiel Spruyt, Edward Siebens, Louis Fierens, Handrik Lauwens, Louis Diddens, Fred De Muyer, Alfons Keulemans, Siebens, Frans Van Winghe, Emiel Keuleers. Derde rij : Louis Van den Broeck, Victor Boey, Jan Beullenss, Jan De Quint, Jef Peeters, Remi Fierens, Ferdinand De Prins, Constant Fierens, Spruyt, Jaak Van Herp, vluchteling naam onbekend.
Vierde rij : Rik De Bruyn, Constant Huysmans, Fred De Rooster, August De Win (boven), Louis Van Roey, Hendrik Spoelders, Juul Peeters, Marcel Spoelders, Victor Selleslagh, Florent Van Praet, Jef Beullens, Frans Van der Taelen, Albert Janssens (boven), Guillaume Diddens (boven), Constant Van Hoof, Jan Selleslagh.
Onderste rij : Gust Nuytkens, Edward Vloeberghen, Jaak Voet, Constant Van den Branden, Karel Verbeeck, Spruyt, Keulemans, Frans Leemans (“Luppe”). (“LG”, blz. 145)
-Meester Victor verving meester Jan Dumont die zich te Evere ging vestigen.
-De jongensschool bezat in de tijd van meester Selleslagh nog een overdekte koer die aan de Scheerstraat grensde.

Met dank aan Rafke Selleslagh voor de foto’s en verslagen.



2706304-695ec5228237d963f8212bdca59b9d30.jpg

2706304-ecb2dc8ee3e4656d8b9b9c1345344c04.jpg

2706304-aa94a03072d7090f30a421c79e216fd3.jpg

2706304-79f7924e6e167d4f18c1bbaeff12e5ee.jpg

2706304-8560c087e8ede65b6eab8cc6253558ab.jpg

2706304-4b1afb50c784c855eb51a1759b3c80d0.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 09:00 Reageer op dit bericht

Wijzigingen - Aanvullingen

1963 – 23 september : Beraadslagingen van de Gemeenteraad : opslag voor de veldwachter
De gemeenteraad in zitting van 23/9/1963 en vertegenwoordigd door : Frans De Prins, waarnemend voorzitter, Ferdinand De Prins, schepen, P. Verbeeck, Henri Van den Heuvel, Hendrik De Bruyn, raadsleden en Egied Bradt secretaris.
Dagorde : bijslag voor het bezit van Diploma aan de veldwachter. ”Gezien de veldwachter in het bezit is van een bijzonder getuigschrift van bevoegdheid tot het ambt van veldwachter, afgeleverd door de Politieschool van het Nationaal verbond der Veldwachters van België, in datum van 11 september 1962. Gezien het bezit van dit diploma een bijkomende akte uitmaakt ten aanzien van die welke in het algemeen van de kandidaten vereist wordt voor hun functies. Gezien dit diploma dienstig is voor de uitoefening van zijn beroepsopleiding. Gezien de omzendbrief van 25.6.1963, houdende de algemene instructies inzake de geldelijke herwaardering van het gemeentepersoneel, besluit : 1. Aan de heer Van Hoof Victor, veldwachter, een jaarlijkse vergoeding te verlenen van 3600 frank per jaar en dit met ingang van het jaar 1963. 2. Deze beraadslaging voor goedkeuring over te maken aan de hogere overheid.”(GA)

1963 – 27 september : Leestenaar licht gewond na aanrijding
Op de Battelsesteenweg te Mechelen deed zich een aanrijding voor tussen de fietser uit Leest Leon Daelemans en de fietser uit Mechelen Paul Van de Vondel. De Leestenaar werd licht gewond. (GvM, 27/9)

1963 – Van 29 september tot 8 oktober : Heilige Missie in de parochie Leest
Met de medewerking van de Redemtoristen de paters J. Schotsmans en A. Penninck.

1963 – 12 oktober : Dansavond K. Fanf. St.-Cecilia
“Een nacht in Venetië” met een “buitengewoon” orkest. (DB)

1963 – 14 oktober – G.v.M. : Bromfietser uit Leest gewond
Op de Gentsesteenweg te Mechelen werd de bromfietser uit Leest Alfons Huys aangereden door een personenauto die bestuurd werd door R. Meuleman uit Ukkel. Eerstgenoemde liep hierbij wonden op en diende ter verpleging naar het O.L. Vrouwgasthuis te Mechelen te worden overgebracht.

1963 – 15 oktober – G.v.M. : Aanrijding te Leest
Op de Kallebaan ter hoogte van de Bist had er een aanrijding plaats tussen een personenauto bestuurd door Paul Beeck uit Mechelen en de wielrijder J.B. Clerbaut. Deze laatste werd licht gewond.

1963 – Maandag 21 oktober : Koffiefeest van de Kristelijke Bond voor Gepensioneerden
Die dag, vanaf 15 uur, vond in de parochiezaal van Leest het koffiefeest plaats van de Christelijke Bond voor Gepensioneerden van Leest. Te dezer gelegenheid kwam de Willebroekenaar Stan De Clercq spreken over de nieuwe wet van de zelfstandigen en vrijverzekerden. Ter gelegenheid van deze eerste vergadering van de bond had het voorlopig bestuur niets nagelaten om dit feestelijk te vieren. De parochiezaal was dan ook flink gevuld met de deelnemende gepensioneerden aan een schitterende feesttafel. Voorgerecht, soep, aardappelen, groenten en vlees, ijskreem en daarbij een flinke pint bier stonden op de spijskaart, zo fijn verzorgd als in een restaurant. Tussen de gerechten in verleende de voorzitter Stan Buelens het woord aan de arrondissementssecretaris Stan De Clercq, die vooreerst de plaatselijke bond geluk wenste met de zeer actieve werking. Hij stipte ook aan dat het bestuur slechts voorlopig werd aangesteld en thans diende verkozen te worden. De aanwezigen betuigden hun instemming met de bevestiging van het uitredend bestuur zodat het bestuur als volgt is samengesteld :

-Voorzitter : Buelens Constant, Tiendeschuurstraat 25.
-Ondervoorzitter : Wed. Verbruggen-Van Boxem Pelagie, Tinneschuurstraat 8.
-Secretaris : Leemans J., Dorpplaats 13.

Leden :
-Wed. Beullens-Geerts A., Alemstraat 5.
-De Schoenmaecker Florentine, Blaasveldstraat 28.
-V. Diddens, Warandestraat.
-Celine Van Winghe, Alemstraat.

