Littekens op een stierenhuid Net zoals de Vlamingen streven de Basken naar onafhankelijkheid. Hier is een deel van hun verhaal.
01-10-2009
Aandacht
1 oktober 2009
Dit is het laatste bericht van deze weblog. De berichten worden vanaf 1 oktober 2009 vervangen door wekelijkse nieuwsbrieven. Om de wekelijkse nieuwsbrieven te kunnen ontvangen, is het noodzakelijk om u aan te melden: zie NIEUWSBRIEF.
De PSOE rechtvaardigt zijn beslissing om Guardia Civil Generaal Rodríguez Galindo vrij te laten. Ex – Minister, Barrionuevo, die zélf in de gevangenis terecht kwam voor daden van Staatsterrorisme van GAL in de periode Felipe Gonzalez (voor de ontvoering van de intussen overleden Segundo Marey) bezocht eerder deze week het bureau van de huidige Staatssecretaris voor de Veiligheid, om er te bemiddelen. Ook de voorganger op Staatsveiligheid, Rafael Vera die eveneens veroordeeld werd (in de Zaak Segundo Marey) doet zijn duit in het zakje door te zeggen dat hij tevreden is over de vrijlating van Galindo, maar hij voegt er aan toe dat het hem spijt dat hij vrijkwam "om gezondheidsredenen". Van enige schaamte hebben ze nog steeds geen last. Voor hen bestaat er een goed en een slecht terrorisme.
In juni van het vorig jaar besliste de Cortes in Madrid (met de stemmen van de PP en de PSOE) om de maximum gevangenisstraf te verlengen tot 40 jaar en de voorwaarden te verzwaren om het derde graadsgevangenisregime te bekomen! Maar dat was niet voor hun eigen terroristen!
Joan Puig, woordvoerder voor de Catalaanse Republikeinen, ERC, klaagt aan dat eerder de vervroegde vrijlating geweigerd werd aan gevangenen die doodziek waren, maar dat dit nu wel gebeurt voor mensen die actief deelnamen aan de Vuile Oorlog.
De PP blijft op de vlakte maar verklaart, bij monde van de "politieke reus" uit Navarra, Jaime Ignacio del Burgo, dat ze de beslissing "respecteren".
Jone Goirizelaia, parlementslid van de partij Batasuna die jarenlang "de politieke vleugel van ETA" werd genoemd, zegt nu dat "de PSOE de politieke vleugel van de staatsterroristen van GAL" is.
Bij aankomst van de stoffelijke resten van Hodei Galarraga in Orereta bakte de "Baskische" politie het weer bruin. De mensen die hun opwachting maakten werden tegen gehouden en hun materiaal (txalaparta, megafoon, foto van de overledene, vlaggen en spandoeken) werden afgenomen. De jongeren moesten hun T-shirts van Jarrai en Segi uittrekken. Een politiehelikopter had de lijkstoet vanuit Bilbao tot in Orereta gevolgd. De polenten konden echter niet beletten dat er leuzen geroepen werden: Herriak ez du barkatuko. Het Volk zal dit niet vergeven. Gudariak dira, ez terroristak. Het waren soldaten, geen terroristen.
Bovendien werd het Lied van de Baskische Soldaat, het Eusko Gudariak Gara gezongen en een Aurresku gedanst waarbij de vader van Galarraga op de txistu speelde.
In de loop van de avond nam de Guardia Civil de "bezetting" van Orereta over van de Ertzaintza.
Op 28 september 1979 werd Tomás Alba, toenmalig raadslid voor Herri Batasuna in Donostia met 2 kogels doodgeschoten toen hij een restaurant in Astigarraga verliet. De aanslag werd later opgeëist door de staatsterroristen van het BVE (Batallon Vasco Español). Er werd toen een rouwkapel geïnstalleerd in het stadhuis, maar daarbij liet de regerende PNV het. Op 28 septrember 2005 werd de aanslag herdacht met het aanbrengen van een gedenkplaat aan de gevel van het restaurant. Dit gebeurde achter de rug van de ex-raadsleden van Batasuna die niet uitgenodigd werden en via de pers op de hoogte raakten. De toenmalige Batasuna-schepen Felix Soto (en de vijf overige verkozen raadsleden) dienden indertijd een motie in waarin aan het stadsbestuur gevraagd werd zich burgerlijke partij te stellen. Dit gebeurde pas na een tweede motie, drie jaar later. De stad benoemde een advocaat van extreem rechtse signatuur die verder niets deed.
De PP bleef afwezig en Maria San Gil, de "Baskische" PP-iste, noemde de herdenking "totaal inopportuun, gratuite en onnodig".
Twee ETA-militanten, Jon Paredes Manot, "Txiki"en Angel Otaegi “Nuarbe” worden, samen met drie FRAP-militanten gefusilleerd. Franco zal kort daarop zélf zijn laatste wind uitblazen, wat een toenmalig journalist deed besluiten dat de Caudillo al moordend stierf. Enkele maanden vóór hijzelf overleed, trakteerde dictator Francisco Franco het Baskische Volk op een laatste lading kogels. Hoewel na het Burgosproces van vijf jaar eerder de doodstraf, uitgesproken tegen zes van de 11 Baskische activisten, werd omgezet, liet Spanje nu 2 ETA-leden (en 3 militanten van FRAP) terechtstellen “om een noodzakelijk voorbeeld te stellen”, aldus Franco. Omdat de beul, José Moreno, uit Sevilla, niet op drie plaatsen tegelijk kon zijn, werd niet gekozen voor wurging (met de wurgpaal ‘garrote’) zoals twee jaar eerder nog het lot was van Salvador Puig Antich, maar voor een vuurpeloton.
Wie er de manier waarop beiden "geëxecuteerd" werden nog eens op na leest, gruwelt nu nog steeds.
“Txiki” weigerde een blinddoek en toen het vuurpeloton klaarstond begon hij het "Lied van de Baskische Soldaat" (Eusko Gudariak Gara) te zingen. Daarop begonnen de "liquideurs" te schieten. Bij de tweede strofe schoten ze gericht op hem. Het was geen salvo, zoals dat hoort, maar de schotenvielen met secondelange tussenperiodes! Het was geen executie, het was moord.
“Nuarbe” werd naar het kerkhof geleid, en bij het binnenkomen riep iemand die achter hem liep: "Otaegi!" Toen hij zich daarop omdraaide, werd hij neergeschoten!
Franco werd toen al een tijd in leven gehouden. De Caudillo stierf dus al moordend, enkele maanden later. -----------------------
AANDACHT
Op 1 oktober 2009 worden de dagelijkse berichten op deze weblog stopgezet en vervangen door een wekelijkse nieuwsbrief. Wie interesse heeft om die nieuwsbrieven te ontvangen, kan zich aanmelden op “NIEUWSBRIEF”.
In Tolosa overleed op zondag, 26 september 1999, Esteban Esteban Nieto (44 j.) ten gevolge van kanker. Tussen 1982 en 1984 was hij lid van het "Commando Ardatza", terwijl hij in 1987 werd gearresteerd als lid van het "Commando Madrid".
Op 7 april 1999 werd hij vrijgelaten wegens de terminale kanker waaraan hij leed, maar 6 maanden later werd hij geveld. Naar aanleiding van die vrijlating verklaarde de magistraat, Eduardo Fungairiño, datde gevangenis en de ziekte compatibelwaren (en Nieto dus infeite niet vrij diende te komen). De wet (artikel 92,3 van het Strafwetboek) voorziet nochtans de voorlopige invrijheidstelling van zwaar zieke en terminale gevangenen.
Eind januari 2007 werd een jongere uit Donostia na het verlaten van haar werk, in een kroeg in Gros, door een achttal onbekenden beetgepakt en geslagen. Zij diende enige tijd opgenomen te worden op de spoeddienst, en ze was een week werkonbekwaam. De Ertzaintza identificeerde de onbekenden alshelden van de Guardia Civil, verbonden aan de kazerne van Intxaurrondo!
Op25 september 2007zaten op het beklaagdenbankje in Donostia niet acht, maar slechts één Guardia Civil! De beklaagde en een getuige (ook Guardia Civil) verklaarden: "dat ze hadden ingegrepen toen het meisje met een ijzeren staaf straatmeubilair stuksloeg". De ene had gezien dat ze op een papiercontainer sloeg, volgens de andere sloeg ze op een auto! Daarna had ze de Guardias willen aanvallen! Bovendien had het meisje hen beledigd met woorden als "piccolo’s", "hoerenzonen" en "txakurras" ("honden", de bijnaam van de Guardia Civil)!
Op de vraag hoe het meisje in godsnaam kon weten dat ze van de Guardia Civil waren, beweerde de beklaagde dat "hun Andalusisch accent" hen wel zal verraden hebben. De beklaagde en de getuigen spraken elkaar tegen toen ze dienden te antwoorden op vragen over de manier waarop ze de bar verlaten hadden en wie de auto bestuurde.
Op vrijdag 24 september vallen er twee nieuwe slachtoffers op het trieste blazoen van de Spaanse ordestrijdkrachten te noteren. Gurutze Yanci, 31 jaar oud, overlijdt één dag na haar arrestatie in de gebouwen van de Guardia Civil te Madrid aan een hartaanval. De 26-jarige ETA-militant Xabier Kalparsora 'Anuk' valt diezelfde dag uit een venster op de tweede verdieping van de Policia Nacional te Bilbo. Hij wordt in kritische toestand overgebracht naar het hospitaal, waar hij twee dagen later aan zijn verwondingen bezwijkt...
Iemand uit het raam werpen om een zelfmoord te insinueren is een oud gebruik bij de politieke politie. Het regime vanPinochet, de Argentijnse militairen en talrijke andere dictators hanteerden deze praktijk regelmatig. Het aantal politieke opposanten wereldwijd dat opgehangen in zijn cel wordt aangetroffen of dat ongelukkiglijk van de trap valt, is niet meer te tellen. We hoeven deze zaken niet steeds ver van ons te gaan zoeken. Wat Frankrijk met het FLN in Algerije deed, Groot-Brittannië met het IRA doet en ook Spanje met de ETA, is een totalitair regime waardig.
De Baskische 'gematigde' nationalistische partijen PNV en EA geven de politiefolteraars “carte blanche” voor hun smerige praktijken, door in een anti-ETA-betoging op te stappen en zo alle schuld voor het geweld in Baskenland uitsluitend bij ETA te leggen.
Anti-hoestmiddel
Gurutze Yanci wordt in de ochtend van 23 september 1993 door de Guardia Civil aangehouden. Haar man onderging twee dagen eerder hetzelfde lot. Hij werd ervan beschuldigd hulp te hebben geboden aan het twee jaar voordien opgerolde ETA-commandoDonostia. Ook zij wordt naar het hoofdkwartier van de Guardia Civil te Madrid overgebracht. Rond 1 uur 's nachts klaagt zij bij haar bewakers over een hevige, snoerende pijn in de borstkas. Dezen bellen naar een wetsdokter die telefonisch een antihoestmiddel (!) voorschrijft. Zowat twee uur later bevindt Gurutze zich in een dergelijke kritieke toestand, dat de cipiers besluiten haar onmiddellijk naar het ziekenhuis over te brengen. Zij zal dit niet levend bereiken.
Haar familie krijgt de volgende dag een kort telegram, waarin droog en zakelijk haar overlijden wordt meegedeeld. Haar man wordt twee dagen later zonder inbeschuldigingstelling vrijgelaten en verneemt pas dan, van een Guardia Civil, de dood van zijn echtgenote.
Hij verklaart gedurende zijn gevangenschap zijn echtgenote te hebben zien voorbijkomen. Verscheidene keren heeft hij haar horen schreeuwen. Hij heeft haar tevens weten wegvoeren in een rolstoel.
Het officiële autopsieverslag geeft hartstilstand na een epilepsieaanval veroorzaakt door angst of stress, als doodsoorzaak op. Over heel het lichaam van Gurutze zijn hematomen waarneembaar, in de hersenen zijn kleine, maar significante bloedingen te zien.
Gurutze is overleden door de terreur die haar arrestatie voor haar betekende. Naar alle waarschijnlijkheid werd ze zwaar aangepakt door de Guardia Civil. Bovendien beging de wetsdokter een zware beroepsfout door haar niet persoonlijk te komen onderzoeken, maar haar telefonisch een banaal geneesmiddel voor te schrijven. Maar ja, wie komt er nu uit zijn bed voor een terroriste?
Alle 15 personen die samen Gurutze Yanci werden aangehouden en naar het hoofdkwartier van de Guardia Civil te Madrid werden overgebracht, verklaarden later aan hun advocaten zwaar te zijn gefolterd: onderdompeling in een waterbad, elektroden, plastiek zakken over het hoofd, enz. De in Baskenland gekende praktijken dus.
Meer vragen dan antwoorden
De dood van Xabier Kalparsoro “Anuk” roept mogelijk nog meer vragen op. Zo beweert de officiële versie dat 'Anuk' zelf uit een openstaand raam sprong. Hij was op dat ogenblik niet geboeid en slechts in het bijzijn van één politieagent. Dit is toch wel een zeer eigenaardige bewaking van een gevaarlijke ETA-militant.
Al snel na het overlijden van 'Anuk' rijzen er vermoedens dat hij al vóór 23 september door deErtzaintza(Baskische politie) was aangehouden. Een communiqué van ETA bevestigt dit. Enkele dagen later publiceert ETA een brief van Xabier aan de organisatie dd. 10 september 1993, waarin hij zegt eind augustus door de autonome politie te zijn gearresteerd. Hij schrijft: "Ze hebben me opgepakt, gedrogeerd, gehypnotiseerd, gehersenspoeld. Ze hebben me gebruikt en ze doen het nog steeds". Het is een compleet raadsel wanneer en waarom de politie hem heeft vrijgelaten. Feit is dat hij bij zijn arrestatie door de gemeentepolitie van Durango totaal gedesoriënteerd was. Ook zijn brief aan ETA bevat enkele passages die geen steek houden.
Alle officiële instanties alsook de autonome politie weigerden te reageren op deze brief van Anuk. Een onderzoek is aan de gang, maar het is zonder meer duidelijk dat er een kwalijk reukje aan deze zaak zit. In een volgendeMeervoudhopen we u meer nieuws te kunnen brengen.
“Meervoud”, nr. 5, december 1993, artikel geschreven door Geert Orbie.
----------------------
AANDACHT
Op 1 oktober 2009 worden de dagelijkse berichten op deze weblog stopgezet en vervangen door een wekelijkse nieuwsbrief. Wie interesse heeft om die nieuwsbrieven te ontvangen, kan zich aanmelden op “NIEUWSBRIEF”.
Het Europees Comité ter Verhindering van de Foltering en de Onmenselijke Behandeling
23 september 2001
Het « Comité para la Prevención de la Tortura y los Tratos Inhumanos y Degradantes del Consejo de Europa » (CPT) oftewel « Het Europees Comité ter Verhindering van de Foltering en de Onmenselijke Behandeling » bereidt een nieuw onderzoek voor nadat ze gesproken hebben met acht Baskische burgers die zich beklaagden over de foltering tegen hen toen ze in handen waren van de FSE (Spaanse strijdkrachten).De delegatie, bestaat uit de Kroatische gerechtelijke arts, Davor Strinovic en de Zwitserse psychiater, Gisela Perren-Klingler, bijgestaan door de expert mensenrechten, Mark Kelly en de vertegenwoordiger van het secretariaat van het comité, Jan Malinowski. Ze bezochten de voorbije maand juli verschillende Spaanse gevangenissen en hoorden de directe getuigenissen van de 8 Basken. TAT (Torturaren Aurkako Taldea) bevestigt dat 5 van de acht, waaronder Iratxe Sorzabal, die op dat ogenblik (na 5 maanden) nog sporen van tortuur vertoonde, vrijgelaten werden: Iratxe Sorzabal, Lierna Armandariz, Eider Pérez, Nerea Garro en Harriet Iragi. Het Comité sprak ook met de Staatssecretaris voor Veiligheid, Pedro Morenés en met hoge functionarissen van Binnenlandse Zaken. Bij een gelijkaardig onderzoek, n.a.v. de foltering van Josu Arkauz in 1997 werd de Franse Staat veroordeeld wegens het uitleveren van Arkauz aan de Guardia Civil omdat geen enkele persoon mag uitgewezen worden aan een Staat waar motieven aanwezig zijn dat foltering mogelijk is.
Het comité sprak zijn bezorgdheid uit over de situatie waarin de arrestant zich bevindt gedurende het regime van afzondering en gaf de Spaanse regering adviezen in verband hiermee: maximum 48 uren in afzondering, pro deo advocaat vanaf de arrestatie, onderzoek door een tweede geneesheer, codex over het gedrag bij de ondervraging, etc…
Er zijn nieuwsberichten die zó schandalig zijn dat er amper commentaar bij nodig is. Wat vindt de lezer van dit. Onder de titel: "Stelen en verkrachten met een tricornio op het hoofd is geen delict", verscheen op 22 september 2001 volgend bericht:
“In Barcelona werd een lid van de Guardia Civil, de paramilitairen, die het merkwaardige hoofddeksel, de tricornio, dragen, veroordeeld wegens roof, gijzeling van de familie en verkrachting van de vrouw. De rechter meende echter dat ‘een dienaar van de vrede en de veiligheid’ niet opgesloten kon worden”.
Is een misdrijf nu net niet zwaarder in plaats van lichter als het gepleegd wordt door een dienaar van de Staat? Als een Guardia Civil een delict pleegt en een lid van de rechterlijke macht beslist hem niet achter de tralies te stoppen, dan zal de volgende stap zijn dat wetgevende macht door middel van een decreetwet voorschrijft dat een verkrachting die gepleegd wordt met een tricornio geen delict is.
De Spaanse Regering trekt op 21 september 1999 de beslissing van de Guardia Civil terug waarbij de luitenant-kolonel van het korps, Félix Hernando Martín, het Kruis van Verdienste kreeg voor bewezen diensten en zijn onberispelijke ("intachable") levenswandel. Hernando werd in verband gebracht met twee onderzoeken i.v.m. de staatsterroristen van het doodseskader GAL, waarin hij beschuldigd werd koffers geld naar Zwitserland te hebben overgebracht om José Amedo en Michel Domínguez te betalen. Verder werd hij in verband gebracht met de aanslag op hotel “MonBar” in Bayonne waarbij vier personen het leven verloren. In de Zaak Segundo Marey, waarin hij eveneens genoemd werd, ging hij uiteindelijk vrijuit. -------------------------
AANDACHT
Op 1 oktober 2009 worden de dagelijkse berichten op deze weblog stopgezet en vervangen door een wekelijkse nieuwsbrief. Wie interesse heeft om die nieuwsbrieven te ontvangen, kan zich aanmelden op “NIEUWSBRIEF”.
In het dorp Artozki (Navarra) proberen actievoerders voor de vierde opeenvolgende dag te beletten dat het dorp met de grond gelijk gemaakt wordt ten gevolge van de bouw van de stuwdam van Itoitz. Ze krijgen te doen met een overmacht aan politiemannen en Guardia Civiles, maar houden nog even stand.
Als je bedenkt hoe Basken aan hun "Etxea" (huis) gehecht zijn, begrijp je pas welk drama hier gaande is. In de dorpen worden de mensen niet bij familienaam maar bij de naam van hun huis genoemd! Voeg daarbij de massa familienamen die beginnen met "Etxe-" "Etse" of de oude vorm "Eche" en alle afleidingen daarvan:
Etxeberria ("Van het nieuwe huis"), Etxebeste ("van het andere huis"), Echamendi ("op de berg") Echenagusi ("van de baas")
Of die eindigen op "-chea", "-txe": Ibarretxe ("bij de vruchtbare grond"), Abadechea ("van de pastoor"), Goikoetxea ("het hoogste huis, op de berg")
Touwtrekken (Sokatira) is in Baskenland een geliefde sport, ook voor niet-politici. Het past gewoon in de krachtpatserij die in vele traditionele Baskische sporten aanwezig is: houthakken (Aizkolaritza), roeien (Traineras), stenen tillen, trekken en dragen (Txingas).
De touwtrekkers van Nuarbe en Areso weigeren aan de Europese kampioenschappen deel te nemen omdat ze de Spaanse vlag niet willen dragen, en niet stram willen staan bij het spelen van la Marcha Real.
Bautista Barandalla Iriarte(42 jaar) werd op 18 september 1990 gearresteerd en verblijft momenteel in de gevangenis van Iruña. Hij lijdt aancolitis ultraulcerosa (een zware en ernstige vorm van darmontsteking en bijzonder pijnlijk). Door de vele operaties, wegens gebrek aan adequate behandeling, is hij al een groot deel van de 12-vingerige darm kwijtgespeeld. Hij lijdt ook nog aan ulcera péptico (ettergezwellen), espondilitis anquilosante (verlammende wervelontsteking) en sacroilitis aan beide zijden (dit is een ontsteking van het sacroiliacaal gewricht van het bekken). Hoewelartikel 92,3van het Strafwetboek voorziet in de voorlopige invrijheidstelling van zwaar zieke gevangenen, zit Barandalla nog altijd in de cel.
Op 16 juni 2009 laat de Pro-Amnestiebeweging weten dat de Baskische politieke gevangene Bautista Barandalla in vrijheid gesteld werd, maar onder juridisch toezicht. Zeven jaar hebben de autoriteiten er over gedaan om in te zien dat Barandalla ongeneeslijk ziek is. Hij vertoeft momenteel weliswaar niet meer in de gevangenis, maar vrij is hij ook niet. Hij staat dus onder juridische controle, moet een elektronische enkelband dragen en is beperkt in zijn bewegingsvrijheid: hij moet een strikt uurrooster volgen en mag zich niet buiten een beperkt aantal plaatsen begeven.
-------------------------------------------
AANDACHT
Op 1 oktober 2009 worden de dagelijkse berichten op deze weblog stopgezet en vervangen door een wekelijkse nieuwsbrief. Wie interesse heeft om die nieuwsbrieven te ontvangen, kan zich aanmelden op “NIEUWSBRIEF”.
Op 17 september ll. reed een Vlaamse schriftgeleerde, met een Belgische nummerplaat vanuit Madrid richting Burgos. Bij een wegomlegging ten gevolge van wegwerkzaamheden diende hij even de juiste route te vragen aan een Samaritaanse ouderling. Op hetzelfde ogenblik passeerde een jongrtr. Hij was iets "ouder" dan 20 jaar. Hij zag op de auto van de Vlaming een sticker die wel eens de EENHEID VAN SPANJE IN GEVAAR kon brengen. Het gaat om de sticker die vele jaren geleden werd uitgegeven door het Vlaams steuncomité voor Baskische scholen, "Flandriatik ikastolentzat" - "Vlaanderen voor de Ikastola’s" Op de ene helft staat de Baskische vlag met erboven het woord "EUSKADI" en beneden het woord "VLAANDEREN". Op de andere helft staat een Vlaamse Leeuw met erboven "om van te houden" en eronder hetzelfde in het Baskisch: "maitatzeko". Meteen begon de kerel te roepen op de Vlaming: "Jij bent van Herri Batasuna! Jij bent van Herri Batasuna!", en daarbij zwaaide hij met zijn beide vuisten! De jongere raakte door het dolle heen en bij het wegrijden zoefde een dikke kei door het openstaande rechterraam rakelings voorbij het hoofd van de Vlaming en kwam tegen de binnenkant van de linkerdeur terecht!
De Vlaming die het slachtoffer werd van deze agressie was onze goede vriend Ludo Docx. De man die hem aanviel was hoogstwaarschijnlijk een lezer van de Spaanse desinformatiemedia! Zijn hele jonge leven vernam hij dat "alle Basken van ETA" zijn. Ludo Docx schreef een open brief naar de kranten ABC, El Mundo en La Razón en naar radio COPE, van het Spaanse "nationaal katholicisme", die elke morgen zijn neofascistisch zaad over de dorre Spaanse akkers strooit.
Oier Gorosabel en Pablo Girón, twee arrestanten worden op 16 september 2002 beschuldigd van "aanslag tegen de Ertaintza", "weerstand", "verstoring van de openbare orde” en "verdediging van het terrorisme"!
Tijdens een vredelievende protestmanifestatie, ten gunste van vluchtelingen, te Bilboa op 14 september 2002, ingericht door het internetforum “Diáspora Vasca”, hadden de twee zich als protest uitgekleed en post gevat voor de Ertzaintza, om te verhinderen dat er zou gechargeerd worden. Zij hadden nooit gedacht dat ze met gebroken ribben en bloeduitstortingen voor verscheidene weken in de cel zouden belanden, in afwachting van een proces.
Op 1 oktober 2009 worden de dagelijkse berichten op deze weblog stopgezet en vervangen door een wekelijkse nieuwsbrief. Wie interesse heeft om die nieuwsbrieven te ontvangen, kan zich aanmelden op “NIEUWSBRIEF”.
In de "Operatie Guardia Civil" die op 24 augustus 2001 van start ging waren ook Raúl Vallinas, Aitor, Durán, Sendoa Domínguez en Iván Ortigosa betrokken. Hun getuigenis lijkt op die van de meeste andere arrestanten.
Hoewel het viertal op dit ogenblik op borgtocht vrij is, blijven de klachten voortduren: ze kunnen de slaap niet vatten, blijven last hebben van hoofdpijn, blijven de pijnkreten van de arrestanten horen en worden opgeschrikt bij elk geluid.
Raúl Vallinas: “Op 4 september begonnen ze de deur in te beuken terwijl ik sliep. Ze sleepten mijn moeder het huis uit en ik moest elke kast open doen waarbij ze zich opstelden alsof daar iemand uit zou komen. Toen werd ik geboeid en begon de huiszoeking. In de auto begonnen ze me meteen en zonder ophouden te slaan met de vlakke hand en met de vuisten waarbij ze me verzekerden dat het antwoord "ik weet het niet" niet zou volstaan. In de gevangenis hoorde ik de kreten van anderen en bleven ze me op het hoofd slaan met een telefoonboek. Ik moest me uitkleden en ze verplichten me kniebuigingen te maken. Daarna maakten ze me nat met water en brachten de elektroden bij mijn oren zodat ik het geluid kon horen van wat mij te wachten stond. Ik kreeg de elektroden aan de oren en aan de armen aangebracht. Ze trokken verscheidene keren de plastic zak over mijn hoofd tot ik misselijk werd. Het zicht werd wazig en ik zag de slagen slechts in een schim aankomen. Ook werd ik seksueel vernederd en werden bedreigingen geuit tegen mijn familieleden en vrienden. Ze wreven met het telefoonboek tussen mijn benen terwijl ze illusies maakten over GAL, mijn ouders en mijn vriendin.”
Ivan Ortigosa: Op 4 september om 2.30 u. ’s nachts werd hij van het bed gelicht en de behandeling bij de politie gedurende de 3 dagen in afzondering was brutaal. “Ik werd zonder ophouden geslagen en ze dreigden ermee dat het allemaal erger zou worden als ik niet zou spreken. Ik moest me uitkleden en kniebuigingen maken met de plastic zak over het hoofd. Ik viel verschillende keren en moest drie keren overgeven. Ik kreeg twee keer de elektroden aangebracht in de lies (!?) en de arm. Ze uitten doodsbedreigingen aan mijn familieleden en vrienden en tegen mijzelf zeiden ze dat ze me een paar kogels gingen verkopen. Ik zat fysiek en psychologisch zó aan de grond dat ik zei dat ze dat dan maar moesten doen. Ik kon de bewegingen van mijn oogleden niet meer controleren en verloor het gevoel in mijn benen.”
Sendoa Domínguez werd in dezelfde nacht als Iván Ortigosa gearresteerd in het huis van haar ouders. “De hele familie werd in haar ondergoed naar buiten gehaald en mijn vader kreeg een pistool tegen zijn hoofd. Onderweg naar Madrid sloegen ze me ononderbroken tegen het hoofd en ik kreeg verschillende keren de plastic zak over het hoofd. Gedurende de drie dagen afzondering werden mijn ouders eveneens constant bedreigd. Ze bleven tegen me schreeuwen en me op mijn hoofd slaan Als ik niet zei wat ze wilden horen kreeg ik de plastic zak over het hoofd getrokken. Ik moest me uitkleden en kniebuigingen maken tot ik de uitputting nabij was. Op een keer kwamen drie Guardia Civiles binnen en die bleven met de wapenstok op me slaan tot ze niet meer konden. Ik kreeg de elektroden aangebracht en ze bleven me seksueel vernederen. De derde dag lieten ze me met rust, nadat ik het politierapport getekend had. De rechter luisterde niet eens toen ik zei dat ik gefolterd was.”
Aitor Duran werd opgepakt toen hij met zijn vrienden in Lekeitio aan het jaarlijkse dorpsfeest deelnam. Hij werd meteen overgebracht naar het ouderlijk huis in Gasteiz en naar de grootouders in Araia. “Op weg naar Madrid zegden ze dat ik rechtstreeks naar het Hooggerechtshof zou overgebracht worden, maar toch bleven ze me slaan. Op een bepaald ogenblik stopte de auto en zegden ze mij dat ik uit moest stappen omdat ze me gingen neerschieten. Ik werd naakt op de grond gegooid en ze rolden me in verschillende dekens die met plakband werden dichtgeplakt. Ik kreeg slagen op het hoofd met de mond dichtgeplakt. Ik hoorde ook de kreten van andere arrestanten. Dan lieten ze verklaringen horen van mensen die me beschuldigden van deelname aan een actie.
Ik kreeg de elektroden aangebracht en verschillende keren de plastic zak over het hoofd. Ik verloor verscheidene keren bijna het bewustzijn en ik werd op een stoel naar de cel gebracht omdat ik niet kon lopen. Maar ze bleven slaan.
Ze dreigden ermee mijn vriendin te verkrachten en ik kreeg alle mogelijke vernederingen naar het hoofd geslingerd.”
Omdat de mogelijkheden om de Zaak te onderzoeken en uit te klaren in Spanje uitgeput zijn, trekt de "Vereniging van Slachtoffers van de 3demaart" naar de Europese Rechtbank in Straatsburg. De feiten waar het om gaat deden zich voor op 3 maart 1976! Dictator Franco was nog niet eens een jaar dood en Spanje was nog niet ontwaakt uit zijn middeleeuwse droom.
In Vitoria-Gasteiz, de hoofdstad van Baskenland, vond op 3 maart 1976 een drama plaats waarbij, in een periode van syndicale onrust, de politie 3 arbeiders doodschoot. Meer dan 100 personen raakten gewond en daarvan stierven er enkele dagen later nog eens twee. Hét probleem was dat de arbeiders geen rechten hadden, niet móchten staken terwijl het recht op samenkomst of betoging zelfs helemaal niet bestond. Hun eis was soms niet meer dan "Wij willen onderhandelen!" In bepaalde wijken van het burgerlijke Vitoria openden de kerken hun poorten om de arbeiders de gelegenheid te geven te debatteren! Die 3demaart van 1976 lag Vitoria plat. Fabrieken, Scholen, banken en bars bleven leeg. In de bussen zat vrijwel niemand. Door de hele stad trokken groepen arbeiders op weg naar meetings in kerken. Maar ook de politieaanwezigheid begon zichtbaar te worden. Met hun kogelvrije vesten aan. De begrafenissen konden voorbereid worden…
Spoedig vlogen er traangasbommen rond, gevolgd door rubberkogels en toen de arbeiders hun enig wapen bovenhaalden (stenen, barricades en dwars gezette auto’s) begon de politie te schieten en vielen de eerste gewonden. Kort vóór 5 uur waren 4.000 mensen erin gelukt de San Francisco-kerk binnen te raken. Rafael Landín, de "burgerlijke gouverneur" gaf de oproerpolitie het bevel tot ontruiming. De politie begon daarop de kerkramen stuk te schieten en door de gaten traangasgranaten naar binnen te gooien. De deuren werden door de politie versperd. Niemand kon erin noch eruit. De kogels floten in het rond. De mensen die niet binnengeraakt waren probeerden nog even de deuren te ontzetten of vrij te vechten maar de politie schoot op alles wat bewoog. Francisco Aznar, 17 jaar, stierf met een kogel in het achterhoofd! In de daaropvolgende dagen werden meer dan 100 mensen gewoon van de straat gepikt en enkele dagen vastgehouden. Voor de begrafenisplechtigheid, die plaatsvond in de Nieuwe Kathedraal, maakten de strijdkrachten opnieuw hun opwachting. Gelukkig bleven hun provocaties uit. Of waren ze op hun hoede? Meer dan 100.000 mensen overwonnen hun schrik en bedachten de kisten van de overledenen op een klaterend applaus, zoals dat in het Zuiden de gewoonte is. De bisschop van Vitoria werd uitgejouwd en uitgescholden voor "moordenaar".
Op het ogenblik van de feiten was de Minister, verantwoordelijk voor de "ordehandhaving", Manuel Fraga Iribarne, op bezoek in Bonn waar hij "Europa" de democratische wending in Spanje probeerde wijs te maken. Over zijn verantwoordelijkheid bij de gebeurtenissen van 03.03.76 werd nooit gesproken. Het onderzoek was een farce.
Victor Goñi laat op 13 september 2001 zijn aanklacht over folteringen ratificeren. Hij kreeg het zwaar te verduren gedurende de vijf dagen die hij doorbracht in handen van de Spaanse politie, na zijn arrestatie van 7 november 2000. Hij verzekert dat hij in staat is om 16 verantwoordelijke politiemannen te identificeren.
Op 7 november 2000 worden Ainara Esteranz Cruz, Nerea Garro Pérez, Asier Urretavizcaya Merino,Víctor Goñi Martínen Alicia Yagüe gearresteerd te Madrid.
Vanaf het ogenblik dat hij in de auto gesleept was, waren de slagen constant, op de rug en in de maag, trekken aan de haren en slagen met de palm van de hand op de oren. Tijdens vele ondervragingsessies wasVictor Goñivolkomen naakt. Hij moest een erg moeilijke houding blijven aanhouden, terwijl hij voortdurend geslagen werd. Ook werd op een plek tussen de testikels en de anus gedrukt wat een vreselijke pijn veroorzaakte. Met de wreef kreeg hij trappen tegen de testikels. Bovendien dreigden ze hem naar een afgelegen plek te brengen waar ze hem een kogel door het hoofd zouden schieten. Indien hij niet zou verklaren wat zij wilden, zouden ze zijn vriendin verkrachten (die intussen eveneens gearresteerd was.) Hij hoorde het gesnik van zijn vriendin en toen hij in de gevangenis zat, meende hij dit nog steeds te horen. Eén van de politiemannen die hem arresteerden, had hij daarna, op twee verschillende dagen, op tv gezien bij de arrestatie van Harriet Iragi en Jon Solana, terwijl andere agenten op andere dagen door het beeld liepen. Verder verklaarde hij dat de arts van dienst niet de verwondingen vaststelde, doch enkel de bloeddruk kwamen meten.
Victor Goñi laat zijn aanklacht van foltering gedurende de vijf dagen die hij doorbracht in handen van de Spaanse politie na zijn arrestatie van 7 november van vorig jaar ratificeren en verzekert dat hij in staat is 16 verantwoordelijke politiemannen te identificeren.
Het akkoord of het pact van Estella (Lizarrako Akordioain het Euskera), ook wel eens “Acuerdos de Lizarra-Garazi”genoemd, is een akkoord dat op12 september 1998werd ondertekend. In het plaatsje Estella (Lizarra in het Euskara), gelegen in Navarra, werd in het “Casa de Fray Diego”, op initiatief van Herri Batasuna de 3debijeenkomst gehouden in het kader van het “Foro de Irlanda”, het forum over Ierland. Bij die gelegenheid werd een akkoord ondertekend door de Partido Nacionalista Vasco,Herri Batasuna, Eusko Alkartasuna, Ezkerra Batua, ELA/STV, LAB, AB, Batzarre, Zutik, EHNE, ESK-CUIS, STEE-EILAS, Ezker Sindikala, Hiru, Gogoa, Amnistiaren Aldeko Batzordeak, Senideak, Bakea Orain, Elkarri, Egizan, Herria 2000 Eliza, Gernika Batzordea en Autodeterminazioaren Biltzarrak.
Het gemeenschappelijke akkoord stelt nadrukkelijk dat er via onderhandelingen tot een oplossing voor de problemen in het Baskenland moet gekomen worden.
Het heeft niet mogen baten. Op 22 februari 2000 werd het regeerakkoordeenzijdigdoor de PNV opgezegd, als gevolg van een aanslag op de socialistische leider Fernando Buesa.
Op zaterdag11 september 2004werd er in bij de gevangenissen waar Jon Lopez en Diego Ugarte vastzitten in afwachting van hun vrijwel zekere uitlevering naar Spanje een demonstratie door Basken en Belgen gehouden. Er werd een petitie voor hun vrijlating overhandigd aan de gevangenisdirectie, ondertekend door duizenden Basken. Jon Lopez en Diego Ugarte waren sinds 16 augustus 2004 in hongerstaking in de Belgische gevangenissen in Brugge en Bergen, maar hebben intussen beiden de staking opgegeven, nadat ze serieuze gezondheidsproblemen kregen. Ze protesteerden tegen de toepassing van het Europese Aanhoudingsbevel.
Aan de buitenkant van de muren van de Belgische gevangenissen van Brugge en Bergen vonden samenkomsten plaats om Jon López en Diego Ugarte te steunen. De twee Baskische jongeren zitten er sinds 31 maart 2004 gevangen. De deelnemers aan beide acties waren vrijdagavond per bus uit Gasteiz en Basauri vertrokken.
Tientallen personen waren op de afspraak aan de gevangenismuren van Brugge en Bergen om hun steun te betuigen aan Jon López en Diego Ugarte voor wie de uitlevering aan Spanje dreigt. De bus was vrijdag om 20.30 u. uit Gasteiz vertrokken (van waar Ugarte komt) Een uur later werd in Basauri gestopt, de woonplaats van Jon López. Van daaruit begon de lange reis naar de Belgische staat.
De eerste halte werd gehouden aan de buitenmuren van de gevangenis van Brugge waar López in de ziekenboeg verblijft na een hongerstaking die hij op 16 augustus 2004 begon. De deelnemers werden voortdurend omringd door agenten van de Belgische politie die, aldus Askatasuna, de identiteit controleerden van alle deelnemers.
De gevangenisautoriteiten weigerden de handtekeningen in ontvangst te nemen die de vrijlating van de 2 Baskische jongeren eisten.
Dan vertrok de bus naar Bergen waar Diego Ugarte zit. Hij stopte maandag met de hongerstaking na een medisch risico om in coma te vallen. Gedurende de hele rit werd de bus van de actievoerders ‘vergezeld’ door politievoertuigen. In tegenstelling tot wat in Brugge gebeurde traden de verantwoordelijken van Bergen wel in contact met een afvaardiging van de actievoerders. Ook de handtekeningen werden aangenomen.
Op 10 september 1986 wandelde ze met haar zoontje Akaitz door het feestvierende Ordizia, waar ze werd geboren op 14 mei 1954. Zij werd beroemd omdat zij de eerste vrouwelijke dirigente van ETA werd en één van de meest gezochte Etarras.
Yoyes trad toe tot ETA in de jaren 70. Na de moord in 1978 op José Miguel Beñarán Ordeña “Argala”, door de doodseskaders van het BVE-Batallón Vasco Español,nam zij langzamerhand afstand van zijn erfenis: "la línea dura", de harde lijn. Zij verliet ETA in 1980 en ging in ballingschap naar Mexico, waar zij werkzaam was voor de UNO. Op 17 oktober 1985, toen er geen enkele klacht meer tegen haar liep, overwoog zij om naar Euskadi terug te keren. Het is tot op vandaag nog niet helemaal duidelijk waarom Yoyes wilde terugkeren. Bepaalde bronnen spreken van een pact met Txomin Iturbe. Ik wil daarover niet verder uitweiden, omdat deze zaak heel duister is en het niet eens zeker is of dit waarheidsgetrouw is. Wat wel vaststaat, is dat zij ingegaan is op de mogelijkheden van het “Plan de Reinserción Social” (reclassering van spijtoptanten). ETA-m had onmiddellijk op die mogelijkheid gereageerd: “De ‘arrepentimiento’ karakteriseert zich als een modaliteit van politieke collaboratie met de vijand…”
Yoyes was voor veel nationalisten een stap te ver gegaan en ze werd openlijk beschuldigd van verraad (Yoyes traidora).
Op 10 september 1986 wandelde ze met haar zoontje Akaitz door het feestvierende Ordizia. Een paar schoten weerklonken en Yoyes was niet meer. Volgens de processen-verbaal opgesteld t.b.v. het proces werd Antonio López Ruiz “Kubati” aangewezen als dader en Francisco Mujika Garmendia “Pakito” als opdrachtgever.
Op het familiegraf te Ordizia staat op het familiegraf volgende tekst: “Callaron tu voz, no apagarán tu luz. Yoyes maitea” (Ze deden je zwijgen, maar zullen je licht niet doven. Geliefde Yoyes).
Communiqué van ETA
“[…] De zaak Yoyes is illustratief. Terwijl de hachelijke situatie van de vluchtelingen stilaan de pijngrens overschrijdt, terwijl de levenomstandigheden in Iparralde onhoudbaar worden, terwijl GAL frequent onze beste militanten uitmoordt, terwijl arrestaties aan de lopende band gebeuren, terwijl deportaties en uitlevering aan het vijandige Spanje schering en inslag zijn, besluit Yoyes, die een goedbetaald burgerlijk leven leidt in Mexico en een wettelijke verblijfsplaats heeft, in te gaan op het vernederende plan van minister Barrionuevo. Het contrast tussen haar persoonlijke situatie en de rest van de vluchtelingen toont duidelijk haar positie tegenover haar vroegere strijdmakkers aan en haar voorkeur voor de Spaanse machthebbers. Iedereen heeft het recht vrijwillig de organisatie te verlaten, zonder probleem, de enige voorwaarde is dat er niet samengeheuld wordt met de bezetter. Haar houding getuigt van een bewust misprijzen voor hen, in ballingschap, die meer dan ooit en heviger dan ooit moeten lijden […]”
Uittreksel uit: “Zutabe”, nr. 44, november 1986. Opgesteld door “Colectivos Presos de ETA”.
Verschillende slachtoffers van de politierazzia onder radicale Basken klagen de folteringen aan die ze moesten ondergaan.
Unai Romano werd opgenomen in het ziekenhuis. Toch werd hij later overgebracht naar de gevangenis van Soto del Real.
Raúl Vallinas, Aitor Durán, Iván Ortigosa en Sendoa Domínguez zeggen dat hun testikels werden natgemaakt alvorens de elektroden werden aangebracht. Bovendien hoorden ze de kreten van overige gevangenen. Anderen brachten zichzelf verwondingen toe om bevrijd te worden van de folteringen. Na de folteringen werden ze behandeld met ijs en natte doeken om de wonden vlugger te laten helen.
Gestoras klaagt het schuldig verzuim aan van de pers en ze beschuldigen rechter Ruiz Polanco aan de Guardia Civil een blanco cheque gegeven te hebben om Baskische burgers te folteren.
Baltasar Garzón, magistraat bij het Hooggerechtshof, klasseerde gisteren de aanklacht die de organisatie "Slachtoffers van het Terrorisme" (Covite) had ingediend tegen de rockgroep: "Soziedad Alkoholika" wegens: "verheerlijking van het terrorisme” via de tekst van drie van hun nummers.
Volgens Garzón waren de teksten geschreven vóór 22 december 2000, toen "songteksten" hiervoor nog niet in aanmerking kwamen. Hij verklaarde wel dat de nummers "Explota Zero", "Sindrome del Norte", en "Stop Criminalizazio", hard, kritisch en verwerpelijk zijn vanuit sociologisch standpunt maar niet juridisch strafbaar. (Nu kunnen ze dus liedteksten in de gevangenis stoppen…)
De titel van het nummer "Sindrome del Norte" verwijst naar de Spaanse bezettende macht. Toen soldaten met Malaria of ander vreemde ziektes uit de tropen naar huis kwamen, vond de Spaanse bezetter ook iets gelijkaardigs uit. De arme Guardia Civilisten uit het Zuiden die al een hoger bibberloon kregen tijdens hun dienst in Baskenland bleken na hun carrière plots aan een vreemde, psychische ziekte te lijden: "Het syndroom van het Noorden". Ze wisten het zelf niet meteen, maar het bracht een extra zakcent op…
Op een persconferentie in Sabin Etxea, het "moederhuis" van de PNV, verklaart Xabier Arzalluz:
"Ze denken de democratie te verdedigen ten koste van de democratie. Wij lijden onder een uitzonderingstoestand", die door Joseba Egibar vergeleken werden met: "de franquistische dictatuur."
Het vonnis Garzón (verbieden van de politieke partij Batasuna) werd door Arzalluz: "een aaneenschakeling van politierapporten, niet behoorlijk bewezen en soms valselijk aangevoerd. De onafhankelijkheidspartij (Batasuna) is onderwerp van de grootste nationale en internationale propaganda die men zich kan indenken. Velen zwijgen op dit ogenblik omdat spreken op dit ogenblik als steun aan terrorisme wordt bestempeld. Maar de tijd zal het stilzwijgen door luisprekers versterken."
Cursus: "Geweld, hulp aan slachtoffers en sociale reconstructie"
6 september 2001
Op de Baskische zomeruniversiteit in San Sebastián, in de cursus: "Geweld, hulp aan slachtoffers en sociale reconstructie", zitten samen aan tafel: Arantza Lasa (zus van Joxean Lasa), de priester Isac Diez (als woordvoerder van de familie van de ontvoerde gevangenisbewaker Ortega Lara) en Marixabel Lasa (weduwe van de ex-burgerlijk gouverneur van Guipuzkoa, Juan María Jauregi)
Arantza Lasa meende dat het erop leek dat er enkel ETA-slachtoffers zijn, alsof de Staat geen slachtoffers voortbrengt. Haar broer, Joxean Lasa werd, samen met Joxi Zabala, ontvoerd, tot de dood gefolterd en onder 50 kg. kalk begraven. Verder zijn er nog steeds "Pertur" en "Naparra" die verdwenen en nooit opdoken en de vele duizenden die gefolterd werden in commissariaten en gevangenissen. Zijn de slachtoffers van de grote folteraar, Melitón Manzanas, dan geen "slachtoffers van het terrorisme"?
Het “Tribunal Superior de Justicia del País Vasco” beschouwt de verklaringen afgelegd door Jon Salaberria, lid van de politieke groep Sozialista Abertzaleak (Batasuna), tijdens de parlementaire debatten van 12 april 2002 als “delict”, meer gespecificeerd: verheerlijking van terroristische acties. De strafmaat wordt vastgelegd op 1 jaar gevangenisstraf en 7 jaar ontzetting uit zijn rechten. Dit is een precedent dat kan beschouwd worden als een agressie tegen de vrije meningsuiting van een lid van het parlement, dat precies borg moet staan voor de vrije meningsuiting. Artikel 71 van de Grondwet erkent “de onschendbaarheid van een Député en een Senator bij het uiten van opinies uitgesproken in die functie” (inviolabilidad por las opiniones manifestadas en el ejercicio de sus funciones). Dit principe werd ook door artikel 26 van het “Estatuto de Autonomía para el País Vasco” erkent. Dit recht werd trouwens verder ontwikkeld in de “Ley autonómica 2/1981”, waarbij onderstreept wordt dat de leden van het parlement niet mogen beschuldigd, noch gerechterlijk vervolgd worden, zonder voorafgaande autorisatie van het Baskische Parlement.
Op 12 april 2002 had Salaberria in volle parlementaire zitting een uitspraak gedaan over de gewapende activiteiten van ETA: “…door de natuur van het conflict te verdraaien, zie ik geen mogelijkheid om oplossingen te vinden en u weet allen perfect dat de gewapende strijd van ETA niet draait om de stelling ‘ideeën op te leggen’. De gewapende strijd beantwoordt alleen aan de rechtvaardige eisen van het Baskische volk ter verdediging van de wettelijke rechten…”
De Openbare Aanklager van de TSJPV (Tribunal Superior de Justicia del País Vasco) baseert de aanklacht “verheerlijking van het terrorisme” en de vervolging ervan op het feit dat de woorden die uitgesproken werden, buiten de onschendbaarheid vallen. “Ze houden een identificatie in die de acties en het doel ondersteunen. De acties van ETA zijn intrinsiek anti-juridisch en bijgevolg zijn ze niet bespreekbaar en mogen ze niet in de openbaarheid behandeld worden (los actos de ETA son intrínsecamente antijurídicos y en consecuencia inopinables). Dus is een voorafgaande autorisatie van het Baskische Parlement overbodig”. Commentaar overbodig!
