Naar de inhoud

Renaat's standpunten

over de sociale en politieke actualiteit en gebeurtenissen
akke.beakke.be
Kom meer te weten op http://www.rvp.be

Archief

De leugen van de democratie maart

Bekijk de afbeelding op ware grootteHet voornaamste basisprincipe van democratie is dat het een staatsvorm is waar de leidinggevende macht door velen, en niet van enkelen uitgevoerd wordt. Voorstanders van een 'directe democratie' bedoelen met 'velen': iedereen die geacht wordt 'mondig' te zijn. Anderen hebben het, wegens de complexiteit van de maatschappij, meer voor een 'representatieve democratie' van een aantal gekozenen, aangewezen door de 'velen' die als mondig beschouwd worden.

Een representatieve (parlementaire) democratie zoals wij die kennen, stoelt op 1) - een wetgevende macht (parlement), waar de periodiek door het volk gekozen afgevaardigden, wetten maken of aanpassen, bij gewone of twee-derde meerderheid goedkeuren, en toezien op de uitvoering er van. 2) - een uitvoerende macht (regering) die de goedgekeurde wetten uitvoert door er de nodige uitvoeringsbesluiten voor te maken. En 3) een gerechtelijke macht die bij overtreding, betwisting of verschil in interpretatie, van de geldende wetten, een oordeel uitspreekt.

In een democratie is het volk soeverein. In een parlementaire democratie oefent het die soevereiniteit uit via zijn gekozen vertegenwoordigers. Dat is de theorie.

In de praktijk loopt dat wel enigszins anders, omdat de zogenaamde 'gekozenen des volk', afgezien dat zij in de eerste plaats door de een politieke partij zijn gekozen, niet hun eigen kiezers, dan wel hun partij zelf vertegenwoordigen. Wetten worden ingediend, na eerst door de partij zelf te zijn goedgekeurd, en dienen dan ook door alle 'gekozenen' van dezelfde partij unaniem goedgekeurd te worden. De door andere partijen ingediende wetten worden al dan niet goed of afgekeurd, al naargelang die door de partijleidingen zijn geëvalueerd. Enkel in uitzonderlijke gevallen laat een partij zijn 'vertegenwoordigers' toe om zelf te beslissen over hun ja- of nee-stem. Het gaat dan meestal over vrij onbelangrijke onderwerpen, of een gegeven waar de partij zelf geen standpunt wenst over in te nemen.

Om werkzaam te kunnen zijn, dient een regering het vertrouwen te hebben van de meerderheid der volksvertegenwoordigers (partijen). Bij het ontbreken van een partij die de meerderheid van de parlementszetels heeftj, lost men dit gemakshalve op door een overeenkomst te sluiten (regeerprogramma) tussen verschillende partijen die samen aan de gewenste parlementaire meerderheid komen.

Eens een regering gevormd waarvan de coalitiepartijen gezamenlijk op een parlementaire meerderheid kunnen bogen, wordt het parlement in de praktijk herleid tot een 'overlegorgaan' tussen- en stemmachine van- de meerderheids- en minderheidspartijen.

Om de vier (federaal) of vijf (gewestelijk) jaar, of tussentijds bij het 'vallen' van de regering en ontbinden van de kamers, wordt wij, het volk dus, naar de stembus geroepen om, via het zogenaamd kiezen van onze vertegenwoordigers, de machtsverhoudingen tussen de onderscheiden partijen te (her)bepalen. Ook al kiezen wij op kandidaat- volksvertegenwoordigers en -senatoren, toch kiezen wij, gezien de geldende particratie (partijtucht), alleen maar voor een bepaalde partij. Vanaf dan heeft 'het volk' zijn macht volledig in handen gegeven van de onderscheiden partijen die dan in functie van het door het stemmenaantal bekomen gewicht, zelf bepalen of, en met wie zij al dan niet zal (kan) een regeringsmeerderheid vormen, en wie welke minister wordt.De grondwettelijke bepaling dat de Koning na raadpleging van de voornaamste politici en zogenaamde 'gestelde lichamen' de formateur en achteraf zijn ministers aanstelt, is niets meer dan een georchestreerde show, gestuurd door de de voornaamste partijen.