Ten slotte sprak Stan De Clercq zijn waardering uit voor het onbaatzuchtig werk van de bestuursleden in de kristelijke sociale beweging voor de bejaarden en gepensioneerden en deed een oproep om verder door te zetten. Vervolgens werden de lekkere spijzen geproefd en tussenin kreeg men dan nog passende gezelschapsliederen en ontspanningsnummers. Ten slotte kwam de reuzetombola met niet minder dan 60 prijzen aan de beurt. (GvM, 17 en 24/10)

Foto’s :
-De garde kreeg opslag. Vic Van Hoof naast zijn echtgenote Leonore Mees en zijn hond Mirra, daaronder enkele van zijn memorabilia.
-Herinnering aan de “Heilige Missie” van 1963.
-Voorzitter van de gepensioneerdenbond Constant Buelens met echtgenote Virginia Moons.
-Secretaris Jef Leemans.
-Leden Florentine De Schoenmaecker tijdens een bezoek aan Scherpenheuvel en Celine Van Winghe als slachtoffer van de windhoos in 1983.



2705775-589b5ffce9ca0c272ffc4b2baeb4a8de.jpg

2705775-19ee4de6f74fd1d0fc5e175121016767.JPG

2705775-cbeba728ae7fd6dca605b8ffd348ab13.jpg

2705775-dfca1131e95ee090becf01fabbfcc34e.jpg

2705775-3d0b7a028e689c60184d1899a43209e4.png

2705775-750853570faad9cce4216514d368556b.jpg

2705775-b5828620e03fc357acb24333e1a4b79c.jpg

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 17:09 Reageer op dit bericht

Wijzigingen - Aanvullingen

1963 – Septembernummer “De Band” : De B.J.B.-meisjes richtten sportclub op
“Door de zorgen van het bestuur der B.J.B.-meisjes werd overgegaan tot het oprichten van een sportclub, met als doel aan ieder een buitenkansje te gunnen tot het beoefenen van volleyball, dans en atletiek. Om de 14 dagen zal er geoefend worden. Meerdere inlichtingen zullen per omzendbrief aan alle belangstellenden ter hand gesteld worden.”

1963 – Zondag 1 september : Tweede Milac-Avond
Reuze Show-Avond met het Trio Bartholet, met de Music Makers, de goochelaar Mister Magic en de zangeressen Gina Bartley en Jo Nell. Locatie : de parochiezaal. Folder onderaan.

1963 – Dinsdag 3 september : Autobestuurder gedood aan onbewaakte overweg te Leest 
G.v.M., 4/9 : “Dinsdagnamiddag om 16u50 deed zich een vreselijk verkeersongeval voor aan de onbewaakte spooroverweg op de grensscheiding van de gemeenten Leest-Hombeek, toen een bestelwagen van bakker Louis Andries, rijdend in de richting van Kapellen-op-den-Bos, gegrepen werd door de trein van de lijn Sint-Niklaas – Mechelen. De bestelwagen werd tweehonderd meter meegesleept en de bestuurder bleek op slag gedood. Dokter Marinus, uit Hombeek, kwam enkele minuten na het vreselijk voorval ter plaatse maar kon slechts de dood van het slachtoffer vaststellen. E.H. Peeters, onderpastoor van Hombeek, diende de ongelukkige in extremis de H. Olie toe. Louis Andries, die met zijn alleenwonende vader een bakkerij uitbaatte op de Hombeeksesteenweg 282 te Mechelen, was zelf woonachtig op de Brusselsesteenweg, 40 jaar oud, gehuwd zonder kinderen. De brandweer van Mechelen had veel moeite om het lijk uit de totaal verhakkelde bestelwagen vrij te maken en het spoor te vrijwaren. Gezien de richting waarin het slachtoffer reed, was het onmogelijk de aankomende trein te zien daar bomen het uitzicht belemmeren. Het is trouwens niet de eerste maal dat zich aan deze onbewaakte overweg een aanrijding tussen trein en auto voordoet. Later op de avond kwam het parket van Mechelen ter plaatse.”

1963 – 12 september : Muziekonderricht door Kon.Fanfare St.-Cecilia
DB van november 1963 : “Het mag wel een prachtig initiatief genoemd worden, genomen door de Kon. Fanfare Sint Cecilia, een begin te hebben gemaakt met het geven van muziekonderricht. In een tijd dat niet zoveel meer rekening gehouden wordt met de bevordering van de cultuur, komt het zeker op tijd de jeugd in te schakelen in dat raderwerk. De ontwerper(s) zullen ten volle moeten onderschrijven, dat de gedane oproep goed beantwoord is geworden, immers een 20-tal jongeren waren aanwezig op zaterdag 12 dezer in de gemeentelijke jongensschool, om de eerste les te volgen. De heer Theofiel Fierens is zeker een borg voor de juiste methode die moet aangewend worden, en er mag hem veel geluk toegewenst worden voor het volbrengen van deze schone taak.” (Foto van Theo Fierens onderaan)

1963 – Zondag 15 september : Startdag van de BJB-meisjes te Mechelen
Die dag startten de BJB-meisjes van het Gewest Mechelen met hun nieuw werkjaar. Honderden bestuursleden, BJB-sters en Jong-BJB-sters uit verschillende parochies rond Mechelen kwamen naar het instituut van de zusters Loretten in de Drabstraat om moed en inzichten op te doen. Deze startdag begon om 09u30 en bij aankomst kreeg ieder lid het zangboekje van het nieuwe werkjaar en werden ze verwelkomd door hun gewestleidster uit Leest Godelieve Lamberts. Er werden verschillende lessen gegeven, gezangen herhaald en het middagmaal werd genuttigd in het Groot-Seminarie. Nadien volgde wat ontspanning om vervolgens weer in secties verder te werken en o.a. het jaarprogramma te bespreken… (Beknopte samenvatting uit GvM van 12/9)

1963 – 17 september – G.v.M. : Verkeersongeval
Een aanrijding deed zich te Mechelen voor op de Koning Albertplaats tussen de lichte vrachtwagen bestuurd door Jozef Van Horenbeeck uit O.L.Vr. Waver en de stationwagen bestuurd door Elza De Rooster uit Leest.

1963 – Zondag 22 september : Geslaagd optreden van de K.F. Ste Cecilia te Hombeek
“Op zondag 22 september verleende deze fanfare haar medewerking met het geven van een concert in de zaal “De Vlaamse Leeuw” te Hombeek, en dit op verzoek van de Hombeekse Sportvrienden. De deelneming was zeer bemoedigend en het concert buitengewoon. Anderzijds hield zij de jaarlijkse reis naar de Ardennen en wel meer naar Durbuy alwaar een concert gegeven werd.” (“DB”, september ’63)

Foto’s :

-De poster van de “Reuze Show-Avond”.

-Foto GvA : “De zoveelste dode aan een onbewaakte overweg.”

