Vlucht Dirk Frimout bevorderde kennis over klimaatverandering


Made in Belgium
Op 24 maart 1992 werd Frimout aan boord van de op Cape Canaveral in Florida gelanceerde shuttle Atlantis de eerste Belg in de ruimte. Tot en met 2 april 1992, zelfs een dag langer dan gepland om bijkomend onderzoek toe te laten, wentelde hij rond onze planeet als wetenschappelijk astronaut. In de vrachtruimte stak een Europees Spacelabpallet met twaalf instrumenten waarvan de helft het etiket "Made in Belgium" droegen. Zelfs ernstige deskundigen gewaagden van een "Amerikaans-Belgische ruimtemissie."
Het Atlas-1 labo op Spacelab had atmosfeeronderzoek als doelstelling. Volgens Frimout heeft deze research "bijgedragen tot de kennis van het probleem van bijvoorbeeld klimaatsverandering en ozonvernietiging. We zijn er meer door bewust geworden van wat er gaande is." Niettemin waarschuwde hij dat de data van Atlas-1 maar een "stuk van de puzzel vormen" en geen eindpunt waren.
In dit verband erkende de burggraaf dat het terugschroeven van de tien voorziene naar slechts drie vluchten van Atlas "gevolgen heeft gehad" voor dit atmosfeeronderzoek. Niettemin voegde hij eraan toe dat sommige instrumenten met andere missies hebben kunnen meevliegen. Het met Atlas beoogde atmosfeeronderzoek is dus "niet abrupt afgebroken, het is verder gegaan."

Klimaatsverandering
Aangaande klimaatsverandering en afbraak van stratosferisch ozon (dat ons beschermt tegen de schadelijke ultraviolette straling van de Zon) zei hij dat de veranderingen merkbaar zijn. "Het kan vlug gaan, maar dat betekent niet van vandaag op morgen. Er kunnen generaties overgaan, de natuur krijg je niet zo gemakkelijk veranderd", beklemtoonde Frimout, ook omtrent de menselijke component van de klimaatsverandering en de ozonafbraak die trouwens in zijn visie dankzij Atlas duidelijker is afgelijnd ten opzichte van natuurlijke processen.
"Maar we mogen (ondanks de lange duur van de veranderingen) het probleem ondertussen niet erger maken dan het al is", zei hij, eraan toevoegend dat het gevaar van de broeikasgassen voor de opwarming van de aarde "zeker acuut is, nog acuter" dan het tijdens zijn missie was.
"We moeten attent zijn en proberen de trends te stoppen", aldus Frimout die zich erover verheugde dat er tekenen zijn dat de hoeveelheid chloorgassen in de atmosfeer die ozon vernietigen, reeds is afgenomen. Anderzijds gaf hij opnieuw een waarschuwing: "Het kan nog even duren, misschien zelfs honderden jaren, eer die gassen 'uitgewassen' zijn." (belga)





















