Bridge


Geen competitie gespeeld op maandag.
Hier volgt een beetje uitleg over "Wat is bridge?"
Bridge is een spannend en boeiend kaartspel waaraan je veel plezier kunt beleven. Bij bridge speel je samen met je partner die tegenover je zit tegen twee tegenstanders. Op elk spel probeer je met je partner meer slagen te maken dan de tegenstanders. Dit doe je door te anticiperen op de ontwikkelingen tijdens het spel. Dit klinkt moeilijker dan het in werkelijkheid is. Want iedereen kan bridge leren. Elk spel duurt ongeveer tien minuten. In competitieverband worden er meestal 28 spellen per sessie gespeeld. Voldoende kansen dus om je te revancheren na een spel dat niet zo goed ging. Omdat je steeds tegen andere paren speelt, is bridge een sociale sport. Je ontmoet veel verschillende mensen en je kunt het overal en tegen iedereen spelen. De spelregels zijn wereldwijd hetzelfde.
Bridge is een afstammeling van het oeroude "whist" dat ongeveer vier eeuwen geleden in Engeland ontstond. Whist is in Vlaanderen bekend onder namen als "wiezen", "boom wies", "kleuren wies" enz... Bridge wordt gespeeld met vier spelers die paarsgewijs aan mekaar gekoppeld zijn. In essentie komt het er op aan om per paar zoveel mogelijk slagen te maken. Er wordt een gewoon spel van 52 kaarten gebruikt waarin het aas de hoogste kaart is. In bridge is er een veel grotere verfijning mogelijk dan in alle andere kaartspelen. Bridge evolueerde tot een denksport. Vandaar dat initiatielessen nodig zijn om het spel te leren.
Bridge oefent intensief en al spelend het geheugen, vermogen tot redeneren en analyseren. Het dwingt tot het nemen van snelle, wel overwogen beslissingen. Hoe onwaarschijnlijk het ook moge klingen: verschillende medische studies van internationaal gerenommeerde universiteiten hebben aangetoond dat bridge een minstens even positieve invloed heeft op levensverwachting en gezondheid als fitness en aanverwante activiteiten.








Sint-Benedictus wordt rond 480 in de buurt van Nursia in Umbrië (Italië) geboren. Hij studeert korte tijd letteren in Rome. Spoedig wordt de jonge Benedictus afgeschrikt door de gevaren die het leven in de stad en een carrière in de wetenschap voor zijn ziel bieden. Hij kiest voor het monniksleven in de eenzaamheid: eerst in Enfide in de Sabijnse bergen, vervolgens in het dal van de Anio bij Subiaco. "Wetens onwetend en ongeletterd uit wijsheid", zoals Gregorius schrijft. 