-Theo Fierens gaf muziekonderricht.



2705723-dc926b4eccdcf545604951b0dbf4b136.jpg

2705723-57d711a7db34474c9bb6da7b07c73484.png

2705723-995fe28127cef121d799d91509c2067a.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 10:43 Reageer op dit bericht

Wijzigingen - Aanvullingen

1963 – Septembernummer “De Band” : Soldaat F. Polspoel
-Soest : “Hier dan eindelijk een briefje uit het zonnige Soest. Ik ben hier nu een goede twee maand aangeland, en ik moet zeggen het is me nogal goed meegevallen. Na drie maand in Turnhout te hebben gewerkt slaap ik nu in Soest. Inderdaad de eerste maand in Turnhout was niet vet, de tweede en derde maand waren voor het opleiden als chauffeur. Hier heb ik dan nog een paar dagen scholing gevolgd voor het rijden met GMC en halftrack. Nu moet ik regelmatig bollen om de soldaten naar de oefeningen te voeren, ’t is dan dat ge het verschil ziet tussen chauffeur en infanterist, terwijl zij schieten en kruipen zit ik in de camion op afstand te kijken naar het gebeuren. Ik beklaag dan ook de gewone infanterist die de 10 frank daags niet gratis zal gekregen hebben. Er komen beslist nog wel slechtere dagen wanneer zij voor een paar weken op maneuvers gaan. Alhoewel in het 5de Linie voor de 80% uit de streek van Antwerpen is, heb ik hier nog geen enkele Leestenaar ontmoet, wel zijn er verschillende uit Mechelen en Willebroek die ik ken. Ik hoop wel eens een Leestenaar te ontmoeten, hij zal het hier zeker niet slecht hebben. Nu ga ik sluiten. Ik bedank meteen Milac voor hetgeen ze me al gestuurd hebben. Nog het beste aan alle Leestenaren en soldaten.”

-F. Polspoel uit Soest (decembernummer van 1963 “De Band”) : “Hier dan nog een briefje van een soldaat van uit een pas uit feest zijnde kazerne. Inderdaad de bataljonfeesten zijn pas achter de rug. Vele ouders en kennissen kwamen hier eens een kijkje nemen en ze waren getuige hoe goed en plezant het hier is in het 5de Linie. Maar ja, eens het bezoekend volk weg was deden ze met onze soldaten weer wat ze wilden. Waren de bataljonfeesten geslaagd, de kolonel mag er ons gerust een paar dagen verlof voor geven. Vooral de défilé, een vliegend vertrek met half-trucks dat in waaiervorm uiteen stoof was al een verplaatsing naar hier waard. Spijtig dat zo’n feest maar éénmaal in een gewoon soldatenleven voorkomt en maar drie dagen duurt. We hadden een kamp in zennelagen moeten doorworstelen. Ik overdrijf niet maar meer dan de helft hadden de laatste week rapport dokter gevraagd. Het was ginder koud en vochtig, ook in de tenten waar we sliepen op de grond op een stroozak. Daarbij hadden we weinig slapen want de oefeningen waren gewoonlijk ’s nachts met daarbij de nodige regen. Ik mag wel niet klagen want ik hield mij altijd droogjes in de cabien. Wel moest ik dikwijls aardige maneuvers doen met mijn camion, want bergjes en slijkerige putten waren ginder in overvloed. De drie weken gingen voor mij toch snel voorbij ; ondertussen is het in de kazerne toch een heel stukje beter, de chauffeurs moeten niet te veel doen, zijn doorgaans vrij van wacht, piket en karweien. We slaan hier zowat een apart rustig leventje. Voor mij is het hier altijd hetzelfde, de fuseliers naar hun oefeningen brengen. Maandag vertrek ik weer naar België met de camion voor een week waar de schutters de “Schaal Albert” zullen betwisten in Leopoldsburg. Daarmee ga ik sluiten. Nog de groeten aan alle Leestenaren, soldaten en De Band.”

1963 – Septembernummer “De Band” : Soldaat Frans VAN DEN HEUVEL
 -Leopoldsburg, 1963 : “Als rekruut werd ik naar Leopoldsburg gestuurd. Aan het station werden we afgehaald en onder geleide van MP’s naar het kamp van Beverlo overgebracht. Een kamp waar men in den beginne zou verloren lopen. Eerst en vooral kregen we de traditionele indeling in eskadrons, pelotons, kamers, enz. Ik werd hier ingelijfd in het 4de peloton bestuurders van de Pattontank M 47. De tweede dag hier op ons buitenverblijf op de heide kregen we onze volledige uitrusting. Daarna volgden drill, tactiek, radio en bewapeningslessen elkaar af. Onze eerste spuitjes zullen we pas eerst de 9de augustus krijgen, we krijgen dan ook 48 uren vrij van dienst. Wat het eten betreft, hierover wordt hier niet geklaagd alhoewel we hier met een 1000-tal rekruten zijn binnengekomen. We liggen hier met 22 op de kamer, een 10-tal Westvlamingen en een 10-tal Antwerpenaars. Over het weer hebben we hier evenmin te klagen gehad, niet te warm. Alleen vandaag heeft het hier geregend. Hiermee ga ik mijn eerste briefje sluiten en doe nog de beste groeten aan alle leden van Milac en alle soldaten van Leest.”

-Leopoldsburg, 1963 : “Eerst en vooral hartelijk dank voor De Band en het Parochieblad. De Band wordt hier op de kamer door eenieder gelezen, wat de mannen het meest interessant vonden, waren de militaire raadgevingen. Milac dient hiervoor gefeliciteerd en het weze tevens een steun om haar werk in de goede richting voort te zetten. Nu wat kazerneleven : de opleiding is hier achter de rug en nog een maand en half en het is hier afgelopen. Nu de specialisatie bezig is gaat de tijd veel vlugger vooruit. Dagelijks gaan we hier rijden met de tank en voor de rest krijgen we nog wat bewapening, tactiek, wegcode en militaire opvoeding. Het weder is hier zoals in Leest denk ik, regenen, regenen en om te veranderen nog eens regenen. De wacht en de piketdiensten volgen elkaar regelmatig op. Ik ga nu mijn briefje sluiten want mijn rust is bijna om en seffens moet ik terug de wacht op. De beste groeten aan alle Milac-leden en de soldaten van Leest.”

