Pitten
Pitten
M ‘Weet je nog Frans hoe we in de boomgaard van Jef Spiers aan de kersen zaten . Van die dikke blauwe. Lekker zoete.’
F ‘ En of ik dat nog weet. We trokken onze zakken vol. Mijn moeder heeft zich nog kwaad gemaakt omdat mijn broek vol vlekken zat. Zelfs met Sunlight-zeep* kreeg zij ze niet proper.’ (*uitgesproken als zunlicht )
M ‘Het zou nu niet meer kunnen. De mensen zijn niet verdraagzaam meer . Ze zouden er direct de politie bijhalen .’
F ‘ Ja dat denk ik ook. ‘
M ‘ Wij mochten gelukkig toch veel hé . Ik zie ons nog aan de groenvijver zitten met onze kersen geteld en verdeeld in twee hoopjes naast ons . Klaar om de pitten om het verste in het water te spuwen. Jij won altijd . Maar jij hebt altijd al een grote mond gehad hé Frans ! J
F ‘ Dat kan Mizarke , maar ik had ook meer pit hé ! .‘ J J
M J J
Uit mizars gesprekken .