Het Amnestie–Comité, Gestoras-pro-Amnistia, zegt dat de laatste arrestatiegolf in Gipuzkoa, Catalonië en Araba een politionele degeneratie van het Hooggerechtshof vertoont. Er werden tijdens de laatste twee weken maar liefst 43 personen gearresteerd. Het merendeel van de arrestanten werd het slachtoffer van mishandeling. In dit verband werden ook de artsen aangeklaagd die in de gevangenissen en de commissariaten hun werk niet deden. Sommigen konden nog amper praten of luisteren naar wat hen aangeraden werd. Sommige advocaten werd "passieve medeplichtigheid" verweten. Vertrouwensadvocaten werden niet toegelaten, terwijl in de pers wel duizend lekken verschenen.
"Wij leven in Euskal Herria in een uitzonderingsstaat", beweerde Iker Zubia, coördinator van Gestoras in Araba. Tijdens de voorbije 60 dagen werden 135 personen gearresteerd: "om politieke motieven". Vierentwintig hiervan werden op secreet geplaatst, tien hiervan onder bevel van de Ertzaintza en 6 hiervan klaagden slechte behandeling en psychische foltering aan. De dertien overigen werden door de Guardia Civil gearresteerd. Ook zij klaagden over de slechte behandeling, de fysieke foltering en de psychologische druk. Sommigen urineerden bloed, kregen de plastic zak over het hoofd getrokken, moesten schijnexecuties ondergaan, kregen elektroden aangebracht, moesten fysieke oefeningen doen tot de totale uitputting, waarbij hen belet werd te slapen.
De balans wordt gesloten met de opsluiting van veertien personen, negen opsporings- en aanhoudingsbevelen en de huiszoeking in 31 woningen en lokalen.
"De foltering is een noodzakelijk wapen bij het politiewerk, om zelfbeschuldigingen los te krijgen, om derden te beschuldigen en om schrik te zaaien. De rechteloosheid mag blijken uit het relaas van Eneko Balantzategi en Izare Etxeberria: "Een Guardia Civil verplichte me mij te identificeren en daarop zei hij dat ik gearresteerd werd en later dat ik aangehouden werd wegens medewerking met en lidmaatschap van ETA. Toen keken ze naar Eneko en ze zeiden dat hij eveneens gearresteerd was, gewoon omdat hij bij mij was."
De Baskische politieke gevangene, Asier Ormazabal, weigert "deel te nemen" aan zijn eigen proces waarin hij beschuldigd wordt van deelname aan een aanslag tegen een Spaanse militaire bus in Córdoba in 1996, waarbij de sergeant Miguel Angel Ayllón het leven verloor. Toen hij zei de rechtbank niet te erkennen, werd hij uit de zaal gezet. Hij weigerde ook het "recht op het laatste woord."
Tussen de getuigen die verschenen in het Hooggerechtshof waren Txetxu Barrios, Maite Pedrosa en Mikel Azurmendi. Zij verklaarden zich niet meer exact te herinneren wat ze indertijd bekend hadden, omdat alles onder foltering had plaatsgevonden. Er wordt nu tegen Ormazabal 351 jaar geëist wegens "terroristische moord", "24 moordpogingen" (de andere inzittenden van de bus?) "voortdurende diefstal", "vernielingen" en "vervalsing van autokentekens".
In Le Monde verschijnt een interview met José Ignacio Ormaetxea, de Directeur van de afdeling criminele zaken van de Ertzaintza. En wat zegt deze Bask? "De maatregelen tegen Batasuna zijn nutteloos en ondoeltreffend. Het is een overwinning van ETA die altijd gezegd hebben dat de politieke weg zinloos is om de onafhankelijkheid te bereiken en dat enkel de gewapende strijd zin heeft. De politieke weg is nu vernietigd."
Bovendien denkt Ormaetxea: "Het is onmogelijk een einde te stellen aan ETA wegens de sociale steun die de organisatie geniet. De enige oplossing is een onderhandelingsproces, zoals in alle dergelijke conflicten."
Deze verklaring valt erg slecht in de PP en de Parlementair Carlos Urquijo noemt de woorden "ontoelaatbaar". (In Spanje zijn enkel de woorden van de PP zélf "toelaatbaar"…)
In het beruchte Burgosproces, eind 1970, waarbij voor het eerst Basken buiten Baskenland moesten terechtstaan, kreeg Onaindía samen met vijf anderen, de doodstraf voor de "terechtstelling" van Melitón Manzanas, de man die tijdens de Francodictatuur in Baskenland faam kreeg als folteraar. Vooral de aangeklaagden hadden door hun uitspraken de wereldpers gehaald: Onaindia bracht door zijn optreden (en zijn imposante gestalte) zelfs demilitaire gerechtsvoorzitter van zijn stuk. Hij loochende aan de moord op Manzanas deelgenomen te hebben: "omdat hij niet de eer had gehad aan militaristische activiteiten mee te mogen doen. Toen Onaindia daarop recht sprong en "Gora Euskadi Askatuta" riep ("Leve Vrij Baskenland"), sprongen zowel de auditeur als zijn plaatsvervanger recht en trokken hun sabel! Terwijl onder groot tumult de zaal ontruimd werd zongen de beklaagden het (verboden) lied van de Baskische Soldaat, dat met zijn dramatisch-pathetische tekst en zijn treurige, fiere melodie wel voor dit voorval gemaakt had kunnen zijn:
Eusko Gudariak gara Wij zijn Baskische soldaten
Euskadi askatzeko die Euskadi zullen bevrijden
Gerturik daukagu odola Wij zijn bereid ons bloed
Bere aldez emateko te geven voor zijn zaak
In mei 1977 werden ze vrijgelaten maar uit Spanje verbannen. O.a. naar ons land. Twee maanden later keerden ze onverschrokken terug naar Baskenland. Later sloot Onaindia zich aan bij de nieuwe politieke partij EE, Euskadiko Ezkerra die was ontstaan uit ETA (pm). EE kwam nooit echt van de grond en ging uiteindelijk scheep met de PSOE. Onaindia bracht het tot aan de top van deze partij, waarna hij door "welmenend" Spanje in de armen werd genomen. Een bocht van hoeveel graden? Onaindía was bij zijn overlijden voorzitter van de PSE in de Baskische provincie Alava. Mario Onaindia werd ook nog een tweede keer ter dood veroordeeld. Ditmaal door ETA! De laatste jaren nam hij dan ook deel aan bijeenkomsten van "Basta Ya!", de organisatie die in den beginne telkens op straat kwam na een ETA-aanslag, maar stilaan gif ging spuwen tegen elke uiting van Baskisch nationalisme. Op de begrafenis waren dan ook een groot aantal vijanden van het Baskische nationalisme aanwezig: Fernando Savater! Rosa Diez! en nog een aantal andere Spaanskiljonse azijnpissers die zichzelf Bask en democraat noemen.
Rechter Garzón was onlangs op bezoek bij de opgraving van 22 lijken die in een massagraf lagen. Niet in Navarra maar in ….Colombia!
Dit bracht de superrechter op een “fantastisch” idee! Hij vraagt nu aan de burgemeesters van Madrid, Granada, Córdoba en Sevilla de namen, de geboorteplaats en -datum, woonplaats en zo mogelijk de politieke overtuiging van al de mensen die er in massagraven begraven werden tijdens de Burgeroorlog van 1936-1939! Hetzelfde wordt gevraagd aan de Kerk (omdat begraafplaatsen in die tijden een zaak van de parochie waren). De Bisschoppenconferentie moet de rechterlijke politie toegang verlenen tot de 22.827 kerkhoven om de boeken te raadplegen.
Superrechter Garzón vraagt aan de Benedictijnenabt van het Heilig Kruis van “El Valle de los Caídos” (de Vallei van de Gevallenen) en van de “Delegatie van het Nationaal Patrimonium in San Lorenzo del Escorial”, het volledige archief. Hier werden niet alleen “slachtoffers van de heilige Kruistocht” begraven, maar er werden ook stoffelijke resten van (o.a.) Basken naartoe gesleept. Hun familieleden vernamen dit soms pas veel later.
Waarom doet Baltasar Garzón dit? Heeft hij eerlijke bedoelingen of wil hij deze bijzonder donkere periode afsluiten en het laten uitschijnen dat alles “op een democratische manier” gebeurde?
In Navarra stond de wieg van Baskenland. Alles begon met de koningen van Navarra die Baskisch spraken, de "Lingua Navarrorum". De regering van Navarra, onder de leiding van de UPN (PP-Navarra) heeft met haar Führer, Miguel Sanz, één grote obsessie: alles bannen dat maar enigszins de Baskische identiteit tot uiting brengt. Zo besloot de regering de Baskische vlag, Ikurriña, te verbieden aan de balkons van de gemeentehuizen op straffe van de terugtrekking van de subsidies. De Spaanse vlag mag wel, samen met die van Navarra, de Europese en het eigen Wapen. Eén uitzondering wordt toegestaan: de vlag van een genodigde buitenlandse politicus. Deze "Wet van de Symbolen" wekte vooral veel ergernis in het groene noorden van de autonome regio. Zo ook in het stadje Leitza, waar Batasuna steeds met een meerderheid regeerde tot die partij verboden werd. De regering is dan wel in handen van de "zoetwaternationalisten" van de partij Aralar, maar de Batasunakiezers zijn er nog steeds.
Bij de voorbije stadsfeesten vond Leitza er niets beters op dan enkele "buitenlandse politici" uit te nodigen: De Baskische minister van Justitie, Joseba Azkaraga en het parlementslid van EA, Unai Ziarreta. Ze werden verwelkomd met aan het balkon de "buitenlandse" vlag, de Ikurriña.
De Regering van Navarra stelt nu een onderzoek in!
De Guardia Civil klaagt Juan Kruz Aldasoro aan wegens: “aanstichting tot openbare wanordelijkheden”. Op de verboden manifestatie van 23 augustus 2003 had hij het aangedurfd de (niet verboden) slogan: “Gora ezker abertzalea” (Leve het linkse nationalisme) te roepen.
ETA laat op de luchthaven Barajas (Madrid) een bomauto de lucht in gaan en de explosie zorgt voor enorme schade. Er moet 15 ton puin geruimd worden. Een uur eerder had iemand, in naam van ETA, de explosie aangekondigd bij DYA Donostia met vermelding van het automerk en de plaats waar hij stond.
Op 27 augustus 1953 tekenden het Vaticaan en de Spaanse regering het "Concordaat van de Heilige Stoel", waarbij het Vaticaan de uitdrukkelijke steun aan Franco toezegde. Maria Zabala, de vrouw van José Antonio Aguirre y Lekube (eerste Lehendakari van de autonome Baskische regering) zegt hierover: "Wellicht was 1953 de meest trieste datum voor mijn man. Het is de enige keer dat ik hem met geboden hoofd zag, droevig, zonder dit te verbergen. Hij die de katholieke kerk zo verdedigd had, werd nu verraden".
Aguirre werd na de oorlog één van de grondleggers van de moderne christendemocratie. Tot zijn dood in 1960 bleef hij voorzitter van de Baskische regering in ballingschap en voorzitter van de PNV. Hij was een bewonderaar van de Indiase pacifist Mahatma Gandhi.
Op 22 maart 1960 overleed Aguirre ten gevolge van een angina pectoris. Vijf dagen later werd zijn lijk overgebracht naar Donibane Lohizune, waar het opgebaard werd in het huis van Telesforo Monzón. Het nationalisme had een serieuze klap gekregen. Zelfs ETA noemde hem "Gure lehendakari maitia", onze geliefde president.
In de Spaanse Staat lopen 5.000 lijfwachten rond om mensen te beschermen die van zichzelf menen "doelwitten" van ETA te zijn. Dit kost de Staat jaarlijks 63,3 miljoen Euro! De Spaanse Regering wil dit tot redelijke proporties terug brengen, o.a. door een "risicokaart" op te stellen.
De PP verwijt de regering meteen "overmoedig" te handelen.
Kardinaal Roger Etchegaray, rechterhand van Paus Johannes Paulus II, bezoekt, zoals elke zomer, zijn geboorteplaats, Ezpeleta, waar hij een uitgebreid interview toestaat aan de (nieuwe) krant "Le Journal du Pays Basque-Euskal Herriko Kazeta". Hij vraagt de politieke leiders "verlicht" en met “moed” op te treden, omdat Baskenland al voldoende geleden heeft. Etchegaray pleit voor dialoog en voor de verdediging van de mensenrechten om op die manier het conflict op te lossen. De kardinaal gaat binnenkort op pensioen.
Felipe González was tijdens de Francodictatuur bondgenoot van ETA! Ondergronds streed hij, net als de Basken, de dezelfde strijd. Toen het tij keerde kwam: "Isidoro" (schuilnaam voor González) op het pluche terecht. De Baskische onafhankelijkheidsstrijders bleven verder strijden en/of in de gevangenis zitten. Het regime González zou die armlastige Basken wel klein krijgen en daarvoor mochten een aantal wetten verkracht worden. Het "Plan Zen" (Zona Especial Norte) liet toe hele dorpen te terroriseren, leugens naar de kranten te lekken en meer van dat fraais. Onder González steeg het aantal politieke gevangenen naar grote hoogten. De Vuile Oorlog tegen het Baskische Volk ging pas goed van start met GAL Grupos Antiterroristas de Liberación, de Staatsterroristen die straffeloos Baskische activisten kon neerschieten in kroegen in Bayonne of ze van daaruit ontvoeren naar het Zuiden om ze daar dood te martelen, zoals Lasa en Zabala. Hiervoor werden huurlingen uit o.a. Marseille ingeschakeld, maar meer en meer waren het gewoon leden van de Guardia Civil die dit vuile werk opknapten. Toen de schandalen niet meer onder de mat konden geschoven worden vielen er veroordelingen: de Gouverneur van Baskenland, Julen Elgorriaga, en Rodríguez Galindo, het hoofd van de kazerne van Intxaurrondo ("Fort Apache") kregen beiden bijna 80 jaar cel voor het ontvoeren en dood folteren van Lasa en Zabala. Beiden werden enkele jaren na hun veroordeling vrijgelaten wegens… hartklachten! De Spaanse Staatssecretaris voor Vuiligheid, Rafael Vera, beloonde o.a. vrouwen van politieoversten die "meewerkten" omdat ze hun man soms een nacht moesten missen! Hij verduisterde daarom 3,7 miljoen euro! Dit gebeurde met geld uit reservefondsen die aangelegd waren om andere (vuile) zaakjes weg te werken. Vera kreeg hiervoor in 1998 eerst zeven jaar cel en daarna nog eens tien omdat hij één van de leiders was van een paramilitaire organisatie (GAL) die ontstaan was in de riolen van de Spaanse Staat. Hierbij lieten ze als eerste daad Segundo Marey ontvoeren uit "Frans Baskenland" en hoewel ze na enkele dagen wisten dat ze de verkeerde persoon hadden gepakt hielden ze Marey toch nog een tijdje gevangen. Verder werd door GAL een 13tal mensen vermoord waaronder eveneens enkele "vergissingen" te betreuren vielen! Minister Barrionuevo, die samen met Vera op het beklaagdenbankje zat, vloog eveneens achter de tralies en Felipe was zo bang dat één van de twee zou doordraaien en zou beginnen "zingen" dat hij hen, samen met andere partijkopstukken, en in het bijzijn van veel camera’s begeleidde op de tocht naar de gevangenis! Spoedig kreeg Vera een gedeeltelijke kwijtschelding van de regering…Aznar!
Nu verkreeg hij het derdegraads gevangenisregime dat er eigenlijk uit bestaat enkel binnen te moeten gaan slapen, maar zelfs dit was nog te zwaar: Vera moet nog één keer per week in de gevangenis een handtekening gaan zetten! Hij kan van deze kwijtschelding genieten omdat hij lijdt aan "een zware depressie" omdat hij geïsoleerd zit wegens zijn vroegere "functie" in de regering. Hun eerste slachtoffer, Segundo Marey, heeft geen depressies. Die overleed enkele jaren geleden aan kanker.
De Baskische Minister van Justitie, Joseba Azkarraga, noemt de versoepeling van het gevangenisregime "de eindbetaling voor het stilzwijgen van Vera." Hij noemt het verder "schandalig" dat iemand vrijkomt nadat hij niet eens het tiende van zijn straf uitzat. Azkarraga zei er voorstander van te zijn dat gevangenen eerder vrijkomen, maar daarbij moet niet met twee maten en twee gewichten gemeten worden. Hierbij verwijst hij naar de Baskische gevangenen die voor jaren achter de tralies verdwijnen en hun straf tot de laatste dag moeten uitzitten!
Batasuna reageerde iets cynischer: "Dit is wat de PSOE verstaat onder Scheiding der Machten".
Onlangs verscheen een boek "Historia de la Policía Autónoma Vasca”, geschreven door zes van de voornaamste verantwoordelijken van de Baskische politie, Ertzainta, gedurende de voorbije 25 jaar. Het gaat o.a. om de Baskische ministers Retolaza, Lasa, Atutxa en Balza en de vice-ministers Sabino Arrieta en José Manuel Martiarena. Zij roemen o.a. hun relatie met de leiders uit de meest zwarte periode van de PSOE, onder wie Rafael Vera, die "steeds zeer serieus overkwam". Dat hij het Baskische linkse nationalisme beledigde, wordt niet vermeld. Over de manier waarop de Ertzaintza de broek afstak om het vertrouwen van Madrid te winnen is er evenmin een mededeling. Er wordt herhaald dat de Ertzaintza niet folterde hoewel er hiervoor een veroordeling is. Een politieman sleepte een arrestant bij de haren en zei daarbij "zing, kuiken, zing!"… Enkele geïnterviewden herinneren eraan dat ze in juli 1997 de Herriko Tabernas verdedigden, maar ze vergeten te zeggen dat ze diezelfde kroegen van radicale jongeren in 2002 wel sloten!
De Baskische politieke gevangene Ismael Berastegi weet te vluchten uit de "supergevangenis" La Santé in Parijs! Nu werd bekend dat Ismael vijf dagen geleden gewoon naar buiten wandelde na het gevangenenbezoek…terwijl zijn broer, Joxean, zijn plaats innam! Dit werd na 4 dagen opgemerkt omdat Joxean het zelf bekend maakte aan de bewakers! Joxean Berastegi riskeert een straf die tot drie jaar kan oplopen, maar indien hij veroordeeld wordt wegens "steun aan terroristen" kunnen er dat ook tien worden.
In het Bretoense dagblad "Le Télegramme" verscheen intussen een karikatuur waarop een bewaker zich bij de gevangenisdirecteur verdedigt met het argument dat beiden een Txapela (een Baskenalpino) droegen.
In Zizurkil (om 4 uur in de nacht), Lasarte (6 uur) en Zaldibia worden, door de autonome politie, Ertzaina, op last van Garzón, vier woningen bestormd. Daarbij worden 8 vermeende ETA-militanten gearresteerd.
Binnenlandse Zaken beschuldigt vijf van hen als behorende tot het "comando Buruntza", terwijlde anderen gearresteerd worden wegens hun persoonlijke band met de eersten.Zo gaat dat in Spanje.
Twee van hen wilden de volgende zaterdag met elkaar trouwen. Hun kinderen zullen dus ook wel na hun geboorte aangehouden worden. Santi Aragón en Xabier Makazaga worden als "liberados" bestempeld, gekend en gezocht door de politie en op de loonlijst van ETA. Twee anderen zijn "legales", niet als ETA-leden bekend.
Xavier Balza, Baskisch minister van Binnenlandse Zaken, slooft zich uit om de belangrijkheid van deze operatie in de spots te krijgen. "Het is de belangrijkste slag die we ETA toebrachten sinds de jaren 80. Bij iedere arrestatie wordt gemeld dat het “de belangrijkste slag die we ETA toebrachten”. Maar ze krijgen ze niet klein.
De Baskische gevangenen: "We kunnen ermee doen wat we willen."
De Algemene Directie van Spaanse Gevangenissen heeft de lijst ter hand genomen van de 118 Baskische politieke gevangenen ("iets minder dan 1/4 van de ETA-gevangenen" aldus het persagentschap Europa Press) die tussen dit en het volgend jaar zullen vrijkomen. De bedoeling is de dossiers rigoureus na te kijken: tijd die uitgezeten is, de toegekende "kortingen" ten gevolge van gedane studies, etc… De enige bedoeling is ze levenslang achter de tralies te houden.
Dat de Basken al niet vrijkomen nadat ze ¾ van hun straf uitzaten, is hier van geen tel.
Dat de Basken al veel zwaarder gestraft worden voor feiten die in het Zuiden amper strafbaar zijn, is van geen tel.
Dat de Basken zware straffen uitzitten omdat ze zichzelf vaak van allerlei zware vergrijpen beschuldigen om na vijf dagen eindelijk van de foltering af te zijn, is van geen tel.
Spanje doet er alles aan om het Collectief van Baskische Politieke Gevangenen te treffen en uit te schakelen.
De afgevaardigde van de Spaanse Regering in Navarra
20 augustus 2003
De afgevaardigde van de Spaanse Regering in Navarra verbiedt een betoging die aangevraagd werd voor 26 augustus 2003 in Pamplona met de eis voor zelfbestuur en tegen de uitsluiting van het linkse nationalisme. De aanvraag werd gedaan door "een inwoonster van Iruñea die al verschillenden keren opgemerkt werd in bijeenkomsten met een radicaal nationalistisch karakter en die bovendien militante is van de groep Gurasoak. Deze persoon heeft ook deelgenomen aan samenkomsten voor het Hooggerechtshof waarbij het overbrengen werd gevraagd van gevangenen die vastzaten voor samenwerking met gewapende bende."
Voor de aangevraagde betoging in Bilbao voor vrijdag a.s. vraagt de Minister van Justitie, Michavila, een verbod. Batasuna zegt dat "deze vraag eigen is aan een fascist die geobsedeerd is om het linkse nationalisme van de scène te verdrijven, hoewel deze minister hiertoe niet de bevoegdheid heeft."
De krant Gara brengt een hallucinant overzicht van 20 jaar "incidenten" met de Guardia Civil in Leitza:
1981: De G.C. zorgt voor verschillende gewonden bij een charge tegen een protestmanifestatie naar aanleiding van de arrestatie van drie ikastola-leraars. Het protest tegen deze charge werd door de toenmalige burgerlijk gouverneur in Navarra, Francisco Javier Ansuátegui, verboden. In hetzelfde jaar viel de G.C. zelfs de dantzaris (dansers) lastig bij een eerbetoon voor een abertzale die om het leven was gekomen.
1982: Bij verschillende betogingen raken twee inwoners gewond nadat de G.C. rubberkogels afvuurt. Ook worden in de bar “Leitzatarr”a personen geslagen door de agenten die er binnenkwamen.
1983: Een stomdronken G.C. in burger schiet op een inwoner die uit de gepensioneerdenclub komt.
1984: De G.C. opent met springstof de toegangsdeur van een woning. Acht personen worden meegenomen en dienen later een klacht in tegen de foltering die ze ondergingen. Later grijpt de G.C. in tegen een manifestatie op het gemeentehuis ten voordele van de vluchtelingen. Hierbij nemen ze de Ikurriña mee, wat in die periode heel vaak gebeurde. Soms met gebruik van vuurwapens.
1985: Mikel Lizarraga raakt gewond door een kogel die afgevuurd wordt door een G.C. in burger in het centrum van Leitza.
1986-1987: Twee inwoners van Leitza, Josu Iparragirre en Mila Erbiti worden door de Franse autoriteiten uitgeleverd en blijven resp. één en vijf jaar in de cel.
1994 en volgende jaren: De G.C. arresteert vele jongeren in Leitza die weigerden hun militaire dienst te vervullen.
1997: De G.C. valt in bar Landa binnen en bedreigt de klanten. Twee jongeren worden meegenomen op beschuldiging van drugstrafiek.
1998: Geüniformeerde G.C. slaat een manifestatie uit elkaar die protesteert tegen de arrestatie van de leiding van Herri Batasuna.
2000: De G.C. houdt de mars voor de gevangenen tegen en bedreigt de deelnemers: kinderen, pelotaris en dantzaris. Inwoners nemen beelden op video op van G.C. die affiches van HB aftrekt.
2001: G.C. bedreigt met geweren op 10 april stakers.
13 augustus: dronken G.C. bedreigen met geweren de klanten van bar Gaztañaga.
Nota: De Guardia Civil betrekt sinds 1902 gratis een woning die eigendom is van de gemeente.
In een studie van de UPV en de UPNA van 2 jaar geleden vindt slechts 6 % van de inwoners de aanwezigheid van de G.C. nodig.
(Zouden voorgaande feiten te maken hebben met het feit dat Batasuna de meerderheid heeft in de gemeenteraad van Leitza?)
Baskische politie is doodsbang voor dode mensen. Bij een herdenkingsbijeenkomst van een 200-tal personen in Morlans was de "Baskische" politie was aanwezig met zes combi’s en een helikopter. Foto’s van het drietal mochten niet vertoond worden.
Op 17 augustus 1991 omsingelden meer dan honderd Guardia Civiles het huis Tolaretxe in Morlans (Donostia). Een groot aantal viel schietend binnen. Ook werden er granaten gebruikt. De bewoners, Patxi Itziar Agirre, Jokin Leunda Mendizabal en Iñaki Ormaetxea Antepara uit Urbina werden gewoon afgemaakt.
De familieleden kregen bloemen. Er volgde een eredans en tot slot werd het lied van de Baskische soldaat gezongen. ’s Morgens was er al een herdenking gehouden in Urbina en in Beasain.
Op 17 augustus 1991 beleefde Euskadi andermaal een zwarte dag. Na een nacht van tientallen arrestaties in Donostia, werd een huis omsingeld in de wijk Morlans, waar 3 Baskische nationalisten zich schuilhielden: Patxi Itziar Agirre, Jokin Leunda Mendizabal en Iñaki Ormaetxea Antepara. Terwijl in een rechtstaat verdachten (nog geen beschuldigingen, nog geen bewijzen) in voorlopige hechtenis worden geplaatst, oordeelde de Guardia Civil het nodig om meteen de wapens te hanteren en een salvo op het huis af te vuren. Dit duurde de hele morgen lang. Tegen de middag vielen zij het huis binnen na het eerst met traangas te hebben bewerkt. Patxi Itziar lag dood op een kussen in de keuken met 1 schotwonde in de slaap. Jokin Leunda vertoonde 12 schotwonden in de rug (geen enkele dodelijk) en een schotwonde in het hart van op korte afstand afgevuurd. Iñaki Ormaetxea lag in het bad met 2 schotwonden in niet-vitale organen en een schotwonde in het hoofd, afgevuurd van op minder dan 25 cm. Waren de urenlange salvo’s een dekmantel, een strategie om latere “onfrisse praktijken” te verdoezelen? Ik weet het niet. Ik hoop alleen dat het gezegde “al moesten de kraaien het uitbrengen” een verhelderend licht op deze onfrisse zaak zal brengen.
Vandaag zou, zoals dat al zo vele jaren gebeurt, eer worden gebracht aan de Baskische vlag die zo lang verboden was. Maar de manifestatie is verboden door de Baskische Regering die deze vlag nochtans als officieel vaandel heeft! Vreemd, toch? Maar het verbod kwam er omdat de manifestatie werd ingericht door mensen die op Batasuna zouden gestemd hebben als die partij niet door de Spaanse democraten buiten de wet was gesteld!
In de stad valt meteen de extra politieaanwezigheid op. De 8 combi’s van de Ertzaintza zien er luguber uit met hun ondoorzichtige ruiten. De Ertzainak hebben allen de obligate bivakmuts onder hun helm en ze zijn ook allemaal bijzonder groot. Met de feesten stappen hier "Gigantes en Cabezudos" (reuzen en reuzenpoppen, mensen met een reuzenmasker op het hoofd) in stoeten op. Dit zijn ook "gigantes" en ze hebben een masker op! Maar in de stoeten slaan ze de kinderen met een varkensblaas. Deze "giganten en gemaskerden" hebben extra lange wapenstokken en geweren met rubberkogels.
De Guardia Civil van Navarra kondigt sancties aan tegen de agenten van hun korps die twee dagen geleden betrokken waren bij de incidenten in een bar in Leitza, eerder deze maand. Ze noemen de incidenten zelf "erg zwaar". De twee betreffende agenten kwamen rond vijf uur in de morgen, tijdensde feesten, in burger, in bar “Gaztañaga”, waarbij er een Cetme-geweer onder zijn jas verborg. Kort daarop verlieten ze de zak om terug te keren met pistolen. De uitbaatster weigerde hun een consumptie te geven omdat ze dronken waren en gewapend. Daarop dreigden ze de uitbaatster een paar kogels als ze niets te drinken kregen. Daarop kwam een patrouille van de Guardia Civil en nam de twee mee. Zo stond het te lezen in Diario de Navarra. El Mundo bracht het verslag onder de rubriek "Euskadi", in een toon die te vergelijken viel met soortgelijke pathetische versies uit de Franco-tijd. "Alles begon met een groep radicalen die met een andere groep jongeren in discussie geraakten in de buurt van een bar waar zich linkse nationalisten bevonden." En die begonnen de goede Guardias te provoceren… Spaanse pers.
Iñaki de Juana was een ETA-man zonder scrupules. Iedereen wist dat hij op een dag de maximumstraf zou krijgen. En die kreeg hij. Bij zijn arrestatie werd hij vreselijk gefolterd. Hij zat in 10 verschillende Spaanse gevangenissen waarvan alleen de naam een mens al doet huiveren. In de gevangenissen werd hij herhaaldelijk afgeranseld door "geconditioneerde" cipiers die dit straffeloos konden doen. Regelmatig werd hij naar de isoleercel versleept. Toen bleek dat hij de hele straf (18 jaar) er bijna had opzitten (25 oktober 2004) begonnen een aantal Spaanse "democraten" de alarmbel te luiden. "Het kon niet zijn dat Iñaki de Juana ooit vrij kwam." Er moest snel gehandeld worden! Eerst werden de strafverminderingen, verkregen door het volgen van studies, geweigerd hoewel die eerst door het Spaanse gerecht aanvaard waren! De vrijlating werd uitgesteld tot februari 2005. De Juana schreef af en toe een artikel in de radicale krant Gara. In één van die artikels, onder de titel "Gallizo", maakte hij zijn beklag over de penitentiaire politiek aangaande Baskische, politieke gevangenen en daarin noemde hij de verantwoordelijke van die gevangenispolitiek, Mercedes Gallizo. Omdat zijn straf wegens lidmaatschap van ETA erop zat, werd bepaald dat uit de "terroristische bedreigingen", geuit in dat artikel, "bleek dat de Juana opnieuw lid van ETA was!" De procureur, Grande-Marlaska, eiste 96 jaar gevangenis! Kort daarop werd Grande vervangen door Santiago Pedraz die de "Zaak de Juana" klasseerde omdat uit geen van de beide artikels bleek dat de Juana bedreigingen geuit had, noch dat hij lid van ETA was. De vrijlating werd voorzien voor juni 2005. Justitie stak hier een stokje voor. Pedraz werd verplicht de procedure tegen de gevangene in gang te zetten. De Spaanse Minister van Justitie Fernando López Aguilar, van de Spaanse Socialistische partij die zegt de vrede na te streven, verklaarde dat zij "er alles aan zullen doen om voortijdige vrijlatingen te verhinderen". In juni van dit jaar, nadat Iñaki de Juana bijna 20 jaar gevangenschap achter de rug had, maakte het Hooggerechtshof zijn eis bekend: 96 jaar cel!
Op 7 augustus begon hij op 1.200 km van zijn stad, Donostia, waar hij vandaan komt in de gevangenis van Algeciras met een hongerstaking voor onbepaalde tijd. Vandaag trok de familie aan de alarmbel en vroeg aan de PSOE-regering hoe ze over vrede kunnen praten en op hetzelfde ogenblik uitzonderingsmaatregelen nemen die in geen enkele internationaal wetboek staan.
Om 23.30 treed José Antonio Larrañaga "Urko" op de Plaza de la Trinidad op. Urko is een legendarische "singer-songwriter", "cantautor", zanger van protestsongs, in een periode toen daar nog moed voor nodig was. Een concert uit 1978 dat buiten zijn weten werd opgenomen in Theatro Principe in deze stad blijft een voorbeeld van de "macht" die dergelijke zangers hadden. Tussen de nummers ontstonden er spontaan slagzinnen voor amnestie en andere politieke eisen. Later werd deze zangers wel eens verweten dat ze de jeugd naar ETA zouden gedreven hebben.
De enige eis van de Basken was in die tijd "een verenigd Baskenland", met de zeven (zazpi) provincies (3 aan de Franse kant en vier in het Zuiden) ) onder één (bat) vlag: "zazpiak bat" "de zeven één" of "3 + 4 = 1"
Het toeval (?) wil dat Urko 30 jaar geleden vanaf hetzelfde plein de benen diende te nemen omdat de Spaanse politie hem op de hielen zat.
Hij begint meteen met nummer dat de trend zet:
Oraindik ere bentzutu genzake (We kunnen nog steeds winnen).
Oraindik ere gutaz jabe gintezko (We kunnen nog steeds meester zijn over onszelf).
Het optreden van Urko wordt een feest van vreugde en strijd, met "ouderwetse" liedjes waarbij de tekst het voornaamste onderdeel is. Na een kort intermezzo waarin hij de kerk van zijn dorp, Usurbil, bezingt gaat Urko verder met zijn teksten die stammen uit "voorhistorische" Spaanse bezettingstijden die echter nog niet verdwenen zijn…
Eén nummer wordt opgedragen aan "een vriend die hier is, maar in een andere dimensie waardoor we hem niet kunnen zien." Urko studeerde samen met hem, deelde de kamer en ging op "verplichte vakantie" aan de andere kant van de Pyreneeën. Het zal wel om Imanol gaan, een kompaan die de vorige maand overleed.
Dan komt zijn eerste grote hit "Agur Euskal Herriari" (Gegroet Baskenland) waarin hij oproept tot eenheid tussen de 7 provincies:
Zazpi Euskal herriek bar egin dezagun guztiok beti beti gauden gu euskaldun.
(Laat ons broederlijk de 7 Baskische provincies verenigen. Laat ons altijd Basken blijven).
Agur eta ohore Euskal herriari. Lapurdi, Baxanabar Zubero gainari Bizkai, Napar, Gipuzko eta Arabari
(Gegroet en alle eer, Baskenland, van Lapurdi, Basse Navarra tot de bergen van Zuberoa, Bizkaia, Navarra, Gipuzkoa en Araba)
Zazpiak bat besarka lot beitez elkarri
(Laten we de zeven liefdevol in de armen sluiten).
Opvallend is dat al deze "strijdliederen" waar de Spaanse psychopaten zo voor vreesden, vrolijk klinkende wijsjes zijn!
En vele songs worden in chorus gezongen door alle aanwezigen… Zoals de eerste les Baskisch, die na de dictatuur voor velen wel noodzakelijk was:
Ni naiz (ik ben)
Hi haiz (jij bent)
Hura da (hij is)
Gu gara (wij zijn
Zu gara (U bent)
Zuek zarate (jullie zijn)
Haiek dira (zij zijn)
Hau da gure hizkuntza maitea (Dit is onze geliefde taa)l
Hau da gure Euskara garbia (Dit is onze mooie taal)
Hau da gure lehenengo ikasgaia (Dit is onze eerste les)
Hoewel hij al twee dagen eerder de volledige 22 jaar van zijn gevangenisstraf had uitgezeten werd Joxe Antonio Fernández, "Magila" toch pas vandaag vrijgelaten uit de gevangenis van Puerto de Santa María bij Cadiz. Een half uur vóór zijn vrijlating hadden ze hem de notificatie in zijn cel gebracht.
Magila werd in mei 1983 opgepakt en in 1998 had hij de 3/4 van zijn straf achter de rug, en moest dus vrijgelaten worden. Maar dit geldt niet voor een Baskische politieke gevangene.
Tegen de avond is het op de Boulevard te Donostia en later in het oude stadsdeel tot een "duel" gekomen tussen een aantal gemaskerde jongeren en de Baskische politie. Tot ieders verbazing had de groep zich gevormd in de buurt van de kathedraal El Buen Pastor, maar ze trokken zich langzaam terug naar het oude stadsdeel. Op de tv-beelden was duidelijk te zien dat er op de Boulevard een vuilnisbak in brand staat, maar dat mensen in korte broek rustig voorbij wandelen. In de Juan de Bilbao-straat, waar de kroegen liggen en waar de strijd meestal eindigt, werden er enkele ploftuigen in de richting van de politie gegooid. Het is goed zichtbaar want de cameraman staat zoals steeds achter de Ertzaintza omdat het aan de andere kant véél gevaarlijker kan zijn, ook al zijn de kogels maar van rubber.
Vroeger, in de veldslagen met de Spaanse politie, gebeurde dit ook al. De politie was als de dood voor dit stratenlabyrint tussen hoogbouw waarover ze geen controle hadden. Als ze dan met scherp schoten kregen de politiemannen van de bewoners, van op de balkons, bloemen toegeworpen. Met de pot er nog aan vast!
Senideak-Gureak klaagt het isolement aan van 26 Baskische gevangenen in Spaanse cellen. Sommigen zitten zelfs reeds jaren in afzondering. In de gevangenis van Dueñas gingen 10 politiek gevangenen in hongerstaking om te protesteren tegen het feit dat hun medegevangene, Juantxu Tobalina, sinds 24 januari, dag waarop hij werd overgeplaatst naar Dueñas 20 uren per dag in zijn cel moet blijven en aan geen enkele activiteit mag deelnemen.
Laudelino Iglesias, die niet van ETA is, kwam vandaag na 23,5 jaar vrij uit de gevangenis van Picasent. Iglesias was gedurende de laatste 15 jaar FIES-gevangene (Fichero de Internos de Especial Seguimiento) iemand die speciaal "begeleiding" geniet, en daarbij vooral van een aantal "rechten" als gevangene beroofd wordt . Dit was niet te wijten aan terreurdaden waarvoor hij veroordeeld zou geweest zijn, maar aan het feit dat hij, eenmaal binnen, regelmatig deelnam aan protesten tegen de behandeling van (sociale) gevangenen, wegens het aanklagen van gevangenenspreiding, foltering en slagen (waarvan hij zelf ontelbare keren het slachtoffer was) of van het FIES-systeem. Daardoor zat hij regelmatig in de isoleercel, werd het hem verboden te corresponderen of bezoek te ontvangen.
In 2003 vroeg hij zich in een brief af of ze hem wel ooit gingen vrijlaten. Met een duidelijke kennis van zaken noemde hij een aantal wandaden op die in dit land plaatsvonden en waarvan de daders al lang op vrije voeten zijn. "Ik heb nooit een staatsgreep willen plegen (Tejero) nooit iemand top de dood gefolterd en daarna begraven onder ongebluste kalk (Lasa en Zabala) nooit als Bankdirecteur miljoenen geroofd (Zaak Ibanesto) nooit miljoenenverdiend met wapen- of drugshandel, maar ik zit enkel vast omdat ik arm was." Door de verschillende hongerstakingen kreeg hij verschillende types van hepatitis. Zijn moeder die zwaar ziek is zag hem gedurende 12 jaar niet!
De President van Navarra, Miguel Sanz, heeft een zonneslag gekregen. Hij wil de Baskische vlag, de Ikurriña "illegaliseren"! Hij wil de gemeenten die de vlag zullen blijven uithangen aan officiële gebouwen economisch straffen. Sanz noemt de Ikurriña de vlag van een andere gemeenschap. Camino Mendiluze, de Batasuna-burgemeesteres van Altsasua zegt dat Sanz president van alle Navarrezen moet zijn.
De Batasunaburgemeester van Bera, waar de Ikurriña altijd uitsteekt nadat het in de stad er na de dictatuur tot een akkoord dienaangaande kwam, zegt dat wel nu duidelijk is wie er intolerant is in dit land.
In Lekunberri kwam men indertijd tot een akkoord geen enkele vlag uit te hangen om tweestrijd te vermijden. Nu zegt de EA-burgemeester (en parlementair) dat uitspraken als deze je nét "zin" geven de Ikurriña uit te hangen.
Behalve Gara en Egunkaria zal geen enkele krant melding maken van de aankondiging van Sanz! Is dit stilzwijgen geen bewijs van de medeplichtigheid van de pers met de Franquistische verzuchting van de president van Navarra.
Op 19 januari 1977 werd de Ikurriña "officieel", ter gelegenheid van de feesten in Donostia.
Toen San Sebastián in 1981 voor het eerst haar wielerwedstrijd inrichtte werd die meteen "La Classica" genoemd. Hiermee omzeilden ze de noodzaak om gedurende méér dan 50 jaar een koers in te richten vooraleer men de koers een "klassieker" mocht noemen.
De eerste twee uitgaven, 1981 en 1982 (en nog eens in 87) werden gewonnen door de legendarische Marino Lejarreta, "Het riet uit Berriz". (Toen Lejarreta kampioen van Spanje werd, zei hij op TV dat hij zich op de eerste plaats Bask voelde. Hij kreeg meteen doodsbedreigingen thuisgestuurd!)
In 1989 werd "la Classica" een wereldbekerwedstrijd.
De eerste buitenlandse winnaar werd de Waal Claude Criquellion. De laatste Bask die won was Miguel Indurain, in 1990! Lance Armstrong werd allerlaatste bij zijn eerste deelname, maar in 1995 won hij.
Onderweg waren er, behalve de Baskische Ikurriña’s en de Vlaamse Leeuwen ook de bekende spandoeken te zien die het dichterbij brengen van de gevangenen eisen.
Onder een loodzware hitte won Miguel Angel Martin Perdiguero onverwacht een spurt met 5 en kroonde zich "Txapeldun". Hiermee werd o.a. aangetoond dat ook in het commerciële wielerwereldje nog plaats is voor enige "eigenheid". Een Bask krijgt als trofee een Txapela (Baskische "alpinopet") op het hoofd als hij iets gewonnen heeft.
Rafael Vera, groeide uit tot één der kopstukken in de Vuile Oorlog tegen de Basken. In de Socialistische Regering Felipe González was hij Staatssecretaris voor Veiligheid.
In 1989 kreeg hij, samen met de Minister van Binnenlandse Zaken, Barrionuevo, (en vele andere kopstukken van de PSOE) 10 jaar cel voor "illegale ontvoering" en "verduistering van overheidsgelden". Het slachtoffer van de illegale ontvoering was Segundo Marey, een Bask uit het Noorden. Dit zoude eerste daad van de Staatsterroristen, GAL, worden. (Bovendien pakten ze met Segundo Marey een verkeerde persoon mee!) Pas negen jaar na de veroordeling ging hij de gevangenis van Guadelajara binnen om zijn straf uit te zitten. Na drie maanden kreeg hij gratie van de PP die intussen aan de macht was gekomen. Later kreeg hij nog eens zeven jaar cel voor "voortdurende verduistering van overheidsgelden”. Toen hij hiervoor "binnen" moest (oktober 2004), dreigde hij (in El País) een "definitieve daad" te stellen: Zijn mond open doen over de betrokkenheid van Felipe González? Zelfmoord? Een hongerstaking tot het einde?
Hoewel Vera slechts 6 maanden van de 84 jaar die hij moet zitten achter de rug heeft, kreeg hij gisteren de derde graad gevangenisregime, zijnde door de week enkel nog binnen gaan slapen. Hij mag zes uren per dag vrij omdat hij een behandeling moet ondergaan tegen de depressie waarvan hij het slachtoffer is. Deze depressie is o.a. te wijten aan het isolement in de gevangenis van Segovia maar dat isolement is er om hem te beschermen tegenmedegevangenen.
Na de brief in El País diende Felipe González, samen met de ex-ministers José Barrionuevo en José Luis Corcuera, bij Justitie een genadeverzoek in. DeProcureur-generaal, Cándido Conde-Pumpido, verzette zich hier echter tegen omdat Vera geen enkel teken van spijt had getoond, het geld niet had teruggegeven en hij al genade had gekregen in de Zaak Marey (die inmiddels wél aan kanker overleden was...)
Enkel Batasuna klaagde de beslissing aan: "Terwijl Barandalla dodelijk ziek in de gevangenis moet blijven mag Vera er met een ‘depressie’ uit".
Eerder kwamen al andere kopstukken uit de Vuile Oorlog al vrij: Galindo, Bayo, Barrionuevo, Elgorriaga, Dorado….
Op de "Spanische Allee" in in het zuiden van Berlijn ligt halverwege de "Guernica Platz", een naam die er kwam na de "overwinning" van de Nazi’s op de stad met dezelfde naam. De “Deutsch-Baskischer Kultur Verein” die pleit voor het doorbreken van de officiële stilte betreffende het bombardement door het Legión Condór wil er nu een symbool van de ontmoeting tussen twee naties van maken. Duitsland heeft zich al lang verontschuldigd bij de Basken. Spanje deed dat nog niet…
Luitenant-Kolonel van de Guardia Civil, Máximo Blanco
4 augustus 1999
De Luitenant-Kolonel van de Guardia Civil, Máximo Blanco, wordt in Tarragona gearresteerd op beschuldiging van drugstrafiek. Blanco was commandant in de Guardia Civil-kazerne van Intxaurrondo (San Sebastián) onder Generaal Enrique Rodríguez Galindo, waar hij tot 1992 aan het hoofd stond van de antidrugsbrigade. ("La Red Galindo" van Pepe Rei) Bij de arrestatie werden in een yacht 5.400 kg hasj ontdekt. Verscheidene keren werd hij door de krant EGIN in verband gebracht met drugstrafiek (met sluiting van de krant tot gevolg).
Op een nacht in juli van dit jaar werden in de buurt van het frontón Galarreta van Hernani twee jonge Basken, Xangarin Rekondo en Aritz Sáez staande gehouden door de Guardia Civil. De wegcontrole werd afgesloten en het tweetal werd meegenomen naar een onbewoond gebied op een naburige berg om zich "exclusief met hen bezig te houden". Rekondo moest zich in "executiepositie" opstellen en van korte afstand werd een kogel afgevuurd (in de lucht). De huls werd daarop aan Aritz Sáez getoond die enkele meters verderop voorovergebogen op de knieën zat en waarbij hij door een tiental Guardias met machinegeweren "in bedwang" werd gehouden. Daarop kerfde een Guardia met een mes de naam Aritz op een kogel die daarop opnieuw in het magazijn van het pistool werd geplaatst.
"Dit kan allemaal ongestraft gebeuren terwijl de verantwoordelijke instellingen de andere kant opkijken" aldus Juan Mari Olano, woordvoerder van het amnestiecomité "Askatasuna" (Vrijheid)
0p 2 augustus 1968 schoot een ETA-commando van 2 personen in de deuropening van zijn woning in Irún de chef van de politiek-sociale politie van Donostia, Melitón Manzanas, dood. Manzanas werkte tijdens de oorlog al aan de grens in Irún waar hij o.a. Engelse piloten en Joden uitleverde aan de bezettende macht aan de andere kant van de grens. In Baskenland had hij naam gemaakt als folteraar van Basken die hij te pakken kreeg. De laatste woorden die hij te horen kreeg voor de schoten vielen waren: "Manzanas, wij zijn van ETA." Opvallend bij deze aanslag was de verklaring van een priester: "Als priester kan ik niet akkoord gaan met het doden van mensen, maar de dood van Manzanas vervult mij met een enorme vreugde." Nooit werd officieel meegedeeld wie de dodelijke schoten loste maar waarschijnlijk viel de eer te beurt aan Javier Izko de la Iglesia. Het wachtwoord was de dag voordien toegekomen: "La abuela ha muerto. Mañana funerales." "Grootmoeder overleden. Morgen begrafenis."
De vijanden van de revolutie moeten van de aardbodem gevaagd worden
1 augustus 2002
In augustus van 1936 kwam een schilderij van Goya opnieuw tot leven. Het was de maand van de executies zonder proces. Generaal Mola had besloten dat de Burgeroorlog zou eindigen zonder gevangenissen: "De vijanden van de revolutie moeten van de aardbodem gevaagd worden." De republikeinse gouverneur van Santander schreef zijn instructies op: "Tegen iedereen die daden stelt tegen het leven of de eigendom van anderen moet de zwaarste straf toegepast worden." In Navarra alleen al werden 2.000 mensen gefusilleerd.
Tot op dit ogenblik blijven er massagraven dicht en weten vele mensen dat hun familieleden dood zijn, maar niet waar ze precies begraven werden. In elk dorp waar de Don Quichotes de Sancho Panzas opaten, weten de mensen wel in welk bos of op welke akker er slachtoffers onder de grond gestopt werden, maar nog steeds wordt er enkel over gefluisterd omdat nu de kinderen van de Don Quichotes aan de macht zijn.