-Leopoldsburg, 1963 (“De Band”, december ’63) : “Eerstens, vooral hartelijk dank voor de “Zondagsvriend” en het “Parochieblad” die ik hier regelmatig krijg toegestuurd. Deze week is hier bijzonder druk geweest, afleggen van eindtesten en daarbij nog in alarmtoestand zijn. Gene vette hoor als ze u ’s nachts uit uw bed komen halen om u een paar uren te laten rondrijden in een camion. Toekomende week trekken we nog enkele dagen de heide in, want we moeten nog gaan schieten met de MI 30 en granaat werpen, en daarmee zal het hier afgelopen zijn. Ik denk dat dit mijn laatste briefje zal zijn uit Leopoldsburg want den 30 oktober vertrekken we naar Duitsland. De beste groeten aan Milac en alle soldaten.”

-Euskirchen, (“De Band” van december 1963) : Sedert 31 oktober werd ik overgeplaatst naar Euskirchen om er mijn verdere diensttijd te volbrengen. De omgevende natuur is hier heel wat schoner dan in Leopoldsburg. De kazerne is hier ook tiptop in orde, zuivere kamertjes en slechts 6 man per kamer in plaats van 22. Ik werd hier ingedeeld bij de 2de Lanciers, het is een der oudste regimenten van het Belgisch leger daar het reeds gesticht werd in 1830. Het maakte meerdere oorlogen mee. In 1948 werd het 2de Lanciers terug opgericht te Leopoldsburg en sinds april 1949 verblijft het in het garnizoen te Euskirchen. Euskirchen op zichzelf is maar een klein stadje met amper 20.000 inwoners en het ligt aan de M.O. rand van het Eifelgebergte, de voortzetting van onze Ardennen. Het is gelegen op plus minus 30 km van Keulen, Bonn en Düren. De afstand tot de Belgische grens bedraagt eveneens een 30 km. Het stadje is ontstaan rond de jaren 750 na Christus. Als bezienswaardigheid heeft men hier : -De St Martinuskerk uit de 12de eeuw. -De oude stadswallen met typerende torens. -Een station met sporthallen sportpleinen en een prachtige zwemkom. -Een zeer mooi park en bossen in de omgeving. Na al deze toeristische wenken ga ik sluiten, de beste groeten aan Milac en de Leestse soldaten.”

-Euskirchen, 1964 : “Hier dan nog een briefje uit Euskirchen met wat kazernenieuws dat eerder schaars is na een verlof van 12 dagen en voor een wachtperiode van anderhalve maand, daarna volgt dan nog een hele reeks van kampen en oefeningen. Voor ik naar hier kwam zei men me “Euskirchen heeft een mooie kazerne, maar ge ziet er weinig langs binnen”, en dit moet ik nu wel gaan geloven. Tijdens mijn verlof werd er me gevraagd naar de mogelijkheden van een tank, hier volgen er dan enkele van die mogelijkheden : PATTON M 47 : vermogen 810 PK. Gewicht:plus minus 45 ton. Hoogte : (met Mi 50 AA) 3.30 m. Lengte : kanon naar voor 8,5 m, kanon naar achter 7,10 m. Breedte : 3,5 m. Overschrijdingsmogelijkheden : breed 2,60 m, hoog 0,90 m, doorwading 1,2 m, helling 60%, kruissnelheid plus minus 50 km/u op de weg. Verbruik : inhoud benzinebakken 880 liter. Autonomie 7 tot 8 uur of 100 tot 120 km. Benzineverbruik plus minus 7,5 liter per km in ideale omstandigheden (80 MT Gas) plus minus 110 l per uur. Olieverbruik : max toegelaten : 5 l per uur. Ook nog eens dank voor de post : Zondagsvriend, Parochieblad en De Band. Een hartelijke dank ook in naam van alle Leestse soldaten, ook diegene die de grote show-avond niet hebben kunnen bijwonen, het bestuur van Milac en de Leestse bevolking ; het was werkelijk een knalavond en de bomvol gelopen zaal bewees eens te meer dat de Leestenaren meer dan een beetje over hebben voor hun soldaten. Voor Milac weze het tevens een morele steun om haar schoon werk in de goede weg voort te zetten, nogmaals hartelijk dank aan allen. Beste groeten aan alle Leestenaren en in ’t bijzonder de soldaten.”

-Euskirchen, 1964 : “Hier dan nog een briefje uit Euskirchen waar het oudejaar eveneens is gepasseerd. Zalig Kerstfeest en gelukkig Nieuwjaar wens ik aan alle sympathisanten van Milac en De Band. Hartelijk dank voor de post die ik krijg toegestuurd en die hier op de lange en harde winteravonden goed van pas komt. Wat het kazerneleven aangaat is het hier eerder kalm. Kalmte of stilte voor de storm zoals men zegt is het vooruitzicht van de kampen in Vogelzang en Höne. Wekelijks krijgen we hier natuurlijk ons rantsoen van dropping of nacht oefening. Vermeldenswaard is ook dat wij miliciens vanaf 1 januari aan een vaste maandwedde werken, dit dan terloops gezegd om het humeur van de toekomstige Leestse rekruten wat op te vrolijken. Ga ik eindigen met de beste wensen aan alle soldaten en Leestenaren.”

-Euskirchen : (“DB”, april 1964) “Hier dan nog een briefje met wat kazernenieuws. Voor het ogenblik hebben we het hier bijzonder druk, ons eskadron is hier gedurende 14 dagen van grote dienst en d.w.z. de ene dag wacht, de volgende piket, enz…, daarbij komt dan nog het in orde brengen van de tanks om op 14-daagse oefening te gaan naar Vogelsang, en dit is nog niet alles, dagelijks krijgen we hier een uur drill zoals in onze opleidingsperiode en dit dan in het vooruitzicht van de wacht die we zullen moeten doen aan het Koninklijk Paleis van 18 tot 31 mei. Het weder is hier ook al niet te fameus maar dat zal wel beteren naargelang de zomer komt en einde goed alles goed. Ook nog hartelijk dank voor de post, Zondagsvriend, Parochieblad en De Band die ik hier regelmatig krijg toegestuurd. Beste groeten aan alle soldaten, Milac-leden en lezers van De Band.”

-Vogelsang : “Eindelijk nog een briefje van een rekruut die nog enkele maanden moet doen. Na een kamp in Hölme, 14 dagen wacht aan het paleis te Brussel, die uitstekend is meegevallen, ben ik dan hier voor mijn laatste kamp in Vogelsang beland. Het weder is hier uitstekend, alleen ’s nachts is het een beetje koud in de tenten. De natuur is hier werkelijk wonderbaar, en wanneer men hier aan het meer ligt te luieren zou men zelfs gaan denken aan… Ook nogmaals hartelijk dank voor het parochieblad, De Band en de Zondagsvriend en dan in het bijzonder voor de Gazet van Antwerpen die ik hier momenteel dagelijks krijg. Nog een goeden dag aan alle Leestenaren en in het bijzonder aan de soldaten en aan allen een welverdiend en aangenaam verlof.”

