Het Jan Huet-pad te Wortel/Castelré (Noorderkempen)
In de Noorderkempen werd; drie eeuwen geleden, een staatsgrens getrokken op basis van een militaire bestandslijn.
NIEUWE INFO UPDATE OP 28/10/2007
JAN HUET-PAD Het landschap waardoor de route loopt, biedt een heerlijk stukje natuurschoon uit de Noorderkempen. Het Jan Huet-pad ligt gedeeltelijk in Nederland en België. Het is de streek van Castel, de kolonie van Wortel, de Baarle-Brug, de Kromme Hoek, Hal en 't Schoor. Deze grensstreek met beemden, bossen, heide, oude vennen en zeldzame kruiden vormt een waar paradijs.
Afstand : 15 km, verkorting 7 km Vertrek : St.-Jan-de-doper kerk te Wortel. Bij nat weer: aangepast schoeisel vereist.
. schoeisel: Wandelschoenen~ laarzen bij slecht weer .
. situering: Ten noordwesten van Turnhout, in de buurt van Hoogstraten
Zo is de Belgische enclave Baarle-Hertog helemaal omgeven door Nederlands grondgebied. Maar in de grens tussen de Vlaamse en Nederlandse Kempen zitten
nog wel meer gaten en - soms miniscule - enclaves. Het Jan Huet-pad voert je
voortdurend van het ene land in het andere. Niet datje dat zal merken, want het landschap is aan beide zijden even groots: beemden en bossen, lapjes heide, oude dijken en vennen...
Castelré is een Nederlandse enclave die als een worst in België dringt. Het is ook een goedbewaarde oase van natuur, bossen en heide. Vanuit dit gehucht loop je in de richting van de Torendreef, waar je het kerkhof voor landlopers passeert.
Je bevindt j e nu middenin het reusachtige domein van de 'Rijksweldadigheidskolonie' van Wortel. Het landlopersverblijfwerd in de Nederlandse tijd gesticht door generaal Van Den Bosch. De Nederlandse Vereniging van Weldadigheid kocht er in 1822 een domein van zomaar 632 ha en richtte er een 'vrije landbouwkolonie' op. Later werd het eigendom van de Belgische staat. Toen die in 1993 de wet op de landloperij afschafte, kreeg het gebouw een nieuwe functie als gevangenis voor lichtgestraften.
Het domein telt 14 vennen, kleine meertjes die typisch zijn voor zanderige streken. Eén daarvan is het Bootjesven, waar je langs komt. Verderop bereik je de Grensweg, die de enclave van Castelré van België scheidt. Langs deze weg stond ooit een galg, nu leven er alleen wulpen, grutto's en kieviten. Via de Hoogstratense weg bereik je dan het Markhof, gelegen aan het riviertje de Mark. De plek draagt de intrigerende naam 'Zigraack', in vroegere tijden een woest gebied waar rovers zich schuilhielden.
Over de Klinkerweg en de Haldijk bereik je nu het miniscule gehucht Hal. Aan de kapel volg je de weg naar links over de Schoorbrug: je steekt opnieuw de grens over en bereikt Castelré. In het Groeske, de oudste nederzetting van het gehucht, vind je enkele oude Kempische hoeven. In de herbergen van Castelré kan je tot besluit terecht voor een jonge of een oude klare.
Startplaats : Aan de kerk in Blauwberg-Herselt Start GPS Coördinaat : N 51.04414-E 4.92926
Blauberg-Herselt
Het vernieuwde Willem Elsschot-wandelpad werd ingewandeld naar aanleiding van het Provinciaal Cultuurweekend van de provincie Antwerpen op 6 en 7 mei 2006.
Het vernieuwde wandelpad is een initiatief van de Schepen van Cultuur van Herselt, Kathleen Helsen, en de Cultuurraad van Herselt. Dit wandelpad volgt voor een groot deel het vorige wandelpad, maar werd hier en daar aangepast aan de huidige normen voor wandelpaden. Langs het wandeltraject,zoals voorgesteld op de bijgevoegde kaart, staan panelen opgesteld met fragmenten uit gedichten van Willem Elsschot.
Het pad vertrekt aan de kerk van Blauberg aan het bronzen beeld "Kaas", dat in 1990 werd ingehuldigd.
Willem Elsschot en Blauberg
Wat had Willem Elsschot met Blauberg te maken?
De moeder van Elsschot, Adèle Van Eist, kwam met haar kinderen geregeld op bezoek bij haar broer Filip, die een kruidenierswinkel op het dorpsplein van Blauberg had. Hier kwam Elsschot tijdens zijn jeugd regelmatig zijn vakanties doorbrengen, Hij speelde met de kinderen van het dorp: zaklopen, boogschieten, """
Toen hij in zijn laatste jaar van het middelbaar onderwijs van het Atheneum werd weggestuurd kwam hij zijn oom Filip helpen.
Als student aan het Hoger Handelsinstituut bracht hij hier zijn blokvakanties en daarna zijn gewone vakanties door. Tijdens zijn blokdagen studeerde hij tot 's middags en in de namiddag ging hij dan wandelen, bij voorkeur in het Elsschot, Later kwam hij
nog regelmatig naar Blauberg, naar zijn nicht Mie-Zjef (Maria-Josepha) waarna hij dan een pint je ging drinken in de Batavia (bij Van Looy) of in Den Yzer (bij Verbiest). Zijn haar liet hij knippen bij Gustaaf Aerts en 's zondags ging hij mee boogschieten bij Jan Schiet (Verstappen). Zo kende hij de mensen van Blauberg en zo beschreef hij ze in zijn boek "De Verlossing",
Willem Elsschot
7 mei 1882 - 31 mei 1960
Schrijver Willem Elsschot, geboren in 1882 als Alfons Jozef De Ridder, was de zoon van Kristiaan en Adèle Van Eist uit Westerlo.
