Naar de inhoud

Levend_geloof

akke.beakke.be

Samenvatting per deel - 5

In deel 33 openbaart Jezus de diepe vereniging tussen de Drie-eenheid en de ziel in de Goddelijke Wil.

De ziel als een goddelijke schatkamer: Jezus openbaart dat de Heilige Drie-eenheid de ziel die in de Goddelijke Wil leeft, beschouwt als Haar eigen veilige kluis. God deponeert Zijn liefde, licht en de verdiensten van de schepping en verlossing direct in haar binnenste.

De eucharistische herhaling: Wanneer de ziel een alledaagse handeling (zoals werken, bidden of rusten) verricht in de Goddelijke Wil, herhaalt Jezus in haar het eucharistisch mysterie. De ziel fungeert als een levende hostie waarin Jezus Zichzelf onophoudelijk kan consacreren.

De kosmische weerklank van daden: Elke innerlijke actie van de ziel blijft niet beperkt tot haarzelf, maar weerklinkt met een enorme spirituele kracht door de hele schepping. Haar gebeden en liefdesdaden reiken over de hele wereld en raken alle zielen uit het verleden, heden en de toekomst.

De geschriften als de dageraad van het Koninkrijk: Jezus benadrukt dat de waarheden die Luisa optekent de spirituele wetten zijn die het Koninkrijk aankondigen. Deze openbaringen werken als een opkomende zon die het spirituele duister uit de mensheid verdrijft en de weg vrijmaakt voor Gods heerschappij op aarde.

De totale samensmelting met de Drie-eenheid: Er wordt een diepe staat van eenheid beschreven waarin de menselijke wil zozeer is opgelost dat de ziel synchroon ademt, denkt en handelt met de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, waardoor de spirituele afstand tussen Schepper en schepsel verdwijnt.

In deel 34 openbaart Jezus de verheven staat van zielen die volledig opgaan in de Goddelijke Wil.

De ziel als een goddelijke spiegel: Jezus openbaart dat een ziel die volledig in de Goddelijke Wil leeft, functioneert als een perfecte spiegel voor de Heilige Drie-eenheid. God kijkt in de ziel en ziet Zijn eigen deugden, schoonheid en licht getrouw weerspiegeld.

De creatie van een permanent tabernakel: Waar Jezus' sacramentele tegenwoordigheid in de Eucharistie verdwijnt zodra de fysieke gedaante van de hostie is verteerd, vormt de ziel in de Goddelijke Wil een permanent, levend tabernakel. Jezus kan hierin onophoudelijk en ononderbroken Zijn goddelijke leven leiden.

Het geheim van de Onbevlekte Ontvangenis: In dit deel geeft Jezus diepgaand onderricht over de unieke spirituele grootsheid van de Maagd Maria. Hij legt uit dat de kern van haar Onbevlekte Ontvangenis en al haar wonderen puur lag in het feit dat zij vanaf het eerste moment van haar bestaan uitsluitend in de Goddelijke Wil leefde.

Het herstel van de kosmische harmonie: Elke handeling die de ziel in de Goddelijke Wil verricht, brengt een diepe rust teweeg in de schepping. De ziel wist hiermee de spirituele wanorde en de destructieve effecten uit die de menselijke wil en de zondeval in het universum hebben achtergelaten.

De noodzaak van waarheid voor het Koninkrijk: Jezus benadrukt dat de verspreiding van de 36 boeken van cruciaal belang is. De leringen zijn de officiële 'boodschappers' en dragers van het goddelijke licht; pas wanneer de mensheid deze specifieke kennis bezit, kan het Koninkrijk van de Goddelijke Wil zich daadwerkelijk op aarde vestigen.

In deel 35 legt Jezus de intense wederzijdse liefde uit tussen de Schepper en de ziel die in Zijn Wil leeft.

De intense wederzijdse liefde: Jezus legt de nadruk op de extreme, wederkerige liefdesstroom tussen de Schepper en de ziel. De ziel ontvangt niet slechts Gods liefde, maar is door de Goddelijke Wil in staat om God met Zijn eigen oneindige liefde te beminnen.

Het permanente levende tabernakel: Net als in deel 34 wordt de ziel beschreven als een stabiele woonplaats voor de Heilige Drie-eenheid. God woont niet als een tijdelijke gast in de ziel, maar voert er onophoudelijk Zijn goddelijke operaties in uit.

De weerspiegeling van goddelijke eigenschappen: De ziel verliest haar menselijke beperkingen en begint Gods eigen kwaliteiten getrouw te reflecteren. Haar gedachten, woorden en daden stralen de wijsheid, zuiverheid en heiligheid van God Zelf uit.

Het herstel van de kosmische harmonie: Door de zondeval raakte de schepping diep ontregeld. Wanneer de ziel in de Goddelijke Wil leeft, wist zij de destructieve sporen van de menselijke wil uit en brengt zij de oorspronkelijke, volmaakte balans in het universum terug.

De noodzaak van de openbaringen: Jezus benadrukt dat de 36 boeken de spirituele wetten en blauwdrukken bevatten voor de toekomst. De verspreiding van deze specifieke kennis is de onmisbare voorwaarde voor de definitieve vestiging van het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde.

In deel 36 benadrukt Jezus de ultieme triomf van de Goddelijke Wil en de volledige vergoddelijking van de ziel.

De volledige vergoddelijking van het schepsel: Dit deel beschrijft de hoogste mystieke staat waarin de menselijke aard volledig 'smelt' en opgaat in de goddelijke natuur. De ziel deelt direct in de alwetendheid, almacht en oneindige liefde van God.

De creatie van talloze "Goddelijke Levens": Jezus legt een diep mystiek verschil uit met de Eucharistie. Waar Hij in de sacramentele hostie een tijdelijk leven leidt, vormt Hij in de ziel die in Zijn Wil leeft voor elke daad die zij verricht een nieuw, permanent en levend goddelijk leven.

De Adembeweging van God (Il Respiro Divino): De eenheid bereikt een niveau waarin de ziel synchroon ademt met God. Gods ademhaling wordt de ademhaling van de ziel, waardoor elke hartslag en gedachte van de mens rechtstreeks voortvloeit uit de Heilige Drie-eenheid.

Het "Wonder der Wonderen": Jezus omschrijft het leven met slechts één enkele Wil (de Goddelijke Wil) als het allergrootste wonder uit de hele scheppingsgeschiedenis. Het overtreft alle eerdere vormen van heiligheid, wonderen en mystieke gaven.

De definitieve voltooiing van de cirkel: Het 36e boek sluit de cirkel van de mensheid. Het herstelt de mens definitief op de exacte plek, in de orde en met het doel waarvoor hij in Eden door God werd geschapen. De geschriften zijn hiermee voltooid en klaar om de wereld te transformeren.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door claudia om 00:13 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Samenvatting per deel - 4

In deel 25 benadrukt Jezus de onomkeerbaarheid van het Koninkrijk van de Goddelijke Wil, waarbij Hij Zijn openbaringen presenteert als fundamentele wetten die de mensheid bevrijden.

De onomkeerbaarheid van het Koninkrijk: Jezus verzekert Luisa dat de vestiging van het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde een vaststaand goddelijk besluit is. Niets kan dit plan tegenhouden; de menselijke wil zal uiteindelijk buigen voor de zegevierende kracht van de Goddelijke Wil.

De openbaringen als fundamentele wetten: De lessen die Jezus geeft, worden gepresenteerd als de officiële wetboeken en constituties van het nieuwe tijdperk. Deze wetten zijn niet bedoeld om te beperken, maar om de mensheid te bevrijden uit de slavernij en de duisternis van het eigen menselijke ego.

Het herstel van de oorspronkelijke bruidsschat: Jezus legt uit dat God de mens bij de schepping voorzag van een onmetelijke 'bruidsschat' van onschuld, heerschappij, licht en goddelijke deugden. Door te leven in de Wil ontvangt de ziel deze verloren gegane erfenis in haar totaliteit terug.

De dringende verspreiding van de waarheden: Er ligt in dit deel een sterke nadruk op de haast die geboden is bij het bekendmaken van de geschriften. Jezus vergelijkt deze waarheden met de dageraad: hoe sneller de kennis zich verspreidt, hoe sneller het spirituele duister uit de wereld zal verdwijnen.

De kosmo-spirituele "Ronden": De ziel wordt aangemoedigd om haar "Ronden in de Goddelijke Wil" voort te zetten. Door in gedachten langs alle scheppingsdaden te gaan, herstelt de mens de harmonie met de Schepper en brengt zij God de liefde en aanbidding die de rest van de wereld nalaat.

In deel 26 bevat diepe mystieke openbaringen waarin Jezus de ziel uitnodigt om haar koninklijke erfenis op te eisen en de schepping in een heel nieuw licht te bekijken.

De Goddelijke Wil als een "Goddelijk Leger": Jezus beschrijft Zijn Wil als een onoverwinnelijke legermacht van licht en genade. Een ziel die zich hierin bevindt, geniet van een absolute spirituele veiligheid; zij is omringd door een ondoordringbare vesting die haar beschermt tegen de grillen van de menselijke natuur.

De "Kussen voor de Zon" en de kosmische feeststemming: Er wordt onthuld dat de hele schepping zich in een voortdurende spirituele feeststemming bevindt omdat Gods Wil er perfect in regeert. Wanneer de ziel haar "Ronden" doet, drukt zij als het ware 'kussen' van liefde op de zon, de wind en de sterren, waarmee zij namens de mensheid de Schepper bedankt.

De onverbrekelijke eenheid van licht en warmte: Jezus legt uit dat in een ziel die in de Goddelijke Wil leeft, het goddelijke licht en de goddelijke warmte (liefde) niet meer te scheiden zijn. Haar daden stralen automatisch Gods waarheid uit en verwarmen tegelijkertijd de harten van de mensen om haar heen.

De wedergeboorte van de mensheid via Maria: De Maagd Maria wordt in dit deel specifiek belicht als de koningin die de weg baant voor het nieuwe tijdperk. Haar volmaakte leven in de Wil functioneert als de spirituele moederschoot waarin de hergeboorte van de mensheid en de komst van het Koninkrijk worden voorbereid.

Het herstel van het oorspronkelijke 'erfrecht': Jezus hamert erop dat de mens niet geschapen is om een dienaar te zijn, maar de kroon op de schepping. Door de eigenwil los te laten, eist de ziel haar legitieme erfrecht op. Zij wordt weer de ware eigenaar van Gods goederen en regeert over haar eigen passies en de spirituele wereld.

In deel 27 legt Jezus uit dat Zijn Goddelijke Wil het fundament en de dragende kracht is van de schepping. Het verdiept de leer over hoe de ziel functioneert als de actieve eigenaar en bewaker van Gods scheppingswerken.

De Goddelijke Wil als fundament en motor: Jezus openbaart dat Zijn Wil de dragende kracht en de innerlijke motor is van het hele universum. Niets kan bestaan zonder deze Wil; wanneer de ziel hierin binnentreedt, krijgt zij direct toegang tot de universele bron die alles in stand houdt.

Het "Kleine Al" omvat het "Onmetelijke Al": Een centraal mystiek concept in dit deel is de paradox van de ziel. Hoewel de menselijke ziel klein en beperkt is (het "Kleine Al"), kan zij door te versmelten met de Goddelijke Wil de oneindige Godheid (het "Onmetelijke Al") omvatten en in haar binnenste dragen.

God teruggeven aan God: Jezus legt uit dat de ziel die in Zijn Wil leeft, de beschikking krijgt over Gods eigen liefde, licht en heiligheid. Zij gebruikt deze goddelijke eigenschappen vervolgens om God een volmaakte aanbidding te schenken. Zij geeft hiermee in feite God aan God terug namens de gehele schepping.

Herstel van de koninklijke waardigheid: De mensheid is door de zondeval haar koninklijke status verloren en vervallen tot spirituele armoede. In dit deel wordt benadrukt dat het leven in de Wil deze waardigheid volledig herstelt, waardoor de ziel niet langer als een bedelaar of dienaar leeft, maar als een legitiem koningskind.

De 'sprong van vreugde' bij voortdurend gebed: Elke handeling en elk innerlijk gebed in de Goddelijke Wil veroorzaakt een mystieke 'sprong van vreugde' in de Heilige Drie-eenheid. De ziel brengt God hiermee een voortdurende troost en herstelt de oorspronkelijke, harmonieuze orde die God voor ogen had bij de schepping.

In deel 28 draait het om de goddelijke onveranderlijkheid, waarbij Jezus uitlegt dat zielen die in Zijn Wil leven, worden opgenomen in een stabiele, vredige staat die de menselijke wankelmoedigheid overstijgt.

De Goddelijke Onveranderlijkheid: Jezus openbaart dat de menselijke natuur van nature wankelbaar en veranderlijk is (vandaag enthousiast, morgen moedeloos). De Goddelijke Wil daarentegen is absoluut stabiel en onveranderlijk. Wanneer de ziel in de Wil leeft, wordt zij opgenomen in deze goddelijke standvastigheid, waardoor haar spirituele leven vrij wordt van emotionele schommelingen.

De spirituele wederopstanding door het offer: Het volledig opofferen en 'doden' van de eigen menselijke wil wordt niet gepresenteerd als een verlies, maar als de noodzakelijke voorwaarde voor een glorieuze spirituele wederopstanding. Pas wanneer de eigen wil volledig stilligt, kan het goddelijke leven in volle glorie in de ziel opstaan.

De schepping als een te bezoeken territorium: Jezus nodigt de ziel uit om de schepping te zien als haar eigen koninklijke territorium. Zij is geroepen om dit gebied in de geest te bezoeken en op elk element (het licht van de zon, de bomen, de zee) Gods liefde te beantwoorden. Hierdoor fungeert de ziel als de stem van de stomme schepping.

Het vullen van de "Lege Ruimtes": Jezus legt uit dat de menselijke wil en eigen gedachten lege, duistere ruimtes in de ziel creëren. Door elke gedachte en handeling bewust aan God toe te wijden en in Zijn Wil te plaatsen, worden deze leegtes onmiddellijk gevuld met goddelijke daden, licht en eeuwigheidswaarde.

De ononderbroken stroom van goddelijke vrede: In de Goddelijke Wil bestaat geen angst, twijfel of onrust. Jezus benadrukt dat een ziel die in Zijn Wil verankerd is, een diepe, innerlijke vrede geniet die door geen enkele aardse beproeving of tegenslag kan worden aangetast.

In deel 29 openbaart Jezus de onvermijdelijke komst van Zijn Koninkrijk op aarde, waarbij de Goddelijke Wil centraal staat. De teksten benadrukken de rol van Maria als overwinnaar en de belofte dat de mensheid, door het 'Onze Vader', in deze heilige staat zal leven.

De vervulling van het Onze Vader: Jezus openbaart dat de bede "Uw Wil geschiede op aarde zoals in de Hemel" een profetische belofte is. Dit deel beschrijft de definitieve komst en zegeviering van het Koninkrijk op aarde als de realisatie van dit eeuwenoude gebed.

Maria als de Triomferende Koningin: De Maagd Maria staat centraal als de overwinnaar die de weg baant voor dit nieuwe tijdperk. Haar volmaakte 'Fiat' fungeert als het fundament en de spirituele moederschoot waarin de hergeboorte van de mensheid wordt voorbereid.

Toegang tot alle historische heiligheid: Een ziel die in de Goddelijke Wil leeft, krijgt toegang tot de verdiensten en de heiligheid van alle heiligen uit de hele geschiedenis. Zij overstijgt de beperkingen van de tijd en treedt binnen in de universele, kosmische orde van God.

Het herstel van het kosmische evenwicht: Wanneer de mens zijn eigen wil volledig onderwerpt aan God, herstelt dit de harmonie in de kosmos. De ziel fungeert als een bindelid dat de breuk tussen de Schepper en de schepping definitief dicht.

De geschriften als levend, goddelijk voedsel: De openbaringen en waarheden uit deze boeken zijn niet louter theorie, maar functioneren als spiritueel voedsel. Deze kennis bezit een scheppende kracht die nodig is om het goddelijke leven in de ziel te voeden en te laten groeien.

In deel 30 openbaart Jezus hoe daden verricht in de Goddelijke Wil dienen als eeuwige bewakers en dragers van licht.

Daden als eeuwige bewakers: Jezus legt uit dat elke handeling die bewust in de Goddelijke Wil wordt verricht, verandert in een onvergankelijk licht. Deze daden blijven eeuwig in Gods aanwezigheid bestaan als getuigen en bewakers van de liefde van de ziel.

Maria als de unieke kosmische schakel: De Maagd Maria wordt geopenbaard als de vitale brug tussen de Heilige Drie-eenheid en de mensheid. Haar ononderbroken leven in de Goddelijke Wil stelt haar in staat om de genaden van de Schepping en de Verlossing continu naar de aarde te kanaliseren.

De ziel als beschermer van de scheppingsdaden: Wanneer de ziel haar spirituele "Ronden" door de natuur doet, eigent zij zich Gods creaties toe. Zij wordt de actieve beschermer en stem van de zon, de sterren en de zee, en geeft God de lofprijzing terug die de schepping in zich draagt.

Kennis als transformerend medicijn: Jezus benadrukt dat de openbaringen in dit deel werken als een goddelijk medicijn. Het begrijpen van deze waarheden reinigt het menselijke verstand van aardse logica en herstructureert de ziel, zodat zij klaar is om Gods Koninkrijk te huisvesten.

De onophoudelijke uitstorting van goddelijk licht: Elk woord dat Jezus tot Luisa spreekt, bezit scheppende kracht. Dit licht verlicht niet alleen het intellect, maar dringt diep door in de ziel om de menselijke wil stap voor stap te verteren en te vervangen door de Goddelijke Wil.

In deel 31 leert Jezus dat leven in de Goddelijke Wil de ziel transformeert tot een verlengstuk van Gods acties.

De ziel als een verlengstuk van Gods acties: Jezus legt uit dat wanneer een ziel in de Goddelijke Wil leeft, haar handelingen niet langer louter menselijk zijn. Haar daden smelten zo diep samen met Gods wezen dat de ziel een direct, levend verlengstuk wordt van de goddelijke operaties op aarde.

De vergoddelijking en overname van de menselijke vermogens: Zodra de ziel haar eigen wil volledig afstaat, neemt de Goddelijke Wil de controle over. Het menselijke verstand, de wil en het geheugen worden doordrenkt met goddelijk licht, waardoor de mens begint te denken, te willen en te herinneren zoals God dat doet.

De oneindige waarde van het alledaagse: Elke kleine, gewone handeling (zoals ademen, werken, rusten of eten) verliest haar tijdelijke karakter wanneer ze in de Goddelijke Wil wordt geplaatst. De daad krijgt een oneindige, kosmische waarde en verspreidt genade en licht over de gehele mensheid.

Kennis als noodzakelijke transformatiekracht: Jezus benadrukt dat de openbaringen over Zijn Wil geen droge theorieën zijn, maar levende zaden. Het lezen en overweeg opent de ziel voor voortdurende spirituelle groei en functioneert als de onmisbare sleutel om Gods Koninkrijk daadwerkelijk binnen te treden.

Het herstel van de oorspronkelijke scheppingsharmonie: Door te leven in de Goddelijke Wil herstelt de ziel in haar eigen binnenste de perfecte orde en harmonie die door de zondeval van Adam verloren waren gegaan. Zij brengt God hiermee de exacte liefde en eer terug waarvoor de mensheid oorspronkelijk is geschapen.

In deel 32 openbaart Jezus hoe de Goddelijke Wil de ziel verandert in een levende tempel, wat de verbondenheid met God herstelt. De ziel als een levende tempel: Jezus openbaart dat de ziel die volledig opgaat in de Goddelijke Wil, transformeert in een actieve, levende tempel voor de Heilige Drie-eenheid. God woont hierin niet als een tijdelijke gast, maar voert er permanent Zijn goddelijke operaties in uit.

De constante uitwisseling van liefde: Er wordt een staat van mystieke wederkerigheid beschreven waarin een onophoudelijke stroom van liefde op en neer beweegt tussen God en de ziel. Elke ademhaling en elke gedachte van de mens beantwoordt direct aan de oneindige liefde van de Schepper.

De geschriften als de sleutel tot het Koninkrijk: Jezus benadrukt dat de geopenbaarde waarheden in dit deel essentieel zijn voor de mensheid. Deze lessen fungeren als de spirituele sleutel en het licht die de deuren naar het Koninkrijk van de Goddelijke Wil openen en de verspreiding ervan bespoedigen.

Het herstel van de kosmische harmonie: Door de zondeval van Adam raakte de harmonie tussen de mens en de schepping diep verstoord. Leven in de Goddelijke Wil wist de spirituele gevolgen van deze breuk uit, waardoor de ziel weer in perfecte, oorspronkelijke balans met de hele kosmos komt te staan.

De verheffing boven menselijke beperkingen: Zodra de menselijke wil stilligt, wordt de ziel losgekoppeld van de beperkingen van tijd en ruimte. Haar gebeden en daden krijgen een universeel karakter en reiken direct over de hele mensheid uit, van het verleden tot in de toekomst.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door claudia om 00:10 Reageer op dit bericht

Samenvatting per deel - 3

In deel 17 legt Jezus uit hoe leven in de Goddelijke Wil de ziel verheft tot goddelijke eigenschappen en de menselijke wil herstelt naar de oorspronkelijke staat van Adam voor de zondeval.

De verheffing tot goddelijke eigenschappen: Jezus legt uit dat de ziel die in de Goddelijke Wil leeft, niet langer met menselijke deugden handelt. Zij wordt door God bekleed met Zijn eigen eigenschappen, waardoor haar liefde, wijsheid en geduld een goddelijk en oneindig karakter krijgen.

Het herstel van de oorspronkelijke staat van Adam: Net als in deel 16 wordt de terugkeer naar de onschuld van vóór de zondeval benadrukt. De ziel reist in de geest terug naar het moment van Adams schepping om de breuk te helen en Gods oorspronkelijke plan met de mens te voltooien.

De eenwording van alle daden tot één voortdurende actie: In de Goddelijke Wil lossen alle losse, opeenvolgende handelingen van de ziel op. Ze smelten samen met de ene, ononderbroken en eeuwige actie van God. Hierdoor is de ziel in feite onophoudelijk aan het bidden en beminnen, zelfs tijdens haar rust.

De geschriften als gids en fundament: Jezus openbaart dat de waarheden die Hij aan Luisa dicteert, de spirituele wetten en wetboeken zijn van het komende Koninkrijk. Deze geschriften zijn noodzakelijk voor toekomstige generaties; ze dienen als de gids en het fundament om dit Koninkrijk te kunnen betreden en begrijpen.

Deelname aan de interne dynamiek van de Drie-eenheid: De ziel die in de Wil leeft, wordt opgenomen in de intieme liefdesstroom tussen de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Zij brengt de Heilige Drie-eenheid een volmaakte aanbidding en vreugde, die rechtstreeks voortvloeit uit Gods eigen wezen.

In deel 18 ligt de focus op het herstellen van de harmonie tussen de mens en de schepping door te leven in de Goddelijke Wil. Het beschrijft hoe zielen, door hun eigen wil los te laten, de oorspronkelijke orde herstellen en gewone handelingen transformeren in oneindige daden van eer en liefde aan God. Deze geschriften vormen het fundament voor toekomstige generaties om het Koninkrijk van de Goddelijke Wil te betreden

De eenheid met de natuur: Jezus legt uit dat de Goddelijke Wil de dragende kracht is achter elk element in de schepping (zoals het licht van de zon en het ruisen van de wind). Wanneer de ziel in de Goddelijke Wil leeft, versmelt zij met deze elementen en geeft zij in naam van de hele natuur liefde en eer aan God.

De terugkeer naar de oorspronkelijke orde: De mens is geschapen om de koning van de schepping te zijn. Door de eigen wil los te laten, herstelt de ziel de oorspronkelijke orde en gerechtigheid die verloren gingen na de zondeval van Adam.

Het fundament van de geschriften: Jezus benadrukt dat de waarheden die Hij aan Luisa openbaart niet louter voor haar zijn, maar dienen als het theologische en spirituele fundament voor toekomstige generaties om het Koninkrijk van de Goddelijke Wil binnen te treden.

De oneindige vermenigvuldiging: Elke kleine menselijke handeling (zoals een ademhaling of een gedachte) die in de Goddelijke Wil wordt geplaatst, wordt door God vermenigvuldigd tot een oneindige actie die alle zielen ten goede komt.

In deel 19 legt Jezus uit dat het Koninkrijk niet langer een verborgen mysterie mag blijven. Hij openbaart dat de theologische kennis over Zijn Wil universele kracht bezit.

De universele werking en glorie: Jezus legt uit dat wie in de Goddelijke Wil leeft, niet langer 'lokaal' of beperkt handelt. De ziel omarmt de hele Schepping en Verlossing synchroon. Omdat haar daden universeel zijn, zal zij in de hemel ook een universele glorie bezitten.

Het "Stempel van de Koning" op de schepping: De Goddelijke Wil moet op elk aspect van het menselijk leven en de natuur drukken, net zoals de beeltenis van een koning op een munt is geslagen. Alles hoort doordrenkt te zijn van deze kennis; als dat niet zo is, kent men het Koninkrijk nog niet.

De drie grote Fiats als één enkele triomf: Jezus verduidelijkt dat het Fiat van de Schepping en het Fiat van de Verlossing onlosmakelijk verbonden zijn met de uiteindelijke triomf van de Heiliging. Na de Maagd Maria is Luisa gekozen om dit Koninkrijk in haar ziel te dragen en de dominie ervan door te geven aan anderen.

Het gevaar van stilzwijgen (Het Graf van de Waarheid): Jezus waarschuwt Luisa dat het verzwijgen of niet opschrijven van de waarheden over de Goddelijke Wil fungeert als een 'graf' voor deze openbaringen. De mensheid heeft deze kennis juist dringend nodig om uit haar spirituele duisternis op te staan.

De voortdurende wedergeboorte: Jezus noemt Luisa "de kleine pasgeborene" (la piccola neonata). De ziel die in de Wil leeft, moet zich voortdurend opnieuw laten baren in Gods licht, schoonheid en heiligheid om elke menselijke neiging direct achter zich te laten.

In deel 20 benadrukt Jezus de absolute zekerheid van de komst van het Koninkrijk van de Goddelijke Wil en dringt Hij aan op de publicatie van Zijn openbaringen.

De onvermijdelijke komst van het Koninkrijk: Jezus verzekert Luisa dat het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde geen verre utopie is, maar een absolute, goddelijke zekerheid. God zal Zijn plan met de schepping niet onvoltooid laten; de mensheid zal terugkeren naar de oorspronkelijke orde.

De publicatie van de openbaringen als bittere noodzaak: Jezus dringt er met klem op aan dat de openbaringen die Hij aan Luisa heeft gegeven, openbaar moeten worden gemaakt. Hij legt uit dat deze waarheden de deuren van het Koninkrijk zijn. Zonder deze kennis kan de mensheid het Koninkrijk niet begrijpen en dus ook niet binnentreden.

De waarheden als een "Spirituele Zon": Elk geopenbaard concept en elk opgeschreven woord over de Goddelijke Wil fungeert als een zonnestraal. Zodra deze leringen worden verspreid, zullen ze de mensheid verlichten, het spirituele duister verdrijven en de harten van de mensen verwarmen en transformeren.

De vervulling van het "Uw Wil geschiede": Jezus legt uit dat de komst van dit tijdperk de letterlijke realisatie is van het gebed dat Hij de kerk heeft geleerd: het Onze Vader. De bede "Uw Wil geschiede op aarde zoals in de Hemel" was de profetische aankondiging van het Koninkrijk waarin Luisa nu als eerstgeborene leeft.

Het herstel van de oorspronkelijke onschuld: Leven in de Goddelijke Wil wist de spirituele gevolgen van de zondeval uit in de ziel. De mens krijgt zijn oorspronkelijke kindstatus, onschuld en de harmonieuze relatie met de Schepper terug, waardoor God weer de eer ontvangt die Hem toekomt.

In deel 21 belicht Luisa Piccarreta de triomf van de Goddelijke Wil en de voorbereiding op Haar komst op aarde, waarbij Jezus uitlegt dat de geopenbaarde waarheden dienen als wetten van vrede die de mensheid uit de eigen wil bevrijden.

De geopenbaarde waarheden als 'Wetten van Vrede': Jezus legt uit dat de lessen die Hij aan Luisa dicteert, niet zomaar spirituele theorieën zijn. Ze fungeren als goddelijke wetten en decreten. Zodra de mensheid deze wetten leert kennen en naleeft, zal de menselijke wil haar wapens neerleggen en zal er een universele, goddelijke vrede op aarde aanbreken.

Kennis als voorwaarde voor het Koninkrijk: Jezus herhaalt met klem dat men niet kan verlangen naar wat men niet kent. Het Koninkrijk van de Goddelijke Wil kan zich pas op aarde vestigen als de mensheid de verborgen waarheden en de onmetelijke waarde ervan begrijpt. De verspreiding van de geschriften is daarom de sleutel tot deze nieuwe spirituele fase.

Het herstel van de oorspronkelijke rechten van Adam: Door de zondeval verloor de mens zijn koninklijke rechten over de schepping en zijn status als legitieme erfgenaam van God. In dit deel wordt uitgelegd hoe de ziel, door volledig in de Goddelijke Wil te treden, deze oorspronkelijke rechten en de koninklijke waardigheid van Adam weer volledig terugontvangt.

De ziel als Gods teruggewonnen eigendom: Wanneer een ziel haar eigen menselijke wil volledig afstaat, claimt God haar als Zijn exclusieve territorium. De ziel is dan geen 'vreemde' of 'dienaar' meer, maar Gods eigen privédomein waarin Hij ongestoord Zijn goddelijke vreugde, liefde en heerschappij kan uitoefenen.

Het gebruik van natuurlijke metaforen: Jezus gebruikt in dit deel veelvuldig beelden uit de natuur (zoals de zon, de zee en de wind) om de dynamiek van Zijn Wil uit te leggen. Hij laat zien hoe de schepping onophoudelijk en perfect in de Goddelijke Wil functioneert, en dat de mens geroepen is om diezelfde natuurlijke, vloeiende gehoorzaamheid in zijn spirituele leven over te nemen.