-Euskirchen : “Men zegt wel eens, er is een tijd van komen en van gaan : wel voor mij is de tijd van gaan gekomen, nog een 2-tal dagen en de 12 maanden zijn achter de rug. Wat die 12 nutteloze maanden betekenen in het leven van een jong mens kan men onmogelijk onder woorden brengen in een brief, men zou er een gans boek kunnen over schrijven; ik ga er dan ook niet verder over uitweiden en de kwaadste en minder mooie dagen, wachten en piketten zo vlug mogelijk vergeten. Hetgeen voor mij wel betekenis heeft en dit zullen de andere Leestse soldaten moeten toegeven is het werk dat Milac presteert voor zijn soldaten. Ik durf u verzekeren beste lezers dat ik nooit heb moeten blozen voor hetgeen ik hier kreeg toegestuurd, want steden als Antwerpen, Mechelen en Lier konden zulks nooit ten beste brengen voor hun soldaten. Dit werd me meermaals openlijk door hen zelf toegegeven, wanneer ze er om lachten dat Leest nog niet eens op de landkaart te vinden was. Wat er ook van zij, bekende radio- en T.V.-vedetten vinden er toch hun weg wanneer er door Milac iets wordt ingericht. Ik hoop dan ook dat Milac nog lang op de steun van de bevolking mag rekenen alsmede op die van het gemeentebestuur. Tot slot moet ik Milac nog danken voor al de post die ik hier kreeg toegestuurd en in ’t bijzonder dan de gazet, welgekomen gazet tijdens de Ronde van Frankrijk.”

Frans Van den Heuvel was te Leest geboren op 9 mei 1944. Hij was leraar en gaf o.a. les aan het Stedelijk Instituut voor Technisch Onderwijs, de Middelbare Technische Normaalschool, de school voor Technisch Ingenieurs, het Stedelijk Instituut voor Sociale Promotie, het Koninklijk Atheneum Lyceum en het Centrum voor Volwassenonderwijs, telkens te Mechelen. Hij was gehuwd met Anny Heylen en overleed in het U.Z. te Edegem op 27 oktober 2006. Frans was vereerd met het bronzen-, zilveren- en gouden ereteken van het Rode Kruis. De erkentelijkheidsmedaille van het Rode Kruis met zilveren palmen en de Burgerlijke medaille 1e klas. Hij was lid van de Koninklijke Oud-Leerlingenbond S.I.T.O; & C.V.O. Mechelen. Lid van het Koninklijk Geschied- en Oudheidkundig genootschap van Vlaams-Brabant. Lid van de Vlaamse Vereniging voor Familiekunde. Lid van de Heemkundekring “Hoembeka”. Lid van de Heemkundekring “De Semse”. De plechtige uitvaart vond plaats in de parochiekerk Sint Martinus te Hombeek op zaterdag 4 november 2006 om 11.15 uur gevolgd door de asverstrooiing op de begraafplaats van Hombeek.

Foto’s :
-De kazerne van Euskirchen.
-Een Patton M 47.
-Frans Van den Heuvel, jaren na zijn soldatentijd.



2705617-b14731faf756f6b21d7c09234c2bbe45.jpg

2705617-62638641dc2369c937d07c69dfbb8413.jpg

2705617-10a4dcce32e6fdc0b5d60b16f314588f.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 15:32 Reageer op dit bericht

Wijzigingen - Aanvullingen

1963 – 17 augustus : Huwelijk Willem Lauwens met Anny De Prins
Ter gelegenheid van het huwelijk van een bestuurslid of muzikant van de Kon. Fanfare Sint-Cecilia, eventueel van een zoon of dochter van een bestuurslid, werd een serenade gegeven. Een dergelijk optreden diende van oudsher te worden aangevraagd bij het bestuur. Meestal op de huwelijksdag zelf trok de fanfare dan met muziek naar de plaats waar het huwelijksfeest werd gegeven. Tot de vijftiger jaren werden feesten meestal thuis bij de bruid gevierd. Vanaf ongeveer 1960 werd er meer en meer gebruikgemaakt van feestzalen. Doorgaans werd er in de vooravond opgetreden. Voor de woning van de bruid stond het jonge paar in de deuropening te luisteren naar de serenade. Op dergelijke gelegenheden werden korte stukjes gespeeld en aan het eind van de plechtigheid mocht de bruidegom nog vragen zijn lievelingsstuk te spelen. De woordvoerder van de fanfare hield tussen de muziekstukjes door een gelegenheidstoespraak met de nadruk op het verdere levensgeluk van het jonge paar, maar ook op hun trouw aan de muziekvereniging… (“Leest in Feest” Stan Gobien)

Onderaan een foto van de optocht naar de feestzaal voor de serenade van het huwelijk van muzikant Willem Lauwens met Anny De Prins te Tisselt op 17 augustus 1963 en Willem en Anny jaren later.

1963 – 25 augustus : Uitstap St.-Cecilia
De Koninklijke Fanfare St.-Cecilia organiseerde een rondrit in de Ardennen met als einddoel Durbuy, het kleinste stadje van België. Daar werd ook een concert gegeven.

1963 – 26 augustus : Zuster Maria Dominika (Melanie De Wit) vertrok naar haar missie
Een tijdje nadien schreef ze, vanuit Coquihatstad (of Coquihatville, thans Mbandaka) volgende brief naar “De Band “ : “Van uit Kongo kom ik U nogmaals danken voor Uw liefdevolle bezorgdheid en goedheid. Ook al de parochianen dank ik eveneens voor hun milde steun en hun blijken van genegenheid voor de missie en de missionarissen. Op 26 augustus, om 9 u ’s avonds vertrok ik weer naar mijn geliefde missie. In de vroege morgen kregen we een geweldig onweer zodat iedereen verzocht werd de veiligheidsgordels vast te maken. De Boeing die meer dan 12.000 m hoog vloog kwam er doorheen en na een goed half uur was het ergste voorbij. Om 5 u in de morgen zijn we veilig in Leopoldstad geland. Na de nodige formaliteiten stapten we in een kleiner vliegtuig en om 7 uur vertrok de ‘vier motor’ die ons naar Coquihatstad zou brengen. Na een uur vliegen werd ons gezegd weer de veiligheidsgordel dicht te maken want weer moesten we door een zwaar onweer. Nu heeft de piloot een klein toerke gemaakt en zo het ergste van het onweer kunnen vermijden. Te 9 uur kwamen we te Coquihatstad aan in een plassende regen. Het slechte weer en de regen van België waren ons dus gevolgd naar Kongo. Gelukkig maar voor één dag want vandaag schijnt weer de Evenaarszon en wijst de thermometer weer meer dan 30 graden in de schaduw. Op het vliegveld werden we verwelkomd door onze medezusters. Een uur later stapten we weer ons huis binnen, blij dat die reis achter de rug was en gelukkig weer in onze geliefde missiepost te zijn aangekomen. Bij onze aankomst vernamen we dat de klassen waarschijnlijk een paar weken later zullen beginnen. De minister van onderwijs schijnt die maatregel te nemen om te voorkomen dat het inlands onderwijzend personeel in staking zou gaan. Hij hoopt dat de achterstallige en onregelmatige betalingen tegen begin oktober zullen in orde komen. Moest dat waar zijn dat zou veel ontevredenheid bij de mensen wegnemen en het onderwijs zou er veel bij winnen. Bid met ons voor de bloei en de groei van het katholiek onderwijs en dat we door onze scholen, die de toekomst van Kongo zijn, mogen meewerken om dan dat schone en zonnige land de plaats te mogen gunnen die het in de samenleving verdient. Eerwaarde Heer Pastoor, Eerwaarde Heer Onderpastoor en al Uw parochianen, aanvaardt nogmaals mijn besten dank en mag ik u vragen ons te blijven steunen door een vurig gebed.                      Eerbiedig en dankbaar, Z.M. Dominika.”

