Trein en bus, wandelen en weer, en van die hobby's meer
22-11-2018
22 november 2018 Lanaken (Pietersheim)
De wandeling. Limburg slaagt er telkens weer in om zijn wandelingen te bundelen tot een overzichtelijk en indrukwekkend geheel. De map - het is eerder een doos - Wandelen in Limburg bevat 8 streekkaarten met naar verluidt 2000 km wandelplezier. Wij stappen vandaag gewapend met de map Hoge Kempen en volgen de blauwe ruit die ons vanaf het Kasteel Pietersheim door het Pietersembos loodst. De eigenlijke wandeling heeft een TWQ van… 100%, maar je moet er wel twee keer 600 m langs de N78a voor over hebben om aan het beginpunt te geraken. De wandeling zelf is 7.5 km lang. Ze voert de wandelaar over boswegen in alle formaten. Veel van de gevolgde paadjes zijn blijkbaar recent: ze komen niet voor op de geraadpleegde kaarten, maar wees gerust, ze bestaan echt!Foto'senkaartje.
We zijn duidelijk niet alleen in het bos…
Het weer. Helder en heiig. Opnieuw uitmuntend stapweer.
De stafkaarten. 34/2N Lanaken - 26/6Z Zutendaal
Hoe we er geraakten. Eigenlijk ligt de halte Lanaken Pietersheim van lijn 63 het dichtst bij ons beginpunt, maar we opteren voor een eenvoudiger oplossing, al betekent dat een dikke kilometer extra stappen. De aansluitingen met lijn 20a lijken ons nl. weinig betrouwbaar, en zoals je weet siert eenvoud. Dus komen we per trein naar Bilzen, waar we overstappen op lijn 20a naar Lanaken.
Een beetje geschiedenis. We maken voor zowel de heen- als de terugreis gebruik van buslijn 20a, met overstap in Bilzen. In 1954 werd de spoorlijn Y. Beverst (eigenlijk Hasselt) - Maastricht gesloten voor het reizigersverkeer. Meteen verdwenen stations en halten als Beverst, Munsterbilzen, Eigenbilzen, Gellik en Lanaken uit de tabellen van de reizigerstreinen. Maastricht was niet langer rechtstreeks bereikbaar per trein uit Limburg. De bus van lijn 20a verving de bestaande treindienst. De splitsing in 2 varianten herkennen we vandaag nog, tenminste als je erin slaagt de zo goed als onbruikbare pdf-bestanden van De Lijn te lezen. Bilzen werd opgenomen in de bediening (wat voordien door de ligging van de spoorlijn moeilijk was); de meeste bussen vertrokken uit Hasselt. Vaak werd de halte Bilzen Station niet eens aangedaan, wel Bilzen Markt. De karakteristieke opsplitsing van een lijn 20a naar Maastricht en een andere naar Lanaken (en verder) stamt uit die tijd. (Het aantal varianten is ondertussen wel toegenomen.) In Mopertingen splitste één tak zich af naar Eigenbilzen, Gellik en Lanaken, de andere bereikte via Veldwezelt Maastricht. (Het is bijna niet te geloven dat De Lijn Limburg er na al die jaren nog altijd niet in geslaagd is orde op zaken te stellen in de nummering van de buslijnen. De a in 20a verwijst naar een bijna 60 jaar oude toestand! En ook al lopen beide lijnvarianten een hele tijd samen, een vernummering dringt zich al lang op.) Een belangrijk verschil met de oorspronkelijke lijn 20a is uiteraard de bediening van de Diepenbeekse Universiteit.
Ik ga bewust voorbij aan Lanaken als vroegere tramstad, ook al liepen we een tijdje op het traject van de tram. Begin jaren 1950 werd Lanaken nog bediend door tramlijnen uit Genk en Tongeren. De halte Vertakking, langs de huidige N78a, verwijst nog naar het punt waar beide lijnen uit elkaar gingen.
De verbinding.
Halle - Brussel-Zuid
3658
09:11 09:27
+6
08072
mr08 Desiro
controle: J
Brussel-Zuid - Bilzen
2208
09:45 11:11
stipt
1910 - 61065
M6
controle: N
Bilzen - Lanaken
[20a]
11:29 11:58
stipt
ab4408-74
Van Hool New A360
Heidebloem
-
Lanaken - Bilzen
[20a]
15:01 15:29
stipt
ab4405-52
Mercedes Citaro LE
De Morgenstond
Bilzen - Brussel-Noord
2238
15:49 17:05
+4
1911 - 61047
M6
controle: J
Brussel-Noord - Halle
1738
17:13 17:32
+16
312
mr80 Break
controle: N
En wat we beleefden. Hoe eenvoudig en snel je een trein met enkele minuten vertraging kunt opzadelen, wordt al meteen geïllustreerd met onze eerste trein van vandaag. S 3658 vertrekt in Halle met dubbel geel en komt inderdaad na enkele honderden meters tot stilstand om de 1580 (+14) door te laten. Wie denkt, dat de rest van de rit dan vlot verloopt, komt bedrogen uit. Tot Lot gaat het nog altijd traag: daar moet IC 1930 (+3) naar lijn 96A en wij verlenen uiteraard keurig voorrang. Uitslag: +6 bij aankomst in Brussel-Zuid. Dat is gelukkig in ons geval niet zo erg, maar wie uitsluitend op de planner vertrouwt, weet hoe vaak aansluitingen van 6 minuten worden voorgesteld. Erg veel moet dan niet gebeuren om die ook de mist te zien ingaan. Met onze aansluitende IC 2208 gaat het dan weer bijzonder vlot. Na een rit van bijna anderhalf uur stappen we uit in Bilzen en daar zien we voor het eerst dat onze trein wel degelijk een treinbegeleider mee heeft, al hadden we hem wel al eens gehoord. In een reactie van de klantendienst na een (positief beantwoorde) vraag tot compensatie las ik een tijdje geleden dat je altijd naar de tbg kon stappen als je een aansluiting dreigde te missen. Dan kon die proberen om de aansluiting alsnog te redden. Maar wat als je op het hele traject geen tbg ziet?