In ons land kan men bij de federale verkiezing niet kiezen voor partijen uit het andere taalgebied. Doordat een werkbare regering uit partijen van beide taalgroepen dient te bestaan, worden wij in feiten, zowel in regering als parlement, voor een deel bestuurd door partijen waarvoor wij niet eens hebben kunnen kiezen, en waar wij bij de volgende verkiezing dus niet de kans krijgen om hen met onze stem, hetzij te belonen, hetzij af te straffen voor het gevoerde beleid.

Daar heden de volksvertegenwoordiging van de twee Vlaamse partijen regeringspartijen een minderheid uitmaken van de totale Vlaamse gekozenen, wil dat (naar democratische normen) zeggen dat dit land bestuurd wordt door een Vlaamse minderheid, samen met een Franstalige meerderheid. Dat dit in een land met 60 % Vlamingen en 40% Franstaligen mogelijk is een voorbeeld hoe het met onze democratie gesteld is.

Met andere woorden: onze democratie bestaat er in dat wij bij verkiezingen onze soevereine macht overdragen aan de partijen, waarvan een aantal onder hen bedisselen hoe en met wie zij de komende vier jaar op dictatoriale wijze het beleid gaan bepalen en uitvoeren. Door ons taalpartijenkiessysteem dient elke partij zich alleen tegenover een deel van het volk binnen hun eigen taalgebied te verantwoorden en hoeft het dus geen rekening te houden met diegenen uit het ander taalgebied, laat staan met het algemeen (Belgisch) belang. Daardoor ontbreekt het binnen de regeringsmeerderheid ook dikwijls aan consensus en wordt 'besturen' meer dan eens een aaneenschakeling van compromissen waarmee problemen zelden echt worden opgelost.

Het invoeren van één federale kieskring, hetzij met nationale of met regionale partijen waar men ook in andere regio's kan op stemmen, zou beter overeenstemmen met de principes van een federale staat, en zou de regionale partijen, al was het maar om electorale reden, meer nationale verantwoordelijkheidszin geven.

Hoe dan ook, in een democratie waar het volk zijn eigen leiders of regering niet kan kiezen, en zelfs niet wordt geraadpleegd over het afstaan van nationale bevoegdheden en internationale verdragen, (zie de Europese verdragen) is de democratie een leugen van zichzelf. Het feit dat het in de meeste andere 'democratische' landen er niet veel beter aan toe gaat, is daar geen verzachtende omstandigheid voor. Daar een bijkomende reden in zien voor meer of volledige Vlaamse zelfstandigheid, is de ogen sluiten voor de feitelijkheid dat juist de Vlaamse partijen met hun 'cordon sanitaire' rond het VB, alsmede hun aan de basis liggen van de invoering van de kiesdrempel, niet bepaald 'democratische toppen' scheerden. Bovendien blijft ook in een zelfstandig Vlaanderen het probleem van de 'particratisering' bestaan.

In een particratie is de omschrijving 'democratische politieke partijen' een contradictio in terminus.

Renaat van Poelvoorde

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 18:34 Reageer op dit bericht Stuur door

Nadenken over de volgende verkiezingen

Er al eens over nagedacht voor welke partij U binnen een viertal maanden gaat stemmen? Er al eens aan gedacht dat hoogstwaarschijnlijk geen enkel Vlaamse partij meer dan een vijfde van de bevolking achter zich zal krijgen? Al eens over nagedacht dat, hoe dan ook, er terug minstens drie partijen zullen nodig zijn om voor het Vlaams parlement een coalitiemeerderheid te vormen, maar geen enkele partij vooraf zal aangeven met wie hij eventueel in coalitie wil gaan? Vindt U het niet raar dat in een democratie, niet het volk, maar het de partijtoppen zijn die onderling bedisselen wie en hoe men hen zal regeren? Er al eens aan gedacht dat na de Vlaamse verkiezingen van juni, de volksvertegenwoordiging (in feiten partij-vertegenwoordiging) in het federale parlement op lange na niet zal beantwoorden aan de partij-gewichtsverdeling die het volk in ieder gewest heeft aangegeven, en dit tot 2012 zo zal blijven? Moeten wij ons geen vragen stellen bij het feit dat een partij over bepaalde onderwerpen in de Vlaamse regering andere standpunten inneemt dan deze die zij in de federale regering vooropstelt? Vindt U het ook niet verbazingwekkend dat er blijkbaar geen enkele politicus het lef heeft om, zowel zijn volksverlakkende collega's als de hen naïef achternalopende, en enkel aan zichzelf denkende burger, de waarheid te zeggen? Met andere woorden: Er al eens over nagedacht om wakker te worden, de ogen te openen, en de oren te spitsen? Er dan al eens aan gedacht om te zien wat er is, in plaats van te zien wat men zegt dat er te zien is? Als eens getracht te luisteren naar wat er te horen is, in plaats van te luisteren naar wat men je wilt laten horen? Al gemerkt dat het gevolg is dat U tot heel andere besluiten komt dan deze waarvan men U tracht te overtuigen dat ze de juiste zijn? Er bijgevolg al eens over nagedacht dat de enige partij die in juni uw stem waardig is, niet op de stembrief zal voorkomen?...
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 18:08 Reageer op dit bericht Stuur door