1963 – 30 augustus – G.v.M. : Canadaboompjes gestolen te Leest

“Uit een bosje gelegen aan de Bist werden door onbekenden 8 canadaboompjes gestolen ten nadele van Prion-Pansius Armand uit Waver.”

1963 – September : Ongevallen
“De eerste dag van het nieuwe schooljaar werd de genaamde Martin Mollemans, die in gezelschap was van zijn moeder, aan de Hoogbrug te Mechelen zijdelings aangereden door een bromfietser. Beiden vielen ten gronde. De jongeling had echter, na vaststelling door een dokter, een vingerbreuk opgelopen.” (DB,augustus 1963)

-Onze dorpsgenoot Alfons Huys werd op de steenweg naar Gent te Mechelen, rijdende op zijn bromfiets, aangereden door een auto bestuurd door R. Meuleman uit Ukkel. Hij werd gewond aan het voorhoofd en liep een vingerbreuk op.” (DB, oktober 1963)

Foto’s :

-De optocht naar de feestzaal voor een serenade van de trouw van Willem Lauwens met Anny De Prins. (Foto “Leest in Feest”)

-Willem en Anny op oudere leeftijd.

-Twee afbeeldingen van Melanie De Wit (Zuster Maria Dominika).

-Martin Mollemans als volwassene.



2705285-005c3eb7eb2a4577d5c4781e2e42c759.jpg

2705285-862e08f35e7b8eae642f5a7351cdfef6.jpg

2705285-a207aef5443fcfeafc7f6882b9e4a221.JPG

2705285-402f83824669ffb041a5ab9c95d9e741.jpg

2705285-278174a1fdc038d61b718b80fd47e5d5.jpg

2705285-9d81f5aa6b031f8da91a1d12ad67d2ee.jpg

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 09:04 Reageer op dit bericht

Wijzigingen - Aanvullingen

1963 – 20 op 21 juli : Vreselijk ongeval
In de nacht van 20 op 21 juli 1963 werden Willy Lauwers en Alb. Nuytkens het slachtoffer van een vreselijk ongeval. “Het deed zich voor te O.L.Vrouw Waver op de wijk “Stalen Muur”. Alles was in een handomdraai voorbij, auto over kop geslagen, via een beek tegen een boom geslingerd. De inzittenden werden door het autodak geslingerd en bleven als dood ten gronde liggen. De gevolgen waren verschrikkelijk, beiden werden in zorgwekkende toestand naar klinieken overgebracht. Ook de auto werd zeer zwaar beschadigd.” (De Band, augustus 1963)

1963 – 29 juli : Verzet tegen de schoolbus van Kapelle-op-den-Bos
Afschrift van een brief tot de inwoners, gepubliceerd in De Band, augustus 1963 : Beste Dorpsgenoten, De Heer Burgemeester en Schepenen van de gemeente Leest verbieden ten strengste de halten die voorzien zijn, alsmede al de andere halten die zouden kunnen gemaakt worden op ons grondgebied, met de schoolbus van Kapelle-o-d-Bos. Wij zelf hebben onze schoolbus die regelmatig zal blijven fungeren, we zouden niet graag zien dat er een schoolstrijd zou ontstaan. De geestelijke en wereldlijke overheid verzetten zich met kracht tegen de schoolbus van Kapelle op het grondgebied van Leest. Mocht het bestuur van de school van Kapelle toch handelen, moeten wij verdere maatregelen treffen.
          De Burgemeester (get.) E. Verschueren.”

1963 – 30 juli – G.v.M. : Kind gewond
 “Op de Kleine Nieuwendijk gebeurde een aanrijding tussen een tractor met opligger bestuurd door J. Teck uit Willebroek en een landbouwtractor met aanhangwagen gevoerd door Verbruggen uit Leest en een gestationeerde personenwagen van Ser. Schelfaut uit Peutie. Het kind Prischard uit Prentbeach dat in de auto had plaats genomen werd gewond.”

1963 – 6 augustus – G.v.M. : Fietser tegen auto
Op de Mechelsesteenweg te Blaasveld deed er zich een aanrijding voor tussen de wielrijder Leo Van Dam uit Blaasveld en de vrachtwagen bestuurd door Alfons Van Linden uit Leest. Eerstgenoemde werd gewond en diende geneeskundige zorgen te krijgen.

1963 – 9 augustus – G.v.M. : Advertentie
“Volle gast broodbakker gevraagd. Hoog loon, vijfdagenweek, dinsdag en zaterdagnacht vrij. Zich wenden : bakkerij Hellemans, Dorpstraat 42, Leest.”
In 1960 hadden Fons Hellemans en Amelie Portael de bakkerij van Albert Piessens overgenomen. (Meer hierover in deze Kronieken : 13/9/1966)

1963 – 9 augustus – G.v.M. : Het grote probleem voor Leest : woningbouw om krotten te vervangen
“Leest is nog een typische buitengemeente. Een zeer groot procent landbouwbedrijven, veelal nog geschoeid op de oude leest. Groentenkweek vervangt veel te langzaam de landbouw. Van expansie en moderne woningbouw nog niet veel te merken. Kortom, een dorp waar het misschien rustig is om te wonen maar waar men eerder aarzelend schijnt mee te gaan met de tijd.