Bilzen heeft enkele maanden geleden een nieuw busstation gekregen. Het ziet er wat overzichtelijker uit dan het vorige. Aribus ontbreekt. En hoe de onderlinge busaansluitingen geregeld worden, is ook niet meteen duidelijk. Maar we zijn nu eenmaal in een positieve golf naar Bilzen gevaren en problemen stellen zich dus niet. Onze bus pikt na enkele halten in Bilzen nog een klasje met onderwijzeres op. Ze moeten er in Waltwilder alweer uit. Het doet goed te merken dat sommige scholen niet te beroerd zijn om voor hun uitstapjes op De Lijn beroep te doen. In Lanaken wil de chauffeur ons al bij het Gemeentehuis lossen, maar wij willen helemaal tot het einde mee, ook al scheelt dat maar enkele honderden meters.
Voor de terugrit komen we vroeg genoeg aan om toch tot de halte Gemeentehuis te stappen. Die rit verloopt zonder veel vermeldenswaardige gebeurtenissen. Onderweg stappen de gewone reizigers in; wij zijn zoals vaak een beetje de vreemde eenden in de bijt. De chauffeur slaagt er wonderwel in de dienstregeling op de minuut te volgen. Nochtans is hij wat te vroeg aan de halte Lanaken Gemeentehuis vertrokken, maar dan werd keurig gewacht aan het Cultureel Centrum. Ik heb de indruk dat dit een manier is om een moeilijke situatie aan het eind- en beginpunt (Atheneum Alicebourg) op te vangen. Mocht de bus daar op zijn officiële vertrekuur wachten, zou hij wel erg hinderlijk zijn voor de rest van het verkeer. Zestig jaar geleden veroorzaakte dergelijke hinder het opdoeken van ook erg nuttige tramlijnen…
De terugrit verloopt stipt tot de Y. Wilsele en daar zadelt men ons op met 5 minuten vertraging. Het eersteklasrijtuig bevindt zich in de derde i.p.v. de aangekondigde vijfde positie. Treinsamenstellingen wisselen nu eenmaal vaak en als men dan koppig de voorziene samenstelling blijft omroepen, zit je met een probleem(pje).
Overigens hangt er een donkere wolk over ons laatste traject naar Halle: in de NZV staat een defecte trein. IC 1738 heeft het nog goed gedaan tot Leuven, maar de doortocht van de NZV verloopt met horten en stoten: Brussel-Noord +8, Centraal +16, Zuid +16. Dat zal ook de vertraging zijn bij aankomst in Halle. Lees er mijn vorige bijdrage nog eens op na en je zult merken dat ik defecte treinen niet echt kan appreciëren. Natuurlijk zijn er vertragingen waar de NMBS (en Infrabel) weinig vat op hebben, maar defecten zouden eigenlijk uitzonderlijk moeten zijn. Dagelijks de rubriek storingen raadplegen maakt duidelijk dat ze nog altijd schering en inslag zijn. Ik vermoed dat de gemiddelde reiziger daar zwaarder aan tilt dan aan weersomstandigheden of zelfmoorden. Ik reken me bij dat gemiddelde.
De treinlectuur. Tom Wolfe, The Bonfire of the Vanities. Hugo Claus, Het verdriet van België.
Een scheutje oprisping. Als onze politici aan het huidige tempo blijven vluchten naar het gemeentelijke en Europese niveau, kondigt de volgende regeringsvorming zich bijzonder moeilijk aan, niet omdat de vorming van een coalitie moeilijk zal zijn, maar omdat er te weinig politici zullen zijn om de postjes in te vullen…
Waar Abraham de mosterd haalde. Voor het schrijven van deze bijdragen maak ik vaak gebruik van twee zeer waardevolle sites, één over deBelgische spoorlijnenen een overde bussen in Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Het grootste probleem is dat van de informatisering: in de voorbije 20 jaar is het vrijwel onmogelijk geworden om nog aan papieren dienstregelingen te geraken en op het internet verdwijnen de oude dienstregelingen naarmate er nieuwe ingevoerd worden. Voor de trams maak ik nog al eens dankbaar gebruik van de Rail Atlas Vicinal van Stefan JUSTENS en Dick van der SPECK en van The Vicinal Story - Light Railways in Belgium 1885 - 1991 van W.J.K. DAVIES.
15 november 2018 Zandbergen - Geraardsbergen (GR512)
De wandeling. Vandaag sluiten we voor de tweede keer GR 512 Diest - Geraardsbergen af. De eerste keer gebeurde dat in 1994. Afgaande op dit laatste traject moet deze GR wel beter geworden zijn met de jaren: het aantal veld- en voetwegen lijkt me aanzienlijk toegenomen en zo kunnen we vandaag heerlijk genieten van mooie vergezichten over de valleien van de Dender en de Mark, en dat telkens opnieuw vanaf voetwegen die al een tijdje van de stafkaart verdwenen waren, maar die nu in ere hersteld zijn. Mooi zo! Dat brengt de TWQ voor deze bijna 14 km lange tocht op een mooie 66%. Nu moet alleen die ene boer nog overtuigd worden dat je voetwegen door het veld best niet omploegt, egt en bezaait. Maar als het waar is dat de boeren uitsterven, lacht de toekomst ons grimmig toe.
Het was dit soort wegjes die van de tocht een erg aangename bezigheid maakte.
De herfstbladeren maakten van deze trap een hachelijke variant op de Muur.
Toen we zelf een viertal jaar geleden het onderhoud van de bewegwijzering van meer dan 30 km GR-pad toegewezen kregen, werden ons in een informele babbel enkele duidelijke richtlijnen aangebracht. Ik som er hier enkele van op:
1. De bedoeling moet zijn dat je een GR kunt volgen zonder topogids en zelfs zonder kaart of gps. 2. Bewegwijzering gebeurt frontaal: de wandelaar loopt naar de wegwijzer toe, dit in tegenstelling tot laterale bewegwijzering, waar je zijlings langs de wegwijzer loopt. 3. Bij een richtingsverandering wordt de speciale wegwijzer aangebracht voor de afslag, niet erna of ter hoogte van.
