Naar de inhoud

Julius Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 8

akke.beakke.be

Archief

Dat lucht op.

ik ben er nog
jij ook 
zie ik door mijn olijke kijkers
en toch
het voelt zo vreemd
echt gemeend
je bent een van die zeikers
een vreemde eend in de bijt
waarvoor niemand zich neervlijt

er bestaat geen nederigheid
voor mensen als jij
gevuld met rijstebrij
plompverloren klei
een pissebed ben jij,
'k heb een hekel aan jou
druiloor in de kou
slijmbal in korte mouw
je bent aan lager wal geraakt

zo, ik begin de week met
een schone lei
zeven naakte dagen voor mij
mijn zelfbeeld middels spuwend gal
verkleurd
heb mezelf lekker verscheurd
dat lucht op.
nu is axe aan de beurt.
en ben weer apk goedgekeurd

ik ben er nog
jij ook 
zie ik door mijn olijke kijkers
en toch
het voelt zo vreemd
echt gemeend
je bent een van die zeikers
een vreemde eend in de bijt
waarvoor niemand zich neervlijt

er bestaat geen nederigheid
voor mensen als jij
gevuld met rijstebrij
plompverloren klei
een pissebed ben jij,
'k heb een hekel aan jou
druiloor in de kou
slijmbal in korte mouw
je bent aan lager wal geraakt

zo, ik begin de week met
een schone lei
zeven naakte dagen voor mij
mijn zelfbeeld middels spuwend gal
verkleurd
heb mezelf lekker verscheurd
dat lucht op.
nu is axe aan de beurt.
en ben weer apk goedgekeurd

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 16:51

Telkens

telkens als ik
een kleed afleg
zie ik na de woestijn
een herkenbare weg

als ik mijn schrift
ooit niet meer aanleng
zal er dan een beeld zijn
waar mijn ziel zich
weer opnieuw in grift

of zal het laatste 
mij eeuwig naken
een nog verdere vulling
van mijn testament wraken

soms, kijk ik willoos
in het veranderlijke
en ervaar de sfeer
van het vergankelijke
in hedendaags zijn

zal ik opnieuw opstaan
in de ouderdom, maar
als immer in aanvang
kinderlijk klein

of is de lucht open
mijn dracht verlopen
en slijtage niet meer telt

natuurlijk is het zo
dat allengs mijn rug
naar dichterbij helt,
waar het aangezicht eeuwig
wordt verlicht, 
mijn tijd verlopen is
en enkel de laatste liefde nog geldt

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 16:50

Liefde

liefde klinkt 
als verleden tijd

ook is het wezen 
in onbegrip, 
aards uitgedijd

het echoot ooit 
in holle frasen
over een droge lip

waar is de tijd
dat we eenvoudigweg
in ogen lazen
en men woorden mijdt

of enkel de hand reikt
en warmte schenkt
in wederkerigheid

*

"ik ben voor jou lief, 
als een vlinder die
in alle tederheid
op struiken neerstrijkt"




Liebe

Liebe hört sich
altmodisch an

sie ist wesentlich
in Unverständlichkeit,
irdisch aufgebläht

wie ein Echo
in jeder Rhetorik
auf trockenen Lippen

wo ist die Zeit
daß wir einfach
in Augen lesen
und man Worte vermeidet

oder nur die Hand greift
und Wärme gibt
in Weckselseitigkeit

*
“Ich habe dich also lieb” : 
wenn ein Schmetterling
mit all der Zärtlichkeit
auf Büschen sich niederläßt

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 16:49

winter

ín de winter, 
die vaak grijs is gemutst
zoek ik de romantiek
van de witte koude
draag dat nog bij me
als jeugd en verte,
ik aan verlangen bouwde

al gaat dat werkelijk voorbij,
niet tegen te houden,
het vertelt nog van toekomst
dat moest ook wel

toenmalig vriezen,
ver onder nul,
als ik de schaatsten onderbond
dwong mij wel die richting kiezen

de tijd van de kolenkit
buiten vullen in de vries
op sloffen, nog geruit

de drogende was
rondom de warmtebron
de ketel met die
flutterige fluit

je wist niet beter
het was de zon
waar je een soort 
van moed vond

nu draai ik aan een knop
met onzichtbare lont.

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 16:48

verlaten

soms is mijn aarde
niet groter dan twee voeten
en mijn hoofd het heelal

anderen zijn de schimmen
die onaantastbaar wroeten;
innerlijke duivels die de schaduw
in mij willen beminnen,
en al doende licht doen dimmen

dan heb ik weer echt weet
hoe naakt ik staar naar dromen;
en dat ik enkel door te sterven
bij jou, de onzichtbare
andere mens kan komen

dat ik de dageraad
opnieuw zal kunnen erven
en ontspruitende hoop 
weer in mij mag wonen

*

ik ruik dan opnieuw jouw geur
en proef de lippen van het zachte woord
aanschouw mijzelf in mijn eigen kleur:
de ziel welke mij toebehoort



Die Verlassenheit

manchmal ist meine Welt
nicht größer als zwei Füße
und mein Kopf das Universum 

die anderen sind Phantome
die unantastbar wühlen:
innere Teufel die die Schatten
in mir lieben wollen
und so das Licht abblenden 

dann weiß ich wieder genau
wie ich auf nackte Träume starre;
und ich nur durch das Sterben
zu dir, dem unsichtbaren
anderen Mensch kommen kann

daß ich die Morgenröte
wieder erben
und sprießende Hoffnung
auf’s neu bei mir wohne darf

*
ich rieche dann deinen Duft 
und schmecke die Lippen 
des weichen Wortes
sehe mich in meiner eigenen Farbe:
die Seele, die zu mir gehört

