druppels

Zij gelijken op elkaar als twee druppels water.
Zij lijken heel erg op elkaar.
Hij ging er als een haas vandoor.
Hij rende hard weg.
Kleine kinderen worden door moeder getroost.
Maar als oudere kinderen zich vermaken doen
Hij is voor de fret.
Hij is een liefhebber van lekker eten.
Iemand tot last zijn.
Iemand hinderen.


