De 'light'-versie van het staatseconomisme

Bestand:John Maynard Keynes.jpgWereldwijd zwaaien de aanbidders van de kapitalistische geloofsleer met gemeenschapsgeld om de financiële en economische exponenten van het systeem 'in leven' te houden. De roep om deregulering en minder staatsinmenging is verstomd en vervangen door het 'verantwoordelijkheidsbesef' van de politieke leiders om "de spaarcenten en de werkgelegenheid van het volk te vrijwaren". Het heet dat de hele gemeenschap moet helpen om de gevolgen van hebzuchtige risicobeleggers op te vangen. Voor wie de moeite doet om achter de coulissen van dit onverkwikkelijke schouwtoneel te gaan kijken, merkt dat onze welvaart en rijkdom staat en valt met het al dan niet in stand houden van een financieel systeem dat gestoeld is op onbestaand virtueel geld. Op lucht dus.

Even moeten wij met zijn allen vergeten dat overheidsteun aan financiële en economische bedrijven in feiten een lichte vorm van het socialistisch 'staatseconomisme' is. Dat de econoom Keynes, die staatsinterventie predikte om de economie te stimuleren, zijn mosterd voor een deel bij Marx en Engels heeft gehaald, horen de 'vrije-markt-goeroes' niet graag. Zij zien dit dan ook als iets strikt tijdelijk.

Vraag is: Wat krijg jij als lid van de gemeenschap terug voor de steun met ons gemeenschapsgeld? Het antwoord is eenvoudig: het (virtueel) geld op je depositorekening blijft gevrijwaard, ook al vermindert het constant in waarde wegens een interest lager dan de inflatie. En misschien, héél misschien behoudt je daarenboven ook nog je job. Goed toch?...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 11:17 Reageer op dit bericht Stuur door

Utopia bestaat?

Bekijk de afbeelding op ware grootteVoortgaande op wat sinds meer dan een jaar over Barack Obama, geschreven, gezegd en gedacht is, zal de eedaflegging van de 44ste president van de Verenigde Staten zowat het meest historische feit zijn van deze en zelfs vorige eeuw zijn. Wat de ongeveer twee miljoen toegestroomde toeschouwers en wereldwijd honderden miljoenen televisiekijkers gisteren te zien en te horen kregen, was de begeesterende boodschap dat Utopia wel degelijk bestaat, als men er maar in gelooft.

In de wereldgeschiedenis hebben grote redenaars steeds gebruikt gemaakt van de kracht die schuilt in 'het geloven'. Het geloven dat iets wat onmogelijk schijnt, toch kan, als men maar gelooft dat het kan. In navolging van Christus, hebben ook Napoleon en Hitler aangetoond, dat het inderdaad mogelijk is om de massa in het meest absurde te doen geloven, en tot de meest ondenkbare dingen te bewegen. Ook Obama tracht, via zijn redenaarstalent en gebruik makend van zowel zijn 'zijn' als van de omstandigheden, het Amerikaanse volk, en onrechtstreeks de rest van de toekijkende wereld, het geloof in een beter, welvarender en rijker leven aan te praten.

Op zich een goed geloof, en een prijzenswaardig streven. Ook ik geloof daar in. Alleen heb ik mijn grote twijfels of dat kans op slagen heeft met de middelen en mogelijkheden die ons sociaaleconomisch en maatschappelijk systeem daartoe verstrekt, Alleen de "change" van de doelstellingen zal niet voldoende zijn; Daarvoor zal er ook een "change" van de middelen moeten gebeuren.