Dat we er na enkele jaren de brui aan gaven - en ik verzeker je: we deden dit vrijwilligerswerk graag! - heeft o.a. met deze richtlijnen te maken. De eerste ontgoocheling was een vorm van piraterij: een of andere onverlaat had al dan niet bewust onze sobere maar degelijke bewegwijzering aangevuld met merktekens die te pas en te onpas werden aangebracht. Daar sta je eigenlijk machteloos tegenover. Tot overmaat van ramp hebben de GR-paden zich om de lieve centen ook verkocht aan de politiek, i.c. de provincies en de gemeenten, die blijkbaar maar al te graag een GR over hun grondgebied zien lopen. Niks ergs, zul je zeggen, maar als ze zelf op jouw "stukje" beginnen bewegwijzeren tegen de bovenstaande richtlijnen in, dan voel je je toch voor schut gezet. Een wandelpaal - gesponsord door de provincie Vlaams-Brabant - staat al jaren verkeerd: die moet namelijk op een kruispunt of afsplitsing van GR's staan en staat nu niet eens op het kruispunt van de GR's. Voeg daar dan nog aan toe dat je elk jaar opnieuw - want wij deden elk jaar een controle - op andere plaatsen ziet hoe andere wegwijzers (van een wandelnetwerk, van een fietsroute…) botweg over de zorgvuldig aangebrachte bewegwijzering geschroefd, geplakt, geschilderd wordt. Hier gaat de helft van de sticker van de GR de mist in onder de bewegwijzering van het wandelnetwerk.
Waarom vertel ik dit nu allemaal vandaag? Vermoedelijk omdat we zelden op zo een frequente manier geconfronteerd zijn geweest met alles wat ik hierboven aanhaal. Uiteraard wordt gretig gebruik gemaakt van de houten palen die in het kader van het wandelnetwerk geplaatst werden. Alleen, die staan altijd voorbij de afslag en wie daar dus een sticker van de GR op aanbrengt, gaat in tegen richtlijn 3. Ook heb je na een tijdje door of iemand eerder frontaal dan wel lateraal bewegwijzert; het probleem ontstaat pas als beide systemen door elkaar gebruikt worden. En verder: oorspronkelijk werd alleen geschilderd, nu voornamelijk gestickerd. Daar is op zich niets mis mee, als je de verfborstel bovenhaalt op de plaatsen waar bestickering onmogelijk is. Maar ja,… Moet je (dit stukje van) deze GR dus mijden? Zeker niet: het gevolgde traject is steengoed en vermoedelijk zelfs voldoende bewegwijzerd om aan richtlijn 1 te voldoen. (Op één plaats liepen we wel verloren; dan keer je na een tijdje op je stappen terug en blijkt inderdaad op geen enkele manier waarom we rechts hadden moeten afslaan.)
Het weer. De superlatieven raken stilaan op. Daarom houden we het maar bij helder, zacht en rustig.
De stafkaarten. 30/7N Schendelbeke - 30/7Z Geraardsbergen
Hoe we er geraakten.
Veel gemakkelijker dan vandaag kun je het eigenlijk niet verwachten. Voor heen- én terugreis maken we gebruik van de S Schaarbeek - Aalst via Geraardsbergen. Twee keer overstapvrij reizen dus, we hebben al andere esbattementen uitgehaald.
Een beetje geschiedenis. Ik wil het me deze keer eens wat gemakkelijker maken, ook al omdat Steven voor ongelooflijk sterk materiaal zorgt over dit station en over de hele omgeving van Geraardsbergen. Kijkhiermaar eens. En vermits ik gewoonlijk eerder de nadruk leg op ons aankomstpunt: hier vind je dezelfde gedegen info overGeraardsbergen.
De verbinding.
Halle - Zandbergen
1580
09:04 09:46
stipt
08156
mr08 Desiro
controle: N
-
Geraardsbergen - Halle
1563
14:25 14:56
stipt
08583
mr08 Desiro
controle: N
En wat we beleefden. Voor de tweede dag op rij staat dezelfde wagen zo geparkeerd dat in combinatie met al die ouders die hun kinderen met de wagen naar school voeren - omdat het te gevaarlijk is met al die auto's - de bus vast raakt, in de Balthazarstraat. De wijze uit het oosten had destijds op zijn kameel minder last dan wij vandaag in onze beschaafde wereld. De bus zal uiteindelijk 23 minuten later dan voorzien aan het station aankomen, zonder dat dit meteen invloed heeft op onze plannen. De S6 Schaarbeek - Aalst kan soms heel onverwacht met vertraging beginnen rijden, ook op weg van Aalst naar Schaarbeek. En het is een treinreeks die waarschijnlijk het snelst van al opeenvolgend door de NZV moet. Maar vandaag valt het allemaal erg mee. We vertrekken in Halle met 2 minuten vertraging. In Geraardsbergen vertrekken we al een minuut te vroeg - en ja, ik ken de nieuwe vertrekprocedure, maar 60 seconden is geen 30 seconden. Onderweg hebben de Desiro's hoorbaar last van gladde sporen, al zou je dat met het huidige droge weer niet verwachten. Maar we stappen zelfs nog iets te vroeg in Zandbergen uit, waar we opgewacht worden door 2 agressieve honden: een rottweiler en een of andere herdershond, die gelukkig met elkaar in de clinch gaan. En ze zitten nog achter draad ook, zodat dit een wat betekenisloze anekdote is.
De terugreis verloopt helemaal volgens plan.
De treinlectuur. Willem Frederik HERMANS, Nooit meer slapen. Hugo CLAUS, Het verdriet van België.
Een scheutje oprisping. 1. Mayday, mayday dacht ik hier eerst te schrijven, maar dat is natuurlijk geen oprisping. Maar als je die verdomde De Morgen openslaat, zie je dat ze je voor geweest zijn. En zo wordt het toch nog min of meer een oprisping. 2. Hoge brandstofprijzen: maak ze afhankelijk van de vlotheid, de stiptheid van het wegverkeer. Zoals de prijzen van de NMBS. Alleen: hoe lager de brandstofprijzen, hoe lager de vlotheid.
Waar Abraham de mosterd haalde. Voor het schrijven van deze bijdragen maak ik vaak gebruik van twee zeer waardevolle sites, één over deBelgische spoorlijnen en een overde bussen in Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Het grootste probleem is dat van de informatisering: in de voorbije 20 jaar is het vrijwel onmogelijk geworden om nog aan papieren dienstregelingen te geraken en op het internet verdwijnen de oude dienstregelingen naarmate er nieuwe ingevoerd worden. Voor de trams maak ik nog al eens dankbaar gebruik van de Rail Atlas Vicinal van Stefan JUSTENS en Dick van der SPECK en van The Vicinal Story - Light Railways in Belgium 1885 - 1991 van W.J.K. DAVIES.