In deel 22 staat de "Ronde in de Goddelijke Wil" centraal, waarin de ziel door de schepping reist om Gods liefde te beantwoorden. Jezus legt uit dat deze levenswijze de oorspronkelijke rechten van de mens, zoals bij Adam, herstelt en de noodzakelijke kennis biedt om in dit goddelijke koninkrijk te leven.

De "Ronde in de Goddelijke Wil": Jezus introduceert en verdiept dit unieke concept. De ziel reist in de geest door de gehele schepping en de heilsgeschiedenis om op elk element (het licht van de zon, de sterren, de menswording) een stempel van liefde, aanbidding en dankbaarheid te drukken. Zo beantwoordt de ziel Gods liefde namens de hele mensheid.

Het herstel van de oorspronkelijke rechten: Net zoals in de voorgaande delen wordt uitgelegd hoe dit leven de breuk van de zondeval herstelt. De ziel die in de Goddelijke Wil leeft, herwint de koninklijke waardigheid en de spirituele 'erfenis' die Adam oorspronkelijk bezat toen hij nog in perfecte harmonie met zijn Schepper leefde.

Kennis als toegangsbewijs: Jezus benadrukt dat de waarheden die Hij aan Luisa openbaart de specifieke kennis bevatten die nodig is om in dit goddelijke koninkrijk te kunnen functioneren. Zonder deze kennis blijft de ziel als een vreemdeling buiten de poorten van Gods intieme leven staan.

De ziel als "Levende Eucharistische Hostie": Er wordt een diepe mystieke vergelijking gemaakt met de Eucharistie. Terwijl Jezus' aanwezigheid in de sacramentele hostie tijdelijk is, wordt de ziel die volledig is opgegaan in de Goddelijke Wil een levende, permanente hostie waarin Jezus onophoudelijk Zijn goddelijke leven kan leiden.

De verheffing van het alledaagse: Elke kleine menselijke handeling die in de Goddelijke Wil wordt geplaatst, verliest haar tijdelijke karakter. Daden zoals ademen, slapen of werken worden opgenomen in Gods eeuwigheid en krijgen een oneindige, kosmische waarde die genade uitgiet over de hele wereld.

In deel 23 verdiept Jezus de leringen over de structuur en definitieve vestiging van het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde. De leringen fungeren als bouwstenen voor dit Koninkrijk.

De geopenbaarde waarheden als bouwstenen: Jezus legt uit dat elke les en elke waarheid die Hij aan Luisa openbaart, niet slechts bedoeld is ter inspiratie. Ze fungeren als de feitelijke 'bouwstenen', het cement en de muren waarmee het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde en in de zielen visueel en spiritueel wordt opgebouwd.

Het herwinnen van de koninklijke waardigheid: Door de zondeval werd de mens een 'slaaf' van zijn eigen wil en passies. Wanneer de ziel binnentreedt in de Goddelijke Wil, herwint zij haar oorspronkelijke koninklijke status. Zij staat niet langer onderaan de spirituele ladder, maar regeert als een koningskind over haar eigen passies en deelt in Gods heerschappij.

De vergoddelijking van de menselijke vermogens: De menselijke vermogens (het verstand, de wil en het geheugen) worden in dit deel volledig overgenomen en doordrenkt door Gods aanwezigheid. De ziel denkt niet langer met menselijke logica, maar met goddelijke wijsheid; zij wil alleen nog wat God wil, en herinnert zich enkel Gods weldaden.

De intieme en voortdurende communie: Er wordt een staat van constante, ononderbroken gemeenschap met de Heilige Drie-eenheid beschreven. Dit overstijgt het traditionele gebed; het leven van de ziel wordt een continue uitwisseling van liefde, licht en ademhaling met de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.

De weerspiegeling van de hemelse orde op aarde: Jezus laat zien dat de harmonie en de orde die in de hemel heersen onder de engelen en heiligen, door de ziel die in de Wil leeft, nu al op aarde kunnen worden ervaren. De ziel wordt een levend spiegelbeeld van het hemelse paradijs te midden van de aardse realiteit.

In deel 24 wordt de diepe verweving van de oneindige Goddelijke Wil met het menselijk bestaan geopenbaard.

De ononbreekbare geschiedenis van de Goddelijke Wil: Jezus onthult dat Zijn Wil een continue, ononderbroken stroom van liefde en actie door de hele geschiedenis heen is. Zelfs toen de mens zich terugtrok, bleef de Goddelijke Wil in het verborgene werken om de mensheid te ondersteunen en voor te bereiden op de uiteindelijke terugkeer.

Het leven als een "Hemel op Aarde": Wanneer de ziel in Gods tegenwoordigheid en Wil leeft, transformeren haar innerlijke vermogens. Haar geest wordt een firmament en haar daden worden spirituele sterren. Dit heft de spirituele afstand tussen de hemel en de aardse realiteit op.

Mystieke verbinding met heilsgebeurtenissen: De ziel krijgt het vermogen om buiten de tijd te treden. Zij verbindt zich direct met de grote momenten uit de heilsgeschiedenis — zoals de Incarnatie, de geboorte van Jezus en Zijn lijden aan het kruis — om bij elk van deze gebeurtenissen haar 'Fiat' en haar liefde te voegen.

Luisa als de 'Nieuwe Eva': Jezus legt een krachtige parallel tussen het begin van de schepping en het herstel ervan. Net zoals de eerste Eva door haar eigenwil de mensheid in de val meesleurde, zo is Luisa geroepen om als de 'Nieuwe Eva' (of de kleine pasgeborene) de weg van totale gehoorzaamheid te banen, waardoor het Koninkrijk van de Goddelijke Wil weer toegankelijk wordt.

De onophoudelijke uitstorting van goddelijk licht: Elke les die Jezus geeft, wordt beschreven als een actieve uitstorting van licht. Dit licht is niet louter informatief, maar bezit een scheppende kracht die de ziel diepgaand reinigt en haar functioneren op een goddelijk niveau brengt.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door claudia om 23:50 Reageer op dit bericht

Samenvatting per deel - 2

In deel 9 belicht de absolute overwinning en de koninklijke status van de ziel die volledig is overgegeven aan de Goddelijke Wil.

De Triomf van God: Jezus openbaart dat niets Hem zoveel glorie schenkt als een ziel die in Zijn Wil leeft. Hij noemt deze toestand de hoogste triomf van Zijn genade en het allerhoogste goed, zowel op aarde als in de hemel.

De ziel als "Levende Hostie": Zielen die in de Goddelijke Wil leven, worden door Jezus omschreven als Zijn ware, levende hosties. Waar Zijn sacramentele aanwezigheid in de Eucharistie eindigt zodra de fysieke hostie is verteerd, blijft de spirituele transformatie in de ziel eeuwig duren.

De tweevoudige doodstrijd: Jezus legt het mystieke verschil uit tussen Zijn lijden. De doodstrijd in de Hof van Gethsemane (vol angst en bloedzweet) was specifiek bedoeld om stervenden in hun laatste uren bij te staan. De doodstrijd aan het Kruis (volledig in vrede en kalmte) diende om de ziel rust en overgave te schenken in haar allerlaatste ademteug.

De onbelemmerde "Communie van de Wil": In tegenstelling tot de sacramentele communie in de kerk, die door ziekte, afstand of omstandigheden kan worden verhinderd, kent de Communie van de Wil geen enkele barrière. Zodra de ziel dit oprecht verlangt en zich openstelt, is de directe eenwording met God een feit.

Radicale goddelijke onthechting: Om deze verheven staat te bereiken, moet de ziel zich volledig losmaken van aardse verlangens, menselijke logica en spiritueel egoïsme. Alleen in de absolute leegte van de menselijke wil kan het goddelijke licht ongestoord schijnen.

In deel 10 wordt de nadruk gelegd op de absolute zuiverheid die nodig is om Gods werk in de ziel niet te belemmeren, en introduceert het 'Fiat' als transformatiemiddel.

De zuivere intentie als fundament: Jezus leert dat elke handeling uitsluitend voor Gods eer moet worden gedaan. Zodra een menselijk motief (zoals de drang naar erkenning of spirituele troost) binnensluipt, verliest de daad haar goddelijke waarde.

De menselijke wil als gebarsten vat: Menselijke verlangens en eigenwijsheid creëren scheuren in de ziel. Jezus gebruikt de metafoor van een gebarsten vat: hoe meer genade God erin giet, hoe sneller het wegstroomt als de menselijke wil nog actief is.

De transformerende kracht van het 'Fiat': Door bij elke handeling bewust 'Fiat' (Uw Wil geschiede) te zeggen, plaatst de ziel haar acties direct in de Goddelijke Wil. Hierdoor worden alledaagse, menselijke daden omgevormd tot oneindige, goddelijke daden.

Lijden als verborgen liefde: Lijden wordt in dit deel gepresenteerd als de ultieme uiting van Gods liefde en vertrouwen in de ziel. Door beproevingen in stilte en zonder klagen te omarmen, deelt de ziel in het geheime, verlossende werk van Jezus.

Het 'verlies' van de eigen identiteit: De ziel wordt opgeroepen om haar eigen ik zozeer te verliezen dat zij alleen nog maar denkt, voelt en handelt vanuit Jezus. Dit totale opgaan in Hem heft de spirituele afstand tussen de Schepper en het schepsel op.

In deel 11 introduceert Jezus de absolute kern van Zijn mystieke leer.

Het essentiële verschil tussen "het doen van" en "het leven in" de Wil: Jezus legt uit dat wie Gods wil doet, zich gedraagt als een dienaar die bevelen opvolgt, maar buiten de koninklijke paleisdeuren blijft staan. Wie leeft in de Goddelijke Wil, treedt binnen als een kind van de Koning, neemt bezit van Gods eigenschappen en regeert samen met Hem.

De introductie van de drie grote Fiats (Tijdperken): Jezus openbaart de drie grote tijdperken in de menselijke geschiedenis: het Fiat van de Schepping (het oorspronkelijke plan met Adam), het Fiat van de Verlossing (de komst en het lijden van Jezus), en het komende Fiat van de Heiliging of Sanctificatie (de definitieve vestiging van het Koninkrijk op aarde).

Toegang tot goddelijke vermogens: Een ziel die in de Goddelijke Wil leeft, handelt niet langer met beperkte, menselijke krachten. Zij krijgt toegang tot de oneindige vermogens van God Zelf, waardoor haar gebeden, liefde en aanbidding een goddelijk en oneindig niveau bereiken.

De herhaling van Jezus' leven: Wanneer de menselijke wil volledig is uitgeschakeld, krijgt Jezus de ruimte om Zijn eigen innerlijke leven, Zijn deugden en Zijn daden in de ziel te herhalen. De ziel wordt zo een levend verlengstuk van Christus op aarde .

De oneindige waarde van het alledaagse: Geen enkele handeling is te klein of onbelangrijk. Jezus leert dat alledaagse taken (zoals eten, slapen, werken of ademen) een oneindige, kosmische waarde krijgen en de hele mensheid ten goede komen, mits ze bewust in de Goddelijke Wil worden geplaatst.

In deel 12 Het deel werd geschreven tijdens de Eerste Wereldoorlog en de Goddelijke Wil is de ultieme schuilplaats en het medicijn voor de wereld.

De Goddelijke Wil als een ondoordringbare vesting: Te midden van de oorlog en de wereldwijde chaos openbaart Jezus dat het leven in Zijn Wil de ziel een absolute, innerlijke veiligheid biedt. Terwijl de buitenwereld wankelt, blijft de ziel die in de Wil leeft verankerd in een onverstoorbare goddelijke vrede.

De ziel als een "Permanent Tabernakel": Jezus legt uit dat Zijn aanwezigheid in de Eucharistie beperkt is tot de fysieke gedaante van de hostie. Echter, in een ziel die in de Goddelijke Wil leeft, vormt Hij een permanent, levend tabernakel waar Hij onophoudelijk kan wonen, onafhankelijk van uiterlijke omstandigheden of kerkgebouwen.

Het vormen van een goddelijk tegenwicht: Jezus laat Luisa zien dat de mensheid door haar zonden en egoïsme veel destructieve energie en straf over zichzelf afroept. De ziel die in de Goddelijke Wil leeft, biedt met haar daden van liefde en eerherstel een noodzakelijk, goddelijk tegenwicht dat de weegschaal van Gods gerechtigheid in balans houdt.

De verbinding met de eeuwigheid: Handelingen die in de menselijke wil worden verricht, zijn tijdelijk en vergaan. Wanneer de ziel echter versmelt met de Goddelijke Wil, worden haar daden direct verbonden met de eeuwigheid. Ze worden losgekoppeld van de tijd en behouden voor altijd hun glans en waarde in de hemel.

De roeping tot kosmisch herstel: De ziel krijgt in dit deel de specifieke taak om namens alle schepselen — en namens de door de oorlog verscheurde mensheid — liefde en dankbaarheid aan de Schepper terug te geven. Zij reist in de geest door de hele schepping om overal het stempel van Gods liefde te drukken en zo de oorspronkelijke harmonie te herstellen.

In deel 13 is de focus gericht op de unieke verhevenheid van deze levenswijze en laat zien hoe dit traditionele vormen van heiligheid overstijgt.

De unieke en superieure heiligheid: Jezus legt uit dat de heiligheid van het leven in de Goddelijke Wil wezenlijk anders is dan de bekende, traditionele heiligheid. Waar traditionele heiligheid zich richt op het perfectioneren van menselijke deugden (zoals geduld of armoede), treedt de ziel hier rechtstreeks binnen in het goddelijke wezen, waardoor haar deugden worden vergoddelijkt.

Het overtreffen van de Eucharistie: In een zeer diepe openbaring legt Jezus uit dat het leven in de Goddelijke Wil in zekere zin het wonder van de Eucharistie overtreft. Bij de sacramentele communie komt Jezus op bezoek in de ziel en vertrekt Hij weer zodra de hostie is verteerd. Wie leeft in de Wil, ervaart echter een voortdurende en ononderbroken eenheid waarin Jezus permanent Zijn goddelijke leven leidt.

De ziel als Goddelijke Schatkamer: Wanneer de ziel in de Goddelijke Wil leeft, opent God al Zijn hemelse schatkamers voor haar. De ziel ontvangt niet slechts losse gaven, maar krijgt het beheer over Gods eigen liefde, licht en geluk. Zij mag deze schatten vervolgens vrijuit gebruiken en uitdelen.

Het troosten van de Schepper: Jezus deelt Zijn diepe innerlijke pijn over het feit dat de mensheid Zijn liefde massaal afwijst. De ziel die in de Goddelijke Wil leeft, troost Jezus door Hem bij elke ademhaling en gedachte een volmaakte, goddelijke liefde terug te geven, die de kilte van de wereld compenseert.

Het herstel van de oorspronkelijke band: Dit deel benadrukt dat het leven in de Wil geen 'nieuwe mode' is, maar de terugkeer naar het allereerste begin. Het herstelt de intieme, kinderlijke relatie die Adam in het Paradijs met zijn Schepper had, nog voordat de zondeval de breuk veroorzaakte.

In deel 14 wordt de leer verdiept over de universele en kosmische impact die één enkele ziel kan hebben wanneer zij volledig opgaat in de Goddelijke Wil.

De echo in de gehele schepping: Jezus legt uit dat de Goddelijke Wil het dragende netwerk is achter alles wat bestaat. Wanneer een ziel een handeling verricht in de Goddelijke Wil, weerklinkt deze actie als een echo door de hele kosmos. Zij bidt, bemint en herstelt op dat moment synchroon in naam van alle schepselen uit het verleden, heden en de toekomst.

De voortdurende herhaling van Jezus' leven: In dit deel wordt benadrukt dat de ziel niet langer haar eigen, beperkte menselijke werken doet. Omdat de menselijke wil volledig stilligt, krijgt Jezus de absolute ruimte om Zijn eigen goddelijke leven, Zijn gebeden en Zijn verlossende daden fysiek en spiritueel in haar te herhalen.

De funderende waarde van zware beproevingen: Luisa ervaart in deze periode intense fasen van spirituele droogte en de pijnlijke, schijnbare afwezigheid van Jezus. Jezus openbaart haar dat haar trouw en volharding tijdens deze zware beproevingen noodzakelijk zijn om de onwankelbare fundamenten te leggen voor het toekomstige Koninkrijk van de Goddelijke Wil in de mensheid.

Gods intense verlangen naar wederkerigheid: God heeft de schepping en de mens puur uit liefde voortgebracht en zoekt nu in de mens een antwoord op die liefde. De ziel die in de Goddelijke Wil leeft, is in staat om God deze perfecte, volmaakte en goddelijke wederliefde aan te bieden, waarmee zij de scheppingscirkel sluit.

Het herstel van het verloren bezit: Jezus laat zien dat de mens door de zondeval zijn koninklijke erfenis en het 'eigendomsrecht' over de Goddelijke Wil heeft verloren. Door te leven in de Wil begint de ziel dit verloren territorium stap voor stap terug te winnen, niet alleen voor zichzelf, maar als wegbereider voor de hele mensheid.

In deel 15 openbaart Jezus aan Luisa Piccarreta dat zij een centrale rol speelt in het vestigen van het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde. Zij is de "eerstgeborene" van het Koninkrijk van de Goddelijke Wil

De centrale rol van de 'eerstgeborene': Jezus openbaart aan Luisa dat zij is uitgekozen om de eerste ziel te zijn die, na de Maagd Maria, het Koninkrijk van de Goddelijke Wil op aarde bezit. Haar leven en haar geschriften dienen als het startpunt en de blauwdruk voor alle zielen die na haar zullen komen.

De drie grote Fiats als één heilsplan: Dit deel legt een diepe theologische link tussen de drie grote tijdperken: het Fiat van de Schepping, het Fiat van de Verlossing en het Fiat van de Heiliging. Jezus laat zien dat deze drie geen losse acties zijn, maar drie opeenvolgende stappen die samen het volledige plan vormen om de mens terug te brengen naar Gods oorspronkelijke bedoeling.

De 'Keten van Liefde' tussen hemel en aarde: Elke handeling, elk gebed en elke gedachte die de ziel in de Goddelijke Wil plaatst, vormt een spirituele schakel. Deze schakels smeden een onbreekbare keten van liefde die de hemel met de aarde verbindt en de komst van het Koninkrijk versnelt.

De noodzaak van de geschriften: Jezus dringt er in dit deel sterk op aan dat Luisa alles moet opschrijven wat Hij haar leert. Deze leringen zijn namelijk geen persoonlijke gunsten voor haar alleen, maar ze bevatten het levende licht en de spirituele wetten die toekomstige generaties nodig zullen hebben om in de Goddelijke Wil te kunnen leven.

Het herstel van Gods rechten: Door de zondeval heeft de mens God de eer en de liefde onthouden waar Hij als Schepper recht op heeft. De ziel die in de Goddelijke Wil leeft, treedt namens de hele mensheid op om God die misgelopen eer, aanbidding en liefde alsnog in volmaakte (goddelijke) mate terug te betalen.

In deel 16 richt zich op de diepe spirituele erfenis die God aan de mens wil teruggeven. In dit deel wordt uitgelegd hoe het leven in de Goddelijke Wil de ziel terugbrengt naar de oorspronkelijke blauwdruk van de menselijke natuur.

De terugkeer naar de staat van Adam vóór de zondeval: Jezus legt uit dat het leven in de Goddelijke Wil de ziel herstelt in de oorspronkelijke staat van onschuld, zuiverheid en heerschappij die Adam bezat in het Aardse Paradijs, nog voordat hij door zijn eigen wil de harmonie verbrak.

De drie opeenvolgende Fiats in de ziel: Waar de wereld de opeenvolgende tijdperken van de Schepping en de Verlossing heeft doorleefd, moet de individuele ziel deze drie Fiats (Schepping, Verlossing en Heiliging) nu innerlijk reproduceren. Pas wanneer alle drie de Fiats in de ziel actief zijn, bereikt zij de spirituele volwassenheid.

De oneindige waarde van elke daad: Elke handeling die in de Goddelijke Wil wordt verricht – hoe klein of alledaags ook – verliest haar tijdelijke, menselijke karakter. De daad wordt opgenomen in Gods eeuwigheid, krijgt een oneindige waarde en verspreidt licht en genade over de hele mensheid.

De unieke rol van Luisa als de 'Nieuwe Eva': Jezus trekt een parallel tussen de zondeval en het herstel. Net zoals Adam en Eva de mensheid door hun eigen wil in het duister stortten, zo gebruikt God Jezus, Maria en nu Luisa als de 'eerstgeborene' om de poorten naar het Koninkrijk van de Goddelijke Wil weer wijd open te zetten.

Kennis als het zaad van het Koninkrijk: Jezus benadrukt dat de waarheden die Hij openbaart niet louter theorie zijn. Elk woord en elk concept dat Luisa opschrijft, functioneert als een spiritueel zaadje. Zodra deze kennis onder de mensheid wordt verspreid, zal zij de kiem leggen voor het feitelijke Koninkrijk van God op aarde.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 23:36 Reageer op dit bericht

Samenvatting per deel van het Boek van de Hemel van Luisa Piccarreta

Samenvatting per deel van het Boek van de Hemel van Luisa Piccarreta

In deel 1 is een introductie van Luisa Piccarreta's spirituele reis, waarin Jezus haar ziel door middel van intense zuivering voorbereidt op totale eenwording met Jezus.

De radicale zuivering: Jezus bereidt de ziel van Luisa voor op de intieme eenwording door haar eerst grondig te louteren van alle menselijke neigingen en onzuiverheden.

Het "niets-zijn" van de ziel: Luisa leert om zichzelf te zien als een compleet 'niets' voor de grootsheid van God. Dit totale verlies van het eigen ego is noodzakelijk om ruimte te maken voor Gods almacht.

De vier fundamenten voor perfectie: Jezus onderwijst de ziel over vier cruciale deugden die als fundament dienen voor het spirituele leven: liefde, geloof, hoop en gehoorzaamheid.

De mystieke verloving: Dit deel beschrijft de opeenvolgende stappen van spirituele verloving en het mystieke huwelijk tussen Jezus en de ziel, wat symbool staat voor de diepst mogelijke innerlijke eenheid.

De waarde van het lijden: Lijden wordt niet gezien als een straf, maar als een deugd en een gave van liefde. Door het lijden te omarmen, deelt de ziel in het verlossende lijden van Christus.

Absolute gehoorzaamheid: Er wordt zwaar de nadruk gelegd op gehoorzaamheid aan de biechtvader en het gezag van de Kerk. Zonder deze gehoorzaamheid kan er geen sprake zijn van een authentieke goddelijke leiding.

In deel 2 begint Luisa Piccarreta aan haar dialogen met Jezus, waarin de nadruk verschuift naar de goddelijke wil. De inhoud richt zich op theologische thema's:

De Heilige Drie-eenheid als spirituele zon: Jezus openbaart de Drie-eenheid aan de ziel als een onmetelijke zon. De zonnestralen vertegenwoordigen Gods eigenschappen (zoals liefde, wijsheid en rechtvaardigheid) die de ziel verlichten en transformeren zodra zij zich hiervoor openstelt.

Geloof als de onwankelbare basis: Het geloof wordt gepresenteerd als het fundament van het spirituele gebouw. Zonder een stabiel en diep verankerd geloof kan de ziel de mystieke ervaringen en de eenwording met Gods Wil niet dragen.

Handelen uit zuivere intentie: Jezus legt grote nadruk op de motieven achter de daden van de mens. Handelingen moeten puur uit liefde voor God worden verricht, los van menselijke eer, eigenbelang of de drang naar spirituele troost.

De transformerende kracht van de Incarnatie: Het mysterie van de Menswording van Christus wordt belicht als de ultieme uiting van goddelijke liefde, die de mensheid de weg wijst om weer in contact te komen met de Goddelijke Wil.

Het loslaten en overgeven van de menselijke wil: De ziel wordt stapsgewijs geleid naar de totale onthechting van haar eigen verlangens. Dit actieve proces van overgave is de noodzakelijke sleutel om de overstap te maken naar het goddelijke leven.

Dit deel legt de fundering voor de mystieke eenheid tussen de ziel en God.

In deel 3 verdiept Luisa Piccarreta haar mystieke band met Jezus door visioenen over de Heilige Drie-eenheid, de transformerende kracht van het kruis en totale overgave aan de Goddelijke Wil.

De eenwording met de Heilige Drie-eenheid: De ziel treedt via Jezus binnen in de dynamiek van de Drie-eenheid. Zij leert om haar eigen handelingen te laten versmelten met de goddelijke personen, waardoor de ziel Gods eigen liefde begint te weerspiegelen.

De roeping tot slachtofferziel: Jezus vraagt Luisa om zich vrijwillig als 'slachtoffer' aan te bieden voor de zonden van de wereld. Dit concept houdt in dat de ziel bereid is om te lijden om Gods rechtvaardigheid te sussen en genade voor zondaars te verkrijgen.

De louterende en transformerende kracht van het Kruis: Het kruis en het lijden worden beschreven als instrumenten die de ziel zuiveren van de laatste resten menselijke eigenliefde. Het kruis is de 'werkplaats' waar de menselijke wil wordt omgevormd tot de goddelijke.

Christus als de spirituele Zon: Net als in deel 2 wordt Jezus beschreven als een zon, maar de nadruk ligt nu op de Incarnatie als een zon die voortdurend warmte en licht uitgiet over de mensheid. De ziel moet zich aan deze stralen blootstellen om geestelijk vruchtbaar te worden.

Totale overgave en het verlies van de eigen wil: De ziel leert dat echte vrede alleen bestaat wanneer de menselijke wil volledig opgaat in de Goddelijke Wil. Dit is geen passief afwachten, maar een actieve keuze om Gods Wil de absolute controle over alle gedachten en daden te geven.

In deel 4 leert Jezus over de innerlijke zuivering en een diepe, innerlijke verbondenheid met de goddelijke wil.

Het omarmen van het 'niets-zijn': Jezus leert de ziel dat zij uit zichzelf een compleet 'niets' is. Hoe kleiner de ziel zichzelf maakt en hoe meer zij haar eigen ego loslaat, des te groter is de ruimte die de Goddelijke Wil in haar kan innemen om Zijn almacht te tonen.

De versmelting van harten: Dit deel beschrijft de mystieke realiteit waarin het hart van de ziel zo nauw verbonden raakt met het Hart van Jezus, dat hun verlangens, liefde en lijden volledig in elkaar overlopen.

Volharding in spirituele droogte: Luisa ervaart in deze periode regelmatig de schijnbare afwezigheid van Jezus. Het centrale concept hierachter is dat de ziel moet leren beminnen zonder direct spiritueel genot of troost te ervaren. De hoop en de wil moeten standvastig blijven, juist in de leegte.

Gehoorzaamheid aan kerkelijk gezag: Jezus hamert erop dat gehoorzaamheid aan de biechtvader en de Kerk boven alles gaat. Zelfs als Jezus haar in een visioen een spirituele opdracht geeft, moet zij deze direct staken als haar biechtvader iets anders beveelt. Gehoorzaamheid is de ultieme test voor een zuivere ziel.

Lijden als de hoogste daad van liefde: Het vrijwillig dragen van fysiek en spiritueel lijden wordt gepresenteerd als het krachtigste instrument om zielen te redden en eerherstel te bieden aan God. Lijden transformeert de ziel en maakt haar gelijkvormig aan de gekruisigde Christus.

In deel 5 benadrukt Jezus de noodzaak om de menselijke wil los te laten en zich volledig aan God over te geven.

De strijd tegen de menselijke wil: Jezus legt uit dat de menselijke wil de bron is van alle spirituele onrust, twijfel en zonde. Het overwinnen van de eigen verlangens is noodzakelijk om plaats te maken voor de Goddelijke Wil.

Het behouden van goddelijke vrede: Een ziel die volledig op God vertrouwt, mag zich door niets uit het veld laten slaan. Jezus benadrukt dat innerlijke onrust en angst de stroom van goddelijke genade blokkeren; vrede is het teken van Gods aanwezigheid.

Handelen met een zuivere intentie: Alle daden, hoe klein ook, moeten uitsluitend worden verricht om God te behagen. Zodra er menselijke eer, eigenbelang of de zoektocht naar spirituele complimenten in het spel komt, verliest de daad haar bovennatuurlijke waarde.

Gehoorzaamheid aan de biechtvader: Net als in voorgaande delen blijft gehoorzaamheid aan het kerkelijk gezag de absolute toetssteen voor authenticiteit. Jezus stelt de stem van de biechtvader gelijk aan Zijn eigen Wil.

Maria als gids en model: De Maagd Maria wordt gepresenteerd als het perfecte voorbeeld van een ziel die nooit haar eigen wil heeft gedaan. Zij begeleidt de ziel bij het zuiveren van haar intenties.

De belofte van directe hemelse opname: Jezus openbaart de troostrijke belofte dat een ziel die sterft terwijl zij volledig is overgegeven en verenigd met de Goddelijke Wil, geen vagevuur hoeft te ondergaan, maar direct wordt opgenomen in de hemelse glorie.

In deel 6 onderwijst Jezus over het volledig opgeven van de eigen wil en radicale onthechting om de 'sleutel' tot de Goddelijke Wil te ontvangen, wat toegang geeft tot goddelijke geheimen en ware liefde voor God te ervaren.

De Goddelijke Wil als de 'sleutel': Jezus legt uit dat het volledig opgeven van de eigen wil de ziel de sleutel geeft tot Gods hart. Met deze sleutel krijgt de ziel toegang tot goddelijke geheimen en schatten die voor gewone mensen verborgen blijven [luisapiccarreta.me].

Het gevaar van eigenwil in vrome daden: Jezus waarschuwt dat de menselijke wil heel subtiel kan zijn. Zelfs in goede, vrome daden (zoals bidden of vasten) kan de mens onbewust eigen eer of spirituele trots zoeken. Dit bezoedelt de daad.

Onvoorwaardelijke en belangeloze liefde: Ware liefde voor God zoekt geen beloning of constante spirituele troost. De ziel leert om God te beminnen puur om Wie Hij is, en niet om de gaven of fijne gevoelens die Hij schenkt.