Neem nu Jaime Ignacio del Burgo Tajadura. Hij was tijdens de Francodictatuur een toppoliticus in Navarra en op dit ogenblik is hij dat nog… Hij werd "genoemd", maar ook veroordeeld in verschillende vuile zaakjes, maar wist zich steeds uit de smurrie naar boven te spartelen. Del Burgo noemde de Baskische Regering onwettig, onrechtmatig omdat ze gedragen werd door "stemmen van een partij die het terrorisme ondersteunde". Toch is deze regering er gekomen via democratische verkiezingen, terwijl de partij van Del Burgo gesteund wordt door resten van de Francodictatuur die ontstond uit een muiterij tegen een wettig gekozen regering. Deze muiterij had een oorlog tot gevolg die 1.000.000 doden opleverde. Nooit hebben de kiezers van Del Burgo deze moorden veroordeeld! In Pamplona lopen er nog steeds kiezers van de partij van Del Burgo rond die De Caudillo als bezetenen toejuichten toen die zich onder een baldakijn door de stad liet dragen. Toch liet deze Führer meer dan 2.000 Navarrezen fusilleren, o.a. door andere Navarrezen. In de provincie Guipuzkoa (San Sebastián) werden er op één dag 16 priesters doodgeschoten, omdat sommigen onder hen nationalisten waren. Spanje is zo wat het enige land dat na een dictatuur niet gedenazificeerd werd! De huidige Spaanse Regering gaat alle schoolboeken herschrijven zodat de Burgeroorlog uit de geschiedenis zal verdwijnen. Wie heeft er bij de kloof van Otsoportillo in Navarra allemaal moeten kiezen of hij het ravijn insprong of eraf geschoten werd? De vrienden van Del Burgo gaan de namen samen met de doden in hetzelfde massagraf wegstoppen.
Bron: Gara 01.08.02 Artikel Pablo Antoñana en een lezersbrief van Alberto Ardanaz uit Pamplona
Baskische politieke gevangenen, een verzwegen leed
31 juli 2002
Editoriaal in Gara over een onderwerp dat "niet bestaat". De klachten tegen de behandeling van Baskische politieke gevangenen zijn volledig van de tafels en uit de agenda’s verdwenen. "Gestoras pro-Amnistía", de vereniging die zich het lot van deze groep aantrok werd verboden en een aantal leiders vlogen de gevangenis in. Dit kan toch enkel verzonnen worden in een bananenrepubliek! Enkel de familieleden laten nog regelmatig protest horen. Tot hen verboden wordt nog familie te zijn…
In de gevangenis van Alcalá Meco zijn de Basken al 88 dagen aan een hongerstaking bezig waarbij de gevangenen om de beurt één dag voedsel weigeren. In Soto del Real begonnen ze de vorige week met een gelijkaardige actie. Van uit Alcolea (Cordoba) komen aanhoudend klachten binnen omdat de bewakers volstrekt straffeloos gevangenen slaan, zelfs de sociale. Hoewel Bautista Barandalla waarschijnlijk niet zo heel lang meer te leven heeft, wordt hij toch steeds opnieuw heen en weer gesleept tussen de gevangenis en het ziekenhuis. Hij moet steeds een plastic zak bij zich dragen, nadat bijna de hele dikke darm verwijderd werd. "Maar zijn toestand is verenigbaar met het gevangenisleven" en "er moet binnen lange of middellange geen fatale afloop verwacht worden".
Baskisch Parlementsvoorzitter Atutxa wordt vervolgd
30 juli 2003
De nieuwe Kamer van het Baskisch Hooggerechtshof beslist, zoals te verwachten was, Baskisch Parlementsvoorzitter Atutxa, Gorka Knörr en Kontxi Bilbao te vervolgen. De beslissing viel na een stemming met vijf vóór en twee tegen. De nieuwe Kamer werd dan ook samengesteld met een meerderheid van PP-rechters. Hoewel de 3 beklaagden pas vandaag hiervan in kennis gesteld werden, was de "bevriende" krant, El Mundo, gisteren al op de hoogte! Dit gebeurde de laatste tijd herhaaldelijk. Bijvoorbeeld met de nietigverklaring van Batasuna!
Xabier Arzallus zegt onomwonden: "In Spanje is er geen democratie omdat de PP de spelregels heeft verbroken door de justitie te politiseren." In verband met de "voorspelling" van minister Michavila dat het zo zou uitdraaien zegt Arzalluz: "Ze zeggen dat Michavila van de ‘legionairs van Christus Koning’ is, of hoe ze zich noemen. We moeten ermee leren leven dat hij bovennatuurlijke bronnen van kennis heeft die wij, gewone gelovigen, niet hebben."
Ook voor de Socialistische burgemeester van Donostia, Odón Elorza, wordt het blijkbaar een beetje teveel: "Dit is niet goed voor het niveau van de relaties tussen de Baskische en de Nationale regering die loyaal moeten zijn, noch van de samenwerking die harmonieus moet kunnen verlopen." In deSpaanse pers wordt hij meteen verrot gescholden. "Intellectueel incompetent… lijdend aan een mentale diarree!" Van dit niveau…
Minister Arenas eist van de Secretaris Generaal van de PSOE dat hij niet meer praat met de PNV! Zapatero antwoordt: "Ofwel is er respect, ofwel werken we niet meer samen."
Maite Soroa neemt in Gara elke dag even de Spaanse pers door. Als ze haar zouden vast krijgen, wordt ze op zijn minst levend op de brandstapel gebracht. Spanje zegt dat ze niet echt bestaat, maar dat Maite Soroa een schuilnaam is voor enkele medewerkers van de krant. Spanje zegt ook dat "als Maite Soroa je aanwijst, je laatste uur heeft geslagen." Maar dat zei Spanje ook al van Pepe Rei in EGIN. Maite Soroa haalt er vooral die Basken door de mangel die hun eerstgeboorterecht voor een bord linzensoep hebben verkocht aan het land van de Katholieke Koningen. Collaborateurs dus.
Op 28 juli 2007 raakte bekend dat Florez, een Guardia Civil, werd gearresteerd en opgesloten omdat hij als dubbelagent voor "een handvol dollars" had gespioneerd voor de Russen. Dit stuk gewetenloos tuig was gedurende een aantal jaren verbonden aan de Guardia Civil-kazerne Intxaurrondo van Donostia-San Sebastián. Hierbij werkte hij mee aan het bespioneren van radicale Basken, meer concreet van leden van Batasuna en tegen de Europese tak Xaki die de internationale contacten voor de partij verzorgde.
Zou Florez na zijn arrestatie tot bekentenissen gedwongen zijn door hem een plastic zak over het hoofd te trekken, door slagen op het hoofd met telefoonboeken, vuistslagen tegen zijn testikels, onderdompelingen in een badkuip waarin zijn collega’s eerst gepist hadden? Dat zijn toch de ondervragingstechnieken in de kazerne daarboven, naast de snelweg naar het Noorden!
Onlangs verscheen in de Spaanse desinformatiemedia het bericht dat de Spaanse taal (officieel Castellano of Castilliaans genoemd) in gevaar zou zijn! Iedereen fronste de wenkbrauwen. De taal die officieel is in Spanje en in alle landen van Zuid-Amerika (op Brazilië na). In gevaar?
Er volgde meteen een “Manifest voor de eenheidstaal” ten voordele van de alleenheerschappij en de absolute dominantie van het Spaans, een toonbeeld van de ideologie van het Spaanse taalnationalisme in zijn meest radicale vorm, dichtbij grootheidswaanzin.
“Deze campagne is een manipulatie die tot een echt monsterachtig taalimperialisme leidt”, zegt de Spaanse taalkundige, Juan Carlos Moreno Cabrera (Madrid 1956) Hoogleraar Algemene Taalkunde aan de Autonome Universiteit van Madrid. Hij neemt zelfs het woord beligerante of oorlogszuchtig” in de mond! “Talen op zich werken op een min of meer natuurlijke wijze op elkaar in. Het gaat pas fout lopen als er een nationalistische taalideologie gehanteerd wordt die uitsluit zoals dat met de Spaanse taal gebeurt”.
“De bewering dat de regio’s (Baskenland, Galicië, Catalonië) het Spaans aan het uitroeien zijn, is leugenachtig”. “Zoals de waard is vertrouwt hij zijn gasten”, zegt Moreno Cabrero (in een Spaanse uitdrukking waarin in plaats van ‘waard’, ‘dief’ wordt gebruikt.)
“Ze interpreteren ‘hulp aan regionale talen’ als echte aanvallen”. Ze beschuldigen anderen van wat ze zelf doen! Het Spaans is helemaal niet superieur aan andere talen. Wel op sociaal vlak! Want vanaf het ogenblik dat een staat of een natie een andere domineert, verandert de zaak omdat de dominerende staat ook zijn taal opdringt. Al wat niet tot de eenheidstaal behoort, wordt beschouwd als anekdotisch of folkloristisch. Als de Basken of de Catalanen zouden willen dat hun taal wordt gesproken in Extremadura of in Castilla La Mancha zou de Spaanstalige kunnen zeggen dat hun taal bedreigd wordt, maar de Basken en de Catalanen willen enkel dat hun taal in hun eigen land wordt gesproken! De ideologie van de schrijvers van dat manifest zijn blind voor realiteit. Baskisch leren zien ze als een aanval, terwijl Engels leren een teken van cultuur zou zijn. Ze zeggen dat ze hun opdracht nakwamen bij het promoten van de co-officiële talen (Baskisch, Catalaans, Galicisch). Dit is gelogen. De autonome naties hebben het democratische recht hun taal (op legale) wijze te promoten en te stimuleren. De Baskische regering zal er eerst voor moeten zorgen dat alle Basken in staat zijn de taal te begrijpen. Het is tragisch dat niet alle Basken hun eigen taal begrijpen.
Joseba Segurola en Ibai Aginaga, die op 15 juli in Berriozar werden gearresteerd, klagen de folteringen aan gedurende de vijf dagen dat ze in afzondering waren. De enige bedoeling van de "behandeling" was zichzelf beschuldigen. Steeds werd opnieuw gevraagd wanneer ze andere "liberados" van ETA zouden ontmoeten. Ook wilde de politie bekentenissen voor alle aanslagen die nog niet waren opgelost.
Een rechter in Buenos Aires heeft de aanhouding bevolen van 45 militairen en één burger waarvan Baltasar Garzón de uitlevering aan Spanje eist wegens criminele feiten tijdens de Argentijnse dictatuur (1976-1983). Het gaat om genocide, staatsterrorisme en foltering van politieke gevangenen. Onder hen Jorge Videla, maar niet Jorge Sorregieta, vader van de Nederlandse prinses Maxima en van Baskische afkomst.
Wanneer begint Garzón eens voor eigen deur te keren? Staatsterrorisme, foltering van politieke gevangenen. Het klinkt bekend in de oren. En hier bleven ook gevangenen dood in gevangenissen en daarbuiten, en werden er mensen geliquideerd in Spaanse krijgsgevangenkampen na de Burgeroorlog, dus ook genocide...
Op het eiland Santa Klara in de baai van Donostia werd Olaia Kastresana herdacht die vijf jaar geleden, op 24 juli 2001 in Torrevieja, Alicante, om het leven kwam. Olaia was een jong en mooi meisje uit de wijk Egia, dat ETA-militante werd. Op die bewuste dag ging, in de flat van de ouders van haar vriend, met fatale gevolgen de bom af, die ze voor iets anders voorzien hadden.
In de loop van de avond van 24 juli 2001 kwamen overal in het land "gewelddadigen", "proetarras" (lees "pro-etarras") op straat om te protesteren. "In een normaal land heeft de jeugd het niet nodig met springtuigen om te gaan. Dat is de schuld van de bezetter." In de stad verschenen leuzen: "Agur eta Ohore Euskal Gudaria" (Tot ziens en alle Eer Baskische soldaat)
Op 28 juli kwamen de stoffelijke resten van Olaia Kastrexana terug naar Euskal Herria. De Gewapende Organisatie was intussen met de melding gekomen dat Olaia tot haar rangen behoorde. Er bleven in de geschiedenis al 33 activisten op deze manier dood. Alle eerbetuigingen werden door de Baskische Regering verboden. Op vele bruggen over de snelweg vanuit het Zuiden stonden echter jongeren met Ikurriña's de eer te bewijzen en de politie te trotseren. Bijzonder emotioneel. Een intocht!
Bij het binnenrijden van de provincie Gipuzkoa verschenen steeds meer uniformen, maar vermenigvuldigden zich eveneens het aantal rouwende, woedende personen, en jongeren die "gewelddadig" genoemd worden omdat ze dit niet over hun kant laten gaan. Bijna in Renteria aangekomen moet de dodenwagen even blijven staan voor een rood licht. Een vierhonderdtal personen bezette meteen de weg en begon het lied van de Baskische soldaat te zingen: Eusko Gudariak.
De kist werd verwelkomd en bedekt met de Ikurriña en het anagram van ETA. Dantzaris brachten de laatste eer. Één spandoek:
Olaia, zure borroka guretzat eredu - Olaia, je strijd is voor ons een voorbeeld
Slagzinnen die geroepen werden:
Herria ez da barkatuko - Het volk zal het niet vergeven
De woordvoerder van Gestoras pro Amnistia, Julen Larrinaga, zei dat "Kastresana de weg getoond had en dat de enige weg die we moeten bewandelen die van de confrontatie met de Staten (Spanje en Frankrijk) is. Niet omdat wij, maar zij zelf daarvoor gekozen hebben." Verder kreeg de PNV de volle lading.
Zijn toespraak werd voortdurend onderbroken door slagzinnen als:
"PNV errudun" - PNV Schuldige
Zure borroka jarraituko dugu - Wij zullen je strijd voortzetten
Jo ta ke irabazi arte - Wij zetten door tot aan de overwinning
Borroka da bide bakarra - Strijd is de enige weg
Gudariak dira, ez terroristak - Het zijn Strijders, geen Terroristen
Gerturik daukagu odola bere aldez emateko - Wij hebben ons bloed ervoor over om het voor U te geven.
Een jaar later, op 24 juli 2002 werd een gedenksteen onthuld op het eiland in de baai van Donostia.
Er wordt in het democratische Spanje even erg gefolterd als tijdens de dictatuur!
23 juli 2008
Van de gearresteerden in het “Complex Bizkaia” van ETA werden er twee vrijgelaten nadat ze vijf dagen in afzondering zaten: Libe Agirre y Adur Aristegi. (Dit is om de actie “democratisch” te laten lijken.) Gisteren verschenen beiden voor de pers, samen met twee advocaten (Aiert Larrarte en Ane Ituiño) van de organisatie tegen foltering; Torturaren Aurkako Taldea (TAT). Vandaag staat hun getuigenis in Gara. De Spaanse pers hult zich in een oorverdovende stilte.
“Het waren de ergste dagen van ons leven”, verklaarden ze met een krop in de keel. Ze waren niet in staat zelf hun getuigenis te verhalen en dat werd dan maar gedaan door de advocaten. Ze werden op 22 juli opgepakt. Meteen kregen ze slagen te verduren en daarbij werd er door de Guardia Civiles enkel op gelet dat er geen “sporen” op het lichaam achter bleven. Meteen nadat ze in de Nissan Patrol zaten, zei één van de Guardias tegen Aristegi: “We gaan je vermoorden, hoerenzoon. Het gaat een hel worden!” De reis naar Madrid was erger dan de ondervragingen in het politiecommissariaat van Tres Cantos. “We gaan met je naar Aquapark”, zoals ze in december met Gorka Lupiañez deden. Die hingen ze ondersteboven in het ijskoude water van een rivier. “Je gaat zingen vóór we er aankomen. Er zijn zeven fases en nu ben je in de eerste fase. Zoals iedereen ga je alles zeggen wat je weet, nog voor we in de vierde zijn!” “Ze trokken me de plastic zak over de kop en toen ik die kon stukbijten werden ze woest”. ‘Eén van de agenten, die ‘el Bilbaino’ werd genoemd, vroeg of ik die uit mijn dorp kende die zichzelf gedood had in de cel, (doelend op Joxe Mari Aranzamendi, “Katxue”, + in 1997). Die is door mijn handen gegaan en je weet in welke toestand hij in de gevangenis aankwam. Nu weet je hoe het met jou gaat aflopen.” “Ze trokken de plastic zak over mijn hoofd, ik moest door de knieën zakken tot ik niet meer kon, ze trokken aan mijn genitaliën, ik moest onmogelijke houdingen aannemen en ze dreigden ermee mij de stok in de anus te steken”. Tegen de gerechtsdokter had hij niets durven zeggen omdat de behandeling daarna nog erger zou worden, zoals ze hem verzekerd hadden. Aristegi was zeven kilo afgevallen.
Het ‘verhaal’ van Libe Agirre was gelijkaardig: Zij werd opgepakt in Fuengirola waar ze op vakantie was. Haar behandeling was correct verlopen tot ze in Madrid kwamen. Zij werd door vier personen met kappen over het hoofd voortdurend bedreigd met verkrachting. “Je zult leren wat goed is. We gaan je verkrachten.” “Het was als een Tv-programma: Ze stelden vragen en als ik de waarheid zei kreeg ik punten, maar als ik loog trokken ze me alle punten af en zegden ze dat ze mijn vriend, die ook was gearresteerd, gingen verkrachten. Als ze me terug naar de cel brachten, kwamen ze in mijn oor zeggen dat ze ’s nachts zouden terugkeren als ik sliep om te neuken. Ze deden het niet, maar ik was doodsbang. De nachtelijke behandelingen waren het ergste. Ik hoorde de anderen schreeuwen van de pijn en we moesten het Spaanse volkslied en “chiki-chiki” zingen (het Spaanse liedje van het laatste Songfestival.)
Deze behandelingen waren nog vrij zacht. Beiden werden vrijgelaten en dat zullen de folteraars misschien geweten hebben. Wat gebeurde er met de anderen die nog vastzitten?
In 1976 verdween in Behobia Eduardo Moreno Bergaretxe "Pertur", 26 jaar oud, afkomstig van San Sebastián, maar sinds 1972 in het Noorden verblijvend. Hij was militant van ETApm. Volgens de abertzales is hij het slachtoffer van de "vuile oorlog" tegen de Basken, volgens de tegenstanders werd hij door ETA zelf geliquideerd.
In Gara haalt Bautista Uribe, militant in het ANV, Acción Nacionalista Vasca, herinneringen op aan de slag van Albertia, kort vóór het einde van de Spaanse Burgeroorlog, 67 jaar geleden. Uribe werd op 14 juli 2002 geëerd op de berg Albertia, op zijn 84steverjaardag.
"Ik was nog geen 17 toen ik me aansloot bij het ANV. Sindsdien is mijn leuze niet veranderd:
"Aberria ala hil" (Het Vaderland of de dood). "Nunca cambiaré de chaqueta" "Ik heb mijn jas nooit gekeerd" zegt Uribe, niet zonder enige fierheid.
Op 19 juli 1936 werd Otxandio gebombardeerd. "s Anderendaags kwamen we in Durango samen om te bespreken wat we konden doen. Enkele dagen later bestormden we met dynamiet de kazerne van Loiola (San Sebastián) en bemachtigden zo geweren en munitie. Vanaf toen vormden we compagnies van het Eerste Bataljon van het ANV. We konden de bergen Maroto en Jarindo bezetten. Het volgende doel was de berg Albertia, waar de fascisten zaten. Op 11 november begon de harde, bloedige strijd. Aan beide zijden vielen er ontelbare slachtoffers. We dienden ons soms terug te trekken, om daarna weer aan te vallen. 17 Soldaten van het ANV en CNT werden gevangen genomen en gefusilleerd. Sommige soldaten die wij gevangen namen konden we overtuigen onze kant te kiezen. Het waren vaak eenvoudige jongens die in militaire dienst door de oorlog overvallen waren. Maar we konden de ongelijke strijd niet winnen. Hun bewapening was superieur aan de onze.
De strijd ging verder op andere fronten: Otxandio Mañaria, Elorrio en later in Durango. Ik moest dynamiet in het vijandelijke kamp schieten met een katapult. Maar het werd onhoudbaar tegen hun tanks. In Etxano verloor ik mijn broer. We dienden ons terug te trekken tot in Castro Urdiales en laterzelfs tot Santander. In Laredo werd ik gevangen genomen en ik zat zes maanden in El Dueso. Elke nacht kwamen de falangisten met een vrachtwagen een aantal gevangenen ophalen. Op een nacht was ik aan de beurt, maar een Baskisch sergeant die tijdens zijn dienstplicht in het andere kamp terecht was gekomen kon me redden via zijn overste. We kwamen in Burgos terecht, later in Miranda de Ebro, in een concentratiekamp met wel 4.000 gevangenen. Tot slot in Carabanchel waar we mijnen moesten leggen rond Madrid. Toen de oorlog ten einde was kwam ik in een ploeg terecht die wegen moest herstellen tussen Madrid en Toledo. Later kwam ik in de vallei van Baztan, meer bepaald in Elizondo. In 1945 kwam ik vrij, een vrijheid die wij nog steeds eisen voor ons land, Euskal Herria. "Aberria ala hil", dat moet klaar blijven, ook voor de politieke partijen. Eerst het Vaderland, dan de partij. Ook die van de PNV moeten hun naam nooit vergeten, Partido Nacionalista Vasco, "nacionalista", "nación"… Ik blijf in de loopgrachten ter verdediging van Euskal Herria. Ik ben een onafhankelijkheidsstrijder, zoon van een Carlist.
In 1936 werd een embargo gelegd op de bezittingen van de ANV, meer dan honderd lokalen, de archieven, maar de ANV leeft. Nu zien we weer hetzelfde gebeuren. Franco wilde op een snelle manier van de Basken af. Aznar doet het nu iets rustiger. De PP doodt langzaam: gevangenis, verspreiding, repressie, foltering. Het is duidelijk dat de oorlog van 36 nog niet voorbij is. We blijven in oorlog met Spanje!
Aginaga en Segurola die vijf dagen geleden in Navarra werden opgepakt, dienen via hun advocaat klacht in wegens foltering. Ze konden even met hun advocaat en hun familie spreken alvorens overgebracht te worden naar Soto del Real. Eén van hen had een aantal keren het bewustzijn verloren nadat hem de keel werd dichtgeknepen. Magistraat Fernando Andreu had hen echter van geen enkele concrete actie beschuldigd.
Baskische politieke gevangenen die hun straf in Frankrijk uitgezeten hebben, blijven in het ongewisse of ze vrij komen of aan Spanje worden uitgeleverd. Om tegen een eventuele uitlevering te protesteren gaan ze meestal in hongerstaking. Ook al zaten ze in de gevangenis van Bordeaux, nooit worden ze in Irún de grens overgezet. Gisteren had Mikel Urkia zijn straf van zes jaar erop zitten en 31 dagen hongerstaking achter de rug. Een dertigtal vrienden en familieleden waren met verschillende auto’s naar Catalonië vertrokken om aan de grensovergangen van Port Bou en La Junquera de wacht op te trekken. Onderweg kregen ze te maken met de gekende politiecontroles. Daarbij vernamen ze dat Urkia vrij zou komen omdat niets tegen hem liep in Spanje. Hoewel hij 15 kilo lichaamsgewicht verloren had moest hij de laatste kilometer lopend afleggen.
Samen mochten ze dan terugreizen naar Renteria. (Dit belet niet dat Urkia binnenkort even naar Madrid wordt geroepen om hem "een paar vragen" te stellen en als de antwoorden anders zijn dan verwacht….)
Op 18 juli 1961, op de 25ste verjaardag van de Alzamiento (de staatsgreep door Franco), werden in Donostia twee Spaanse vlaggen in brand gestoken en werd geprobeerd een special ingelegde trein te laten ontsporen met falangisten die de verjaardag van de staatsgreep van 1936 wilden vieren in Donostia. De poging mislukte. Meer dan honderd militanten en sympathisanten werden opgepakt of moesten naar Iparralde vluchten. Iulen Madariaga, Benito del Valle, Iñaki Irigaray en Javier Elosegi gingen in ballingschap en wie, zelfs zonder bewijslast, gearresteerd werd, kreeg gevangenisstraffen tot 20 jaar opsluiting na eerst meedogenloos te zijn gefolterd. Hoewel het grote aantal arrestaties als een gevoelige tik ervaren werd, was het te weinig om een snel groeiende ETA een halt toe te roepen.
In de fabrieken en de scholen was het repressieve klimaat verstikkend: constante aanwezigheid van politie en Guardia Civil, voortdurend willekeurige aanhoudingen, niets ontziende mishandelingen, ontelbare controles te pas en te onpas…Als reactie op dat geweld groeide het besef van een revolutionair tegengeweld: de jongeren werden langzaam, maar zeker overtuigd van de noodzaak van de gewapende strijd.
In Rivière, in de buurt van Dax, ontdekt de Franse politie (samen met de Guardia Civil) in een voormalig fabriek een groot arsenaal van wel 100 wapens (Uzis en Cetmes) en meer dan 500 kilo munitie. Volgens sommigen zou de opslagplaats al lang "verlaten" zijn en ze wordt nu "gelinkt" met Asier Oiartzabal die in september 2001 gearresteerd werd. Mogelijk gebruikte ETA deze opslagplaats al sinds 20 jaar en het zou om één der best bewaarde geheimen van ETA gaan. De opslagplaats zou binnen de organisatie de naam "Chernobil" hebben gehad.
Er worden zes personen gearresteerd, onder wie een echtpaar van 70 en 77 jaar die kort daarop worden vrijgelaten. Ook hun dochters (45 en 39 jaar) worden opgepakt. Ze hebben Baskische familienamen, maar hebben allen de Franse nationaliteit.
De Baskische Minister van Justitie, Joseba Azkarraga dringt er bij regeringspresident Zapatero op aan moed te tonen om de rechten in Baskenland in hun vroegere toestand te herstellen en de vrijheden te herstellen. Azkarraga vraagt de penitentiaire politiek die in gang werd gezet door de PP te herzien. "De politiek van de glimlach van de PSOE moet gestaafd worden met feiten." Het conflict moet "gehumaniseerd" worden. Maximumstraffen van 40 jaar die tot de laatste dag moeten uitgezeten worden zijn niet van deze tijd. Gevangenen moeten dichter bij huis ondergebracht worden, ongeneeslijkzieke gevangen moeten vrijkomen en alle gevangenen moeten in voorlopige vrijheid gesteld worden nadat ze 3/4devan hun straf uitzaten. EA zal in het Spaanse Congres voorstellen neerleggen om ook de "Partijenwet" af te schaffen.
In de morgen van 15 juli 1998 werd de krant “EGIN” en de zender “EGIN Irratia” door de Spaanse regering gesloten. Op last van rechter Baltasar Garzón vielen een 150-tal politieagenten de krant binnen om de dissidente stem van de 20-jarige onafhankelijke krant in de kiem te smoren. Later zal blijken dat dit onwettelijk was. Eén dag later al verscheen de opvolger “Euskadi Informaciόn”. De populist Mariano Rajoy had nochtans verzekerd dat de krant voor eeuwig het zwijgen was opgelegd. “Euskadi Informaciόn” heeft het 198 dagen volgehouden. Als noodoplossing een bovenmenselijke prestatie. Intussen werd kapitaal voor een nieuwe krant bij elkaar gehaald door enorm veel kleine “deelgenoten”. Die grote hoeveelheid "aandeelhouders" had de bedoeling dat ze die "op één dag" niet allemaal konden opsluiten!
De Basken zijn een wielerminnend volk. Steeds hadden ze goede wielrenners die in ons land onder de naam "Spanjaarden" bekend werden. Zo is de Ronde van Baskenland veel ouder dan de "Vuelta", de Ronde van Spanje. Met de Ronde van Frankrijk hebben ze altijd een haatliefde verhouding gehad en de Ronde van Spanje maakt al jaren een grote boog rond Baskenland. Vandaag ging de Tourrit van start in het mooie Baskische stadje Kanbo, door de Fransen ooit omgedoopt in Cambo les Bains. Onderweg werden een aantal renners even staande gehouden door een spandoek met de Engelse tekst "Vrijheid voor Baskenland" en kleinere pamfletjes in het Frans en in het Baskische met de eis voor respect en (politieke) erkenning.
In Baskenland kan je maar beter niet de familienaam ETXABE dragen. Een paar voorbeelden:priester Jon Etxabe werd aangeklaagd in het proces van Burgos, er waren bomaanslagen en brandstichtingen op verscheidene restaurants en bars uitgebaat door een Etxabe, er waren de aanslagen op Iñaki Etxabe in hotel Kanpazar en op Juan José Etxabe in Saint Jean de Luz…
Juan José EtxabeOrobengoaoverleed aan een hartinfarct in zijn woning te Urruña op 12 juli 1996. Hij werd in Arrasate geboren op 11 november 1937, als 2devan 8 broers. In 1955 trad Juan José toe tot de jongerenorganisatie “EGI” van de PNV. Na de afscheuring van die partij militeerde hij in ETA, waarvan hij één van de minder bekende medeoprichters was. In 1960 werd hij een eerste maal gearresteerd door de Guardia Civil toen hij leuzen tegen Franco schilderde op muren. In 1963, na de 2deAssemblee van ETA, werd hij verantwoordelijk voor het militaire front. In die functie bleef hij verantwoordelijk tot 1970. Hij werd beschouwd als een harde radicaal, maar dat ontkende hijzelf. Wel gaf hij toe in gedachten zeer radicaal te zijn. In ieder geval, wat de gewapende acties betrof, was hij dat helemaal niet. In 1971 verliet hij de organisatie wegens meningsverschillen, en hij trok zich terug in zijn restaurant in Saint Jean de Luz. In dat restaurant kreeg hij 2 aanslagen te verduren van huurlingen, in dienst van de Spaanse regering. De meest vernietigende was de aanslag op 2 juni 1978, waarbij zijn vrouw Agurtzane om het leven kwam en hijzelf heel ernstig gewond raakte. Drie jaar voordien had de Guardia Civil al zijn broer Iñaki vermoord wegens het simpele gegeven dat hij de naam Etxabe droeg. Alsof dat nog niet genoeg was, zijn restaurant was volledig vernield, werd de handelsvergunning die zijn vrouw had om een kledingzaak open te houden, ingetrokken. Hij bleef met zijn drie kinderen verweesd achter. Meermaals werd hij gearresteerd en 8 maal ging hij in hongerstaking. Zijn laatste arrestatie (meer dan één maand hechtenis) dateerde van 21 mei 1996. Nadien kon hij niet meer gearresteerd worden, want hij overleed aan een hartinfarct in zijn woning te Urruña op 12 juli 1996.
Zoals verwacht werden de twee Catalanen, Jaume Roura en Enric Stern opnieuw veroordeeld in het proces dat diende overgedaan worden omdat de Voorzitter hen in november van het vorig jaar een tolk Catalaans had geweigerd. Het delict dat ze gepleegd hadden was het in brand steken van een foto van Juan Carlos de Borbón y Borbón, van beroep Koning. De straf is natuurlijk dezelfde gebleven: 2.700 euro’s. De feiten vonden plaats in Girona op 13 september 2007 en werden, na de arrestatie, gevolgd door vele gelijkaardige gevallen van “brandstichting” en manifestaties achter de slagzin in het mooie Catalaans: “Jo també soc antimonárquic” (Ik ben ook antimonarchist) en “Ook ik stak de Spaanse Kroon in brand”. Eén van de beklaagden droeg zelfs een T-shirt met die slagzin!
Santiago Arrospide Sarasola “Santi Potros” en Idoia López Riaño “Tigresa”worden tot respectievelijk 1.920 en 1.572 jaar gevangenis veroordeeld voor de aanslag op een bus Guardia Civiles op de Plaza de la República Dominicana in centrum Madrid op 14 juli 1986 waarbij 12 Guardias het leven verloren.
Het Openbaar Ministerie van het Hoogste Franse Gerecht verzet zich tegen de uitlevering van 3 militanten van de radicale Baskische jongerenorganisatie Segi: Yves Matxikote, Haritza Galarraga en Amaia Rekarte. Het gaat om 3 Franse staatsburgers en magistraat Garzón had de uitlevering gevraagd in toepassing van het Internationaal Uitleveringsbevel wegens "terroristische activiteiten". De organisatie "Segi" is in Spanje verboden, maar niet in Frankrijk. De eis van Garzón was gebaseerd op activiteiten in Donostia en Usurbil, maar ook in "Frans" Baskenland.
Het Hoogste Franse Gerecht zegt nu dat een uitlevering de nationale soevereiniteit zou aantasten.
Er blijven schaduwen hangen over de dood van Ina Zeberio die misschien gaan opklaren nu het Gerechtshof van Bizkaia besloot de zaak opnieuw te openen. Op 5 juni 1998 werd Ina Zeberio, in een treffen met de Ertzaintza, in Gernika doodgeschoten. Tijdens het onderzoek werden de getuigen niet gehoord en de zaak werd geklasseerd. De bedoeling van de politieactie in de Calle Pablo Picasso nr. 11 was het "comando Bizkaia" op te ruimen. Bij de inval in de woning verloor Ina Zeberio het leven en werden Patxi Marqués en Iñaki Bilbao Gaubeka gearresteerd, terwijl er verder in de provincies Bizkaia en Araba nog 19 anderen opgepakt.
Op dat ogenblik waren de onderhandelingen al bezig die zouden leiden tot het akkoord van Lizarra-Garazi dat drie maanden later tot stand kwam. Nadat ETA in een communiqué erkende dat Ina Zeberio in haar rangen streed, verklaarden ze eveneens dat de zeven maanden eerder afgekondigde opschorting van "selectieve acties" tegen de Ertzainas was afgelopen.
Onmiddellijk na afloop kwam het departement van Binnenlandse Zaken van Lakua met een officiële versie waarin stond dat de Ertzaintza had geschoten als antwoord op de schoten van Zeberio die afgevuurd werden toen ze het huis binnenkwamen. Maar in het lichaam waren 24 kogelgaten! Daarbij kwamen nog de vele inslagen in de kasten (13 inslagen) de deur (28 inslagen!) de vensters, enz…(12 inslagen).
Meteen na de dood van Zeberio kwam de Baltasar Garzón op de proppen. De officiële versie werd steeds mooier.
·Zo zou Zeberio gewekt zijn door het kraken van de houten trap terwijl de Ertzainas voordien met explosieven de deur hadden geopend!
·Ook zou Ina de deur geopend hebben en er zich gedeeltelijk achter hebben verstopt. Daarop had ze drie keer geschoten. Hierdoor raakte een agent gewond. Daarop hadden de drie agenten die het dichts bij stonden de schoten beantwoord hebben waarna Ina gevallen was. Meteen werd ze zelf en Patxi Marqués geboeid!
·De lijkschouwing vond dat het eerste schot dat Ina raakte meteen in het hart terecht kwam
Van de 22 arrestanten wachten er nu 20 op hun proces, terwijl er twee werden vrijgelaten.
Op deze dag, in 1985, wilde de nieuwe, jonge, moderne en ongetwijfeld "democratische" directeur van de gevangenis van Martutene (Donostia) zijn delinquenten een cadeautje doen. Nadat hij al eerder op foto’s te zien was terwijl hij samen met de gevangenen voetbalde, had hij nu in de voormiddag de Baskische zanger, Imanol, uitgenodigd om op te treden. Twee Baskische, politieke gevangenen, Iñaki Pikabea "Pitti" en Joseba Sarrionaindia "Sarri" waren in die periode toevallig, tijdelijk en om verschillende redenen naar deze gevangenis overgebracht. Toen na het optreden van Imanol appél werd geblazen voor het middageten waren Pikabea en Sarri verdwenen! Buiten gedragen in de geprepareerde versterkers van de begeleidingsband van Imanol! In heel Baskenland was een schaterlach (en knallende champagnekurken…) te horen die nu nog naklinkt. De directeur werd op staande voet ontslagen en alle jongeren zongen jaren later nog het liedje "Sarri, sarri, sarri", de bijnaam van de schrijver en politiek activist, Sarrionaindia, maar ook gewoon de vertaling van "vaak, vaak, vaak"…
Op haar proces voor het Hooggerechtshof in Madrid roept Belén González Peñalva "Carmen" in haar "laatste woord" beide Staten op "de gelegenheid ernstig te baat te nemen om via een open dialoog naar een oplossing van het conflict te zoeken. Deze oplossing kan er enkel komen door een erkenningvan het zelfbeschikkingsrecht van Euskal Herria."
González Peñalva was één van de gesprekspartners aan de kant van ETA bij de onderhandelingen met de Regering Felipe González in Algiers en later ook met de Regering Aznar in Zürich.
Bij het begin van de zitting over de dood van de viceadmiraal Escrigas Estrada in 1985 in Madrid, had "Carmen" al te kennen gegeven dat ze het gerecht niet erkende, en eraan toegevoegd dat dit soort acties "het gevolg zijn van het politiek conflict dat de Franse en de Spaanse Staat handhaven door Euskal Herria niet als natie te erkennen." De voorzitter van de rechtbank had haar daarop onderbroken.
Onder de getuigen bevonden zich de Baskische politieke gevangenen Iñaki de Juana Chaos die toegaf in het "commando Madrid" gemiliteerd te hebben, maar niet samen met Carmen. Hij zei haar wel te kennen van haar werk als onderhandelaar met de regering Aznar. Een andere politiek gevangene, Inés delRio, verklaarde haar te kennen van in de gevangenis. Juan Manuel Soares Gamboa, spijtoptant van ETA, zei dat hij het was geweest die op Escrigas geschoten had.
Donderslag bij heldere hemel! De vierde afdeling van het Hooggerechtshof verklaart dat mediamagistraat Baltasar Garzón niet beschikte over voldoende bewijsmateriaal om de medewerkers van Orain te beschuldigen van lidmaatschap van gewapende bende en hij hun krant, EGIN en de radio Egin Irratia, niet had mogen sluiten! Erger! Garzón wordt ervan beschuldigd "ten dienste gestaan te hebben van een politieke strategie, van een vooraf vastgesteld objectief om tegen om het even welke prijs, de sluiting van EGIN er door te drukken”. Acht jaar later, op 26 mei 2009, werd dit trouwens in cassatie bevestigd bij het Hooggerechtshof.
In de nacht van 19 september 2000 werden in de vallei van Sakana, Navarra, vier jongeren gearresteerd door de Guardia Civil, terwijl op hetzelfde ogenblik in zes dorpen van de vallei acht lokalen werden doorzocht, o.a. de gaztetxes (jeugdhuizen) van Olatzi, Altsasu, Ziorda en Lakuntza. Eén vande arrestanten durfde achteraf te verklaren dat hij bij de "ondervraging" geslagen werd en de plastic zak over het hoofd getrokken kreeg. Waren er dan mensen vermoord? Kinderen of begijnen verkracht, werden er harddrugs verhandeld? Veel erger! De jongeren hadden een bulletin samengesteld onder de titel "Alde Hemendik" (Oprotten) waarin ze de pesterijen van de Guardia Civil op een rijtje hadden gezet, o.a. de vele controles van auto’s. De ooit zo democratische, linkse krant El País had achttien dagen eerder getiteld dat radicale jongeren een bulletin hadden opgesteld met gegevens die konden dienen om de Guardia Civil aan te vallen in Navarra! De rechter had daarop besloten de verantwoordelijken, eens geïdentificeerd, te beschuldigen van "medewerking aan gewapende bende"! Er werden straffen van zes jaar geëist. Dit alles katalyseerde in het initiatief "Utzi bakean Sakana" (Laat Sakana met rust). Drie maanden na de arrestatie werden de jongeren voorlopig vrijgelaten en op 4 juli 2003 sprak het Hooggerechtshof hen vrij... (De "plastic zak" heeft echter zijn sporen nagelaten en de namen in de krant ook…)
De strafrechtbank van Pamplona spreekt een jongere vrij van “aanslag” en van “toebrengen van letsel”. Er werd een jaar gevangenis tegen hem geëist en schadeloosstelling van 938.000 peseta’s. Had de onverlaat een auto opgeblazen? Een politiecombi in brand gestoken? Ez! Neen! Tijdens een manifestatie ten voordele van de gevangenen zou hij een politieman een "patada" (een trap) hebben gegeven en een andere een "puñetazo" (een opdoffer). De tekst van de vrijspraak wijst er op dat het onmogelijk is dat iemand in staat is tegen deze robocops tot iets dergelijks in staat is, zeker als hij op hetzelfde ogenblik ook nog tegen een muur in bedwang wordt gehouden.
Deze dingen gebeurden bij de vleet in voorbije, zwarte tijden toen dergelijke zaken niet eens voor de rechtbank kwamen.
Nu zo ongeveer iedereen een videotoestel heeft komen steeds meer opnamen boven die particulieren vanuit hun venster of balkon maakten van "arrestaties waarbij in groep verzet werd gepleegd tegen de autoriteiten." Na het projecteren blijkt dat alles gelogen is.
De parlementaire onderzoekscommissie die de aanslag van Islamterroristen in Madrid van 11 maart vorig jaar onderzocht (191 doden en 1.500 gewonden) komt tot het eindbesluit dat de Regering Aznar loog toen ze dagenlang de schuld in de schoenen van ETA wilde schuiven. Regeringspresident Aznar, met zijn kornuiten, deed dit met de bedoeling de verkiezingen van enkele dagen later te winnen. Als de daders Moslimterroristen waren kon de deelname van Spanje aan de oorlog in Irak in zijn nadeel uitdraaien. Met ETA als dader zou hij de verkiezingen winnen. (Maar de mensen waren niet zo dom als de PP dacht en Zapatero werd Regeringspresident.) Toen iedereen al lang wist dat ETA geen uitstaans had met deze moordpartij probeerde de PP toch nog met een verhaal te komen over samenzwering tussen ETA en Islamterroristen. "Ze hadden ze met elkaar zien praten in de gevangenis!" Intussen had een Guardia Civil en zijn zoon in Pamplona het recht in eigen handen genomen toen een bakker, Angel Berrueta, weigerde een affiche tegen ETA in zijn uitstalraam te hangen. Hij werd door de zoon doodgestoken en door de vader doodgeschoten. (Beide kwetsuren waren dodelijk!) Op een protestmeting in Renteria trad de "Baskische" politie hardhandig op en een vrouw overleed aan een hartaanval.
Naderhand bleek nog dat op de computers van het Ministerie alle informatie verdwenen was van de dagen die volgden op de aanslag! In het hoofdartikel van vandaag titelt Gara: "De Regering loog. ¿En nu?" De regering misbruikte 191 doden voor haar eigen electorale interesses. Komt dit niet voor het Hooggerechtshof (in een land waar dat wel gebeurt met een Baskische jongere die met stenen gooit.) Maar wat als de PP nu de verkiezingen wel gewonnen had? Of als ze de volgende verkiezingen winnen. In een klimaat dat ze door hun voortdurende leugens geschapen hadden. Staat hier écht geen straf op?
Op 1 juli 1937, sloot de hoogste hiërarchie van de Spaanse katholieke Kerk een bloedpact met de Francodictatuur onder de titel "Brief van de Spaanse Bisschoppen aan de bisschoppen van de wereld aangaande de Zaak van Generaal Franco". Het pact was, op verzoek van de dictator, uitgetekend door kardinaal Isidro Gomá en werd ondertekend door al de andere Spaanse bisschoppen behalve Mateo Múgica en Francesc Vidal i Barraquer. De twee moedigen droegen niet zo maar een respectievelijk Baskische en een Catalaanse naam!
De Spaanse Kerk wilde de herinnering aan haar "martelaars" laten voortleven met iets meer dan begrafenisceremonies en monumenten, en vroeg niet minder dan hun heiligverklaring! Pius XII wilde echter niet weten van een ongedifferentieerde en massale heiligverklaring van duizenden "gevallenen voor God en voor Spanje". De opvolgers van Pius XII, Johannes XXIII en Paulus VI lieten zich evenmin voor de fascistische kar spannen. Paradoxaal genoeg wierp de ingreep vruchten af lang nadat Franco naar de eeuwige jachtvelden was vertrokken en in Spanje de zogenaamde "democratie" hersteld was. De zaken namen een keerpunt met Johannes Paulus II, de goede heilige man uit Polen, die in 1982 aan de Spaanse bisschoppen kond deed dat hij werk ging maken van de zaligverklaringen van de martelaars van "de religieuze vervolgingen in Spanje"!
Op die manier werd de Spaanse Kerk in volle glorie het enige instituut dat de overwinnaars van de Burgeroorlog bleef eren en de familieleden van de duizenden door de dictatuur vermoorde mensen (waaronder zeer veel katholieke Basken) bleef krenken en vernederen!
Het herinneringspark van Sartaguda nadert zijn voltooiing.
Gisteren werd in het Park van Sartaguda het voornaamste kunstwerk geplaatst. Onder de aanwezigen de vermaarde kunstenaar, Nestor Basterretxea, verder de burgemeester, José Ramón Martínez Benito die recent uit de Socialistische partij werd gekegeld, Asun Larreta, de woordvoerster van de "Vereniging Familieleden en Vrienden van Gefusilleerden van Navarra", Juan Carlos Espinosa, de woordvoerder van de "Vereniging Dorp van de Weduwen", en Carlos Martínez coördinator van het park. Basterretxea verklaarde dat hij vanaf het eerste ogenblik de uitnodiging aanvaard had om aan dit park mee te werken omdat hij zichzelf "kind van de oorlog "noemde" en erg geleden had onder de gevolgen ervan. "Ik was 12 jaar toen de oorlog begon en ik beleefde de schrik van mijn leven toen mijn vader diende te vluchten en pas 17 jaar later uit ballingschap terugkeerde." Het kunstwerk van Basterretxea stelt een muur voor waarop het silhouet van een vastgebonden veroordeelde het fatale ogenblik afwacht. Naast hem zijn de kogelgaten te zien die er kwamen ten gevolge van eerdere terechtstellingen. De burgemeester wees op de sentimentele waarde van het park en op zijn belang voor Sartaguda. Opdat iedereen zal weten wat hier gebeurde en zo vermeden kan worden dat het nóg eens gebeurt. Asun Larreta had het over de financiële kant. Het park zal 487.000 euro’s kosten en daarvan zijn er op dit ogenblik 360.000 binnen. Zij liet niet na erop te wijzen dat de stad Iruñea-Pamplona tot op heden nog geen cent had bijgedragen!
Op de muur die er al staat zullen de namen van de 2.700 gefusilleerden uit Navarra komen, de namen van de doden in het Fort van San Cristóbal, boven Pamplona en de mensen uit Navarra die in het concentratiekamp Mauthaussen het leven lieten.
Het kunstwerk van José Ramón Anda, een momumentale toegangspoort, zal het park moeten voltooien, maar de installatie ervan zal erg complex zijn. Het zal pas op 4 maart 2009 kunnen geplaatst worden.
Angel Pikabea werd vanuit de gevangenis van Moulins (Fr) overgebracht naar een penitentiaire instelling in Perpignan, omdat hij beschuldigd werd een vluchtpoging ondernomen te hebben. Tijdens het voetballen in de gevangenis was er plots een helikopter laag komen overvliegen en de gevangenen hadden dit feit becommentarieerd. Vluchtpoging! Tijdens die overbrenging werd hij bovendien geslagen. In Perpignan kreeg hij een bijkomende straf van drie maanden isolement. Uit protest tegen dit alles ging Pikabea op 18 mei in hongerstaking waardoorhij zo erg verzwakte dat hij in een rolstoel terecht kwam. Hij woog al maar 66 kilo en op 23 juni was hij nog eens 18 kilo lichter geworden.
Wat blijkt nu? Zonder dat iemand van de familie op de hoogte werd gebracht werd Pikabea, na 41 dagen hongerstaking, vanuit Perpignan overgebracht naar het gevangenisziekenhuis van Fresnes. Bij het bezoek aan Perpignan, het voorbije weekend, werden ze hierover ingelicht door medegevangenen… Bellen met de gevangenis lukte niet tot de familie ontdekte dat het vanuit een openbare cel wel ging. Dat nummer kenden ze in de gevangenis niet en het werd dus niet geweigerd…
Al deze extra straffen zijn gebaseerd op leugens! Niet enkel de gevangene is er het slachtoffer van, maar de hele familie en de vrienden.
Pikabea heeft zijn hongerstaking inmiddels stopgezet.
Op 28 juni 2008 maakt de krant Gara melding van het feit dat de Audiencia Nacional de verdwijning van Pertur uit 1976 zal onderzoeken. De dag voordien had de magistraat, Fernando Andreu, bekend gemaakt dat hij op vraag van de ouders van Pertur de zaak opnieuw zal onderzoeken. Hij oordeelt het rationeel mogelijk dat ETA zelf, of een een andere paramilitaire groepering, verantwoordelijk is voor de verdwijning. De familie zelf schuift drie pistes naar voren: ETA zelf, een extreemrechtse gewapende groepering of Italiaanse neofascisten.
Wie tegen democratische (?) justitiële beslissingen protesteert, wordt terrorist genoemd…
27 juni 2006
Op 3 december van het voorbije jaar werd in Pamplona een manifestatie gehouden om de eerbiediging van burgerlijke en politieke rechten te eisen. Dat die rechten er zeker nog niet zijn mag blijken uit volgend bericht:
De betoging werd door de Spaanse gouverneur verboden en verschillende uren later kwamen twee jongeren uit Zarautz die in het centrum van Pamplona met vrienden waren gaan eten "stoemelings" in een charge van de politie terecht. Inaxio Olabezela werd daarbij door verschillende agenten geslagen en opgepakt. Toen zijn vriend Imanol Uria enkele uren later op het politiekantoor in de Chinchillastraat ging vragen hoe het er met zijn vriend uitzag, werd er ook op hem ingeslagen en werd hij eveneens opgesloten. Eerst dienden beiden naar een ziekenhuis gebracht te worden waar de verwondingen werden vastgesteld en waar een arts bij Uria zelfs 10 hechtingen moest aanbrengen.