9 november 2018 Stekene - Moerbeke-Waas (GR Reynaertland)
De wandeling. Als je dewebsitevan de Vlaamse Groteroutepaden raadpleegt over de GR Reynaertland, krijg je meteen een serieuze waarschuwing: deze GR wordt volledig hertekend. En inderdaad, de oude topogids (1998!) is zo goed als waardeloos en bovendien niet meer te verkrijgen. Erger is dat ook de kaarten die op de website ter beschikking gesteld worden - en die ook al afweken van de topogids - niet meer betrouwbaar zijn. Dat hebben we vandaag mogen ervaren, maar gelukkig was de recent aangebrachte bewegwijzering erg goed. Het begon al in Stekene, waar we nog maar enkele maanden geleden waren aangekomen: de doortocht is gewijzigd, wat maakte dat we eerst eigenlijk in de verkeerde richting liepen. Verderop lopen we langer dan voordien over de bedding van de oude spoorlijn 77 Lokeren - Moerbeke-Waas. Het is duidelijk de bedoeling de GR voortaan over Trage Wegen (vaak onverhard) te sturen, al is het de vraag of een kaarsrecht, geasfalteerd, vrij breed parcours over de treinbedding voor de stapper zo aantrekkelijk is. Toch haalt dit stukje GR van 10 à 11 km een TWQ van 76% (de spoorbedding inbegrepen), waarvan de kilometers langs het Kanaal van Stekene en de Moervaart ongetwijfeld de mooiste zijn.
Het weer. Het evolueerde van zwaar naar licht bewolkt, bij een 13°.
De stafkaarten. 14/4Z Stekene - 14/8N Sinaai
Hoe we er geraakten. Als we in het Waasland stappen, lijkt het evident dat we gebruik maken van de rechtstreekse trein van Halle naar Sint-Niklaas. Voor de heenreis doen we dat ook: als we wat reserve willen inbouwen, zouden we toch al in de buurt van het vertrekuur van deze IC uitkomen, en dus is er geen enkel bezwaar tegen om die te nemen. Voor de terugkeer ligt het even anders: een reisweg via Antwerpen-Berchem levert ons in ideale omstandigheden een half uur tijdswinst op - omdat de aansluiting bus - rechtstreekse IC verre van optimaal is - en geeft ons bovendien uitzicht op een vlotte aansluiting met de bus in Halle.
Een beetje geschiedenis. Uit het spoorboekje van 08.10.1950 (geldig tot 19.05.1951) kopieerde ik de volgende dienstregeling, voor de lijn 57A Sint-Gillis (Waas) - Moerbeke. Uit de kaart in hetzelfde spoorboekje kun je afleiden dat deze lijn een soort verbindingslijn was tussen lijn 54 Temse - Terneuzen (Temse omdat de kanaalbrug daar nog niet hersteld was), met aansluitingspunt in Sint-Gillis (Waas) en lijn 57 Zelzate (Kanaal) - Lokeren - Dendermonde - Aalst, met aansluitingspunt Moerbeke.
Enkele kanttekeningen:
- alle treinen hebben TA voor het treinnummer staan; dat betekent dat de lijn volledig geëxploiteerd werd met de allerkleinste soort autorails; - veel van de treinen komen van of rijden door naar Sint-Niklaas: dat zijn de treinen waarvan het aankomst- of vertrekuur rechtop afgedrukt is; bij cursivering moet worden overgestapt; - vermits zaterdag nog een halve werk- en schooldag was reden er meer treinen op zaterdag(na)middag; - de meest opvallende trein is de zaterdagtrein TA9588 van Moerbeke (12:39) naar Stekene (12:56), die na 2 minuten al opnieuw richting Moerbeke vertrekt, als enige directe trein uit de dienstregeling.
We vinden deze dienstregeling nog terug in het spoorboekje van 07.10.1951 maar niet meer in dat van 18.05.1952. Voor Stekene staat daar alleen nog een geheimzinnige verwijzing naar een tabel 1517, die niet in het boekje voorkomt. In het spoorboekje van 05.10.1952 treffen we dan wel een echte vervangingslijn (57a) aan die tussen Sint-Niklaas en Moerbeke samenloopt met de huidige buslijn 41. Vanaf 02.06.1957 zal de lijn vernummerd worden tot 57b en een jaar later zelfs tot 57c. Die laatste vermeldt ook de oudere verbinding Sint-Niklaas - Hulst. De Lijn splitste de 57c dan weer op in twee lijnen, 41 en 43, waarvan de laatste naar Hulst rijdt.
Het oude station van Stekene. Indien goed onderhouden zijn deze gebouwen onverwoestbaar.
De verbinding.
Halle - Sint-Niklaas
3207
09:03 10:36
stipt
438
mr80 - Break
controle: J
Sint-Niklaas - Stekene
[41]
11:18 11:40
+3
ab2217-75
MAN's Lion City
A. Weyn & Zonen
-
Moerbeke-Waas - Sint-Niklaas
[41]
15:14 15:49
+1
ab2040-01
Mercedes Citaro G II
A. Weyn & Zonen
Sint-Niklaas - Antwerpen-Berchem
736
16:00 16:17
+2
471
mr96 - DMT
controle: N
Antwerpen-Berchem - Brussel-Noord
2038
16:30 16:59
stipt
1850 - 61029
M6
controle: J
Brussel-Noord - Halle
8802
17:05 17:26
+5
2159 - 53504
M5
controle: J
En wat we beleefden. IC 3207 sleept bij vertrek in Halle nog 3 minuten vertraging mee die hij eerder heeft opgebouwd (met o.a. 2 minuten vertraging bij vertrek in Kortrijk), maar eenmaal in Dendermonde, waar van front gewisseld wordt, verloopt de rit stipt. Alleen tussen Brussel-Zuid en Brussel-Centraal neemt de vertraging nog even toe tot 5 minuten. Sint-Niklaas beschikt nog over een echt stationsbuffet en dus is de lange wachttijd trein-bus snel voorbij. De bus van lijn 41 brengt ons vlot en veilig naar Stekene, waar we toch met 3 minuten vertraging aankomen.
Voor de terugrit hebben we zelfs een gelede bus, die aan erg veel halten onderweg stopt. Deze keer bereiken we wel zo goed als op tijd Sint-Niklaas.