Groei en loutering door lijden: Lijden is in dit deel de 'smeltkroes' die de ziel zuivert van de laatste resten egoïsme. Het dragen van het kruis in volledige innerlijke rust is het bewijs van een volwassen geloof.

Gods blik op de innerlijke gesteldheid: God kijkt niet naar de uiterlijke grootheid van een prestatie, maar naar de mate waarin de menselijke wil tijdens die actie was uitgeschakeld. Een kleine, alledaagse taak zonder ego heeft meer waarde dan een groot werk dat vanuit eigenwil is gedaan. 

In deel 7 verdiept Jezus de leer over het leven in de Goddelijke Wil, waarbij de nadruk verschuilt van het doen naar het leven in Zijn wil.

De verschuiving van "doen" naar "leven in": Jezus legt uit dat er een groot verschil is tussen een ziel die de wil van God doet (als een dienaar die bevelen opvolgt) en een ziel die leeft in de Goddelijke Wil. De ziel die erin leeft, beschouwt Gods Wil als haar eigen huis en bezit.

Het bezitten van de Bron van genade: Een ziel die in de Goddelijke Wil leeft, ontvangt niet langer losse, op zichzelf staande genaden van God. In plaats daarvan bezit zij de Bron van alle genade zelf, omdat God Zelf Zijn intrek volledig in haar neemt.

Kosmisch herstel door alledaagse handelingen: Wanneer de ziel een eenvoudige menselijke handeling (zoals werken of rusten) verricht in de Goddelijke Wil, krijgt die daad een oneindige waarde. De ziel biedt deze handelingen aan God aan om de harmonie in de schepping te herstellen die door de zondeval was verbroken.

Onwankelbare, goddelijke standvastigheid: Jezus leert dat menselijke deugden vaak wankelbaar zijn en meebewegen met emoties. De Goddelijke Wil daarentegen schenkt de ziel een goddelijke standvastigheid en een diepe, innerlijke rust die door geen enkele aardse storm of beproeving kan worden verstoord.

Transformatie van menselijk lijden: Lijden is in dit deel het instrument dat de ziel helpt om de menselijke manier van denken en handelen volledig los te laten. Door het lijden in absolute overgave te dragen, worden menselijke kwaliteiten omgevormd tot goddelijke eigenschappen.* 

In deel 8 leert Jezus dat het volledig vermelten van de menselijke wil met de Goddelijke Wil

Het smelten of versmelten van de wil: Jezus introduceert het concept van het "versmelten" van de menselijke wil in de Goddelijke Wil. Dit is de actieve spirituele oefening waarbij de ziel haar eigen ik volledig laat oplossen in Gods wezen, zodat hun werkingen één worden.

Geestelijke alomtegenwoordigheid: Wanneer de ziel is versmolten met de Goddelijke Wil, deelt zij in de alomtegenwoordigheid van God. Jezus legt uit dat de ziel op dat moment spiritueel aanwezig kan zijn in elk element van de schepping en in elke menselijke ziel, om overal Gods liefde te verspreiden.

Kosmische wederliefde en herstel: De ziel krijgt de taak om namens de gehele schepping (de natuur én alle mensen uit het verleden, heden en de toekomst) liefde, aanbidding en dankbaarheid aan God terug te geven . Zij herstelt hiermee de relatie tussen de Schepper en de creatie.

Loutering door de "afwezigheid" van Jezus: Luisa ervaart in dit deel diepe spirituele pijn door de schijnbare afwezigheid van haar Mystieke Bruidegom. Jezus legt uit dat deze pijnlijke leegte nodig is om de ziel te louteren en haar los te scheuren van elke vorm van spirituele zelfzucht of emotionele afhankelijkheid.

Onwankelbare trouw als fundament: Ware liefde bewijst zich niet in tijden van spirituele troost, maar in tijden van droogte en beproeving. Jezus eist een absolute standvastigheid; de ziel moet blijven functioneren in de Goddelijke Wil, ongeacht haar eigen gevoelens of omstandigheden.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 23:32 Reageer op dit bericht

Boodschappen aan John Leary - 91

10/6 Jezus: Mijn dienaar Elia was Mij trouw en trotseerde alle profeten van Baäl. Hij daagde de profeten van Baäl uit om vuur op hun offer te laten neerkomen. Alleen Ik liet vuur neerkomen op Elia's offer. Baäl was helemaal geen God, maar een verzonnen god om te aanbidden. Hij had geen macht. Elia liet zien dat Ik de enige ware God ben die zij hadden afgesproken te aanbidden. In het Evangelie heb Ik de mensen verteld dat Ik gekomen ben om de wet te vervullen en haar niet te vervangen. Ik heb jullie allen zo lief dat Ik bereid was aan het kruis te sterven om redding te brengen aan de hele mensheid die Mij aanneemt. Prijs en aanbid Mij om Mij te laten zien hoeveel jullie van Mij houden.

11/6 Jezus: In Antiochië leerden de discipelen de mensen over Mij en Mijn Opstanding. Het was in Antiochië dat ze voor het eerst christenen werden genoemd. Veel mensen bekeerden zich die dag tot de Heer. In het Evangelie werden de apostelen geroepen om Mijn Woord te verspreiden, dat het Koninkrijk van God nabij is. Ze genazen de zieken, dreven demonen uit en wekten zelfs doden op. Ik roep Mijn gelovigen van vandaag nog steeds op om Mijn woord en liefde te delen met alle mensen om je heen. Zelfs als je vervolgd wordt voor je zendingswerk, ga door, want Mijn engelen zullen je beschermen.

Je bewijst Mijn Heilig Hart vandaag een bijzondere eer. Deze afbeelding in je kamer laat je zien hoeveel Ik van jullie allen houd. Je ziet Mijn doornenkroon en een eeuwige vlam van liefde in Mijn Hart. Het is een teken dat Ik het centrum van jullie leven ben. Deze afbeelding herinnert je er elke dag aan hoeveel Ik van jullie houd en hoeveel jullie van Mij houden. Ik geef jullie elke dag leven om Mij te aanbidden en lief te hebben.

Je moet helpen het leven te ondersteunen en je verzetten tegen abortus. Wanneer je de kleine baby's ziet, kun je Mijn scheppingen waarderen, die zo mooi zijn. Elke ziel is Mij zo kostbaar en Ik wil niet dat mensen Mijn kleintjes in de baarmoeder aborteren. Zodra een kind geboren is, moet het door de priester in het geloof gedoopt worden om de erfzonde, geërfd van Adam, te verwijderen.

Het is de duivel die vrouwen aanzet tot abortus. Elk kind is los van het lichaam van de moeder en heeft ander DNA. Het kind heeft voeding nodig, maar elk kind verdient het om te leven. Wanneer je een baby aborteert, vernietig je de missie die Ik voor dat leven heb. De beschermengel van een geaborteerd kind verschijnt voor Mij in de hemel om getuige te zijn van deze moord. Bid om abortus te stoppen en Mijn wil te laten geschieden voor elk leven.

Om een ​​goede vervanging te hebben voor de stervenden in jullie bevolking, hebben jullie minstens drie kinderen per echtpaar nodig. Sommige stellen willen geen kinderen of minder dan drie. Ik roep Mijn ouders op om van hun kinderen te houden en ervoor te zorgen dat Zij ontvangen Mijn sacramenten van Doop, Vormsel, Biecht en Heilige Communie. Wanneer je in het geloof gedoopt bent, wordt je priester, profeet en koning als onderdeel van Mijn Kerk. De genade van Mijn sacramenten zal je leiden naar je eeuwige thuis in de hemel.

Het is belangrijk dat stellen trouwen als zij van plan zijn om seksuele relaties te hebben. Seks buiten het huwelijk is een doodzonde tegen Mijn zesde gebod. Daarom is dit voorbehouden aan het huwelijksbed. Ik heb man en vrouw het vermogen gegeven om kinderen te verwekken, en deze seksuele gemeenschap moet plaatsvinden binnen het huwelijk. Prijs en dank Mij dat Ik jullie allen naar Mijn beeld heb geschapen met een vrije wil.

Je moet je vader en moeder koesteren omdat zij je in dit leven hebben gebracht. Je moet hen respecteren en hen helpen, zelfs als ze oud worden. Het zijn Mijn ouders die Ik wil dat zij hun kinderen in het geloof opvoeden. Je moet je kinderen elke week meenemen naar de Mis en ook regelmatig naar de Biecht. Mijn ouders zijn verantwoordelijk voor de zielen van hun kinderen. Laat je kinderen zien hoeveel je van Mij houdt in je daden en je gebeden. Bij het oordeel zul je Mij verantwoording moeten afleggen over hoe je je kinderen hebt opgevoed.

Ik geef ieder mens de gaven die nodig zijn om de missie uit te voeren die Ik voor ieder van jullie heb uitgekozen. Wanneer je Mij met een zuivere ziel nabij blijft, zal Ik je in staat stellen te weten hoe je de missie die Ik voor ieder heb, kunt uitvoeren. Sommige mensen zijn geroepen tot het huwelijk, sommigen zijn ongehuwd en sommigen komen tot het religieuze leven. Een andere missie die Ik Mijn getrouwen geef, is om als missionarissen zielen te redden door mensen tot het geloof te bekeren. In alles wat je doet, wil Ik dat je alles doet uit liefde voor Mij en je naaste.

12/6 H. Hart - Jezus: Mozes leidde zijn volk uit Egypte na de tien plagen die Farao op de proef stelden, vooral door het verlies van hun eerstgeboren zonen. Ik voorzag het volk van manna als brood en de kwartels als vlees voor de avond. Tijdens de Mis ontvangt je brood en wijn, Mijn gewijde Lichaam en Bloed. In je toevluchtsoorden ontvang je ook dagelijks de Heilige Communie als brood en het hert als vlees. Prijs en dank Mij dat Ik in je behoeften voorzie wanneer je naar Mijn toevluchtsoorden komt.

Je hebt gelezen over Mozes, die zijn volk uit de slavernij in Egypte leidde. Mozes zegende zijn volk en voorzag met Mijn hulp in hun behoeften. In het Evangelie heb Ik je laten zien hoeveel Ik van jullie houd door aan het kruis te sterven voor je zonden. Ik geef jullie Mijn rust, want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht. Blijf je liefde voor Mijn Heilig Hart tonen.

13/6 Onbevlekt Hart - Jezus: Jullie herkennen zowel Mijn Heilig Hart gisteren als het Onbevlekte Hart van Mijn Heilige Moeder vandaag. Het is ook een van de Fatima-dagen waarop Maria aan de drie kinderen verscheen. In de eerste lezing legde Elia zijn mantel over Elisa om aan te geven dat Elia zijn missie aan Elisa overdroeg. Elisa slachtte zijn twaalf ossen en bereidde het vlees voor zijn volk. Jullie zijn door Mij geroepen om de missie van het verspreiden van Mijn Woord voort te zetten. In het Evangelie ging het over Mij vinden in de Tempel toen Ik twaalf jaar oud was. Ik sprak met de godsdienstleraren en zij waren verbaasd over Mijn woorden en Mijn vragen. Ik vertelde Mijn moeder dat Ik in het huis van Mijn Vader moest zijn toen zij Mij zocht. Prijs en dank Mij voor Mijn aanwezigheid in de geconsacreerde Hostie die jullie vandaag hebben ontvangen.

14/6 Jezus: Jullie hebben Mij zo lief wanneer jullie Mij ontvangen in Mijn gewijde Hostie. Jullie kijken ernaar uit om elke dag bij Mij te zijn wanneer Ik in jullie ziel kom. Mozes ging de berg Sinaï op om Mijn Tien Geboden te ontvangen. Het volk was dankbaar dat Ik hen uit de slavernij in Egypte had geleid. Ik gaf Mijn wetten aan Mijn volk, zodat ze Mijn wegen konden volgen in plaats van de wegen van de mens. In het Evangelie zag Ik het volk als een kudde zonder herder. Ik ben de Goede Herder van alle volken, en Ik roep jullie op om Mij uit liefde te gehoorzamen. Ik riep Mijn twaalf apostelen om eropuit te gaan en Mijn Woord te verkondigen: ‘Het Koninkrijk van God is nabij.’ Aanvankelijk werden ze geroepen tot de verloren schapen van Israël, maar later moesten ze ook de heidenen erbij betrekken.

15/6 Jezus: Je hebt gelezen over de ‘Izebel-geest’ toen zij sommige mensen liet beweren dat Naboth tegen God en de koning had gezworen. Toen werd Naboth gestenigd, zodat Achab Naboths land kon innemen voor zijn tuin. In het Evangelie vertelde Ik de mensen dat ze hun naaste moesten helpen, zelfs als die hen op de een of andere manier kwaad had gedaan. Dit is het tegenovergestelde van ‘oog om oog, tand om tand’. Als je naaste je jas wil, geef hem dan ook je mantel. Dit is een manier om je naaste lief te hebben in plaats van wraak te zoeken.

16/6 Jezus: Izebel liet Naboth doden, zodat Achab, de koning, Naboths land in bezit kon nemen. Ik zond Elia om Achab te vertellen hoe hij moest lijden voor zijn slechte daden. Toen Achab over zijn oordeel hoorde, bekeerde hij zich en vastte in rouwgewaad. Ik had medelijden met een berouwvolle zondaar, en de straf zou over zijn zoon komen. Izebel werd gedood voor haar wandaden. In het Evangelie heb ik de mensen gezegd dat ze hun vijanden net zo goed moeten liefhebben als hun vrienden. Ze moeten ernaar streven volmaakt te zijn, zoals Mijn Vader in de hemel volmaakt is. Ook moet je je bekeren van je zonden in de biecht, zodat je een rein hart kunt bewaren voor je oordeel.

17/6 Jezus: In de eerste lezing raakte Elia met zijn mantel de Jordaan aan en hij en Elisa reisden over droge grond, omdat het water stilstond. Toen vroeg Elisa Elia om een ​​dubbele portie van zijn geest. Elia werd in een wervelwind met vlammende paarden naar de hemel opgenomen. Elisa nam Elia's mantel en raakte die ook aan de Jordaan aan, en het water stond weer stil. In het Evangelie heb Ik de mensen gezegd te bidden, te vasten en in het geheim aalmoezen te geven, zodat Mijn hemelse Vader, die in het geheim ziet, jullie zal belonen. Wees niet zoals de Hippocrates, die alles doen om gezien te worden, want zij zijn al betaald. Maar wees nederig en je hemelse Vader zal je je beloning geven.

18/6 Jezus: jullie hebben een samenvatting gelezen van de daden van Elia, van alles wat hij deed toen hij driemaal vuur neerriep en hoe hij met vurige paarden naar de hemel werd opgenomen. In het Evangelie heb Ik de mensen gezegd dat ze niet met woorden moesten brabbelen, maar Ik heb hun Mijn Onze Vader-gebed gegeven dat jullie bij elke mis bidden. Jullie moeten iedereen kunnen vergeven, anders zal Mijn Vader jullie niet vergeven. Jullie bidden elke dag de rozenkrans en Ik hoor al jullie smeekbeden. Ik beantwoord jullie gebeden op Mijn manier en op Mijn tijd. Wees geduldig in het leven, want dingen gebeuren niet altijd wanneer je wilt, en ze gebeuren volgens de wil van Mijn Vader.

Je zult een priester hebben voor de Mis, of Mijn engelen zullen je dagelijks de Heilige Communie brengen. Je zult een geconsacreerde Hostie nemen en die in een monstrans op je altaar plaatsen. Dan zullen één of twee mensen Mijn Heilig Sacrament elk uur van elke dag aanbidden. Door Mij te aanbidden, versterk je je band met Mij in liefde. Het ontvangen van Mijn dagelijkse Eucharistie zal je de fysieke en geestelijke kracht geven om de beproevingen te doorstaan.

Klaag niet over de timing van de gebeurtenissen zoals de Vader dat wil. Alles zal gebeuren op de tijd van Mijn Vader en niet eerder. Je moet vertrouwen op de Vader wanneer Hij Zijn waarschuwing zal brengen. Ik zal je waarschuwen wanneer je naar Mijn toevluchtsoorden moet komen, zodat je door Mijn engelen beschermd wordt tegen bommen, virussen of EMP-aanvallen. Vertrouw op Mij en Mijn engelen om in je behoeften te voorzien.

19/6 Jezus: Er zijn mensen die hun geld meer waarderen dan Mij. Maar er zijn Mijn getrouwen die Mij als het middelpunt van hun leven beschouwen. Veel mensen komen naar de zondagsmis om Mij in de Heilige Communie te ontvangen, maar als je Mij werkelijk liefhebt, zul je je liefde voor Mij elke dag tonen in je dagelijkse mis en je dagelijkse gebeden. Ik heb jullie allen lief, omdat Ik jullie naar Mijn beeld heb geschapen. Dus jullie moeten iedereen liefhebben zoals Ik dat doe. Het is waar dat de ogen de vensters van de ziel zijn. Je kunt veel over iemand zien door in zijn of haar ogen te kijken. Je ogen kunnen een bron van zonde zijn als je kijkt naar dingen die je tot zonde verleiden. Beheers daarom wat je met je ogen doet, zodat je altijd op Mij gericht bent en Mijn wil doet.

20/6 Jezus: Ik heb mensen gezegd dat ze zich geen zorgen hoeven te maken over wat ze zullen eten, drinken of aantrekken. Ik voed de vogels in de lucht en ze slaan geen voedsel op in schuren. Ik kleed de velden met prachtige bloemen, en de volgende dag worden ze in het vuur geworpen. Vertrouw op Mijn hulp, want je zorgen maken over deze wereldse dingen zal je niet helpen. Zoek eerst het Koninkrijk van God, en al deze dingen zullen je gegeven worden. Ik heb jullie allen lief en Ik weet wat jullie nodig hebben, nog voordat jullie het Mij vragen. Ik zal ervoor zorgen dat jullie genoeg water, voedsel en kleding hebben om te overleven.

21/6 Vaderdag - God de Vader: IK BEN DIE IS is hier om alle vaders, grootvaders en overgrootvaders een fijne Vaderdag te wensen. Jullie zijn allen Mijn scheppingen, en jullie weten dat jullie op een dag in dit lichaam zullen sterven. Maar jullie ziel zal voor eeuwig voortleven. Jullie moeten je ziel gereed hebben voor het oordeel wanneer jullie je lichaam verlaten bij de dood. Door regelmatig te biechten, kunnen jullie je ziel rein houden en gereed maken om Mij te ontmoeten bij het oordeel. Als jullie werkelijk naar de hemel willen komen, zullen jullie ervoor kiezen om Mij lief te hebben en Mijn wil te doen gedurende jullie leven. Naarmate jullie ouder worden, komen jullie dichter bij de dood, dus moeten jullie er klaar voor zijn om op elk moment te sterven. Vertrouw op Mijn Woord dat de mensen die Mij liefhebben en Mijn geboden gehoorzamen, op de goede weg naar de hemel zijn.

22/6 Jezus: In het Evangelie heb Ik jullie gezegd dat jullie moeten stoppen met oordelen over mensen, en dat jullie geoordeeld zullen worden naar de maat waarmee jullie mensen hebben geoordeeld. Ik heb de mensen gezegd dat ze de balk uit hun eigen oog moeten verwijderen, zodat ze duidelijk kunnen zien om de splinter uit het oog van hun broeder te verwijderen. Ik ben de ultieme rechter over iedereen, en jullie zullen geoordeeld worden op jullie leven, op hoe jullie Mij en jullie naasten hebben liefgehad. Dit zal jullie naar de hemel, het vagevuur of de hel leiden. Doe je best om maandelijks te biechten, zodat je een reine ziel hebt om Mij te ontmoeten bij het oordeel.

23/6 Jezus: Jullie hebben gelezen hoe Sennacrib vol vertrouwen Israël wilde aanvallen met zijn leger. Hij spotte met Mij, maar de koning van Israël bad om Mijn bescherming tegen de Assyriërs. Ik zond een engel om 185000 soldaten van Sennacribs leger te vernietigen voordat ze Israël konden aanvallen. Door deze vernietiging van zijn leger keerde hij met een enorme nederlaag terug naar huis. Dit is een voorbeeld van hoe jullie volledig op Mij moeten vertrouwen om Mijn getrouwen te beschermen tegen de boze. Ik heb jullie allemaal lief en wanneer jullie Mij in een wanhopig uur om hulp aanroepen, zal Ik jullie niet als wezen achterlaten, maar Ik zal Mijn engelen oproepen om jullie te beschermen.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 20:05 Reageer op dit bericht

25/6 Verenig je en bid onophoudelijk - Angelica

25/6 Verenig je en bid onophoudelijk - Angelica

Maria: Kinderen, volken van de aarde, dit is de tijd – ja, dit is werkelijk de tijd van liefde, vrede en broederschap; doe het nu, meteen! Mijn kinderen, hoe vaak moet ik jullie nog zeggen dat jullie eenheid vreugde zal brengen! Verenig je, en jullie zullen Gods wil hebben vervuld; en bid, bid onophoudelijk, opdat de conflicten op deze aarde mogen ophouden.

Hoeveel kinderen komen om door dood, honger en hongersnood!

Vergeet nooit dat er broeders en zusters in elke hoek van de aarde zijn die lijden en sterven zonder dat het hun eigen schuld is; hun enige 'fout' is dat ze bestaan ​​en zich op de verkeerde plaats bevinden.

Over verkeerde plaatsen gesproken, in deze tijd is geen enkele plaats veilig; daarom vraag ik jullie je te verenigen, want verenigd zullen jullie Gods kracht op deze aarde zijn; door verdeeld te blijven, geven jullie oorlogsstokers alleen maar vrij spel om aan beide kanten te spelen.

Jullie zijn de sleutel tot alles; Jullie zijn Gods kracht op aarde – mensen die in staat zijn enorme veranderingen teweeg te brengen.

Ik herhaal: “Wanneer jullie verenigd zijn, zijn jullie talrijk en vrezen ze jullie! Volg geen politieke ideologieën; jullie enige ideologie is vrede, alleen vrede!”

Haast je!

Prijs de Vader, de Zoon en de Heilige Geest! Ik geef jullie Mijn Heilige Zegen en dank je dat jullie naar Mij luisteren.

Bid, bid, bid!

Jezus: Ik zegen jullie in Mijn Drie-eenheid, die bestaat uit de Vader, Ik, de Zoon en de Heilige Geest! Amen.

Moge Mijn zegen krachtig, stralend en overvloedig neerdalen op alle volken van de aarde, zodat zij begrijpen dat zij hun broeders en zusters moeten zoeken, hen moeten omarmen en samen moeten wandelen – zodat dwaze politici beseffen dat de volken overal ter wereld vrede verlangen!

Kinderen, het is jullie Heer Jezus Christus die tot jullie spreekt, Hij die vaak komt en jullie vertelt wat jullie moeten doen, opdat jullie tijd op aarde zoet en aangenaam mag zijn. Zie je, kinderen, alles wat er op deze aarde gebeurt – de conflicten, de politieke onrust – leidt jullie af van het gebed en berooft jullie van de vrede die Ik jullie voortdurend schenk! Kom op, Mijn kinderen, God heeft jullie een kracht gegeven: liefde. Gebruik die, en laat ieder van jullie op zijn eigen manier met heel zijn hart geven!

Ik zegen jullie in Mijn Drie-eenheid, die bestaat uit de Vader, Ik, de Zoon en de Heilige Geest! Amen.

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 18:50 Reageer op dit bericht

De bekendste woestijnvaders en enkele citaten

De bekendste woestijnvaders

De bekendste woestijnvader is zonder twijfel Antonius de Grote (ook bekend als Antonius van Egypte), die wordt beschouwd als de vader en stichter van het christelijke monnikenleven.

Vanaf de 3e en 4e eeuw trokken deze christelijke kluizenaars de woestijnen van met name Egypte in om in absolute soberheid en gebed te leven. Hoewel er duizenden monniken waren, zijn de volgende figuren historisch gezien het meest bekend en invloedrijk gebleven:

De absolute pioniers

Antonius de Grote (ca. 251–356): Hij gaf al zijn bezittingen weg en trok de Egyptische woestijn in. Zijn levensverhaal (geschreven door Athanasius) inspireerde generaties Europeanen om ook monnik te worden. Pachomius (ca. 292–346): Waar Antonius koos voor de totale eenzaamheid, richtte Pachomius de allereerste christelijke kloostergemeenschappen (cenobieten) op met vaste regels.

Macarius van Egypte (ca. 300–391): Stichter van een grote monnikenkolonie in de Nitrische woestijn (Wadi Natroen). Hij stond bekend om zijn diepe spirituele wijsheid en wonderen.

Andere invloedrijke woestijnvaders en -moeders

In de beroemde verzameling vaderspreuken (de Apophthegmata Patrum) vallen een aantal namen specifiek op door hun scherpe lessen:

Poimen de Grote: Zijn naam betekent 'herder'. Hij is een van de meest geciteerde vaders in de oude geschriften vanwege zijn milde en praktische adviezen over het menselijk tekort.

Mozes de Donkere (de Ethiopiër): Een voormalige dief en bendeleider die zich bekeerde. Hij werd een symbool van radicale vergeving en geweldloosheid in de woestijn.

Arsenius de Grote: Een voormalig leraar aan het keizerlijk hof in Constantinopel die alles achterliet. Zijn levensmotto was: "Vlucht, zwijg en wees in rust."

Evagrius Ponticus: Een intellectueel die de psychologie van de woestijnvaders systematisch opschreef. Zijn analyses van menselijke verleidingen stonden later aan de basis van de bekende "zeven hoofdzonden".

De Woestijnmoeders (Amma's): Hoewel de groep 'vaders' wordt genoemd, trokken er ook invloedrijke vrouwen de woestijn in. De bekendsten zijn Syncletica uit Alexandrië, Sara en Theodora.

Hier zijn enkele van de bekendste en meest tijdloze citaten van de woestijnvaders (en -moeders). Hun uitspraken, vaak verzameld in de Apophthegmata Patrum, zijn kort, krachtig en gericht op psychologisch zelfinzicht.

Over stilte en de cel

De 'cel' (de kluis van de monnik) was de belangrijkste leerschool.

Abba Mozes: "Ga in je cel zitten, en je cel zal je alles leren."

Abba Arsenius: "Ik heb vaak spijt gehad van mijn woorden, maar nooit van mijn zwijgen."

Amma Syncletica: "Het heeft geen nut om in de eenzaamheid te leven als je hart vol zit met wereldse gedachten. Je kunt in een drukke stad leven en toch een kluizenaar in je hart zijn."

Over oordelen en mildheid

De vaders waren verrassend psychologisch onderlegd en waarschuwden fel tegen het bekritiseren van anderen.

Abba Poimen: "Als de mens zijn eigen fouten ziet, ziet hij de fouten van zijn naaste niet."

Abba Mozes: "Het is de ultieme deugd om niet te oordelen over je naaste." (Uitgesproken nadat hij een zak zand met een gat erin op zijn rug droeg om te laten zien dat zijn eigen zonden achter hem wegstroomden terwijl hij anderen moest beoordelen).

Abba Poimen: "Kwaad kan kwaad niet overwinnen. Als iemand je kwaad doet, doe hem dan goed, zodat jouw goedheid zijn kwaad overwint."

Over innerlijke rust en gedachten

De vaders zagen de geest als een woeste zee die kalm moest worden.

Abba Antonius: "Net zoals vissen sterven als ze te lang op het droge liggen, zo verliezen monniken hun innerlijke vrede als ze te lang buiten hun cel blijven."

Abba Poimen: "We kunnen niet voorkomen dat slechte gedachten in onze geest opkomen, net zomin als we de wind kunnen tegenhouden. Maar we kunnen wel weigeren ze te koesteren."

Abba Agathon: "Geen enkele spirituele prestatie is zo moeilijk als bidden tot God. Telkens wanneer iemand wil bidden, proberen vijandige machten dat te verhinderen, want ze weten dat niets hen zozeer tegenhoudt als het gebed."

Over nederigheid

Trots werd gezien als de gevaarlijkste valkuil in de woestijn.

Abba Antonius: "Ik zag alle strikken van de duivel uitgespreid over de aarde, en ik zuchtte en zei: 'Wie kan hieraan ontsnappen?' Toen hoorde ik een stem die antwoordde: 'Nederigheid'."

Abba Johannes de Dwerg: "Als een koning een vijandelijke stad wil innemen, snijdt hij eerst de watertoevoer en de voedselvoorraden af. Zo verhongert de vijand tot hij zich overgeeft. Dit geldt ook voor de passies van het vlees: als we vasten en sober leven, worden de vijanden van onze ziel zwakker."

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 18:45 Reageer op dit bericht

19/6 Maranatha! Kom, Heer Jezus, met Maria Onze Moeder - Mario D'Ignazio

19/6 Maranatha! Kom, Heer Jezus, met Maria Onze Moeder - Mario D'Ignazio

Geprezen zij Jezus Christus. Geprezen zij Hij altijd! Welkom, beste vrienden van de Heilige Tuin in Contrada Santa Teresa, Brindisi. Laten we stil zijn om te luisteren naar de boodschap die Maria, Koningin der Legers, ons vandaag wil nalaten. De Maagd Maria verscheen gekleed in wit, in een witte jurk geborduurd met goud. Een blauwe mantel viel van Haar schouders. Zij droeg een gouden kroon op Haar hoofd.

Maria, Koningin der Hemelse Legerscharen: Geprezen zij de goddelijke Naam van Jezus. Moge Hij voor eeuwig geprezen worden! Ik ben de Koningin van de Hemelse Legerscharen. Ik spoor de hele Kleine Kudde, de hele Restkerk, de Overgebleven Kerk van Onze Heer Jezus Christus, de Mystieke Kerk van de Heilige Geest, aan om naar Mij te luisteren en Mijn Boodschappen, Mijn Waarschuwingen, Mijn Oproepen, Mijn Mededelingen en Mijn Moederlijke Vermaningen, die Ik sinds 5 augustus 2009 in de Heilige Tuin in Contrada Santa Teresa in Brindisi heb geopenbaard, in praktijk te brengen. Gedurende de eerste 10 maanden verscheen Ik elke vrijdag om jullie te herinneren aan het Goddelijke Lijden van Jezus. Sinds 5 juli 2010 verschijn Ik elke 5e van de maand om jullie te herinneren aan de Vijf Wonden van Jezus, de eerste vijf zaterdagen van de maand en de Vijf Mysteries van de Rozenkrans. Reageer op Mij! Reageer op de Oproep tot Verzoening met God!