Nu eist de procureur tegen Olabezela drie en tegen Uria twee jaar cel wegens "aanslag op de autoriteit en het toebrengen van verwondingen"! De gemeenteraad van Zarautz vraagt om opheldering..
Jong N-Va steunt aanklacht tegen Spaanse folterpraktijken
26 juni 2007
In het kader van de ‘Werelddag voor slachtoffers van foltering’ ontving de N-VA-fractie in het Vlaams Parlement een Baskische delegatie die getuigde over de folteringen door het Spaanse regime. Momenteel zijn een vijftigtal Basken in Brussel om de aandacht te vestigen op de laakbare methodes die Spanje gebruikt om dissidenten de mond te snoeren.
Sinds de jaren zeventig zijn meer dan 35.000 Basken gearresteerd door de Spaanse staat. Zo’n 15.000 daarvan werden op illegale wijze vastgehouden en nog eens 7000 Basken werden het slachtoffer van foltering. Dit zijn indrukwekkende aantallen als men in het achterhoofd houdt dat Baskenland slechts 3 miljoen inwoners telt. De Spaanse staat arresteerde en martelde overigens niet alleen ETA-verdachten, maar ook journalisten en studenten die geen banden hebben met de verboden terreurbeweging.
Vlaamse volksvertegenwoordigers Jan Loones (N-VA), Helga Stevens (N-VA) en Eloi Glorieux (Groen!) ontvingen vandaag, samen met eresenator Walter Luyten (N-VA) en Jong N-VA-voorzitter Bas Luyten, een Baskische delegatie die getuigde over de Spaanse martelpraktijken. Zo vertelde Xabiar Ioldi hoe hij in 1987 werd gearresteerd op beschuldiging van ETA-sympathieën en 5 dagen lang werd gefolterd door de Guardia Civil.
Mensenrechtenadvocaat Julen Arzuaga en Batasuna-vertegenwoordiger Gorka Elejabarrieta stelden dat dit geen alleenstaand geval is. De Spaanse staat gebruikt doelmatig foltering als wapen om dissidente en Baskisch-militante stemmen in de kiem te smoren. Nog geen twee maanden geleden bezondigde de Guardia Civil zich in een grootscheepse operatie tegen de ETA aan folterpraktijken. Vandaag zijn er ongeveer 700 Basken die omwille van politieke redenen door Spanje worden vastgehouden, maar die niet als politieke gevangenen worden erkend.
Jong N-VA deelt de bezorgdheid van de Baskische delegatie, en vraagt dat de Europese Unie haar verantwoordelijkheid terzake opneemt. Het kan niet dat in de 21ste eeuw een Europese lidstaat nog altijd folterpraktijken toepast op haar burgers. De Spaanse methodes om terreur te bestrijden zijn een democratie onwaardig. Wil men de spiraal van geweld doorbreken, moeten alle betrokken partijen kiezen voor de weg van dialoog en respect voor de mensenrechten. Vlaams volksvertegenwoordiger Jan Loones zal samen met collega’s uit meerderheid en minderheid de kwestie opvolgen en de Basken blijven ondersteunen waar mogelijk.
Het Baskisch Ministerie van Binnenlandse Zaken heeft vier vrouwen uit Lasarte-Oria (in de buurt van Donostia) een boete opgelegd van 301 euro elk.
Ze worden ervan beschuldigd een samenkomst te hebben gepromoot ter ondersteuning aan (politieke) gevangenen. Drie van de vier hebben een zoon in de gevangenis zitten. De zoon die het dichtst bij huis zit verblijft in Soto de Real (Madrid) De grootste afstand is die naar Almeria.
Alle vier de vrouwen zijn ouder dan 65 jaar en nu ook nog boos! "Dit is een schaamteloosheid", zeggen ze. Het gepleegde delict blijft zich echter herhalen! De protestbijeenkomst worden elke laatste week van de maand georganiseerd en het doel ervan is het dichterbij huis brengen van de Baskische politieke gevangenen. De beschuldiging volgde op de manifestatie van 30 juli 2004, en de "overtreding" werd vastgesteld door de "Baskische" politie, Ertzaintza.
Elke laatste vrijdag van de maand nemen ze, stipt om 20.00 u. plaats achter hun spandoek bij het gemeentehuis van Lasarte-Oria en het protest duurt telkens een half uur.
Poloni Otxandorena moet zich dan haasten want meteen daarna vertrekt de bus naar Ciudad Real waar de gevangenis van Herrera de la Mancha ligt. Het reisbiljet kost 120 euro De volgende morgen zal ze gedurende 40 minuten met haar zoon mogen praten. Haar zoon zal met Kerstmis precies 19 jaar vastzitten.
De zoon van Anastasia Olasegasti zit nog verder. Almeria ligt helemaal in het zuiden. Vier jaar al. "De regering doet zulke dingen telkens als ze geld nodig heeft. Om de Ertzaintza uit te breiden, of zo…", zegt ze.
Xabier Otaegi, de zoon van Maria Piedad Aseginolaza, zit al anderhalf jaar in Soto del Real. De vierde vrouw, Pepi Arregi, heeft niemand achter de tralies zitten. Binnenkort zal zij er zelf misschien zitten, want niemand van het groepje wil de boete betalen.
Etxerat, de organisatie die zich het lot van de gevangenen aantrekt, zegt dat de Ertzaintza nooit heeft laten weten dat de manifestatie illegaal was.
Lasarte-Oria heeft 14 politieke gevangenen. Elke week wordt er 20.000 km afgelegd om ze te bezoeken. Twee jaar geleden verongelukten Argi Iturralde en Iñaki Balerdi toen ze onderweg waren naar Almeria. Spanje veroordeelt de strijders maar ook hun familie. En Europa blijft maar de anderekant opkijken…
Maritxu Uzkudun en Maite Pedrosa, mochten gisteren in de gevangenis van Almeria (Andalusië) geen bezoek ontvangen. De eerste zit in isolement omdat ze geweigerd had de cel te delen met een gevangene van "gemeenrecht" terwijl de tweede niet uit de cel mocht omdat ze zich solidair verklaard had met Uzkudun. De familie die vóór aanvang van de reis (van méér dan 1.000 km) telefonisch bezoek kreeg toegezegd, werd aan de poort van de gevangenis van het verbod op de hoogte gesteld!
De Catalaanse krant, "El Periodico de Catalunya" komt met de resultaten van een enquête onder de "in Spanje wonende bevolking" (zo wordt vermeden dat Basken en Catalanen als "Spanjaarden" bestempeld worden). De cijfers zijn duidelijk: 76,1 % van de geraadpleegde mensen is van mening dat het Baskisch conflict dmv. een dialoog moet opgelost worden. "Als er zich in de toekomst een kans voordoet dat er vrede kan komen, dan moet de regering een poging doen om tot een dialoog met ETA te komen. Bij de PSOE en IU is zelfs 9 op 10 voorstander hiervan. Opvallend is dat de helft van de PP-kiezers dit óók wil! 37,3 % van de PPisten is tegen.
Het Hooggerechtshof in Madrid veroordeelde drie jongeren uit Galdakano tot 22 jaar celstraf elk voor deelname aan een actie van "Kale Borroka". Het gaat om Ugaitz Pérez, Iker Lima en Jon Crespo die in 2002 werden opgepakt. Ze werden beschuldigd op nieuwjaarsnacht 2000 de kazerne van de Guardia Civil van Galdakano aangevallen te hebben. Die nacht trakteerden onbekenden de bewoners van de kazerne op cocktails. Molotovcocktails, weliswaar. De schade zou 45.000 euro bedragen! De procureur veroordeelde hen nu voor een "terroristische brandstichting" en "verwondingen", omdat één van de Guardias brandwonden aan het hoofd opliep.
Een buitenstaander zal het misschien vreemd vinden dat het drietal zo lang na de feiten werd opgepakt. "Bewijzen" kwamen er na zelfbeschuldigingen nadat ze incomunicado gesteld waren bij de … "Baskische" politie, Ertzaintza.
Bij aankomst van de stoffelijk resten van Lasa en Zabala wordt de "ontvangst" vermeden door de Spaanse Politie, de Guardia Civil en de Ertzaintza. Tot op het kerkhof van Tolosa werd er gechargeerd, waarbij zelfs familieleden gekwetst raakten! Blijkbaar was er uit Madrid een bevel gekomen te vermijden dat uit de ontvangst politieke munt zou worden geslagen.
De Commissie Mensenrechten van het Baskisch Parlement vraagt de toepassing van artikel 92 van de strafwet toe te passen op Bautista Barandalla: vrijlating wegens ongeneselijke ziekte. De vraag ging uit van de regerende PNV, EA en IU, evenals van Sozialista Abertzaleak. De beulen van PP en PSE onthielden zich.
Na de val van Bilbo-Bilbao op 19 juni 1937 trok de nieuwe burgemeester, de Franquist José María Areilza, in zijn eerste toespraak als volgt van leer:
“De verschrikkelijke nachtduivel, Euskadi genaamd, is gevallen, verslagen, overwonnen, en voor altijd! Het is moeilijk te zeggen wat het meest afstotende aan die nachtmerrie is geweest: de criminele wreedheid van de roden, met hun Aziatisch barbarendom of de geraffineerde hypocrisie van de nationalistische Basken, met in hun kielzog een processie van soutanes en gewijde water…”
Tijdens de Francodictatuur bestond er een gevangenis in Zamora exclusief voor priesters. Het numerieke overwicht dat Baskische priesters te beurt viel, zal niemand verwonderen. Veel van die Baskische priesters hadden zich tijdens de burgeroorlog verzet tegen de rebellie van Franco en konsoorten, of op zijn minst geen hulp geboden en tijdens de dictatuur waren er heel wat die opkwamen voor de rechten van de Basken.
In 1960 verspreidden 339 priesters een pamflet met kritiek op het Francoregime, met onder andere de verwijzing naar martelpraktijken.
·Javier Kalzada en Jon Etxabe, opgeslotenin Zamora,stonden terecht op het Proces van Burgos.
·Alberto Gabikagogeaskoa werd opgesloten wegens het verspreiden van illegale propaganda (wat dat ook mogen betekenen) en voor een gezagsondermijnende homilie.
·Felipe Izaguirre en Juan MªZulaika, twee franciscanen, deelden hetzelfde lot omdat zij deelgenomen hadden aan een Aberri Eguna (dag van het Baskisch vaderland).
·Domingo de Artetxe had aan de gemeente in Múgica gevraagd om geen Spaanse vlag uit te hangen in zijn parochie Gorizika.
·Imanuel Oruemázaga had een Spaanse vlag verwijderd van het hoofdaltaar. José Mª Madariaga werd voor een gelijkaardig feit opgesloten.
Verscheidene priesters werden opgesloten omdat ze deel genomen hadden aan hongerstakingen ten gunste van politieke gevangenen.
Opmerkelijk artikel van José Luis Alvarez, "Txillardegi" in Gara van 18 juni 2002.
“De buitengewoon gespannen en bedreigende situatie waarin Euskal Herria op dit ogenblik verkeert en de wil om de zaken niet nog complexer te maken heeft meerdere nationalisten (onder wie ikzelf) ertoe gebracht te zwijgen om niet voor ongewilde implicaties, misverstanden of mogelijke polemieken te zorgen. Maar sommigen zouden kunnen denken dat het lafheid is als ik op dit ogenblik niet op mijn beurt mijn pen boven haal.
De Spaanse regering wil (met behulp van de Franse) en van de anti-terroristische golf die Bush orchestreert, een modern Finaal Einde stellen aan het Baskisch Probleem. Op het niveau van de Spaanse Staat funtioneert een écht anti-Baskisch front, gebaseerd op de totale symbiose van het fascistoïde rechts van Aznar, met het rechtse ex-Catalaans van Pujol en het pseudo-links van Zapatero. Izquierda Unido vormt de enige uitzondering in de woestijn en eerbare uitzondering wil ik hier nu nog maar eens toejuichen. Maar we moeten de schuldigen niet enkel buiten Baskenland zoeken. Wat in Navarra gaande is kan een karikatuur genoemd worden, wreed maar waarachtig. De aanval op alles wat Baskisch is, gebeurt in Navarra openlijk met de steun van President Sanz, bisschop Sanz, rector Pérez Prados en dank zij de koppige medewerking van bekende spijtoptanten en van eminente oprichters van het Forum van Ermua. Wat de voorbije weken gebeurde deed me denken aan een voorval uit 1960. Toen maakte het fameuze document, ondertekend door 339 priesters, dat uitging van Iñaki Azpiazu uit Azpeitia, maar opgesteld in Noord-Baskenland, duidelijk dat er in Baskenland iets nieuws gaande was. (Door het clandestien verspreiden ervan kwam ikzelf in de gevangenis van Martutene terecht.) De officiële Baskische politiek ging uit van de PNV en van Leizaola in ballingschap. De toekomst leek hopeloos, net zoals ze nu hopeloos lijkt. Nu zijn het 358 priesters die openlijk aanklagen wat ons volk opnieuw te lijden heeft onder de mom van de "anti-terroristische" prioriteit. Vanuit de "Baskische Autonome Regering" van Lakua die zichzelf "nationalistisch" noemt, wordt onze taal ondermijnd en zijn er steeds meer en meer eentalig-Spaanse functionarissen. Zo werden er door de Regering Ibarretxe 1.700 plaatsen opengesteld zonder dat er enige linguïstische eis gesteld werd. Het ging dan ook nog om mensen die rechtstreeks met zieken in aanraking komen. In de streek van Gernika zijn er geen Baskischsprekende rechters. Dit heeft geleid tot een staking van 1.319 Baskischsprekende Bizkayers. Verzint men gelijkaardige dingen in België of in Zwitserland?
Maar keren we terug tot 1960. ETA, dat nog helemaal geen geweld gebruikte, werd volledig gemargineerd want de aanvaarding van de organisatie zou tot een breuk tussen de PNV en de PSOE kunnen leiden en een eind aan het "Pact van Bayonne". Want het akkoord was ongeveer zo: de rechtse Basken voor de PNV, de linkse voor de PSOE, want de linkse Basken zijn Spanjaarden. Nu wil men hetzelfde principe toepassen, maar het werkt steeds slechter. De Linkse Nationalisten, met al hun fouten en gebreken waarover we nu niet willen spreken, vormen een groep waarmee rekening gehouden moet worden. Van de andere kant is er het ultra-Spaanse nationalisme dat ten zuiden van de Ebro regeert dat van de PSOE een schoothondje van de PP heeft gemaakt.
Nu een pact sluiten met de PSOE is hetzelfde als een pact sluiten met Aznar. Hun enige doel is het liquideren van de Baskische Natie als politiek subject. Het enige dat ons nu kan interesseren is het op gang brengen van een proces van zelfbestuur, los van Spanje en van Frankrijk in een staat die Nafarroa, Navarra, Euskadi, Euskaria zal heten of eender welke naam zal dragen waarvoor het Baskische volk gekozen heeft. De basis voor dit proces moeten dringend gelegd worden. Een voorwaarde voor het op gang brengen is een sociaal klimaat zonder geweld, noch legaal, noch als antwoord. We moeten er ons bewust van zijn dat Madrid niet wil horen of spreken van een pact met ETA, noch van vrijlating van gevangenen. Madrid wil repressie en spanning. Het was duidelijk dat bij de dood van Geresta, tijdens het bestand in 1998-1999, in een totaal van provocaties, georchestreerd door de toenmalige Minister van Binnenlandse Zaken, Mayor Oreja, Madrid enkel de schaamteloze wens had dat ETA opnieuw zou beginnen. Het is niet waar dat Madrid "Vrede" wil. Wat Madrid wél wil is het einde van ETA, van HB, de PNV, EA, etcetera. Madrid wil het totale einde van de Baskische Nationale Beweging. Madrid wil de sluiting van GARA, van "Egunkaria", van de bars en lokalen die het linkse nationalisme ten dienste staan. Daarna zullen de Batzokis (PNV-lokalen) volgen, de elkartetxes en de culturele verenigingen. Madrid wil dat alles verdwijnt dat zich verzet tegen de knieval voor de Overwinning van Spanje, zoals op 1 april 1939. Madrid wil een fascistische overwinning op ons allemaal. Maar ik heb het voorgevoel dat er een nieuwe politiek-cultureel-militaire Baskische Beweging opbloeit, zoals in de jaren 60, meer Euskaldun dan de huidige, kritischer, sterker. Daarom geloof ik echt dat een bestand dat van ETA uitgaat de druk onder abertzales sterk zou reduceren en de vitterij tussen "gewelddadigen" en democraten zou doen afnemen. Het politiek discours van Aznar zou niets méér zijn dan wat het is: het discours van het pure Franquisme. Ons Volk is er de laatste teintallen jaren enorm op vooruitgegaan, vooral dan zij de kracht en de opoffering van ETA en van het linkse nationalisme. Maar de tijden veranderen. De opbloei van 2002 zal zelfs geen kopie zijn van die van 1960. Dat kan ze niet zijn, en dat moet ze niet zijn. We leven nu in de periode van de informatica, van ondertitelde toespraken. We hebben een intelligente strategie nodig. De opbloei zal sterk zijn, doof voor de gezangen van autonomistische sirenes en in de richting van een proces naar zelfbestuur gaan”.
In Itoiz, in het centrum van Navarra, worden 23 personen gearresteerd bij een poging te beletten dat de huizen van het dorp met de grond gelijk gemaakt worden om daarna het dal vóór de stuwdam vol te laten lopen. Ze zullen donderdag al voor de rechter verschijnen op beschuldiging van "ongehoorzaamheid aan de overheid".
Ondanks het hermetisch afsluiten van het dorp door de Guardia Civil en de Politie van Navarra lukken toch zes personen erin zich op te sluiten in een soort bunker.
Iets over 14.00 uur ging het eerste huis tegen de vlakte. Heel wat inwoners konden hun tranen niet bedwingen toen ze beseften dat ITOIZ nu wel definitief van de landkaart zou verdwijnen.
Na drie dagen afbreken begonnen de bulldozers aan de bunker. Als de actievoerders de brandweer niet hadden gebeld om hen te komen ontzetten, waren ze gewoon onder het puin terechtgekomen!
Eenentwintig jaar na datum moeten 10 Guardia Civiles terechtstaan voor foltering van 7 inwoners van Zornotza in 1980. Er wordt tegen hen tussen 6 en 36 jaar gevangenis geëist. Hun gemeente, Zornotza, stelt zich burgerlijke partij. Ten gevolge van hun toenmalige verklaringen (zelfbeschuldiging) werden Baskische nationalisten, ondanks de aangeklaagde folteringen, toch zwaar veroordeeld: Zabala zat 6 maanden, Juan Luis Irakulis zat 1 jaar en 5 maanden, Urrutia zat 12 jaar, Fernando Irakulis en Ernesto Alberdi zitten nog steeds vast hoewel de ¾ van hun straf om is.
Zabala heeft het op dit ogenblik nog moeilijk om erover te vertellen: “De binnenkomst in La Salve (Gevangenis van Bilbao) was ‘triomfaal’. We moesten spitsroeden lopen onder een regen van slagen. Zes Guardias speelden een soort roulette met mij, ze deden me vallen en begonnen me dan te slaan, in de zij en de ribben te trappen en op me te springen tot ik bijna het bewustzijn verloor. We moesten het Falange-lied "Cara al Sol" zingen. Ze zetten hun tricornio (hun rare hoedje) op ons hoofd en maakten foto’s. Ze haalden de trekker over van ongeladen revolvers. Ze ‘knipten’ mijn haren met een mes. Ze probeerden in mijn borst te steken met een puntige naald, maar die brak. Op een keer bonden ze me vast aan een tafel en sloegen met een rubberstok op mijn voetzolen. Eén van hen nam mijn hoofd vast en goot de pelletjes van de zonnebloempitten die ze aten in mijn mond. We werden zelfs voor valse rechters gebracht en bij valse dokters. Dit alles duurde acht dagen. In Madrid gaven ze ons heel veel zalf ( pomada) om de zwellingen te laten verminderen (para que se nos bajara el hinchazón) in het vooruitzicht van het verschijnen voor de rechter. Toen we er aankwamen was mijn hoofd dubbel zo dik dan normaal. Toen we voor de rechter moesten komen gaf één van de Guardias die we later leerden kennen vooraf nog een pak slaag”.
Juanjo Larrinaga werd er eerst tussen gepakt in de kazerne van Zornotza, La Salve, Durango, Gernika en terug in Bilbao. “In Durango namen ze me mee naar hun bar. Ze zetten een vuilbak op mijn hoofd en begonnen me toen te beledigden, te slaan en te bespuwden. Hieraan deden ook hun vrouwen en kinderen mee. Ze namen me mee naar een hok waar een hond zat. Urenlang sloegen ze mij en zetten ze de hond tegen mij op. Regelmatig verloor ik het bewustzijn. Terug in La Salve sloegen ze me gedurende zes dagen, soms met baseballknuppels. Daar deden ze ook ‘la barrera’ (het ondersteboven ophangen aan een staaf die tussen de gebonden handen en voeten gestoken wordt) en ‘el baño’, het bad (het met het hoofd onderdompelen in een kuip uitwerpselen). Toen hadden ze voldoende verklaringen van mij om me gedurende 20 jaar in de gevangenis te stoppen."
De Guardia Civiles beweren zich niets meer te herinneren. Ze zeggen zelfs dat ze nooit iemand hebben mishandeld. Eén van hen zegt dat hij de arrestanten altijd als persoon respecteerde.
Op deze 15dejuni 2002 wordt de 25steverjaardag van die andere 15dejuni gevierd, de dag dat, in 1977, in Spanje de eerste democratische verkiezingen werden gehouden. Franco was nochtans al van in 1975 dood!
En hoe wil de "democratische regering" van de verlichte despoot Aznar deze dag herdenken? Met het buiten de wet stellen van de partij van de Baskische, linkse nationalisten, Batasuna.
In het Congres komen alle drie de ex-presidenten samen om gefêteerd te worden: Adolfo Suárez, Leopoldo Calvo Sotelo en Felipe González. Van Luisa Fernanda Rudi, de huidige presidente van de Kamer, kregen haar voorgangers een "medalie" en allen noemden ze het terrorisme "het enige litteken" dat er na een kwart eeuw democratie bleef. Afwezig bleven Manuel Fraga, ex-minister tijdens de dictatuur, en Jordi Pujol en Xabier Arzalluz, de toenmalige leiders van de Catalaanse en de Baskische gekozenen.
Personaliteiten uit de hele wereld ondertekenden intussen de tekst, opgesteld door de Baskische dramaturg Alfonso Sastre, waarin het buiten de wet stellen van Batsuna wordt aangeklaagd omdat dit de "situatie in Baskenland kan verergeren": Gerry Adams, Alfonso Pérez Esquivel (Argentijn, ex-Nobel voor de vrede), Francesco Cossiga (ex-president van Italië), Hebe de Bonafini (woordvoerster van de Argentijnse "Gekke Moeders van de Plaza de Mayo"), Bisschop Jacques Gaillot, Alain Krivine, Pete Cenarrusa (staatssecretaris in Idaho), Antonio Rosa Coutinho (Portugees admiraal tijdens de Anjerrevolutie) en politici en syndicalisten uit Spanje en de rest van Europa. Steeds meer Baskische gemeentebesturen stemmen een motie tegen de op handen zijnde "wet" die tot doel heeft Batasuna buiten de wet te stellen. De tekstverdedigt “dat alle politieke krachten het recht hebben in dezelfde condities deel te nemen aan de macht."
Alle ministers van de Baskische regering (PNV, EA y EB) besloten op 14 juni 2006 om zichzelf te beschuldigen voor de voltallige kamer.
In antwoord op de klacht die het "Forum van Ermua" indiende tegen de Baskische president, Ibarretxe (en die door het Tribunal Superior de Justicia del País Vasco ontvankelijk werd verklaard), omdat hij leden van de verboden politieke partij Batasuna had ontvangen met de bedoeling het vredesproces op gang te brengen, wordt in het Baskisch parlement van "juridische schaamteloosheid" en "onverantwoordelijkheid" en "een breuk in de scheiding der machten" gesproken. De woordvoerder van het Kabinet verscheen vóór de pers, samen met Joseba Azkarraga en Javier Madrazo, de leiders van de in Baskenland meeregerende partijen EA en IU om hun ongenoegen te tonen. De bedoeling is tot het uiterste (Staatsburg) te gaan als het tot een proces zou komen. Vandaag beschuldigden alle Baskische ministers zichzelf van het "delict" waarvan Ibarretxe beschuldigd wordt.
Pepe Rei wordt na 5 maanden gevangenis vrijgelaten. In deze periode diende hij twee keer opgenomen te worden met hartproblemen.
·Op 24 augustus 1994 werd Rei werd Rei op last van magistraat Carlos Bueren gearresteerd. Acht maanden eerder doorzocht de Ertzaintza de gebouwen van EGIN. Er werd 8 jaar geëist, maar Rei werd vrijgesproken.
·Op 7 maart 1999 werd Rei in San Sebastián gearresteerd op last van Garzón die hem beschuldigd relaties met ETA te hebben.
·Op 28 september 1999 stelt Rei in Donostia het boek: "Garzón, la otra cara", aan de pers voor waarin hij duistere zaken van de magistraat aan het daglicht brengt, o.a. de 200 aanklachten van foltering waaraan hij geen enkele aandacht besteedde.
·In januari 2000 verschijnt het eerste nummer van "Ardi Beltza". Er volgt een campagne waarin het blad gecriminaliseerd wordt als zijnde gelinkt met ETA.
·Op 19 januari 2001 wordt Rei aangehouden op last van Garzón.
·Op 2 maart 2001 wordt Rei wordt met hartklachten opgenomen in een Madrileens ziekenhuis.
·Op 2 april 2001 wil Garzón, Rei niet horen als hij de verslechtering van zijn gezondheidstoestand wil bekend maken.
·Op 6 april 2001 wordt Rei opnieuw opgenomen in het ziekenhuis, en op 24 april 2001 moet hij terug naar de cel.
·Op 27 april 2001 kondigt Garzón de sluiting van Ardi Beltza aan. De beschuldiging tegen Rei verandert van "contact met ETA" in "deel uitmakend van ETA".
Ongeveer 120 Baskische gevangenen zitten nog steeds in de cel ondanks het feit dat ze ¾ van de straf achter de rug hebben. "Noizko?" ("Tot wanneer") heet het recent opgerichte platform dat zich het lot van deze gevangenen aantrekt. Onder sympathisanten die het document van Noizko ondertekenden bevindt zich ook de Realspeler Aitor López Rekarte.
"De Grondwet en de Spaanse wetten duiden aan dat de gevangenis er is om de gevangenen her op te voeden en dat dit op een progressieve manier. Daarvoor zijn er toestemmingen en de voorwaardelijke in vrijheid stelling. Eén van de voorwaarden voor dit laatste te bereiken is het bekomen van de "derde graad" (gevangenschap). Maar er is geen enkele Bask die van deze "derde graad" geniet, want de parameters die de Stat hanteert zijn subjectief. Toch zullen de gevangenen geen enkel probleem hebben zich in hun dorp of gemeenschap te herintegreren. Gevangenen blijven vasthouden nadat ze hun straf uitzaten draagt niet bij tot de normalisering die dit volk nodig heeft.
Concentratiekampen na de Burgeroorlog. "Geschiedenis wordt geschreven door de winnaar", ook die over het slavenwerk tijdens het Francoregime na de Spaanse Burgeroorlog. Alles begon met de Staatsgreep door Franco en eindigde (?) in april 1939. Wat zeker niet eindigde was het lijden van duizenden en duizenden slachtoffers. Wat evenmin eindigde was de bestraffing van de zogenaamde "verradersprovincies" (zoals Baskenland, pardon "Vascongadas" genoemd werd).
Midden 1939 waren er ongeveer 100.000 dwangarbeiders ondergebracht in verschillende bataljons over het hele Schiereiland. Gedurende vele en vele jaren bleven deze praktijken geheim. Noch de gevangenen noch hun familieleden werden vergoed voor de geleverde arbeid. Pas tijdens de voorbije jaren werd er stilaan harder gefluisterd over deze schandelijke periode.
Tussen 1939 en 1941 legden 2.000 gevangenen de weg tussen Igari en Bidankoze, Navarra, aan en dit in onmenselijke omstandigheden, met honger, ziekte en repressie.
Een paar jaar geleden gingen Fernando Mendiola, Edurne Beaumont, Hortensia Serrano en Maite Huarte samen zitten om "iets te doen met deze weg". Later werd het groepje aangevuld met personen die, ten persoonlijke titel, deelnamen en verder kwamen er nog een dozijn gemeentebesturen uit Navarra en Bizkaia bij. Zij besloten een boek samen te stellen met getuigenissen.Later werd het plan uitgebreid met de productie van een video over deze weg en zo ontstond het collectief "Memoriaren Bideak" (wegen van herinnering), dat zou uitmonden in een monument, een herinneringssteen op de bergpas die ligt tussen de inmiddels "symbolische" dorpen Igari en Bidankoze. Verder maakten ze eveneens de wegverbinding tussen Bidangoze en het dorp Erronkari (Roncal). Nu pas blijkt dat er naar de valleien Erronkari (Roncal) en Zaraitzu ongeveer 2.000 gevangenen werden overgebracht uit Bizkaia (245) Granada (211) Jaén (16) Asturië (126) Córdoba (78) en uit overige delen van Spanje.
Drie gevangenen kwamen om door kogels, vijf door ziekte, maar in Navarra verloren nog 50 andere dwangarbeiders het leven. De behandeling was verschrikkelijk. Steeds was er honger. Ook op andere plaatsen in Navarra werden dwangarbeiders misbruikt bij:
·De treinverbinding in de vallei van de Irati
·Wegen en straten in Azagra, Milagro, Zarrakaztelu en Aibar.
·Afwatering- en rioleringssystemen in Tutera (Tudela)
·Kanaliserings- en bevloeiingwerkzaamheden in Cortes en Alesbes
·De wegverbinding tussen de dorpen Iragi en Egozkue.
·Herstellings– en restauratiewerken van verschillende spoorwegen. (Castejón, Altsasu, Olazti en Ziordi.
·De weg tussen Lesaka en Oiartzun.
·Fortificatiewerken in Bera, Amaiur en Erratzu.
·Afdammingen in Aiesa-Yesa.
Tot op heden durven de meeste oude mensen hierover nog niet te spreken. De jongeren weten er niets van.
Op 19 juni 2004 wordt op de bergpas tussen Igari en Bidangoze een gedenksteen van 2.000 kilo onthuld om deze schandalige periode niet te vergeten.
Op 9 juni 1986 vonden de cipiersJoseba Asensio Artaraz “Kirruli”dood in zijn cel. Joseba werd in Bilbo-Bilbao geboren op 21 april 1959. De familie aan moeders kant was Abertzale, zijn vader was een communist uit Valladolid, en verbannen tijdens de Spaanse burgeroorlog. Tijdens zijn opleiding in het instituut Txurdinaga sloot hij aan bij een organisatie van abertzalestudenten en bij culturele en politieke groeperingen, EHAS, HASI en ASK. Na zijn studies werkte hij op diverse plaatsen. Om de een of andere reden was de politie er achter gekomen dat hij vrijwilliger was van ETA. In 1980 werd hij gearresteerd en viel ten prooi aan de beruchte “Billy el Niño”, een alias voorJuan Antonio González Pacheco. Van toen af begon een trieste reis naar diverse Spaanse gevangenissen. Hij nam deel aan 6 hongerstakingen. Een paar dagen voor zijn dood, in de gevangenis vanHerrera de la Mancha, voelde hij zich onwel. De gevangenisdokter stelde,zonder onderzoek, als diagnose een verkoudheid vast en schreef een hoestsiroop voor. Op9 juni 1986vonden de cipiers hem dood in zijn cel. De autopsie onthulde als doodsoorzaak tuberculose, één long totaal kapot en de andere voor de helft aangetast. De familie diende klacht in om de verantwoordelijken voor zijn dood te laten straffen, maar de betrokkenen werden vrijgesproken (iets anders gedacht?) Bij de “thuiskomst” van zijn stoffelijke resten in Arenal de Bilbo vond de politie er niets beter op dan de familieleden en vrienden die de kist droegenmet de wapenstok te lijf te gaan. De menigte werd met geweerschoten uit elkaar gedreven.
Vandaag verscheen Irene Khan, Secretaris Generaal van Amnesty International, samen met enkele andere kopstukken van de organisatie, op hun reis door de Spaanse staat, voor de Commissie Mensenrechten van het Baskisch Parlement in Vitoria-Gasteiz. Voorheen en daarna werden ze geïnterviewd door de Baskische Ombudsman, de Parlementsvoorzitter Atutxa, Lehendakari Ibarretxe.
Amnesty International bindt de strijd aan tegen de foltering en wijst hierbij op het afschaffen van de isolatie van arrestanten. De organisatie klaagt dan ook het "harde njet" aan van de vorige PP-regering op het advies van de UNO-verslaggever, Theo Van Boven.
Verder worden voostellen van Van Boven herhaald: camera’s bij de ondervragingen,
Irene Khan klaagt ook de blijvende sluiting van "Egunkaria" aan en zegt de juistheid van het "buiten de wet stellen van Batasuna" te bestuderen.
Na het aantreden van de Socialistische Regering Rodríguez Zapatero dachten een groot aantal welmenende linkse jongeren dat de Basken er nu wel beter aan toe waren. Maar staatssocialisten denken maar aan één zaak en dat is "aan de kaas zitten".
Irene Khan, de Secretaris Generaal van Amnesty International, op bezoek bij de Spaanse Regering Zapatero en bij zijn minister van Justitie, had de intentie om hen ertoe te brengen de aanbevelingen van de UNO-vertegenwoordiger Theo van Boven na te leven betreffende "arrestantenbehandeling."
En wat zegt de Socialistische Justitieminister Juan Fernando López Aguilar: "De aanklachten van foltering zijn 100 % gelogen."
Het onderhoud van Irene Kahn, met de Minister van Binnenlandse Zaken, Alonso, ging niet door omdat die naar de begrafenis was van de twee Guardias die eerder het leven verloren in Castejón.
Kahn herhaalde de jaarlijks terugkerende ongerustheid van A.I. aangaande de lichte straffen of vrijspraken van agenten die beschuldigd worden van folterpraktijken.Kahn gaf toe dat in de commissariaten van de Baskische Ertzaintza camera’s geïnstalleerd waren, maar deze installatie gebeurde niet zoals het hoort. (om te beletten dat agenten op "foute" foto’s terecht zouden komen!) Kahn zei verder "dat het ontkennen van de feiten, de folterpraktijken voedt."
De organisatie "Askatasuna" zegt dat de verklaringen van López Aguilar al sinds 1979 te horen zijn uit de mond van diverse ministers, maar dat in de voorbije 25 jaar wel 5.500 Basken klaagden gefolterd te zijn! De Baskische minister van Justitie herinnert er zelfs aan hoe het gezicht van Unai Romano er uit zag en ook aan het feit dat een ex-generaal van de Guardia Civil (Galindo) meer dan 70 jaar kreeg voor ontvoering, foltering en moord op 2 jonge Basken…maar al na 4 jaar werd vrijgelaten.
Op 7 juni 1968 bleef in de buurt van Donostia-San Sebastián, op een kruispunt in het gehucht Benta Haundi (Tolosa) Txabi Etxebarrieta dood in een vuurgevecht met de Guardia Civil. Enkele uren eerder was de Guardia José Pardines (25 jaar) gevallen als eerste slachtoffer van ETA (zijn maat, Félix de Diego, zal in 1979 eveneens als slachtoffer van ETA vallen).De dood van Etxebarrieta op dat kruispunt zou een kruispunt worden in de geschiedenis van Euskal Herria.
Txabi Etxebarrieta (Bilbao 1944) was wel erg profetisch toen hij enkele maanden eerder in een ETA-manifest ter gelegenheid van de Aberri Eguna schreef: “Het is voor niemand een geheim dat het moeilijk zal zijn het einde van 1968 te halen zonder een dode.”
Dit manifest begon met een zin van de toenmalige Politiechef van Bilbao die duidelijk maakte dat het onafwendbaar was dat het tussen de Staat en ETA tot een gewapend treffen zou komen: “Wij hebben aan ETA de hete oorlog verklaard.” Als er iemand in de “loopgraven” was die er zich terdege van bewust was wat dit betekende dan was dat wel Txabi Etxebarrieta:
“Het volstaat niet meer kritiek te leveren op Franco en familie. Het volstaat niet te zeggen ‘ik word geschaduwd’ want in een oorlog word je soldaat. Het is niet meer voldoende Aberri Eguna te vieren of elke maand 100 peseta’s te geven. Alle nationalisten moeten een stap vooruit zetten in de strijd die wij voeren voor de integrale bevrijding van Euskadi. Indien niet dan moet men zichzelf niet nationalist noemen want vandaag de dag is een nationalist iemand die elke dag concrete dingen doet voor de nationale bevrijding”.
Etxebarrieta wees ook op de problemen die het revolutionaire verlangen met zich mee zouden brengen: “Als we verder willen gaan zullen er leden ‘vallen’ of in de gevangenis terecht komen, want de Politie beschikt over enorme middelen om ons te bestrijden.”
Hij wist dat hij één van de meest gezochte ETA-leiders was want zijn foto werd aan vrijwel elke arrestant getoond en ze kwamen regelmatig bij zijn moeder langs. Meestal reisde hij per bus of trein, maar die 7de juni 1968 reed hij met een Seat Coupé met nummerplaat uit Zaragoza. Naast hem zat Iñaki Sarasketa, uit Oiartzun, nog maar 19 jaar jong. In Beasain zouden zij bij Jokin Gorostidi een hoeveelheid explosieven ophalen. Twee gemotoriseerde Guardia Civiles hielden hen staande en één van hen, José Pardines Arcay uit Galicië, stelde vast dat de nummerplaat niet overeenstemde met het chassisnummer. Etxebarrieta en Sarasketa wisten meteen dat ze ontdekt waren. Pardines wilde zijn wapen trekken, maar Etxebarrieta schoot eerst. In Tolosa zouden ze onderdak vinden, maar de “omsingeling” van de regio zou erg snel voltooid zijn. Etxebarrieta besliste het erop te wagen en met een andere auto, een Seat 600 te vluchten. In Benta Haundi op het kruispunt Olarrain werden ze opgewacht. Sarasketa kon schietend ontsnappen terwijl de Guardias Etxebarrieta vreselijk begonnen te slaan. Toen hij half bewusteloos was, maakten ze een einde aan zijnleven. Het was 19.00 u. die 7de juni 1968. In Euskal Herria was er een nieuwe fase ingetreden die 41 jaar later nog steeds verder gaat. De Spaanse pers wist niet wat ze ermee aanmoesten tot Sarasketa werd gearresteerd in Errezil, waar de koster hem ’s morgens in de kerk vond. Toen titelde de pers dat het om “twee leden van het Uitvoerend Comité van de Terroristische Organisatie ETA” ging.
In Benta Haundi was ETA van een organisatie die slagzinnen schilderde en Ikurriña’s aan hoogspanningskabels aanbracht en Franquistische symbolen saboteerde.
Na de begrafenisdienst in de San Antónkerk in Bilbao kwam het tot een regelrechte straatoorlog met als gevolg een dertigtal arrestaties. Er verscheen ook een spandoek met zijn foto. In Legutia werd een bom tot ontploffing gebracht met een ontstekingsmechanisme. Sarasketa werd door een krijgsraad ter dood veroordeeld. In de daaropvolgende maand augustus werd de bekende en gevreesde folteraar Melitón Manzanos in de deuropening van zijn huis aangesproken met “Mazanas, wij zijn van ETA” waarna een dodelijk schot volgde.
Na de moord op ETA-militant Txabi, op 7 juni 1968, besloot de ETA-leiding als vergelding de beruchte folteraar Melitón Manzanas te executeren. Manzanas werd gedurende de burgeroorlog, in augustus 1936, gevangen genomen door de republikeinen en opgesloten in een burcht te Guadalupe. Hij werd er door de troepen van Franco bevrijd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij vertrouweling en medewerker van de Gestapo, waar hij de verfijnde technieken over het folteren aanleerde. Hij leverde ook Joden en vluchtelingen, die door mugalaris over de grens werden geholpen, uit aan de Gestapo. Het vonnis tegen Manzanas werd voltrokken op 2 augustus 1968. Meer informatie over die gebeurtenis en de gevolgen kan u hier lezen
Aan de spiraal actie-repressie-actie is veertig jaar later nog steeds geen einde gekomen.
Op de muur van het viaduct (even voorbij Tolosa, afslag Azpeitia en dan beneden 200 m. terug, richting Tolosa) waar Xabi het leven verloor heeft lang een foto gehangen en de tekst “Hier hebben de Honden Txabi gedood.” Later stond er enkel “Leve Xabi” en nog later “Hemen Txabi” (Hier Txabi).
Veertig jaar later kan er van Txabi Etxebarrieta gezegd worden dat hij deed wat J. F. Kennedy (vijf jaar eerder vermoord) de jeugd opdroeg: “Vraag niet aan de Staat wat die voor jou kan doen. Vraag wat jij voor je Staat kan doen. Een volksnationalist vervangt enkel “Staat” door “VOLK”
Dankzij Txabi en zijn generatiegenoten is er nu een Baskische regering, hoewel ze dit niet graag horen! (Deze regering liet later haar politie trouwens chargeren tegen de families van Lasa en Zabala toen hun stoffelijke resten na 10 jaar terug naar Benta Haundi kwamen.)
De Guardia Civil belde na de dood van Txabi naar diens familie: “Woont hier Francisco Javier Etxebarrieta? We hebben zijn lijk. Kom het halen.”
José Antonio Etxebarrieta, de jongere broer van Txabi, verdedigde enkele jaren later ETA-leden in het vermaarde proces van Burgos waarbij negen doodstraffen zouden vallen. Hem werd het leven zo moeilijk gemaakt dat hij er een herseninfarct aan over hield en jong stierf.
De man die in 1984 Openbare Aanklager was in het Proces Brouard, Emilio Valerio, noemt de toenmalige Geheime Dienst, Cesid, verantwoordelijk voor de moord op de abertzaleleider. Verder beschuldigt hij het Ministerie van Binnenlandse Zaken ervan het onderzoek verhinderd te hebben. Dit was hem verzekerd door politiecommissaris Rosini die tevens uit "volledig betrouwbare bron" wist dat de moord beraamd was in een Madrileens hotel in het bijzijn van leden van de Spaanse strijdkrachten.
De advocaat van de familie Brouard, ex-europarlementariër voor Herri Batasuna, Txema Montera, vreest dat hij niet over alle getuigenissen kan beschikken. "El Francés" is verdwenen, Mohand Talbi, veroordeeld in andere GAL-zaken, woont op een onbekend adres en Ruiz Catalán, ex-overste van de Guardia Civil, klaagt over "psychopathische aanvallen".
Op5 juni 1998werdIñaxi Zeberio Arruabarena, in een gehuurd pand, door de Ertzaintza neergeschoten. Zij betrok dat pand met twee andere liberados (dit betekent dat zij door ETA betaald werden): Patxi Marqués en Iñaki Bilbao. Iñaxi werd geboren in Orexa op 2 juni 1963. Op 4-jarige leeftijd verhuisde de familie naar Lizartza, een plaats waar Iñaxi de in 1976 vermoorde Etarra Bernardo Bidaola “Txirrita” leerde kennen, of op zijn minst zag opgroeien.
Op een bepaald ogenblik maakte zij kennis met de Herriko Taberna “Herria” in het Parte Vieja, oud stadsgedeelte, van Donostia. Het is niet geweten of dit de aanleiding was, maar op 25-jarige leeftijd besliste zij om een paar maanden als brigadiste in Nicaragua te gaan strijden.
Hoewel zij altijd al een Abertzale-gevoel met zich meedroeg, kwam er pas ernstig besef van haar opdracht in Euskal Herria na die periode. Op 29-jarige leeftijd kwam zij in dienst bij de krant “Egin” als kok, een baan die zij 3 jaar met voldoening uitvoerde. Op 17 augustus 1995, een paar uur na een ETA-aanslag tegen een Guardia Civil-kazerne in Arnedo (Rioja), sloeg zij op de vlucht (zij had niets met die aanslag te maken, maar was toegetreden als ‘liberado’ bij ETA, dit betekent dat zij door ETA betaald werd).
Iñaxi Zeberio Arruabarena werd dus in een treffen met de Ertzaintza in Gernika doodgeschoten. Tijdens het onderzoek werden de getuigen niet gehoord en de zaak werd geklasseerd. De bedoeling van de politieactie in de Calle Pablo Picasso nr. 11 was het “comando Bizkaia” op te ruimen. Bij de inval in de woning verloor Ina Zeberio het leven en werden Patxi Marqués en Iñaki Bilbao Gaubeka gearresteerd, terwijl er verder in de provincies Bizkaia en Araba nog 19 anderen werden opgepakt.
Op dat ogenblik waren de onderhandelingen al bezig die zouden leiden tot het akkoord van Lizarra-Garazi dat drie maanden later tot stand kwam. Nadat ETA in een communiqué erkende dat Ina Zeberio in haar rangen streed, verklaarden ze eveneens dat de zeven maanden eerder afgekondigde opschorting van “selectieve acties” tegen de Ertzainas was afgelopen.
Onmiddellijk na afloop kwam het departement van Binnenlandse Zaken van Lakua met een officiële versie waarin stond dat de Ertzaintza had geschoten als antwoord op de schoten van Zeberio die afgevuurd werden toen ze het huis binnenkwamen. Maar in het lichaam waren 24 kogelgaten! Daarbij kwamen nog de vele inslagen in de kasten (13 inslagen) de deur (28 inslagen!) de vensters, enz…(12 inslagen).
Meteen na de dood van Zeberio kwam Baltasar Garzón op de proppen. De officiële versie werd steeds mooier.
* Zo zou Zeberio gewekt zijn door het kraken van de houten trap terwijl de Ertzainas voordien met explosieven de deur hadden geopend!
* Ook zou Ina de deur geopend hebben en er zich gedeeltelijk achter hebben verstopt. Daarop had ze drie keer geschoten. Hierdoor raakte een agent gewond. Daarop hadden de drie agenten die het dichtst bij stonden de schoten beantwoord, waarna Ina gevallen was. Meteen werd ze zelf en Patxi Marqués geboeid!
* De lijkschouwing vond dat het eerste schot dat Ina raakte meteen in het hart terecht kwam.
Nadat de zeer omstreden stuwdam in Itoiz in werking trad, volgen nu de processen. In Iruñea-Pamplona staan 26 actievoerders terecht wegens "gebrek aan respect en ongehoorzaamheid aan de autoriteiten". Op 30 september van het vorig jaar ketenden ze zich vast op de daken van Artozki (Navarra) om in een ultieme poging te beletten dat het dorpje ging verdwijnen onder het geweld van de bulldozers om plaats te maken voor de watermassa van het stuwmeer.
Er wordt een boete van 400 euro of 20 dagen cel geëist!
Op de zitting klagen de "delinquenten" aan mishandeld te zijn, bedreigd met bulldozers terwijl ze zichzelf niet konden losmaken, dat er drilboren gebruikt werden op enkele centimeters afstand van hun hoofd, dat hen de mondvoorraad werd afgenomen, enz...
Wie niet in de beklaagdenbank zal zitten zijn de politici uit Spanje en Navarra die, à la carte, wetten veranderden of overtraden om dit project klaar en hun zakken gevuld te krijgen.
Op 3 juni 2005 overleed in een ziekenhuis van Deusto (Bilbao)Jon Idigoras Gerrikabeitia. Hij werd 69 jaar. Idigoras overleed aan een zware longziekte en niemand had gedacht dat hij ooit in een bed aan zijn einde zou komen! Hij was een vakbondman, maar dan niet van dat soort zoals er in ons land rondlopen. Idigoras was eerst Bask en dan nog eens Bask!
"We hebben de factuur van de repressie duur betaald. Maar we deden het rechtopstaand en met de vuisten gesloten. Nu gaan we verder strijden tot aan de zege." Dit waren zijn laatste woorden in het openbaar, bij de presentatie van het vredesprogramma,"Nu het Volk, nu de Vrede", in de Velodroom van Donostia op 14 november van het vorige jaar.
In Zornotza stroomden duizenden radicale Basken samen om de laatste eer te bewijzen aan de man die steeds tussen hen in was blijven staan. Onder de aanwezigen o.a. José Angel Iribar, de legendarische keeper van Athletic Bilbao, maar ook leden van de Baskische Regering. Echter "ten persoonlijken titel".