En dan begint een opmerkelijk vlotte terugreis: IC 736 loopt dan wel wat vertraging op door een vertragingszone in de buurt van Melsele, maar de overstap in Berchem verloopt rustig. De rit met de IC naar Charleroi-Sud verloopt ook geschiedenisloos, en zelfs de P 8802, een van die P-treinen met buiten de warme perioden best aangename M5-rijtuigen, vertrekt op tijd in Brussel-Noord. Dat die trein toch wat vertraging oploopt in de NZV lijkt onvermijdelijk, al blijft ook die beperkt tot 3 minuten. In Brussel-Zuid stapt een tweekoppige TICO-ploeg op, geflankeerd door twee stoere Securail-mannen. Uiteindelijk bereiken we Halle met 5 minuten vertraging: van lijn 96N naar 96 overkomen net voor Halle duurt wat te lang. Maar onze aansluiting met bus 155 is een zekerheid. Eigenlijk hebben we dus de hele verplaatsing heen en terug zo goed als volgens het boekje gemaakt.
De treinlectuur. Willem Frederik HERMANS, Nooit meer slapen. Hugo CLAUS, Het verdriet van België.
Een scheutje oprisping. In het begin van mijn leraarscarrière (zo een 12 jaar lang) kreeg ik bijna uitsluitend sterke klassen toegewezen. Door een directeurswissel verloor ik dat privilege: ik moest plots ook in (veel) zwakkere klassen lesgeven. Mijn eerste reactie was dat ik mijn niveau moest laten zakken, maar na een tijdje had ik door dat je geen resultaten haalt, als je minder eisen stelt. En dus schakelde ik opnieuw een versnelling hoger: ik begon meer te eisen van mijn zwakkere leerlingen. Plots begonnen die beter te presteren en mij beter te appreciëren. Misschien zit hier een les in voor de universiteiten die het studenten tegenwoordig wel erg gemakkelijk maken en die toch desastreuze slaagcijfers publiceren.
Waar Abraham de mosterd haalde. Voor het schrijven van deze bijdragen maak ik vaak gebruik van twee zeer waardevolle sites, één over deBelgische spoorlijnen en een overde bussen in Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Het grootste probleem is dat van de informatisering: in de voorbije 20 jaar is het vrijwel onmogelijk geworden om nog aan papieren dienstregelingen te geraken en op het internet verdwijnen de oude dienstregelingen naarmate er nieuwe ingevoerd worden. Voor de trams maak ik nog al eens dankbaar gebruik van de Rail Atlas Vicinal van Stefan JUSTENS en Dick van der SPECK en van The Vicinal Story - Light Railways in Belgium 1885 - 1991 van W.J.K. DAVIES.
De wandeling. Het natuurreservaat Dassenaarde ligt tussen een aantal woonkernen zodat het niet zo eenvoudig is om op de wandeling van vandaag een gemeentenaam te plakken. Zelf hou ik het bij Molenstede, maar het zou evengoed Engsbergen en zelfs Tessenderlo of Schaffen kunnen zijn. Belangrijk is dat we hier iets meer dan 9 km erg prettig konden stappen in een afwisselend landschap - ideaal voor wie niet zo hoog oploopt met eindeloze stroken bos, maar er af en toe toch eens wat bos bij wil. Voeg er nog wat bescheiden of minder bescheiden hoevetjes aan toe en weet dat de TWQ met 65% vrij hoog ligt. Het is trouwens een van die wandelingen waarvan je de TWQ intuïtief nog wat hoger inschat. De wandeling is aangeduid met rode driehoekjes maar dat hadden we pas tegen het einde van onze tocht door. Ten opzichte van de beschrijving en de kaart die verschenen in het lijfblad van Natuurpunt van de zomer 2014 is er een kleine wijziging. Blijkbaar kun je nog altijd moeiteloos over voetwegen bouwen en met afsluitingen de doorgang definitief onmogelijk maken.
In deze uitzonderlijke weertijden compleet nutteloos…
Het weer. Begin november en toch nog een temperatuur van 19° optekenen: ook dat is nu mogelijk. Altocumuswolken maken het extra mooi.
De stafkaarten. 25/1Z Deurne (Diest)
Hoe we er geraakten. Het was wat zoeken naar een geschikt aansluitingspunt tussen bus en wandeling maar uiteindelijk vonden we een ideaal gelegen en goed bediende halte van lijn 299 Hasselt - Diest - Geel: Engsbergen Vlassen. Om in Diest te geraken gebruikten we de IC Gent-Sint-Pieters - Tongeren die tussen Brussel en Diest alleen in Aarschot stopt. De terugreis was gewoon het spiegelbeeld van de heenreis.
Een beetje geschiedenis. Vermits we vandaag in beide richtingen gebruik maken van lijn 299 lijkt het me opportuun om even op de relatief korte geschiedenis van deze lijn in te gaan. We vinden lijn 299 voor het eerst terug in het spoorboekje van 29.05.1960, en wel als een directe lijn Antwerpen - Hasselt, via Tessenderlo en Diest. Het begon allemaal erg bescheiden met 4 ritten per dag, maar een jaar later was het aantal ritten al verdubbeld. In de dienstregeling zien we ook nieuwe vermeldingen van Borgerhout, Wommelgem, Kwaadmechelen en Tessenderlo. Niet dat je zo maar overal op de bus kon stappen. Enkel toegelaten aan reizigers van Antwerpen, Borgerhout en Wommelgem naar Kwaadmechelen, Tessenderlo, Diest of Hasselt en omgekeerd. Zo stond het te lezen onderaan de dienstregeling. Lijn 299 was namelijk een aanvullende buslijn van de NMBS en in die tijd werd er angstvallig op toegekeken dat dergelijke lijnen nooit in concurrentie traden van bestaande buslijnen, veelal geëxploiteerd door de NMVB.