Een 'zwarte' president mag dan een historisch feit zijn, een (donker) 'rode' president zou dat nog meer zijn geweest. Dàt zou pas "CHANGE" zijn geweest...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 09:19 Reageer op dit bericht Stuur door

Ik, en ieder voor zich

Het is niet bepaald vernieuwend om in een tijd waar het ‘ik’ en het ‘ieder voor zich’, mooi vertaald in ‘individuele ontplooiing’ en ‘het opnemen van eigen verantwoordelijkheid’ de trend is, te pleiten voor samenhorigheid, gemeenschapszin en solidariteit. Ook schijnt het getuigend van simplistische naïviteit, zo niet van domheid, om nog te geloven in de maakbaarheid van de maatschappij en de gelijkmatige verdeling van bezit en opbrengsten. Alle naar Marx en Engels neigende sociaaleconomische modellen als mogelijk alternatief voor de steeds individualistischer en opperplakkeriger wordende kapitalistische consumptiemaatschappij, worden opzijgeschoven als bewezen onwerkbaar en tegen de menselijke natuur in zijnde. Kinderen worden niet meer opgevoed en voorbereid op een leven waar iedereen volgens eigen kunnen en mogelijkheden, binnen een vooraf bepaald stramien zijn rol te spelen heeft, maar via een zogenaamd aan het individu aangepaste eigen ontwikkeling, gestuurd naar een maatschappij welke meer aan de biologische natuur van de mens beantwoordt. M.a.w. Een samenlevingsvorm waar men het voorstelt alsof iedereen dezelfde kansen krijgt, maar bij gebrek aan dezelfde middelen, de macht van de sterkste ( slimste) primeert en waar (financiële en psychische) macht en status bepalend zijn voor het wel en wee van het individu. Waar democratie in zijn oorsprong bedoeld was om de maatschappij te sturen volgens de wil van de meerderheid van het volk, nadat die gemeenschappelijke wil in overleg was bepaald, heeft men deze doelstelling ten gronde weten om te buigen om de belangen en de machtsposities van de maatschappelijk sterken en geprivilegieerden te vrijwaren. Daartoe heeft men de democratie omgevormd in een particratie om de zogenaamde gekozen vertegenwoordigers des volks te binden en te gebruiken als ‘zetbazen’ van de onderscheiden partijleidingen, die op hun beurt , zo niet zelf behorend tot, dan toch afhankelijk zijn van diegenen die als gevolg van hun financiële macht en positie de werkelijke macht in handen hebben. Het probleem met alle mogelijke maatschappijvormen, van socialisme via liberalisme tot plat kapitalisme, waarin men voor ‘iedereen’ de beste bedoelingen heeft, is, dat de onderscheiden theorieën door een leidinggevende groep in de praktijk moeten worden gebracht. Een groep die bestaat uit individuen die elk in min of meerdere mate, afhankelijk van hun verkregen machtspositie te kampen hebben met hun eigen ego en drang naar meer bezit en macht. Hoe goed de controlemechanismen daar op ook zijn, door het feit dat de ‘uitvoeringswetten’ steevast door de leidinggevende machthebbers zelf worden bepaald, maken dat de door hen gewenste onrechtvaardigheden, discriminaties, en bevoor- en benadelingen, via wetgeving van hun negatieve begrippen worden ontdaan. Zodoende wordt van onrechtvaardigheid 'Recht' gemaakt In onze huidige kapitalistische consumptiemaatschappij wordt de maatschappij opgedeeld in machtigen, de burgerij, en de kansarmen . In bezit en geld vertaald: de rijke elite, de beter gegoeden en de minder bedeelden. De steeds verder doorgedreven prestatiecultuur wakkert de egoïstische reflex en drang naar ‘steeds meer’ aan, ten behoeve van het te bereiken einddoel: gelukkig zijn. De explosie van onderwijs, techniek en automatisering welke zich de afgelopen zestig jaar in het noordwestelijk halfrond van deze aarde heeft voorgedaan, heeft er voor gezorgd dat in hun eigen wereldregio de rijken en welstellenden, zowel kwalitatief als kwantitatief sterk zijn gegroeid. Ondanks lovenswaardige minieme initiatieven heeft het natuurlijke egoïsme van de mens er echter voor gezorgd dat de kloven tussen de verschillende sociale groepen in even grote mate zijn toegenomen. Van een verdeling van de verworven rijkdom met de noodleidende minder fortuinlijke samenlevingen in de rest van de wereld is er, behalve een minimum aan symbolische ‘ontwikkelingshulp’, weinig terecht gekomen. Machtigen danken hun macht aan het bestaan van de onmacht. Bezit heeft enkel zijn nut in een omgeving waar er gebrek aan is. Wetenschap en verstand krijgen enkel zin door de onwetendheid en het gebrek aan verstand. En rijken bestaan alleen door de gratie van de armen. Aan deze wetmatigheden hebben wij enerzijds de vooruitgang, welvaartstijging en rijkdom te danken, als anderzijds de onuitroeibare oorlogen, armoede en ellende. Misschien dat wij toch nog eens de moeite moeten doen om onbevooroordeeld Marx en Engels moeten lezen, ook al zou dat getuigen van simplistische naïviteit, of misschien wel domheid…men weet maar nooit!
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 09:09 Reageer op dit bericht Stuur door