Jon Idigoras werd op 3 mei 1936 geboren in Zornotza (Amorebieta), niet zo ver van de stad Gernika die niet zó lang daarna gebombardeerd zou worden. Op zijn vijftiende begon hij als metaalarbeider, ontplooide al snel een syndicale activiteit en kwam op die manier bijna naadloos in de ETA-wereld terecht. Idigoras was een blije man met een enorm charisma. Tussen 1958 en 1974 tijdens de Francodictatuur, werd hij verschillende keren gearresteerd, en in 1977 nam hij uiteindelijk de benen naar Iparralde, het deel van Baskenland dat door de Franse staat verdrukt wordt. Toch stond hij mee aan de wieg van het radicale syndicaat,LABen daarvoor kwam hij regelmatig in het geheim, als Julián López Antolín, naar "het binnenland". Zo ook die keer dat hij met 80 vakbondafgevaardigden een clandestiene vergadering georganiseerd had in het historische klooster van Arantzazu, hoog boven Arrasate-Mondragon. Toen er een omsingeling door de Guardia Civil dreigde, namen ze allen de benen, de bergen in. Allen, op één na: Jon Idigoras. Die dook onder in het kloosterslot en werd er verstopt door één van de Franciscanenmonniken.De volgende morgen werd hij in de bestelwagen van de paters "ontzet" en afgezet in Arrasate!
In november 2000 diende Txuma Gómez de la Merced een klacht in tegen de Spaanse Politie omdat die zijn zoon bij een arrestatie buiten proportie hadden geslagen en vernederd (en waar hij als vader zelf bij aanwezig was).
Nu, 2 juni 2002, wordt Txuma Gómez zélf voor de rechtbank gedaagd wegens "beschuldiging van de politie" en "valselijke aanklacht" en er wordt 12.000 Euro tégen hem geëist. Er wordt zelfs gezegd dat de beschuldiging van Txuma Gómez de la Merced tot de strategie van ETA en zijn hulpgroepen behoort!
Leitza heeft altijd al stevige nationalistische reflexen vertoond en waarschijnlijk werden ze daarom "beloond" met een kazerne van de "Guardia Civil". In vrijwel elke Baskische gemeente met een dergelijke "bezettende macht" haalde (Herri) Batasuna in het verleden zonder moeite de volstrekte meerderheid in de raad. Maar Batasuna werd verboden en nu is een meerderheid van de inwoners niet vertegenwoordigd in de raad. Aralar, de partij van Patxi Zabaleta, ooit uit Batasuna gestapt omdat die partij het ETA-geweld niet afkeurde, levert nu de burgemeester.
Leitza vierde zopas zijn "culturele week", Baskisch van aard en nationalistisch van uitvoering, maar waarschijnlijk "cultureel" genoemd omdat "zoiets" toch moeilijk zou kunnen verboden worden…
Maar het compacte stadje, werd zoals in de hoogdagen van de Francodictatuur, ingenomen door de Guardia Civil. Dit stond niet in het draaiboek van de organisatie, en het gebeurde op de gekende wijze: autoritair, patserig en uitdagend, zoals sommige mensen menen te moeten doen als ze "op een ander" zijn. Alle jongeren dienden zonder enig aanleiding hun identiteitsbewijzen te tonen. Moet het gezegd worden dat er helemaal geen aanleiding was tot dit arrogante en agressieve gedrag. Omdat het niet tot incidenten kwam, belemmerde de Guardia Civil dan maar een optreden van een muziekgroep. Een eind voorbij middernacht diende burgemeester, Patxi Sáenz, naar de kazerne te trekken om de vergunning voor het optreden te tonen! De kroegen hadden, zoals dat bij dergelijke feesten past, een nachtvergunning.
De Guardia Civil hielp(door haar uniformen)Leitza nog maar eens "groener" te zijn dan het al gedurende eeuwen is.
“Verheerlijking van het terrorisme” op het internet
31 mei 2008
In de week van 31 mei 2008 werd in Sevilla een persoon van 43 jaar gearresteerd, ’s anderendaags werd iemand van 31 opgepakt in Ordizia (Baskenland). Beiden werden beschuldigd van “verheerlijking van het terrorisme” op het internet.
Ze werden in verbinding gebracht met webpagina’s waarop beelden te zien waren waarop Spaanse vlaggen in brand werden gestoken!
Op Youtube (La bandera Vasca arde, de Baskische vlag brandt) kan je zonder enig probleem beelden zien waarop Ikurriña’s branden en waarbij geroepen wordt: “Contra ETA, metralleta” (Tegen ETA, machinegeweren.) Op een tweede film brandt een Baskische en een Catalaanse vlag en worden de namen van dictator Franco en van Primo de Rivera gescandeerd (die beiden toch verantwoordelijk waren voor de verschrikkelijke Spaanse Burgeroorlog!). Doodsbedreigingen zijn er bij het intikken van “Otegi” (liefst op z’n Spaans “Otegui) of “De Juana”, maar ook bij “Arzalluz”! Hier geldt de vrijheid van meningsuiting wel.
Voor de Spaanse uitzonderingsrechtbank Audiencia Nacional en de Guardia Civil gelden andere regels als het om anti-Baskische uitingen gaat. Bij anti-spaanse uitingen zoeken zij feiten van “verheerlijking van ETA” (en omgeving) en “Vernedering van slachtoffers”. Hiermee willen ze schrik zaaien maar beperken ze de vrijheid van meningsuiting. Volgens bronnen bij de Guardia Civil “rechtvaardigde de blogger ETA-acties.” De Guardia Civil begon deze zaak te onderzoeken nadat “verschillende burgers hun beklag hadden gemaakt.”
Vandaag werden beide arrestanten vrijgelaten hoewel op “verheerlijking” toch zware straffen staan! Als je verheerlijkt, wordt je toch nooit vrijgelaten!
In de gevangenis van Alcolea, Córdoba, werd de vorige maandag de gevangene, Unai Parot, door een groep van 7 functionarissen bewusteloos geslagen. De gevolgen van de slagen zijn over het hele lichaam te zien. Vooraf was hij geboeid geworden omdat hij naar een andere galerij diende te verhuizen. Toen hij in zijn nieuwe cel om een arts vroeg werd gezegd dat die hem al onderzocht had toen hij bewusteloos was. Behalve geslagen werd Parot ook bedreigd: "Hoerenzoon, we gaan je ophangen, je zult de gevangenis niet levend verlaten."
Unai Parot werd op 2 april 1990 in de buurt van Sevilla gearresteerd en zat sindsdien in Carabanchel, Herrera, Alcalá, Puerto I, Almería, Murcia, Valdemoro en nu in Alcolea. Het weinige dat hij heeft werd hem dus nog regelmatig afgenomen, zijn "thuis". Bovendien wordt hem verboden enige activiteit uit te voeren, noch zijn 3 medegevangenen uit Baskenland te zien. Het is niet de eerste keer dat Parot geslagen werd.
Enrique Múgica Herzog werd geboren in Donostia-San Sebastiàn op 20 februari 1932. In de jaren was hij medeorganisator van een universitair congres van Jonge Schrijvers. Dit bracht hem gedurende 3 maanden in de cel. Franco en zijn dictatuur had het graag te doen met mensen die niet konden lezen. "Schrijven" was al helemaal een staatsgevaarlijke bezigheid. De latere strijd tegen de dictatuur bracht Múgica Herzog nog vier maal in de cel en wel voor een totaal van 2,5 jaar.
Múgica Herzog was jarenlang volksvertegenwoordiger voor de provincie Gipuzkoa (hoofdstad: San Sebastiàn). In 1988 werd hij door Felipe González "geroepen" om het Spaanse ministerie van Justitie te leiden. Een Baskische Socialist op Justitie… Als buitenstaander, begaan met "het conflict", ga je dan even dromen van "betere tijden". Maar je kent dan de haat van de Spanjaarden ten overstaan van de Baskische nationalisten nog niet. De mix van Bask (Múgica) en Jood (Herzog) in een Socialistische partij zorgde voor een onverwachte "wending".
Nadat in mei 1989 de onderhandelingen van Algiers, tussen de Spaanse Regering González en ETA mislukt waren, kwam de Múgica Herzog op 15 mei met het bericht dat Spanje een nieuwe strategie zou toepassen betreffende gevangenenpolitiek: de "spreiding". Op 29 mei 1989 werd die strategie ook daadwerkelijk toegepast. Bekende gevangenen van dat ogenblik alsArnaldo Otegi, Mitxel Sarasketa of Koro Egibar waren al eerder overgebracht naar de andere kant van het Iberisch Schiereiland, maar de spreiding zou vanaf nu algemeen worden. Méér dan "vermeldenswaard" was wel dat de Baskische Regering, o.l.v. de toenmalige Lehendakari, Ardanza, hiermee akkoord ging.
De enige bedoeling was de leefomstandigheden van de radicale politieke gevangenen zo slecht mogelijk te maken. Isolatie van (de familie in) Baskenland en isolatie van de andere politieke gevangenen.
(Zo werd Koro Egibar, gearresteerd in 1982, in 1988 naar Badajoz overgebracht waar ze 11 maanden in isolement zat. Vier maanden mocht ze zelfs de cel niet uit omdat ze weigerde zich volledig uit te kleden bij controles. Nadat een rechter haar (en anderen) in het gelijk stelde, werd ze gewoon overgebracht naar Almeria, waar alles opnieuw begon. Het was een snikhete augustusmaand maar wegens dezelfde weigering werd hen het douchen verboden! Dit duurde eveneens 4 maanden!)
Mikel Sarasketa werd al in 1985, nog vóór de echte spreiding van kracht werd, als "voorbeeld" gesteld. Na een tijdje werden sommige gevangenen overgebracht vanuit het Zuiden naar het Noorden! Spanje wilde op die manier een wig drijven tussen de "harde" en de "meegaande" gevangenen die "beloond" werden. De "harden" werden in de verleiding gebracht hun ideeën af te zweren. Het gevangenencollectief moest gebroken worden. Met Mikel Sarasketa hadden ze een verkeerde keuze gemaakt: Tijdens de 20 jaren die hij "zat" leerde hij niet minder dan 18 Spaanse gevangenissen van binnen kennen en daarbij werd hij 33 keer versleept! De eerste jaren zat hij o.a. in Tenerife (Een trip vanuit Baskenland naar het eiland, voor een bezoek van een half uur, duurde bijna een week!) in Ceuta, de Spaanse enclave in Afrika (idem dito), Almería, Puerto I en Puerto II. Arnaldo Otegi, de huidige woordvoerder van Batasuna en tot voor kort volksvertegenwoordiger voor die groep, herinnert zich nog dat hij in die tijd in de gevangenis van Herrera zat: "Het was twee weken vóór Kerstmis, en we waren in hongerstaking. Tijdens het luchten gingen we onder elkaar wedden hoe lang het zou duren vooraleer ze ons uit elkaar zouden halen. Ik hield het op Kerstmis omdat ze ons op die manier psychologisch dachten te treffen. En zo gebeurde het ook. Ik werd naar Huelva versleept terwijl de rest naar Almería, Ceuta, Mililla en Granada moest."
Otegi heeft het zestien jaar later in dit verband over de "oorlogstrategie van de PSOE en de PNV". "Ze wilden de politieke positie van ETA en van het linkse nationalisme breken, maar we waren er ons van bewust en het hielp ons om front te blijven vormen." Het gevolg was dat bij de Europese verkiezingen van 1987 Herri Batasuna het meeste stemmen haalde en dat opende de ogen van de PNVers.
Binnen de gevangenissen werd er tegen de gevangenenspreiding hard "gevochten" in ongelijke omstandigheden. Het was een dure strijd die méér mensenlevens zou kosten dan het Staatsterrorisme van GAL. Veel familieleden en vrienden verongelukten en gevangenen stierven aan kanker of aan andere ziektes ten gevolge van de onmenselijke levensomstandigheden. De spreiding mislukte dankzij de onverzettelijkheid van de Baskische strijders, maar ze is niet afgelopen.
Gisteren titelde de krant "La Razón" op de frontpagina in koeien van letters: "De partners van de PSOE willen dode ETA-leden erkend zien als 'Slachtoffers van de Franco-dictatuur' "
In een tweede titel heet het dan: "ERC wil dat er in het Spaanse Congres een commissie wordt opgericht om alle slachtoffers van de dictatuur in hun eer te herstellen".
"Die van Carod-Rovira verstaan hieronder dat naast deze 192.684 gefusilleerde democraten ook de ETArras moeten staan die vochten in de Franco-periode. Spaans extreem links schreef gisteren een bijzondere bladzijde in het boek van de schande door 'de moordenaars van ETA' strijders tegen de Francodictatuur' te noemen, waardig om in eer herstelt te worden, schadevergoeding te ontvangen en naast de slachtoffers van de repressie na de Burgeroorlog te staan."
Gara schrijft hierover dat wie dit naleest "tot de conclusie moet komen dat de 'naoorlogse slachtoffers' per ongeluk stierven en dat de ETA-leden, die het leven verloren toen zij in handen vielen van de Franquistische politie of de Guardia Civil, niet de eer of de schadeloosstelling verdienen waarvan wel hun beulen en hun handlangers mochten genieten."
Het zal niemand verbazen dat het extreem rechtse deel van de Spaanse pers koude rillingen krijgt bij de gedachte aan Eustakio Mendizabal, die door een politieman afgemaakt werd met een kogel in de slaap, of aan Txiki Paredes die gefusilleerd werd in Cerdanyola of Anjel Otaegi, gefusilleerd in Burgos. Maar evenmin willen ze denken aan de bijna 200.000 nationalisten, republikeinen, anarchisten of communisten die gefusilleerd of gefolterd werden door de politie, de Guardia Civil of het leger tot de dood er op volgde. Maar de geschiedenis van de dictatuur, die de meerderheid van de huidige Spanjaarden niet meemaakte, moet meer dan een halve eeuw na afloop dringend herbeleefd worden.
Bij de kapel van Izaskun, boven Tolosa, wordt José Bernardo Bidaola, "Txirrita" geëerd, 25 jaar na zijn dood. Geboren in Lizartza en "geadopteerd" door Tolosa werd het lijk van Txirrita op 22-jarige leeftijd gevonden in de buurt van Etxalar? Een maand eerder, op 24 april 1976 kwam het tot een botsing en een vuurgevecht tussen de Guardia Civil en een viertal militanten van ETApm. Eén van hen werd gearresteerd terwijl er twee konden ontkomen. Bidaola verdween echter van de aardbodem. De zone werd dagenlang uitgekamd, maar op 28 mei 1976 werd tóch in de buurt van het vuurgevecht zijn dode lichaam ontdekt. De Guardia Civil sprak van zelfmoord (de gebruikelijke versie, zie ook Basajaun) en deze versie werd later officieel via minister van Binnenlandse Zaken, José Luis Corcuero. Niemand geloofde het toen, en niemand gelooft het nu. Er werd een herdenkingssteen geplaatst.
Fermin Muguruza is een Baskische rocker waarvan teksten niets aan duidelijkheid te wensen over laten. Ten gevolge hiervan wordt hij op steeds meer plaatsen in Spanje geboycot. Dit gebeurt meestal door "overkoepelende politieke organen" (vooral de zichzelf "democraten" noemenden PPisten van Aznar) die de inrichters onder druk zetten. De vorige zomer trok Muguruza vaak samen op met Manu Chao en toen Muguruza werd "afgelast" besloot Manu Chao solidair ook niet te spelen!
De organisatie "Asociación de Víctimas del Terrorismo" (AVT) en de vrienden van de PP verklaarden eerder al niet de armen te zullen kruisen, maar de liedteksten van Muguruza te zullen ontleden op zoek naar elementen die een overtreding konden vormen van artikel 578 van de strafwet: “El enaltecimiento o la justificación por cualquier medio de expresión pública…” (Verheerlijking of rechtvaardiging [van Baskisch geweld uiteraard] door welk publiek expressiemiddel dan ook…)
Zo gebeurde op 22 mei 2004 voor een concert in Rivas-Vaciamadrid (Madrid). De Regering van Madrid verbood het programma, maar omdat de inrichters in voorverkoop 2.000 kaarten aan de man hadden gebracht vreesden ze dat er zich bij een afgelasting incidenten zouden voordoen.
In Zorrozaurre (Bilbao) gaat op 6 juni 2004 het feest door voor "fundraising" voor de Baskische Openbare Scholen. Als je Muguruza kan "strikken" is succes verzekerd. En Fermin láát zich voor dit soort aangelegenheden "strikken". Idem voor de clown, "Porrotx", ooit Batasunaraadslid in een gemeente in Gipuzkoa, maar beter bekend door de kinderanimatie..
Maar de PP in de Raad van Bilbao verzet zich nu tegen de aanwezigheid Fermín Muguruza en "Porrotx" omdat ze "vrienden van het geweld zijn".
Herhaaldelijk wordt in de geschiedenis melding gemaakt (o.a. door voorbijtrekkende pelgrims richting Santiago) van het Baskische Volk "dat vredelievend in de bergen woont en waar de wijzen, gezeten onder een boom, de streek besturen." Meestal wordt er dan aan toegevoegd dat "hun beslissingen getuigen van wijsheid". Hieraan kwam een einde toen "conquistadores" uit het Zuiden meenden zich te moeten gaan bemoeien met het huishouden van de Basken. Euskal Herria, het Volk dat Baskisch spreekt, heeft nooit aanspraak gemaakt op grondgebied van anderen.
Zapatero kreeg een kans, o.a. omdat zijn opa op het einde van de Burgeroorlog werd gefusilleerd. Toen bleek dat de grootvader van de huidige Regeringspresident, José Luis Rodríguez Zapatero op het einde van de Burgeroorlog door de Franquisten om politieke redenen werd gefusilleerd, mocht je veronderstellen dat hij waarschijnlijk geen "havik" was. Hij kreeg dus een kans.
Op 25 mei 2006 werd er in de Senaat een nieuwe zitting gewijd aan de "Regeringscontrole". Bij de vragen die er gesteld werden was er een van de PNVer, Joseba Zubia, die wilde weten wat de regering had gedaan of dacht te doen om een einde te stellen aan de folteringen, "die een realiteit" zijn. Zubia verwees ook naar de bezorgdheid die internationale organisaties (Amnesty International, Verenigde Naties met Theo van Boven) verschillende keren hadden geuit.
Zapatero wilde "een nuancering" aanbrengen (oei!), omdat sommige verslagen (Amnesty International) niet meteen "geloofwaardig" waren (Zapa zou dat volgens zichzelf wel zijn!) en de "solide democratie" (dat zei hij werkelijk!) toch een "goede gezondheid" (je moet in goede conditie zijn om te folteren!) genoot.
De tijd dat alle schandalen met de mantel der liefde bedekt werd omdat het foutjes waren van een nog "jonge democratie" is dus nog steeds niet voorbij…
Spanje ondertekende verschillende internationale overeenkomsten aangaande het uitroeien van foltering en mishandeling van arrestanten, persvrijheid, vrijheid van politieke "vereniging", etc… Iedereen weet wat daar in werkelijkheid van terecht kwam!
Toevallig vertelde Aitor Larreta de dag voordien aan de onderzoeksrechter in Madrid hoe hij door de Guardia Civil "behandeld" werd na zijn arrestatie in november 2005. De jonge man uit Donostia werd twee dagen in isolement gezet en daarbij kreeg hij slagen te verwerken op het hoofd en tegen zijn testikels. Ook kreeg hij verschillende keren de plastic zak over het hoofd getrokken, hoewel ze wisten dat hij astma had.
Zou de Spaanse solide democratie gezonder zijn dan een Baskische astmalijder?
De rechter die de "Zaak Zabalza" in handen heeft, betwijfelt de officiële versie. Enrique Dorado Villalobos en Felipe Bayo, veroordeeld in de Zaak Lasa en Zabala, werden opgeroepen om te komen getuigen.
Zabalza werd op 26 november 1985 gearresteerd in San Sebastiàn en kwam om het leven, waarschijnlijk in de kazerne van Intxaurrondo. De versie dat hij door "slechts" 3 Guardias naar Endarlatza was overgebracht om een "zulo", een geheime bergplaats, aan te duiden, wordt in twijfel getrokken. Hij zou de vlucht genomen hebben en daarbij in de "grensrivier" Bidasoa verdronken zijn. Bovendien wordt in geen enkel document verwezen naar het verlaten van de kazerne van Intxaurrondo, terwijl er een interne administratie is waarbij iedereen vermeld wordt die binnenkomt en buitengaat. Evenmin hebben de Guardias van de kazerne van Endarlatza in de omgeving iets waargenomen dat zou kunnen verwijzen naar zoektochten. Het feit dat het Rode Kruis op de opgegeven plaats vruchteloos dreggingswerken uitvoerde en er iets verderop een dam is worden als "vreemd" beschouwd. Een dag nadat het Rode Kruis, op 12 december 1985, de dreggingswerkzaamheden stopzette verklaarde Minister van Binnenlandse Zaken, José Barrionuevo, in het Congres dat Zabalza wel "zou opduiken" of "zou gevonden worden". Drie dagen later (op 15.12.85) werd het lijk van Zabalza uit het water gehaald in de buurtwaar de dreggingswerken waren uitgevoerd. Bovendien werden in het bloed van Zabalza, noch in de longen, algen aangetroffen die in het rivierwater en op zijn kleren wél aanwezig waren. Het gif dat in het rivierwater aanwezig was was wél aanwezig in de longen, en wel vele keren sterker dan in werkelijkheid.
Op dezelfde avond als die waarop Zabalza door de Guardia Civil in Altza (San Sebastiàn) werd meegenomen werden nog meer mensen gearresteerd in Altza, Renteria en Orbaitza (Navarra) waar Zabalza vandaan kwam. Zijn vriendin die mishandeld werd, zag hem nog met een plastic zak over het hoofd getrokken (één der meest bekende "ondervragingstechnieken"). Later zag ze twee personen met een brancard waarop een corpulent persoon lag, bedekt met een deken. Ze hoorde daarbij één der twee zeggen: "Hij is er slecht aan toe." Tijdens dezelfde ondervragingscessie kreeg Jon Arretxe dezelfde behandeling met de plastic zak en "het bad", waarbij hij folterkreten hoorde. Manuel Bizkai Zabalza noteerde dat de Guardia Civil een opmerkelijke agressie tentoon spreidde ten opzichte van zijn neef. Later hoorde hij overgeven en schreeuwen door iemand die Mikel Zabalza kon zijn.
Na de vele jaren dat je beter niet kon uitpakken met de"steun" van Felipe González is ook hij nu weer in het strijdperk getreden ten voordele van zijn partij, PSOE. Jaren lang hoopten de PSOE-leiders dat "Isidoro" (zijn schuilnaam tijdens de dictatuur) zijn mond hield. De corruptieschandalen en dan vooral zijn "vermeende" betrokkenheid in het megaschandaal GAL (Vuile Oorlog tegen de Basken) hadden hem gekke sprongen laten maken. Zo verdedigde hij de kopstukken van GAL (ex-ministers als Barrionuevo en Vera) tot ná hun veroordeling. Hij moest wel, bang als hij was dat die twee de rol van de geheimzinnige "pt" (in de marges van de verslagen van GAL-acties) zouden ontsluieren. Betekende "pt" dan wel of niet "presidente"?
Nu sprak hij in Iruñea-Pamplona en hij meende dat "rechts verdient te verliezen tot ze zullen leren verliezen".
Felipe sprak ook over corruptie: "Wij hadden te maken met een of andere corrupte. In de PP is er slechts een of andere integere". De naam Aznar kreeg hij niet over de lippen: "De man die mij opvolgde", "onze man met de snor", "de acoliet van de Amerikaanse president" die er "na acht jaar regeren nog niets van heeft begrepen".
Op 22 mei 1938 lieten 795 gevangenen van het Franquisme de muren van de geïmproviseerde gevangenis van Fuerte Ezkaba bij Pamplona achter zich en storten ze zich van de berg af, op zoek naar de vrijheid. De afspraak was dat niemand gedood mocht worden, maar eer ze goed en wel beneden in Pamplona waren hadden 200 van hen wel al het leven verloren! Sommigen stierven nadat ze gevangen genomen waren. Uiteindelijk raakten slechts 3 van de vluchtelingen definitief weg! Angel Arbulo, "El Chaval" was pas 16 jaar wanneer hij de vlucht aanpakte. Nu is hij 80 jaar en woont in Santurtzi. Bij de monoliet op de top van de Ezkabe komen ze zovele jaren later nu samen. Juanito Iglesias, later lid van de Baskische regering in ballingschap, overleed enkele weken geleden. In Pamplona wordt de vlucht van Ezkaba gelinkt met Jacinto Ochoa Martikorena, een republikein die zijn hele leven vocht. Gestoras pro Amnistia werd geboren door de belangeloze hulp van deze ex-gevangene. Maar Jacinto stierf een paar jaar geleden en Karlos, gemeenteraadslid van EH (Herri Batasuna) nam het woord. Bij de gedenksteen herhaalde Karlos de woorden die zijn oom steeds sprak: "Die vlucht was gemotiveerd door de wil om verder te strijden voor de Republiek en om de waardigheid terug te krijgen die we verloren hadden in de gevangenis." Hij bracht ook de noodzaak naar voor "de stilte te breken" zoals de film van Montxo Armendariz ("Romper el Silencio") Zoals Jacinto steeds bleef zeggen: "Amnestie is niet dat zij me vergeven, maar wel dat ik hén vergeef."
Volgens Karlos kan de vlucht nog steeds voor velen een les zijn. Historisch geheugen is noodzakelijk om het heden te begrijpen, dat nog vol fascisten zit die zich een democratisch pak aantrekken. De oude, beroemde Spaanse filmster Paco Rabal zei onlangs nog: "Dit land stinkt naar Franquisme".
Eind maart van het vorig jaar liet Magistraat Garzón vier Basken vrij die twee jaar achter de tralies zaten wegens een "vermeende aanslag" op een UPN-raadslid van Leitrza, Múgica. Het gaat om Ainara Gorostiaga, Mikel Soto, Aurken Sola en Jorge Txokarro. Wat hadden ze op hun kerfstok? Helemaal niets! Daarom werden ze ook vrijgelaten. Na twéé jaar!
De vrijlating kwam er nadat de krant "Diario de Navarra" bekend maakte dat twee anderen, Andoni Otegi en Oscar Zelarain, zichzelf in september 2002 als dader van de aanslag aangegeven hadden bij de Franse antiterrorismemagistraat, Laurence Le Vert, die waarschijnlijk "vergeten" was deze bekentenis door te geven aan Spanje, waarmee ze toch zo "uitmuntend samenwerkte in de strijd tegen het Baskische terrorisme"!
Het enige "bewijs" tegen hen was de verklaring (zelfbeschuldiging) die Gorostiaga aflegde toen ze tijdens de isolatiedetentie vreselijk gefolterd werd door de Guardia Civil.
Wat hieraan vooraf ging:
Op 24 februari 2002 werden Gorostiaga en Soto gearresteerd bij een gevangenenbezoek. (Je zou toch een oen moeten zijn om op gevangenenbezoek te gaan als je zélf een aanslag gepleegd hebt!) Maar er volgden op 28 februari (2002) in deze zaak 14 arrestaties, waaronder die van de twee anderen in Pamplona. Hoe erg ze werden tussen gepakt, mag al blijken uit de lichamelijke toestand van Soto die niet in de mogelijkheid was te verschijnen, maar naar het gevangenisziekenhuis diende te worden overgebracht! Txokarro moest naar het ziekenhuis met een zenuwinzinking. Hij vertoonde brandwonden over het hele lichaam (elektroden?), en hoorde bijna niet meer, wegens het afvuren van een revolver vlak naast zijn oor! Schijnexecuties, dus!).
Omdat Spanje hen toch niet "zo maar" kon laten gaan werden, wegens "lidmaatschap", werden Iurrramendi, Gorrostiaga en Soto elk tot 2 jaar en tot 245 euro veroordeeld, terwijl Sola en Txokarro 1 jaar en 3 maanden cel kregen en dezelfde geldstraf. Omwille van de periode die ze in voorarrest zaten mochten ze naar huis.
TAT, Torturaren Aurkako Taldea, klaagt de stijging en de verruwing van het folteren aan, en wel bij alle politionele krachten die in Baskenland aan hetwerk zijn (bedoeld wordt: "ook de autonome politie Ertzaintza".)
Zo deden de elektroden, de schijnexecuties en de seksuele pesterijen opnieuw hun rintrede.
Joxe Elizegi werd op 23 maart gearresteerd door de Guardia Civil.
“Ze bonden mijn handen en voeten samen en terwijl er enkelen de zak over mijn hoofd trokken, schakelden anderen de elektroden aan. De slagen op mijn hoofd en teelballen hielden niet op. Zo hielden ze me eronder tot ik bijna stikte en ik op het punt stond het bewustzijn te verliezen”.
Sommigen moesten gehospitaliseerd worden in de periode tussen de arrestatie en het verschijnen voor de rechter. In sommige gevallen diende de magistraat het verhoor uit te stellen ten gevolge van de fysische en psychische toestand van de arrestant.
Alicia Sáez de la Cuesta uit Gasteiz werd door de Guardia Civil gearresteerd in Galicië op 26 maart. Ze verscheen rillend voor de rechter met blauwe ogen, sporen van slagen rond de neus blauwe plekken op het lichaam. “Ze ontkleedden me en zetten me op een stoel neer. Ze bonden mijn voeten vast aan de poten van de stoel en mijn handen op de rug. Ze gaven me slagen terwijl ze heel hard in mijn oren schreeuwden. Slag, schreeuw, slag, schreeuw en daarna de plastic zak. Ik weet niet hoe vaak maar de laatste keer dacht ik dat ik zou sterven. Ze maakten mijn lichaam nat en zegden ze dat ze de elektroden zouden aansluiten”.
Op 19 mei 2007 overleed Eva Forest. Er dient vermeld te worden dat ze een natuurlijke dood stierf en een gezegende leeftijd van 79 jaar bereikte. Dit is niet zo vanzelfsprekend voor iemand die erg dicht bij de Baskische onafhankelijkheidsorganisatie ETA stond. Forest was een sterke vrouw. In 1928 werd ze geboren in een anarchistisch gezin in Barcelona. Ze studeerde af als psychologe, werd schrijfster en uitgeefster, feministe, Communiste en Baskische.
In 1962 werd ze opgepakt tijdens een solidariteitsbetoging voor stakende mijnwerkers in Asturië. Ze zat een maand in de gevangenis, samen met haar pas geboren dochtertje, Evita.
Gedurende het vermaarde Proces van Burgos (december 1970), waarin ETA-activisten terecht stonden voor een Krijgsraad, richtte ze het "Solidariteitscomité Euskadi" op. In Madrid! Naar aanleiding van de ETA-aanslag op Admiraal Carrero Blanco (centrum Madrid 20.12.73) schreef ze, onder het pseudoniem Julen Agirre, een boek onder de titel "Operación Ogro" (Operatie Monster, de bijnaam van de gedoodverfde opvolger van dictator Franco). Op 24 september 1974 werd ze gearresteerd op beschuldiging van betrokkenheid bij de aanslag op Carrero Blanco. Ze wordt gefolterd maar zonder vorm van protest 3 jaar later vrijgelaten. Tijdens haar verblijf in de cel hield ze een dagboek bij en schreef ze nog een werk over Foltering, onder de toch wel bijzonder cynische titel: "Onintze en el país de la democracia", verwijzend naar "Alice in Wonderland".
Na haar vrijlating vestigde ze zich, samen met haar man, Alfonso Sastre, en dochter Evita in Hondarribia. Het zal niemand verbazen dat ze bij de oprichting van de Actiegroep tegen Foltering (TAT) één der promotors was.
Het Baskisch Parlement spreekt zich uit tegen de nieuwe Spaanse "Ley de partidos" die de bedoeling heeft de linkse abertzalepartij Batasuna te "illegaliseren". PNV, EA, IU (de regerende tripartiete) en Batasuna zelf stemden tegen het Spaanse voornemen omdat het de bedoeling heeft politiekeorganisaties te verbieden. De PP noemt het pervers "ETA in het halfrond" te houden, terwijl hun collaborateurs van de PSE-EE meenden dat de tripartiete Batasuna politiek wil "beschermen".
In een enquête uitgevoerd door de Baskische regering blijkt dat slechts 16% van de 1.000 ondervraagden voorstander is van de wet die Batasuna wil "illegaliseren". 56% is tegen. Opvallend is dat bij de PP-kiezers 67% voorstander is en 22 % tegen. Zijn dat nu ook "terroristen"? Bij de PSE is zelfs 40 % tegenstander van de nieuwe wet!
Een bijkomende vraag was waarom de Spaanse regering Batasuna zou willen illegaliseren. Het antwoord was duidelijk: "Omdat die partij onafhankelijkheid nastreeft."
De Rechtbank van Pau weigert Xabier Irastorza en Markox Sagarzazu (beiden uit Irun) uit te leveren omdat Spanje niet de twijfels betreffende foltering had kunnen wegnemen die waren gerezen nadat de foto’s van Iratxe Sorzabal verschenen waren en waarbij op haar lichaam de gevolgen van het gebruik van elektroden duidelijk zichtbaar waren. Sorzabal was ook door Frankrijk uitgewezen. Askatasuna is verheugd dat de Franse Staat eindelijk erkent dat in Spanje gefolterd wordt.
Op 8 juni begint in Buenos Aires, waar hij sinds 2002 vast zit, het proces tegen de Bask Josu Lariz Iriondo. De organisatie "Servicio de Paz y Justicia en América Latína" klaagt de onregelmatigheden aan in deze zaak. Zoals het feit dat de Argentijnse magistraat de datum van het proces vastlegde, hoewel de verdediging nog niet de volledige gevraagde bewijslast ontvangen had.
Alles begon in Uruguay waar Lariz op 22 november 2002 in de hoofdstad Montevideo te horen kreeg dat de Spaanse uitleveringseis verworpen was. Hij bleef wel onder politietoezicht omdat er nog iets tegen hem liep. Toen de advocaat van Lariz hem meteen daarop wilde opzoeken, bleek dat hij naar het vliegveld Carrasco "versleept" was, richting Buenos Aires. Een regelrechte ontvoering! Hierbij werd de eigen wetgeving op méér dan één punt overtreden:
Lariz had echter een identiteitskaart van Uruguay (waar hij trouwens al vijftien jaar verblijft!) is sinds 1988 met een Uruguayaanse getrouwd, heeft er kinderen en was nooit in het "buitenland" veroordeeld. De zaak zorgde voor grote consternatie in het land en daarbij werd zelfs de Spaanse ambassade beschuldigd "onjuiste informatie" verschaft te hebben! Lariz had er bovendien een faam opgebouwd als kok in een Baskisch restaurant. (Bij de huiszoeking werden dan ook voornamelijk kookboeken meegenomen!)
Men zal zich afvragen waarom Spanje dan toch succes haalt ondanks de flinterdunne dossiers. Heel eenvoudig: regelmatig daalde president naast God, Aznar, als een Spaanse Sinterklaas uit de hemel, om de zakken te vullen met Spaans gemeenschapsgeld... Zo betaalde Spanje voor Josu Lariz 400.000 euro aan Uruguay. Op de Top van de "Iberamerikaanse" Presidenten in november 2002 trof Aznar de Mexicaanse president, Fox. Dezelfde dag werd José Antonio Borde Gaztelumendi door Mexico aan Spanje uitgeleverd. Kort na de ontmoeting werd er in Uruguay een officiële donatie van 300.500 euro genoteerd aan de "Ministerio Público & Fiscal" via de Spaanse "Banco de Bilbao Vizcaya Argentaria".
"Servicio de Paz y Justicia en América Latína" werd gesticht in 1974 en één van de stichters was Adolfo Pérez Esquivel, Nobelprijs voor de vrede in 1980.
"El Diario Vasco" zou eigenlijk "El Diario anti-Vasco" moeten heten. Deze krant verschijnt enkel in de provincie Gipuzkoa (San Sebastián). Zusterkrant "El Correo Español" wordt dan weer door iedereen gelezen in Bizkaia (Bilbao). Beide kranten horen bij de groep VOCENTE die in Spanje "ABC" uitgeeft en dat is van het ranzigste rechts dat er maar kan bestaan!
"El Correo Español" en "El Diario Vasco" kwamen gisteren met hetzelfde hoofdartikel onder de titel:
"De provocatie blijft voortduren".
Was hen het licht verschenen?
Nee, natuurlijk. De provocatie was NIET het verbieden van partijen (en hun sympathisanten) om aan de verkiezingen deel te nemen. Provocatie is volgens de groep VOCENTE dat iemand van Batasuna, doelend op Pernando Barrena, vraagt om op ANV te stemmen. Erger, "Barrena deedhet enkele uren nadat de Procureur Generaal had gezegd dat indien Batasuna dit zou adviseren ANV er ‘alsnog’ eruit gebonjourd kon worden".
Een jaar geleden (2003) viel de politie binnen op de campus van de Baskische Universiteit in Leiola (Bizkaia) toen er een protestmeeting tegen een wijziging van de onderwijswet gaande was. Maar liefst103 studenten werden opgepakt en door het Hooggerechtshof beschuldigd van "indirecte integratie in ETA"! Het Spaanse staatswoordenboek kent veel synoniemen: direct, indirect, vermoedelijk, waarschijnlijk, en ga zo maar door.
Gisteren, 13 mei 2004 kwamen ze (onder een nieuw rectoraat) opnieuw samen op de "plaats van de misdaad". Opvallend was dat ze ditmaal niet met 284 waren, maar met liefst 4.223 die allemaal zichzelf beschuldigden! (Ditmaal niet als gevolg van mishandelingen!) Het groene, Baskische hout!
Moet een partij in een "democratie" zijn mensen optrommelen om propaganda te mogen voeren?
Moet men in een democratie schrik hebben dat een partij kort vóór de verkiezingen nog verboden wordt? Ja! In de Spaanse democratie althans!
Gisteren stapten door Bilbao vele radicale Basken op om te protesteren tegen een eventuele "illegalisering". Bij drie achtereenvolgende verkiezingen moeten ze voor de derde keer op een andere partij stemmen omdat de vorige er niet meer is (verboden). Ditmaal werd opgeroepen om voor de oude partij EAE-ANV te stemmen, maar tevens werd gewaarschuwd dat een (nieuwe) illegalisering niet kan!
Tussen de betogers liepen Batasuna-kopstukken Pernando Barrena en Joseba Permach. Ook de Secretaris- Generaal van de radicale vakbond, Rafa Díez Usabiaga en de partijleiders van ANV, Antxon Gómez en Kepa Bereziartua waren erbij.
De helikopter van de "Baskische" politie zorgde voor typische geluiden uit de Vietnamfilms, maar daar kijkt niemand nog van op.
Gisteren was het precies vijfentwintig jaar geleden dat Jon Agirre Agiriano, na 10 dagen door de Guardia Civil gefolterd te zijn, werd opgesloten in de gevangenis omdat hij zichzelf beschuldigd had van alles wat ze wilden. Al die tijd zat Agirre in een eerstegraads gevangenissysteem, waarvan de eerste 10 jaar in isolement gedurende eenentwintig uur per dag en in een kleine cel. Ten gevolge hiervan kreeg hij te maken met allerlei fysieke problemen met de rugwervels, met beide heupen, hoge bloeddruk en diabetes,
Hoewel hij in 1996, driekwart van zijn straf achter de rug had, werd hij niet voorlopig vrij gelaten omdat hij geen spijt betuigde. Twee jaar later begon Agirre te klagen over helse pijnen. In plaats van hem naar een hospitaal te brengen, werd hij versleept van de gevangenis van Huelva naar Malaga. In de infirmerie van deze gevangenis kon hij gedurende vier maanden het bed niet verlaten, maar er werden geen medische tests gedaan en zelfs eenvoudige dingen als krukken werden geweigerd. In februari van 2005 werd hij dichterbij gebracht (gevangenis van Logroño). Na zes jaar met helse pijn, werd hij uiteindelijk geopereerd in Donostia.
Recent weigerde het Hooggerechtshof nog de toepassing van artikel 91 (vrijlating wegens ernstige ziekte). Op dit ogenblik ligt hij in de ziekenafdeling van de Baskische gevangenis van Langraiz (Nanclares de la Oca).
In het Parlement van Navarra werd een motie goedgekeurd die het postuum verlenen van een medaille aan folteraar Melitón Manzanas bekritiseert. De regerende UPN (De PP uit Navarra) was niet akkoord. Bijzonder scherp was Pernando Barrena (Batasuna): “Melitón leeft nog altijd in de kazernes en commissariaten”, verwijzend naar de systematische foltering en hij haalde daarbij de behandeling van een arrestant in Bera aan. “De Melitóns van nu krijgen ruggesteun van de UPN en de PSN.” Na deze uitspraak werd Pernando Barrena het woord ontnomen.
Op 9 mei 2004 werd op de legendarische berg Bizkargi in Bizkaia de Bizkargi Eguna (de dag van Bizkargi) gevierd, een herdenking van "alle gudaris (strijders) van vroeger en nu die hun leven gaven voor de vrijheid van het Baskische Volk". Het begon met een tocht van een tweehonderdtal personen vanuit Larrabetzu naar de top van de berg. Eveneens werd de gevangenenbehandeling in Frankrijk en in Spanje aangeklaagd. De radicale, nationalistische krant Gara zegt niet wie er het woord voerde namens de Pro-amnestiebeweging. De reden hiervoor is tweeërlei: Wie opkomt voor de politieke gevangenen wordt in Spanje beschouwd als zijnde zélf "van ETA"! En wie "strijders van vroeger en nu" eert "verheerlijkt het terrorisme" omdat strijders van nu "van ETA" zijn.
Er zitten daarom ook meer dan 700 Baskische activisten in Spaanse en Franse cellen die allemaal "van ETA" zijn
De aartsbisschop van Iruñea-Pamplona, Fernando Sebastián, bezong eerder al de liefde voor de Guardia Civil, en hij kreeg daarvoor als dank een exemplaar van het merkwaardige hoofddeksel van de "verdienstelijken", een "tricornio", ten geschenke. Nu doet de nationaal-katholieke aartsbisschop weer stof opwaaien. In een kerkelijk document: "Actuele toestand van de Kerk, enkele praktische oriëntaties", bevestigt hij dat extreemrechtse politieke groupuscules het waard zijn in overweging genomen te worden en het waard zijn op hen te stemmen. "Hun getuigenis omvat grote waarden, zodat stemmen op hen gerechtvaardigd is". Hij heeft het hier o.a. wel over de Falange Española, de partij die aanstichter was van de gruwelijke Spaanse Burgeroorlog.
Gisteren verklaarde Bisschop Sebastián dat hij verkeerd geïnterpreteerd was. Hij vergat echter ook maar één woord terug te trekken. "Nooit heb ik een partij gesteund die niet oprecht democratisch is." Hangt er van af wat er onder democratie verstaan wordt.
De Spaanse monarchen sluiten zich, op het balkon van het stadhuis in Jerez de la Frontera, voor het eerst openlijk aan bij een manifestatie tegen het ETA-geweld.
De journaliste Carmen Torres, weduwe van journalist, J.M. Portell, zegt dat de enige oplossing van het probleem in de dialoog tussen de verschillende partijen ligt. Portell trad ooit op als tussenpersoon in ETA-aangelegenheden. In februari 1977 kwam Portell samen met een historische ETA-leider, Juan Jose Etxabe Oronbegoa “Haundixe”, om de volgende onderhandelingen voor te bereiden. Het objectief van de regering was: vrede, maar boven alles een geweldloze verkiezingsstrijd (verkiezingen 15 juni ) zonder aanslagen. In ruil was ze bereid te negotiëren over de Baskische politieke gevangenen. Maar toen hij daarbij even te ver ging, werd hij omgebracht door ETA. Hij is auteur van het boek "Los Hombres de ETA".
Anderhalve maand nadat José Maria Aznar een smadelijke nederlaag leed bij de nationale verkiezingen verschenen reeds zijn memoires: "Acht jaar regerend. Een persoonlijk visie over Spanje". Hij vertelt erin over zijn "verlicht despotisme". Zoals in juli 1999, toen de rechtbank van Grondwettelijk Recht "de ongelukkige maatregel" nam de leiding van de partij Herri Batasuna vrij te laten. In deze periode had ETA nochtans een unilateraal bestand aangeboden!In"een persoonlijk impuls" besloot hij toen een initiatief te nemen dat zou leiden tot de "Partijenwet" (waardoor Batasuna en alle aanverwante partijen bij wet verboden werden.) "Er was geen enkele twijfel dat er leden van Batasuna bij het ETA-terrorisme betrokken waren." (Maar er was niemand van de leiding veroordeeld!) Verder staat het boek vol met ideeën die regelrecht uit de mond van een dictator konden gekomen zijn.
Op de eerste zondag van mei komen de aanhangers van de Carlistische Partij voor hun jaarlijkse bijeenkomst samen op de Jurramendi (Montejurra) in Lizarra (Navarra) in de buurt van het klooster van Irache. In 1976 werden tijdens deze tocht nog 2 aanhangers doodgeschoten door fascisten die metnaamen toenaam (en ééntje zelfs op foto-mét-revolver) gekend zijn. Het heeft echter tot dit jaar geduurd eer de twee slachtoffers door het Hooggerechtshof erkend werden als "slachtoffers van het terrorisme". Deze "slachtoffers" werden indertijd opgevoerd om het ETA-terrorisme aan te klagen en zeker niet het terrorisme dat aan de basis lag van alle problemen in Baskenland, namelijk het staatsterrorisme.
De grote leider van de Carlisten Carlos Hugo de Borbón Parma, ooit echtgenoot van de Nederlandse prinses Irene, komt zélf al jaren niet meer opdagen.
Het Carlisme leefde in Zuid-Baskenland gedurende de 19de en de eerste helft van de 20ste eeuw. De Carlisten verdedigden anti-liberalisme, sociale hulp, vooral aan de landelijke wereld en aan de ‘minsten dermijnen’…
Bij de dood van de Spaanse koning Fernando VII in 1833 kwam het tot een opvolgingsprobleem dat uitmondde in twee "Carlistische Oorlogen" (1833-1839) en 1872-1876). Karl Marx schreef na de Eerste Carlistische Oorlog: "De Carlisten verdedigen de beste juridische Spaanse tradities, die van de Fueros. Het is een vrije en populaire beweging, ter verdediging van de meest liberale en regionale tradities in tegenstelling tot het officiële liberalismedat de Franse Revolutie wil kopiëren."
Na de val van Estella, op 27 februari 1876, koos troonpretendent Carlos voor de vlucht, richting Noord-Baskenland. 15.000 aanhangers volgden hem. Velen zochten een nieuw bestaan in Zuid-Amerika.
Op 4 mei 2004 bracht de Spaanse Koning Juan Carlos de Borbón y Borbón een bezoek van twee uren aan de Spaanse luchtmachtbasis in Araka, bij Vitoria-Gasteiz. Hij was vergezeld van de nieuwe minister van Landsverdediging, José Bono. Wie er niet bij was dat was de Baskische president Ibarretxe. Er werd door de koning in de eerste plaats geklonken op de ‘trouw aan Spanje’ en als schaamlapje op de ‘genegenheid voor de Vascongadas’. (de "oude" benaming voor Baskenland, vooral gebruikt door de vijand.
De nationalistische partijen Batasuna, Aralar en Gasteiz Izan protesteerden tegen de aanwezigheid van de Spaanse monarch op Baskisch grondgebied, omdat hij een Staat vertegenwoordigt die Euskal Herria het recht ontzegt over zijn eigen toekomst te beslissen. Ze heetten hem dan ook "niet welkom". Batasuna en Aralar eisen de terugtrekking van de Spaanse troepen en wijzen op het samengaan van de meest antidemocratische instellingen: de monarchie en het leger.
De Baskische Minister van Justitie, Azkarraga, durft het woordgebruik van de koning zelfs "Franquistisch" noemen! Azkarraga: "Ik geloof niet dat de Koning deze toespraak zelf schreef, want hij schrijft er geen enkele. Hij leest ze enkel". Ook de Baskische Minister van Sociale Zekerheid klaagt over de"tics uit het verleden" (lees: uit de dictatuur) die in leven gehouden worden. Franco sprak ook steeds over "Vascongadas" als hij Euskal Herria bedoelde.
Een groep bergbeklimmers uit de buurt van de hoofdstadklaagt aandat de enorme Baskische vlag, Ikurriña, die op 21 september 2003 aan één van de bergwanden in de buurt van de militaire basis werd aangebracht "toevallig" verdwenen was bij het koninklijk bezoek!
