kind

Iemand de loef afsteken.
Iemand overtreffen.
Iets heen laten lopen.
Een fout vergeven.
Werken als een ploegpaard.
Heel erg hard werken.
Hij brandt van nieuwsgierigheid.
Hij is heel erg nieuwsgierig.
Mijn kind schoon kind! Iedereen is blij met wat hij heeft.
Mijn maag jeukt. 




















