Paul Snoek


Er is geen mens die een is, als een tafel.
Er is geen bodem zonder zaad,
zonder kastelen.
Er is geen boom, die zonder vrucht
en zonder bladluis is.
Er is geen eiland zonder zee.
Paul Snoek

Er is geen mens die een is, als een tafel.
Er is geen bodem zonder zaad,
zonder kastelen.
Er is geen boom, die zonder vrucht
en zonder bladluis is.
Er is geen eiland zonder zee.
Als ik de deur dan sluit (Carl de Strycker)

Als ik de deur sluit en
luid je naam zwijg,
je huid niet streel maar
huil, een pen je krast,
het stille papier dan krijst
terwijl de trap de touwen hijst
als ik krimp en krampachtig
krom drink van de mist
als ik sterf van gemis
als ik zwerf door mezelf
kom me dan tegen.
(Carl de Strycker)
Argentiniereis


Nog een paar van de Iguazuwatervallen
in Argentinië
Midden augustus( Garmt Stuiveling )Nog staat de zomerzaal
in top getooid,
en reeds heeft met de praal
van trossen bloedkoraal
mijn kleine lijsterbes
haar kleed vermooid.
Zij draagt tenzij van 't pad
zo slank en fijn
haar vruchten, als een schat
van rood in groen gevat
dat men soms twijfelt, of
't geen bloemen zijn.
AugustusnachtWij zagen augustusnacht
met sterren jongleren
ze rezen vielen en schreven lichtende bogen
over zijn ernstig gelaat
soms stokte de adem ons in de keel
bij dit ontzettend spel
ons die dwaas met harten speelden
en niet rilden.
Augustus al gevorderd

Nu bloeien weer de flox, de dahlia,
de tere nachtschone en het pampagras,
de zonnebloem, de winde en de begonia:
dit is de maand dat ik gelukkig was.
Een diepre vrede dan de rijpe jaren?
Zo lijkt het wel, al is't misschien een schijn.
Maar zelfs die schone schijn kan niet verklaren
waarom ik niet meer als ik was kan zijn.
EENS...
Ach, eens nog wil ik in die honiggeur slapen,
in die rooswitte schaduw op de welige wei,
zo tussen blanke lammeren en zoete schapen:
mijn liefste en ik, warm en vroom zij aan zij.
Wou het zelf zijn

'k Wou dat ik het zelf was
Vakantie
Zomernacht aan zee, oeroude zee,
niets dan blauwe wind, eenzaam zijn
ver van de huizen der aarde, voorbij de
de heuvelen van angst en pijn. Zomernacht
aan zee zuiver geruis stijg in mij.
AugustusAugustus
arenmaand, koornemaand, oogstmaand
5uur in de morgen van augustus
zal ik nooit vergeten
hoe gelukkig ik was u te ontmoeten
die mij incognito opzocht in mijn droom.
(bloemen voor een nachttrein)
De koele wind en het zachte spreken der bomen
en de losgebroken augustusmuziek der vogels
en de rivier die blikkert een magnifiek magnesiumlicht
en de zon die beurtelings charlie parker en bach heet.
(Hans Andreus)
Zo wordt het weer augustus (Jotie T'Hooft)

Raak me niet. Met geen woord want
ik wil blijven bestaan en bevend verder leven.
Zelfs de avond is haast rot; zo rood als
mogelijk is vergaat de dag tot duisternis.
De akkers zwellen op, de vrouwen dragen
vrucht, de lucht is wat men noemen zou
vervuld van verzadiging, als dat tenminste
niet zo stom klonk. Over de velden
valt de weemoed al en scheert langs
de stoppels als een huiverige vleermuis.
En zo wordt het weer augustus.
De maanden gaan en komen nooit meer weer
dat is bekend, maar wat gebeurt er
met al de tijd die wordt weggemaaid
en opgestapeld waar? Niettegenstaande
de bevrijding aan het groeien gaat
schrei ik meer naarmate de dagen gaan
en niet meer keren; zo is het,
dat het weer augustus wordt voor mij.
De bomen buigen onder rijp verdriet, de vogels
willen weg, het is niet augustus maar
bijna herfst. En dan de winter. Verder
denken durf ik niet.
(Eén onzer beste dichters: Jotie T' Hooft)