Reageer op Mijn Verschijning, op Mijn Oproep, op Mijn Geestelijke Manifestatie in de Heilige Tuin van Contrada Santa Teresa, door Maria-pelgrimages te organiseren op de 5e van elke maand om te komen bidden met de Heilige Rozenkrans in afwachting van de maandelijkse openbare Boodschap. Ik verlang ernaar dat je komt bidden met de Heilige Rozenkrans op de 5e van elke maand, in afwachting van Mijn Verschijning. Bid de Heilige Rozenkrans! Verwaarloos het gebed van de Heilige Rozenkrans niet! Bid elke dag de Rozenkrans: bid de Rozenkrans als gezin, in jullie woning – ware huiskerken, nieuwe heilige catacomben; houd altijd een kaars brandend, houd altijd een kaars brandend, en maak een prachtig versierd altaartje ter ere van Onze Allerheiligste Harten. Bid! Bid! Bid! Vast! Vast! Vast! Vooral elke vrijdag, ter ere van het Goddelijk Lijden van Jezus.

Mediteer over de 5 Lichtende Wonden van Mijn Zoon Jezus.

Mediteer over Zijn glorierijke en Verlossend Kruis. Aanroep het Bloed van het Goddelijke Lam. Aanbid en beschouw het Heilig Gelaat van Mijn Zoon Jezus.

Wijd jezelf toe! Wijd jezelf toe aan het Allerheiligste Verwelkomend Hart van Mijn Zoon Jezus, Ware God en Ware Mens, de Ene Ware Christus, de Ene Ware God, de Ene Ware Heer en Verlosser, de Ene Ware Rechtvaardige Rechter en Wetgever, de Goede Herder: de Barmhartige en Mededogende God.

Bid! Bid! Bid! Doe boete en breng vele kleine offers aan het Verwelkomende en Mededogende Hart van Mijn Allerliefste Zoon Jezus. Heb Jezus lief en aanbid Hem! Beschouw altijd het stralende Gelaat van de Heer Jezus. Kijk naar Hem, en je zult stralen.

"In Uw Licht zien wij het Licht," zegt het Woord van God. Kijk naar Hem. En je zult stralen. Kijk naar Hem die door hen is doorboord. En je zult stralen. Kijk naar Hem die met doornen is gekroond, gegeseld en gekruisigd. En je zult stralen. Bedenk dat Mijn Zoon Jezus de Ene Ware Christus is, de Ene Ware God, de Ene Ware Verlosser: de Heer der heren, de Koning der koningen, de Vredevorst, de Eerste en de Laatste, de Alfa en de Omega, de Glorierijke, de Overwinnaar, de Heilige van Israël, de Gezegende voor alle eeuwigheid.

Dompel jezelf onder in het Allerheiligste Hart van Mijn Zoon Jezus, de levende Bron van Vrede, Liefde, Barmhartigheid, Verdraagzaamheid en Vergeving. Mijn Zoon Jezus is altijd bereid je te vergeven, je Zijn vergeving, Zijn omhelzing, Zijn barmhartigheid te schenken en je met Zijn Vader te verzoenen, als je je oprecht van harte bekeert. Als je berouwvol en vol spijt bent.

Als je om vergeving vraagt, zul je vergeving ontvangen. Als je om barmhartigheid smeekt, zul je barmhartigheid ontvangen. Als je om gerechtigheid smeekt, zul je gerechtigheid ontvangen.

Bid! Bid! Bid! Want er komen nieuwe plagen aan.

Bid! Bid! Bid! Want er komen nieuwe rampen aan.

Bid! Bid! Bid! Want er komen verschrikkelijke aardbevingen aan. Verschrikkelijke aardbevingen komen eraan.

Bid voor België. Bid voor Luxemburg.

Bid! Bid! Bid!

Dit zijn de laatste dagen: de dagen van afvalligheid, de dagen van ketterij, de dagen van schisma, de dagen van vervolging van ware christenen door valse christenen, de dagen van verwarring, de dagen van vele doodzonden, de dagen van valse missen, de dagen van de valse eucharistie. Dit zijn de tijden van valse missen en de valse eucharistie van de ketterse, vrijmetselaarskerk.

Luister naar Mij! Breng Mijn oproepen en Mijn waarschuwingen in praktijk! Breng in praktijk wat Ik je vertel in de Heilige Tuin van Contrada Santa Teresa, en bedenk dat je in de eindtijd leeft en dat er een valse kerk heerst. Hoed je voor valse sacramenten!

Volg de Weg van Fatima! Volg de Weg van de Hemel! Volg de mysterierijke bovennatuurlijke Weg die je in 1917 in Fatima in de Cova da Iria is geopenbaard.

De plagen die komen zijn verschrikkelijk! De plagen die komen zijn verwoestend! Vanwege de zonden van de mensheid komen er nieuwe plagen. Vanwege de ongehoorzaamheid van de mensen komen er nieuwe plagen. Vanwege de vervreemding van de zielen van God, van het gebed, van boetedoening, van vasten, van offer en van herstel, komen er nieuwe plagen.

Deze mensheid is erger dan de mensheid die leefde in de tijd van Noach. Deze mensheid is ver van God verwijderd. Deze mensheid is zeer ver van God en van het gebed verwijderd: zij is haar Ene Ware God vergeten, die Jezus de Goede Herder is, die Jezus de Verlosser is, die Jezus de Heer is, die Jezus de Alfa en de Omega is, de Eerste en de Laatste, de Eerste van hen die uit de doden opstaan.

Deze mensheid is doof geworden voor Mijn smeekbeden. Deze mensheid luistert niet naar Mijn Onbevlekte, Smartvolle, Bloedende Hart.

Zoveel zielen gaan naar de hel! Zoveel zielen vallen, storten zich in de afgronden van de hel. Bid! Bid! Bid! Bid dat vele zielen gered mogen worden! Bid dat vele zielen zich mogen bekeren! Bid dat vele zielen het brede pad van verderf, zonde, kwaad, goddeloosheid en dwaasheid mogen verlaten en tot God mogen terugkeren. Bid voor de heilige zielen in het vagevuur. Bid dat zij die in doodzonde zijn gevallen, genade, clementie en mededogen mogen smeken; een goede biecht mogen afleggen; zich mogen bekeren; en op zijn minst hun ziel mogen redden.

Dit is niet de tijd om te twijfelen, maar om te geloven. Dit is niet de tijd om te twijfelen aan het geïnspireerde Woord van God, maar om erin te geloven. Dit is niet de tijd om de gezonde leer van het geloof, de heilige traditie of het ware leergezag van de ware Kerk te verlaten. Dit is niet de tijd om het mediteren over de leringen van de woestijnvaders, de kerkvaders en de heiligen te verwaarlozen.

Aanroep Mij om Mijn hulp als Koningin van de Hemelse legermachten! Aanroep Mij om Mijn bijstand! Aanroep Mij om Mijn zegen! Aanroep Mij om Mijn hulp! Aanroep Mij om Mijn heilige aanwezigheid! Luister naar Mij! Dit zijn werkelijk de laatste dagen!

Zie je de afvalligheid zich niet ontvouwen? Zie je niet hoeveel ketterijen er zijn? Zie je het schisma niet? Zie je de gruwel in de heilige plaatsen niet? Realiseer je je niet dat de Grote Verdrukking en de grote wereldwijde omwenteling eraan komen? Bereid je voor op de Grote Verdrukking en de grote wereldwijde omwenteling die eraan komt.

Bereid je voor door elke dag de Heilige Rozenkrans te bidden, elke vrijdag te vasten en te mediteren over het Goddelijk Lijden van Jezus. Bereid je voor op de grote wereldwijde omwenteling en de Grote Verdrukking. Bereid je voor op de Drie Dagen van Duisternis die komen gaan. Bereid je voor!

Dit is geen tijd om te aarzelen. Dit is geen tijd om op te geven. Dit is geen tijd om terug te keren naar de wereld, naar zonde: zelfs als je in de verleiding komt om terug te keren naar de wereld, naar het kwaad, naar zonde, moet je sterker zijn, weerstand bieden en niet bezwijken voor verleiding. U kunt niet altijd bezwijken voor verleiding!

Satan is sterk. En hij verleidt je tot ontmoediging. Hij verleidt je tot vele zonden, maar je mag er niet aan toegeven, je kunt niet altijd in zonde vallen: je moet Mijn Zoon Jezus om hulp aanroepen, standvastig blijven in Jezus en elk gebed tot de Vader richten door de Zoon in de Heilige Geest.

Je moet jezelf sterken om niet toe te geven, om niet altijd in verleiding te vallen. Je moet jezelf sterken in Jezus, met Jezus, voor Jezus, om niet in verleiding te vallen. Je bent omringd door legioenen demonen! Besef dat je omringd bent door legioenen demonen: er zijn er miljoenen!

Besef dat een valse kerk – de kerk van de duisternis, de kerk van de somberheid – heerst. Besef de aanwezigheid van de Roomse satanische bedrieger. Besef de huidige toestand van het Vaticaan. Besef hoeveel ministers corrupt zijn en verderf zaaien. Hoeveel ministers hun geloof hebben laten vergaan. Hoeveel predikanten hebben hun geloof verloren en zijn teruggekeerd naar de wereld, naar Satan, naar zonde en de wereld?

Zelfs als je in de verleiding komt, moet je sterk zijn om niet toe te geven aan de verleiding, om er niet in te vallen. Zelfs als je je kwetsbaar of zwak voelt, moet je kracht putten uit Jezus, met Jezus, voor Jezus – door te bidden, te bidden, te bidden, te vasten en het goed te maken. En houd altijd een kaars brandend. Houd altijd een kaars brandend om de demon van twijfel af te weren; om de demon van luiheid af te weren; om de demonen van trots, arrogantie, afgunst, jaloezie en wraak af te weren.

De demon van twijfel is zeer, zeer sterk en slaagt erin wortel te schieten in zo veel, zo veel, zo veel zielen.

Ik zegen je met Mijn Moederlijke Zegen. In de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

Ik wacht elke 5e van de maand op jullie in Mijn Gezegende Tuin in Contrada Santa Teresa in Brindisi. Ik wacht op jullie elke 5e van de maand om 16:00 uur. Ik heb zo ontzettend veel gebeden nodig! Ik dorst naar gebed!

Jullie moeten meer bidden, met jullie hart. Jullie moeten bidden met liefde, met toewijding. Jullie moeten bidden met de lippen van jullie hart. Leer bidden met de lippen van het hart. Jullie moeten niet alleen bidden met de lippen van het lichaam, maar met de lippen van het hart: met de lippen van de ziel.

Ik zegen jullie met Mijn Moederlijke Zegen.

Shalom, shalom, shalom, Kleine Kudde. Shalom, shalom, shalom, Restkerk van Onze Heer Jezus Christus, Mystieke Kerk van de Heilige Geest verspreid over de hele wereld. Shalom, shalom, shalom.

Zeg vaak: Maranatha! Kom, Heer Jezus, met Maria, onze Moeder, de Onbevlekte Bruid van de Heilige Geest, gekroond met twaalf stralende sterren. Heer Jezus, was ons met Uw kostbaarste Bloed. Niet door macht of kracht, maar door de Geest van God: Ruah. In de Naam en door de Kracht van het Kruis, door de voorspraak van de Medeverlosseres: “Ga weg, Satan!”

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door claudia om 18:39 Reageer op dit bericht

24/6 Een Nieuwe Hemel en een Nieuwe Aarde. - Myriam Corsini

24/6 Een Nieuwe Hemel en een Nieuwe Aarde. - Myriam Corsini

God de Vader: Geliefde dochter, Ik vraag om gebeden voor Mijn volk!

Waarschuw Mijn kinderen dat de tijd van de oude dingen voorbij is; de nieuwe dingen komen eraan: een nieuwe Hemel en een nieuwe Aarde.

Mijn geliefde schepselen, Ik wil jullie verblijden met Mijzelf, met Mijn oneindige schoonheid; Ik wil jullie in Mij vervullen.

Alles is stil; jullie land is in afwachting, maar alles zal plotseling losbarsten – de aarde zal beven en de hemel zal verduisteren.

Mijn Macht wordt nog niet volledig begrepen door de mensen; zij denken dat Ik een spookgod ben, een afwezige God, maar hier ben Ik, geliefde kinderen. Ik kom om Mijzelf aan jullie te openbaren, zodat de genade van het zien over jullie mag komen; Ik zal jullie ogen openen… Jullie zullen Mij zien, jullie zullen Mij kennen, en jullie zullen niet langer kunnen zeggen dat God slechts een fabel is in de hoofden van de armen!

Hier ben Ik, Mijn kinderen, hier ben Ik bij jullie; Ik ben louter liefde; Ik straal liefde en vreugde uit. Open jullie harten voor Mij; Laat Mij Degene zijn die jullie streelt en voedt met Mijn vreugde. Wees niet ongelovig, maar geloof, want het uur van de Opname is gekomen!

De Hemel verlangt ernaar zijn kinderen weer bij Zich te hebben; Hij verlangt er vurig naar om met hen te wonen, om nieuwe werelden te scheppen met Zijn geliefde volk.

Hier ben Ik, geliefde kinderen; Ik leef in afwachting van jullie; Ik voed jullie hele wezen met Mijn liefde en roep vrede tot jullie! Vrede, geliefde kinderen; moge vrede in jullie zijn!

In Mijn Onmetelijkheid zal Ik jullie verwelkomen; Ik zal jullie in Geest en Waarheid tot Mij terugbrengen; jullie zullen alle goeds ontvangen en in immens geluk leven. De dingen van het verleden zullen verdwenen zijn, vergeten in het licht van de schoonheid van wat jullie in Mij zal toebehoren.

Ik leef in afwachting van jullie ontmoeting, Mijn kinderen: …hoe mooi zal het zijn wanneer Ik jullie dicht bij Mij kan trekken, jullie in Mij kan opnemen, …Mijn Hart zal zich openen wanneer jullie in Mij overgaan, en Mijn Geest zal vanuit Mij in jullie ademen.

Begin te leven door jezelf in Mij te plaatsen, geliefde kinderen; denk niet aan wat er op aarde overblijft – alles zal vergeten worden. Omwille van de liefde van jullie God zullen jullie alles vergeten, al het lijden; jullie zullen al jullie geliefden weer omarmen en verblijven in het rijk van de oneindige Liefde.

Ik leef voor jullie en door jullie; Ik voed jullie met Mijzelf; Mijn Heilig Woord dringt in jullie door. Heb liefde onder elkaar; verenig je als één hart en één ziel. De tijd die jullie nog moesten wachten op Mij is voorbij; de weg is open voor Mij om te komen met heel Mijn Hemelse Leger om een ​​einde te maken aan dit uitschot dat op aarde heerst: Genoeg!

Hier ben Ik bij jullie, Mijn kinderen, Mijn volk, Mijn geliefde volk; hier ben Ik bij jullie. Ik beef van liefde terwijl Ik op jullie wacht; Ik verheug me, want Ik zal jullie weer in Mij hebben. Jullie zijn van Mij; jullie zijn een deel van Mij… jullie zullen weer in Mij wonen.

Laat de banden van de dood verbroken worden; Laat de aarde zich openen en elk onrein wezen verzwelgen… zij die tegen Mij in opstand komen: laat de aarde over aan Mijn uitverkorenen, o boze geesten; hier bereid Ik een wereld van liefde voor; Ik zal Mijn volk, in vrijheid en oneindige liefde, het Nieuwe Eden geven.

Verkondig Mijn Heilige Naam; open jullie voor Mij; Ik ben jullie Enige Redder, Degene die jullie leven zal herstellen in liefde en vreugde.

De trompetten klinken; de Hemel beveelt de poort te openen; de Troon van God zal neerdalen op de aarde om Zijn kinderen te verrukken en hen naar Hem toe te leiden in het nieuwe leven.

Beef, o oude poorten; zie, de Koning van oneindige liefde komt om jullie terug te nemen in Zichzelf.

Ween, jullie demonen van de hel; jullie tijd eindigt hier! Ik heb op deze dag gewacht met al Mijn liefde voor jullie, Mijn kinderen; nu zal Ik jullie in Mijn armen nemen en jullie eindelijk in Mij wiegen. Geef jullie over aan Mij; laat jullie in Mij opnemen.

De hemel straalt in duizend kleuren; Het Licht zal neerdalen op de mensheid, de duisternis verdrijven en alles nieuw maken.

Ik zegen jullie; met vurige liefde verwacht Ik jullie allen tot Mij te komen.

God de Vader.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 18:18 Reageer op dit bericht

596: Uit het Blauwe Boek van Don Gobbi Jezus Christus is de enige Redder

596: Uit het Blauwe Boek van Don Gobbi

Jezus Christus is de enige Redder - feest van de geboorte van de H. Johannes de Doper 24/6/1997

Je bent dit jaar opnieuw naar deze berg (Valdragone) gekomen om deze dagen door te brengen in een samenkomst van voortdurend gebed en broederschap met je Hemelse Moeder. Jullie zijn in zulke grote aantallen gekomen, bisschoppen en priesters van mijn Beweging uit alle delen van de wereld. 

Ik zie naar jullie met de vreugde van een Moeder, die naar jullie luistert die jullie volgt en die jullie verheerlijkt. Ik verenig mij met je gebed, dat ik in mijn handen verzamel om het aan te bieden aan de troon van de Allerheiligste en Goddelijke Drie-eenheid. Ik help jullie elkaar lief te hebben als broeders, zodat Jezus de vreugde mag ervaren zijn nieuwe gebod onder jullie te zien naleven. Ik laat de Hemelse dauw van genade, barmhartigheid, troost, vreugde en vrede in jullie zielen neerdalen. Volg mij op de weg die jullie naar het Grote Jubileum leidt, langs het pad dat jullie werd gewezen door mijn Paus Johannes Paulus II. Laat je in mijn Onbevlekte Hart meevoeren naar de ontmoeting met Jezus Christus, jullie Verlosser en je enige Redder.

* Jezus Christus is de enige Verlosser, omdat Hij het Eeuwige Woord van de Vader is, die mens werd in mijn maagdelijke schoot, die geboren werd, opgroeide en stierf aan het kruis voor jullie verlossing en je redding.

* Jezus Christus is de enige Verlosser, omdat Hij de Waarheid is. Het volmaakte beeld van de Vader, Zijn Eeuwige Woord, brengt jullie de gave van de goddelijke waarheid. Zijn waarheid is vervat in het Evangelie. Geliefde zonen, wees trouwe en krachtige verkondigers van het Evangelie. Zie hoe de waarheid in het Evangelie wordt verduisterd door rationalisme en verscheurd door de dwalingen die steeds wijdverspreider worden. Zo dwalen velen af ​​van het ware geloof.

Leef naar de letter van het Evangelie van mijn Zoon Jezus. Verkondig naar de letter van het Evangelie dat je beleeft. Blijf het licht van de waarheid verspreiden in een wereld die doordrongen is van de duisternis van dwaling en afvalligheid. Wees de apostelen van de nieuwe evangelisatie in een wereld die heidens is geworden, bijna tweeduizend jaar na de eerste verkondiging van het Evangelie.

* Jezus Christus is de enige Verlosser, omdat Hij het Leven is. Hij bezit het leven omdat Hij God is. Het leven wordt door Hem aan allen gegeven, omdat Hij het voor jullie heeft verkregen door Zich aan het kruis voor jullie te offeren. Het leven komt tot jullie door genade, waardoor je deel krijgt aan de goddelijke natuur. Geliefde zonen, word dienaren van genade; word dragers van leven. Daarom vraag ik je om ijverig te zijn in de bediening van de sacramenten die Jezus jullie heeft toevertrouwd.

Wees bovenal beschikbaar om het sacrament van de Biecht toe te dienen, dat tegenwoordig in veel delen van de Kerk zozeer wordt verwaarloosd. Wees dienaren van de goddelijke barmhartigheid. Laat door jullie, priesters die aan mij zijn toegewijd, mijn Moederlijke tederheid op iedereen neerdalen. Zoek degenen op die ver weg zijn; steun de zwakken; vergeef de zondaars; troost de bedroefden; breng troost aan de zieken; leid de onzekeren; bescherm de kleinen. Neem iedereen in je priesterlijke armen en breng hen naar de veilige toevlucht van mijn Onbevlekte Hart.

* Jezus Christus is de enige Verlosser, want Hij is de Weg. Hij leidt jullie naar de Vader in Zijn Geest van Liefde. Hij leidt jullie langs het pad van verhevenheid en eeuwige gelukzaligheid. Hij bereidt voor jullie het langverwachte laatste moment van je ontmoeting in glorie met zijn goddelijke heerlijkheid. Jezus Christus is de enige weg die jullie naar het paradijs leidt. Er is geen andere naam onder de hemel gegeven waaronder wij verlossing kunnen vinden. De mensheid is op weg naar haar ontmoeting met Hem, die zal plaatsvinden wanneer Jezus in glorie terugkeert om Zijn heerschappij in de wereld te vestigen. Wandel in de vreugdevolle verwachting van Zijn komst. Betreed de drempel van de hoop en leef in vrede, vreugde, sereniteit, vertrouwen en in je kinderlijke overgave.

In deze dagen van het cenakel is de Geest van de Heer op ieder van jullie neergedaald en heeft Hij in jullie harten en zielen het charisma van Zijn gaven gelegd. De Heilige Geest heeft jullie bevestigd in je roeping en je licht en kracht gegeven in de vervulling van je priesterlijke bediening. Wees trouwe verkondigers van de waarheid; Wees zorgzame dragers van leven; wees het licht van hoop en vertrouwen voor iedereen.

In deze dagen heb ik zoveel wonden geheeld; ik heb troost gebracht in veel bitterheid; ik heb verborgen tranen gedroogd; ik heb goede voornemens geïnspireerd; ik heb harten veranderd. Geliefde zonen, ga in vrede en vreugde uit deze hemel. Word instrumenten van mijn vrede in alle delen van de wereld. Ik ben altijd met jullie. Door jullie openbaar ik mezelf aan de Kerk en de mensheid. Door jullie wordt de triomf van mijn Onbevlekte Hart in de wereld elke dag volbracht. Met jullie geliefden, met hen die aan jullie dienst zijn toevertrouwd, zegen ik jullie in de naam van de Vader, en van de Zoon, en van de Heilige Geest. 

Gebed van vrede - H. Franciscus van Assisi

Heer, maak mij tot een instrument van uw vrede.

Laat mij liefde brengen waar haat heerst,
laat mij vergeving brengen waar belediging is,
laat mij harmonie brengen waar onenigheid is,
laat mij waarheid brengen waar dwaling is,
laat mij geloof brengen waar twijfel is,
laat mij hoop brengen waar wanhoop is,
laat mij licht brengen waar duisternis is,
laat mij vreugde brengen waar verdriet is.

O Goddelijke Meester,
geef dat ik niet zozeer zoek
om getroost te worden, als wel om te troosten;
om begrepen te worden, als wel om te begrijpen;
om bemind te worden, als wel om te beminden.

Want door te geven, ontvangen wij;
door onszelf te verliezen, vinden wij onszelf;
door te vergeven, wordt ons vergeven;
door te sterven, verrijzen wij tot het eeuwige leven.

Amen.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 00:45 Reageer op dit bericht

Boodschap van OLVrouw van de Vrede op 25 juni gegeven aan Marija

Boodschap van OLVrouw van de Vrede op 25 juni gegeven aan Marija

Lieve kinderen! Verheug jullie met mij, want de Allerhoogste staat mij toe bij jullie te zijn, om jullie te leiden naar Hem die de Weg, de Waarheid en het Leven is. Verheug jullie, kindertjes, en wees ook blij in moeilijkheden, en je zult de kracht hebben, omdat je je ervan bewust zult zijn dat je vergankelijk bent en je zult weten hoe je alles aan God kunt aanbieden. Vergeet daarom niet: Ik ben jullie Moeder en ik hou van jullie. Dank je dat jullie gehoor hebben gegeven aan mijn oproep.

Kernpunten van deze boodschap

Vreugde en standvastigheid: Maria roept expliciet op om ook tijdens aardse beproevingen en moeilijkheden de innerlijke spirituele vreugde te bewaren.

Besef van vergankelijkheid: Door te beseffen dat het aardse leven tijdelijk is, krijgt men de kracht om dagelijkse zorgen en lijden aan God op te dragen.

Moederlijke liefde: Een sterke herinnering aan haar voortdurende aanwezigheid en liefde voor de mensheid.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 00:05 Reageer op dit bericht

Mystici en contemplatie - 2

6 Contemplatie volgens Jan van Ruusbroec

De zalige Jan van Ruusbroec (1293–1381), ook wel 'de Wonderbare' genoemd, is de belangrijkste mysticus uit de Nederlanden. In zijn meesterwerk Die geestelike brulocht formuleert hij een van de meest complete en evenwichtige visies op contemplatie uit de katholieke geschiedenis.

Waar tijdgenoten zoals Meister Eckhart kozen voor een radicale filosofische leegte, brengt Ruusbroec verstand, gevoel en actie harmonieus samen. Voor hem is contemplatie geen vlucht uit de werkelijkheid, maar een dynamisch proces dat de mens doorloopt in drie opeenvolgende levenswijzen (of fasen).

De Drie Fasen naar de Contemplatie

1. Het Werkende Leven (Dat werkende leven)

Dit is de basis van de spirituele weg. Volgens Ruusbroec kan niemand aan ware contemplatie beginnen zonder eerst een moreel en deugdzaam leven te leiden.

De mens richt zich hier op de uiterlijke navolging van Christus via actieve naastenliefde, plichtsgetrouwheid en de beoefening van deugden zoals nederigheid.

Men vecht actief tegen zonden en zinnelijke driften.

2. Het Innige Leven (Dat inneche leven)

In deze fase verplaatst de focus zich van uiterlijke daden naar het innerlijke bewustzijn.

De mens trekt zijn spirituele vermogens (verstand, wil en herinnering) terug uit de hectiek van de wereld en bundelt ze in de kern van zijn ziel: de zielengrond (de gront).

Ruusbroec beschrijft hoe God de ziel hier van binnenuit aanraakt met een "bron van genade". De mens ervaart een diep verlangen, spirituele verlichting en een intense, innerlijke liefde voor God.

3. Het Godschouwende Leven (Dat godscouwende leven)

Dit is de eigenlijke staat van de hoogste contemplatie. Hier wordt de mens door God boven zijn eigen menselijke vermogens uitgetild.

De menselijke activiteit valt stil. De ziel treedt binnen in een bovennatuurlijk licht ("de goddelijke klaarheid") waarin zij God rechtstreeks schouwt, zonder tussenkomst van beelden, gedachten of concepten.

In deze fase ervaart de ziel de unio mystica: zij versmelt met God in een zalige, rustende eenheid. De ziel "verdrinkt" paradoxaal genoeg in een bodemloze oceaan van goddelijke liefde, maar zonder haar eigen unieke identiteit als schepsel te verliezen.

Het Unieke Concept van Ruusbroec: Het 'Ghemeyne Leven'

Veel middeleeuwse denkers vonden dat de hoogste fase (de rustende contemplatie) superieur was aan het actieve leven. Ruusbroec corrigeert dit radicaal met zijn theorie van het ghemeyne leven (het 'algemene' of 'gemeenschappelijke' leven).

Volgens Ruusbroec is de meest volmaakte mens niet degene die alleen maar in stille contemplatie blijft hangen. De volmaakte mens bootst de dynamiek van God Zelf na. God is immers enerzijds volkomen rust in Zichzelf, maar tegelijkertijd constante actie (door de schepping en de uitstroom van liefde).

De ware contemplatief is daarom tegelijkertijd een rustend schouwer én een actief werker. Ruusbroec stelt dat de mens met één oog naar binnen naar de goddelijke rust moet kijken, en met het andere oog naar buiten moet kijken om de naaste in liefde te dienen. Contemplatie geeft de mens juist de oneindige, goddelijke energie om in de wereld rechtvaardig en liefdevol te handelen.

Kort samengevat

Voor Jan van Ruusbroec is contemplatie het binnentreden in het vormeloze licht van de Drie-eenheid, nadat de ziel is gezuiverd door deugden en innerlijke verstilling. Het doel is een ademhalingsproces van de ziel: inademen in de goddelijke rust (contemplatie) en uitademen in actieve naastenliefde (actie).

7 Contemplatie volgens de H. Franciscus van Assisi

De H. Franciscus van Assisi (1181–1226) heeft zijn visie op contemplatie nooit vastgelegd in ingewikkelde theologische handboeken. Zijn contemplatie was geen intellectuele theorie, maar een doorleefde, dynamische levenshouding.

Waar latere mystici contemplatie vaak omschrijven als een reis naar de stille 'binnenkant' van de ziel, is de contemplatie van Franciscus juist buitengewoon tastbaar, emotioneel en belichaamd. Zijn benadering rust op drie grote, unieke pijlers:

1. De Kosmische Contemplatie: De schepping als spiegel

Franciscus zocht de stilte niet op om de materiële wereld te vergeten, maar om er juist de diepste spirituele realiteit van te zien.

In zijn beroemde Zonnelied laat hij zien dat de hele natuur een spiegel is van Gods goedheid.

Contemplatie is bij hem het vermogen om God te ontmoeten in Broeder Zon, Zuster Maan en Zuster Moeder Aarde. Omdat God alles heeft gemaakt, is de hele schepping heilig. De contemplatief kijkt met een blik van pure verwondering en broederschap naar elk levend wezen, tot aan de kleinste worm op het pad toe.

2. De Belichaamde Contemplatie: Navolging van de arme Jezus

Voor Franciscus was contemplatie onlosmakelijk verbonden met de mensheid van Jezus. Hij mediteerde urenlang over twee specifieke momenten uit het Evangelie: de extreme armoede van de kribbe (de Incarnatie) en het extreme lijden van het Kruis (de Passie).

De Kribbe: Franciscus was de uitvinder van de levende kerststal (in Greccio). Dit deed hij om de armoede van God met eigen ogen te schouwen en tastbaar te maken.