Magistraat Santiago Pedraz van het Spaanse Hooggerechtshof laat de Baskische gevangene Sandra Barrenetxea vrij zonder borg, "omdat een verklaring aan de politie onvoldoende is om iemand in de gevangenis te steken"
Sandra Barrenetxea werd op 24 april 2006 opgepakt door de Guardia Civil en gedurende drie dagen gefolterd. Magistraat Ismael Moreno liet haar daarna opsluiten in de gevangenis van Soto del Real op de gekende beschuldiging "colaboración con banda armada (collaboratie met een gewapende bende). Toch had Barrenetxea geen verklaringen afgelegd, noch aan de Guardia Civil, noch aan de magistraat. Pedraz benadrukte nu dat enkel de vermeende verklaring van Ibon Meñika (onder foltering) aan de Guardia Civil onvoldoende is om iemand te beschuldigen van "collaboratie met ETA". Bij de arrestatie van Ibon Meñika werden "betaalcheques" gevonden zoals die door o.a. ETA gebruikt werden. Ook Meñika verklaarde dagenlang gefolterd te zijn. Tot op heden was, voor wat Basken betreft, enkel een dergelijke eenvoudige verklaring door een derde al voldoende om iemand zijn vrijheid te ontnemen. Op die manier kwamen honderden Baskische activisten in de cel terecht, waarna ze meestal tot jaren gevangenisstraf veroordeeld werden na "zelfbeschuldiging" ten gevolge van foltering… De arrestatie van een vriend was jarenlang aanleiding tot een vlucht naar Frans Baskenland.
Zouden alle gelijkaardige zaken van "eenvoudige verklaring aan de politie" nu te herzien zijn?
Een andere magistraat, Fernando Grande-Marlaska, die zich opwerpt als "erfgenaam" van Baltasar Garzón laat wel de Herriko Taberna van Zamudia waar Meñika "thuis" was voor twee jaar sluiten. Dit gebeurt "op eenvoudig verzoek" van de neofascisten van "Slachtoffers van het Terrorisme" en van "Waardigheid en Justitie", twee mantelorganisaties van de PP.
Zonder argumenten aan te halen werden de handtekeningen van 83.5011 Basken, samen met de lijsten die ze steunden, geannuleerd. Totaal rechteloosheid én totaal onverdedigbaarheid! Aan 170.000 mogelijke kiezers wordt het recht ontnomen hun steun te betuigen aan de verdedigers van hun ideeën en idealen. Niemand van de kandidaten werd ooit veroordeeld, niemand werd zelfs ooit individueel beschuldigd. Nu wel. In groep: "Behorend tot de strategie van het complex Batasuna". Bewijzen worden niet aangehaald.
Nu, onder een Socialistische regering, werden meer mensen uitgesloten dan voordien onder het PP-regime! Onder het PP-bewind werd enkel een relatie met ETA onderzocht, nu is het o.a. al voldoende ooit op een verboden kieslijst gestaan te hebben.
Zapatero liet een valabel vredesproces verschrompelen zonder een poot te verzetten. Toen ETA hiertegen met een (verwerpelijke) aanslag protesteerde en geruime tijd op voorhand waarschuwde, belette de politie dat twee Ecuadoranen die in evenveel auto’s op de parking lagen te slapen ontzet en gered werden (aanslag luchthaven Barajas te Madrid).
Het lijkt er steeds meer op dat het vredesproces moest mislukken.
Op 2 mei 2003 wijzigde de Spaanse Ministerraad artikel 56 van de Organieke Gevangeniswet die nog maar eens de basisrechten van burgers beknot, meer bepaald de burgers die in de gevangenis zitten. Nu verbiedt de nieuwe wet de Baskische gevangenen, al dan niet ETA-militanten, vanuit de gevangenis te studeren aan de UPV (Universidad del País Vasco). (Er mag niet vergeten worden dat de Spaanse Socialisten hun medewerking verleenden aan deze wetswijziging.) Volgens de minister van Justitie, Michavila, wordt "zodoende belet dat de Baskische Universiteit een instrument is ten dienste van personen die veroordeeld zijn voor terrorisme".
Onderwijs is een basisrecht en staat als zodanig in art. 27 van de Spaanse grondwet vermeld. De Regering wil op deze manier bovendien een bijkomende straf toevoegen aan de veroordeling. Hetzelfde deed Spanje al door de Baskische politieke gevangenen onder te brengen in gevangenissen die op grote afstand van Baskenland liggen.
Wanneer verplicht dit fascistische Regime de Basken te gaan rondlopen met het oude Baskische "kruis" de "Lauburu" op hun revers. De homofiele Basken een roze, de linkse nationalisten een groene?
Op 1 mei 2002 zorgt ETA voor veel aandacht met een spectaculaire autobom in de Europa-toren, op honderd meter van het Bernabéu-stadion in Madrid om 16.55 u., vier uur vóór aanvang van de halve finale van de Champions League Madrid-Barcelona. Vooraf waren er verwittigingen binnengelopen bij Gara en bij een noodtelefoon in Madrid. De auto was enkele dagen eerder in Madrid gestolen wat Francisco Javier Ansuátegui, gedelegeerde van de Regering in Madrid (voorheen in Navarra) doet verklaren dat ETA over "een zekere infrastructuur" beschikt in de hoofdstad. Hij spreekt niet over een "commando Madrid" omdat dit al 50 keer werd "opgerold".
De aanwezigheid van de buitenlandse camera’s zorgde voor een bijzonder pijnlijk gezichtsverlies. Jaime de Marichalar, schoonzoon van Koning Juan Carlos, was aanwezig in het gebouw naast dat van de Caja Madrid, waar de aanslag gepleegd werd.
Na afloop gingen radicale ultra’s van Real Madrid op de vuist met de oproerpolitie. Zij wilden ETA persoonlijk aanpakken. Magistraat van wacht was Baltasar Garzón… Diens match werd dus mooi verknald!
Een half uur later gaat in een andere wijk van Madrid een tweede bomauto de lucht in, waarschijnlijk de vluchtauto van de daders.
Op 21 december 1978 kwam de historische ETA-leider, José Miguel Beñaran Ordeñana, "Argala", in Angelu-Anglet om het leven na een aanslag van staatsterroristen van het "Batallón Vasco-Español".
Argala kwam uit Arrigoriaga, een voorstadje van Bilbao. De gemeenteraad besliste het plein voor het gemeentehuis om te dopen tot "Argalaplein". In 2002 wordt de stad bestuurd door een PNV-burgemeester en 7 PNV-raadsleden, 4 Batasuna, 2 PP, 2 PSE en 2 UVA. Op 30 april 2002 wilde de PP deze beslissing ongedaan maken, maar enkel de PSE stemde met hen mee, terwijl UVA zich onthield. De burgemeester verweet de PP een mediastunt te hebben willen zoeken in plaats van de problemen van het volk op te willen lossen.
De UNO stelt 58 gevallen van foltering in Baskenland aan de kaak.
Verschillende Baskische artsen, in samenwerking met Deense experts in zake foltering, stellen verregaande onnauwkeurigheden vast bij het gerechtelijke, medisch onderzoek van Baskische gevangenen tijdens hun periode van afzondering. En dit door het Hoog Gerechtshof! Tevens stellen ze vast dat de garantie ontbreekt voor de bescherming van de rechten van deze arrestanten. Ze baseren zich op de analyse van 318 documenten in verband met 100 arrestaties van personen die tussen 1991 en 1994 in Madrid "verbleven". Dit rapport verscheen in het gezaghebbende Amerikaanse tijdschrift "Journal of Forensic Sciences".
Het resultaat was verbluffend:
- 85 % kreeg slagen.
- 34 % kreeg de plastic zak over het hoofd getrokken.
- 8 % kreeg elektroden aangebracht.
- 4 % werd ondergedompeld in het bad (vol uitwerpselen)
Er wordt voorgesteld het medisch onderzoek in de toekomst zonder politietoezicht te verrichten in een andere ruimte dan het "ondervragingslokaal". Het onderzoek moet verder gebeuren door neutrale, competente beroepsmensen en volgens internationaal bepaalde regels en methodes.
0p 16 april presenteerde de Speciale Uno-rapporteur voor de Folteringen, de vermaarde Nederlandse jurist Theo van Boven, voor de Commissie Mensenrechten in Genève de jaarbalans voor 2000. (Van Boven was eerder directeur van de afdeling Mensenrechten bij de UNO.)
Wat Spanje betreft zijn er beschuldigingen aan het adres van de Guardia Civil, de Nationale Politie en de Baskische Autonome politie, Ertzaintza.
Er worden 58 gevallen van foltering en mishandeling van Baskische burgers aangeklaagd op een totaal van 77 aanklachten van mishandeling van arrestanten.
In het rapport, dat overgemaakt werd aan de Spaanse autoriteiten, staat dat een groot aantal personen wordt gearresteerd op verdenking van medewerking of lidmaatschap van een gewapende bende en op secreet wordt geplaatst, in overeenstemming met de antiterroristenwetten. Ze worden mishandeld tijdens hun arrestatie, tijdens de overbrenging en het verblijf op het politiecommissariaat en tijdens de overbrenging naar het Hooggerechtshof. Volgens het rapport wordt een groot aantal arrestanten daarbij met de dood bedreigd en seksueel gemolesteerd en misbruikt. De daarbij gebruikte politietechnieken hebben tot doel de fysieke uitputting van de arrestant na te streven. De heer van Boven wijst op de lange duur van de afzondering die tot 5 dagen kan oplopen. Alvorens voorgeleid te worden voor een magistraat heeft de arrestant tijdens deze periode enkel contact met de politiemannen, met een officieel arts, aangesteld door Binnenlandse Zaken, een pro-deo advocaat en als laatste een bewaker.
Van de 58 aangeklaagde gevallen betrof het 5 personen die aangepakt werden door de politie nadat ze door Mexico of door Frankrijk waren uitgeleverd. Dit is in strijd met artikel 3 van de UNO-conventie van 10 december 1984 i.v.m. foltering en andere onmenselijke behandeling. Daarin wordt gesteld dat niemand mag uitgeleverd worden aan een andere Staat waar ernstige vermoedens van folterpraktijken bestaan.
Behalve Baskische politieke gevangenen zijn ook immigranten vaak het slachtoffer van onmenselijke behandelingen. Tussen 1995 en 2002 kwamen er bij Amnesty International 321 klachten van foltering in Spanje binnen. Zes mensen werden seksueel lastiggevallen of zelfs verkracht terwijl er vijf overleden.
Het rapport van Theo van Boven vond geen weerklank in de Spaanse pers. Of om het in het Spaans te zeggen: "un silencio elocuento" (een veelzeggend zwijgen).
Op 28 april 2005 werd Pedro Esquisabel Urtuzagagearresteerd, in het gezelschap van een andere Etarra, José Manuel Ugartemendia Isasa.
ETA had hem “Xerpa” gedoopt, een ex-politieagent van 42 jaar oud, en bekend als de meest voorzichtige persoon van de organisatie, altijd op zijn hoede. Volgens een onderzoeker van de politie was het bijna onmogelijk om hem te volgen, te schaduwen.
En toch, op 25 april 2005 begaat Pedro Esquisabel Urtuzaga “Xerpa” een fout met zware gevolgen voor de Baskische separatisten. In een wassalon te Caussade (Tarn-et-Garonne), op 70 kilometers van Toulouse moest hij zich vlug van zijn wapen ontdoen om een politiecontrole te vermijden en gooide het wapen tussen een hoop linnen. Een automatisch pistool van klein kaliber in een houder werd kort nadien ontdekt, samen met een notaboekje waarin nogal wat gegevens over ETA-leden stonden. Xerpa keerde terug naar het wassalon waar hij als een bezetene een hoop linnen doorzocht. Hij vroeg zelfs aan de onderhoudsdienst of ze geen houder gezien hadden, misschien had iemand die wel bij de verloren voorwerpen gedumpt.
Twee dagen later overtrad Xerpa een tweede maal de elementaire regels van de voorzichtigheid en belde het wassalon op. De nationale antiterroristische divisie die onder één hoedje speelde met het wassalon vertelde hem dat de houder gevonden was en dat hij ze kon komen ophalen.
In Hernani, een buurstadje van Donostia-San Sebastiàn, overleed Kepa Miner "Txalaka". Miner kwam op 2 juli 1999 vrij door toepassing van artikel 92 aangaande vrijlating van ongeneeslijk zieke gevangenen. Sindsdien zat hij in een rolstoel omdat hem door een zware longziekte de kracht ontbrak om te lopen. Tijdens zijn gevangenschap diende hij al herhaalde malen gehospitaliseerd te worden om zuurstof toegediend te krijgen. Ondanks deze bijzonder zware handicap diende Miner zich nog één keer per maand te melden in de gevangenis van Martutene (Donostia)
Miner werd in juni 1984 gearresteerd in zijn huis in Hernani en bij deze operatie verloren Agustín Arregi Perurena en Juan Luis Lekuone Elorriage het leven terwijl Jesús Mari Zabarte mede gearresteerd werd.
In de daaropvolgende 15 jaren zat Miner nooit in een gevangenis in Baskenland. In 1994 werd vastgesteld dat hij een zware chronische longziekte had. Dit belette niet dat hij in 1996 werd overgebracht naar de gevangenis van Cáceres. Drie keer maakte hij een zware crisis door. Daags na de derde crisis (1 juli 1999) werd hij "genezen verklaard" en… vrijgelaten. Hij lag sindsdien gedurende 18 uur per dag aan de beademingsmachine.
Op deze dag, 26 april 1937, werd de stad Gernika gebombardeerd door het Condor Legioen met de medewerking en onder de leiding van Spanje.
Vandaag, 26 april 2001, werden op het kerkhof, in aanwezigheid van Baskische en Duitse autoriteiten de traditionele bloemen aangeboden aan de slachtoffers. Terwijl op de Plaza de los Fueros, overlevenden samenkwamen, werden duizend kaarsen ontstoken. Het idee kwam van de Australiër William Kelly. Er waren ook vertegenwoordigers uit de steden die met Gernika verbroederd zijn: Pforzheim (Duitsland), Boise (USA) en Berga (Catalunya)
Hoewel Duitsland al sinds lang zijn excuses aanbood blijft vanuit Madrid tot nader order nog steeds het laatste (en enige) bericht gelden dat kort na de feiten verspreid werd,"als zouden rode, Baskische separatisten Gernika zelf in brand gestoken hebben."
Op 26 april 2007 verzamelen 50 burgemeesters van "vredessteden" over heel de wereld en enkele Nobelprijswinnaars in Gernika voor de lezing van het "Gernika Statement".
Op vraag van Franco bombardeerde het Condorlegioen 70 jaar geleden de stad Gernika
Vandaag, 26 april 2007, is het precies 70 jaar geleden dat Duitse bommenwerpers de historische stad Gernika in Baskenland met de grond gelijkmaakten. Vlaams minister van Buitenlands Beleid Geert Bourgeois laat de Basken weten dat ook Vlaanderen meeleeft. Hij subsidieert ondermeer de internationale artistieke productie "Vlernika". Het project herdenkt de opvang van duizenden Baskische kinderen bij Vlaamse gezinnen tijdens de Spaanse burgeroorlog en herenigt begin juli heel wat "niños de la guerra" met hun Vlaams gastgezin. Bourgeois ontvangt op 10 juli Baskisch minister-president Ibarretxe naar aanleiding van deze reünie. In Baskenland zelf, maar ook over heel de wereld, wordt het bombardement op Gernika herdacht. De aanval op dit burgerdoelwit had vanuit militair oogpunt geen nut. Maar het bracht een enorme symbolische klap toe aan Basken die met hun onafhankelijkheidsstreven altijd sterke tegenstand hadden geboden tegen de veldtocht van Franco. Gernika staat dan ook tot op vandaag symbool voor zinloos oorlogsgeweld. De stad wil de herdenking aangrijpen om over de hele wereld aandacht te vragen voor de vredesgedachte.
Vijftig burgemeesters van "vredessteden" over heel de wereld (Hiroshima, Volgograd, Dresden, Coventry, Oswieci-Auschwitz, Ieper…) en enkele Nobelprijswinnaars verzamelen in Gernika voor de lezing van het "Gernika Statement". Deze verklaring voor vrede en tegen oorlog en de schending van mensenrechten wordt tegelijkertijd op verschillende plaatsen in de hele wereld voorgelezen, ondermeer in New York, Buenos Aires, Mexico Stad, Santiago de Chili, Montevideo … en ook in Brussel. Tijdens de Spaanse burgeroorlog kwamen immers duizenden Baskische kinderen terecht bij Vlaamse gezinnen. Zo groeiden hechte banden tussen Vlaanderen en Baskenland. In Gent werden ongeveer 200 vluchtelingenkinderen ondergebracht. Na afloop van de burgeroorlog keerden de meesten terug naar huis.
Vlernika, een samentrekking van Vlaanderen en Gernika, wordt een internationaal-artisieke productie die de opvang van deze Baskische kinderen in Vlaanderen herdenkt. Met de steun van Bourgeois worden verschillende projecten uitgewerkt door Trefpunt vzw. In Vlaanderen en Baskenland worden op verschillende festivals een muziekproductie uitgevoerd door een gemengd Vlaams-Baskisch ensemble (o.a. 15 juli op Gentse Feesten, 10 juli n.a.v. 11-juliviering). Op de achtergrond zullen beelden te zien zijn van een documentaire die Fabio Wuytack maakt over de "niños". Bij het project horen ten slotte nog een boek en een reizende fototentoonstelling over de Baskische kinderen. Deze houdt halt in alle Vlaamse provinces. Ze loopt ondermeer van 6 tot 20 mei in het kader van "LeuvenondersteBoven" en van 2 tot 27 juli in "Ons Huis" in Gent.
In Donostia overleed Jokin Gorostidi, nadat hij enkele dagen eerder een hartinfarct had gekregen. Gorostidi werd in 1944 in Tolosa geboren en toen hijin 1967 in de bevrijdingsorganisatie ETA al was opgeklommen tot "liberado" (= als lid bij de politie bekend) zag het er niet naar uit dat hij in zijn bed zou sterven! Nadat hij in hetzelfde jaar wist te ontsnappen uit een omsingeling door de Guardia Civil ging hij in de illegaliteit. Hij nam deel aan het tweede deel van de V Assemblee en kreeg er de opdracht de eerste gewapende acties tegen de Spaanse bezettende politiemachten op te zetten. Toen de eerste ETA-dode, Txabi Etxeberrieta, op 7 juni 1968 onder de kogels van de "Txakurrak" (honden, spotnaam voor de guardia Civil) viel was die op weg naar een afspraak met Gorostidi. Beiden zouden de terechtstelling van de beruchte folteraar, Melitón Manzanas, (2 augustus 1968) voorbeid hebben. Op 8 maart 1969 werd Jokin samen met zijn vriendin Itziar Aizpurua, gearresteerd. Bij het daaropvolgende proces van Burgos (eind 1970) werden 9 doodstraffen uitgesproken. Gorostidi kreeg twee keer deze maximumstraf! Zijn vrouw kwam er goedkoper van af. (Er was slechts 15 jaar geëist). Het protest vanuit de hele wereld zorgde ervoor dat Franco de wurgpaal niet durfde boven halen. Zo kwam Gorostidi in de gevangenis van Cartagena terecht en bleef daar tot 22 mei 1977 zitten. Intussen had Spanje een akkoord gesloten met een aantal Europese landen om van hun "Burgosgevangenen" af te raken. Jokin en zijn vriendin Itziar kwamen in Brussel terecht. Niet voor lang echter. Niet eens 5 maanden later en zonder te genieten van welke amnestie dan ook keerden ze op 22 mei 1977 onverschrokken naar Baskenland terug! In een zinderende velodroom Anoeta (Donostia) werden ze ontvangen met slagzinnen als "ETA, Herria zurekin!" "ETA, het Volk staat achter u!
Een jaar later hoorde Gorostidi bij de stichters van Herri Batasuna en hij bleef van 1978 tot 1991 lid van het Partijbestuur. In 1980 werd hij door de Franse politie gearresteerd. Hierbij werd Txomin Iturbe door een kogel aan het hoofd geraakt. Een jaar later werd hij, samen met de rest van de partijleiding, opgepakt nadat ze in Gernika de koning van Spanje verwelkomden met "Het Lied van de Baskische Soldaat". Bij een bezoek aan gedeporteerde lotgenoten in Afrika raakte hij na een legionellavergiftiging 55 dagen in coma. Natuurlijk werd Gorostidi betrokken in het macroproces 18/98. Toen hij zich vrijwillig aandiende bij het Hooggerechtshof kwam hij pas buiten nadat hij 30.000 euro borg had betaald. Er werd 15 jaar tegen hem geëist. In 2002 verbood Baltasar Garzón de radicale partij Batasuna en zette het hele hoofdbestuur achter de tralies. Onder hen Itziar Aizpurua. Plots waren de rollen omgekeerd en kon Jokin op gevangenenbezoek! In 2003 werd hij voor het laatst opgepakt, toen hij met zijn Itziar over het strand wandelde. Baltasar Garzón beschuldigde hem meegewerkt te hebben aan het innen van "revolutionaire belastingen". Na het betalen van 18.000 euro borg was hij vrij.
De reizen naar en van Madrid, gedurende de laatste vijf maanden, om telkens weer aanwezig te moeten zijn op het proces 18/98 zullen het hart van de oude strijder geen goed gedaan hebben. Maandag had hij, als laatste van de hele groep, ondervraagd moeten worden.
Op de 20steverjaardag van het Burgosproces, op het ogenblik dat iedereen vomeerde op de Baskische gewapende organisatie, verklaarde Gorostidi dat het een eer was militant van ETA geweest te zijn. Agur eta Ohore, Jokin (Tot ziens en alle Eer, Jokin).
Familienamen als die van burgemeester Beitialarrangoitia klinken ons erg vreemd in de oren. Baskische familienamen? Een hoofdstuk apart. Men moet geen Spanjaard zijn om te weten dat in het land van Juan Carlos de Borbón y Borbón zowat de helft van de bewoners García of González heet. Vandaar waarschijnlijk de gewoonte ook de familienaam langs moeders zijde te gebruiken om vergissingen te vermijden. Omdat Spanjaarden vaak eendubbele voornaam hebben, kan het behoorlijk indrukwekkend klinken: Maria del Puy González de la Cruz is misschien “gewoon” de bakkersvrouw van om de hoek, waar ze door de buren gewoon Puy Cruz genoemd wordt.
In Baskenland, met zijn twee beroemde Jezuïeten, heten de zonen ofwel Iñaki, Ignacio, Iñigo (naar Ignatius van Loyola) ofwel Xabier, Javier, Javi, Xabi (naar Franciscus Xaverius).
Drie dagen nadat Franco aan de macht kwam, werden Baskische voornamen bij decreet verboden. Een uitzondering werd gemaakt voor een paar “heilige maagden”. Aránzazu, Iciar of Begoña bleven gespaard; Irache, Idoya en Arrate werden gedoogd, hoewel. Door er María vóór te zetten, kon men de naam verspaansen. Na de dood van de caudillo viel alles weer heel langzaam in de plooi en na de ontkerstening, bij de radicale onafhankelijkheidsstrijders, kwamen er zelfs namen als Ibai (rivier) en Arkaitz (rots). Nu moet je niet meer schrikken van een voornaam als Iraultza, revolutie!
Familienamen kon men niet verbieden of “verspaansen”. Van de Baskische familienamen verwijst 90 % naar de plaats van herkomst. Omdat voor een Bask het geboortehuis (‘etxea’) heilig is, wijzen de meeste namen dan ook naar dat huis en/of naar de plaats waar het zich bevindt en dat is in dit Pyreneeënland nogal eens tegen een berg, in een valei, bij een rivier of een weiland. Veel namen beginnen dan ook met ‘etxe’ of eindigen op ‘txea’ of het verspaanste ‘chea’. Enkele voorbeelden:
Goikoetxea: (Van) het hoogste huis
Etxeberria of Echeverria: (Van) het nieuwe huis. Lag dat nieuwe huis op een berg (mendi) dan heette de bewoner al vlug Mendietxeberria.
In het groene Baskenland verwijzen ook veel namen naar bomen of planten. Een naam als Pagatzautunduagoienengoa staat dan wel in de “Nomenclatuur van Baskische namen” van de Koninklijke Academie voor de Baskische Taal vermeld, maar je zult hem tevergeefs in een telefoonboek vinden.
Opvallend is dat 55% van de bewoners van Euskal Herria geen enkele Baskische familienaam (noch langs vaderskant, noch langs moederskant) draagt, terwijl in Spanje op z’n minst 10 % van de bevolking één Baskische naam heeft, zelfs in de meest zuidelijke provincies.
De naam Eznarriis ongetwijfeld zeer oud. De Basken wisten al melk te koken vooraleer het gebruik van ijzer of staal bestond. In een houten schaal vol melk werd een gloeiend hete steen gelegd. Eznarrikomt van esne (melk) en (h)arri (steen).
Juan José Zearreta Urigoitialdekozea, directeur van de Koninklijke Academie voor de Baskische Taal, werd ooit ’s nachts staande gehouden door de driftkikkers van de Guardia Civil. Toen ze op hun lijst van verdachten zijn naam zochten, zuchtte de hoogste in bevel: “Welke originele familienamen hebt U! De eerste eindigt op ETA, om over de tweede nog maar te zwijgen.” Die kon hij niet eens uitspreken.
De familie van burgemeester Beitialarrangoitia van Hernani kwam hoogstwaarschijnlijk ooit uit Bizkaia. Daar is een naam vaak een samenvoeging van voorwerpen of kenmerken die bij het voorouderlijk huis hoorden. Hoewel je het nooit zeker weet toch een poging:
Beiti = plaveisel, grond. Lagen er rond de boerderij platte stenen (om de boel proper te houden bij regen)?
Larre = weidegrond
Goiti = zolder.
In de dorpen worden de mensen tot op heden niet met hun familienaam genoemd, maar met de naam van de boerderij waarin ze wonen.
De Europese Vereniging van Democratische Advocaten (met o.a. leden uit ons land) klaagt het bestaan aan van een lijst van 15.000 Basken die niet aan verkiezingen mogen deelnemen. Komen ze voor op een kieslijst dan vliegt de hele lijst de vuilnisbak in! Gaat het dan om leden van ETA? Helemaal niet! Contact onderhouden met politieke gevangenen is al voldoende om op de lijst terecht te komen! Op een verkiezingslijst gestaan hebben die eerder onwettig verklaard werd: idem! Het is niet nodig dat de mensen op deze lijst voordien een veroordeling opliepen. Werden ze gezien op een politieke manifestatie dan hebben ze prijs!
De Baskische advocatenvereniging, Eskubideak klaagt aan dat het onmogelijk is meer informatie te verkrijgen over deze lijst. Wat met de privacy? Wie stelde de lijst op? Hoogstwaarschijnlijk de "specialisten": de alomtegenwoordige Guardia Civil!
Op 16 oktober 2000 werd Harriet Iragi gearresteerd in Sevilla.
Hoewel hij een kogelwonde in de arm had, werd hij pas 8 uren na de arrestatie naar het ziekenhuis overgebracht voor een onderzoek. ("Vier uren", volgens de politie.) Daar moest hij een chirurgische ingreep ondergaan. Amper 35 uren na de operatie werd hij genezen verklaard en overgebracht naar het commissariaat voor een tweede "operatie". Bij het slaan werd de arm niet gespaard. Iragi kreeg ook een slag op het oog.
De aanklacht van foltering werd op 16 maart ll. geklasseerd en de advocaat van de verdediging besluit nu in beroep te gaan.
Karlos Apeztegia, Baskisch politiek gevangene uit Pamplona, zit gevangen in Huelva (in de zuidoosthoek van Spanje, aan de Golf van Cadíz en aan de Portugese grens), op 1.000 km afstand van zijn familie.
Op 30 december van het voorbije jaar belde hij naar huis en het gesprek gebeurde in de daartoe verplichte taal, die echter niet de moedertaal van Apeztegia is… Op het einde van de conversatie wisselde Apeztegia ook nog enkele woorden met zijn dochtertje van 3 jaar Dit gebeurde in de enige taal die het kind "beheerst", Baskisch. Op 3-jarige leeftijd zal het niet veel meer geweest zijn dan "Zer moduz" (Hoe is het) en “Musu bat" (een kusje). Maar hiermee overtrad Karlos Apeztegia de regels en hiervoor werd hij gestraft met 7 weekends in de isolatiecel. Als gevolg hiervan zal Apeztegia 7 weekends geen bezoek mogen ontvangen van vrienden en familieleden die tijdens de week niet kunnen komen omdat er dan hard moeten werken om af en toe de reis van 2 x 1000 km af te leggen en minstens één nacht verblijf in een hotel te betalen."
Wie hiertegen protesteert wordt terrorist genoemd door de democraten die dit soort straffen uitspreekt en zit te wachten tot Apeztegia zelfmoord pleegt…
De legendarische "Eik van Gernika" is dood. De extreme hitte van de voorbije zomer velde de 146-jarige, maar al geruime tijd, zieke boom die zelfs de bombardementen op het einde van de Burgeroorlog overleefde. Hij zal vervangen worden door één van de scheuten die 15 à 20 jaar oud zijn.
De tronk die ernaast staat, zou geleefd hebben tussen 1742 en 1892. Een derde boom, "de vader" genoemd, werd geplant in de 14de eeuw en zou 450 jaar geleefd hebben.
Het was onder deze boom dat de wijze mannen van Bizkaia samenkwamen om hun Volk te besturen.
Op 19 april 1973Txikia krijgtEustakio Mendizábal Benito “Txikia”een kogel in de rechterslaap. Hijverbleef van zijn 10detot zijn 23stelevensjaar in het klooster van de Benedictijnen in Lazkao. Het klooster had faam omdat er in de jaren 60 een aantal samenkomsten van ETA plaatsvonden. Als seminarist leerde Txikia de Baskische taal onder de knie te krijgen, omdat hij er alles kon lezen wat er in Baskenland voor handen was. Maar hij leerde er ook de bergen kennen die hem later vaak het leven zouden redden bij achtervolgingen. Toen de tijd aanbrak om het priesterkleed aan te trekken (1966) vroeg hij een jaar uitstel. Hij bleef zijn studies voortzetten, maar ging tevens werken in een fabriek in Beasain. In die periode weigerde hij een boete te betalen die hij had opgelopen wegens deelname aan een manifestatie en kwam daarom enige tijd in de gevangenis terecht. Na de arrestaties van een aantal jongeren nam hij de benen. Eerst vond hij een veilig onderkomen in de abdij van Belloc, maar al spoedig dook hij onder in Baiona waar hij twee keer gearresteerd werd en ten slotte “binnenlands” verbannen naar Poitiers. Hij keerde echter meteen terug om in het zuiden “liberado” (vrijgestelde van ETA en bij politie bekend) te worden voor Gipuzkoa en Nafarroa. Txikia klom op tot verantwoordelijke van de militaire vleugel van ETA. Het aantal acties steeg in deze periode tot een ongekende hoogte. De eerste ETA-actie onder zijn leiding was de ontvoering van de Duitse ereconsul, Beihl, in Donostia. Vaak wist Txikia op spectaculaire wijze te ontkomen aan politieomsingelingen. Later werd de ondernemer Huarte ontvoerd. Hij werd vrijgelaten nadat hij de arbeidsvoorwaarden in zijn bedrijf verbeterde.
Op 19 april 1973 (Witte donderdag) nam hij de trein Bilbao-Placensia, richting Algorta. Was de politie ingelicht? In elk station, hoe klein ook, stonden ze verdekt op wacht. Txikia had in het station van Algorta een afspraak met zijn strijdmakker, José Manuel Pagoaga, “Peixoto”. Meteen probeerden ze hun achtervolgers af te schudden. Hierop ontstond een vuurgevecht en omdat het paasvakantie is lopen er veel kinderen op straat. "Scheer je weg", roept Txikia, tussen de schoten door, “Ik word achtervolgd”. Het aantal politiemannen wordt steeds groter. Als Peixoto een andere richting kiest, laat de politie hem lopen. Na twee kilometer rennen, houdt Txikia een auto staande. Omdat de chauffeur slechts drie dagen een rijbewijs heeft (en wegens de schrik) krijgt hij zijn vehikel niet meer aan de praat. De eerste politieman die vóór de auto geraakt heeft geen munitie meer! Van de tweede krijgt Txikia een kogel in de rechterslaap. Zonder nog een woord te zeggen, zal hij in een ziekenhuis in Bilbao sterven, met een pistool in de hand, één in de zak van zijn regenjas en met een patronengordel rond zijn middel. 28 jaar oud, vader van 2 zonen betaalde hij zijn idealisme met zijn leven, zoals anderen het betaalden met de cel of met verbanning. In 1973, ETA zit zonder leider, maar een mythe is geboren. Op 21 april wordt hij in zijn geboortedorp, Itsasondo, begraven. Omdat de volgende dag Aberri Eguna (Dag van het Baskische Vaderland) gevierd zal worden en om manifestaties te vermijden wordt het overlijdensbericht niet uitgehangen. Daardoor zijn slechts 30 personen op de begrafenis aanwezig, politie en Guardia Civil inbegrepen! In het witte kerkje van Sokoa, in Noord-Baskenland, werd later een zieledienst gehouden. Piarres Lárzabal, “Zoro de Sokoa”, Pastoor van Sokoa en secretaris vanAnai Artea(*) spreekt in zijn homilie vriendelijke woorden:“Eustakio was niet het model van een klassieke held. Hij was een poëet, een bertsolari (zanger van bertsos of geïmproviseerde verzen). De afwezigheid van persoonlijke ambitie, zijn eenvoud, zijn oprechte en totale toewijding bezorgde hem vele vrienden, onder hen niet weinig priesters. Maar … Mendizábal stierf met een pistool in de hand. Hij leidde aanslagen en ontvoeringen. Ze noemden hem een “Baskische Guerrillero”. We weten dat het christendom geweld veroordeelt. Maar laten we “geweld” niet verwarren met “antwoorden op geweld.”
(*)Anai Artea (wij broeders) opgericht, een beweging die humanitaire steun verleende en nog steeds verleent aan Baskische politieke gevangenen en vluchtelingen.
Meteen na de dood van Txikia werd de vraag gesteld of er verraad in het spel kon zijn. Een ETA-woordvoerder in Noord-Baskenland ontkende dit ten stelligste: “We kunnen wel eens een geschil hebben, een onenigheid, maar ons geschil met de politie is groter dan alle oceanen samen.” Betaalde Txikia zijn treinticket met “vuil geld”, afkomstig van ETA-acties en werd dit zijn dood?
Eustakio Mendizábal was boven alles een Baskische nationalist, een plattelandsrevolutionair. In hem konden zich zowel de fabrieksarbeider als de boerenjeugd terugvinden. “Om revolutionair te zijn moet je poëet wezen”, was één van zijn stellingen. De Baskische taal was een obsessie voor hem. De politie-inspecteur die Txikia Mendizabal een kogel door het hoofd schoot, José Ramón Morán, verloor twee jaar later het leven. In een ETA-actie in … Algorta!
Op 18 april 1976, de dag van deAberri Eguna, was Manuel María Garmendia Zubiarrain“Korta” behulpzaam om vier medestanders over de muga te brengen, in de streek rondom de berg Larrun (La Rhune). Ter hoogte van het kerkhof van Bera (Vera de Bidasoa) werden zij door de Guardia Civil ontdekt en beschoten. Korta, 31 jaar, overleed ter plekke. “Korta” werd in Legorreta geboren op 6 juni 1945. Op 18-jarige leeftijd werkte hij in een onderneming in Arrasate. Omstreeks die tijd trad hij toe tot ETA, eerst tot de culturele vleugel en later tot de militaire vleugel. In 1968 moest hij op de vlucht slaan. In 1969 bereikte hij Iparralde, nadat hij 9 maanden was ondergedoken. Hij werkte er in het slachthuis van Baiona en na een hongerstaking (1970) werd hij op straat gezet. Hij werd uitgewezen naar België.Helemaal op zichzelf aangewezen, zonder werk, kreeg hij van de organisatie de verantwoordelijkheid over de Goierri (streek in Gipuzkoa, waar hij TxikiaenArgalaleerde kennen. Zwijgzaam, verantwoordelijk, zelfverzekerd en getuige van een grote fysieke kracht, ontpopte hij zich als een mugalari (vanmuga) van de eerste orde. Hij hielp er de commando’s en de vluchtelingen de grens oversteken.
Balans van de repressie in Baskenland in het voorbije jaar, 2004.
Tijdens het voorbije jaar 2004, verloren zeven mensen het leven. Angel Berrueta en Kontxi Sanchiz verloren het leven, als onrechtstreeks gevolg van de aanslag door Islamterroristen in Madrid, twee dagen eerder, op 11 maart, die door de PP-regering in de schoenen van ETA geschoven werd. (Berrueta werd in zijn winkel door een Guardia Civil doodgeschoten en Sanchiz stierf na een charge van de "Baskische" politie in een protestbetoging tegen de moord in Pamplona).
De behandeling van Baskische, radicale gevangenen kostte 3 levens. Oihane Errazkin uit Donostia stierf van eenzaamheid in een Parijse cel waar ze zich verhing. Kepa Miner hield aan het jarenlange gevangenisleven een slepende ziekte over en Arantxa Otamendi stierf eveneens ver van huis in gelijkaardige omstandigheden. Karmele Solaguren verloor het leven in een verkeersongeval op weg naar haar gevangen zoon op 1.000 km afstand van huis. Leo Esteban overleed na jarenlang lijden.
Het voorbije jaar werden 135 personen opgepakt en hiervan kwam 97 % in isolatiedetentie terecht. 57 arrestanten verklaarden gefolterd te zijn. Op dit ogenblik zitten 700 radicale Basken achter de tralies. Parijs wees 2 Baskische burgers uit en droeg er 6 over aan de Spaanse justitie. Nederland leverde er één uit en in Mexico lopen zes burgers het risicouitgeleverd te worden.
Gevangenen die hun straf uitzaten, worden niet vrijgelaten terwijl men hiervoor intussen redenen zoekt (Iñaki de Juana en anderen.)
Sinds 1979, vijfentwintig jaar geleden, werden er 35.000 personen opgepakt. 5.000 ervan werden opgesloten. Er vielen 350 dodelijke slachtoffers.
De linkse nationalisten maken zich bij monde van de advocate, Jone Goirzelaia en de woordvoerders van Batasuna, Joseba Permach en Arnaldo Otegi, ongerust over het feit dat één van de arrestanten in de operatie tegen Egunkaria, Xabier Alegria, nog steeds intens "ondervraagd" wordt in de Madrileense gevangenis van Soto del Real. Alegria was in zijn lange carrière lid van vele verenigingen en actiegroepen en kent vele mensen. De radicale nationalisten verwachten zich eerdaags dan ook aan een arrestatiegolf.
Gisteren werden in IruñePamplona, de hoofdstad van Navarra de 3.200 personen herdacht die na de staatsgreep van 1936 door Franco en zijn trawanten werden geëxecuteerd. Van deze 3.200 vermoorde politieke tegenstanders werden er 298 in Pamplona tegen de muur gezet. Onder hen zeven raadsleden en één schepen. Bij de executiemuur, in het park van La Vuelta del Castillo in la Cuidadela, meer bepaald bij de Puerta del Socorro werd een gedenkplaat aangebracht met de tweetalige tekst: "Iruñean Errepublika defendatzeagatik fusilatutkoen oroimenez" (Ter herinnering aan de Gefusilleerden in Pamplona omdat ze de Republiek verdedigden).
Dit gebeurde in aanwezigheid van enkele honderden aanwezigen waaronder vele familieleden van de slachtoffers.
Opvallend is dat dit alles al 70 jaar geleden gebeurde en dat er pas de laatste jaren over gepraat wordt. De schrik, ten gevolge van het staatsterrorisme tijdens de dictatuur, zat dus erg diep. De verenigingen "Familieleden van Gefusilleerden" en de "Associatie Dorp van de Weduwen" uitSartaguda hebben het met hun acties zó ver gekregen dat er in Sartaguda eerlang een Herinneringspark klaarkomt. Van de kostprijs van 460.000 euro moest nog 20% worden samengebracht maar van het ontbrekende bedrag werd via obligaties op erg korte tijd 6.000 euro bij elkaar gehaald. Er werd een toespraak gehouden door Roberto Rocafort, zoon van Javier Rocafort, die het leven verloor inFort San Cristóbal, boven Pamplona. Er werd een brief voorgelezen die hij naar zijn vrouw schreef tussen juli 1936 en april 1937. Tot op heden weet de familie niet in welke kuil Javier Rocafort "begraven" werd!
Op de herdenking bleven de UPN (PP-Navarra) en de meeregerende CDN afwezig. Zij stonden indertijd dan ook aan de kant van de "Glorieuze Nationale Beweging" en die stonden aan de kant van de trekker! Verder waren hun geestesgenoten vaak de begunstigden van de onteigeningen terwijl de slachtoffers ten onder gingen aan beledigingen en aan hulpeloosheid.
Behalve in Pamplona waren er gelijkaardige herdenkingen in Tutera (Tudela), Corella, Altsasu, San Adrián, Alesbes, Faltzes en Kaseda.
De rechter die de "Zaak Zabalza" in handen heeft, betwijfelt de officiële versie. Enrique Dorado Villalobos en Felipe Bayo, veroordeeld in de Zaak Lasa en Zabala, werden opgeroepen om te komen getuigen.
Zabalza werd op 26 november 1985 gearresteerd in San Sebastiàn en kwam om het leven, waarschijnlijk in de kazerne van Intxaurrondo. De versie dat hij door "slechts" 3 Guardias naar Endarlatza was overgebracht om een "zulo", een geheime bergplaats, aan te duiden, wordt in twijfel getrokken. Hij zou de vlucht genomen hebben en daarbij in de "grensrivier" Bidasoa verdronken zijn. Bovendien wordt in geen enkel document verwezen naar het verlaten van de kazerne van Intxaurrondo, terwijl er een interne administratie is waarbij iedereen vermeld wordt die binnenkomt en buitengaat. Evenmin hebben de Guardias van de kazerne van Endarlatza in de omgeving iets waargenomen dat zou kunnen verwijzen naar zoektochten. Het feit dat het Rode Kruis op de opgegeven plaats vruchteloos dreggingswerken uitvoerde en er iets verderop een dam is worden als "vreemd" beschouwd. Een dag nadat het Rode Kruis, op 12 december 1985, de dreggingswerkzaamheden stopzette verklaarde Minister van Binnenlandse Zaken, José Barrionuevo, in het Congres dat Zabalza wel "zou opduiken" of "zou gevonden worden". Drie dagen later (op 15.12.85) werd het lijk van Zabalza uit het water gehaald in de buurtwaar de dreggingswerken waren uitgevoerd. Bovendien werden in het bloed van Zabalza, noch in de longen, algen aangetroffen die in het rivierwater en op zijn kleren wél aanwezig waren. Het gif dat in het rivierwater aanwezig was was wél aanwezig in de longen, en wel vele keren sterker dan in werkelijkheid.
Op dezelfde avond als die waarop Zabalza door de Guardia Civil in Altza (San Sebastiàn) werd meegenomen werden nog meer mensen gearresteerd in Altza, Renteria en Orbaitza (Navarra) waar Zabalza vandaan kwam. Zijn vriendin die mishandeld werd, zag hem nog met een plastic zak over het hoofd getrokken (één der meest bekende "ondervragingstechnieken"). Later zag ze twee personen met een brancard waarop een corpulent persoon lag, bedekt met een deken. Ze hoorde daarbij één der twee zeggen: "Hij is er slecht aan toe." Tijdens dezelfde ondervragingscessie kreeg Jon Arretxe dezelfde behandeling met de plastic zak en "het bad", waarbij hij folterkreten hoorde. Manuel Bizkai Zabalza noteerde dat de Guardia Civil een opmerkelijke agressie tentoon spreidde ten opzichte van zijn neef. Later hoorde hij overgeven en schreeuwen door iemand die Mikel Zabalza kon zijn.
In Pamplona wordtJosu Zabala "Basajaun" geëerd door Gestoras pro-Amnistia. Zijn lijk werd op de vooravond van de Aberri Eguna van 1997 in de buurt van Itziar gevonden. Er blijven vragen: Wie deed het? Wie werkte mee? Wie hielp de zaak tot op dit ogenblik verhullen?
Sergio Medina wordt na 100 dagen vrijgelaten. Hij werd gearresteerd nadat in Pamplona in de auto van zijn vader een springtuig tot ontploffing kwam. Als Bask ben je nooit slachtoffer, maar wordt je meteen verdachte. Medina klaagt een gedeelte van de pers aan (Diario de Navarra) die er met zijn tendentieuze berichtgeving ondermeer voor zorgde dat hij op meer dan 400 km van huis in een cel terechtkwam, maar dat hij tevens zijn werk verloor.
In 1919 werd Emilio Orbe gearresteerd omdat hij "Gora Euzkadi Askatuta" (Leve vrij Euzkadi) riep. (Hij overleed in de gevangenis.) Later, tijdens de Franco-dictatuur, werd iedereen opgepakt die het aandurfde in het openbaar een vrij vaderland te vragen.
Amaia Goñi werd op 12 april 2002 opgepakt omdat ze "Gora Euskal Herria Askatuta" (Leve vrij Baskenland) riep. Amaia Goñi werd zelfs meer dan 6 uren vastgehouden en er werd mee gedreigd haar naar Madrid over te brengen! In de tekst van het communiqué dat ze op het einde van een manifestatie las, staat geen enkele paragraaf die een arrestatie zou rechtvaardigen. Het hoort gewoon bij het proces van criminalisering van alles en iedereen die niet op het lichtend pad loopt dat PP en PSE hebben uitgezet. Iedereen van wie de kop even boven het korenveld uitkomt, wordt verdacht een potentieel medewerker of een militant van ETA te zijn. Goñi is verantwoordelijk van Ikasle Abertzaleak (een scholengemeenschap), de inrichters van de betoging, en alleen daarvoor werd ze opgepakt.
Gedelegeerde van de Spaanse Regering in Baskenland
11 april 2002
Vroeger heette de functie "Civil Gouverneur". Een aantal jaren geleden werd deze "besmeurde" naam vervangen door "Gedelegeerde van de Spaanse Regering in Baskenland." Het gaat om een soort Moeder Overste, een pottenkijker, of als het een Bask is, iemand die ziel verkocht heeft voor een bord linzensoep. Op dit ogenblik is de uitverkorene Enrique Villar. Hij meent zich alles te kunnen permitteren. Baskische volksvertegenwoordigers werden gisteren door hem "schoften" en "moordenaars" genoemd. Het ging om parlementairen van Batasuna, natuurlijk, maar wat hij van de overige nationalisten denkt, is niet moeilijk te raden. .
Tegen de pas verkozen nieuwe Baskische ombudsman die door een meerderheid van het Baskische Parlement aangesteld werd, zei hij "lomperik" en "trap het af!"
Bij de start van de feestweek in 2006 kwam het in Puente la Reina (Navarra) tot incidenten met radicale jongeren. Eén van de jongeren, Kiko Alvarez, werd blijkbaar herkend en zag 20 maanden en kort nadien 25 maanden tegen zich geëist. Dit zorgde voor heftig protest van de inwoners van het historische stadje. Nadien, in een tweede proces, werd hij door het OM plots beschuldigd van een “aanslag” op de nu ex-burgemeester, Eva Erro, en niet tegen een politieagent (die haar moest beschermen tegen haar burgers). De eis werd meteen verhoogd tot 25 maanden wat “zitten” zou betekenen. Het regionaal gerecht heeft zichzelf nu onbevoegd verklaard waardoor de zaak verwezen wordt naar het Hooggerechtshof van Navarra! De straf kan nu oplopen tot vier à zes jaar! Waarom niet meteen de doodstraf?
Vandaag overleed in Bilbao Javier Larreategi “Atxulu” ten gevolge van een slepende ziekte. Hij werd 57 jaar. Atxulo diende al in het begin van de jaren 70 onder te duiken en naar Ipar Euskal Herria (“Frans Baskenland”) te vluchten. Hij aanvaardde de consequenties van zijn politieke overtuiging en van de manier waarop hij zijn Volk wilde helpen bevrijden. In 1972 vaardigde de Prefectuur van het departement Pyrénées Atlantiques een uitwijzingsbevel uit tegen hem en zes andere Baskische politieke vluchtelingen. Atxulo trok dan maar naar Madrid om deel te nemen aan de “Operación Ogro” (operatie monster), de aanslag op de opvolger van Franco, admiraal Luis Carrero Blanco. Hij huurde als beeldhouwer een souterrain in de Claudio Coello-straat. Met enkele andere leden van het commando groeven ze een tunnel tot halverwege de straat waarlangs Carrero Blanco elke morgen in zijn auto met chauffeur naar de mis ging. Tot 20 december 1973. Toen vloog de auto met chauffeur en met Carrero Blanco over de kerk van het Jezuïetenklooster. De man die zijn militaire strepen ter zee haalde, zijn carrière te land maakte, eindigde in de lucht. ETA had aangetoond dat de dictatuur kwetsbaar was en de organisatie werd, ook in Spanje, ergpopulair. Dit belette niet dat Atxulo in november 1974 (met 16 anderen) voor deze zaak terecht stond voor het “Tribunaal van Openbare Orde” (zoals de uitzonderingsrechtbank toen heette). Enkele maanden eerder (in juni) had Spanje nochtans aan Frankrijk zijn uitwijzing gevraagd, maar Frankrijk had deze uitwijzing geweigerd! Tien jaar later, 10 januari 1984, werd hij samen met vijftien andere activisten opgepakt in Noord-Baskenland. Frankrijk verplichtte hem in Parijs te gaan wonen, maar Atxulo ging zich op het einde van dezelfde maand al niet meer melden op het commissariaat (waar hij elke dag naartoe moest)! Vanaf 1986 noemde Frankrijk hem als “verantwoordelijk voor de internationale relaties” binnen ETA. Spanje “wist” op hetzelfde ogenblik dat Larreategi in Algerije zat en iets later in Nicaragua…
In het nummer van het Franse tijdschrift, "Politis", verscheen een bijdrage onder de titel, "Aznar of de erfenis van Franco". De bijdrage was ondertekend door "Dante Sansurjo". Hier en daar een beetje geduid en een beetje aangevuld:
Aznar werd in 1953 geboren in Madrid. Zijn grootvader was Bask (!) en hij werd onder Franco ambassadeur benoemd en later directeur van de Catalaanse krant La Vanguardia.
