liefdesgedichtje
al verwens je me ooit naar het diepste van de hel
je zal voor eeuwig mijn allerliefste blijven
natuurlijk in dat geval niet meer zo fel
ik vind dat ik niet moet overdrijven
liefdesgedichtjeal verwens je me ooit naar het diepste van de hel
je zal voor eeuwig mijn allerliefste blijven
natuurlijk in dat geval niet meer zo fel
ik vind dat ik niet moet overdrijven
poëzie
ik, onbekende van mezelfik, onbekende van mezelf
tracht verboden blikken
in je zachte haar te vlechten
de golving van je lach
de zegen van je huid
de echo van je stem
dat alles leeft in mij
ben ik gewoon
ik vraag geen aalmoes meer
in de verschroeide eelten van mijn bange hand
alleen heel broos
de zachte mijmering van je hart
laat de regen van je klamme haren
nog eenmaal strelen
rond de rilling
van mijn hals
een olifant
begrafenis
vannachtvannacht had ik een droom
we hebben eindeloos gezoend
en toen ik wakker werd
heb ik de straat naar jou genoemd
komkom bij me, zei ze wellustig,
kom bij me, mijn parelhoen,
zie je niet
hier brandt de lamp
kijk, zo iets maakt me onrustig
en bezorgt me even de kramp
ik blijf wel haar kampioen
maar nu
wilde ik net het licht uitdoen ...
een mens
king kong
een week later