Het Kruis: Zijn contemplatie was zo intens empathisch dat hij het lijden van Christus fysiek wilde meebeleven. Dit bereikte zijn hoogtepunt op de berg La Verna, waar hij tijdens een diepe mystieke extase de stigmata (de kruiswonden van Jezus) in zijn eigen lichaam ontving. Contemplatie was bij hem dus een transformatie die tot in zijn eigen vlees voelbaar was.

3. De 'Geest van het Gebed' midden in de actie

Franciscus waarschuwde zijn broeders dat zij door hun actieve werk (zoals preken of bedelen) nooit "de geest van het heilige gebed en de devotie" mochten uitdoven.

Contemplatie was voor hem geen activiteit die stopte zodra je de kluizenarij verliet. Het was een innerlijke cel die je overal mee naartoe nam.

Hij stelde dat ons eigen lichaam de cel is, en onze ziel de kluizenaar die erin woont om tot God te bidden. Hierdoor kon een minderbroeder midden in de hectiek van een stad tóch in constante, contemplatieve unie met God blijven.

Kort samengevat

Voor Franciscus van Assisi is contemplatie een blik van pure liefde, armoede en verwondering. Het is het ontdekken van de arme Jezus in de melaatse, het horen van Gods stem in het gezang van de vogels, en het transformeren van het eigen leven tot een levend loflied (Praise).

8 Contemplatie volgens de H. Catharina van Siena

De H. Catharina van Siena (1347–1380), dominicaanse tertiares en kerklerares, heeft een vlijmscherpe en dynamische visie op contemplatie. Haar mystiek, vastgelegd in haar hoofdwerk De Dialoog, is nooit los te zien van haar enorme politieke en kerkelijke daadkracht.

Voor Catharina is contemplatie geen statische rust, maar een innerlijk vuur dat de ziel aanzet tot actieve, opofferende liefde voor de wereld en de Kerk. Haar visie rust op drie centrale concepten:

1. De innerlijke cel: De kennis van jezelf en God

Toen Catharina als jonge vrouw van haar ouders geen eigen kamer kreeg om te bidden, fluisterde de Heilige Geest haar in dat zij een geestelijke cel in haar eigen binnenste moest bouwen. Dit werd het fundament van haar contemplatieve leven.

Binnen in deze cel beoefent de ziel de twee belangrijkste vormen van kennis: de kennis van zichzelf (inzien dat de mens uit zichzelf niets is) en de kennis van God (ontdekken dat God pure, oneindige liefde is).

Catharina stelt dat deze twee inzichten onafscheidelijk zijn. Wie alleen naar zijn eigen fouten kijkt, raakt in wanhoop; wie alleen naar Gods grootheid kijkt, vervalt in hoogmoed. In de cel van het hart houden deze twee elkaar perfect in evenwicht.

2. De Brug en de Mond van Christus (De Unie)

In haar beroemde metafoor van de Brug (Jezus Christus) beschrijft Catharina de contemplatieve unie als de derde en hoogste trap: de Mond van Christus.

Op dit niveau is de ziel de angst voor de hel (de eerste trap) en het puur eigenbelang (de tweede trap) ontgroeid.

In de contemplatieve stilte proeft de ziel aan de mond van Christus de goddelijke waarheid. Zij wordt vervuld met een "vrede die alle verstand te boven gaat" en begint God te beminnen met exact dezelfde pure, gevende liefde waarmee God de wereld bemint.

3. De innerlijke tranen en de honger naar zielen

Contemplatie is bij Catharina een diep emotionele ervaring die zich uit in wat zij het mysterie van de traan noemt. Wanneer de ziel in de contemplatie Gods oneindige liefde schouwt, en tegelijkertijd ziet hoe kapot en zondig de wereld is, begint zij te "huilen" .

Dit zijn niet altijd fysieke tranen, maar tranen van vuur: een intens innerlijk lijden en een brandende honger naar de redding van de naaste (anzietà) .

Catharina waarschuwt dat echte contemplatie nooit mag leiden tot spiritueel egoïsme. Je mag niet in je innerlijke cel blijven zitten om alleen maar van Gods zoetheid te genieten. God zegt in de Dialoog letterlijk tegen haar dat de liefde voor Hem bewezen móét worden in de liefde voor de naaste. Contemplatie geeft de ziel de moed en de kracht om de cel te verlaten en de wereld in te gaan om onrecht en corruptie te bestrijden.

Kort samengevat

Voor Catharina van Siena is contemplatie het binnentreden in de geheime cel van het hart om te versmelten met Gods liefdesvuur []. Het doel van deze verstilling is echter niet de rust zelf, maar het ontvangen van een profetische kracht. De ware contemplatief is een "liefdesvlam" die de cel verlaat om de Kerk te hervormen en de lijdende medemens te dienen .

9 Contemplatie van de H. Theresia van Lisieux

De H. Thérèse van Lisieux (1873–1897), ook bekend als de 'Kleine Teresa', bracht een absolute revolutie teweeg in de katholieke mystiek. Waar haar grote naamgenote Teresa van Ávila schreef over ingewikkelde spirituele burchten en Johannes van het Kruis over gortdroge donkere nachten, maakt Thérèse de contemplatie bereikbaar voor iedereen.

Voor Thérèse is contemplatie geen ingewikkelde gebedstechniek, maar een houding van totale liefde, eenvoud en kinderlijk vertrouwen. Haar visie op contemplatie staat bekend als De Kleine Weg (La Petite Voie) en rust op de volgende pijlers:

1. Gebed als een eenvoudige blik

Thérèse schreef een van de mooiste en meest geciteerde definities van gebed in de moderne geschiedenis: "Voor mij is het gebed een opwelling van het hart, een eenvoudige blik naar de hemel, een kreet van dankbaarheid en liefde, zowel te midden van de beproeving als te midden van de vreugde."

Contemplatie is bij haar niet het urenlang stilzetten van je gedachten of het bereiken van hogere sferen.

Het is een voortdurend bewustzijn van Gods liefdevolle aanwezigheid in de allerdapperste eenvoud van het dagelijks leven.

2. De spirituele lift: Onvermogen als troef

Thérèse merkte al snel in het klooster dat zij de zware ascese en de grote extases van de oude heiligen niet kon nabootsen. Ze voelde zich klein en onmachtig. In plaats van ontmoedigd te raken, gebruikte ze een destijds splinternieuwe uitvinding als metafoor: de lift.

Ze stelde dat ze te klein was om de steile trap van spirituele volmaaktheid te beklimmen.

Contemplatie werd voor haar het zichzelf in de armen van Jezus werpen, zodat Hij de lift zou zijn die haar omhoog tilde. Hoe kleiner en hulpelozer de ziel zich opstelt in het gebed, hoe sneller God met Zijn genade naar beneden daalt om die ziel te vervullen.

3. De contemplatie van de 'Kleine Dingen'

Voor Thérèse hoef je niet in een grot te zitten om een contemplatief leven te leiden. De echte transformatie vindt plaats in de monotonie van alledag.

Een speld van de grond rapen met pure liefde voor God heeft in haar ogen net zoveel mystieke waarde als het bekeren van een heel continent.

Tijdens het bidden had Thérèse vaak last van afleiding of viel ze in slaap. Waar andere mystici daar hard tegen vochten, was Thérèse heel mild voor zichzelf: ze stelde dat een vader net zoveel van zijn kind houdt wanneer het slaapt als wanneer het wakker is. Contemplatie is rusten in die vaderlijke liefde.

4. Het middelpunt van de Kerk: De Liefde

In een moment van diepe contemplatieve verlichting ontdekte Thérèse haar specifieke roeping binnen de katholieke gemeenschap. Ze las de brieven van de apostel Paulus over de verschillende gaven (apostelen, profeten, leraren) en vroeg zich af waar zij paste. Haar antwoord was radicaal: "Mijn roeping is de Liefde! In het hart van de Kerk, mijn Moeder, zal ik de Liefde zijn." Contemplatie is de motor die dit innerlijke vuur brandend houdt.

Kort samengevat

Voor Thérèse van Lisieux is contemplatie de mystiek van de spirituele armoede en de glimlach. Het is het loslaten van de drang om spiritueel te presteren en het aannemen van de houding van een klein kind dat zich volledig toevertrouwt aan een liefhebbende Vader. Het is God beminnen in elke ademteken, elke glimlach naar een onvriendelijke medezuster en elke kleine plicht van de dag.

10 Contemplatie volgens de H. Faustina Kowalska

De heilige Faustina Kowalska (1905–1938), een eenvoudige Poolse non en mystica, bracht in haar beroemde Dagboek de katholieke devotie tot de Goddelijke Barmhartigheid tot leven. Net als haar inspiratiebron Thérèse van Lisieux, bewijst Faustina dat de hoogste contemplatie niet is voorbehouden aan afgezonderde kluizenaars, maar midden in het actieve dagelijkse leven kan plaatsvinden.

Voor Faustina is contemplatie het onafgebroken, biddend ooggetuige zijn van Gods onvoorwaardelijke barmhartigheid, diep in de eigen ziel en in de wereld om ons heen. Haar visie rust op vier praktische, mystieke pijlers:

1. De contemplatie van het Alledaagse Leven

Faustina stelt expliciet dat contemplatie in elke omstandigheid mogelijk is: tijdens het schillen van aardappelen, het boenen van de gangen of het verzorgen van de zieken.

Zij zag haar dagelijkse werkzaamheden niet als een afleiding van God, maar juist als de ontmoetingsplaats met Hem.

Contemplatie is volgens haar een "eenvoudige blik" van bewondering en liefde, waarbij de ziel zich door middel van korte schietgebeden (pijlgebeden) gedurende de dag constant met Jezus verbindt.

2. De Aanwezigheid van God in de eigen Ziel

Faustina leert dat we niet ver buiten onszelf hoeven te zoeken naar de goddelijke barmhartigheid. God woont door de genade in de diepste kern van ons eigen wezen.

Contemplatie is het bewust binnentreden in deze innerlijke tempel.

In haar Dagboek beschrijft ze dat dit innerlijke contact leidt tot een diepe zelfkennis: de mens ziet enerzijds zijn eigen extreme ellende en zonde, maar verdrinkt tegelijkertijd in de geruststellende oceaan van Gods barmhartigheid. Dit brengt een onwankelbare innerlijke vrede.

3. De Blik op het barmhartige Hart van Jezus

Voor Faustina heeft de contemplatie een heel concreet brandpunt: het Heiligste Hart van Jezus, waaruit de stromen van barmhartigheid (gesymboliseerd door de rode en witte stralen op het bekende Divine Mercy-beeld) onophoudelijk naar buiten vloeien.

Contemplatie betekent dat de ziel zich in gedachten positioneert onder deze stroom van liefde.

Zelfs in tijden van spirituele dorheid, waarin het bidden koud en zwaar voelt, volhardt zij door een pure daad van de wil en totale overgave ("Jezus, ik vertrouw op U").

4. De Toetssteen: Zelf barmhartig zijn

Faustina’s mystiek weert elk spiritueel egoïsme af. De contemplatie van Gods barmhartigheid moet de ziel zo transformeren dat zij zelf een levend spiegelbeeld van die barmhartigheid wordt voor de naaste.

Een ziel die werkelijk met God geünieerd is, voelt een brandende liefde en bezorgdheid voor zondaars en lijdende mensen.

De opgezogen goddelijke liefde móét via daden van naastenliefde, barmhartige woorden en voortdurende voorbede (zoals het bidden van het Kroontje van de Goddelijke Barmhartigheid) worden doorgegeven aan de wereld.

Kort samengevat

Voor Faustina Kowalska is contemplatie het ademen met de barmhartigheid van God. Het is de kunst om te leven in het spirituele besef dat God constant dichtbij is, en om elk moment van de dag om te vormen tot een daad van liefdevol vertrouwen.

11 Contemplatie volgens de H. Pater Pio

De H. Pater Pio van Pietrelcina (1887–1968), de beroemde Italiaanse kapucijn met de stigmata, had een uiterst nuchtere, diepe en franciscane visie op contemplatie en innerlijk gebed. In tegenstelling tot middeleeuwse mystici schreef hij geen theologische traktaten, maar gaf hij praktisch advies in duizenden brieven aan zijn geestelijke kinderen.

Voor Padre Pio is contemplatie de brandstof voor het dagelijks leven, gecentreerd rond het meelijden met Christus en een onwankelbaar, zorgeloos vertrouwen in de goddelijke voorzienigheid. Zijn visie rust op vier praktische fundamenten:

1. De Spiegel van de Ziel

Padre Pio vond dat een christen absoluut niet zonder dagelijkse overweging of mentale meditatie kon. Hij gebruikte hiervoor een bekende, alledaagse metafoor:

"Wie niet mediteert, is als iemand die nooit in de spiegel kijkt voordat hij naar buiten gaat. Die merkt niet of hij vuil is en gaat onverzorgd over straat."

Contemplatie is de spirituele spiegel. Door je in de stilte voor God te plaatsen, zie je je eigen fouten en gebreken, waardoor je je geweten kunt zuiveren en je impulsen kunt corrigeren.

2. Het exclusieve brandpunt: Het Lijden van Jezus

Als je Padre Pio vroeg waarover je moest mediteren, was zijn antwoord resoluut: de Passie (het lijden en sterven) van Jezus Christus.

Omdat hij zelf vijftig jaar lang fysiek de stigmata (de kruiswonden) droeg, was dit voor hem geen abstract idee.

Contemplatie is het binnentreden in Getsemane en het meelijden met Christus aan het kruis. Dit activeert de deugd van de nederigheid. Hij stelde: "Door de studie van boeken zoekt men God; door de meditatie en contemplatie vindt men Hem."

3. De Rozenkrans als meditatief wapen

Voor Padre Pio was de Rozenkrans geen hersenloze herhaling van weesgegroetjes, maar de ultieme, toegankelijke vorm van contemplatie. Hij noemde het zijn "wapen" tegen het spirituele kwaad.

Tijdens het bidden van de kralen overwoog hij onafgebroken de mysteries van het leven van Jezus en Maria.

Hij liet zien dat je door de rozenkrans te bidden de contemplatieve stilte overal mee naartoe kunt nemen: in de kloostergang, tijdens het wandelen of tijdens het wachten.

4. "Bid, hoop en maak je geen zorgen"

Zijn allerberoemdste uitspraak vat zijn hele contemplatieve psychologie samen: "Prega, spera, e non preoccuparti" ("Bid, hoop en maak je geen zorgen").

Veel mensen raken gefrustreerd tijdens het bidden omdat ze afgeleid zijn of niets voelen. Padre Pio adviseerde om hier heel kalm onder te blijven.

Het doel van contemplatie is niet het ervaren van bijzondere mystieke gevoelens, maar het volledig overgeven van je zorgen aan God. Bezorgdheid is volgens hem volkomen nutteloos en drijft de ziel weg van God. Ware contemplatie mondt uit in een diepe innerlijke vrede, wetend dat God barmhartig is en altijd luistert.

Kort samengevat

Voor Padre Pio is contemplatie geen zweverige toestand, maar een liefdevolle, dagelijkse discipline. Het is de knieën buigen voor het kruis, in de spiegel van je ziel kijken, je rozenkrans vasthouden en al je angsten en zorgen overmorgen loslaten in de armen van Jezus.

Praktische stappen voor contemplatie voor de moderne mens

De moderne mens leeft in een wereld van constante notificaties, prestatiedruk en informatiestroom. Contemplatie lijkt daardoor moeilijker dan ooit, maar de katholieke mystieke traditie (van de Wolk van het Niet-Weten tot Padre Pio) biedt juist de perfecte tools om te ontsnappen aan deze hectiek.

Hier zijn 6 praktische, haalbare stappen om contemplatie te integreren in een druk, modern leven.

1. Minimaliseer de digitale prikkels (De 'Digitale Kloostercel')

De grootste vijand van moderne contemplatie is de smartphone.

De Actie: Kies een vast moment (bijvoorbeeld direct na het opstaan of vlak voor het slapengaan). Zet uw telefoon op 'vliegtuigmodus' of leg hem in een andere kamer.

De Reden: Zolang uw brein anticipeert op een trilling of geluid, kan de diepe, innerlijke focus zich niet openen.

2. Kies een nuchtere, stabiele houding

U hoeft niet in een ingewikkelde lotushouding te zitten. Comfortabel en alert zijn is het doel.

De Actie: Zit rechtop op een stoel met uw voeten plat op de grond. Houd uw rug recht en leg uw handen ontspannen op uw schoot. Sluit uw ogen.

De Reden: Een rechte rug helpt om niet in slaap te vallen (waar Thérèse van Lisieux ook last van had!), terwijl een ontspannen lichaam fysieke onrust voorkomt.

3. Start met 'Ankeren' via de ademhaling (2 minuten)

In het moderne leven staat onze ademhaling vaak te hoog door stress.

De Actie: Adem 4 seconden in door uw neus, houd 4 seconden vast, en adem 4 seconden rustig uit door uw mond. Doe dit een paar keer.

De Reden: Dit activeert het kalmeringssysteem van uw lichaam. Het brengt de focus van uw razende gedachten (het hoofd) naar uw fysieke aanwezigheid (het hart).

4. Introduceer het 'Heilige Woord' (Het Anker)

Volg hier de eeuwenoude techniek van De Wolk van het Niet-Weten.

De Actie: Kies één kort woord van één of twee lettergrepen (zoals God, Vrede, Jezus, of Liefde). Zeg dit woord heel zachtjes en monotoon in uw geest.

De Reden: Dit woord is niet bedoeld om intellectueel over na te denken. Het dient puur als een spiritueel anker om uw wil op God gericht te houden.

5. Pas de 'Wolk van het Vergeten' toe bij afleiding

Het is de grootste mythe dat contemplatie betekent dat uw hoofd "leeg" moet zijn. Er zullen direct gedachten opkomen ("Ik moet nog mailen", "Wat eten we vanavond?").

De Actie: Vecht niet met uw gedachten. Zodra u merkt dat u afdwaalt, kijkt u er simpelweg overheen en keert u heel mild en vriendelijk weer terug naar uw ankerwoord.

De Reden: Zoals Johannes van het Kruis adviseerde: het opmerken van de afleiding en het rustig terugkeren naar de stilte is de feitelijke oefening. Wees niet gefrustreerd; gedachten zijn als wolken die voorbijtrekken.

6. Begin klein en bouw op (De 10-Minuten Regel)

De Actie: Begin met slechts 10 minuten per dag. Zet een zachte timer (geen hard alarm). Pas als dit na een paar weken een vaste routine is geworden, kunt u uitbouwen naar 15 of 20 minuten.

De Reden: Duurzaamheid is belangrijker dan intensiteit. Tien minuten dagelijkse stilte doet meer voor de ziel dan één keer per maand een uur geforceerd mediteren.

De Moderne Toetssteen: "Prega, spera, e non preoccuparti"

Neem het advies van Padre Pio ter harte: maak u geen zorgen over de kwaliteit van uw gebed. Of een sessie nu heel vredig voelde of juist vol zat met honderden afleidingen; in beide gevallen heeft u 10 minuten van uw kostbare tijd puur aan God geschonken. Dat is de essentie van contemplatie.

 

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 23:42 Reageer op dit bericht

Mystici en contemplatie

De bekendste mystici in de Katholieke Kerk

De geschiedenis van de Katholieke Kerk kent een rijke traditie van mystici. Dit zijn mannen en vrouwen die een directe, innerlijke en vaak bovennatuurlijke eenheid met God hebben ervaren. Hun geschriften vormen tot op de dag van vandaag de blauwdruk voor de christelijke spiritualiteit.

De bekendste katholieke mystici zijn historisch en thematisch onder te verdelen in vier grote stromingen.

De Spaanse Mystiek (Gouden Eeuw)

Deze 16e-eeuwse stroming staat bekend om haar psychologische diepgang en de focus op de 'innerlijke reis' van de ziel.

1 H. Teresa van Ávila (1515–1582): Karmelietes, kerklerares en een van de absolute iconen van de mystiek. In haar meesterwerk De Innerlijke Burcht beschrijft ze de ziel als een diamanten kasteel waarin God in het centrum woont. Haar mystiek combineert intense extases met een nuchtere, organisatorische daadkracht.

2 H. Johannes van het Kruis (1542–1591): Tijdgenoot van Teresa en eveneens kerkleraar. Hij is de theoloog van de spirituele crisis. Met zijn concept van de Donkere Nacht van de Ziel legde hij uit dat het gevoel van Gods absolute afwezigheid juist de ultieme, zuiverende fase is vlak voor de totale eenwording met God.

De Rijnlands-Flemische Mystiek (Middeleeuwen)

Deze stroming uit de 13e en 14e eeuw (in Duitsland, Nederland en Vlaanderen) is filosofischer, abstracter, maar ook poëtischer.

3 Hildegard van Bingen (1098–1179): Een Duitse benedictines en universeel genie (theoloog, componist, wetenschapper). Zij ontving van jongs af aan immense, kosmische visioenen die zij in tekst en prachtige miniaturen liet vastleggen.

4 Hadewijch (13e eeuw): De Brabantse begijn die de mystiek naar de volkstaal bracht. Haar Minne-mystiek (bruidsmystiek) beschrijft de relatie met God als een hartstochtelijk, stormachtig liefdesavontuur [_].

5 Meister Eckhart (ca. 1260–1328): De radicale Duitse dominicaan die focuste op Gelatenheit (totale onthechting) en het leegmaken van het ego zodat God in de ziel geboren kan worden [_].

6 Zalige Jan van Ruusbroec (1293–1381): De belangrijkste Vlaamse mysticus. In zijn werk Die Chierheit der gheesteliker Brulocht bracht hij de stormachtige emoties van Hadewijch en de filosofie van Eckhart samen tot een heldere, evenwichtige synthese.

De Italiaanse Mystiek (Profetisch en Actief)

Italiaanse mystici stonden vaak midden in de roerige politieke en kerkelijke realiteit van hun tijd.

7 H. Franciscus van Assisi (1181–1226): Zijn mystiek was die van de radicale armoede en de kosmos. Hij zag Gods aanwezigheid in de hele schepping (Broeder Zon, Zuster Maan). Hij is de eerste gedocumenteerde heilige die de stigmata (de wondtekenen van Jezus) in zijn lichaam ontving.

8 H. Catharina van Siena (1347–1380): Dominicaanse tertiares en kerklerares. In haar Dialoog beschrijft ze haar mystieke gesprekken met God de Vader []. Haar diepe innerlijke leven gaf haar de moed om pausen vlijmscherp te bekritiseren en aan te sporen tot kerkhervorming [].

De Moderne Mystiek (19e en 20e eeuw)

De moderne mystiek kenmerkt zich door 'de kleine weg' of het dragen van het lijden in een geseculariseerde wereld.

9 H. Thérèse van Lisieux (1873–1897): Ook wel de 'Kleine Teresa' genoemd. Haar mystiek is geniaal in haar eenvoud: de Kleine Weg. Niet streven naar grote extases of zware ascese, maar de allerkleinste alledaagse handelingen doen met een overstroomde, goddelijke liefde [_].

10 H. Faustina Kowalska (1905–1938): Een eenvoudige Poolse non die in de jaren '30 visioenen ontving van Jezus. Haar dagboek vormt de basis voor de wereldwijde katholieke devotie tot de Goddelijke Barmhartigheid.

11 H. Pater Pio van Pietrelcina (1887–1968): Een van de meest populaire mystici van de moderne tijd. Deze Italiaanse kapucijn droeg vijftig jaar lang de stigmata, bezat de gave van hartenkennis (het doorzien van zielen in de biechtstoel) en leefde in een constante, tastbare strijd met het spirituele kwaad.

Contemplatie

1 Contemplatie volgens de H. Teresa van Avila

De H. Teresa van Ávila (1515–1582), Spaanse karmelietes en de eerste vrouwelijke kerkleraar, biedt een van de meest heldere, psychologische en praktische beschrijvingen van contemplatie in de katholieke geschiedenis.

Voor Teresa is contemplatie geen vage filosofische toestand, maar een intieme vriendschapsrelatie met God. Haar beroemdste definitie van gebed luidt: "Mentale contemplatie is niets anders dan een vriendschappelijke omgang, waarbij we vaak alleen met Hem spreken van Wie we weten dat Hij ons liefheeft."

In haar meesterwerk De Innerlijke Burcht vergelijkt ze de ziel met een diamanten kasteel met zeven verblijven. De weg van het gebed is een reis van de buitenste naar de binnenste verblijven, waarbij zij contemplatie strak onderscheidt in twee fasen: het actieve en het bovennatuurlijke gebed.

1. De Voorbereiding: Het Gebed van Concentratie (Vierde Verblijf)

Voordat de ziel de echte, passieve contemplatie binnentreedt, moet zij een actieve overgangsfase doorlopen: het Gebed van Concentratie (oración de recogimiento).

De Praktijk: De mens probeert actief zijn zintuigen en gedachten van de uiterlijke wereld los te maken en ze naar binnen te richten, naar de burcht van de ziel waar God woont.

Teresa vergelijkt dit met een herder die zijn schapen fluit om ze terug te brengen naar de schaapskooi. Het is een milde, liefdevolle focus op de aanwezigheid van Jezus in het eigen hart.

2. De Echte Contemplatie: Het Gebed van Rust (Vierde & Vijfde Verblijf)

Vanaf dit niveau begint de bovennatuurlijke (of passieve) contemplatie. Dit kan de mens niet meer zelf bewerken of forceren; het is een pure, onverdiende genade van God.

De Werking: God neemt het roer over. De menselijke wil wordt gevangen en tot rust gebracht door de goddelijke liefde. Het verstand en de verbeelding kunnen nog wel onrustig rondrennen (Teresa noemt de verbeelding vaak lachend "de gek van het huis"), maar de diepste kern van de ziel rust in een intense, goddelijke vrede.

De Metafoor: Teresa gebruikt het beeld van een waterbassin. Actief gebed is als het pompen van water via een lang aquaduct (veel menselijke inspanning). Passieve contemplatie is als een bassin dat rechtstreeks gevuld wordt vanuit de bron zelf: geruisloos, moeiteloos en overstromend van vrede.

3. Het Hoogtepunt: De Unie en het Geestelijk Huwelijk (Zesde & Zevende Verblijf)

In de hoogste stadia van contemplatie bereikt de ziel de totale eenheid met God.

Het Vijfde en Zesde Verblijf: De ziel erváárt de unie zo intens dat alle menselijke vermogens (verstand, wil, geheugen) tijdelijk volledig worden stilgezet of 'opgeschort' in God. Dit gaat soms gepaard met extases of mystieke visioenen.

Het Zevende Verblijf (Geestelijk Huwelijk): Dit is het einddoel van de contemplatie. De stormachtige extases verdwijnen en maken plaats voor een permanente, onwankelbare en kalme eenheid met de Heilige Drie-eenheid in het centrum van de ziel.

De Gouden Regels van Teresa

Geen dwang: Je kunt contemplatie niet afdwingen door hard te proberen je verstand leeg te maken. Als God de ziel niet naar binnen trekt, raak je alleen maar gefrustreerd. Liefde is de sleutel, niet het intellect. Teresa schreef: "Het gaat er niet om veel te denken, maar om veel lief te hebben."

De Mensheid van Jezus: Veel mystici (zoals Meister Eckhart) vonden dat je in het hoogste gebed alle beelden van Jezus moest loslaten. Teresa corrigeert dit fel. Zij stelt dat de menselijke gedaante van Jezus (Zijn leven, Zijn lijden) de vaste deur is en blijft waardoor we de godheid moeten binnentreden.

De Toetssteen: Werken van Liefde: Teresa is uiterst nuchter. De waarde van contemplatie wordt niet bewezen door mooie gevoelens of visioenen, maar door de vruchten die het afwerpt in het dagelijks leven: diepe nederigheid, onthechting en actieve naastenliefde. Het doel van het geestelijk huwelijk is, zo zegt zij, "dat er onophoudelijk werken uit voortkomen, werken en nog eens werken."

2 Contemplatie volgens de H. Johannes van het Kruis

De H. Johannes van het Kruis (1542–1591), Spaans karmeliet en kerkleraar, is de absolute theoloog van de spirituele crisis. Zijn visie op contemplatie sluit nauw aan bij die van zijn geestelijke moeder, Teresa van Ávila, maar hij benadert het proces radicaler en systematischer.

Voor Johannes is contemplatie een geheime, liefdevolle en passieve instroming van God in de ziel, die de mens spiritueel zuivert door hem volledig te ontkleden van alle zintuiglijke en verstandelijke houvasten. Zijn visie steunt op de volgende essentiële principes:

1. De definitie van contemplatie

Johannes noemt contemplatie "de wetenschap van de liefde". Het is een bovennatuurlijk gebed waarin God de ziel niet langer benadert via de zintuigen, beelden of gedachten, maar rechtstreeks via de wil en het geloof. Het is geheim omdat het zich afspeelt onder de oppervlakte van het bewuste verstand.

2. De Donkere Nacht van de Ziel (Noche Oscura)

Dit is zijn meest beroemde concept. Johannes legt uit dat de overgang van actief gebed (zoals mediteren over Bijbelteksten) naar echte contemplatie onvermijdelijk gepaard gaat met een spirituele crisis. Hij verdeelt deze crisis in twee fasen:

De Nacht van de Zintuigen: God trekt alle emotionele en zintuiglijke "zoetheid" uit het gebed weg. Het bidden voelt plotseling gortdroog, saai en leeg. Dit doet God om de ziel te spenen van spirituele gulzigheid; de mens moet God leren zoeken omwille van God, niet omwille van de fijne gevoelens.

De Nacht van de Geest: Dit is een nog diepere fase waarin het verstand en het geheugen verduisterd worden. De ziel voelt zich volkomen verloren, onwaardig en door God verlaten. In werkelijkheid is dit geen verlating, maar verblindt het felle, goddelijke licht de menselijke vermogens, zoals de zon het oog van een nachtuil verblindt. Het is een diepe, chirurgische reiniging van het ego.