José María Aznar volgde in de hoofdstad privé onderwijs in katholieke scholen en werd Licentiaat in de Rechten in 1975. Als Belastingsinspecteur werd hij in 1978 naar Logroño gestuurd. In 1979 werd hij er lid van de Alianza Popular, twee jaar eerder gesticht door notabele Francoaanhangers. Hij werd meteen Secretaris-Generaal van de partij in La Rioja. Hij werd meteen liefdevol onder de vleugels genomen door Manuel Fraga, ex-minister onder Franco, om hem voor te bereiden op diens opvolging.
In de "jaren die bepaald werden door het lood" die voorafgingen aan de dood van de dictator in 1975, toen anderen de dictatuur trotseerden militeerde hij bij de Syndicalistische Studenten, een extreem rechtse, katholieke organisatie. Het bleek geen "jeugdzonde" te zijn want het vorig jaar (2003!) subsidieerde hij de "Stichting Francisco Franco" die "zorgt voor de verspreiding van de humane, politieke en militaire inzichten van de dictator".
In 1985 klom Aznar op tot de leiding van de Alianza Popular van het autonome gebied Castilla-León. In 1989 kreeg de Alianza Popular een likje democratische verf toen de partij werd opgeheven en "hervormd" werd als "Partido Popular" (Volkspartij). Aznar werd in 1990 president van de partij die zich "centrumrechts" ging noemen. Hij weerde elke dissonante stem en belette elke motie die het Francoregime zou afkeuren. Pas in 1999 verlieten de laatste ex-fascisten de partij. Is het toeval dat er in Spanje geen enkele uiterstrechtse partij werd gesticht?
Bij zijn eerste verkiezing als president kreeg hij de ongewilde steun van de Spaanse Socialisten van Felipe González die gebukt ging onder de corruptie en de schandalen, o.a. in de vuile oorlog tegen het Baskische Volk waarbij zelfs een Minister en een Staatssecretaris in de cel terecht kwamen. Maar eveneens kreeg hij de steun van ETA. De gewapende organisatie pleegde in 1995 een aanslag op hem waarbij hij zonder schade uit de gepantserde auto kwam. Bij zijn eerste regering, moest hij, met de steun van Opus Dei maar tegen zijn zin, een coalitie aangaan met de Catalaanse en de Baskische nationalisten van de PNV. De politiek die Aznar voerde vulde de zakken van de rijken, maar ook de gevangenissen… Maar Aznar had de pers mee en de directeur van de Spaanse Staatstelevisie werd later zelfs beloond met de post van Ministerwoordvoerder, in Spanje smalend "de officiële Staatsleugenaar" genoemd! Hij verhoogde de druk in Baskenland en het vredesproces werd onder hem aan het wankelen gebracht. Hij sloot kranten, hij verbood organisaties die voor onafhankelijkheid streden zonder enige vorm van proces. Hij verbood de partij Batasuna. Hij verbrak de dialoog met de Baskische Regering hoewel die door gematigde nationalisten geleid werd. Bovendien stopte hij de gematigde nationalisten en ETA in dezelfde zak.
Om de Spanjaarden gerust te stellen maakte hij van de eenheid van het vaderland campagnepunt nummer één en van de Basken de binnenlandse vijand. Om alle flanken af te dekken, installeerde hij, beetje bij beetje, een echte "PP-Staat". Met de hulp van de pers kwamen de corruptieschandalen van de rechterzijde bijna niet aan de oppervlakte.
Dan kwamen de verkiezingen van 2000. Ditmaal werd het een volstrekte meerderheid. De duivel was los. Het Openbaar Onderwijs kwam opnieuw onder de kromstaf. Homoseksualiteit en homohuwelijken werden gestigmatiseerd. In het Spanje waar nog steeds straten naar Franco genoemd worden, konden alle limieten overschreden worden. Melitón Manzanas, ex-collaborateur met de Gestapo aan de grens in Baskenland en berucht folteraar van Baskische activisten, die in 1968 onder de kogels van ETA viel, werd gerehabiliteerd, tot groot ongenoegen van Amnesty International.
Tegen de wil van bijna 90% van zijn landgenoten trok hij als Sancho Panza naast Don Quichote, George Bush, ten strijde. Niet tegen windmolens, ditmaal. Aznar ging mee de democratie herstellen! Niet in eigen land, maar bij de "Moren". In Irak! Maar op het ogenblik dat er opnieuw gestemd moest worden werd Spanje geconfronteerd met écht terrorisme. In een Heilig Jaar van Santiago de Compostela, Matamoros, de Morendoder, lieten Fundamentalistische Moslims in Madrid tien bommen ontploffen met bijna 200 doden tot gevolg. Aznar probeerde daaruit munt te slaan en verklaarde meteen dat ETA de dader was, hoewel de organisatie niet vooraf gebeld had. Toen Al-Qaida de aanslag opeiste, bleef de PP zich vastpinnen op de "piste ETA”. Het koste hem de nederlaag, enkele dagen later.
Iratxe Sorzabal, het meisje dat zodanig met elektroden werd bewerkt dat de rechter zijkant van haar lichaam helemaal verbrand was, heeft klacht ingediend wegens foltering. Alles gebeurde tijdens haar overbrenging naar Madrid in de auto van de Guardia Civil. Waarschijnlijk gebruikten de Guardias hierbij een voorwerp zoals dat ook door veekoopmannen in het slachthuis gebruikt wordt!
De (vrouwelijke) onderzoeksrechter die nu met deze zaak gelast werd, Raimunda de Peñafort, ziet er geen delict in omdat alles enkel gesteund is op foto’s! Op welke andere manier kan je dan zoiets bewijzen? Ze doet bovendien alles af in vijf lijnen!
Na enkele dagen (Gara 10 april 2002) wordt Peñafort bevorderd naar de Vierde Sectie van het Hooggerechtshof.
In Gara staat vandaag een lezersbrief "van een Catalaan aan de Lehendakari". Hierbij klaagt de lezer aan dat de Baskische president wel de laatste aanslag van ETA aanklaagt, maar niet de 68 aanklachten van foltering tijdens het voorbije jaar. "Daarvoor moet je hypocriet zijn." "Deze straffeloosheid wordt gedekt door toppolitici waarmee U vaak samen loopt in de kop van manifestaties. Geweld is onbetamelijk, van wie het ook uitgaat. Maar geweld aanklagen terwijl men op hetzelfde ogenblik geweld dekt is eveneens indecent
"Hier wordt gefolterd!"Onder deze titel stond in GARA van 06 april 2001 een lezersbrief van iemand van Senideak (een vereniging die zich de gevangenen aantrekt). De Baskische nationalisten wordt verweten steeds maar dezelfde dingen te blijven herhalen. Maar wat doe je hiermee anders dan blijven herhalen? Het gaat over Joxe Arregi. Hij werd in Madrid dood gefolterd.
De medegevangenen die bij hem waren en bijstonden, vertelden later het volgende en de tekst werd door een gevangenisvenster naar buiten gegooid:
Toen we zijn oogleden zagen, volledig bont en blauw, met een grote bloeduitstorting in het rechteroog, en de opgezwollen handen, vroegen we hem welk soort foltering hij had ondergaan. Heel traag antwoordde hij "Oso latza izan da" (Het was verschrikkelijk.) "Ze hingen me verschillende keren op aan de buis (ondersteboven, handen gebonden tussen de benen) en sloegen me op de voetzolen, verbrandden me met ik weet niet wat, sprongen op mijn borst en sloegen me met knuppels en vuisten en trapten me over het hele lichaam."
Toen we hem uit uitkleedden om op het bed te leggen kwam er een luguber tafereel te voorschijn, een lichaam vol grote bloeduitstortingen, en zelfs zwart ter hoogte van de nieren. De voetzolen waren totaal verbrand en gezwollen en behandeld met mercurochroom. Zijn kleren waren stinkende vodden. Toen hij het lichaam zag riep de medische assistent uit: "Mijn God, waar ga ik die spuit zetten!"
Toen we de volgende morgen bij hem kwamen was hij wakker. Zijn toestand was duidelijk verslechterd. Hij was versuft en ademde veel moeilijker en sneller. Toen hij ons opmerkte stamelde hij: "Nik uste diat hiltzekotan nagoela." (Ik geloof dat ik ga sterven.) Men zei ons dat ze hem in een aparte cel gingen leggen. Die was gedesinfecteerd. Zijn kleren waren gewassen en gedroogd, maar Joxe kwam niet meer terug.
Nu wordt er nog steeds gefolterd in Spanje, maar de Regering blijft doof, zelfs voor de jaarlijkse berichten van "Amnesty International".
Op deze dag in 1976 namen 29 politieke gevangenen, voornamelijk ETA-militanten, de benen uit de gevangenis van Segovia via een tunnel die ze zelf gegraven hadden tot in de riolering. De volgende dag werden 21 leden van de groep gearresteerd en de Catalaan, Oriol Solé, werd door de Guardia Civil gewoon doodgeschoten.
Over deze vlucht werd een voortreffelijke film gemaakt: La Fuga de Segovia.
De coördinator en "schatbewaarder" van Batasuna voor Tolosa en omgeving, Jokin Aranalde, die drie dagen in handen van de Guardia Civil was, zegt dat de "ondervraging" erger was dan tijdens de Francodictatuur, toen hij ook al eens werd opgepakt en "ondervraagd". Aranalde is dan ook al 56 jaar.
Hij werd vrijdag 29 maart 2002 bij zijn huis in Ibarra opgepakt op beschuldiging van "medewerking met ETA". Volgens Europa Press zou hij een brief van ETA hebben overgemaakt aan Ekaitz Aramendi en Eider Ijurko die eveneens waren opgepakt.
"Ze brachten me over naar de kazerne van Intxaurrondo (San Sebastián) waar ze mijn identiteit noteerden. Daarna werd ik weggebracht, mogelijk naar de kazerne van Tolosa en daarna naar de zetel van de partij die gedurende 3 uur doorzocht werd (van half 10 tot middernacht). Hoewel ik de sleutels bij me had, werd de deur toch helemaal vernield omdat ze explosieven hadden aangebracht om de deur te openen. Daarna werd het gebouw verzegeld en trokken ze naar mijn huis. Het onderzoek duurde de hele verdere nacht. Daarop werd ik naar Madrid overgebracht. De hele periode van 3 dagen had ik een kap over het hoofd die enkel op de zetel en thuis afging om dingen te identificeren. Ik kreeg verscheidene keren de plastic zak over het hoofd en ik moest fysieke oefeningen doen tot de uitputting. Verder kreeg ik slagen, werd ik beledigd en werd ik onder psychologische druk gezet. Ik was naakt en ze zegden me te gaan verkrachten. Hoewel je binnen elke vorm van tijdsbewustzijn verliest waren ze mogelijk 15 à 18 uur met me bezig. Ze waren met drie à vijf personen en ze schreeuwden onder elkaar, zodat ik vaak niet hoorde wat ze vroegen. Dit maakte hen dan weer extra kwaad."
De reeds eerder genoemden, Ekaitz Aramendi, Eider Ijurko en Aritz Sáez en Emilio Salaberri spreken over een zelfde behandeling. Zij werden voortdurend geslagen met objecten die verpakt waren zodat ze geen sporen nalieten op het lichaam. Aramendi werd meteen nadat hij was binnengebracht in de Madrileense gevangenis van Soto del Real aan handen en voeten gebonden en op de grond gegooid waarbij een Guardia Civil hem de laars op de keel zette en zei: "Nu gaat het met je aflopen zoals met Lasa en Zabala (die werden dood gefolterd)."
In Donostia komt het tot een vuurgevecht tussen de lijfwacht van een socialistisch raadslid en twee Guardia Civiles die in burger met getrokken wapen achter enkele dieven aanzaten. Een Guardia raakte zwaar gewond, de lijfwacht bleef dood. De dieven werden iets later toch nog geklist. "
Wie krijgt de schuld? ETA, natuurlijk. "Want zij creëerden de angstpsychose."
De Procureur Generaal van Baskenland, María Angeles Montes, maakt haar klacht tegen Batasuna-woordvoerder, Arnaldo Otegi, officieel bekend omdat die de koning "chef van alle folteraars" noemde. Volgens Montes getuigt dit van een duidelijk "misprijzen" en is het een aanslag op de eer van zijne majesteit. Deze klacht werd op 11 maart ingediend, veertien dagen nadat Otegi had gezegd dat, "Juan Carlos, de hoogste chef van de Spaanse Strijdmacht is en daardoor de bevelhebber van de Guardia Civil" (die foltert).
Otegi antwoordt meteen dat tot op heden al de gelijkaardige klachten geklasseerd werden en "als Cardenal, (de Spaanse Procureur Generaal) criminelen zoekt, hij die maar moet beginnen zoeken bij de regeringsleden van de PP die hem betalen". Otegi verwijst daarbij naar de Partij die de oorlog in Irak steunt en daardoor verantwoordelijk is voor de dood van honderden burgers.
In Bilbao staan op 1 april 2000 vier politiemannen terecht voor de dood van Xabier Kalparsoro "Anuk", die op 26 september 1993 tijdens een ondervraging in de kazerne van Indautxu uit het venster “werd” gevallen. De beklaagden zijn: Manuel Álvarez, Celestino Miranda, Carlos Cordero en Mauricio Pastor, respectievelijk chef van de Brigada de Información (inlichtingenbrigade), inspecteur, secretaris en instructeur. Zij werden veroordeeld tot 4 jaar opsluiting en 6 jaar schorsing, niet wegens moord, maar om het niet toepassen van de voorgeschreven veiligheidsmaatregelen.
In Parijd doet Justitie uitspraak in de "Zaak Léon", waarbij op 7 augustus 1983 in een vuurgevecht tussen Iparretarrak en leden van de Franse Gendarmerie een gendarm gedood werd en een andere gewond. Filipe Bidart krijgt 20 jaar, Gabi Moueska15 jaar en Ttotte Etxebeste 4 jaar. Tijdens dit proces was er veel tumult rond de verdwijning van Popo Larre. “Non da Popo?” (Waar is Popo? ) Popo Larre verdween op het ogenblik van het vuurgevecht van de aardbodem. De "huissier" dreef op de opening van het proces op 22 maart jl. het cynisme ten top met de vraag "Is Monsieur Jean-Louis Larre aanwezig?"
Naast Spanje, in de "Zaak Lasa en Zabala", stond hier de Franse Staat in zijn bloot gat.
In Hernani wordt Iratxe Sorzabal van de Gestoras pro Amnistía in de provincie Gipuzkoa gearresteerd. Kort daarop werd in Biarritz Arrate Urresti aangehouden. Deze arrestaties zouden een gevolg zijn van de arrestaties van de voorbije dagen. Alicia Sáez de la Cuesta (gearresteerd in A Coruña op verdenking de handel en wandel van de President van Galicië, Manolo Fraga, gevolgd te hebben) verscheen voor de rechter met blauwe ogen, kwetsuren aan de neus en een volledige desoriëntatie. Eider Pérez en Aitor Olaizola (die de bomauto naar Roses en de bestelwagen van Huesca zouden hebben overgebracht) en Ainara Fresnada (beschuldigd van het over de Muga brengen van ETA-leden) maakten bekend dat ze enorm werden "tussengepakt" met plastic zak over de kop en zelfs elektroden. Maar het wordt nu stilaan duidelijk dat álle nationalisten verdacht worden lid van "ETA-comandos" te zijn.
Neem nu Iratxe Sorzabal. Zij werd op 28 oktober 1999 door Frankrijk aan Spanje uitgeleverd maar meteen vrijgelaten….
Na de arrestatie van Iratxe Sorzabal werd met veel tamtam (overvalwagens, halfautomatische geweren etc…) haar woning doorzocht.
Dat Arrate Urresti enkele uren later werd vrijgelaten is op zich al een bewijs dat er gefolterd werd…
Op 29 maart 1997 wordt het lijk van Josu Zabala “Basajaun”, militant van ETA,gevonden te Itziar. Hij was al sinds 23 maart 1997 als vermist opgegeven. Het kadaver vertoonde een impact van een schotwonde in de hartstreek. Naast hem lag een geoxideerd pistool en een huls. De onderzoekers moeten al het mogelijke gedaan hebben om de Ertzaintza ter hulp te schieten, want in nauwelijks twee dagen, wat de felicitaties van Madrid opleverde, was de zaak opgelost: zelfmoord.Maar de aanwijzingen om die versie in twijfel te trekken, waren bijzonder groot.
Op 29 maart 1997 werd op de berg Punto Mendata in Itziar (Gipuzkoa) het lijk gevonden van Josu Zabala "Basajaun", (Basajaun is een mythologische figuur, "de heer van het woud".) Josu Zabala was een jonge kerel met een prachtige "kop". Hij had een schot in het hart en naast hem lag een 9mm Parabellum, jarenlang hét wapen dat ETA gebruikte. De officiële versie was "zelfmoord", maar op het pistool waren zijn vingerafdrukken niet te vinden! Basajaun kwam uit Iruñea-Pamplona en werd maar 21 jaar. Hij was al vrij jong in de clandestiniteit verdwenen.
In december 2002 werd Naia Zuriarrain aangehouden ten gevolge van de arrestatie van Juan Ibon Fernández Iradi "Susper". In het adressenbestand voorkomen is voldoende om gefolterd te worden! Zo gebeurde ook met Naia. Tijdens haar "ondervraging" sleurde een Guardia Civil haar naar het venster en zei: "Van hieruit heb ik ‘Anuk’ (Xabier Kalparsoro) naar buiten gegooid en zo zal jij nu ook eindigen. Een andere mogelijkheid is dat we met je de bergen intrekken, en je door het hoofd schieten, zoals we met Basajaun deden." Dit heeft geen bewijswaarde. Folteren gebeurt trouwens niet en wie hierover zijn beklag maakt, riskeert zelfs een proces wegens laster! "Klagen over foltering staat in het handboek van ETA", aldus de rechtbank!
Tien jaar na het overlijden van Basajaun vraagt de familie nog steeds vruchteloos naar meer informatie over de manier waarop Josu Zabala om het leven kwam. In Itziar zag niemand een verdachte beweging, geen enkel aanknopingspunt. Een dag eerder had wel iemand om 3 uur ’s nachts drie auto’s op rij naar boven zien rijden. Volgens de ouders kan er van zelfmoord geen sprake zijn. Er werd bij het lijk geen bloed aangetroffen, geen kogelhuls, geen vingerafdrukken. Zabala droeg een T-shirt met korte mouwen. De aarde aan de schoenen van Zabala stemde niet overeen met de grond in de omgeving. De dodelijke kogel werd nooit gevonden. Er waren roestplekken op het pistool terwijl ETA verklaarde dat Basajaun een nieuw wapen had. Er lagen enkele sigarettenpeukjes, maar van een ander merk dan dat Zabala op zak had. Niemand heeft schoten gehoord en bovendien leefde Josu te graag. De woorden van de toenmalige Baskische minister van Binnenlandse zaken, Atutxa, storen de familie nu nog: "Ze durven wel tot ETA toetreden, maar ze wagen het niet eruit te stappen en er blijft dan geen enkele andere manier dan deze." Atutxa, die zelf enkele keren op de dodenlijst van ETA stond, werd als sleutelfiguur genoemd, en de Ertzainas die na de ontdekking van het lijk in Itziar kwamen, zouden gezegd hebben dat het "een zaak van hun" was, maar dit wil de familie niet geloven. De toenmalige PP-Regering legde voor een keer geen verklaringen af. Werd hij door de politie geschaduwd en waarom werd hij dan niet gearresteerd, vraagt de familie zich af. Enkele maanden na de dood van Zabala schoot de Ertzaintza in Bilbao Gaizka Gaztelumendi en José Miguel Bustinza dood. Een jaar later viel Ina Zeberio onder de kogels en zij was ooit samen met Basajaun. José Miguel Etxeberria, "Naparra" verdween van de aardbodem. Joselu Geresta "Ttotto" werd op een gelijkaardige manier dood aangetroffen. Waarom zou Zabala van Bilbao naar Itziar getrokken zijn om zichzelf van het leven te beroven?
Na een eerste lijkschouwing die niets opleverde werd het lichaam gebalsemd. Hoewel de lijkschouwing gefilmd moet worden, gebeurde dit slechts gedurende de eerste 3 minuten. Toen was de film vol! De polsen en de slapen waren rood gekleurd, maar naar de oorzaak hiervan werd niet gezocht. Werd hij gefolterd, kreeg hij daarbij een hartinfarct en moest de kogel in het hart iets verbergen? Enkel Atutxa kwam met de versie "zelfmoord" aanzetten, maar leverde daarvoor geen bewijzen. Hij verdween in het centrum van Bilbao op de eindmeeting van Korrika en "enkel de huurlingen van Atutxa (lees: de Baskische politie) en hijzelf konden weten waar hij op dat ogenblik was" aldus zijn zus.
De dag dat er een eerbetoon moest plaatsvinden aan het slachtoffer, was de omgeving van Etxarri Aranatz, de geboorteplaats van “Basajaun”, afgegrendeld met kleine tanks van de Guardia Civil, om elke vorm van eerbetoon te verhinderen.
Een paar beelden opVIDEObij de herdenking 10 jaar later
Volgens Etxerat ("Naar Huis") de organisatie die zich het lot van de Baskische gedeporteerde, gevluchte en gevangen Baskische activisten aantrekt, zouden er tijdens de drie maanden die dit nieuwe jaar 2004 duurt al 117 gevangenen "versleept" zijn. Het merendeel werd verder van huis ondergebracht. Dit gebeurt zowel in Spanje als in Frankrijk.
Op een totaal van ongeveer 700 politieke gevangenen zouden er slechts acht in Baskische gevangenissen verblijven!
Manu Azkarate en Koldo Elizetxea, die beiden, volgens de bestaande strafwet, vrijgelaten zouden moeten worden omdat ze ongeneeslijk ziek zijn, werden echter vanuit Martutene (San Sebastián) naar respectievelijk Alcalá Meco en Valladolid overgebracht.
Verder worden de bezoektijden, het aantal toegelaten bezoekers en de toegelaten telefoons steeds meer ingekort.
Na de aanslag van 11 maart in Madrid en de leugenachtig aantijgingen van Aznar tegen ETA, werd een groot aantal incidenten gemeld waarbij politieke gevangenen werden aangevallen en bedreigd. Dit gebeurde niet enkel door medegevangenen, maar ook door bewakers en zelfs politiemannen. Een vrouwelijke gevangene in Madrid die voor onderzoek naar een ziekenhuis moest overgebracht worden, trok haar verzoek in toen gezegd werd, "dat ze met haar naar een zaal zouden gaan waar allemaal familieleden van slachtoffers van de aanslag bij elkaar waren gebracht."
Op 2 maart 1988 werd Mikel Lopetegi verhangen in zijn cel aangetroffen. Er zouden er nog velen volgen. Anderen werden nog nét vrijgelaten om thuis te kunnen sterven.
In Gara verschijnt een artikel van de hand van Martin Garitano, onder de titel: "Yo sí condeno" (Ja, ik veroordeel):
"Je wordt in de kringen van de ‘democraten’ slechts aanvaard als je het geweld en de ‘gewelddadigen’ veroordeelt. Wie het méést veroordeelt, is de beste democraat. Wie niet veroordeelt, veroordeelt zichzelf en verdient geen betere straf dan die van de gevallen engel, de eeuwigdurende nacht. De Spaanse paladijnen hebben gelijk, maar ze veroordelen niet elk geweld.
Ik veroordeel al jaren lang het geweld dat Franco en zijn Guardia Civil uitoefende tegen democraten die ’s nachts een Ikurriña hadden geschilderd of ‘Leve ETA’ hadden geroepen. Ik veroordeel de brutaliteit die Joseba Arregi vermoordde. Ik veroordeel de criminele hand die de mittrailetten van het Battallón Vasco Español stuurde, de bommen van Tripla A, de pistolen van GAL. Ik veroordeelde de executie van Santi Brouard en Josu Muguruza, evenals die vanTxiki en Otaegi. Ik ben dus al een half leven bezig met veroordelen, maar nu besef ik pas dat het allemaal niets uithaalde. Zij die leefden met de hulp van de tirannie veroordeelden het geweld niet. Zij diedikwerden dank zei Franco, regeren zelfs. Zij die Arregi en de anderen doodden, tonen fier hun eretekens. Zij die betaalden voor de dood van Santi Brouard en Josu Muguruza tellen nog elke dag hun geld. Zij die Txiki en Otaegi fusilleerden, commanderen nu nog steeds andere pelotons. De tirannie heeft zichzelf nooit veroordeeld. Ik veroordeel ze wel."
De UNO aanvaardt 47 aanklachten van foltering van Baskische arrestanten door de Guardia Civil (39), de Spaanse Politie (4) en de Baskische politie, Ertzaintza (4), alleen al voor het jaar 2001. Dit werd op 27 februari 2003 bekend gemaakt door de speciale UNO-rapporteur, Theo van Boven en aan de Spaanse pers doorgespeeld door de vertegenwoordigers van TAT, Izaskun González en Iñigo Elkoro.
Theo van Boven gaf als voorbeeld o.a. de arrestatie van Ibai Aiensa die kort voordien een chirurgische ingreep aan het trommelvlies had ondergaan.
In zijn “Conclusies en Aanbevelingen” wijst van Boven erop dat ondervragingen enkel in officiële centra mogen doorgaan en dat bekentenissen van arrestanten bij afwezigheid van een rechter of advocaat geen waarde hebben voor een rechtszaak. Een speciale paragraaf is er voor de Spaanse streekspecialiteit in deze, het isolement (het incomunicadoregime), dat door van Boven illegaalgenoemd wordt. Ook moet vóór aanvang van een verhoor de identiteit van alle aanwezigen bekend gemaakt worden en zijn blinddoeken en kappen verboden. De ondervragingen moeten bovendien geregistreerd worden, bij voorkeur op video. De arrestanten mogen niet onder toezicht van de ondervragers staan gedurende een tijd die volgens de voorgeschreven wet nodig is om tot een preventieve aanhouding over te gaan en deze periode mag nooit langer dan 48 uur duren. Er mogen geen burgers uitgewezen of uitgeleverd worden aan staten indien er gefundeerde redenen aanwezig zijn om te vrezen dat er gefolterd wordt. Gevangenenruil is evenmin toegestaan.
Koldo Kareaga (zie artikel van 15 maart 2009), de Baskische politieke gevangene die al 22 jaren in Spaanse cellen doorbrengt en bij wie eerder deze maand een gevaarlijke en agressieve tumor werd geconstateerd, 10 maanden na de eerste symptomen in 2002, werd enkele dagen geleden vanuit de gevangenis van Soria overgebracht naar de ziekenafdeling van Zuera (Zaragoza). Hierbij werd hem opnieuw het recht ontzegd om raad te vragen een vertrouwensdokter uit zijn eigen streek, in Donostia. Het is nu bovendien nog wachten op de overbrenging naar het Servetziekenhuis van deze stad. Het ziet er naar uit dat hij wel eens hetzelfde lot zou kunnen ondergaan als Barandalla: heen en weer getransporteerd worden tussen ziekenhuis en gevangenis.
Schande! De dagbladen "The Guardian", "Corriere delle Sera", "Le Monde" of "The Herald Tribune" maar ook de BBC en de CNN spreken naar aanleiding van de aanslag op Juan Priede over de "separatistische organisatie" of de "gewapende separatistische organisatie" wat tot ongenoegen leidt bij het Spaanse journaille omdat die de "enige juiste" omschrijving gebruiken: "banda terrorista" (terroristische organisatie). Maar dé titel van de dag komt toch van de Marokkaanse krant "L’independat-Le Quotidient du Maroc": "Spanje schendt de mensenrechten op eigen bodem", en Omar Dahbi haalt daarbij feiten aan uit Baskenland die hij uit eerste hand weet waarbij hij zich afvraagt waar Spanje het recht vandaan haalt anderen de les te spellen op het gebied van mensenrechten.
In Madrid verscheen Joseba Alvarez (Batasuna) voor magistraat Grande Marlaska. (Joseba Alvarez is de zoon van "Txillardegi" en zowel de vader als de zoon leefde bij ons in ballingschap.) Het delict waar Joseba van beschuldigd wordt is dat hij na de stakings- en actiedag tegen de gevangenenpolitiek van eerder deze maand (9 maart) deelnam aan de persconferentie die na afloop plaatsvond. Eerst diende Batasuna-kopstuk, Arnaldo Otegi te komen. Maar…. Otegi was ziek. Behalve Arnaldo Otegi dienen zich ook de andere "Batasunos" (Pernando Barrena, Juan Joxe Petrikorena, Juan Mari Olano, de advocate Arantza Zulueta en de secretaris-generaal van de radicale vakbond LAB, Rafa Díez) naar Madrid te komen om er te gaan vertellen over de 108 (!) "strafbare feiten" die ze begingen, zijnde het aantal incidenten dat zich voordeed op de stakingsdag waarvoor zij hadden opgeroepen.
Tegen het einde van de Burgeroorlog, in 1936, werden in het stadje Hernani, niet ver van Donostia-San Sebastiàn, 200 mensen tegen de muur van het kerkhof gefusilleerd door de Francotroepen. Omdat deze verschrikkelijke geschiedenis bijna 70 jaar geleden gebeurde (in 2006), is de Baskischeuniversiteit met een studie begonnen. Zodoende weet men nu toch al het aantal mensen dat er tegen de muur gezet werd. De bedoeling is de gefusilleerde mensen eindelijk een laatste rustplaats te geven en de familieleden een plaats om hen te herdenken. De stichting "Aranzadi" begon al eerder met dit soort werk dat er voornamelijk uit bestond de stilte te doorbreken en de mensen aan het praten te krijgen. Zelfs zoveel jaren na de dood van Franco was dit nog erg moeilijk. Er wordt nu uitgezocht wie er gefusilleerd werd. Spanje heeft dan wel cijfers van alle rechtzaken, maar tijdens de verschrikkelijke Burgeroorlog kregen velen niet eens een proces. Zo is er over de gebeurtenissen in Hernani geen enkel register. De Guardia Civil maakte in 1959 (!) in een schrijven aan de Gouverneur bekend dat er 7 priesters bij waren. Onder hen de bekende nationalisten Lekuona, Onaindia en Aitzol. Aranzadi kwam achter de identiteit van 117 van de 200 slachtoffers. Niemand van hen kreeg een proces. Ze waren gewoon uit degevangenis Ondarreta in Donostia gehaald met de mededeling dat ze vrij kwamen!
De woordvoerster van de PP in de deputatie van Gipuzkoa, Regina Otaola, meent te moeten zeggen dat het geen zin heeft "oude fantomen op te rakelen" en dat beter "naar de toekomst kan gekeken worden."
De families van een groot aantal republikeinse burgers dat in handen van de Franquisten viel werd gewoon alles afgenomen en met het geld werd de oorlog gefinancierd. Later werden de kinderen verplicht bij het leger te gaan wilden ze nog ooit iets terugzien van hun bezittingen.
Madrid beschuldigt bij de UNO in Genève, bij monde van de Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken, Ramón Gil-Caseres, dat de aangiftes van foltering bij internationale instanties, "een strategie van de terroristen is om Spanje in diskrediet te brengen."
Maar kort voordien vroeg het UNO-comité tegen de foltering aan de Spaanse regering middelen te ondernemen om de foltering uit te roeien nadat een verslag vrijkwam waarbij 56 voorvallen van foltering van Baskische burgers verzameld werden. Gil-Caseres was dus nét iets te laat.
Onlangs viel de Spaanse koning Juan Carlos de Borbón y Borbón volledig uit de toon toen hij de Venezolaanse president Hugo Chávez, ook wel “Orkaan Hugo” genoemd, als kolonialistisch monarch op een brutale manier het zwijgen wilde opleggen met een, “¿Por qué no te callas?” (Waarom hou je je kop niet?) Gisteren pakte de krant “Diario de Noticias de Gipuzkoa” in het hoofdartikel de voormalige Spaanse ex-president José Mª Aznar, aan onder een bijna identieke vraag, “Waarom houdt hij zijn kop niet?”
Onder hen overleden er 120 (meestal aan tyfus of tuberculose). De gevangenen werden beschouwd als "uitermate gevaarlijke republikeinen" hoewel ze vaak niet méér dan echtgenote, moeder of zus van een bekende republikein waren! Ook zaten er vrouwen die hadden meegevochten met de Internationale Brigades. Velen zagen er ook hun kinderen sterven (57) of afgenomen worden om ze daarna nooit meer terug te zien. De kinderen werden, in een "heropvoedingproject" volledig afgesneden van de familie en "toegekend" aan rijke kinderloze Spanjaarden van fascistische signatuur.
De voorbije week heeft zich in Spanje een uitzonderlijk feit voorgedaan. Verscheidene magistraten, die “hervormingsgezind” genoemd worden, hebben klacht ingediend tegen Francisco José Hernando Santiago, voorzitter van de Algemene Raad van de Rechterlijke Macht, en van het Hooggerechtshof. De minister van Justitie, Mariano Fernandez Bermejo, toonde zich heel bezorgd over die bijzonder ernstige aanklacht. Hij kan het niet geloven dat dit met de waarheid zou stroken, maar heeft wel beloofd de zaak grondig te laten onderzoeken. Wat is de grond van de aanklacht? De samenstelling van het panel van magistraten van de 61ste Kamer van het Hooggerecht, belast met het al dan niet onwettig verklaren van politieke partijen die niet voldoen aan de “Partijenwet”, (en die zich dus moet “buigen” over het lot van Batasuna) heeft de voorbije week heel wat deining veroorzaakt. De samenstelling ervan, waarbij 4 nieuwe magistraten moesten benoemd worden, sleept nu al anderhalf jaar aan. De polemiek dateert al van juni 2005 toen in het Spaanse Staatsblad, “BOE”, de benoeming van de 4 magistraten werd gepubliceerd: José Antonio Seijas, Antonio Salas, Vicente Luis Montes en Encarnación Roca. Hoewel de benoeming gelijktijdig gebeurde, verscheen dit niet gelijktijdig in het BOE, zoals het hoort. Er was een verschil van een paar dagen. Dit verschil had een effect op de samenstelling van de 61ste Kamer. Kort samengevat komt het hier op neer. Indien de namen gelijktijdig in het BOE verschenen waren, dan moest Encarnación Roca, hervormingsgezind én Catalaanse, benoemd worden in het panel. Dit is dus niet gebeurd en daardoor werd Antonio Salas, conservatief, benoemd. Op 14 maart 2007 werd dit eigenaardig proces geanalyseerd door de voltallige Algemene Raad. Op die vergadering werd een klacht van hervormingsgezinde magistraten voorgedragen door de Secretaris Generaal van de raad. De klacht wordt samengevat in de vraag of Hernando, een conservatief, de hele situatie niet geforceerd (gemanipuleerd) heeft om zo tot een meerderheid van conservatieve stemmen te komen. Vast staat in ieder geval dat Hernando de opdracht tot publicatie in het BOE had gegeven. Volgens de hervormingsgezinde magistraten zou Hernando dus op een slinkse manier gehandeld hebben zodat de samenstelling van het Hof van magistraten een conservatieve meerderheid kon behalen. Erg belangrijk voor de toelating van Batasuna tot de verkiezingen.
Hernando voert als verdediging aan dat de verantwoordelijkheid voor die zaak bij zijn technische assistenten ligt, en hij heeft hen al een dossier laten opstellen om de zaak uit te klaren. Nochtans staat in de notulen van het secretariaat dat Hernando zelf opdracht gaf om de benoemingen van de magistraten te vergelijken, m.a.w. een conservatief oogje in het zeil houden, en dat Hernando zelf de opdracht gaf tot publicatie in het BOE. Als dit vermoeden van manipulatie bevestigd wordt dan is de Spaanse rechtsstaat nog erger dan een bananenrepubliek.
Francisco Franco, "The Great Dictator" werd in Madrid van zijn sokkel gelicht.
De "Nationale Stichting Francisco Franco" protesteert omdat hun grote voorbeeld, de Caudillo de España, gisteren in Madrid van zijn sokkel gehaald werd. Dit gebeurde precies 30 jaar na de dood van de man die zijn land tot de bedelstaf bracht door middel van een verschrikkelijke Burgeroorlog en Spanje daarna omtoverde in een openluchtgevangenis. De verwijdering van Franco (en zijn paard) gebeurde ongeveer op dezelfde manier als op het einde van de Burgeroorlog Baskische nationalisten werden opgepakt: Bij nacht en liefst zonder getuigen. Een aantal late voorbijgangers konden zich niet beheersen en applaudisseerden voor de verwijdering. Anderen echter brachten de Hitlergroet en zongen het oude lied van de Falange! Het enorme beeld van Franco gezeten op een paard, zoals het grote "veldheren" past, werd op een truck weggevoerd. Alsof ze bang waren dat de dictator nog zou protesteren hadden ze er voor de veiligheid maar een wit laken over gehangen.
In Spanje kwam er protest van Mariano Rajoy en Eduardo Zaplano, twee ministers van de vorige PP-regering die in hun functie de Stichting Francisco Franco nog rijkelijk met subsidies bedeelden!
Rajoy, voorzitter van de PP, en Zaplano, woordvoerder in het Congres, vragen zich af of de regering tweedracht wil zaaien onder de Spanjaarden!
Elk jaar kwamen de sympathisanten van ranzig rechts op 20 november bij het ruiterstandbeeld de sterfdag van Franco bewenen. Hoewel geruime tijd geleden tot de verwijdering werd besloten had niemand de moed er werk van te maken. De stad Madrid, zelf PP, deed het niet "omdat het beeld eigendom van de staat" was.
De Baskische Regering vraagt zich af of de beide ex-ministers, die met hun trawanten ongeveer elke Bask die zijn mond durfde open te doen beschuldigden van "verheerlijking van het ETA-terrorisme", nu gaan vervolgd worden voor "verheerlijking van Franco".
Spanje is mogelijk het enige land in de Westerse wereld dat na de dictatuur niet "gedenazifizierd" werd…
Stel je voor dat op dit ogenblik, in de XXIste eeuw, een standbeeld van Hitler in het centrum van Berlijn zou staan!
In de nabijheid van de plaats waar de Euro-top in Barcelona plaatsgreep werd een verkeersongeluk nagebootst waarbij Zuzen Ekintza Taldea de gevangenenspreiding aanklaagde. Het beeld haalde de Europese TV-schermen. Op het spandoek stond te lezen
"Waarom moeten we sterven om de onzen te kunnen bezoeken?"
Dit spandoek werd gedragen door de ouders van de politieke gevangene Mikel Arrieta. Beide ouders, Carmen Llopis (67 jaar) en Tomás Arrieta (72 jaar) werden daarbij gearresteerd en 3 dagen in erbarmelijke toestand vastgehouden. Ze zaten in een veel te kleine cel van 2 x 1,5 m waarin ze met zes andere arrestanten zaten, zonder verwarming, zonder dekens en zonder eten. Daarbij kregen ze verwijten dat, "hun zoon een moordenaar was". "Waar hebben jullie die auto gestolen?" De verklaring die bij de rechter ondertekend moest worden, kon niet gelezen worden omdat hen bij aankomst de bril was afgenomen. Tegen de ouders werd een jaar gevangenis geëist wegens ordeverstoring! Heerlijk vakantieland!
In een Ziekenhuis in Soria werd bij de Baskische politieke gevangene, Koldo Kareaga (48 j.), een zeer gevaarlijke en agressieve tumor geconstateerd, 10 maanden na de eerste symptomen, in april 2002 toen de gevangene over pijn in het nierbekken klaagde. Waarschijnlijk in het kader van "het laten wegrotten in de gevangenissen van de Baskische gevangenen" werden er toen geen testen uitgevoerd, noch een diagnose gesteld.
"Eén der meest geavanceerde landen van de wereld", zoals Spanje zichzelf noemt.
Kareaga werd op 15 januari 1981 in Bergara gearresteerd en in het politiecommissariaat gefolterd. In de voorbije 22 jaren zat hij in 11 verschillende gevangenissen en nam hij deel aan een dozijn hongerstakingen. In december 1999 had hij 3/4devan zijn straf achter de rug en als hij dan nog leeft zal hij in juni 2004 vrijkomen.
In de Baskische hoofdstad, Gasteiz, kwamen enkele tientallen volgelingen van de fascistische "Spaanse Falange van de JONS" op de been met Spaanse vlaggen die, zoals aan de kazernes van de Guardia Civil, altijd twee maten te groot zijn.
Heel wat falangisten hadden "pasamontañas" (bivakmutsen) over het hoofd getrokken om hun tronies te bedekken!
Hun slagzinnen waren dezelfde van altijd: "De PNV wijst aan, ETA schiet", “Allen één, tegen Batasuna" en "Spanje is één, niet 51."
De enkele honderden Baskische jongeren die de Spaanse fascisten van de meest ranzige soort van de keien wilden verjagen, werden ontvangen op charges van de "eigen" politie. De tegenbetogers riepen: "Zuek faxistak zarete terroristak" (Jullie, fascisten, zijn de terroristen) en "Alde hemendik" (Oprotten).
Na afloop was het "Cara al sol" te horen. Dit lied werd tijdens de dictatuur elke morgen op school verplicht gezongen bij aanvang van de lessen.
De Falange (Phalanx) Española de las JONS" werd in 1933 gesticht door José Antonio Primo de Rivera, zoon van de voormalige Spaanse dictator met dezelfde naam. Het was de fascistische partij die dictator Franco aan de macht bracht en niet enkel in Baskenland veel leed en armoede bracht.
Op 13 maart 2004 wordt Angel Berrueta neergestoken en neergeschoten.Meteen na de moordende aanslag door Moslimterroristen in Madrid op 11 maart 2004, schoof de regerende PP de leugenachtige schuld in de schoenen van ETA, en bleef daar tegen beter weten in, op alle mogelijke manieren, op doordrammen. Aanhangers kregen als het ware een vrijgeleide. In Pamplona eist, op 13 maart, een vrouw, Pilar Rubio, in een bakkerswinkel dat de uitbaterbuurman,een affiche "ETA NO" ophangt. Als hij dat weigert, gaat ze naar huis en komt even later met haar echtgenoot (de Guardia Civil, Valeriano de la Peña) en haar zoon (Juan, Manuel) terug en beiden vallen de man aan. De zoon van 19, met een mes. De echtgenoot schiet de winkelier met 4 kogels dood en hij krijgt een messteek van de zoon.
In het Macroproces 18/98 tegen het Baskische Volk kwamen vandaag de eindpleidooien over de zaak Ekin, en de zaak "Stichting Joxemi Zumalabe" aan bod. De verdediger, José María Elosua, verwoordde het als volgt: "Gedurende het gehele proces kon er geen enkele maal een belastend bewijs aangevoerd worden. Ik klaag dan ook de strategie van hetachterhouden en het verdraaien van feiten aan, zoals door de Openbare Aanklager, Enrique Molina, naar voren werd gebracht. Ik herinner er aan dat zelfs de UCI (Geheime Dienst van Spaanse politie) de thesis van onze verdediging heeft bevestigd, in zoverre dat zij zich zelfs verplicht zagen de inhoud van hun documenten te wijzigen. De aanklacht is een mengelmoes van tegenspraken, van halve waarheden en van discriminatie". Diezelfde elementen kunnen ook aangevoerd worden voor de zaak "Piztu Euskal Herria", waarvoor Mikel Zuluaga terecht staat. Het betreffende document is een open tekst, een reflectie over de wereld vandaag, met als enige bedoeling te zoeken naar een humane en sociale verandering. Wat de aanklacht er verder achter zoekt, is nog maar eens "verdraaiing van de feiten".
In Vitoria-Gasteiz overleed de historische ETA-leider Iñaki Pérez Beotegi “Wilson”, 23 jaar nadat dictator Franco had besloten hem te fusilleren. Wilson had een “rijkgevulde” carrière achter de rug binnen de organisatie ETA waarbij hij in het begin van de jaren 60 aansloot en waar hij, voor die tijd, erg lang bij bleef. Gemiddeld was een ETA-lid in die tijd na een viertal jaren ofwel gevangen genomen, ofwel naar Noord-Baskenland moeten vluchten, ofwel dood. Wilson werd in 1975 opgepakt in Barcelona.
Hij werd ervan beschuldigd meegewerkt te hebben aan de geplande ontvoering van de Spaanse president, en opvolger van Franco, admiraal Luis Carrero Blanco. ETA wilde hem inruilen voor een groot aantal gevangenen. Omdat een ontvoering onmogelijk leek te zijn werd maar naar de grote middelen gegerepen en kort daarna (1973) vloog Carrero Blanco in zijn geblindeerde auto door de Madrileense lucht.
Na de scheuring binnen de organisatie koos Wilson voor de “polimilis” (ETA politico-militar) waarbij hij de verantwoordelijkheid voor de “Bereziak” op zich nam, de meest actieve groep binnen ETA, die in september 1977 aansloot bij “ETA militar”. Wilson heeft op deze manier alle historische figuren binnen de organisatie persoonlijk gekend. Het was “normaal” dat ook hij werd gevat door het verraad van de verklikker, Mikel Lejarza Eguia, El Lobo, de enige informant die het tot in de leiding schopte! Bij zijn arrestatie (zomer 1975) was hij, in gezelschap van Jon Paredes Manot, “Txiki”, bezig aan “fundraising” voor de gewapende organisatie: op weg naar een bankoverval in Barcelona. Voor Txiki was dit het einde want hij werd op 27 september 1975 gefusillieerd. Wilson kwam in 1977 vrij dankzij een amnestiemaatregel waarbij hij naar Noorwegen en anderen naar ons land gedeporteerd werden!
In de 2de Afdeling van het Provinciaal Gerecht van Araba begint vandaag het proces tegen de spionnen-afluisteraars van de partijzetel van Herri Batasuna in Vitoria-Gasteiz. In maart 1998 werd in de zetel geavanceerde afluisterapparatuur gevonden die er mogelijk al 10 jaar aanwezig was. De aangeklaagde is machtig: de Spaanse Staat en wel op zijn meest gevoelige plek: de Geheime Dienst, Cesid en de beklaagden hebben faam. De ex-directeurs van "Het Huis", Emilio Alonso Manglano (in de periode 1985-1995) en Javier Calderón (1996 – 2001), alsook Juan Alberto Perote zitten op de beklaagdenbank.
De spionage gebeurde onder de PSOE-regering van Felipe González, maar ook nog onder het regime-Aznar en toen de feiten bekend werden verklaarden beiden dat tegen Herri Batasuna alles toegelaten was.
Nu beroepen ze zich op de zwijgplicht. Telkens de advocaat van Manglano getuigen hoort meent hij hen te moeten wijzen op hun rechten en daarbij te herhalen dat "ze mogen zwijgen". Manglano en Perote werden eerder al veroordeeld, dus kon hen misschien beter eens op hun PLICHTEN gewezen worden.
De historische nationalistische politicus, Telesforo Monzón, de laatste levende minister van de autonome Baskische Regering Aguirre tijdens de Burgeroorlog, overlijdt in zijn voormalig ballingsoord, Donibane Lohizune (Noord-Baskenland). Bij het overbrengen van zijn stoffelijk overschot voor de begrafenis in Bergara (Zuid-Baskenland) wordt aan de Muga de lijkwagen met de kist door lichte tanks van de Spaanse politie geconfisqueerd en begeleid naar Bergara. Of was het een escorte als laatste eerbewijs?
De bisschop van Pamplona, Fernando Sebastián verzet zich tegen de publicatie van de tekst waarin de Kerk betrokken wordt bij de executies door het Franco-regime. Alle politieke partijen van Navarra, behalve de UPN (PP) hadden de tekst goedgekeurd. Volgens de tekst gebeurden de terechtstellingen "niet enkel met de toestemming van de kerkelijke hiërarchie maar in bepaalde gevallen met de directe medewerking ervan."
