Deep Purple ouderwets goed op dreef

Ruim 35 jaar bestaat de groep al. Toch denken de rockers van Deep purple niet langer aan stoppen, vertelt zanger Ian Gillan.

Ian Gillan, zanger van de legendarische groep Deep Purple. Foto Chris de Bode
,,Muziek is een soort van topsport. Feit is alleen dat je als muzikant blijft groeien. De artiesten waarnaar ik luisterde toen ik jong was - Nat King Cole, Ray Charles, Fats Domino - maakten hun beste platen na hun vijftigste levensjaar.’’
Gillan zegt het zelfverzekerd. De gemoedelijke zestiger praat met liefde over muziek. Liever over het heden dan over het verleden. Hij is er de man niet naar om te zwelgen in nostalgie.
,,Mij zul je niet zo snel horen zeggen dat vroeger alles beter was. Met Deep Purple trekken we nu meer publiek dan ooit. We gaan op tournee in een luxe bus waarin iedereen zijn eigen computer heeft. Op deze manier kunnen we het nog heel lang volhouden.''
Gillan is in Nederland om tekst en uitleg te geven bij het nieuwe Deep Purple-album Rapture of the deep. Het album is goed nieuws voor de oude Deep Purple-fans, want de nummers klinken fris en authentiek; ouderwets goed.
,,Tijdens de opnames begonnen we met moppen en praten over voetbal. In feite draait Deep Purple op discipline. Alle bandleden repeteren dagelijks. Gitarist Steve Morse speelt elke dag zes uur. Ikzelf lees veel en maak kruiswoordpuzzels. Zo houd ik mijn taalgevoel op peil.''
Ze treden overal op. ,,We passen ons ook graag aan. Als de cultuurminister in Maleisië niet wil dat we lang haar op onze schouders hebben, dragen we gewoon hoedjes. Simpelweg een kwestie van respect en professionaliteit.''
Voor een rockster-op-leeftijd oogt Gillan uitermate fris. ,,Ik voel me ook fitter dan toen ik twintig was. Het zingen gaat me gemakkelijker af. Behalve bij Child In Time dan. Dat nummer spelen we al twintig jaar niet meer live omdat mijn stem na die hoge uithalen minimaal twee dagen moet herstellen.




















