Porsche 911 1968



Porsche 911 1968
Porsche 356 C Coupe 1964
Porsche 356 C Cabriolet 1964
Porsche 550 Spyder.. 1956
Porsche 550 Spyder 1956
Škoda 1201 Rapid 1957
Škoda 1201...1957
Fiat 1400 B 1956
Cadillac Eldorado 1956
Cadillac LaSalle II 1955
Sunbeam Alpine 1959
Sunbeam Alpine 1959
Honda S500 1963

Honda S500 1963
Twee vernuftige auto-ontwerpen zagen in 1962 het levenslicht: een formule 1-wagen met dwarsgeplaatste v12-motor van 1,5 liter en een zeer kleine sportwagen met een totale lengte van 330 cm. De viercilinder 354 cc. motor was een regelrechte race-motor met 4 carburateurs en 2 bovenliggende nokkenassen. het vermogen was 33 pk. bij 9000 toeren per minuut! De onafhankelijk geveerde wagen werd via kettingen op de achterwielen aangedreven. De opvolger was voorzien van een grotere motor en kreeg als type-aanduiding S500 mee. De productie kwam in 1963 op gang.
Verbeteringen bleven niet uit en in hetzelfde jaar werd de S600 de opvolger
Austin Healey 100-Six 1957
Austin Healey 1959
Trabant P70 Coupe... 1958
Trabant P70 Coupe 1958
Nsu Coupe Sport Prinz 1965
Nsu Prinz 4.... 1961

Nsu Prinz 4.... 1961
Het Duitse NSU heeft heel lang en heel goed nagedacht om een klein autootje op de markt te brengen en er werd geëxperimenteerd met zowel drie- als vierwielers, als met verschillende motoren. Uiteindelijk werd het de Prinz die in 1958 debuteerde. Het minuscule tweedeurs wagentje bood met een beetje fantasie plaats aan vier personen en hield dan nog aardig wat ruimte over. Voorin, want de tweecilinder van 538 cc was achterin gemonteerd. Met twintig pk moest een top van ruim 100 km/h te halen zijn, maar de brochure rept geen woord over het aantal personen dat op dat moment in de Prinz zitten. Dat er toch nog wat te verbeteren viel, bleek wel uit de snelle opeenvolging van vernieuwde versies: de Prinz I, II, II en tenslotte de Prinz 30 (die had 30 pk), waren vier jaar na de introductie allemaal al een feit. Tegen die tijd stond de Prinz IV al klaar en dat was voor het eerst een compleet andere auto. Deze was op de eerste plaats een stuk ruimer, en moderner bovendien. Onderhuids trof je nog altijd de tweecilinder, die inmiddels 598 cc cilinderinhoud had en een top van 120 mogelijk maakte. De draaicirkel was opvallend klein en een ander opmerkelijke kenmerk was de luchtvering op de achteras – Prinzair genaamd. De Prinz IV deed het opvallend beter dan zijn voorgangers, want er werden er tot en met 1973 ruim 576.000 van gebouwd, terwijl de teller bij de voorgangers op 94.549 was blijven haken. De fraaiste variant – de Sport-Prinz – hebben we dan nog niet meegerekend. Deze coupé met sterk aflopende daklijn was getekend door carrosserie Bertone en werd daar in eerste instantie ook gebouwd. Toen bleek dat dat ook bij de firma Drauss in eigen land gedaan kon worden, besloot NSU de productie van het coupeetje daar naar te verplaatsen. Tussen 1959 en 1967 werden er 20.831 NSU’s Sport-Prinz gemaakt.
Nsu Spider 1964

Nsu Spider 1964
De Wankelmotor van 115 pk was zeer ongewoon.
De NSU Spider was in 1963 de eerste die hem kreeg en er waren nog heel wat problemen mee.
De NSU Spider was de eerste auto ter wereld die seriematig werd uitgerust met een Wankelmotor.
Triumph TR2 Roadster1954

Triumph TR2 Roadster1954
In 1952 stond de Triumph TR2 op de London Motor Show, en kon daar op een stevige publieke belangstelling rekenen. In de zomer daarop ging hij effectief in produktie.
Het was een typische Engelse sportwagen, met de nadruk op ‘sport’, dus zeker niet overladen met luxe en comfort, hij had geen deurkrukken, geen echte zijraampjes en de kap bood weinig bescherming tegen de natuurelementen.
Wat volgens Triumph voor een sportwagen van belang was, was de motor en de sportieve ophanging en wegligging. De motor kwam uit de Standard Vanguard en de ophanging van de Triumph Mayflower.
Dus werd de TR2 aangedreven door een 4 cilinder 2 liter motor, uitgerust met 2 carburatoren, die een maximum 90 pk leverde bij 4.300 toeren per minuut. De TR2 was voor zijn tijd een fantastische rally- en koerswagen want het type kon beslag leggen op de 1e, 2e en 3e plaats in de RAC-rally in 1954 en behaalde de voor die tijd memorabele record van 125 miles per uur op de, voor die gelegenheid afgesloten, autostrade te Jabbeke.