In het spoorboekje van 31.05.1964 (maar mogelijk vroeger) rijdt de bus langs de nieuwe autoweg, met haltes in Borgerhout (Turnhoutse Poort), Geel (Autostrade), Tessenderlo Kerk, Diest en Hasselt. Enkele ritten gebruiken de autoweg tot Paal. In het spoorboekje van 31.05.1970 werd de lijn zowaar verlengd tot Tongeren: één late rit op vrijdag naar Tongeren en één vroege rit op maandag uit Tongeren. Een jaar later is deze uitbreiding al opnieuw geschrapt. Ondertussen is het aantal beperkingen wel verder geëxpliciteerd. Deze lijn mag niet gebruikt worden door personen welke, in één der beide richtingen wensen te reizen in de volgende relaties: Antwerpen - Borgerhout; Tessenderlo - Diest; Tessenderlo - Hasselt, Paal - Hasselt, Hasselt - Tongeren; Diest - Eindhout en Hasselt - Diest. Om het nog wat ingewikkelder te maken: Op zon- en feestdagen mogen echter reizigers vervoerd worden tussen Hasselt en Tessenderlo, Hasselt en Herk-de-Stad, Herk-de-Stad en Diest en omgekeerd.
Het duurt tot 03.06.1984, met de invoering van het IC-IR-plan, voor in deze toestand verandering komt. Dan wordt lijn 299 immers een lijn Geel - Diest - Hasselt, want Geel is op dat ogenblik een belangrijk overstappunt trein - bus geworden. De lijn verliest meteen haar snelle karakter; ondanks het nummer wordt het een typische buslijn met veel halten onderweg. Op weekdagen wordt een uurdienst ingelegd, op zaterdag en zondag vindt men een 2-uurdienst voldoende. Wanneer precies op zaterdag opnieuw een uurdienst wordt ingevoerd heb ik niet terug kunnen vinden. Feit is dat alleen op zondag nog om de twee uur gereden wordt.
Overigens kwamen er achteraf toch weer snelle bussen tussen Limburg en Antwerpen, maar die werden na enkele jaren geschrapt - besparingen, weet je wel. De Lijn vond trouwens dat het niet haar taak was snelle verbindingen tussen steden als Hasselt en Antwerpen in te richten; dat moest de NMBS maar doen. Ondertussen is Flixbus dankbaar in het gat gesprongen.
De verbinding.
Halle - Brussel-Zuid
3660
11:11 11:27
+1
08112
mr08 Desiro
controle: J
Brussel-Zuid - Diest
2210
11:45 12:33
stipt
2114 - 58064
M4
controle: J
Diest - Engsbergen
[299]
13:05 13:13
stipt
ab4420-62
Van Hool New AG300
Autobusbedrijf G. Mebis
-
Engsbergen - Diest
[299]
15:57 16:09
stipt
ab4420-76
MAN's Lion City
Autobusbedrijf G. Mebis
Diest - Brussel-Noord
2238
16:27 17:05
stipt
1904 - 61034
M6
controle: J
Brussel-Noord - Halle
1738
17:13 17:32
+1
342
mr80 Break
controle: J
En wat we beleefden. Meestal vermeld ik de busverbinding naar het station van Halle niet in deze blog, maar vandaag vind ik dat toch nodig. We hadden dankzij Haltelink al gemerkt dat de bus 5 minuten te vroeg reed en dus waren we wat vroeger dan voorzien vertrokken. Toch misten we ei zo na nog onze bus die ondertussen al 10 (!) minuten te vroeg reed. Met een door vele decennia in het onderwijs ontwikkelde stem kon ik nog net vermijden dat de bus ons voorbijreed op enkele tientallen meters van de halte. Ik begon met dank u, maar je rijdt wel tien minuten te vroeg. Uit het antwoord blijkt dat de chauffeur zich daar wel degelijk van bewust was en het argument dat hij hier niet kon wachten, slaat uiteraard nergens op: dat had al veel vroeger moeten gebeuren, ook al om te vermijden dat hij nu wat verderop toch nog 7 minuten stil moet staan. Maar kom, mede daardoor kwamen we goed op tijd in Halle aan. We nemen de eerste trein naar Brussel en dat is de S naar Leuven, nadat we eerst kletsnatte biljetten uit de automaat hebben gehaald; het station wordt blijkbaar grondig afgespoeld. Gelukkig is de inkt op de biljetten waterproof. In Brussel-Zuid nemen we de IC naar Tongeren, een trek-en-duwstel M4, met het eersteklasrijtuig in eerste positie. De reis verloopt zonder problemen. We hebben onze dag zo uitgekiend dat we in deze trein kunnen eten, in het stationsbuffet een koffie kunnen drinken en vermijden dat we onderweg een eetpauze moeten inlassen, al zou dat vandaag niet erg geweest zijn.
De rit met de 299 (amper 8 minuten) verloopt zonder problemen. Ik volg het traject op de app van De Lijn en dat lukt na wat haperingen wonderwel. Ook de terugrit loopt trouwens vlot. We komen zelfs nog wat te vroeg in Diest aan; als we dat gewild hadden, zouden we de L naar Leuven hebben kunnen nemen. Dat had ons een tiental minuten tijdswinst opgeleverd, maar we hadden ons al volledig ingesteld op de rechtstreekse rit Diest - Brussel-Noord.
P 8802 blijkt afgeschaft en de reizigers worden verwezen naar de IC 1738 naar Quiévrain die we zelf ingepland hadden. Dit moet tot plaatsgebrek leiden. Toch blijft de invasie van de eersteklasafdeling helemaal vooraan uit. Bijna in Halle zien we een treinbegeleider opduiken die controleert. Een dame springt zowaar recht als ze hem ziet komen, alsof rechtstaan in eerste met een tweedeklasbiljet strikt gesproken verschil maakt. De controle van een andere reizigster duurt zo lang dat je daar alleen maar uit kunt concluderen dat die een klasverhoging gekocht heeft. Tot overmaat van ramp (voor de eerst recht gesprongen reizigster) meent die zich ook nog tegenover ons te moeten verantwoorden. Dat had ze nu net niet moeten doen. Ik snauw dat je ook gewoon kunt betalen, zoals wij. Zij riposteert nog dat een vroeger trein afgeschaft was en dat er op deze trein nauwelijks plaats was om te staan. Ook dat maakt eigenlijk geen verschil. En bovendien maak je mij niet wijs dat een treinbegeleider controleert in een trein die zo druk is als madam beweert.