De zinloosheid van een 'rechtvaardige' vrede

"Een rechtvaardige vrede", Dat is wat de de Argentijns-Israëlische pianist en dirigent Daniel Barenboim, tijdens het nieuwjaarsconcert in Wenen,de bewoners van het Midden-Oosten toewenste. Het leidt geen twijfel dat zowel de Joden als de Palestijnen vrede willen. Alleen geven zij elk een totaal verschillende invulling aan het begrip 'rechtvaardig'. Het simpele basisbeginsel van rechtvaardigheid is dat 'iedereen krijgt waar hij recht op heeft', en laat juist dat de oorzaak zijn van de meeste conflicten. Door de geschiedenis en de omstandigheden zijn 'de rechten' van onderscheiden personen, groepen of volkeren dikwijls tegengesteld aan elkaar geworden. Zo ook in het voormalige Palestina, waar de nazaten van eenzelfde stamvader, uiteengegroeid door religieuze en historische wendingen, voor hun vrijheid en rechten vechten door de vrijheid en rechten van de anderen te bekampen. Zolang (aan beide zijden) de extremisten weigeren om elkaars bestaan te erkennen en zich niet tevreden willen stellen met de helft van hun verzuchtingen, en zolang (aan beide zijden) religieuze leiders de macht hebben of deze kunnen beïnvloeden, kan er van vrede geen spraken zijn. Een 'rechtvaardige' vrede bestaat niet! Rechtvaardigheid vereist gelijkheid, of minstens gelijkwaardigheid. En in een wereld waar individualisme, zowel op persoonlijk, als in groeps- of volksverband, steeds als maatschappelijke bouwsteen heeft gediend, is er per definitie ongelijkheid tussen personen, groepen en volkeren. En zolang wij die bouwsteen blijven gebruiken zijn protestbetogingen tegen oorlog en geweld, alsook tegen onrechtvaardigheid zijn volkomen zinloos.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 09:55 Reageer op dit bericht Stuur door

