De klimaatconferentie was een beschamende vertoning
Verlangen dat welvarenden en nog naar grotere welvaart strevenden, inleveren op hun welvaartsgroei om de veel minder welvarenden de kans te geven hen bij te benen is steeds een utopische gedachte geweest. Sinds vorige week weten de irrealistische optimisten dat er meer dan een afsmeltende poolijskap, een oprukkende woestijnvorming, en een paar decimeters stijgende zeespiegel zullen nodig zijn alvorens de leiders der geïndustrialiseerde en economisch groeiende landen moeilijke beslissingen durven (kunnen) nemen. Wat wij ons vrijwel niet realiseren is, dat, het doelmatig terugdringen van de CO²-uitstoot, het stoppen van de ontbossing, de afbouw van steenkool- gas- en olie-energieopwekking, en afvalproductie, hoe dan ook onmogelijk zijn zonder een stagnatie of zelfs achteruitgang van ons welvaartspeil.
Het valt te vrezen dat, alvorens wij ons daar kunnen mee verzoenen, er nog heel wat onuitgevoerde Kyuto-verdragen en mislukte Stockholmconferenties zullen komen. De vraag is, of het dan allemaal nog zin zal hebben...