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 16:47

Vertoeven

als ik zo in de nacht vertoef
en even achterom wil zien
ervaar ik het licht en tegenlicht
de adem waar ik me van bedien
vloeit over helder zicht
maar ook de zwaarte
waarvoor een mens haast zwicht

ik zou zo graag willen,
ook door mijzelf te verstillen,
jou bevrijden van zwijgende 
doch knagende last
wat het hart doet verkillen
en de zon doopt in smart

zie mijn glimlach
door de nevel heen
en mijn ziel u schouwen
het legt de band
als bij getrouwen
in een veilig land:
waarop men liefde 
mag verbouwen

oh, ik mens
op houten botten
hoe moeilijk is het buigen
om vruchten te rapen,
zacht gemoed op te zuigen,
jouw sterven te beknotten

toch heb ik weet
vraag niet hoe het is
wat de hemel meet
het schijnt aan overgave gepaard
doelend op gemis
die ieder ooit baart

met jou pluk ik bloemen
aan het seizoen eigen
het zal de tijden aan elkander rijgen
waarna een morgen op zal doemen
en ik je mag dragen
om de stap naar de andere oever,
teder en in alle rust te wagen

dan, mijn lief
open de ogen
en luister naar het zachte
in het hart aanwezig

ruik dan de rode rozen
die weet hebben van wachten



VERWEILEN

wenn ich so in der Nacht verweile
und kurz umsehen möchte
empfinde ich das Licht 
vor und hinter mir,
der Atem, der mich betreut
erlaubt eine klare Sicht
aber auch die Schwere
wovor ein Mensch fast weicht

ich möchte so gerne,
auch durch michselbst 
verstummend, dich erlösen 
von schweigender, 
quälender Last
die das Herz erkaltet
und die Sonne in Schmerz

ich sehe mein Lächeln
durch den Nebel und 
meine Seele ihnen erschauen
es legt die Bindung
wie bei Getreuern
in einem geschütztem Land
auf der man Liebe züchten darf

ach, 
ich, Mensch aus Fleisch und Blut
schwierig ist das Beugen
Früchte auf zu heben,
sich mit sanftem Gemüt zu lutschen,
auf’s Sterben zu beschränken

doch weiss ich genau,
frage nicht wie es ist,
was der Himmel meint;
die Ergebung erweist 
gepaart mit Verlust
der jedem zufällt

mit dir pflücke ich Blümen,
der Jahreszeit eigen,
es wird die Zeiten reihen
worauf ein Morgen aufdämmern wird
und ich dich tragen darf
damit ich den Schritt 
nach anderem Uffer, zärtlich 
und in aller Ruhe wage

dann, meine Liebe
öffne die Augen
und höre das Sanfte 
im Herz getragen 

rieche dann die roten Rosen
welche immer von Warten wissen

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 16:45

Horizon

de glazen waardoor ik zie
spiegelen mijn ziel
in de avond soms aangeslagen
door het stof van de dag
er wordt soms veel aangedragen
waarvoor ik in gedachten kniel

ik ben dan klein
de ander vaak sterk of groot
kwetsbaar ben ik dan,
neen,
niet geheel uit het lood

ook zijn er dagen
dat ik zonder vragen
aan zoete druiven proef
talrijk in getal, zoals men dat duidt
nog in bloei en aan hemelse ranken
warmte dampt dan uit mijn huid
onzichtbaar voor de ander,
soms trilt het zelfs uit mijn flanken

veel wat er is, echter
ontkomt aan mijn ogen
of doven zelfs mijn oren
te groot zijn soms de regenbogen
te ver, die ik wil bekoren

de glazen waardoor ik zie
spiegelen het beeld
die ik ben, 
en ja,
rijkelijk gevuld
met iemand die zichzelf duldt

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 16:44

Het naakte kleden

aan je frêle lijf, rondom
zijn bladeren geplakt
zij hechten aan de huid
het is vel dat pakt

of van binnenuit
jouw geur die snuift
of de wind
zomaar van zelve
en woordeloos
in jouw richting wuift

om je borsten
te kleden met
gevallen groen
of een kleur aanbiedt
al verder dan rood
dat je lippen doet krullen
wachtend op een stille zoen

je hand, uitgestrekt
roepend
vragend
doorheen het geritsel
wagend
kom, kleedt mij
mijn uitdagend naakt
is voor elk vrij

daarna zal je langzaam
de bomen groeten
met tedere
winterkussen
en omhelzen
om ze liefhebbend traag
in hun komende
winterslaap te sussen

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 16:44

Memoire

in een memoire
laat het leven je voorbij varen
langs aanlegplaatsen van weleer

soms ver in de verte terug
wil ik de weg van mijn geest verklaren
keer op keer zoekend naar de sfeer
en markante jaren
verborgen als het ware 
of zijnde achter de rug

door de glazen van heden
wordt nog steeds veel gemeden
de ziel doorsneden
opgeroepen in diffuus licht
waar soms oude deuren zijn gedicht
voor het opgestapeld gewicht

ik zie om me heen
en telkens neem ik steeds beter waar
herken ik in jou
zonder dat ik nog in de verte staar
dat dan ook niemand is ontkomen
aan het onvolmaakte en de voldongen rouw

maar zeker ook bloemen heeft zien bloeien
in liefde, 
in een glimlach of gebaar van die ander, jou 
waarvan de warmte het liefst blijvend
naar ons innerlijk wil vloeien
in eeuwige kwetsbare verwachting
zo is de mens, 
immer op zoek naar ware achting

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 16:43

Meer van Julius Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 8

↑ Terug naar de berichten