Voor leefloners is de crisis dubbel zo groot

In ons land moeten 270.000 mensen het doen met een 'leefloon'. Alleenstaanden moeten het zien te rooien met 711.56 euro,een alleenstaande met kinderen met 948.74 euro, en samenwonenden hebben elke inkomen van 474.37 euro. Diegenen die, niet wars van enig sarcasme het begrip, 'leefloon' hebben bedacht, worden hierbij uitgenodigd om in deze consumptiegerichte welvaartmaatschappij enkele maanden met een dergelijk inkomen trachten te "leven". Althans, ‘Leven’ volgens het gangbare begrip van een modale Belgische burger. Bij hun toetreding tot de eerste paarse regering in 1999, beloofden de socialisten het leefloon dat (zoals de meeste andere uitkeringen) de voorgaande acht jaren, weliswaar geïndexeerd, maar niet meer, zoals de lonen was aangepast aan de welvaartstijging, in vier jaar tijd met 10 percent te verhogen. Waarom die beloofde 10% vier jaar later amper 4% werd, heeft men nooit duidelijk gemaakt. Tijdens de tweede paarse coalitie zou één en ander door de Waalse PS-minister Dupont goedgemaakt worden, werd beloofd. In de laatste maanden van deze legislatuur kondigde deze dan ook fier aan dat hij door de verhoging met 4% gedurende de vorige vier jaar jaren, en de nog toegezegde verhoging van 2% in januari 2008, de regering haar oorspronkelijke belofte was nagekomen. Blijkbaar vergat hij gemakshalve dat, zoals voor de Topambtenaren, ook voor de leefloners sinds 1999 de tijd niet was blijven stilstaan. Tijdens de 8 jaar durende legislatuur, waarop men de achterstand van de daarop voorafgaande 10 jaar goed maakte, werd er ondertussen een nieuwe achterstand opgebouwd. Rekening houdende met een gemiddelde welvaartstijging (bovenop de indexaanpassing) die sinds twee decennia jaarlijks minstens 1% bedraagt, moest het leefloon tussen 1999 en 2007, (door cumulatie) met 21.5% gestegen zijn (de achterstand van 10% tot 1999 + de acht jaarlijkse welvaartstijging van 1% tot 2007) i.p.v. met de huidige 9.4%. In 2007 was is de welvaartsachterstand voor het leefloon, welke in 1999, 10% bedroeg, zelfs na de zogenaamde ‘inhaaloperatie, dus in feiten opgelopen tot 12.1%. Als men dan ook nog bedenkt dat procentuele stijgingen bij maandbedragen van minder dan 1000 euro, een lagere compensatie geven dan de werkelijke stijging, (ik onthoud mij van de vrij technische uitleg) kan men niet anders dan vaststellen dat de socialisten tijdens hun paarse regeerperiodes niet echt daadwerkelijk begaan waren met diegenen waaraan zij ideologisch hun bestaansrecht ontlenen: namelijk de zwakken en minderbedeelden in de samenleving. Mits enige aanpassing van de aangehaalde bedragen, percentages en periodes, zou men het evengoed kunnen plaatsen bij alleenstaande werklozen, al dan niet met personen ten laste of gepensioneerden met de laagste pensioenen. Ondanks de enkele procenten die hen de afgelopen jaren zijn toegestopt, en de beloofde ‘relatieve’ welvaartsvastheid van hun uitkeringen, hebben zij alsnog niet kunnen delen in de welvaartstijging welke hun andere landgenoten tijdens de ‘betere economische jaren’, hebben mogen smaken door loonaanpassingen en allerlei belastingsverlagingen en – compensaties . Met andere woorden: alhoewel zo niet alles, toch heel veel van onze sociale zekerheid en verworvenheden aan het socialisme te danken is, hebben de partijen die daar verder uitvoering dienen aan te geven, de vorige decennia waarin zij mee aan het bestuur hebben gezeten, zich meer beziggehouden met de opwaardering van de middenklasse waartoe een groot deel van haar electoraal is gaan toe behoren, dan met diegenen die, om welke reden ook, uit die ‘opwaarderingboot’ zijn gevallen, of daar zelfs nooit zijn ingekomen. Nu, na de meer dan zeven ‘vette jaren’, de magere jaren hun tol komen opeisen, zijn de onvermogenden, en minderbedeelden de grootste slachtoffers en lijden zij dubbel zoveel onder de gevolgen van de crisis. Het valt te vrezen dat de maatregelen die de huidige centrum-rechtse regering zal treffen om de put dempen die o.a de bank-Emirs en –Kaliefen hebben gedolven, ondanks de aanwezigheid van de Waalse socialisten, er ook in de toekomst niet veel positiefs te verwachten zal zijn voor de minder- en onfortuinlijken in onze gemeenschap. De begrippen ‘sociaal’ en ‘socialisme’ verliezen blijkbaar aan betekenis, al naargelang het inkomen kleiner is. Renaat Van Poelvoorde
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 16:26 Reageer op dit bericht Stuur door

De jaarlijks terugkerende belangrijkste gebeurtenis van het jaar

De komende weken worden wij zowel in kranten, tijdschriften, radio als televisie vergast op allerlei jaaroverzichten, beschouwingen en vooruitzichten. Ook zullen allerlei mensen waarvan men meent dat de lezers, luisteraars of kijkers hen om één of andere reden belangrijk vinden, de revue passeren om hun antwoord te geven op vragen zoals, wat het aflopende jaar de belangrijkste gebeurtenis, het beste radio- en televisieprogramma, de beste(?) politicus, of het beste boek is geweest. Dit jaar wordt het voor hen wel bijzonder moeilijk om de 'belangrijkste' gebeurtenis aan te geven, want heel wat 'belangrijke' gebeurtenissen zijn nog steeds aan het 'gebeuren'. Hoe dan ook mag verwacht worden dat de financiële crisis een 'topper' zal zijn, op de voet gevolgd door de reeks van politieke staaltjes van onvermogen, slecht bestuur, en particratieke aanfluitingen van Belgische democratie. Ondanks mijn maatschappelijk volslagen onbelangrijkheid, en de wetenschap dat mijn mening het laatste is waar men zit op te wachten, geef ik hier tocht mijn antwoord op de voornaamste klassieke eindejaarsvraag. Voor mij was de belangrijkste gebeurtenis in 2007, dezelfde als in 2006, 2005, 2004, enz…: Namelijk dat voor de meerderheid van de goedboerende mensheid het ook dit jaar helemaal geen zorg is geweest dat miljarden van hun soortgenoten, hier en elders in de wereld, (weerom eens) geen enkel deel hebben gekregen aan de welvaart waar wij overvloedig in baden. En behorende tot die laatsten, is de schaamte mij té groot om enig zinnig antwoord te bedenken op al die andere, niets meer ter zake doende vragen...
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 09:29 Reageer op dit bericht Stuur door

