de jongens van de communicatie
‘k Ben zeer dikwijls in gesprek met hierboven.
Soms met een hele trits wezens, navenant waarmee ik bezig ben.
De katholieke heiligen maken zo geen deel uit van mijn netwerk.
Wij hebben niks met mekaar. Ik aanroep hen niet en zij bezorgen mij geen kwalen,
tot hier toe werkt dat systeem, wij gaan mekaar beleefd uit de weg.
Wie ik er wél alle dagen bij roep zijn Hermes (een Griek) en Mercurius (een Romein).
Wanneer er geschreven wordt ben ik met die twee bijna continu in gesprek.
Zij zijn de godheden van de communicatie hé. Awel, ze mogen iets doen voor die titel ook.
Als het schrijfsel een vertelsel wordt aanroep ik hen niet,
dan heb ik geen hulp nodig, dat kan ik alleen, een verhaaltje neerpoten.
Soms komen ze dan meelezen, heb ik de indruk.
Van hen kan ik dat verdragen hoor, zij weten soms beter dan ik hoe het verhaal moet worden.
Maar als we/ze beginnen uitweiden en het wordt gezwam, dan jaag ik hen weg.
Zwammen kan ik evengoed alleen en die alinea’s dienen toch maar om achteraf te deleten.
Soms verwijder ik niet genoeg gezwam. Kweetet. Kweetet.Kwéétet.
Als het schrijfsel een relaas wordt, dan haal ik hen erbij,
want dan moet er opgezocht worden en dat mag een beetje vooruit gaan
zonder al te veel vergissingen, want vergissingen remmen af.
Hermes en Mercurius zijn boodschappers, beroeps, al eeuwen,
daardoor kunnen zij helpen om snel informatie te verzamelen.
Ze hebben vleugeltjes aan hun sandalen en op hun helm.
’t Zijn kwieke jongens hoor.
Met z’n dagen natuurlijk, want ’t zijn geen opperwezens hé.
Als het schrijfsel een argumentatie moet worden, dan heb ik hen echt nodig.
Kom Jongens, allebei hier komen, dit is voor serieus, dit moet juist zijn, tot op de millimeter.
Na een tijdje komen zij. En vermits woorden hun gereedschappen zijn,
mag ik al eens een ietske lenen uit hun alaambak.
Dan is er nog een soort schrijfsel.
Daarvoor leun ik bijna helemaal op hen omdat mijn woorden dan tekort schieten.
Dat is wanneer iemand gesteund moet worden.
Jongens, vraag ik dan, de mail kan ik zelf verzenden maar
wilt gellie er alstubliéft voor zorgen dat de boodschap overkomt?
En dan kan ik alleen maar hopen/bidden dat zij ervoor zorgen
dat de boodschap niet opdringerig en genuanceerd genoeg overkomt.
m
EZW-07/2014, HiH-12/2014, herzien
2 reacties op dit bericht
klein kattengeweld
Fratsen.
Dat is echt het juiste woord om jong kattengedoe te beschrijven, Jacqueline.
Tuimelen en buitelen en jagen op een streep zonlicht
of iets vangen dat niemand zien aankomen had
behalve dan het jong poezengeweld dat zojuist de wereld gered heeft van een pluis.
De pluis werd genadeloos neergeklauwd.
En dan is het weer tijd om zich schoon te maken, want
na zo'n gevecht moet men zich onmiddellijk fatsoeneren.
m
katten
Ja poezen, ik ben sinds juist een week vandaag, de eigenaar van twee poezen, twee birmanen. Ik heb mama poes gekocht en één van haar kleintjes. Mama poes Ruby de Perros Guirec en haar dochtertje Yara.
En het brengt leven in huis, ik kan het jullie verzekeren. Als je iemand bent die zich af en toe verveeld, een poes nemen of zoals ik twee. Wij hebben altijd honden gehad, maar door gezondheidsredenen gaat dit niet meer, omdat als je een hond hebt moet je daar goed voor zijn, en dat houdt in dat je daar regelmatig mee buiten moet, goed of slecht weer.
Dus de oplossing, na bijna 4 jaar " dierloos" te zijn geweest, waren poezen.
Ik schrijf hier nog wel eens over hun capriolen want met momenten steken ze zo veel kattenkwaad uit, dat je een beetje hun fratsen beu wordt, maar dan moet je weer zoveel lachen om hen, echt kostelijk.
En nog maar een week en ik wil ze absoluut niet meer missen.
Jacqueline.