3. De Drie Tekenen om over te stappen

Johannes waarschuwt dat je niet te vroeg moet stoppen met actief nadenken, maar ook niet te lang moet blijven forceren. In zijn werk De Bestijging van de Berg Karmel geeft hij drie duidelijke criteria wanneer een mens mag overstappen op de passieve contemplatie van de stilte:

Men kan niet meer mediteren of met de verbeelding bidden; het verstand loopt volledig vast.

Men heeft geen zin of smaak meer om de gedachten op andere, wereldse zaken te richten.

Het belangrijkste teken: de ziel is er het liefst mee gediend om in eenzaamheid en vrede op God gericht te blijven, zonder specifieke gedachten, in een houding van liefdevolle aandacht.

4. De totale onthechting (Nada, nada, nada)

Om de top van de mystieke berg Karmel te bereiken, hanteert Johannes een radicale filosofie: om tot het bezit van Alles (God) te komen, moet de ziel de weg van het Niets (Nada) bewandelen. Tijdens de contemplatie moet de mens elk verlangen naar visioenen, spirituele ervaringen of intellectuele inzichten loslaten. Zelfs als er bovennatuurlijke verschijnselen optreden, moet men die negeren, omdat God altijd groter is dan wat de mens kan waarnemen of begrijpen.

Kort samengevat

Voor Johannes van het Kruis is contemplatie een louteringsproces. Het is het toelaten dat God de ziel zuivert in de duisternis van de nacht. Door alle menselijke lichten (gevoel, verstand, ego) uit te doven, blijft alleen de naakte deugd van het geloof over. Pas in die absolute armoede en stilte kan de ziel transformeren en zich verenigen met de goddelijke Liefde.

3 Contemplatie volgens H. Hildegard van Bingen

De H. Hildegard van Bingen (1098–1179) heeft een volstrekt unieke, kosmo-ecologische visie op contemplatie. Waar veel andere katholieke mystici contemplatie beschrijven als een reis naar binnen (het leegmaken van de ziel), is de mystiek van Hildegard juist krachtig extravert.

Voor Hildegard is contemplatie het openen van de ogen van de geest om de goddelijke aanwezigheid, harmonie en levenskracht in de hele schepping te aanschouwen. Zij keert zich niet af van de wereld, maar dringt via de stilte juist dieper door tot de essentie van de materiële en spirituele werkelijkheid.

Haar visie op contemplatie steunt op vier grote, visionaire pijlers:

1. Het Schouwen van het Levende Licht (Lux Vivens)

Hildegard ontving haar hele leven immense kosmische visies. Zij beschrijft dat zij God niet zag met haar fysieke ogen of in een donkere leegte, maar door haar spirituele vermogens te richten op het Levende Licht.

Contemplatie is bij haar geen menselijke prestatie of een techniek. Het is een genademiddel waarin God Zichzelf actief toont aan de mens.

Zij fungeert hierbij als een "verdeelstation": in de contemplatie ontvangt zij de goddelijke energie en wijsheid, om deze vervolgens via boeken, muziek en geneeskunde uit te delen aan de wereld.

2. Viriditas (De Groenkracht)

Een absoluut sleutelbegrip in haar contemplatieve theologie is viriditas, Latijn voor 'groenheid' of 'groenkracht'.

Hildegard zag in haar meditaties dat de hele natuur – planten, bomen, maar ook de menselijke ziel – bezield wordt door een frisse, sappige, goddelijke levensenergie.

Contemplatie is het resoneren met deze Groenkracht. Wanneer een mens zich opent voor God, begint zijn ziel te 'vergroenen', te bloeien en vrucht te dragen in de vorm van deugden. Zonde daarentegen is ariditas (droogte of dorheid).

3. De Mens als Microkosmos

In haar hoofdwerk Liber Divinorum Operum (Het boek van de goddelijke werken) legt ze uit hoe de kosmos en de mens onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

De mens is een microkosmos die het hele universum (de macrokosmos) in zich meedraagt.

Contemplatie heft de kunstmatige scheiding tussen de ziener en de schepping op. Wie mediteert, ontdekt dat de uiterlijke natuur de innerlijke ziel weerspiegelt, en andersom. Alles zingt samen in één goddelijke harmonie.

4. Kosmische Harmonie en Muziek

Hildegard was een begenadigd componist. Voor haar was muziek de hoogste vorm van contemplatie op aarde.

Zij geloofde dat de mens vóór de zondeval met de engelen meezong in de hemelse liturgie. Door de zonde is de mens die stem kwijtgeraakt.

Door te zingen, te luisteren of in stilte te luisteren naar de "muziek van de sferen", stemt de mens zijn ziel opnieuw af op de goddelijke orde. Muziek brengt de innerlijke orde en rust terug die nodig is om God te ontmoeten.

Kort samengevat

Voor Hildegard van Bingen is contemplatie een holistische levenshouding. Het is niet een vlucht in een zweverige, andere wereld, maar het diepe besef dat God hier en nu in alles aanwezig is. Het is het proeven van de goddelijke groenkracht en het laten resoneren van je eigen ziel met de kosmische harmonie van de Schepper.

4 Contemplatie volgens Hadewijch

Voor Hadewijch is contemplatie geen statische rust of een intellectueel 'niet-weten', maar een stormachtige, hartstochtelijke liefdesrelatie met God, die het hele spectrum van menselijke emoties omvat. Haar visie op contemplatie rust op vier unieke, dynamische pijlers:

1. Orewoet (De razernij van de Minne)

Contemplatie is bij Hadewijch verre van kalm. Zij gebruikt het middeleeuwse woord orewoet, wat zich laat vertalen als 'minne-razernij' of een onbedwingbaar, vurig verlangen naar God.

Het is een constante innerlijke spanning. De ziel hunkert zó intens naar de vereniging met de Minne (God), dat dit fysiek en psychisch pijn doet.

Contemplatie is bij haar dus geen passieve meditatie, maar een actieve, emotionele en hartstochtelijke strijd om de totale eenheid met de Geliefde te bereiken.

2. De paradox van Gebruken en Ghedooghen

Hadewijch beschrijft de contemplatieve ervaring als een spirituele achtbaan die constant wisselt tussen twee polen:

Gebruken (Genieten): De momenten van diepe mystieke extase, waarin de ziel de overstromende zoetheid, de aanwezigheid en de liefde van God ten volste mag ervaren en 'smaken'.

Ghedooghen (Verdragen/Lijden): De momenten waarop God Zich plotseling terugtrekt. De ziel ervaart dan een intense leegte, verlatenheid en spirituele hel.

Volgens Hadewijch is deze afwisseling essentieel. Ware contemplatie betekent dat je beide polen met evenveel liefde omarmt. De pijn van Gods afwezigheid zuivert de ziel nog dieper dan de zoetheid van Zijn aanwezigheid.

3. Uf-gheschoten in de Godheid (De unio mystica)

Wanneer de ziel volledig is gelouterd door de stormen van de Minne, vindt de unio mystica (de mystieke eenwording) plaats. Hadewijch gebruikt hiervoor gedurfde, bijna erotische beeldspraak uit de hoofse liefdespoëzie (de Bruidsmystiek).

De ziel verliest haar eigen identiteit niet, maar smelt zó samen met God dat zij "God met God" wordt.

Zij kijkt niet langer naar God (zoals in traditionele contemplatie), maar zij bevindt zich ín de stroom van de Heilige Drie-eenheid en bemint God met de liefde waarmee God Zichzelf bemint.

4. Leven "met de mens" en "in de Godheid"

Net als Meister Eckhart waarschuwt Hadewijch dat ware contemplatie de mens niet mag isoleren van de wereld. Haar ideaal is de volmaakte mens die tegelijkertijd twee levens leidt:

Aan de buitenkant leeft zij met de mens: zij is actief, deugdzaam, barmhartig en dient de naaste in de praktische realiteit (zoals Jezus deed tijdens Zijn aardse leven).

Aan de binnenkant leeft zij onafgebroken in de Godheid: haar geest rust diep in de contemplatieve unie met de Minne.

Kort samengevat

Voor Hadewijch is contemplatie de totale overgave aan de Minne. Het is geen filosofische leegte, maar een doorleefd, vurig avontuur waarin de ziel God ontmoet als haar ultieme Bruidegom, en waarin zowel de diepste extase als het diepste lijden worden gevierd.

5 Contemplatie volgens Meister Eckhart

Meister Eckhart (ca. 1260–1328), de beroemde Duitse dominicaan en mysticus, heeft een radicale en unieke visie op contemplatie. Waar andere mystici contemplatie vaak zien als een spirituele 'oefening' of een ladder van opeenvolgende trappen, trekt Eckhart dit volledig in het absolute.

Voor Eckhart is ware contemplatie geen activiteit van de mens, maar het volledig leeg worden van de mens, zodat God Zelf in hem kan werken.

Zijn visie steunt op vier revolutionaire mystieke principes:

1. Gelatenheit (Gelatenheid en onthechting)

De allerbelangrijkste voorwaarde voor contemplatie is bij Eckhart Gelatenheit. Dit betekent radicale onthechting.

Je moet niet alleen materiële zaken loslaten, maar ook je eigen ego, je wil, je verlangens en zelfs je religieuze voorstellingen van God.

Eckhart zegt dat zolang jij nog de wil hebt om God te bereiken, jij jezelf in de weg zit. Je moet zo leeg worden als een onbeschreven blad (tabula rasa). Pas als de mens helemaal 'niets' is, kan God 'alles' zijn in hem.

2. De Seelenfunke (De zielengrond)

Eckhart stelt dat er in het diepste binnenste van de menselijke ziel een ongeschapen, goddelijke kern bestaat: het 'vonkje van de ziel' (Seelenfunke) of de 'zielengrond'.

Contemplatie is niet een reis naar een verre God in de hemel, maar het inzinken in je eigen diepste grond.

In deze spirituele grond zijn God en de ziel niet langer van elkaar gescheiden; ze zijn wezenlijk één. Eckhart schreef hierover de beroemde woorden: "Het oog waarmee ik God zie, is hetzelfde oog waarmee God mij ziet."

3. De Gottesgeburt (De geboorte van God in de ziel)

Als de ziel door onthechting volledig leeg is gemaakt, gebeurt er volgens Eckhart iets mystieks: de Geboorte van de Zoon in de ziel.

God de Vader spreekt Zijn eeuwige Woord (Jezus) niet alleen in de eeuwigheid uit, maar continu in de ziel van de onthechte mens.

Contemplatie is dus geen statische toestand van rust, maar een uiterst dynamisch, levend proces waarin God in jou geboren wordt en door jou heen gaat handelen.

4. Bidden en handelen zonder "Waarom" (Ohne Warum)

Veel mensen bidden of mediteren met een doel: ze willen rust, verlichting, of een beloning in de hemel. Eckhart wijst dit resoluut af.

Ware contemplatie is vrij van elk doel. Je moet God liefhebben omwille van God Zelf, zoals een roos bloeit zonder 'waarom' — zij bloeit omdat zij bloeit.

Dit heeft ook directe gevolgen voor het dagelijks leven. Eckhart vond dat een contemplatief mens niet de hele dag in een kloostercel hoeft te zitten. Sterker nog: hij stelde dat als iemand in de hoogste mystieke vervoering is en hoort dat een arme man nood heeft aan een kom soep, hij direct uit zijn gebed moet opstaan om die soep te gaan brengen. God wordt immers gediend in de actie, zolang die actie voortkomt uit de goddelijke grond.

Kort samengevat

Voor Meister Eckhart is contemplatie niet het overdenken van God, maar het 'zijn' in God. Het is het stopzetten van je eigen menselijke ik, zodat je een zuiver kanaal wordt voor de goddelijke aanwezigheid.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 23:37 Reageer op dit bericht

Samenvatting van De Heer van Romano Guardini

Samenvatting van De Heer van Romano Guardini

De Heer van de Duits-Italiaanse theoloog Romano Guardini is een van de belangrijkste en meest invloedrijke christologische werken van de 20e eeuw. Paus Benedictus XVI noemde het destijds een meesterwerk met een grote spirituele missie.

In tegenstelling tot historisch-kritische biografieën die Jezus proberen te 'strippen' tot een louter historische figuur, benadert Guardini Jezus vanuit een biddende en existentiële houding. Hij presenteert Jezus Christus als volledig God én volledig mens.

Deel 1: Herkomst en Begin

Samenvatting: Guardini start met de bovennatuurlijke oorsprong van Jezus. Hij legt uit dat Jezus niet simpelweg voortkomt uit de menselijke geschiedenis of evolutie, maar rechtstreeks inbreekt in de geschiedenis via de Incarnatie (de menswording). Dit deel behandelt de geboorte, de verborgen jaren in Nazareth en het optreden van Johannes de Doper. Guardini benadrukt dat Jezus vanaf het begin een absolute "andersheid" bezit die niet psychologisch te verklaren valt.

Deel 2: De Boodschap en de Kracht

Samenvatting: Dit deel focust op de vroege prediking van Jezus, met name de Bergrede en de Bergrede-zaligsprekingen. Guardini legt uit dat Jezus de wet van het Oude Testament niet afschaft, maar haar naar een dieper, innerlijk niveau tilt. De wonderen die Jezus verricht, worden niet beschreven als spectaculaire trucs, maar als concrete tekenen dat het Koninkrijk van God de aardse realiteit binnendringt om de gebroken schepping te herstellen.

Deel 3: De Groeiende Crisis

Samenvatting: Naarmate Jezus' populariteit groeit, neemt ook de weerstand toe. Guardini analyseert hier de spirituele blindheid van de Farizeeën en Schriftgeleerden. Hij legt uit dat Jezus' radicale boodschap van genade en barmhartigheid botst met de menselijke behoefte aan controle en wettelijkheid. Jezus wordt een "teken van tegenspraak". De spanningen lopen op en de schaduw van het kruis begint over Zijn missie te vallen.

Deel 4: De Openbaring van de Goddelijkheid

Samenvatting: Dit deel behandelt de momenten waarin Jezus Zijn diepste identiteit openbaart aan Zijn apostelen, met als hoogtepunt de Gedaanteverandering op de berg (Transfiguratie). Guardini beschrijft de innerlijke strijd van de discipelen, die worstelen om te begrijpen dat de Messias moet lijden. De auteur laat zien hoe Jezus Zichzelf openbaart als de "Eeuwige Zoon" die in constante, intieme eenheid met de Vader leeft.

Deel 5: De Opmaat naar het Lijden

Samenvatting: Guardini reflecteert op de gebeurtenissen rondom Palmzondag, de intocht in Jeruzalem en het Laatste Avondmaal. Hij biedt een diepe theologische analyse van de instelling van de Eucharistie, waarbij Jezus Zijn eigen Lichaam en Bloed schenkt als het definitieve Nieuwe Verbond. Guardini toont de psychologische en spirituele ernst van Jezus' doodsangst in de Hof van Getsemane, waar Hij Zijn menselijke wil volledig overgeeft aan de Vader.

Deel 6: Pasen en de Overwinning

Samenvatting: Dit deel omvat het proces, de kruisiging en de Opstanding van Christus. Guardini legt uit dat de opstanding geen "reanimatie" van een lijk is, maar de overgang naar een compleet nieuwe, verheerlijkte wijze van bestaan. Het is de definitieve overwinning over de zonde en de kosmo-historische dood. Jezus verschijnt aan Zijn discipelen en bereidt hen voor op Zijn afwezigheid in fysieke vorm.

Deel 7: De Heer van de Geschiedenis en de Toekomst

Samenvatting: Het laatste deel is eschatologisch en reflecteert sterk op de Apocalyps (het boek Openbaring). Guardini kijkt naar de tijd van de Kerk en de uiteindelijke wederkomst van Christus aan het einde der tijden (de Parousia). Jezus is niet langer alleen de historische rabbi uit Galilea, maar De Heer (Kyrios) die over de gehele menselijke geschiedenis regeert. De kosmos is onderweg naar zijn uiteindelijke voltooiing in Hem.

Kerngedachte

Guardini's samenvattende conclusie is dat men Jezus nooit kan begrijpen als men probeert Zijn goddelijkheid weg te redeneren. Hij stelt de lezer voortdurend voor een existentiële keuze: Jezus Christus kan niet worden gereduceerd tot een "goede morele leraar"; Hij is ofwel de soevereine Zoon van de levende God, ofwel een volkomen onbegrijpelijk mysterie.

Uitleg over de Bergrede

Om de Bergrede (Matteüs 5-7) te begrijpen zoals Jezus het oorspronkelijk bedoelde, moeten we kijken naar de historische en Joodse context van die tijd. Jezus spreekt hier als de nieuwe Mozes. Waar Mozes de berg beklom om de Wet (de Thora) op stenen tafelen te ontvangen, beklimt Jezus de berg om de Wet zijn voldoening en werkelijke, spirituele betekenis te geven.

De rode draad in Jezus' betoog is de overgang van uiterlijke vroomheid naar innerlijke gerechtigheid. Hieronder volgt een verklaring van de belangrijkste kerngedeelten, vers voor vers, met de diepere betekenis die Jezus voor ogen had.

1. De Zaligsprekingen: De omgekeerde wereld

Matteüs 5:3 – "Zalig zijn de armen van geest, want van hen is het Koninkrijk der hemelen."

De Verklaring: In de tijd van Jezus dacht men vaak dat rijkdom en gezondheid tekens waren van Gods zegen, en armoede of ziekte een teken van zonde. Jezus zet dit volledig op zijn kop. Met "armen van geest" bedoelt Jezus niet mensen die dom zijn, maar mensen die erkennen dat ze spiritueel failliet zijn zonder God. Zij hebben geen spirituele hoogmoed. Jezus bedoelt: Gods Koninkrijk is niet voor degenen die denken dat ze het hebben verdiend, maar voor degenen die hun totale afhankelijkheid van God erkennen.

2. De vervulling van de Wet, niet de afschaffing

Matteüs 5:17 – "Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen; Ik ben niet gekomen om deze af te schaffen, maar om te vervullen."

De Verklaring: Jezus werd door de religieuze leiders (de Farizeeën) gezien als een rebel die de Joodse wetten overtrad. Jezus stelt hier klip-en-klaar dat Hij de Joodse Schriften (de Wet en de Profeten) juist hoogacht. "Vervullen" betekent hier: de diepste, oorspronkelijke bedoeling ervan zichtbaar maken. De Wet was bedoeld om de liefde tot God en de naaste te structureren, maar was veranderd in een kille checklist. Jezus komt laten zien hoe de Wet geleefd moet worden vanuit het hart.

3. De radicale verinnerlijking (De antithesen)

Jezus gebruikt zes keer de formule: "U hebt gehoord... Maar Ik zeg u..." Hiermee tast Hij de kern van de menselijke motivatie af.

Matteüs 5:21-22 – "U hebt gehoord dat tegen de ouden gezegd is: U zult niet doden... Maar Ik zeg u: Ieder die ten onrechte boos is op zijn broeder, zal strafbaar zijn..."

De Verklaring: De Farizeeën dachten: "Ik heb niemand vermoord, dus ik houd me aan de wet." Jezus bedoelt: de wortel van moord is haat en minachting. In Gods ogen is de bittere, onverzoenlijke haat in je hart net zo destructief als de daadwerkelijke moord. Jezus verplaatst de zonde van de buitenkant naar de binnenkant.

Matteüs 5:43-44 – "U hebt gehoord dat er gezegd is: U moet uw naaste liefhebben en uw vijand haten. Maar Ik zeg u: Heb uw vijanden lief; zegen hen die u vervloeken..."

De Verklaring: Dit is het meest revolutionaire vers. Destijds was het normaal om je volksgenoten lief te hebben en de Romeinse bezetter of de Samaritanen te haten. Jezus bedoelt: Gods liefde is onvoorwaardelijk, want Hij laat Zijn zon immers ook opgaan over goede en slechte mensen (vers 45). Als je alleen houdt van de mensen die van jou houden, doe je niets bijzonders. Echte goddelijke gerechtigheid doorbreekt de cirkel van haat en vergelding.

4. Vroomheid zonder publiek

Matteüs 6:1 – "Let erop dat u uw liefdegaven niet schenkt in tegenwoordigheid van de mensen om door hen gezien te worden..."

De Verklaring: In hoofdstuk 6 behandelt Jezus de drie Joodse plichten: aalmoezen geven, bidden en vasten. Sommige religieuze leiders deden dit heel theatraal (trompetten laten schallen, sombere gezichten trekken) om applaus van de mensen te krijgen. Jezus' boodschap is helder: Vroomheid is een zaak tussen jou en de Vader. Als je bidt of geeft voor de erkenning van mensen, is dat applaus je enige beloning. Jezus bedoelt dat echte religie voortkomt uit een geheim partnership met God, niet uit een verlangen naar status.

5. Geen materiële bezorgdheid

Matteüs 6:33 – "Maar zoek eerst het Koninkrijk van God en Zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen u erbij gegeven worden."

De Verklaring: Jezus observeert dat mensen constant in beslag worden genomen door angst over morgen: "Wat zullen we eten? Wat zullen we aantrekken?". Hij wijst naar de vogels en de lelies om te laten zien hoe God zorgt. Jezus bedoelt niet dat we lui op de bank moeten gaan zitten wachten, maar wel dat angst en materiële hebzucht duiden op een gebrek aan vertrouwen in God als Vader. Wie zijn prioriteit legt bij Gods wil (Zijn Koninkrijk), zal ervaren dat God voorziet in wat werkelijk nodig is.

6. Het fundament: Doen, niet alleen horen

Matteüs 7:24 – "Ieder dan die deze woorden van Mij hoort en ze doet, die zal Ik vergelijken met een schrander man, die zijn huis op de rots gebouwd heeft."

De Verklaring: Jezus sluit Zijn toespraak af met een waarschuwing. Het is niet genoeg om Zijn woorden "mooi" of "inspirerend" te vinden. Zelfs religieuze retoriek (Heer, Heer roepen) is waardeloos als het leven onveranderd blijft. Jezus bedoelt: De Bergrede is een handleiding voor actie. Alleen de mens die deze radicale principes van liefde, integriteit en barmhartigheid daadwerkelijk in de praktijk brengt, bouwt een leven dat bestand is tegen de stormen van het leven en het uiteindelijke oordeel.

Samenvattend

Wat Jezus met de Bergrede bedoelt, is dat God niet geïnteresseerd is in uiterlijk vertoon of religieuze regeltjes, maar in een totale transformatie van het menselijk hart. Het is een uitnodiging om te gaan leven zoals het oorspronkelijk in de schepping bedoeld was: in volmaakte liefde tot God en radicale, gevende liefde naar de medemens.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 23:02 Reageer op dit bericht

Samenvatting van de Wolk van het Niet-Weten

Samenvatting van de Wolk van het Niet-Weten

De Wolk van het Niet-Weten (The Cloud of Unknowing, late 14e eeuw) is een anoniem Engels mystiek meesterwerk. Het boek biedt een praktische handleiding voor de 'contemplatieve weg'.

De kernboodschap is dat God op aarde niet met het verstand of met concepten begrepen kan worden, maar uitsluitend bereikt kan worden door pure, blinde liefde. Hieronder vindt u de samenvatting per logisch hoofdstukkenblok.

1. De Roeping en de Vier Graden (Hoofdstuk 1 – 2)

Samenvatting: De auteur richt zich tot een specifieke jonge leerling. Hij legt uit dat een mens spiritueel groeit via vier opeenvolgende graden: de gewone christelijke levenswandel, de actieve dienst, de beginnende contemplatie, en tot slot de volmaakte contemplatie. God roept de leerling nu expliciet uit tot deze hoogste vorm van diep, innerlijk gebed.

2. Wat is de 'Wolk van het Niet-Weten'? (3 – 6)

Samenvatting: In deze kernfase wordt het basisprincipe van de apofatische (negatieve) theologie uitgelegd. Tussen de mens en God hangt een spirituele Wolk van het Niet-Weten. Het menselijk verstand stuit hier op een dichte muur; God laat Zich niet vangen in gedachten of theorieën. De enige manier om door deze wolk heen te breken, is niet door te denken, maar door een blinde pijl van liefde (a dart of longing love) rechtstreeks op God te richten.

3. De 'Wolk van het Vergeten' (7 – 12)

Samenvatting: Om de wolk van het niet-weten binnen te gaan, moet de contemplatief eerst een Wolk van het Vergeten onder zich plaatsen. Alle herinneringen, concepten, aardse beslommeringen en zelfs theologische concepten over engelen of heiligen moeten daaronder worden begraven. Zelfs goede en vrome gedachten moeten tijdens dit specifieke gebed worden weggedrukt, omdat ze de ziel afleiden van de naakte aanwezigheid van God Zelf.

4. De Praktijk: Het Woord van Één Lettergreep (13 – 15)

Samenvatting: Hoe doe je dit praktisch? De auteur adviseert om één heel kort woord te kiezen, bij voorkeur van één lettergreep, zoals "GOD" of "LIEFDE". De leerling moet zich met heel zijn wil aan dit woord vastklampen. Het woord dient als een spiritueel schild om opkomende gedachten te verjagen en de focus puur op de onkenbare God te richten.

5. De Deugden: Nederigheid en Liefde (16 – 25)

Samenvatting: De ware contemplatie schenkt de mens alle deugden in perfectie, zonder dat hij er apart over hoeft na te denken. De auteur belicht vooral de nederigheid. Er is onvolmaakte nederigheid (die voortkomt uit het zien van je eigen zonden) en volmaakte nederigheid (die voortkomt uit het overweldigende besef van Gods oneindige grootheid en goedheid). Wie de wolk binnengaat, bezit deze volmaakte deugd.

6. Omgaan met Afleidingen en Zonden (26 – 33)

Samenvatting: De auteur waarschuwt dat de duivel en het menselijk ego de stilte zullen proberen te verstoren met herinneringen aan oude zonden of alledaagse zorgen. Het geheim is om hier niet actief tegen te vechten, want vechten tegen gedachten houdt ze juist levend. De ziel moet de afleidingen simpelweg negeren, over hen heen kijken, of zich als een hulpeloos kind huilend aan God toevertrouwen.

7. Martha en Maria: Actie versus Contemplatie (34 – 44)

Samenvatting: Aan de hand van het Bijbelse verhaal van Martha en Maria verdedigt de auteur het contemplatieve leven tegenover critici. Martha (het actieve, zorgzame leven) is goed, maar Maria (die in stilte aan de voeten van Jezus zit) heeft "het beste deel" gekozen. Actieve mensen bekritiseren contemplatieven vaak omdat ze hen lui vinden, maar God Zelf zal Zijn stille aanbidders beschermen en verdedigen.

8. De Grenzen van het Lichaam en Spiritueel Bedrog (45 – 54)

Samenvatting: Dit is een psychologische waarschuwing tegen pseudo-mystiek. De wolk van het niet-weten is een geestelijke realiteit, geen fysieke. Beginnende mystici maken vaak de fout om "boven" en "binnen" letterlijk te nemen. Ze gaan raar met hun ogen rollen, forceren hun ademhaling, of hopen fysieke stemmen of warmte te voelen. Dit is gevaarlijk fysiek bedrog (illusion) dat leidt tot waanzin of spirituele hoogmoed. Ware contemplatie is kalm, nuchter en puur innerlijk.

9. De Transformatie van de Spirituele Vermogens (55 – 66)

Samenvatting: De auteur analyseert de menselijke ziel aan de hand van haar vermogens: het verstand, de wil, de herinnering, de verbeeldingskracht en de zintuigen. Door de zondeval zijn verbeelding en zintuigen ontregeld. Alleen door het intellect het zwijgen op te leggen en de wil volledig te activeren met de pijl van de liefde, worden alle spirituele vermogens door God gezuiverd en weer in de juiste ordening hersteld.

10. Het 'Nergens' en het 'Niets' ( 67 – 70)

Samenvatting: Voor de materiële wereld lijkt de contemplatieve staat op een absoluut "nergens" en een spiritueel "niets". De auteur legt uit dat dit "niets" in werkelijkheid een "alles" is. Omdat God niet gebonden is aan een fysieke plek of menselijk concept, ervaart de ziel die met Hem verenigd wordt een totale, ruimtelijke en intellectuele leegte, die paradoxaal genoeg de hoogste vorm van spirituele vervulling is.

11. Slot en Instructies voor de Lezer (71 – 75)

Samenvatting: Het boek sluit af met een strikte waarschuwing. Dit boek is niet bedoeld voor nieuwsgierige praters, theoretici of actievelingen, omdat zij de tekst verkeerd zullen begrijpen en misbruiken. De auteur vraagt de leerling nadrukkelijk om dit boek alleen te laten lezen door mensen die de oprechte intentie hebben om de contemplatieve weg daadwerkelijk te gaan beoefenen. 

Contemplatie in de praktijk

De beste manier om met contemplatie te starten, is door de theorie los te laten en te kiezen voor eenvoud en regelmaat. Geïnspireerd op De Wolk van het Niet-Weten en de christelijke traditie, volgt hier een direct toepasbaar stappenplan om vandaag nog te beginnen.

De Voorbereiding

Kies een vast tijdstip: Start met 10 tot 15 minuten per dag. Ochtenden of late avonden werken het best.

Zoek een stille plek: Minimaliseer prikkels. Zet uw telefoon op 'niet storen'.

Neem een stabiele zithouding aan: Zit rechtop in een stoel of op een meditatiekussen. Houd uw rug recht en ontspan uw schouders. Dit helpt om alert te blijven zonder fysieke spanning.

Kies uw 'heilige woord': Selecteer één kort woord van één of twee lettergrepen dat voor u symbool staat voor uw verlangen naar God (bijvoorbeeld: God, Liefde, Vrede, Heer, of Jezus).

De Praktijk (Stap voor Stap)

Sluit uw ogen: Neem een paar diepe ademhalingen om te landen in het huidige moment.

Introduceer het woord: Zeg het gekozen woord zachtjes in uw geest. Dit woord is niet bedoeld om over na te denken, maar dient als een anker voor uw wil.

Laat de gedachten los: Er zullen onvermijdelijk gedachten, herinneringen of to-do-lijstjes opkomen. Vecht er niet tegen. Zodra u merkt dat u aan het nadenken bent, keert u simpelweg en heel mild weer terug naar uw gekozen woord.

Rust in de stilte: Het woord hoeft niet continu herhaald te worden. Als het stil is in uw geest, rust dan in die stilte. Pas wanneer u merkt dat uw gedachten weer afdwalen, gebruikt u het woord opnieuw als schild.