                                             Meer dan 50% ongezonde woningen
Leest telt 1862 inwoners, getal dat de laatste jaren omzeggens niet wijzigde tenzij met een paar eenheden. Er is wel jaarlijks een geboorteoverschot maar de uitwijkelingen slorpen dit ruimschoots op. Er zijn 447 woningen in Leest, maar hiervan zijn er heel wat die als krotten mogen worden bestempeld. Volgens ons onderzoek moeten de woningen als volgt worden ingedeeld : gezonde : 153; weinig comfortabele : 37; ongezonde maar verbeterbare : 153, waarvan 59 zeer slecht. Op een totaal van 447 een indrukwekkend getal ongezonde woningen dus. Nu moet volledigheidshalve onderstreept dat het gemeentebestuur ter zake niet onverschillig is, en naar verluidt plannen heeft om een hele serie huizen te bouwen langsheen de Kouter, waar grond ter beschikking ligt. Plans werden opgemaakt, maar werden afgekeurd. Men kreeg dan plans opgemaakt door officiële instanties maar daar zijn dan weer de liefhebbers niet voor te vinden. En zo blijft de toestand al te lang voortduren. Ook op stuk van hygiëne zijn er aan de bestaande woningen heel wat tekorten of geven de bewoners blijk van verregaande onverschilligheid tegenover de moderne opvattingen inzake hygiëne. Om dit te bewijzen citeren we dat slechts weinig woningen een Engelse wc met spoeling hebben en dat er slechts 9 woningen zijn met goed water. Zelfs nieuwgebouwde woningen worden in sommige gevallen niet voldoende hygiënisch uitgerust. Hopelijk komt hierin verbetering wanneer de waterleiding zal zijn aangelegd.

                                                    Landbouw nog hoofdzaak
Leest heeft nog 141 landbouwexploitaties waaronder slechts een paar tientallen die ook aan groentenkweek doen. Enkelen passen reeds serrencultuur toe. Voornamelijk kweken de hoveniers : bloemkolen, spruiten, spinazie, asperges, witloof. De mentaliteit is er evenwel nog niet bij de landbouwers om over te schakelen naar specifieke groentenkweek, naar het voorbeeld van St-Katelijne-Waver. Daar ligt nochtans de toekomst voor de landbouwerszonen, die toch open oog hebben voor de huidige evolutie. Tal van studies en publicaties hebben toch reeds voldoende onderstreept dat de landbouwers in onze gewesten in hun eigen belang moeten overschakelen naar tuinbouw en groentenkweek. Het grootste gedeelte van de actieve mannelijke bevolking is, zoals in de andere randgemeenten in het Mechelse, loontrekkende. Hiervan zijn een aanzienlijk aantal tewerk gesteld in de Eternitfabrieken te Kapelle-op-den-Bos en in het Arsenaal te Mechelen. De verbindingen met Mechelen laten echter -en dit reeds zeer vele jaren- te wensen over. Er zijn nochtans drie uitwegen naar Mechelen, de Kouter over Hombeek, de steenweg op Heffen en de baan langs de Battelse bergen. Geen van deze drie banen is ooit in goede staat geweest. Gelukkig voor de weggebruikers komt er schot in de zaak van de verbindingswegen. De Kouterbaan is in herstelling en zal, eens afgewerkt, een goede verbinding vormen met het industriepark van Schonenberg. De baan naar Heffen wordt kortelings in aanbesteding gesteld, zodat over Battel een goede verbinding met de grote baan zal tot stand komen. Naar verluidt zou een Mechelse constructiefirma wachten op deze nieuwe baan om er zich met een nieuwe fabriek te komen vestigen.

                                                     De Battelse Bergen   
De slechtse baan maar ook de kortste naar Mechelen is de steenweg die langs de zogenaamde Battelse Bergen loopt en steeds archieslecht is geweest. Maar dat kan de gemeente Leest niet worden ten laste gelegd, daar deze baan Mechels grondgebied is. Er werd door Leest en door de organisaties van deze gemeente al heel wat geschreven en geprotesteerd op de slechte en gevaarlijke toestand van die Battelse Bergen. Als resultaat werd het smalle fietspad met een laag cutback belegd. Er zijn ter zake ook al heel wat beloften gedaan tijdens verkiezingsmeetings en kortelings zal dat weeral gebeuren, maar intussen blijven de Battelse Bergen een kruis voor de vele weggebruikers per fiets, bromfiets of auto.”

Foto’s :

-Burgemeester Miel Verschueren verzette zich tegen de schoolbus uit Kapelle-op-den-Bos.

-Fons en Amelie Hellemans-Portael zochten een vaste broodbakker via een advertentie in Gazet van Mechelen.

-De bedevaarders van Scherpenheuvel in de jaren ’60 passeren het fabriekse te Battel via de erbarmelijke Battelse Bergen.



2704904-23d03c9b4bb342870d8033aedd719972.jpg

2704904-06a930c892daaaf535ee90eeaac9bbfc.png

2704904-e3f4aeb8969e07df5758fb05f915e2ff.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 17:23 Reageer op dit bericht

Wijzigingen - Aanvullingen

1963 – Zondag 14 juli : Liefhebberskoers te Leest
34 vertrekkers. De uitslag : 1. Battle Eddy (Willebroek) 117 km in 3 uur 2 min. 2. Staldeur Emiel. 3. Verbruggen Willy. 4. Cartuyvels Louis. 5. Van Huynder Hugo. 6. Van Epperzeel Frans. 7. Kerremans Frans. 8. Van Buggenhout Emiel. 9. Badts August. 10. Blommaert Petrus. 11. Baetens Louis. 12. Selleslagh Frans. (Foto onderaan) 13. Adriaenssens Gustaaf. 14. Schaerlaecken Karel. 15. Van Dijck André. (GvM, 15/7)

1963 – Van 15 op 16 juli : Auto tegen omheining
In de nacht van 15 op 16 juli kwam de auto bestuurd door Doms van Leest tegen de omheining terecht van het huis van Lemmens in de Scheerstraat. (DB)

1963 – Dinsdag 16 juli : Noodlanding te Leest
“Op maandag 15 juli stelden inwoners vast dat een zweefvliegtuig in moeilijkheden was geraakt en een noodlanding maakte in het bloemkolenveld van A. Emmerechts. De bestuurder was een 18-jarige Franse piloot uit Parijs die aldaar was opgestegen om een vlucht van 300 km te volbrengen met als doel Holland. Noch piloot, noch toestel liep schade op. Er was een enorme belangstelling vanwege het publiek. Lang duurde het echter niet, want met de hulp van bereidwillige dorpsbewoners werd het toestel gedemonteerd en kon het weggebracht worden.”(DB,1963)