Karl Marx en Friedrich Engels terug actueel

bankier.JPGVolgens Boudewijn Bouckaert en Geert François van de Cassandra Denktank is er helemaal niets mis met het kapitalisme. Voor hen betekent het debacle binnen de financiële wereld helemaal niet de roemloze ondergang van een economisch model. Karel Van Miert geeft de ‘irrationaliteit’ en ‘virtuele grootheidswaanzin’van de bankiers aan als oorzaken voor de huidige crisis, en  Johan Vande Lanotte vindt dat men ze niet moet bestrijden met minder, maar met meer vrije markt, maar dat de overheid er door regulering en controle voor een correcte concurrentie moet zorgen. En daar is ook nog onze eigenste Eerste  Minister Leterme, die niet het economisch systeem, maar de moraal, van deze die de touwtjes in handen hebben, in vraag stelt.

Een officieus vertrouwelijk rapport van de Europese Commissie van 12 februari 2007 geeft aan dat in verschillende Europese landen het aandeel van het loon in het totale inkomen steeds maar kleiner wordt, terwijl het totaal inkomen uit dividenden en winsten steeds groter wordt. Ingewijden zien de bankcrisis als een logisch gevolg van een voortdurende daling van inkomen uit arbeid tegenover een voortdurende aangroei aan kapitaal.  Ons kapitalistisch systeem vereist een steeds stijgende productie- en winstgroei, bij middel van een steeds grotere productie tegen steeds lagere productiekost, dus voornamelijk lagere loonkost.

In 1867  schreef Karl Marx , dat de steeds verder dalende loonkost uiteindelijk ook de beperking van de consumptie tot gevolg heeft, waardoor het in conflict komt met  met de neiging van de kapitalistische productiecapaciteit om voortdurend te groeien . Marx zag toen reeds in, dat een dergelijk conflictueus systeem, behalve overproductie, ook overaccumulatie (overmatige opeenhoping) van kapitaal ontstond.

Als remedie tegen de economische recessie, verlaagde de Amerikaanse Centrale Bank in 2001 de rente op hypotheekleningen. Daardoor konden, ook gezinnen, die door de steeds dalende koopkracht niet kredietwaardig waren, zich toen makkelijker een huis aanschaffen, en kreeg de bouwsector en aanbelanden een enorme boost . De Amerikaanse banken verpakten deze risicovolle hypotheekleningen in andere financiële activa die ze wereldwijd tegen hoge rentevoeten, ondermeer aan de Europese banken, doorverkochten. Dit loste schijnbaar ook het probleem van de overaccumulatie van kapitaal op. Tot de Amerikaanse gezinnen hun leningen niet meer konden terugbetalen, waardoor eerst Amerikaanse banken in faling gingen en deze vervolgens via de rommelhypotheken ook Europese banken meesleurden.
 

In ‘Het Kapitaal’  beschreef  Karl Marx hoe uit de overaccumulatie van kapitaal, de financiële markten, hun hefboomfondsen, zeepbellen en speculatie ontstaan: “Een groot deel van het overtollige kapitaal wordt fictief, met een denkbeeldige waarde. Als kopieën die zelf kunnen verhandeld worden en dus als waarde-kapitaal kunnen circuleren, hebben ze een fictieve waarde: ze kunnen volledig onafhankelijk van de evolutie van de waarde van de werkelijke economie, stijgen of dalen. Winst en verlies als gevolg van de prijsschommelingen van deze titels zullen steeds meer het resultaat zijn van speculatie. Dit soort ingebeelde financiële rijkdom vormt niet alleen een belangrijk deel van het fortuin van privé-personen maar het vormt ook een aanzienlijk deel van het bankierskapitaal.”