Rond rustig af: Als de tijd om is, opent u niet meteen uw ogen. Blijf nog één minuut rustig zitten om de overgang naar de hectiek van de dag soepel te maken.

De Gouden Regels voor Succes

Meten is mislukken: Beoordeel uw sessie nooit op basis van hoe "rustig" of "succesvol" deze voelde. Contemplatie gaat over de intentie van uw wil om bij God te zijn, niet over het bereiken van een speciaal gevoel.

Gedachten zijn geen zonde: Het opkomen van honderden gedachten betekent niet dat u het verkeerd doet. Het opmerken van de afleiding en het vriendelijk terugkeren naar uw ankerwoord is de feitelijke training.

Blijf nuchter: Zoek niet naar spirituele ervaringen, visioenen of emotionele warmte. Ware contemplatie is droog, anoniem en speelt zich af in de 'wolk van het niet-weten'.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 22:34 Reageer op dit bericht

Samenvatting van de Dialoog van de H. Catharina van Siena

Samenvatting van de Dialoog van de H. Catharina van Siena

De Dialoog van de heilige Catharina van Siena is een mystiek meesterwerk. Het boek is geschreven als een gesprek tussen een ziel (Catharina) en God de Vader. De ziel stelt vier fundamentele vragen, en God antwoordt door de diepste geheimen van het geloof, de genade en de mensheid te openbaren.

Hieronder volgt de samenvatting van de Dialoog, opgebouwd per thematisch hoofdstukkenblok.

1. Inleiding (1 – 2)

Samenvatting: Catharina bevindt zich in een staat van diepe mystieke extase. Gedreven door een intens verlangen naar de redding van zielen en de hervorming van de Kerk, richt zij haar geest tot God de Vader. Zij stelt Hem vier grote verzoeken: vergeving voor haarzelf, de redding van de wereld, de hervorming van de Heilige Kerk (met name de geestelijkheid), en Gods voorzienigheid voor alle mensen in het algemeen.

2. De Weg van de Volmaaktheid (3 – 25)

Samenvatting: God de Vader antwoordt op haar eerste verzoeken. Hij legt uit dat de menselijke schuld oneindig is omdat deze tegen een oneindige God is begaan. Het menselijk lijden op aarde is echter eindig. Daarom kan lijden alleen voldoening schenken aan de schuld als het gepaard gaat met oneindige liefde en oprecht berouw. God legt hier de nadruk op de deugd van de naastenliefde: liefde tot God bewijst en uit zich altijd in de concrete liefde voor de medemens.

3. De Brug: Jezus Christus (26 – 87)

Dit is het theologische hart van de Dialoog. God gebruikt de beroemde metafoor van de brug.

De noodzaak van de Brug (26–52): Sinds de zondeval van Adam is de weg naar de hemel geblokkeerd door een woeste, verdrinkende rivier (de wereldse zonde). Omdat de mens de oversteek niet alleen kan maken, heeft God Zijn Zoon gegeven als een reusachtige Brug die de hemel met de aarde verbindt. De Brug is gemaakt van de stenen van Christus' deugden en gecementeerd met Zijn bloed.

De Drie Trappen van de Brug (53–64): Om over de brug te wandelen, moet de ziel drie trappen (of niveaus van de ziel) beklimmen, die symbool staan voor de drie fasen van geestelijke groei:

De Voeten van Christus: De ziel breekt met de zonde uit angst voor de hel (de slaafse, beginnende liefde).

Het Hart van Christus: De ziel ontdekt de liefde van God en begint Hem te dienen uit liefde, niet uit angst (de vriendschappelijke, vorderende liefde).

De Mond van Christus: De ziel bereikt de volmaakte eenheid, vindt vrede en proeft de goddelijke waarheid (De verlichte, volmaakte liefde).

De misleide zielen ( 65–87): God waarschuwt voor degenen die weigeren de Brug op te gaan en liever door de rivier waden. Zij worden meegesleurd door tijdelijke rijkdommen, zinnelijke lusten en hoogmoed, wat onvermijdelijk leidt tot de spirituele verdrinkingsdood.

4. Het Mysterie van de Traan (88 – 97)

Samenvatting: Dit gedeelte biedt een diepe spirituele psychologie aan de hand van menselijke tranen. God legt uit dat tranen de taal van het hart zijn. Er zijn vijf soorten tranen, variërend van de 'tranen van dood' (angst en zelfmedelijden van goddelozen) en 'tranen van vrees' (beginnend berouw), tot de 'tranen van zoetheid' (volmaakte, mystieke liefde) en de innerlijke 'tranen van vuur' voor zielen die fysiek niet meer kunnen huilen maar branden van verlangen naar God.

5. De Waarheid en het Licht (98 – 109)

Samenvatting: God openbaart Zichzelf aan Catharina als de Eeuwige Waarheid. Hij legt uit hoe het intellect van de mens verlicht moet worden door het licht van het allerheiligste geloof. Alleen door dit bovennatuurlijke licht kan de mens de misleidingen van de duivel doorzien, zijn eigen kleinheid begrijpen, en Gods oneindige liefde in alle gebeurtenissen van het leven herkennen.

6. De Hervorming van de Geestelijkheid (110 – 134)

Dit is het meest vlijmscherpe en profetische deel van het boek.

De waardigheid van priesters (110–120): God spreekt over de immense waardigheid van Zijn ministers (de priesters). Zij zijn "zonnen" die de sacramenten bedienen en het Lichaam van Christus aanraken. Zelfs als een priester zondig is, mag de gewone gelovige hem niet oordelen; dat oordeel is exclusief aan God voorbehouden.

De corruptie van de geestelijkheid (121–134): Hier klaagt God bitter over de zonden van de toenmalige priesters, bisschoppen en religieuzen. Hij veroordeelt hun hebzucht, onzuiverheid, simonie (het verkopen van geestelijke ambten) en hoogmoed. Zij jagen wereldse luxe na in plaats van zielen te redden, waardoor ze de Kerk misvormen. God eist een radicale innerlijke zuivering en hervorming.

7. De Goddelijke Voorzienigheid en Gehoorzaamheid (135 – 167)

De Voorzienigheid (135–153): God beantwoordt Catharina's vierde vraag. Hij legt uit hoe Zijn voorzienigheid alles bestuurt. Zowel voorspoed als tegenspoed, ziekte en gezondheid, worden door God toegestaan uit pure liefde, louter om de mens te louteren en dichter bij de hemel te brengen. Niets gebeurt buiten Zijn liefdevolle plan om.

De Gehoorzaamheid (154–165): God prijst de deugd van de gehoorzaamheid, die de wortel is van alle andere deugden. Het is de sleutel die de hemelpoort opent die door Adams ongehoorzaamheid gesloten was. Jezus is de ultieme 'gehoorzame Ridder' die tot de dood aan het kruis gehoorzaam bleef.

Slotwoord (166–167): Catharina keert terug uit haar visioen. Overweldigd door dankbaarheid sluit zij het boek af met een lofzang op de Heilige Drie-eenheid, waarin zij God dankt dat Hij haar smeekbeden heeft verhoord en haar de waarheid over de Brug en Zijn voorzienigheid heeft getoond.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 22:30 Reageer op dit bericht

ENIGE WERKEN VAN ST ALFONSUS VAN LIGUORI

ENIGE WERKEN VAN ST ALFONSUS VAN LIGUORI

* Samenvatting van de Heerlijkheden van Maria

De Heerlijkheden van Maria is een van de meest invloedrijke mariale meesterwerken uit de katholieke geschiedenis. Alfonsus schreef dit omvangrijke boek om de devotie tot de Heilige Maagd Maria te verdedigen tegen aanvallen van het jansenisme, dat mariale vroomheid destijds te emotioneel en overdreven vond.

Het werk is traditioneel opgebouwd uit twee grote delen en combineert theologische argumenten met citaten van vroege Kerkvaders, gebeden en talloze "exempelen" (stichtelijke praktijkverhalen).

Hieronder volgt een thematische samenvatting van de inhoud.

Deel 1: Uitleg van het Salve Regina (Wees gegroet, Koningin)

Het eerste deel volgt de structuur van het bekende gebed Salve Regina. Aan de hand van de zinnen uit deze hymne legt Alfonsus Maria's rollen uit:

Maria als Koningin van Barmhartigheid: Zij is een Koningin, maar in tegenstelling tot Jezus (die de Koning van de Gerechtigheid is), regeert Maria uitsluitend over het rijk van de barmhartigheid en de genade. Haar macht is er om zondaars te vergeven en te beschermen.

Onze Hoop, ons Leven en onze Zoetheid: Alfonsus stelt dat God heeft gewild dat alle genaden die Jezus voor ons heeft verdiend, via de handen van Maria naar de mensheid stromen. Zij is onze hoop omdat zij een voorspreekster is die door haar Zoon nooit wordt afgewezen.

Toevlucht van de Zondaars: Zelfs voor de meest verstokte zondaar is er hoop als hij zich tot Maria wendt. Alfonsus benadrukt dat Maria niemand afwijst die haar aanroept, hoe zwaar de zonden ook zijn. Zij treedt op als advocate in de hemelse rechtbank.

Middelares en Voorspreekster: De auteur legt uit dat het bidden via Maria de kortste en veiligste weg is om bij Jezus te komen. Zij veredelt onze gebeden voordat ze aan God worden aangeboden.

Deel 2: De Feesten, Deugden en Smarten van Maria

Het tweede deel richt zich op de concrete geloofspraktijk, liturgie en navolging:

De Grote Mariafeesten: Alfonsus behandelt de theologische betekenis en de verborgen genaden van de belangrijkste liturgische feesten, zoals haar Onbevlekte Ontvangenis, haar Geboorte, de Presentatie in de Tempel, Maria Boodschap en haar Tenhemelopneming.

De Zeven Smarten van Maria: Een uitgebreide overweging van Maria's innerlijke lijden, vanaf de profetie van Simeon tot aan de graflegging van Jezus. Alfonsus stelt dat Maria de "Koningin der Martelaren" is omdat zij geestelijk met Christus mee-leed aan het Kruis.

De Navolging van haar Deugden: Het is niet genoeg om Maria te prijzen; men moet haar ook navolgen. Alfonsus belicht haar diepe nederigheid, haar volkomen gehoorzaamheid, haar zuiverheid en haar vurige liefde tot God.

Gebeden en Devotionele Praktijken: Dit deel bevat concrete adviezen voor het dagelijks leven, zoals het bidden van het Rozenhoedje, het dragen van het Scapulier, het brengen van bezoeken aan haar beelden en het doen van kleine dagelijkse offers.

De "Exempelen" (Praktijkvoorhalen)

Uniek aan het boek zijn de vele korte verhalen aan het einde van elk hoofdstuk. Alfonsus vertelt hierin over zondaars, soldaten, bandieten of gewone gelovigen die op het punt stonden verloren te gaan, maar op het allerlaatste moment werden gered van de hel of rampspoed omdat zij ooit een klein gebaar van liefde aan Maria hadden gebracht (zoals het bidden van één Weesgegroetje per dag). Kernboodschap

De kerngedachte van het hele boek is troostrijk en radicaal: "Een ware dienaar van Maria kan niet verloren gaan." Wie zich met een oprecht (of op zijn minst berouwvol) hart onder haar bescherming stelt, zal door haar moederlijke voorspraak de genade van de eindvolharding en de redding verkrijgen.

* Samenvatting van de Praktijk van de liefde tot jezus

De centrale stelling van het boek is eenvoudig: de hele christelijke volmaaktheid bestaat uit het liefhebben van Jezus Christus. Volgens Alfonsus is ware liefde tot God geen abstract of emotioneel gevoel. Het is een actieve, dagelijkse praktijk.

Het hele boek is opgebouwd rondom de beroemde hymne van de apostel Paulus over de liefde (1 Korintiërs 13:4-7). Alfonsus neemt elke eigenschap van de liefde die Paulus noemt, en past deze concreet toe op onze relatie met Jezus.

Structuur en Belangrijkste Thema's

Het boek is opgedeeld in hoofdstukken die de kenmerken van de goddelijke liefde uitwerken. De belangrijkste pijlers zijn:

1. De Liefde is geduldig (Geduld en het Kruis)

De praktijk: Liefde bewijst zich in het dragen van lijden, ziekte, armoede en miskenning.

Alfonsus' visie: Wie Jezus echt liefheeft, omhelst zijn eigen kruis zonder te klagen. Lijden zuivert de ziel en brengt ons het dichtst bij het lijden van Christus aan het kruis.

2. De Liefde is vriendelijk (Zachtmoedigheid)

De praktijk: Een ziel die vol is van Jezus, reageert met zachtheid naar anderen, zelfs bij beledigingen.

Alfonsus' visie: Woede en bitterheid verjagen de Heilige Geest. Zachtmoedigheid is het uiterlijke kenmerk van een innerlijk vredige ziel.

3. De Liefde is niet afgunstig (Zuivere intentie)

De praktijk: Alles doen met het exclusieve doel om God te behagen, niet om door mensen gezien of geprezen te worden.

Alfonsus' visie: Zelfs de kleinste dagelijkse plicht (zoals werken of schoonmaken) wordt een daad van hoogste liefde als het puur voor Jezus gedaan wordt.

4. De Liefde zoekt zichzelf niet (Ontthechting en Overgave)

De praktijk: Het loslaten van materiële zaken, eigen wil en spirituele troost.

Alfonsus' visie: De grootste hindernis voor de liefde is de eigenwil. Volmaakte liefde betekent je eigen wil volledig op laten gaan in de wil van God ("Heer, doe met mij wat U wilt").

5. De Liefde gelooft alles, hoopt alles, duldt alles (Vertrouwen en Gebed)

De praktijk: Onwankelbaar vertrouwen hebben in de verdiensten van Jezus en de kracht van het gebed.

Alfonsus' visie: Dit sluit aan bij zijn kernleer over het gebed. God weigert zijn genade nooit aan wie er nederig om vraagt. Vertrouwen op Gods barmhartigheid overwint elke angst voor de dood of het oordeel.

Praktische hulpmiddelen voor de ziel

Alfonsus eindigt elk hoofdstuk niet met theorie, maar met zeer concrete acties. Hij adviseert de lezer om dagelijks de volgende praktijken te onderhouden:

Frequente Communie: De eucharistie is de brandstof voor de liefde.

Het overwegen van het Lijden: Regelmatig mediteren over het lijden van Jezus om te beseffen hoeveel Hij van ons houdt.

Voortdurend schietgebeden: Korte liefdesverklaringen door de dag heen herhalen (bijv. "Mijn Jezus, ik hou van U").

Toevlucht tot Maria: Zij is de kortste weg om de liefde tot haar Zoon te verkrijgen.

Samenvattende conclusie

Het boek is geen theologische verhandeling voor intellectuelen, maar een handboek voor het hart. Alfonsus wil de lezer overtuigen dat heiligheid bereikbaar is voor iedereen—of je nu kloosterling bent, arbeider of familiemens—door simpelweg elke dag te kiezen voor de liefde en de wil van Jezus Christus.

* Samenvatting van het Grote middel van gebed

De centrale stelling van het boek is even radicaal als eenvoudig: het gebed is absoluut noodzakelijk om gered te worden. Alfonsus vat dit samen in zijn beroemdste en meest geciteerde uitspraak:

"Wie bidt, wordt gered; wie niet bidt, is verdoemd."

Volgens Alfonsus kan een mens door de erfzonde en persoonlijke zwakte niet op eigen kracht de verleidingen weerstaan of de deugden beoefenen. God schenkt zijn helpende genade (de daadwerkelijke genade) echter altijd aan degenen die erom vragen. Het gebed is dus het universele 'middel' dat God heeft ingesteld om zijn genade te ontvangen.

Structuur en Belangrijkste Thema's

Het boek is logisch opgebouwd en behandelt de noodzaak, de kracht en de voorwaarden van het christelijke gebed.

1. De Noodzaak van het Gebed

Voor volwassenen: Alfonsus legt uit dat hoewel de eerste genade (zoals het geloof of de drang om te bekeren) gratis door God wordt gegeven, de opvolgende genaden om stand te houden in het goede alléén via het gebed verkregen worden.

Zonder gebed geen redding: Wie ophoudt met bidden, snijdt de toevoer van Gods kracht af. Daardoor wordt het onvermijdelijk dat men vroeg of laat bezwijkt voor zware zonden.

2. De Kracht van het Gebed

Gods belofte: Alfonsus benadrukt dat God Zichzelf door zijn eigen beloften heeft verplicht om ons te verhoren (bijv. "Vraagt en u zal gegeven worden").

Onbeperkte macht: Het gebed is in zekere zin 'almachtig' omdat het de almacht van God in beweging zet. Zelfs de grootste zondaar kan, als hij met een berouwvol hart begint te bidden, direct Gods barmhartigheid en de genade van bekering verkrijgen.

3. De Voorwaarden voor een Verhoord Gebed

Veel mensen klagen dat ze bidden maar niet verhoord worden. Alfonsus legt uit dat dit komt omdat men niet goed bidt. Hij stelt vier harde voorwaarden:

Aandacht en eerbied: Men moet met een bewust en respectvol hart bidden, niet enkel met de lippen.

Nederigheid: God weerstaat de trotsen, maar geeft genade aan de nederigen. Men moet erkennen dat men zelf niets is en alles van God verwacht.

Vertrouwen: Men moet rotsvast geloven dat God wíl en kán helpen. Twijfel blokkeert de stroom van genade.

Volharding (het belangrijkste punt): Dit is de kern van Alfonsus' pleidooi. God verhoort ons vaak niet meteen om onze trouw te testen en ons te dwingen te blijven bidden. De genade van de volharding tot het einde (sterven in staat van genade) wordt alleen geschonken aan hen die tot hun laatste ademtocht blijven bidden.

Wat moeten we vragen?

Alfonsus waarschuwt dat we vaak bidden om materiële zaken (gezondheid, geld, succes). God verhoort dit vaak niet omdat Hij weet dat het schadelijk kan zijn voor onze ziel.
De belangrijkste zaken waar we altijd om moeten bidden zijn geestelijke gaven:

De vergeving van onze zonden.

De liefde tot Jezus Christus (de link met zijn andere boek).

De heilige volharding tot de dood.

De vervulling van Gods wil in ons leven.

Samenvattende conclusie

Het Grote Middel van het Gebed is een hoopgevend en praktisch boek. Alfonsus haalt de angst weg dat heiligheid alleen voor een selecte spirituele elite is weggelegd. Zijn boodschap is democratisch: iedereen kan bidden. En omdat iedereen kan bidden, heeft iedereen de middelen in handen om de hemel te bereiken.

* Samenvatting van de Weg van de zelfverloochening

De weg van de zelfverloochening (self-denial of mortification) is volgens de heilige Alfonsus van Liguori de absolute voorwaarde voor christelijke volmaaktheid. Alfonsus baseert zijn visie rechtstreeks op de woorden van Jezus: "Wie achter Mij aan wil komen, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis opnemen en Mij volgen" (Matteüs 16:24).

In zijn asceseleer legt hij uit dat zelfverloochening geen doel op zich is, maar het noodzakelijke middel om ruimte te maken voor de goddelijke liefde.

1. Het obstakel: De 'verkeerde' eigenliefde

Alfonsus stelt dat de grootste hindernis voor heiligheid de ongeordende eigenliefde (inordinate self-love) en de eigenwil zijn. Hij onderscheidt twee soorten zelfliefde:

De goede zelfliefde: Het verlangen om je ziel te redden en te streven naar het eeuwige leven.

De slechte zelfliefde: De drang om aardse plezieren, comfort, menselijke eer en de eigen zin na te jagen ten koste van de ziel.

Zelfverloochening betekent de strijd aanbinden met deze slechte zelfliefde om de ziel te zuiveren.

2. Twee vormen van zelfverloochening (Mortificatie)

Om de eigenliefde te overwinnen, onderscheidt Alfonsus twee manieren van zelfverloochening:

A. Uiterlijke zelfverloochening (External Mortification)

Dit betreft het beheersen van de fysieke zintuigen (vasten, waken, het wegdraaien van de ogen bij nieuwsgierigheid).

Zijn visie: Dit moet met discretie en verstand gebeuren. Het mag de gezondheid niet permanent beschadigen, omdat het lichaam een instrument is om God te dienen. [, 2]

B. Innerlijke zelfverloochening (Interior Mortification)

Dit is volgens Alfonsus de belangrijkste en meest effectieve vorm van ascese. Het richt zich op het temmen van de geest en de wil. Zijn visie: Dit moet zonder beperking en met vurigheid worden beoefend. Het heeft geen negatieve impact op de gezondheid en sluit uit dat men spiritueel hoogmoedig wordt, aangezien alleen God getuige is van deze innerlijke strijd.

3. De praktijk: Hoe verloochen je jezelf concreet?

Alfonsus geeft in The School of Christian Perfection zeer praktische richtlijnen voor het dagelijks leven:

Geef je gelijk op: Als je wordt tegengesproken of bekritiseerd, laat je eigen mening dan varen (tenzij Gods eer direct in het geding is). Zwijg in plaats van jezelf vurig te verdedigen.

Breek de nieuwsgierigheid: Bedwing de neiging om direct alles te willen zien, horen of weten wat niet noodzakelijk is voor je plichten.

Dood de zelfgenoegzaamheid: Zodra er gevoelens van ijdelheid of trots in je hart opkomen, maak hier dan direct een offer van aan Jezus.

Omhels het kruis met geduld: Wanneer je te maken krijgt met ziekte, tegenslag, armoede of beledigingen, rebelleer dan niet. Alfonsus stelt dat ware vrede alleen komt wanneer men zijn kruis met geduld en overgave draagt, net als de goede moordenaar aan het kruis.

4. Het einddoel: Heilige onverschilligheid

De weg van zelfverloochening leidt uiteindelijk tot wat Alfonsus gelijkvormigheid met de wil van God noemt. Wanneer de eigenwil volledig is gestorven door zelfverloochening, bereikt de ziel een staat van 'heilige onverschilligheid'. Het maakt de ziel dan niet meer uit of ze gezond is of ziek, arm of rijk, geprezen of veracht; ze wil alleen nog maar wat God wil. Op dat moment is de liefde tot Jezus Christus volmaakt.

* Samenvatting van de Eeuwige Waarheden

De Eeuwige Waarheden (Massime Eterne, 1728), later door de auteur uitgebreid tot zijn bekende werk Voorbereiding op de dood, is een spiritueel meesterwerk van de heilige Alfonsus Maria de Liguori. Het boek is ontworpen als een praktische gids voor mentaal gebed en dagelijkse meditatie.

De kern van het boek draait om één centrale boodschap: de mens moet nu bewuste keuzes maken in het licht van de eeuwigheid, omdat het aardse leven kort en onzeker is. Alfonsus gebruikt scherpe, realistische beelden om de lezer los te schudden uit spirituele onverschilligheid.

Structuur van het boek

Het werk is opgebouwd uit opeenvolgende meditaties. Elke meditatie volgt een vaste, psychologische structuur om niet alleen het verstand, maar vooral het hart en de wil te raken:

Overweging: Een realistische schets van een geloofswaarheid (bijv. het sterfbed).

Gevoelens van berouw: Het opwekken van liefde voor God en verdriet over begane zonden.

Smeekbede en Voornemen: Concretisering van hoe de lezer zijn of haar leven vanaf vandaag gaat beteren.

De Belangrijkste Thema's (Samenvatting)

1. De waarde van de tijd en de kortstondigheid van het leven

Alfonsus benadrukt dat tijd het meest kostbare bezit is dat God de mens geeft, omdat er na de dood geen tijd meer is om verdiensten te verzamelen. Elke minuut die voorbijgaat, brengt ons dichter bij het graf. Leven in zonde met de gedachte "ik bekeer me later wel", is volgens hem het gevaarlijkste spirituele zelfbedrog.

2. De realiteit van de dood

De auteur schuwt de details van het fysieke sterven niet. Hij beschrijft de aftakeling van het lichaam, het verlaten van bezittingen en de eenzaamheid van het sterfbed. Dit doet hij niet om angst te zaaien, maar om te laten zien hoe relatief aardse rijkdom, roem en plezier zijn. In het aangezicht van de dood telt alleen de staat van de ziel.

3. Het Bijzonder Oordeel

Onmiddellijk na het sterven verschijnt de ziel voor Jezus Christus om rekenschap af te leggen van elk detail van het geleefde leven: elke gedachte, elk woord en elke daad. Alfonsus stelt dat de genade die de mens tijdens zijn leven heeft geweigerd, op dat moment als getuige tegen hem zal getuigen.

4. De eeuwigheid: Hemel of Hel

Er zijn volgens het boek maar twee definitieve eindbestemmingen.

De hel: De eeuwige toestand van zielen die God bewust hebben afgewezen, gekenmerkt door de totale afwezigheid van liefde en de kwelling van het geweten.

De hemel: De eeuwige, volmaakte vreugde in de aanwezigheid van God, waar geen lijden of verdriet meer bestaat.

5. De noodzaak van het gebed en Gods barmhartigheid

Hoewel de toon van het boek ernstig is, blijft Alfonsus de theoloog van de goddelijke barmhartigheid. Het boek functioneert als een reddingslijn. Het herinnert de lezer eraan dat God niemand verloren wil laten gaan. Het belangrijkste instrument hiervoor is het dagelijks gebed: wie God oprecht om hulp en vergeving vraagt, zal de genade krijgen om gered te worden.

Conclusie

De Eeuwige Waarheden is een spirituele spiegel. Het dwingt de lezer om de hectiek van alledag stil te zetten en zichzelf de fundamentele vraag te stellen: "Als ik vandaag zou sterven, ben ik dan klaar om God te ontmoeten?" Het is geen theoretisch theologieboek, maar een dringende oproep tot bekering, gebed en actieve liefde voor God in het hier en nu.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 22:19 Reageer op dit bericht

Samenvatting van de Navolging van Christus door Thomas à Kempis

Samenvatting van de Navolging van Christus door Thomas à Kempis

BOEK 1: Wenken dienstig tot het geestelijke leven

Dit deel legt het fundament voor de innerlijke bekering door de lezer op te roepen zich radicaal los te maken van de uiterlijke wereld en te focussen op de ziel.

De hoofdlijnen en kernthema's van Deel 1 laten zich als volgt samenvatten:

1. Verachting van de wereldse ijdelheid (Hoofdstuk 1)

De beroemde openingszin zet direct de toon: "Wie Mij volgt, zal in de duisternis niet wandelen". Thomas stelt dat alles op aarde ijdelheid en schone schijn is, tenzij men God liefheeft en Hem alleen dient. Rijkdom, status en zintuiglijk genot jagen is zinloos, omdat deze zaken de ziel leeg achterlaten.

2. Nederigheid en de beperking van kennis (2-3)

Thomas waarschuwt scherp tegen intellectuele trots en de drang naar 'nutteloze' wetenschap. Diepe theologische kennis redt de mens niet; een deugdzaam en nederig leven wel. Het is beter om een eenvoudige landbouwer te zijn die God dient, dan een hoogmoedige filosoof die de sterren bestudeert maar zijn eigen ziel verwaarloost. Ware wijsheid is zelfkennis en zelfverachting.

3. Voorzichtigheid en innerlijke rust (4-10)

Om de geest te beschermen, moet een christen voorzichtig handelen en niet zomaar elk gerucht of elke opwelling geloven. Dit vereist:

Gehoorzaamheid: Het durven onderwerpen van de eigen wil aan een geestelijk leider of overste.

Het mijden van ijdel gepraat: Onnodige discussies en te veel contact met de wereld verstoren de innerlijke stilte.

Matigheid in relaties: Te grote vertrouwelijkheid met mensen brengt onrust; vertrouwelijkheid met God brengt vrede.

4. Groei in deugd en omgaan met tegenslag (11-17)

Geestelijke vooruitgang vraagt om dagelijkse strijd tegen eigen hartstochten. Thomas benadrukt dat tegenspoed en verleidingen nuttig zijn. Ze breken de menselijke hoogmoed, zuiveren de intenties en dwingen de mens om zijn toevlucht uitsluitend bij God te zoeken. Men leert hierdoor ook geduldig de fouten van anderen te verdragen.

5. Het monastieke ideaal en discipline (18-21)

Dit gedeelte spiegelt de lezer het vurige voorbeeld voor van de vroege woestijnvaders en heilige monniken. Thomas klaagt over de lauwigheid van zijn tijdgenoten. Hij roept op tot geestelijke waakzaamheid, afzondering, diep berouw over zonden (compunctie) en het bewust opzoeken van de stilte in de eigen binnenkamer.

6. Overweging van de dood en het oordeel (22-25)

Boek 1 sluit af met een krachtige aansporing tot heilige ernst. Thomas herinnert de lezer aan de onvermijdelijkheid van de dood en het daaropvolgende oordeel. Wie nu strijdt tegen zijn gebreken en zichzelf kruisigt, hoeft straks niet te vrezen. Het laatste hoofdstuk spoort aan tot een radicale ijver om het hele leven te hervormen, alsof elke dag de laatste is.

Kernboodschap van Deel 1

Deel 1 is een geestelijke grote schoonmaak. Voordat de ziel de diepe vrede en troost van God kan ervaren (wat in de latere boeken aan bod komt), moet zij eerst radicaal onthechten van de wereld, haar eigen ego doden en wortelen in absolute nederigheid.

BOEK 2: Aansporingen tot het inwendige leven

Waar Boek 1 zich richtte op de uiterlijke onthechting van de wereld, richt Boek 2 zich volledig op de inrichting van de ziel en de intieme, innerlijke relatie met Jezus Christus.

Dit deel telt 12 hoofdstukken en laat zich samenvatten aan de hand van de volgende vijf kernthema's:

1. Het Koninkrijk Gods is binnen in u (Hoofdstuk 1)

Thomas opent met de herinnering dat ware vrede niet van buitenaf komt. Wie een innerlijke woning voor Jezus bereidt, zal door Him bezocht worden en Zijn troost ontvangen. De mens moet zijn hart leegmaken van creaturen, want Christus wil alleen heersen in een ziel die stil en op Hem gericht is. Als u niet weet hoe u moet mediteren, rust dan simpelweg in het Lijden van Christus en Zijn wonden.