Dat neemt allemaal niet weg dat het meest hatelijke wat de NMBS voor ons in petto heeft een afgeschafte trein is. Ik zou zeggen dat dit met stip bovenaan staat in de onhebbelijkheden waarop je als reiziger getrakteerd kunt worden, gevolgd door een trein met zoveel vertraging dat de aansluiting verbroken wordt en de trein met verminderde samenstelling. Dag na dag veroorzaken soortgelijke problemen ervoor dat treinreizen soms kunnen ontaarden in zenuwslopende bezigheden. Maar wij mogen vandaag uiteraard niet klagen. Het is lang geleden dat we nog eens 4 treinen na elkaar hebben gebruikt die allemaal op tijd reden. Wat we de laatste weken al hebben meegemaakt, wordt zo gecompenseerd, net zoals deze mooie nazomerdagen ook nog wel gecompenseerd zullen worden…
De treinlectuur. Patricia HIGHSMITH, Ripley, een man van talent. Hugo CLAUS, Het verdriet van België.
Een scheutje oprisping. Schiftingsvragen waarbij je het aantal deelnemers aan een wedstrijd moet raden, zouden bij wet verboden moeten zijn.
Waar Abraham de mosterd haalde. Voor het schrijven van deze bijdragen maak ik vaak gebruik van twee zeer waardevolle sites, één over deBelgische spoorlijnenen een overde bussen in Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Het grootste probleem is dat van de informatisering: in de voorbije 20 jaar is het vrijwel onmogelijk geworden om nog aan papieren dienstregelingen te geraken en op het internet verdwijnen de oude dienstregelingen naarmate er nieuwe ingevoerd worden. Voor de trams maak ik nog al eens dankbaar gebruik van de Rail Atlas Vicinal van Stefan JUSTENS en Dick van der SPECK en van The Vicinal Story - Light Railways in Belgium 1885 - 1991 van W.J.K. DAVIES.
De wandeling. Als de TWQ amper 15% bedraagt en je te lezen krijgt dat de wandeling deels de wegwijzers van de fietsroute "De Bokkenrijders achterna" volgt, weet je al dat de verwachtingen niet te hoog gespannen mogen staan. En dat komt spijtig genoeg ook wel uit: sommige delen kunnen nog net charmant genoemd worden (ondanks verharding), andere zijn zelfs bepaald mooi (langs de Herk in de buurt van de Wellense watermolen), maar enkele honderden meters lopen ook langs drukke steenwegen en dat kunnen we toch missen als de pest. Vallen wel nog mee: de dorpskernen van Herten, Wellen, Ulbeek en Berlingen en de omgeving van het Kasteel Rullingen dat blijkbaar een grondige verjongingskuur ondergaat. We hebben dit jaar dus al (veel) betere paden gevolgd, maar echt waardeloos kun je deze tocht toch ook niet noemen, al was het maar voor de rust die je een groot deel van de tocht kunt ervaren. Kaartjeenfoto's.
Het begint met een mooi pad naast de oude lijn 23.
En tegen het einde kruisen we een laatste maal de Herk.
Het weer. Half bewolkt of minder, tamelijk fris, maar toch warm en rustig genoeg om zonder jas te stappen. Erg goed wandelweer!
Hoe we er geraakten. Soms moeten we zo een wandeling echt wat hertekenen in functie van het beschikbare OV en dat doen we ook vandaag, al valt het al bij al nogal mee. Voor de heenreis kiezen we lijn 38 Hasselt - Borgloon - Heers tot de halte Borgloon Stationsplein en voor de terugreis nemen we lijn 23a bij de halte Steenweg op Kuttekoven. De mogelijkheden zijn talrijk, al moeten we stilaan rekening houden met het korten van de dagen.
Een beetje geschiedenis. Kuttekoven zelf is nooit echt bediend geweest door een tram- of spoorlijn en moet het vandaag stellen met een belbus die trouwens meer van de dorpjes die we vandaag aandeden bedient. Het is alweer afwachten wat dit in de toekomst wordt. (Wat wel opvalt: voor de oorlog kwam Kuttekoven wel voor in de tabel van de tramlijn Hasselt - Oreye, maar dat zal wel een heel zijdelingse bediening geweest zijn.) Dan kwam Borgloon beter aan zijn trekken: precies op ons vertrekpunt van vandaag kruisten de spoorlijn 23 en de tramlijn (Hasselt) - Kortessem - Oreye elkaar. Die lijn zag nog net het licht in de XIXde eeuw, maar hield het uiteindelijk maar tot 1949 vol. De huidige buslijn 38 is er de voortzetting van, althans tussen Hasselt en Borgloon. De Tramstraat in Borgloon ligt pal op de oude bedding van deze tramlijn. De bus bedient onderweg ook nog de halten Kortessem Oud Tramstation en Wellen Oud Tramstation. Tijdens de wandeling liepen we vooral in het begin een tijdje naast de oude spoorlijn 23. Bij het Stationsplein stond zelfs een bordje met wat geschiedkundige uitleg over de bietenlijn. Ik pluk er graag wat gegevens uit. De eerste plannen voor een treinverbinding tussen Sint-Truiden dateren al van 1845, wat geen verbazing wekt. Wel verbazingwekkend: er zou omstreeks 1870 een privateconcessieaanvraag voor een lijn Halle (!) - Maastricht via Landen, Borgloon en Tongeren zijn ingediend en afgeketst door de Belgische Staat. Ik had hier nooit eerder wat van gehoord of gelezen. Het belang van lijn 23 lag eerst vooral in het vervoer van graan, aardappelen en hout. Later kwamen daar ook nog de Zuid-Limburgers bij die pendelden naar de Luikse industriegebieden. Bovendien was de aanleg van de spoorweg een grote stimulans voor de fruitteelt (en de bijhorende stroopfabrieken.) Na WO II neemt het belang van de verbinding snel af: de reizigersdienst werd al opgeheven in 1957, tussen Sint-Truiden en Borgloon overleefde de goederendienst nog tot eind jaren 1960.
De verbinding.
Halle - Brussel-Zuid
3207
09:03 09:15
stipt
332
mr80 Break
controle: N
Brussel-Zuid - Hasselt
2208
09:45 10:49
+7
1905 - 61052
M6
controle: J
Hasselt - Borgloon
[38]
11:26 11:56
+6
ab4981
Jonckheere Transit 2000
Tongeren??