Voor al de sociaal-democraten die de vrije markt blijven verdedigen en ze via morele begrippen zoals “groter ethisch bewustzijn” of de strijd tegen ‘hebzucht’, ‘irrationaliteit’ en ‘grootheidswaanzin’ willen corrigeren, had Friedrich Engels in 1887 reeds een nu weer actueel geworden boodschap:  “Sommige mensen leiden ons van de economie naar de moraal, en niets lijkt natuurlijker. Wie de kapitalistische productiewijze voor onaantastbaar verklaart en toch haar onplezierige, maar noodzakelijke gevolgen wil afschaffen, kan niets anders doen dan moraliserende preken tot de kapitalisten houden, preken waar van de ontroerende uitwerking onder invloed van het privébelang, het winstbejag en zo nodig van de concurrentie, weer als sneeuw voor de zon verdwijnt.”

Hoe dan ook, voorlopig is de 'weg terug' nog geen optie. Welvaart is nog steeds belangrijker dan welzijn. De keuze tussen een menswaardig bestaan voor iedereen, en een maatschappij waar mensen naar waarde geschat worden a rato van hun bezit en hun fysische en fysieke mogelijkheden, lijkt sinds de val van het mislukte experiment met het alternatief, wereldwijd definitief gemaakt.

Desondanks blijft er hoop. De huidige crisis is wat ons economisch systeem betreft, een niet mis te verstaan signaal, zoals de smeltende ijskappen dat op milieugebied zijn. Voorlopig blijken die signalen nog onvoldoende. Het blijft hopen op nog meerdere, duidelijkere, sterkere signalen. In de hoop dat de weg terug dan nog enigszins begaanbaar is...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 13:46 Reageer op dit bericht Stuur door

CEO's en ethiek, moraal, schande, schaamte en bedrog.

gilbert-mittler.jpg"Akkoorden moeten gerespecteerd worden", zei de socialistische voormalige minister Luc Van den Bossche m.b.t. de hoge vertrekpremie van vier miljoen euro die Gilbert Mittler bij Fortis te beurt viel. Men kan zich afvragen waarom Van den Bossche , die wordt beschouwd als een slimme man met een grote dosis gezond verstand, de graaicultuur bij Fortis niet zonder meer wou veroordelen. Misschien komt het omdat hij na zijn ministerschap de grote baas van de luchthaven van Zaventem is geworden, en hij daar zelf een niet onaardige ontslagvergoeding heeft bedongen. Wie bij de hond slaapt, krijgt vlooien, zoals men weet...

Afgezien van mijn verbazing dat het gros van klanten van Fortis, omwille van een dergelijk staaltje van (weliswaar volkomen legale) fraude, oplichting en diefstal, niet stante pede al het geld van hun rekening halen, is dit toch meer dan de schaamte voorbij. Een modaal werknemer heeft vier mensenlevens nodig om een dergelijk bedrag bijeen te verdienen! Zelfs de maandwedde van Mittler (111.110 euro) krijgt onze modale werknemer, gezien hij daarvoor minstens 55 jaar lang zou voor moeten werken, nooit verdiend. Tenminste, zolang de pensioensleeftijd niet tot 75 jaar wordt opgetrokken.

Dat sommigen dergelijke lonen en ontslagvergoedingen, en de immense kloof met de modale vergoedingen, enigszins menen te kunnen verrechtvaardigen door te wijzen op de "enorme verantwoordelijkheid" en het grote totaalbedrag dat goeduitvallende beslissingen voor de aandeelhouders kunnen betekenen, toont een bijna onmenselijke verachting voor de verantwoordelijkheid en de toegevoegde waarde van de gemiddelde werknemer. Anderzijds wijst het op een onbegrijpelijke, bijna dogmatische aanbidding van het zowaar 'bovennatuurlijke intellect' dat een zogenaamde kleine groep 'uitverkorenen' op deze aarde zouden bezitten. Het kan niet anders of het moeten 'Alians' zijn!

Begrippen zoals moraal, ethiek, schande, schaamte en onrecht, zijn niet meer wat ze ooit geweest...ooit moesten zijn.

Het wordt stilaan ondraaglijk om mens te zijn...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 08:38 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Renaat's standpunten

↑ Terug naar de berichten