G.v.m. van 17 juli daarover : Zweefvliegtuig maakt noodlanding te Leest. Jonge Franse piloot ongedeerd. “Rond 03u30 is een zweefvliegtuig van de Rijselse Avialsa, kenletters A. GO nr. 8, te Leest op het bloemkoolveld van landbouwer August Emmerechts op de Leestse Kouter geland. Het zweefvliegtuig was bestuurd door de 18-jarige Franse piloot René Laflechelle uit Rijsel. Dezelfde dag opgestegen te Rijsel rond 1 uur, had de jonge piloot een vlucht voor de boeg van 300 km naar Holland. Boven Mechelen moest de piloot evenwel een noodlanding maken bij gebrek aan geschikte en voordelige luchtlagen. De jonge piloot liep niet het minste letsel op bij deze noodlanding, die in de beste voorwaarden geschiedde. Ook aan het zweefvliegtuig was geen averij aangebracht en zelfs de landbouwgewassen waren niet beschadigd. Vanzelfsprekend was er veel belangstelling en bereidwillige dorpelingen hielpen de jonge piloot zijn machine demonteren en wegbrengen.” (Foto onderaan)

1963 – Van 20 tot 30 juli : Bivak Chiro-Jongens Veertig jongens brachten hun bivak door te Wezemaal
“Al wie de gelegenheid had de voorbereiding tot het Bivak gade te slaan, moet er wel van overtuigd worden wat moet gedaan om alles in orde te brengen. Van te voren, omzendbrieven met inlichtingen en oproepen rondhalen van alles wat dienen kan, alles ingepakt tot wanneer de dag van het vertrek dan toch eindelijk was aangebroken. En dan ? Kamion laden, al het gepak, potten en allerhande gerief, iedereen in ’t harnas, een handje toegestoken en dan, ja dan kwam er beslist schot in, want de kamion ging aan ’t rollen, de Kouter uit, richting Mechelen en dan naar de bivakplaats. De kerels waren reeds weg, de knapen waren verzameld aan de kerk, en wanneer leider Karel aangereden kwam, sprong meteen iedereen op zijn fiets om dezelfde richting te nemen, einddoel Wezemaal ! De burchtknapen in groepjes (de wagens stonden klaar) en samen met de bivakmoeders op hun beurt naar betere oorden. Reeds een paar dagen nadien werd er bezoek gebracht te Wezemaal; (Noot : bezoek van ouders en familie) de knapen werden bedacht met een appelsien en een appel, de bivakmoeders werden zeker niet vergeten. Van de jongens waren er velen weg, knapen per fiets, de burchtknapen met een autobus naar Aarschot om te…zwemmen. Iedere dagindeling werd stipt gevolgd en er werd ons gezegd dat die schare jongens, bij bedtijd, o zo rap in de armen van Morpheus lagen…hoe kon het anders ?? Andere bezoekers hadden meer geluk ! Zij vonden iedereen op de kampplaats en konden zien hoe die rakkers eruit zagen en zich vermaakten. Hoe prachtig die bivakplaats, boven op een berg, een mooi zicht op het omliggende, schoon onder een stralende zon ! Niet te verwonderen dat er goed gegeten werd, en welke spijzen op wat een puike wijze klaar gemaakt werden door de bivakmoeders ! Ook zij zijn gelukkig het zware labeur te kunnen doen ter wille van de jeugd. Wie kan zich het werk voorstellen dat er moet gedaan worden ? Van de vroege morgen tot de late avond steeds in de bres, onafgebroken zorgen voor die jongens die hun werden toevertrouwd ! Het spreekt voor zichzelf dat de dagen slonken, dagen gevuld door allerhande variërende dingen zoals spelen, wandelingen, berg op en berg af, zwemmen, enz. Omzeggens was er regelmatig bezoek, wat weer eens onderlijnd dat de Chiro zeer sympathiek aangeschreven staat, nog meer onderschreven door de talrijke giften die zijn rondgehaald. Ja, en zo was het dan toch dinsdag 30 juli 1963, de dag dat moest afscheid genomen worden van Wezemaal en wederom het klaarmaken van valies en rugzak, wederom het laden en tassen van alles wat terug mee moest en dan een laatste groet aan de bivakplaats waar zovele aangename uren zijn doorgebracht in een geest van echte kameraadschap. En daar rolde de vrachtwagen met het ganse bezit, de anderen volgden dezelfde richting, naar het stille Leest waar iedereen zich weer graag zal thuisvoelen, want al was het bivak een welgekomen gelegenheid om van de vrije natuur te genieten en los te zijn van alles, toch bleef in ieders hart het Oost-West, thuis best, kloppen. En nu weer tot volgend jaar ! Thans met 40 jongens, volgende maal met 50 verzekert ons Karel, en we wensen het toe, hoe meer zielen, hoe meer vreugde, hoe meer Chirojongens onder hetzelfde banier. Maar waar naartoe…? Dat zijn zorgen voor later !!” (DB)

De Jongenschiro 1963-1964
Proost : onderpastoor Jan Verbist. Hoofdleider : Karel De Borger. Leiders : Hendrik Verbeeck, Roger Silverans, Wilfried Hellemans.
In 1963 telde de Chiro 4 leiders, 22 Burchtknapen, 20 Knapen, 11 Kerels en 1 Aspirant en betaalden de Chirojongens 330 Belgische frank lidgeld aan Chiro Nationaal.
De Chiro had een muziekkapel met 5 trompetten, 5 trommen en 3 landsknechten. In 1964 gingen de jongens 8 dagen op bivak naar Lichtaart, Heideheem, Regina Pacis. (“Het ontstaan van de Chiro van Leest.” Hugo Lauwens)

Foto’s :

-Leestenaar Frans Selleslagh eindigde 12de in de liefhebberskoers van 14 juli.

-Foto G.v.M. 18/7/63 : “Op onze foto van 18 juli in GvA ziet men hoe het zweeftoestel, nadat de vleugels waren gedemonteerd, door bereidwillige handen werd weggedragen. Vooraan herkennen we Jan Spoelders en als derde drager vermoedelijk Jan Casteels, Leestenaars die een handje kwamen toesteken.

-Chirofoto’s uit die periode. Herman Van de Poel met bal, onder Theo Huysmans en Karel De Borger.

-Op de volgende foto vooraan van links naar rechts : Roger Silverans, Sylvain Van den Avond en Herman Van de Poel. (Chirofoto’s van Hugo Lauwens)



2704297-1fd40fe9dda3676c793517764effa0d3.jpg

2704297-0947f1c058c68589d91d5ce0557fed20.png

2704297-5110014483a04ada3e6e956272a1bb40.jpg

2704297-b7fe949c6cca67e64330b5303de936e2.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Marcel Van Hoof om 10:37 Reageer op dit bericht

Meer van Kronieken van Leest

↑ Terug naar de berichten