-
Borgloon - Sint-Truiden
[23a]
16:53 17:12
+5
ab4419-53
Mercedes Citaro LE C2
Cintral
Sint-Truiden - Brussel-Noord
1540
17:44 18:38
stipt
567
mr96 DMT
controle: J
Brussel-Noord - Halle
1590
18:42 19:02
stipt
08556
mr08 Desiro
controle: N
En wat we beleefden. Blijkbaar worden er in de Allerheiligenvakantie niet alleen P-treinen afgeschaft, maar rijden sommige niet-gesleepte treinen ook met een beperkte samenstelling. Dat zou je toch vermoeden als je de 3207 ziet binnenrijden met één break i.p.v. twee. Niet dat er daardoor op deze brugdag plaatsgebrek zou zijn: de éne break biedt voldoende plaatsen. Het is bijna ongelooflijk: zo een dertig jaar geleden werkte zo goed als iedereen in deze korte vakanties, tegenwoordig lijkt iedereen thuis (of in de luchthaven van Zaventem) te zitten. En toch stijgt de werkdruk, de stress, het aantal burn-outs en andere depressies, het aantal pillenslikkers elk jaar opnieuw. Maar kom, er zullen wel andere oorzaken zijn, die men liever niet noemt: het lawaai van het autoverkeer, de files en die masochisten die de tijd in de files zo een heerlijke me-time vinden… Verder hoef je niet te zoeken. We rijden eens niet over lijn 96A Brussel binnen maar wel via de 96N.
Ondertussen is het duidelijk geworden dat we vermoedelijk niet zonder vertraging uit Brussel-Zuid zullen vertrekken: tussen Gent en Brussel staat er een defecte trein, vager kan een plaatsomschrijving niet zijn. En toch zou een concretere lokalisatie veelzeggend kunnen zijn. Onze IC 2208 rijdt immers tot Denderleeuw over de oude lijn 50. Als de defecte trein dus op lijn 50A stilstaat tussen Gent en de Y. Lombeek is er voor ons niet zo heel veel aan de hand. Maar de IC verliest nogal wat tijd in Denderleeuw, en dus zal het probleem wel dichter bij Brussel zitten. Met 14 minuten vertraging vertrekken we in Brussel-Zuid. Die vertraging zal eerst nog wat groeien (de NZV!), maar gaandeweg toch wat krimpen: Aarschot +11, Diest +9 en 7 minuten bij aankomst in Hasselt. Tussen Aarschot en Diest wordt omgeroepen dat reizigers voor Schulen in Diest kunnen overstappen. Attent van de treinbegeleider, ten gerieve van de overstappers die in Aarschot hun aansluiting misten. Maar zijn die dan eigenlijk al niet uitgestapt in Aarschot?
Bij De Lijn-Limburg wordt vandaag volgens de zaterdagdienstregeling gereden. Besparen blijft het actiewoord als het over OV gaat. Lijn 38 naar Borgloon en Heers heeft eerder al haar uurdienst op zaterdag ingeleverd, vandaag zijn de reizigers dus nog meer de klos, met een 2-uurdienst. Reizigers zijn er nochtans, al zal dat niet blijken uit de Prodatagegevens, want het gele fossiel weigert dienst. In en om Wellen wordt een lange omleiding gevolgd, wat tot enkele minuten vertraging leidt.
Voor de terugrit hebben we de halte Steenweg op Kuttekoven van lijn 23a gekozen. Het is één van die typische lawaaierige halten langs een veel te drukke steenweg, zij het dat het schuilhuisje afgeschermd wordt door een stevige plataan. Ook deze bus heeft behoorlijk wat volk mee. Zoals wel vaker blijft de bus lange tijd stipt rijden tot hij de stad nadert. Plots is de voorziene rittijd te krap; voeg daar nog een omleiding bij en je hebt meteen een verklaring voor de 5 minuten vertraging bij aankomst.
In Sint-Truiden gaan we voor het eerst in onze reizigerscarrière naar het stationsbuffet. Daar kan ik me neervlijen op een stel banken dat men blijkbaar gerecupereerd heeft uit een oud rijtuig, ik gok op een I1, maar kan er evengoed glad (bij ons zouden ze grat zeggen) naast zitten. (Gelukkig niet naast de bank…) Dan merk je pas hoe men erin geslaagd is om de voorbije 50 à 60 jaar het treincomfort in eerste klas stelselmatig te laten dalen, terwijl auto's almaar comfortabeler werden. Maar kom, met de M7 leven we misschien op hoop.
IC 1540 bestaat uit 3 DMT's of Deense neuzen of boudins. Hoewel we nog met 2 minuten vertraging uit Sint-Truiden vertrekken loopt het zo vlot dat we in Brussel-Noord zonder problemen de S naar Geraardsbergen en Aalst halen - dat is een overstap van 4 minuten, maar door de perfecte rit van de 1540 komen daar vandaag nog eens 2 minuten extra bij. Samen met ons zit er een jong koppel in het laatste eersteklassecoupé van de trein. Ze spreken de taal van Goethe en eten koude pizza. Je vraagt je toch af waar die zo in de avond nog naartoe treinen. Ik waag in elk geval geen gokje over hun bestemming. De kans dat ze ze stipt zullen bereiken is reëel… als ze niet in de verkeerde trein zitten.
De treinlectuur. Patricia HIGHSMITH, Ripley, een man van talent. Hugo CLAUS, Het verdriet van België.
Een scheutje oprisping. 1. Sartre wist het al: l'enfer, c'est les autres. In het Nederlands: stress, dat zijn de anderen. 2. We vierden net Sint-Hubertus. Dat is ongetwijfeld de meest misbruikte heilige uit de christelijke geschiedenis. Want hij liet het hert leven, terwijl al die schietgrage massamoordenaars allemaal Hubertus in het vaandel dragen.
Waar Abraham de mosterd haalde. Voor het schrijven van deze bijdragen maak ik vaak gebruik van twee zeer waardevolle sites, één over deBelgische spoorlijnenen een overde bussen in Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Het grootste probleem is dat van de informatisering: in de voorbije 20 jaar is het vrijwel onmogelijk geworden om nog aan papieren dienstregelingen te geraken en op het internet verdwijnen de oude dienstregelingen naarmate er nieuwe ingevoerd worden. Voor de trams maak ik nog al eens dankbaar gebruik van de Rail Atlas Vicinal van Stefan JUSTENS en Dick van der SPECK en van The Vicinal Story - Light Railways in Belgium 1885 - 1991 van W.J.K. DAVIES.