2. Nederige onderwerping en een zuiver geweten ( 2-5)

Innerlijke rust staat of valt met de omgang met uzelf en anderen:

Nederigheid: Maak u geen zorgen over wie er voor of tegen u is. Zorg er alleen voor dat God met u is in alles wat u doet. Een nederig mens verdraagt kritiek met vrede, omdat hij zijn goedkeuring alleen bij God zoekt.

De goede, vreedzame mens: Breng eerst uzelf tot vrede, pas dan kunt u vrede brengen aan anderen. Het is gemakkelijk om met goede mensen om te gaan, maar de ware deugd toont zich in het vreedzaam samenleven met moeilijke en dwarse personen.

Eenvoud en zuiverheid: De ziel heeft twee vleugels om boven de aarde uit te stijgen: eenvoud in de intentie en zuiverheid in de liefde. Als uw hart zuiver is, is elk schepsel een spiegel van Gods goedheid.

3. De overdenking van de eigen kleinheid 6-8)

De mens moet waken over zijn innerlijke vreugde. Thomas waarschuwt voor de illusie van eigenliefde. Wij zien de fouten van anderen direct, maar onze eigen blinde vlekken negeren we. Ware vreugde is het bezit van een goed geweten.

Bovenal moet de ziel Jezus liefhebben boven alle dingen. Menselijke vriendschappen zijn wankel en vergankelijk, maar de vriendschap met Jezus is trouw tot in de dood. Als Jezus aanwezig is, is alles gemakkelijk en zoet; als Hij Zich terugtrekt, is alles zwaar.

4. Het opvangen van de spirituele droogte (9-10)

Het is gemakkelijk om God te dienen wanneer men overspoeld wordt met spirituele troost en fijne gevoelens. Thomas legt uit dat God die troost soms bewust wegneemt om onze trouw te testen. In tijden van geestelijke droogte moet de ziel niet wanhopen of klagen, maar in diepe nederigheid volharden in het gebed. Dank God voor de troost als die er is, maar wees nog dankbaarder als Hij u loutert door beproeving.

5. De koninklijke weg van het Heilig Kruis (11-12)

Dit is het theologische hoogtepunt van Boek 2. Thomas stelt dat Jezus veel liefhebbers heeft van Zijn hemelse koninkrijk, maar weinig dragers van Zijn Kruis. Velen willen wel met Hem genieten, maar weinigen willen met Hem lijden.

Er is echter geen andere weg naar het leven en de ware innerlijke vrede dan de koninklijke weg van het Heilig Kruis. Ieder mens krijgt zijn eigen kruis te dragen (ziekte, tegenslag, onbegrip of innerlijke strijd). Wie dit kruis vrijwillig omarmt en met liefde draagt, zal merken dat het zware hout verandert in een bron van goddelijke troost en de poort naar de verrijzenis.

Kernboodschap van Deel 2

Deel 2 leert de lezer om een innerlijk leven te leiden dat onafhankelijk is van uiterlijke omstandigheden. Door de liefde voor Jezus centraal te stellen, uw eigen zwakheid te accepteren en het dagelijkse kruis moedig te dragen, transformeert de ziel in een stabiel tabernakel van goddelijke vrede.

BOEK 3: Van de innerlijke troost

Dit deel is geschreven in de vorm van een intieme dialoog tussen Christus (de Stem) en de discipel (de ziel).

Waar Boek 1 en 2 de mens voorbereidden door onthechting en tucht, ervaart de ziel in Boek 3 de diepe, mystieke omgang met God.

De hoofdlijnen laten zich samenvatten in de volgende vijf kernthema's:

1. Luisteren naar de stem van God (Hoofdstuk 1-3)

De dialoog begint met de ziel die zich afsluit voor het lawaai van de wereld om te luisteren naar wat God in haar spreekt. Christus leert dat Zijn woorden "geest en leven" zijn. Veel mensen luisteren wel naar de wereld en hun eigen verlangens, maar negeren de zachte stem van God. De ziel vraagt om de genade van de compunctie (een teder, berouwvol hart) en de wijsheid om Gods waarheid te horen.

2. De natuur versus de genade (5, 54)

Dit is een van de beroemdste theologische analyses in het boek. Thomas à Kempis stelt de gevallen menselijke natuur scherp tegenover de goddelijke genade:

De natuur zoekt altijd zichzelf, vlucht voor het kruis, wil geprezen worden, haat achterstelling en werkt voor eigen gewin.

De genade zoekt alleen Gods eer, omarmt het kruis met liefde, blijft nederig bij succes, doet goed aan de armen en vertrouwt volledig op God, niet op eigen verdiensten.
De christen moet leren de subtiele bewegingen van de natuur te herkennen om ruimte te maken voor de werking van de genade.

3. Volledige zelfverloochening en overgave (15-17, 37)

Christus vraagt de ziel om een totale, radicale overgave van haar eigen wil. De discipel leert bidden: "Heer, laat met mij gebeuren wat U wilt; uw wil is de mijne".

Vrijheid door verlies: Ware innerlijke vrijheid ontstaat pas wanneer de mens stopt met het najagen van eigen plannen en verlangens.

Rust in God alleen: De ziel ontdekt dat zij in geen enkel schepsel of aardse omstandigheid rust kan vinden. Alleen God is het hoogste Goed waarin de mens werkelijk verzadigd raakt.

4. Standvastigheid in strijd en dorheid (6-12, 30)

Het innerlijke leven is geen constante stroom van spirituele vreugde. Christus bereidt de ziel voor op tijden van beproeving, verleiding en diepe geestelijke verlatenheid.

De test van de liefde: Een trouwe ziel bewijst haar liefde niet wanneer alles goed gaat, maar wanneer God Zijn troost wegneemt.

Strijden met geduld: De mens moet de innerlijke strijd tegen boze gedachten en moedeloosheid geduldig verdragen, wetend dat God de strijdende ziel juist dicht nabij is.

5. Het verlangen naar het eeuwig leven (47-59)

Boek 3 sluit af met een blik op de eeuwigheid. De ziel, vermoeid door de strijd en de ballingschap op aarde, zucht naar het hemels vaderland waar geen pijn, zonde of verdeeldheid meer zal zijn. Christus bemoedigt de ziel: het lijden van deze korte tijd is niet te vergelijken met de glorie die wacht. Hij roept op tot volharding tot het einde, steunend op Zijn genade.

Kernboodschap van Deel 3

Deel 3 laat zien dat het geestelijke leven een voortdurende uitwisseling is tussen de zwakheid van de mens en de trouw van God. Door de eigen wil volledig te verliezen in de wil van Christus, leert de ziel om te midden van alle aardse strijd te rusten in een onwankelbare, goddelijke troost.

BOEK 4: Een godvruchtige aansporing tot de Heilige Communie

Ook hier is het deel grotendeels geschreven als een dialoog tussen Christus en de discipel, maar hier staat het mysterie van de Eucharistie centraal.

Dit deel heeft vier kernthema's:

1. Eerbied en schroom voor het Sacrament (Hoofdstuk 1-4)

De discipel nadert de heilige tafel met een diep gevoel van ontzag en onwaardigheid. Thomas à Kempis vergelijkt de communie met historische gebeurtenissen: als koning Salomo zeven jaar bouwde aan een tempel voor de ark, en de profeet David danste voor de ark, hoe zuiver moet een mens dan wel niet zijn om de Schepper van het heelal in zijn eigen lichaam te ontvangen? De ziel erkent haar armoede, maar wordt door Christus uitgenodigd om te naderen, omdat Hij de Medicijn is voor de zieke ziel.

2. Gods oneindige liefde en de noodzaak van overgave (7-9)

Christus herinnert de ziel eraan dat de Eucharistie de voortzetting is van Zijn offer aan het Kruis. Hij vraagt van de gelovige een vergelijkbaar offer:

Het Offer van Christus: "Zoals Ik Mijzelf met uitgestrekte handen aan het Kruis voor jouw zonden aan God de Vader heb geofferd, zo moet jij jezelf dagelijks in de Mis aan Mij offeren."

Totale overgave: De mens moet alles wat hij is en heeft (zijn talenten, zijn tijd, zijn zorgen) aan God aanbieden. Wie iets voor zichzelf achterhoudt, kan niet de volle genade van het sacrament ontvangen.

3. De vruchten van de Heilige Communie (10-15)

De Heilige Communie is geen optionele vroomheid, maar noodzakelijk geestelijk voedsel. Thomas legt uit wat de Eucharistie uitwerkt in de ziel:

Versterking tegen het kwaad: Het sacrament blust de vlammen van de hartstochten en beschermt de ziel tegen de subtiele verleidingen van de duivel.

Innerlijke transformatie: Wie met een vurig hart communiceert, wordt spiritueel vernieuwd en ontvangt de deugden van Christus, zoals zachtmoedigheid, geduld en zuiverheid.

Geestelijke honger: Een trouw christen moet verlangen naar de communie zoals een hongerig mens naar brood smacht, en de ontmoeting met Jezus in de hostie als het absolute hoogtepunt van zijn dag zien.

4. De waardige voorbereiding van het hart (16-18)

Het boek sluit af met praktische en spirituele aanwijzingen voor de communicant. De mens moet zijn hart inrichten als een schone, gastvrije kamer voor de Heer:

Het openleggen van noden: De ziel mag aan Jezus in de hostie al haar gebreken, wonden en verleidingen tonen, smekend om genezing.

Weg met het verstand, leve het geloof: In het laatste hoofdstuk waarschuwt Thomas tegen het intellectueel willen beredeneren of bewijzen van het eucharistisch mysterie. Menselijk verstand schiet hier tekort. De mens moet zijn verstand onderwerpen aan het zuivere geloof, want God doet in dit sacrament werken die ons bevattingsvermogen te boven gaan.

Kernboodschap van Deel 4

Deel 4 vormt de ultieme bestemming van de hele Navolging. Nadat de ziel in Boek 1 t/m 3 is gereinigd, beproefd en onderwezen, vindt zij in de Eucharistie de totale en tastbare eenwording met Christus. Het is de bron waar de gelovige de kracht vandaan haalt om het dagelijkse kruis te dragen en Christus tot in de dood na te volgen.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 21:56 Reageer op dit bericht

33 daagse toewijding aan Maria - 2

Dag 21: Maria's moederschap over onze ziel

Vandaag nodigt de H. Louis-Marie de Montfort u uit om te mediteren over het feit dat Maria niet alleen de Moeder van Jezus is, maar op een heel reële, spirituele wijze ook uw persoonlijke Moeder. Dit moederschap werd officieel bekrachtigd aan de voet van het Kruis, toen Jezus zei: "Vrouw, zie daar uw zoon", en tegen Johannes: "Zie daar uw Moeder" (Johannes 19:26-27).

Centraal staat het ervaren van haar moederlijke zorg:

Geestelijke geboorte: Inzien dat Maria u in genade heeft gebaard aan de voet van het Kruis. Zoals zij Jezus fysiek heeft gevormd, zo vormt zij nu Christus in uw ziel.

Onvoorwaardelijke zorg: Overwegen hoe een goede moeder haar kind voedt, beschermt, kleedt en opvoedt. Maria doet dit op bovennatuurlijke wijze: zij voedt ons met genaden, beschermt ons tegen de vijand en kleedt onze ziel met haar deugden.

Kinderlijk vertrouwen: Het loslaten van alle angst of afstandelijkheid richting Maria. U mag vandaag als een klein, kwetsbaar kind in haar armen kruipen, wetend dat zij uw noden beter begrijpt dan u zelf.

Het doel van deze dag is het verdiepen van uw persoonlijke, levendige relatie met Maria. U leert haar niet alleen te zien als een historische figuur of een verre Koningin, maar als de meest liefdevolle en aanwezige Moeder die u zich kunt wensen.

Dag 22: De deugden van Maria spiegelen

Nu u haar grootheid en haar moederschap heeft overwogen, nodigt Montfort u uit om te kijken naar de innerlijke schoonheid van Maria. Zij is de volmaakte spiegel van Christus. Montfort onderscheidt de tien belangrijkste deugden van Onze Lieve Vrouw die wij in ons eigen leven moeten gaan toelaten.

Centraal staat het overdenken van deze tien spirituele schatten:

Haar diepe nederigheid: Zij zag zichzelf altijd als de kleinste, de dienstmaagd van de Heer.

Haar levend geloof: Zij twijfelde nooit aan Gods beloften, zelfs niet onder het Kruis.

Haar blinde gehoorzaamheid: Haar directe "Fiat" (Mij geschiede naar uw woord) op elk moment.

Haar voortdurend gebed: Haar hart was onophoudelijk in gesprek met en gericht op God.

Haar universele versterving: Het vrijwillig opofferen van haar eigen comfort voor Gods plan.

Haar goddelijke zuiverheid: Een volkomen onverdeeld hart, zuiver in gedachten, woorden en daden.

Haar vurige liefde: Haar grenzenloze liefde voor God en haar diepe bewogenheid met de medemens.

Haar heldhaftige geduld: Het zwijgzaam en vol vertrouwen dragen van de zwaarste beproevingen.

Haar engelachtige zachtmoedigheid: Nooit bitter of boos, maar altijd vol vrede en mildheid.

Haar goddelijke wijsheid: Het bewaren en overwegen van Gods mysteries in haar hart.

Het doel van vandaag is om deze deugden niet alleen te bewonderen, maar Maria te vragen om ze in uw ziel te planten. Door de toewijding leent zij u haar eigen hart om God op de juiste manier lief te hebben.

Dag 23: Maria in de geestelijke strijd

Vandaag nodigt de H. Louis-Marie de Montfort u uit om te mediteren over de machtige, beschermende rol van Maria in de onzichtbare geestelijke strijd. Zij is niet alleen een zachtmoedige Moeder, maar volgens de Schrift ook de vrouw die de kop van de slang (het kwaad) zal vermorzelen (Genesis 3:15).

Centraal staat het vinden van veiligheid onder haar mantel:

De schrik van de vijand: Inzien dat de boze de nederigheid en zuiverheid van Maria intens vreest. Waar Maria aanwezig is, moet de geest van trots, verdeeldheid en verleiding wijken.

Onze veilige toevlucht: Het besef dat u de strijd tegen uw eigen zwakheden en uiterlijke verleidingen niet in uw eentje kunt winnen. Door u aan haar toe te vertrouwen, plaatst u uzelf in een onneembare spirituele vesting.

Samen strijden: Bidden om de moed om, aan de hand van Maria, een actieve apostel van het licht te zijn in een wereld die vaak verduisterd is. Haar belangrijkste wapen dat zij ons aanreikt is de Rozenkrans.

Het doel van deze dag is het overwinnen van spirituele angst of ontmoediging. U mag vandaag ervaren hoe krachtig en zegevierend de Moeder is aan wie u weldra uw hele leven zult toevertrouwen.

Dag 24: De schatkamer van Gods gaven

Vandaag nodigt de H. Louis-Marie de Montfort u uit om te mediteren over de manier waarop God Zijn liefde en gaven naar de wereld laat stromen. God had ervoor kunnen kiezen om alles rechtstreeks te doen, maar in Zijn goddelijke wijsheid heeft Hij besloten dat alle genaden via Maria tot ons komen.

Centraal staat het begrijpen van dit goddelijke kanaal:

De Schatbewaarster: Zoals Maria de fysieke poort was waardoor Jezus (de Bron van alle genade) in de wereld kwam, zo blijft zij de spirituele poort waardoor Zijn gaven naar onze ziel stromen. Zij deelt de schatten van Christus uit met de gulle hand van een Moeder.

Onze voorspraak bij de Koning: Inzien dat onze eigen gebeden vaak onvolmaakt, afgeleid of gekleurd zijn door eigenbelang. Wanneer we onze gebeden aan Maria geven, zuivert zij deze en vult ze aan met haar eigen verdiensten, zodat ze volmaakt voor de troon van God verschijnen.

De kortste weg: Erkennen dat bidden via Maria geen omweg is, maar juist de snelste en meest nederige weg om het hart van Jezus te bereiken.

Het doel van vandaag is om te leren bidden met een grenzenloos vertrouwen in Maria's voorspraak. U legt al uw noden en verlangens in haar handen, wetend dat zij geen enkel kinderlijk gebed onverhoord laat.

Dag 25: Maria als de rustplaats van God

Vandaag nodigt de H. Louis-Marie de Montfort u uit om te mediteren over de ongekende intimiteit tussen Maria en de Heilige Drie-eenheid. Zij is het ware, levende Tabernakel. God vond in haar zuivere ziel een waardige en volmaakte rustplaats op aarde.

Centraal staat het mysterie van Gods aanwezigheid in haar:

De Schoot van de Zoon: Overwegen hoe Jezus negen maanden lang fysiek in haar schoot heeft gewoond, en hoe haar hart spiritueel altijd met het Zijne verbonden bleef. Zij bezit een unieke, exclusieve kennis van Christus' innerlijke leven.

De Bruid van de Geest: Inzien dat de Heilige Geest in Maria een perfecte weerklank vindt. Waar Maria is, daar snelt de Heilige Geest naartoe om te hopen, te bidden en te heiligen.

Onze transformatie: Beseffen dat wanneer u zich toewijdt aan Maria, zij uw ziel omvormt tot een vergelijkbaar tabernakel. Zij bereidt uw hart voor, zodat Jezus er met evenveel vreugde en vrede kan wonen als destijds in haar.

Het doel van vandaag is om te verlangen naar diezelfde innerlijke stilte en zuiverheid waarin God kan wonen. U vraagt Maria om uw ziel zo in te richten dat Christus er werkelijk thuis kan zijn.

Dag 26: Leven met, in, door en voor Maria

Vandaag rondt u de week af waarin u de grootheid, de deugden en het moederschap van Onze Lieve Vrouw heeft overwogen. Dag 26 brengt al deze kennis samen in een concrete, dagelijkse levenshouding. Montfort nodigt u uit om de drempel over te stappen naar een leven dat volledig met haar is verweven.

Centraal staat het geheim van deze totale verbondenheid:

Handelen met Maria: Vóór elke actie of beslissing innerlijk naar haar kijken en haar vragen: "Moeder, hoe zou u dit aanpakken?" Zo neemt u haar deugden over.

Handelen in Maria: Uw ziel laten rusten in haar Onbevlekt Hart, alsof u een veilige, spirituele woning bent binnengestapt waar de verleidingen van de wereld u niet kunnen raken.

Handelen door Maria: Uw gebeden, offers en dagelijkse taken volledig via haar aan God aanbieden. U vertrouwt erop dat zij alles wat u doet mooier, zuiverder en krachtiger maakt.

Handelen voor Maria: Niet langer leven voor uw eigen eer of succes, maar alles doen om haar te behagen, omdat u weet dat haar enige verlangen is om Jezus te verheerlijken.

Het doel van vandaag is om met een vurig en standvastig hart te zeggen: "Moeder, vanaf nu bezit ik niets meer alleen; mijn hele leven is van u, zodat het volledig van Jezus kan worden."

Dag 27: Jezus Christus als ons Ultieme Doel

Vandaag herinnert de H. Louis-Marie de Montfort u eraan dat elke vorm van Maria-verering slechts een middel is. Het einddoel van ons geloof en van deze toewijding is de totale eenwording met Jezus.

Centraal staat het herijken van uw relatie met de Heer:

De Enige Meester: Overwegen dat Jezus onze God, onze Verlosser, ons Licht en onze Weg is. Buiten Hem is er geen redding of ware wijsheid.

Maria als de Spiegel: Inzien dat Maria de korste en veiligste weg is naar Jezus, omdat zij u helpt Hem beter te begrijpen en vuriger lief te hebben. Zij leidt u nooit van Hem weg, maar brengt u rechtstreeks naar Zijn Hart.

Radicale hernieuwing: Uw hart openstellen om Jezus niet langer als een abstracte figuur te zien, maar als de levende, liefhebbende Heer die bezit wil nemen van uw hele wezen.

Het doel van vandaag is om met een vurig hart te erkennen dat uw naderende toewijding aan Maria in essentie een radicale hernieuwing van uw doopbeloften aan Jezus Christus is.

Dag 28: Jezus die naar ons hart verlangt

Vandaag nodigt de H. Louis-Marie de Montfort u uit om te mediteren over het feit dat Jezus niet zomaar een verre, strenge God is, maar de Mensgeworden Wijsheid die met een brandend verlangen zoekt naar de liefde en vriendschap van de mens.

Centraal staat het beantwoorden van Zijn goddelijke liefde:

De Wijsheid die ons zoekt: Overwegen hoe Jezus, de Goddelijke Wijsheid, alles heeft gedaan om dicht bij ons te zijn. Hij werd mens, leefde ons menselijke leven, onderging het lijden en bleef zelfs achter in de Heilige Eucharistie, puur om teder met ons verbonden te blijven.

Onze onverschilligheid: Het eerlijk onderzoeken hoe vaak we die overweldigende liefde beantwoorden met koude routine, afleiding of ondankbaarheid.

De troost van Maria: Het besef dat we onze tekortkomingen in liefde kunnen herstellen door ons aan Maria toe te vertrouwen. Zij leent ons haar eigen, gloeiende Hart om Jezus te beminnen met de tederheid die Hij verdient.

Het doel van vandaag is om uw hart te laten smelten voor de liefde van Jezus. U vraagt de genade om niet langer op een afstand te blijven, maar u volledig door Zijn liefde te laten overweldigen.

Dag 29: De prijs van onze verlossing

Gisteren overwoog u de verlangende liefde van Jezus; vandaag kijkt u naar de uiterste consequentie van die liefde. Dag 29 nodigt u uit om stil te staan bij het mysterie van het Kruis en de totale zelfgave van de Verlosser.

Centraal staat het overwegen van Zijn offer:

De diepte van Zijn pijn: Mediteren over de doodsstrijd in Getsemane, de gespeling, de doornenkroon en de kruisiging. Jezus onderging dit niet als een abstracte mensheid, maar heel specifiek voor u.

De wortel van het lijden: Inzien dat onze zonden, onze lauwigheid en onze wereldse gehechtheden de oorzaak zijn van Zijn wonden. Dit wekt geen verlammende schuldgevoelens op, maar wel een diep, genezend berouw.

Maria onder het Kruis: Kijken naar de Moeder van Smarten die daar met een doorboord hart stond (Lucas 2:35). Zij leert ons hoe we het Lijden van haar Zoon niet onverschillig voorbijlopen, maar met eerbied en liefde in ons hart bewaren.

Het doel van vandaag is om de ernst van de zonde en de onmetelijkheid van Gods liefde te herijken aan de voet van het Kruis. U vraagt de genade om voortaan te leven als iemand die duur is vrijgekocht.

Dag 30: De verborgen en blijvende aanwezigheid van de Heer

Nu u gisteren het Lijden van Jezus aan het Kruis heeft overwogen, nodigt Dag 30 u uit om te mediteren over het wonder waarin diezelfde liefde dagelijks tastbaar blijft: de Heilige Eucharistie. Jezus koos ervoor om de wereld niet verweesd achter te laten, maar Zichzelf klein te maken onder de gedaante van brood en wijn.

Centraal staat het mysterie van Zijn eucharistische aanwezigheid:

De ultieme nederigheid: Overwegen hoe Jezus, de Koning van het heelal, Zichzelf zo klein maakt dat Hij Zich volledig aan ons overlevert in de Hostie. Hij wacht daar in stilte, dag en nacht, in het tabernakel op onze liefde.

Geestelijk voedsel: Inzien dat we de toewijding niet op eigen kracht kunnen volhouden. We hebben de Eucharistie nodig als het Brood des Levens dat onze ziel zuivert, sterkt en transformeert naar Zijn beeld.

Ontvangen met het Hart van Maria: Het besef dat onze eigen communie vaak verstrooid of koud is. Vandaag vraagt u aan Maria om haar Onbevlekt Hart in uw ziel te leggen wanneer u nadert tot de Communie, zodat Jezus in u ontvangen kan worden met de liefde en eerbied die Hem toekomen.

Het doel van vandaag is het opwekken van een diepe eucharistische honger en een hernieuwd verlangen om Jezus in de Hostie te aanbidden, te troosten en te ontvangen.

Dag 31: De ommekeer van het verstand en het hart

Nu u in de afgelopen dagen de liefde, het lijden en de eucharistische aanwezigheid van de Heer heeft overwogen, vraagt Dag 31 om een concreet antwoord. Jezus nodigt u vandaag uit om Zijn eerste en belangrijkste oproep uit het Evangelie te beantwoorden: "Bekeer u en geloof in de Blijde Boodschap" (Marcus 1:15).

Centraal staat de vernieuwing van uw denken:

Radicale koerswijziging: Bekering (metanoia) betekent letterlijk 'anders gaan denken'. Het is de keuze om niet langer te kijken met de ogen van de wereld, maar uw hele leven te gaan beoordelen vanuit het perspectief van het Evangelie.

Het opgeven van uw oude natuur: Het bewust achterlaten van de neiging om uzelf constant te verdedigen, uw eigen comfort te zoeken of uw eigen waarheid te creëren. U maakt ruimte voor de 'geest van Christus' in uw dagelijks handelen.

Maria als de Moeder van de Bekering: Omdat een echte, blijvende bekering op eigen kracht onmogelijk is, legt u uw verlangen naar verandering in de handen van Maria. Zij, die nooit heeft gezondigd, helpt u om de wortels van uw oude gewoontes definitief door te snijden.

Het doel van deze dag is om alle twijfel en aarzeling overboord te gooien. U bereidt zich voor om over twee dagen, op de dag van de toewijding, als een volledig vernieuwd mens voor Jezus te staan.

Dag 32: De doopbeloften en het kind zijn van Maria

Morgen is de grote dag van de toewijding. Vandaag brengt Montfort de kern van de hele 33-daagse reis samen. Hij herinnert u eraan dat de toewijding aan Maria in wezen de meest volmaakte manier is om uw doopbeloften te vernieuwen.

Centraal staat de voorbereiding op de spirituele ruil van morgen:

Afzweren van de satan: U kijkt vandaag terug naar uw doopsel. U hernieuwt bewust de belofte om de boze, zijn verleidingen en de geest van de wereld (fase 1) resoluut af te wijzen.

Slavernij van liefde: Montfort gebruikt de destijds gebruikelijke term 'heilige slavernij' (esclavage d'amour). Dit betekent simpelweg: een liefde die zo totaal is dat u vrijwillig al uw rechten, uw verdiensten en uw bezittingen (materieel en spiritueel) in de handen van Maria legt. Het is de ultieme vorm van innerlijke vrijheid.

De grote rust: Vandaag hoeft u niet langer diep te graven of zware theologische teksten te analyseren. Uw ziel mag tot rust komen. U heeft de weg afgelegd. U bent leeg van uzelf en gereed om morgen volledig aan Jezus en Maria te worden overgedragen.

Het doel van vandaag is om in alle rust de tekst van de toewijding alvast eens door te lezen en uw hart te vullen met dankbaarheid voor de reis die u heeft volbracht.

Dag 33: Het Verbond van Liefde

Vandaag draait niet langer om overwegen, maar om handelen. U sluit een eeuwig, spiritueel verbond. U geeft uzelf volledig, onvoorwaardelijk en onherroepelijk aan Maria, om vanaf dit moment op de meest volmaakte wijze aan Jezus Christus toe te behoren.

Centraal staat de innerlijke houding tijdens de toewijding:

Volledige onteigening: U schenkt Maria uw lichaam, uw ziel, uw uiterlijke goederen en zelfs de innerlijke waarde van uw goede daden en gebeden [betsaida.org]. U houdt niets meer voor uzelf achter.

Diepe vrede en vreugde: Dit is geen zware plicht, maar een feest van liefde. U legt uw hele toekomst in de veiligste handen die bestaan. Vanaf vandaag zorgt Maria voor al uw spirituele en materiële belangen.

Begin van een nieuw leven: De toewijding is geen eindpunt, maar de start van een transformatie. U gaat vanaf nu leven met Maria, in Maria, door Maria en voor Maria om zo dieper in Christus te wortelen.

Praktische stappen voor deze dag

De heilige Louis-Marie de Montfort adviseert om van deze dag een bijzondere, sacramentele dag te maken:

De Biecht: Ga (op deze dag of in de dagen direct hieromheen) te biecht om met een volkomen zuivere ziel aan de toewijding te beginnen.

De Heilige Mis: Woon de Eucharistieviering bij en ontvang de Heilige Communie met de intentie om uzelf aan Jezus te schenken via Maria.

Het Tekenen van de Akte: Schrijf de toewijdingsakte (of print deze uit) en onderteken deze na het bidden, bij voorkeur na de Communie of voor een afbeelding van Maria.

De Toewijdingsakte (In te korten of te bidden versie)

O Eeuwige en Mensgeworden Wijsheid, o allerliefste en aanbiddelijkste Jezus, ware God en ware mens, ik (naam) werp mij neer voor de troon van uw glorie en ik aanbid U. Ik dank U dat Gij Uzelf volledig voor mij hebt overgeleverd. Ik erken dat ik mijn doopbeloften vaak heb gebroken en dat ik onwaardig ben om uw kind te heten.

Daarom vlucht ik tot de voorspraak van uw heilige Moeder, die Gij mij als Middelares hebt gegeven. Vandaag, in aanwezigheid van het hele hemelse hof, kies ik haar, o Onbevlekte Maagd Maria, als mijn Moeder en mijn Koningin.

Ik lever u en weid u toe, als uw slaaf van liefde, mijn lichaam en mijn ziel, mijn innerlijke en uiterlijke goederen, en de waarde van al mijn goede daden, zowel uit het verleden, het heden als de toekomst. Ik geef u het volledige recht om over mij en over alles wat mij toebehoort te beschikken, zonder uitzondering, volgens uw goede behagen, tot de meerdere glorie van God in de tijd en in de eeuwigheid.

Ontvang, o goedertieren Maagd, dit kleine offer van mijn overgave. Neem mij aan. Vorm mij. Leid mij. Laat mij vanaf vandaag alles doen door uw geest, opdat ik een volmaakte volgeling en getuige van uw Zoon, Jezus Christus, mag zijn.

Amen.

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 21:40 Reageer op dit bericht

Meer van Levend_geloof

↑ Terug naar de berichten