In Getxo (Bilbao) werd de echtgenote van een raadslid van de Partido Popular gearresteerd door de gemeentepolitie. Zij wordt ervan beschuldigd verscheidene vuilnisbakken in brand gestoken te hebben en daarbij werd ze op heterdaad betrapt. De branden vonden allen plaats in de "dure" wijk Neguri, en werden door de politie beschouwd als acties van Kale Borroka. Voor dit "straatgeweld" vliegen zogenaamde "ETA-jongeren" voor meerdere jaren achter de tralies.
De PP-madame echter, werd na verhoor meteen vrijgelaten. Er wordt gesproken over psychologische problemen. Zou het toch waar zijn dat de PP-Partido Popular psychologische problemen heeft?
Een commissie in de Kamer van Volksvertegenwoordigers van de Staat Idaho heeft gisteren een document goedgekeurd waarin steun verleend wordt aan een Zelfbestuur voor de Basken en waarin eveneens wordt aangedrongen tot het openen van een vredesproces dat moet leiden tot een oplossing van het conflict, "nadat het geweld in Baskenland en omgeving" gestopt is. Hieraan dienen de Franse en de Spaanse staat deel te nemen.
De tekst, die uitging van de democratische volksvertegenwoordiger David Bieter en mede werd ondersteund door de republikein, Pete Cenarrusa, moet nu nog goedgekeurd worden door het Huis en door de Senaat.
Bieter en Cenarrusa begonnen aan dit voorstel nadat de Spaanse Gouverneur, Javier Rupérez, bij een bezoek aan Boise, de hoofdstad van Idaho, de Basken vergeleek met Bin Laden.
Document aangaande het Baskische Vaderland:
In overweging genomen dat tijdens de eerste helft van de 20ste eeuw een golf van Baskische emigranten de kust van de Golf van Bizkaia achterlieten en zich in de Staat Idaho gingen vestigen waar ze eerst als herders werkten;
In overweging genomen dat Idaho al lang het centrum is van de Baskische gemeenschap in Noord-Amerika en velen onder hen nog nauwe banden hebben met hun verwanten;
In overweging genomen dat de Kamer en de Senaat van Idaho in 1972 de Francodictatuur veroordeelde en een algehele amnestie vroegen voor de uitgewekenen en voor de Baskische en Spaanse gevangenen;
In overweging genomen dat het Baskische Volk het autochtoon oudste van West-Europa is en een lange traditie heeft van inspanningen voor vrijwaren van zijn nationaal patrimonium;
In overweging genomen dat ondanks de tegenstellingen (en de verdeling over twee Staten) het Baskische Volk in staat was zijn cultuur, zijn oude Taal en zijn zelfbestuur te bewaren;
In overweging genomen dat de relatie Baskenland enerzijds en de Spaanse en Franse Staat conflictueus is, verzetten alle Basken, op een kleine groep na, zich tegen het geweld;
…. De Staat Idaho doet een oproep tot onmiddellijke stopzetting van alle geweld in Baskenland en omgeving en vraagt dat er onmiddellijk een vredesprotest gestart wordt waaraan de Spaanse en Franse regeringen deelnemen, alsook de autonome Baskische regering en andere groepen die vrede zoeken.
De Staat Idaho steunt het recht van zelfbestuur van de Basken.
De Baskische Regering vraagt het (Spaanse) Parket op te treden tegen een artikel in het internetmedium “Libertaddigital.com” waarin de Baskische Regering ervan beschuldigd wordt "openbare fondsen" door te sluizen aan ETA onder het mom van promotie van de Baskische Taal binnen en buiten de grenzen. Dit zou gebeuren via culturele kringen zoals de krant Egunkaria, de Baskische scholen Ikastolas, Taalacademies, AEK, (lees Alfabetisering), de communicatiewereld (regeringsmededelingen in Gara), de Baskische Huizen ("Euskal Etxea") in het buitenland, de Sociale wereld (Joxemi Zumalabe) etc.… Volgens het organigram dat het digitale medium erbij publiceert, komt alles uiteindelijk terecht in "el entorno Proetarra", het pro-ETA milieu.
Rafael Vera, ex-staatssecretaris voor Veiligheid tijdens het Socialistisch bewind van Felipe González, was "mogelijk" de grote roerganger in de Vuile Oorlog tegen het Baskische Volk van de staatsterroristen GAL ("Antiterroristische Bevrijdingsgroepen"). "Mogelijk", want Vera werd later enkel veroordeeld wegens het misbruik van Geheime Fondsen ten voordele van zijn vrienden.
Hij moet binnenkort enkel nog twee nachten per week in de gevangenis gaan slapen en voor de rest vrij rondlopen (maar met een hondenriempje om).
Dit lichtere gevangenisregime wordt toegekend omdat er een risico op zelfmoord is.
Toevallig valt dit samen met de zelfmoord van een Baskisch activist die de eenzaamheid in een Spaanse gevangenis op vele honderden kilometers van huis niet meer aankon! Hij kreeg de voorkeursbehandeling van Vera niet, of twee maten en twee gewichten!
Behalve een risico op zelfmoord is er bij Vera veel meer een risico op "de mond voorbij praten", waarbij dan de onschuld van Felipe González wel eens een groot risico zou lopen.
In Vitoria-Gasteiz, de hoofdstad van Baskenland, in de wijk Zaramaga, vond op 3 maart 1976 een drama plaats waarbij, in een periode van syndicale onrust, de politie 3 arbeiders doodschoot. Meer dan 100 personen raakten gewond en daarvan stierven er enkele dagen later nog eens twee. Franco was het jaar voordien overleden, maar met zijn dienaren verliep die overgang helemaal niet zo vlot. De arbeidsverhoudingen werden wel meteen aangepakt maar om uit 19de eeuwse toestanden weg te raken, was veel strijd, moed en staking nodig. Hét probleem was dat de arbeiders geen rechten hadden, niet móchten staken terwijl het recht op samenkomst of betoging zelfs helemaal niet bestond. Hun eis was soms niet meer dan:
"Queremos negociar!"
"Wij willen onderhandelen!"
Erg "oorlogszuchtig" was het niet. Revolutionair evenmin.
In bepaalde wijken van het burgerlijke Vitoria (Zaramaga, Adurtza of Arana) openden de kerken hun poorten om de arbeiders de gelegenheid te geven te debatteren! Het voetvolk van "die van hierboven" stond in deze periode vaak aan de goede kant. Ze hadden dan ook heel wat schade in te halen…
Deze 3de maart van 1976 lag Vitoria plat. Fabrieken, scholen, banken en bars bleven leeg. In de bussen zat vrijwel niemand. Door de hele stad trokken groepen arbeiders op weg naar meetings in kerken. Maar ook de politieaanwezigheid begon zichtbaar te worden. Vijftien jaar later zou HB-volksvertegenwoordiger Josu Muguruza* zeggen:
"Als zij hun kogelvrije vesten aantrekken kunnen wij onze begrafenissen voorbereiden."
Zo was het ook op die 3de maart. Later bleek dat om 11 uur 80% van de actieve bevolking in staking was. Eerst vlogen er traangasbommen rond, gevolgd door rubberkogels en toen de arbeiders hun enig wapen bovenhaalden (stenen, barricades en dwarsgezette auto’s) begon de politie te schieten en vielen de eerste gewonden. Toevallig gebeurde dit op de "Avenida del Generalissimo Franco", nu "Avenida de Gasteiz" genoemd. In het nieuws van 15 uur leek Vitoria echter niet te bestaan…
Kort vóór 5 uur waren 4.000 mensen erin gelukt de San Francisco-kerk binnen te raken. Allen hadden ze een droom en allen hoopten ze op een betere toekomst. De lente hing in de lucht! Maar toen trad Rafael Landín in actie. Hij was de "burgerlijke gouverneur" (een functionaris die tussen Madrid en de provincie stond, maar véél dichter bij Madrid "aanleunde" dan bij de bevolking…) Van hem kreeg de oproerpolitie het bevel tot ontruiming. De politie begon daarop de kerkramen stuk te schieten en door de gaten traangasgranaten naar binnen te gooien. De deuren werden door de politie versperd. Niemand kon erin noch eruit. De kogels floten in het rond. Hellevuur! De mensen die niet binnengeraakt waren, probeerden nog even de deuren te ontzetten of vrij te vechten, maar de politie schoot op alles wat bewoog.
Francisco Aznar, 17 jaar jong, stierf met een kogel in het achterhoofd! Voor hem was de lente wel erg vroeg voorbij.
In de daaropvolgende dagen leek Vitoria een bezette stad. Meer dan 100 mensen werden gewoon van de straat gepikt en enkele dagen vastgehouden.
Voor de begrafenisplechtigheid, die plaatsvond in de Nieuwe Kathedraal, maakten de strijdkrachten opnieuw hun opwachting. Gelukkig bleven hun provocaties uit. Of waren ze op hun hoede? Meer dan 100.000 mensen overwonnen hun schrik en onthaalden de kisten van de overledenen op een klaterend applaus, zoals dat in het Zuiden de gewoonte is. De bisschop van Vitoria werd uitgejouwd en uitgescholden voor "moordenaar". De homilie, uitgesproken door de parochiepriester, werd regelmatig door applaus onderbroken. Aan de tekst hadden 80 priesters meegewerkt!
Op het ogenblik van de feiten waren Minister van Buitenlandse Zaken, Areilza en de Minister, verantwoordelijk voor de "ordehandhaving", Manuel Fraga Iribarne, op bezoek in Bonn waar ze "Europa" de democratische wending in Spanje probeerden wijs te maken. Over zijn verantwoordelijkheid bij de gebeurtenissen van 03.03.76 werd nooit gesproken. Het onderzoek was een farce. De slachtoffers, die zich in 1999 (!) samen verenigden, vragen enkel "justicia". Spanje durft wel de uitlevering van Pinochet eisen, maar méér dan 25 jaar na de feiten durven ze hun eigen schandalen nog niet onder ogen zien.
*Josu Muguruza stierf op 20.11.89 bij een aanslag in Hotel Alcalá in Madrid, de dag vóór hij met de medeverkozenen van Herri Batasuna zijn opwachting zou maken in de Cortés.
Cijfers en een aantal getuigenissen werden gehaald uit het recent verschenen boek "Gasteiz, 3 marzo 1976. Un recuerdo 25 años después", van Amparo Lasheras die het als jonge lerares van dichtbij meemaakte. Nu levert zij regelmatig bijdragen aan de Baskische krant GARA.
Dit artikel werd overgenomen uit "Meervoud" nr. 73 van januari 2002.
Er werden bij deze incidenten méér dan 1.000 schoten gelost.
Eén van de slachtoffers was Andoni Txasko. Hij is nu lid van de organisatie “Slachtoffers van 3 maart in Gasteiz”. Hun vraag is: “Hoe kan een einde gemaakt worden aan de rechteloosheid van 32 jaar geleden? Hoe komen we eindelijk de waarheid te weten van deze criminele daad van de Spaanse Politie? Wanneer worden we eindelijk erkend als slachtoffers (van terrorisme)?”
Bij de herdenking ter gelegenheid van de 30ste verjaardag in 2006, sloeg de politie in op de actievoerders en werden anderen gearresteerd. Eén van de actievoerders die in het ziekenhuis terecht kwam was …Andoni Txasko! Dezelfde van 30 jaar eerder! Degenen die sloegen, waren niet meer dezelfden. Het was niet meer dezelfde, zo gevreesde Spaanse Politie, maar de “Baskische” Ertzaintza! De beschuldiging van “verheerlijking van het terrorisme” werd later geklasseerd. De beschuldiging van “ordeverstoring”, “het toebrengen van letsel” en “aanslag op de autoriteiten” blijft gehandhaafd!
“Noch de rechtse Spaanse partijen, de opvolgers van de toenmalige dictatuur, met rechtstreekse verantwoordelijken als Manuel Fraga, noch de linksebestuurders waren in staat de politieke verantwoordelijken te berechten”. Evenmin werden mensen erkend of geëerd die in een moeilijke periode hun leven riskeerden en soms hun leven verloren bij de verdediging van hun democratische idealen. De grootste ontgoocheling kwam er toen bleek dat het met de “Wet van Herinnering” niet mogelijk werd zaken op te klaren en verantwoordelijken te berechten uit de periode na de dictatuur!
De resultaten zijn bekend en wat onmiddellijk opvalt, zijn de resultaten van de verboden partij D3M met 100.9124 stemmen of 5,38% van de uitgebrachte stemmen en wat neerkomt op 7 zetels als zij niet verboden waren geweest. Ondanks het feit dat de meeste mensen niet geneigd zijn ongeldig te stemmen, is dat aantal toch wel bijzonder significant. Voegen we daarbij nog de onthoudingen, die 34,12% bedragen, dan krijgen wij een realistischer beeld van de krachtsverhoudingen. Samen is dat 40% van de bevolking dat niet moet weten van de Spaanse partijen of van de "mossel noch vis" nationalisten van de PNV.
EAJ-PNV
30
(in 2005: 29 samen met EA)
+1
PSE-EE/PSOE
24
(in 2005: 18)
+6
PP
13
(in 2005: 15)
-2
ARALAR
4
(in 2005: 1)
+3
EA
2
(in 2005: samen met PNV)
+2
EB-B
1
(in 2005: 3)
-2
UPD
1
(in 2005: niet opgekomen)
+1
EHAK
0
(in 2005: 9, nadien verboden)
-9
De PNV is de overwinnaar, maar PSE/PP/UPD halen samen net de volstrekte meerderheid of 38 zetels.
Roberto Sainz Olmos, "Baru", overleed op 2 maart 2006 in de gevangenis van Aranjuez, als gevolg van eenhartaanval.
Sainz was afkomstig uit Portugalete, was 38 jaar oud en afgevaardigde van LAB in Osakidetza. Hij werd, samen met zijn levensgezellin, opgepakt door de Ertzaintza op 11 september 2003, verdacht van huisvesting van een ETA-militant. Hij heeft een aanklacht ingediend wegens foltering gedurende de 5 dagen die hij incomunicado verbleef in de kazerne van de Ertzaintza te Arkaute. Hij bevond zich nog altijd in voorhechtenis in afwachting van zijn proces. Hij klaagde al geruime tijd over pijn in de borststreek, werd op 12 februari 2006 onderzocht op de cardiologische dienst van het Hospital Gregorio Marañón, waar hij een elektrocardiogram kreeg engoed bevonden werdvoor verdere gevangenisdienst.
Geen enkele krant heeft er melding van gemaakt, ook de bevriende pers niet: “La Razón”, “Cope”, “El Confidential” of “Libertad Digital”. Er waren dan ook maar 60 halfgaren van Falange opgedaagd. Als we hen het voordeel van de twijfel gunnen, geraken we met moeite aan 100. Een indrukwekkende politiemacht was wel aanwezig, wellicht het drievoud van het aantal halfgaren.
Aangezien de inwoners de raad van Ahaztuak (die wel melding heeft gemaakt van het debacle) hadden opgevolgd, en het zootje ongeregelde, onder de leiding van Ricardo Sáenz de Ynestrillas, de rug hadden toegekeerd, waren er geen incidenten (geen nieuwswaarde?).
Opvallend waren de talrijke Ikurriña’s en de Republikeinse vlaggen, die in schril contrast stonden met een handvol Spaanse vlaggen.
Op 1 maart 1984 werd de spoorwegarbeider, Jean Pierre Leiba, met één schot in het hart vermoord te Hendaye (Iparralde). In het proces dat daar op volgde, waren de verklaringen van de twee kroongetuigen, de politieagenten Eduardo Luengo en Angel Sánchez Molina, doorslaggevend voor “het groene spoor”, een spoor dat leidde naar de Guardia Civil met de groene uniformen. In 1985 had de Audiencia Nacional weliswaar Daniel Fernández Aceña en Mariano Moraleda veroordeeld tot 30 jaar cel, maar de aanstichters, de opdrachtgevers bleven buiten schot.
Commissaris Eduardo Luengo verklaarde o.a. dat zijn ex-chef, commissaris Manuel Céspedes (ex-afgevaardigde van de regering in Melilla en ex-chef van de Veiligheid vanFelipe González), hem tijdens een maaltijd opbiechtte dat de president van de regering en andere leden van de PSOE eenstrategieaan het uitwerken waren om ETA te lijf te gaan (lees uit te schakelen), gebruik makend van alle materiële en menselijke bronnen, van de Guardia Civil, van de politie, van de veiligheidsdienst CESID, van huurlingen, van neofascisten, van maffiosi… Voordien was al uitgelekt dat Hernández Rubio en Navascués (Guardia Civil) wapens hadden geleverd aan het doodseskader dat verantwoordelijk was voor de dood van Jean Pierre Leiba, en de opdrachtgever was hier andermaal degeneraal van de Guardia Civil,Enrique Rodriguez Galindo.
Na zijn getuigenis kreeg commissaris Eduardo Luengo naderhand, een anoniem telefoontje in de Madrileense club “Abascal”, waarin met klem aangedrongen werd zijn getuigenis t.o.v. Felipe González te herzien, of dat zijn leven, en dat van zijn familie, in gevaar zou zijn.
Iedere dode is een tragische en traumatische gebeurtenis, maar het feit dat Jean Pierre Leiba een gewone huisvader was, werkzaam bij de spoorwegen en hoegenaamd niets met ETA te maken had, maakt die tragiek nog indrukwekkender.
Volledigheidshalve: Jean Pierre Leiba had wel een werkmakker, Pedro Mari Isart Badiola, "Pelitxo", die lid was van de"CCAA" (Comandos Autónomos Anticapitalistas).
Vandaag gaan de Baskennaar de stembus om een nieuwe regering te kiezen voor Lakua (de naam van het district te Vitoria-Gasteiz, waar de regeringszetel gevestigd is). De huidige regering is een coalitie van drie partijen: PNV / EA / EB-B, Partido Nacionalista Vasco, Eusko Alkartasuna en Ezker Batua-Berdeak, en staat onder de leiding van Lehendakari Juan José Ibarretxe (PNV).
Falange Española heeft voor vandaag, 28 februari 2009, een politieke manifestatie bijeengeroepen in Trebiñu, in het hart van Araba-Alava, onder het motto: “Treviño es Castilla. Castilla Salva España” (Treviño is Castillië. Castillië redt Spanje).
Ahaztuak 1936-1977, collectief dat ijvert voor de “Memoria Histórica Democrática y Antifascista de Euskal Herria”, de historische, democratische en antifascistische herinnering van Euskal Herria, en dat slachtoffers en familieleden van de Franquistische repressie groepeert, laat weten dat die bijeenkomst meer is dan een provocatie. Het is het zoveelste voorbeeld van de heersende straffeloosheid in de Spaanse Modelstaat. Het is een belediging ten aanzien van de herinnering van de vermoordde slachtoffers door de doodseskaders van de Falange in Trebiñu, en in de rest van het grondgebeid van Araba.
Ahaztuak kan en wil niet stilzwijgend toekijken op die manifestatie, uitgeroepen door een formatie met een overduidelijk fascistische ideologie en fascistisch karakter. Het zijn de erfgenamen en de opvolgers van de mentoren, de drijvende krachten en de scherprechters van het Franquistische terrorisme. De Falangisten speelden een sleutelrol in de geplande en systematische repressie, in gang gezet bij de staatsgreep van 1936. Zij zijn verantwoordelijk voor een ideologische zuivering zonder voorgaande, waarbij van streek tot streek gekozen mandatarissen, politieke militanten, syndicalisten, leraren, studenten, arbeiders, landbouwers en nationalisten werden uitgeroeid omdat zij onverschillig waren voor het nationaalkatholicisme, omdat ze republikein, communist, socialist, nationalist of separatist waren.
De wreedheid en de hardvochtigheid van de stoottroepen van Falangisten, Requetés en paramilitaire elementen breidde zich zelfs uit naar plaatsen waar er geen frontlinie was, waar er geen wapens waren, waar er geen explosieven waren. Trebiñu was zo’n plaats. Net op die plaats willen de blauwhemden van Falange hun sinistere gedachtegoed opdringen en aan de wereld hun verderfelijk “juk en pijlen” tonen.
Ahaztuak 1936-1977 wil speciaal laten onderstrepen dat in de enclave van Trebiñu 32 moorden werden gepleegd door Franquisten en Falangisten, beter bekend onder naam ”la octava cuadrilla de Araba”, de 8ste knokploeg van Araba. (Cuadrilla kan ook vertaald worden als ‘helpers van de stierenvechter’. De stierenvechter, dat moet dan Franco zijn.)
Oproep van Ahaztuak
Ahaztuak heeft opgeroepen om republikeinse vlaggen aan de huizen te hangen en om de straten leeg te laten. Daarmee willen ze aantonen dat de bevolking hen de rug toekeert en elk visueel contact wil vermijden. Dat de bevolking hun leugens niet horen en hun stinkende geur van blauwe dood niet wil ruiken.
Als antwoord op de provocatie wordt gevraagd om samen te komen in de zaal Euskal Jaia in de deelgemeente Argantzon. Er wordt een infostand georganiseerd om de eisen van de “Memoria Histórica Democrática y Antifascista de Trebiñu”, kracht bij te zetten. Er zal een dossier uitgedeeld worden met gegevens over de repressie van 1936, en later, in de enclave.
De Spaanse cloacakrant "ABC" (te situeren in de rechtse hoek van de rechterzijde, of, zoals in het Spaans gezegd wordt: "la derechona-derechona") heeft een veroordeling aan zijn broek omdat de krant een minderjarige jongere uit Elgoibar een "terrorist" blijft noemen, hoewel hij was vrijgesproken voor de beschuldiging van deelname aan incidenten in maart 1997. Het beroep tegen de uitspraak werd verworpen.
Een mirakel? Op 2 plaatsen gelijktijdig verschijnen!
26 februari 2005
Lezersbrief in Gara van Luis Beroiz, licentiaat Economische Wetenschappen en Rechten.
In de nieuwjaarsnacht op 1 januari 2000 rond 1.45 u. werd in Galadakao (Bizkaia) de Guardia Civil-kazerne aangevallen door een groep radicale jongeren. Ze waren met 12 en het aantal molotovcocktails dat gegooid werd was 54. (Daarvoor zullen ze wel een ‘afgestudeerde’ Guardia Civil in dienst hebben om tot dat exacte cijfer te komen.)
Drie jongeren werden gevat en na ‘ondervraging’ noemden die de overige deelnemers. Gelukkig maar want de daders "hadden zich onherkenbaar gemaakt met bivakmutsen" en "om geen sporen na te laten hadden ze latexhandschoenen aan." Onder de beschuldigden was Andoni Beroiz Zubizarreta. Op 3 maart 2003 werd hij hiervan in kennis gesteld. Er wordt 22 jaar celstraf geëist tegen elk van de jongeren.
Maar een mens moet geluk hebben in het leven. Toevallig gebeurde er diezelfde nacht, 1 januari 2000, in Zuia op de weg Vitoria-Bilbao een verkeersongeval. In het politieverslag van de Ertzaintza kwam als één der inzittenden van de auto een zekere Beroiz Zubizarreta Andoni voor "die zonder kwetsuren de auto had kunnen verlaten". Het ongeval gebeurde om 1.45 u. Maar was Andoni Beroiz Zubizarreta op dat ogenblik dan niet met een bivakmuts over het hoofd om niet herkend te worden en met latexhandschoenen aan, om geen sporen na te laten, molotovcocktails naar de kazerne van "de Verdienstelijken" aan het gooien?
En hoe komt het dat drie jongeren, geïsoleerd van elkaar, in de kelders van de Guardia Civil, alle drie dezelfde namen van "mededaders" noemen? Kan het zijn dat de Spaanse bezetter jongeren verplichten verklaringen te ondertekenen die ze er hardhandig ‘uitgeslagen’ hebben? Zou het kunnen dat het feit dat de moeders van het drietal, toen die indertijd vanuit de kelders naar de rechter werden geleid, hun kinderen eerst niet herkenden? Zou het waar zijn dat Baskische jongeren zich op deze manier soms zélf van moord beschuldigden om van de foltering af te zijn?
Eugenio Irastorza, uit Ordizia, krijgt de weinig benijdenswaardige eer de Baskische politieke gevangene te zijn die in 2002 de meeste "dienstjaren" op zijn naam heeft. Hij zit op 25 februari, 22 jaar in de cel en dit ondanks het feit dat hij in 1995 al ¾ van de straf achter de rug had en daarom, volgens artikel 90 van het Strafwetboek, in voorlopige vrijheid diende gesteld.
In zijn omgeving wordt dan ook gezegd dat hij op dit ogenblik "gegijzeld" is. Spanje past zijn eigen wetten niet toe waar het Basken aanbelangt, "want Baskische strijders betuigen geen spijt voor hun daden", en soms wordt zelfs beweerd dat de ETA-leiding hen dat zou verbieden. Maar hoe valt het te verklaren dat de "strijdmakker" van Irastorza, Augustín Cortés, uit hetzelfde ETA-commando, dan wél al vier jaar op vrije voeten is?
Irastorza zit op dit ogenblik in Almería (Andaluzië). Na zijn arrestatie, op 27.02.80, bleef hij zes dagen "incomunicado" in handen van de psychopaten van de Guardia Civil. Daarna zat hij in Soria, Carabanchel, Puerto de Santa María, Sevilla, Herrera de la Mancha, Alcala, Jaén. Vooral de vijf jaar in deze laatste gevangenis (1990-1995) waren bijzonder hard. Gedurende de hele periode bleef hij volledig geïsoleerd, zonder enig contact met een andere gevangen. Hij werd er zelfs twee keer aangevallen door gevangenisbewakers
De repressie in Baskenland heeft het voorbije halve jaar zulke draconische vormen aangenomen dat het wel eens tot een golf van aanslagen zou kunnen komen. Als democraat kan je dat niet goedkeuren, wel begrijpen.
Gisterenmiddag was nog maar eens een zendmast van 426 meter aan de beurt op de berg Arnotegi (Bilbao). De ontploffing zorgde voor behoorlijk wat schade. De Ertzaintza, die moest uitrukken na het telefoontje van iemand die zei te spreken in naam van ETA, verklaarde dat de bom een ontstekingsmechanisme had dat geactiveerd werd bij de minste beweging. Toen de robot even in aanraking kwam met de doos ging die meteen de lucht in en dit ging gepaard met veel rook. Er zou naar schatting 3 à 4 kg aan explosieven gebruikt zijn. Twee kanalen van de stadspolitie verdwenen tijdelijk uit de ether. Er was geen persoonlijke schade hoewel dit, volgens Binnenlandse Zaken, “zeker de bedoeling van ETA” moet geweest zijn! Helderziend zijn ze daar.
Tijdens de lange nacht van 22 op 23 februari 1981 zag het er naar uit dat over het Spaanse liberaliseringproces voorgoed een kruis kon worden gemaakt.Een groep opstandige generaals en officieren, o.l.v. de "teniente-coronel" van de Guardia Civil Antonio Molina Tejero, bestormde het parlement en gijzelde de voltallige Cortes. De poging tot staatsgreep werd gesteund door de generaals Armada en Millans del Bosch. Alleen het opportunisme van andere topofficieren en een optreden van koning Juan Carlos (?) kon de staatsgreep in de kiem smoren.Het vraagteken naast koning Juan Carlos wijst op het volgende:
Op de weblog van Iñaki Anasagasti is er een artikel te lezen over de staatsgreep van 23-F en dit naar aanleiding van een boek dat verschenen is in februari 2006, op de 25ste verjaardag van de staatsgreep. Artilleriekolonel Juan Ignacio San Martín, chef-staf van de División Acorazada, was naast o.a. "teniente-coronel" Tejero ook één van de hoofdrolspelers. Hij publiceerde het boek: “Apuntes de un condenado por el 23-F”. In dat boek staat letterlijk te lezen: "Tarradellas dijo: “Yo creo que el Rey tenía información suficiente de lo que los militares pretendían. Y sabía que, si hacían algo, a la Monarquía no la tocarían. Soy zorro viejo y pienso que el Rey sabía muy bien por donde podrían ir los tiros... Por eso pudo evitarlo aquella noche tremenda." (Página 367)”.
Kort samengevat:
“Tarradellas zei: "Ik ben er van overtuigd dat de koning voldoende informatie had over wat de militairen van plan waren. En hij wist dat, als ze iets zouden ondernemen, er niet aan de monarch zou geraakt worden. Ik ben een oude vos en ik denk dat de koning heel goed wist waarvoor de kogels bestemd waren…”
In deze krampachtige atmosfeer kwamen nieuwe bijzonder repressieve uitzonderingswetten tot stand, in eerste instantie gericht tegen het radicale Baskische nationalisme, dat algemeen werd voorgesteld als de rechtstreekse aanleiding tot de staatsgreep van Tejero. Een gevolg van de februariputsch was de verhoging van de repressiemacht: 2000 extra soldaten werden naar de drie provincies gestuurd, en nog eens 1.500 naar Navarra, waar Herri Batasuna de grootste nationalistische partij was. Door de staatsgreep werd het flauwe Baskische autonomiestatuut helemaal uitgehold en daarna werd van het geen overbleef ongeveer niets toegepast...
In de buurt van Pamplona worden, op last van rechter Ruiz Polanco, een aantal jongeren gearresteerd op beschuldiging "deel uit te maken van een ETA-commando". Ze worden meteen allemaal overgebracht naar Madrid. Hierbij werden een aantal flats en woningen minutieus doorzocht, soms zonder getuigen of zonder dat de familieleden wisten wat er werd meegenomen. Een aantal van de arrestanten maakte dit al voor de tweede keer mee.
Er worden 3 van de zes jongeren vrijgelaten, zonder voor de onderzoeksrechter te zijn verschenen! Hun naam werd intussen in het lang en het breed uitgesmeerd in de pers. Om over de psychologische schade nog maar te zwijgen.
"El Diario de Navarra" publiceerde zelfs uittreksels uit de verklaringen die tijdens het isolement "afgelegd" werden afgelegd, zonder dat de arrestanten bijstand kregen van een advocaat, noch familieleden mochten zien!
Later zal Mariano Rajoy, Binnenlandse Zaken, zeggen dat "tot op heden geen relatie gelegd kan worden met het commando Naffaroa, maar de Guardia Civil onderzoekt de aangeslagen documenten." Er moeten dus beschuldigingen gezocht worden!
Magistraat Garzón, voor wie iedere Bask een ETA-collaborateur is, wil de intussen verboden politieke partij Batasuna opzadelen met alle kosten van de anti-ETA strijd! Hierbij hoort alle schade die geleden werd bij aanslagen van ETA en bij het straatgeweld, "kale borroka", door de "ETA-jongeren" Maar ook het onderhoud van de gevangenen en zelfs de pensioenen van de slachtoffers wil hij op de partij verhalen!
Binnenlandse Zaken werd al verschillende keren veroordeeld omdat ze de subsidies waarop Batasuna wettelijk recht had, al jaren lang niet meer betaalden. Waarschijnlijk willen ze nu, op deze manier, deze enorme sommen binnen boord houden.
Etxerat, de actiegroep die zich het lot van de gevangenen aantrekt, presenteerde gisteren het nieuwe nummer van "Noizko?" "Voor wanneer?" aan de pers.
Bijzondere aandacht was er voor de 108 gevangenen die reeds 3/4devan hun straf achter de rug hebben, maar niet vrijkomen omdat Spanje zijn eigen wetten niet toepast waar het Baskische politieke gevangenen betreft. Als voorbeeld werd Eugenio Irastortza genoemd die al méér jaren in Spaanse cellen zit dan hij ooit vrij rondliep. Gedurende 26 jaren van zijn leven verbleef hij in de Spaanse hel. Soms in isolement, regelmatig werd hij geslagen, regelmatig versleept naar andere gevangenissen, en nu zit hij op meer dan 1.000 km van huis (in Almería) waardoor zijn familie (financieel) meegestraft wordt.
"En nu willen ze deze schending van rechten ook nog legaliseren."
Het stadje Ermua, in Bizkaia, roept de mediageile Baskenhater en magistraat, Baltasar Garzón uit tot ereburger! Dit gebeurde door de Socialistische burgemeester, Carlos Totorika, die er ooit aangewaaid kwam vanuit Spaanse buitenlanden.
Garzón werd verwelkomd door een aantal jongeren met slagzinnen als "Askatasuna" (Vrijheid) en een spandoek met de tekst: "Ze zullen ons de mond niet snoeren. Vrijheid van beslissing."
Zoals dat in andere landen bij koninklijke bezoeken ook wel eens gebeurt werden de jongeren geïdentificeerd (door de "Baskische" politie). Een koor uit Bilbao zong als begroeting: "Agur Jauna" en "Gernikako Arbola". De "De Boom van Gernika" stierf de voorbije zomer, zoniet had hij er nu zeker het leven bij ingeschoten! Verder zat er nog allerlei tuig, dat op alle samenkomsten van dit soort opdaagt om zich te beklagen dat de Baskische jeugd hen zo onheus bejegent. Totoriko bedankte Garzón verschillende keren omdat hij hen "meer vrijheid" had geschonken. Garzón dankte met de nietszeggende zin dat hij Ermua in zijn hart droeg.
Dit doet een beetje denken aan de periode nét na de Burgeroorlog toen dictator Franco zich door de door zijn eigen bewind aangestelde gemeenteraad van Gernika als ereburger van de historische stad liet uitroepen nadat hij ze had laten platbombarderen. Hij zag zichzelf ook als "bevrijder"!
Opgesloten hoewel er geen strafbare feiten gepleegd werden
18 februari 2004
Diego Ibarra, die een week geleden in Bidart (Noord-Baskenland) werd aangehouden werd overgebracht naar de gevangenis van Fresnes (Parijs).
In de woning van Ibarra had men informatie gevonden over de organisatie Askatasuna (Vrijheid) en dit is, volgens de rechter: "een bewijs dat Ibarra voor Askatasuna werkt".
Askatasuna trekt zich het lot van de repressieslachtoffers aan en werd daarom in Spanje verboden. Maar Ibarra werd aangehouden in Frankrijk en daar is Askatasuna niet verboden!
Behatokia, de organisatie die toezicht houdt op het naleven van de rechten van de Baskische taal, wees gisteren in het Europese parlement op de tekorten in de Europese grondwet betreffende de taalrechten.
De voorzitter van Behatokia, Paul Bilbao, verzamelde parlementsleden uit Catalonië (Bernat Joan i Mari), Letland (Tatjana Zdanoka), Wales (Jillian Evans) en Ierland (Michael O’Donnell) bij zijn statement dat het niet kan dat 2/3 van de Europese talen gaan verdwijnen. "Daarom moeten de gemeenschappen van minderheidstalen samenwerken. Slechts 21 van de 60 Europese taalgemeenschappen worden als officieel beschouwd."
Iñaki Ojeda Martin de Butron, “Txapel”werd geboren in Portugalete in 1964. Hij nam al deel aan de Pro-Amnestieweek in 1977. Later vervoegde hij de jeugdorganisatie Jarrai en richtte een eigen groepje op met als doel sabotagewerk tegen de onderneming Iberduero, die de kerncentrale van Lemoiz wilde bouwen.
Hij werd opgemerkt door ETA en ze vroegen hem op een afspraak. Onderweg daar naartoe werd hij gearresteerd, zwaar gefolterd en veroordeeld tot 6 jaar cel. In de gevangenis kon hij zijn passie voor de literatuur verder ontwikkelen. Hij schreef in de gevangenis van Puerto de Santa Maria diverse dichtbundels, maar de afgestompte en lompe cipiers vernietigden een grote hoeveelheid dichtbundels. In 1983 werd hij vrijgelaten, integreerde in ETA en dook onder. Op16 februari 1984kon de politie hem lokaliseren in een wijk te Barakaldo. Na een hevig salvo door de politie werden twee van zijn vrienden zwaar gewond. Omsingeld, wilde hij negotiëren over zijn overgave. Hij moest ongewapend naar buiten komen en zich tegen een muur plaatsen…Onmiddellijk werd hij onder vuur genomen door de GEOS, Grupo Especial de Operaciones (een soort groep Dyane) en doorzeefd met kogels. Een politie in burger, pistool in de hand, naderde “Txapel” en schoot nog eens 6 maal in de hartstreek. Het autopsierapport spreekt van 19 kogelinslagen in zijn lichaam.Hij is 20 jaar geworden.
In het uiterste zuiden van Navarra ligt Sartaguda, "het dorp van de weduwen". Kort na de staatsgreep van Franco van 18 juli 1936 die tot de verschrikkelijke Spaanse Burgeroorlog zou leiden werden er 80 mannelijke inwoners gefusilleerd!
De Vereniging van Gefusilleerde en Verdwenen Familieleden (!) van Navarra laat er nu een obelisk optrekken ter ere van allen van wie de naam tot op heden niet voorkwam op de officiële monumenten.
De burgemeester van Sartaguda (van de UPN) verklaarde nu dat hij de obelisk wil inpassen in een park ter Herinnering aan de Eendracht.
De vereniging verklaarde dit idee buiten alle proporties op een ogenblik dat hun vermoorde familieleden nog niet in ere waren hersteld en zelfs niet eens de plaats bekend was waar hun lijken werden achtergelaten!
De burgemeester zegt nu dat hij enkel een tegenvoorstel had gelanceerd, maar de oppositie verwijt hem dat hij het project op de lange baan wil schuiven. De Vereniging, die van de Regering van Navarra 150.000 euro kreeg toegestopt, heeft tot op dit ogenblik van de gemeente nog geen grond gekregen om hun monumentje neer te zetten. Volgens hen gaat het hier om een humane zaak, niet om een politieke.
De Baskische Justitie, die er o.a. op moet toezien dat ook de Spaanse wetten worden toegepast, geeft de PNV-burgemeester van Bilbao, Iñaki Azkuna, nog twee maanden tijd om de Spaanse vlag aan het balkon van het stadhuis te laten wapperen.
In 1981 beslistte Madrid dat het geliefde Spaanse dundoek altijd aanwezig moest zijn, “als symbool van de natie, teken van de soevereiniteit (?) onafhankelijkheid (?) eenheid (?) en integriteit (?) van het vaderland (?)
De zogenaamde “vlaggenoorlog” die in de daarop volgende jaren uitbrak (en in elke gemeente “in der minne” geregeld werd) kan weer beginnen. In het Noorden hing enkel de Ikurriña (mogelijk samen met het stadswapen). Tijdens de Feestweek van Bilbao in augustus kwam het elk jaar tot incidenten omdat Azkuna de Spaanse vlag gedurende een kwartier uithing.
De tragische dood van Joxe Arregi Izagirre op 13 februari 1981 schudde de Baskische gemeenschap geweldadig door elkaar. De inwoner van Zizurkil werd op 4 februari 1981 gearresteerd en overgebracht naar de Dirección General de Seguridad de la Policía te Madrid. Hij verbleef hier 9 dagen “incomunicado” (volledig afgezonderd, geen advocaat, enz…), overgeleverd aan willekeur.De vooravond van zijn overlijden werd hij naar het Hospital Penitenciario van Carabanchel, de ziekenboeg, overgebracht. Het medische rapport zal ik niet aanhalen, want het is te verschrikkelijk. Drie politieke gevangenen, Iñaki Agirre ETA (pm), Xose Lois Fernández González (GRAPO) en Lois Alonso Riveiro (PCE), waren getuige bij zijn aankomst in de ziekenboeg. Het relaas werd op een kladbriefje door de tralies naar buiten gegooid: “Fysisch totaal afgemaakt, onherkenbaar, hevig rillend over het gehele lichaam, nauwelijks in staat te ademen, mompelende Joxe Arregi enkel zinnen, waardoor we hem konden identificeren. Zijn ogen waren bont en blauw geslagen. Het rechteroog vertoonde een enorme bloeduitstorting. Armen en benen waren angstwekkend opgezwollen. ‘Ik heb verschrikkelijke dorst’, mompelde hij. Op vraag hoe het er aan toegegaan was, antwoordde hij: “Oso latza izan da” (het was verschrikkelijk). Ze hebben mij onderste boven gehangen aan de ijzeren staaf, en sloegen er vrijwel overal op los, maar vooral op de onderkant van mijn voeten. Ze verbrandden mijn armen en benen en lichaam met ik weet niet wat (tot in de tweede graad). Op de grond sprongen zij om beurten op mijn borst…” Hij kon niet meer verder praten en stortte in elkaar. De 3 gevangenen hielpen hem omkleden, waarbij ze verscheidene bloeduitstortingen overal op het lichaam zagen. Vele plaatsen waren zwartgeblakerd (ernstige brandwonden), en veel brandwonden begonnen te verzweren.De volgende ochtend was zijn toestand nog verergerd. Hij murmelde: “Nik uste diat hiltzekotan nagoela, ik denk dat ik sterf.”Ik stop hier hethuiveringwekkende getuigenis, want er is niets menselijks aan, maar het komt wel op de palmares van de “Benemérita”zoals de Guardia Civil genoemd wordt (vertaling van benemérita: verdienstelijk, prijzenswaardig).
Volgens de Commissie voor de Mensenrechten te Madrid hebben 73 politieagenten deelgenomen aan, wat ik noem, de “lynchpartij”. Slecht twee werden in staat van beschuldiging gesteld en beide werden vrijgesproken. Later kregen zij toch 7 maanden cel (vergelijk met het volgende: een opinieartikel in een krant schrijven, levert een bod op van 96 jaar cel).
In een radioprogramma verweet ex-president Felipe González dat het Baskisch nationalisme aan "etnische zuivering" doet.
PNV en EA dienen hem nu van antwoord:
"De énige etnische zuivering was die van mister X", en ze herinneren González (waarschijnlijk de onbekende "mister X") eraan dat onder zijn bewind 28 personen werden vermoord door de staatsterroristen van GAL omdat ze Basken waren.
In een simultane politieraid, op last van Franse antiterrorismemagistraat "Le Juge" Le Vert worden in Ahurti (Noord-Baskenland) Marcel Etxandi en in Zuid-Baskenland Juan Joxe Agirre gearresteerd. "Père Marcel" Etxandi is 72 jaar en woont in de abdij van Belloc.
Agirre is 74 jaar! en verblijft in de abdij van Lazkao.
Beide zijn ze Benedictijnenmonnik!
Père Marcel is een autoriteit in het vertalen van bijbelteksten in het Baskisch en spreekt dan ook vloeiend Armeens, Grieks, Latijn en Hebreeuws. Zijn medebroeder uit Lazkao is archivaris van alles wat met het Baskische Volk te maken heeft. Beiden worden aangezocht door iedereen die één of andere studie over Baskenland wil schrijven. Beiden worden ze nu in verband gebracht met de ETA-leider, Mikel Albisu "Antza", die op 3 oktober in Saliès de Bearn gearresteerd werd. In Lazkao hadden zich twee Guardia Civiles aangediend om Agirre te arresteren. Toen dat formeel gebeurd was waren er nog eens een 15-tal gekomen om de omvangrijke bibliotheek uit te kammen. Om 16.00 u. werd Agirre weer vrijgelaten. Hij bracht verslag uit aan een peloton journalisten. "Ze vroegen me of ik nummers van "Zutabe" had (het "infoblad" van ETA). Hierop heb ik geantwoord dat ik álles opsla in mijn archief. Wat nu terrorisme is is morgen geschiedenis. Sommige documenten kwamen zodoende in Madrileense musea terecht en worden daar als ‘juwelen’ bewaard".
Agirre, niet gespeend van humor, had tot slot aan de dienaren van de wet om een kopie van het verslag van de politieactie gevraagd om het in zijn archief te bewaren! Dit werd geweigerd.
Vijf uur na aanvang van de farce werd: "Aita" Agirre vrijgelaten.
Père Marcel Etxandi, verantwoordelijk voor de bibliotheek van Belloc, werd meegenomen naar de hoofdstad Baion. Hij wordt ervan verdacht "post" van de terroristische organisatie door te geven, "als brievenbus" te dienen. Het was onnodig de flikken met de bekende zin "kom eens naar mijn kamer" uit te nodigen. Dat deden ze uit zichzelf al. Intussen ondervroeg de politie de medemonniken over de binnenkomende telefoons en over de bezoekers die de abdij aandeden. Tevens werd hen gevraagd of ze iemand van de arrestanten van 3 oktober kenden.
Etxandi werd 2 dagen later vrijgelaten.
Beide arrestanten werkten ooit samen aan de vertaling van de Bijbel in het Baskisch. Mogelijk hadden ze daarin de dichterlijke vrijheid misbruikt en ETA-leider Mikel Albisu een bijrolletje gegeven, niet als "Verlosser"...
Bij een achtervolging op Iker Iparragirre Galarraga schoot de Spaanse politie in het centrum van het Baskische stadje Azpeitia, volgens getuigen, een vijftal keren in de lucht. Ook hier blijkt nog maar eens dat de (Spaanse) politie niet kan tellen, want ze spreken naderhand over slechts2 schoten. Zij gingen met getrokken revolver in twee Herriko Tabernas (volksbars) binnen, en daarbij werden alle aanwezigen tegen de muur gezet en geïdentificeerd. Kort daarop verschenen in het centrum politiemannen in burger, sommigen eveneens met getrokken revolvers en zwaarder tuig. Ook de "Baskische" politie, Ertzaintza, nam aan de operatie deel. Daarna trokken ze naar het ouderlijke huis waar ze enkele uren verbleven en een uitgebreid register meenamen. Tijdens deze huiszoeking verzamelden zich een 30 –tal personen in de buurt om te protesteren tegen deze "politiebezetting", onder het motto "Indar okupatzaileak alde hemendik" (okupatzaileak= “bezettingen” en alde hemendik = "oprotten!")
Op last van Baltasar Garzón werden op andere plaatsen 14 personen opgepakt. Dit gebeurde vooral in Euskal Herria, maar eveneens in Cádiz en in Valencia. Het zou gaan om jongeren die niet bij de politie "geficheerd" staan. Toch kon de Spaanse minister van Binnenlandse zaken, José Antonio Alonso, niet nalaten te gewagen van het belang van deze arrestaties. De politie wist van sommigen zelfs wanneer en tegen wie ze aanslagen “zouden” plegen! Hun namen zouden gevonden zijn bij de arrestatie van Ibon Fernández Iradi, "Susper".
Susper werd op 19 december 2002 in Baiona gearresteerd, maar wist enkele dagen later te ontsnappen uit het politiecommissariaat. Een jaar later werd hij opgepakt in Mont-de-Marsan. Als gevolg van de "documenten van Susper" werden 110 personen opgepakt waarvan er 39 weer vrijkwamen.
Opnieuw verbiedt Spanje democratische politieke partijen uit Baskenland. Opnieuw wordt een belangrijk deel van het Baskisch electoraat uitgesloten van deelname aan de verkiezingen. Na een eerder verbod op de partij Batasuna en opvolgende partijen van de Baskische linkse onafhankelijkheidsbeweging (sinds 2003 worden alle partijen die de optie van een links en onafhankelijk Baskenland vertegenwoordigen stelselmatig verboden), verbiedt Spanje nu de partijen EHAK en ANV.
Terwijl Spaanse politici van de Baskische onafhankelijkheidsbeweging eisen dat zij enkel nog democratische middelen gebruiken om hun doel te bereiken, maken ze het diezelfde beweging onmogelijk om decmocrartische middelen te gebruiken, door hen te verbieden aan de verkiezingen deel te nemen.
De Acción Nacionalista Vasca, de ANV, dateert al van 1930 en is een afsplitsing van de rechtse Baskische nationalistische partij, de PNV. Zij aan zij, met onder andere de Spaanse sociaaldemocraten, vochten zij vóór, tijdens en na de Burgeroorlog tegen het fascisme van het Francoregime. De kleine en pas opgerichte ANV was een trouwe verdediger van de uiteindelijk door Franco omvergeworpen tweede republiek.
De partij nam met vier bataljons deel aan de strijd en 550 ANV leden stierven in de verdediging van de republiek. In de laatste jaren van die republiek nam de ANV zelfs zitting in de Baskische regering en na de overwinning van de fascisten nam de ANV samen met de sociaaldemocraten zitting in meerdere Baskische regeringen in ballingschap en comités ter voorbereiding op de terugkeer van de democratie in Spanje.
De ANV is het gewend om verboden te zijn, zij is gedurende het dictatriale bewind onder Franco veertig jaar lang illegaal geweest. Maar zij had nooit kunnen verwachten dat haar voormalige strijdmakkers van de PSOE, meer dan dertig jaar na de dood van de dictator, zouden samenspannen met de erfgenamen van die dictator om de partij opnieuw te verbieden.
De ANV staat voor een links en onafhankelijk Baskenland. De ANV wil dat doel op democratische wijze bereiken - zij verwerpt in haar statuten het gebruik van geweld - en eist van Spanje dat zij haar politieke systeem zo aanpast dat dit ook mogelijk is. De ANV eist, met andere woorden, dat de Basken zelf hun politieke toekomst mogen bepalen. Madrid reageert met een verbod. Niet alleen op de ANV maar op elke organisatie die dit doel nastreeft. Het argument is dat deze organisaties de doelen van ETA nastreven, zonder de door ETA gehanteerde middelen te veroordelen. Dat heet politieke vervolging.