Zijn vader was bakker in Antwerpen en zijn moeder kwam geregeld met haar kroost van negen kinderen op bezoek in Blauberg, bij haar broer Filip Van Eist. Elsschot volgde lager onderwijs in een Antwerpse gemeenteschool.
Zijn secundaire studies deed hij in het Koninklijk Atheneum en later studeerde hij af aan het Hoger Handelsinstituut te Antwerpen.
Hierna werkte hij op verschillende handelskantoren in Antwerpen, Parijs, Rotterdam en Brussel, om uiteindelijk in het Antwerpse een advertentiebureau op te richten. Ondertussen was hij getrouwd met Josephine Schuerweghen, samen met wie hij vijf kinderen
kreeg. Zijn eerste roman "Villa des Roses" verscheen in 1913, en zijn dichtbundel "Verzen van vroeger", uitgegeven in 1934,bevatte een collectie van zijn gedichten uit de periode 1907- 1910, terwijl hij eerder al tussen 1900 en 1902 gedichten had gepubliceerd in een Nederlands tijdschrift. Tot zijn voornaamste werken worden "Kaas", "Lijmen", "Het Been", "Tsip" en "Het Dwaallicht" gerekend. Waardering oogstte hij aanvankelijk enkel in Nederland, pas later kon hij ook bij ons in Vlaanderen op erkenning rekenen voor zijn typische cynische stijl.
Voor zijn roman "De Verlossing" heeft hij inspiratie gevonden in de leefwereld van Blauberg aan het begin van de twintigste eeuw.
Als eerste Vlaming kreeg hij in 1951 de Constantijn-Huygens- prijs en postuum in 1960 de vijfjarige staatsprijs ter bekroning van zijn literaire loopbaan. Voor de kerk van Blauberg, op het dorpsplein, staat een bron- zen beeldje van de Herseltse kunstenaar Peeters. Hiervoor vond de man inspiratie in het boek "Kaas", en maakte zo een beeldje van de figuur Laarmans gezeten op een bol kaas.
Met dank aan de gemeente Herselt en Provincie Antwerpen
Afstand 11,5 km - Afstand 7,5 km met een uitbreiding van 4 km. Vertrek : Sint-Salvatorkerk in Meerle Dit pad dankt zijn naam aan Fabianus Antonius Eestermans, een voorname Meerlenaar die in 1905 tot bisschop werd gewijd. Het traject voert ons doorheen de gehuchten van de grensstreek. In dit bosrijke gebied zitten we volop in de domeinen van de kasteelheren en de mooie hoevens. Het is een prachtige wandeltocht voor het ganse gezin
Heb het kaartje zelf op een site op internet gevonden zonder meer informatie Wie kan helpen
Reactie van Anne Eestermans Wij hebben deze wandeling eens gedaan. Het is mooie, gemakkelijke wandeling. Spijtig ook een vrij groot stuk over rijweg. Ik persoonlijk vond het spijtig dat er niet meer informatie te vinden was over Mgr Eestermans. Voorbeeld, door informatieborden onderweg. Hij was tenslotte in die streek geboren. Er is wel een gedenkmonument op het oude kerkhof van Meerle.
Ik heb in mijn archief nog zoveel routes die ik zou willen wandelen maar waar ik weinig of niks informatie van kan terugvinden. Daarom mijn vraag om medewerking...................... Ik zet de plannekes op de site en mijn bezoekers die in de omgeving wonen of de route zelf al gewandeld hebben en meer informatie kunnen geven ,spelen die aan mij door ,die ik dan toevoeg aan de desbetreffende route met vermelding van de informant met zijn blogadres
Afstand : +/- 8 km Vertrek : aan de kerk in zepperen Bewegwijzering : zie planneke
ZEPPEREN :
Zepperen is de naam voor een stuk zandleemgrond van duizend hectaren in Vochtig-Haspengouw, gemeente Sint-Truiden, provincie Limburg, deelstaat Vlaanderen, land België. In zijn Latijnse vorm Septimburias of Zeven Koten wordt het al vermeld in de 8ste eeuw. In het Ancien Régime was Zepperen een bank van het Sint-Servaaskapittel te Maastricht en het begaardenklooster van 1425 werd hoofdklooster van deze beweging in de Nederlanden. Tot 1976 was Zepperen een zelfstandige gemeente ten noordoosten van de stad Sint-Truiden. Vanaf dan is het één van de grotere deelgemeenten die bij Sint-Truiden zijn gevoegd in het kader van een bestuurlijke schaalvergroting. Er wonen nu een drieduizendtal mensen, meestal pendelaars. Fruitteelt en onderwijs zijn de belangrijkste werkgevers in het dorp zelf. De gehuchten en wijken zijn : Dries, Dorp, d'Oye, Terstok, d' Eygen, Dekken, Roosbeek, Gippershoven en Tereyken.
De Sint-Genovevakerk een der mooiste kerken van Haspengouw en omgeving.
De Sint-Genovevakerk is een duidelijke mengeling van romaanse en gotische gedeelten.
De toren, gebouwd uit silex, dateert uit de 12e eeuw. Hij is romaans. Er zijn rondboogvensters met deelzuiltjes. Maar het rondboogportaal met de tympaan en de traptoren zijn neoromaanse toevoegingen uit de periode 1860-1903.
Het driebeukig schip met luchtbogen en het koor met lancetvensters uit 1430-1509 zijn een voorbeeld van Demergotiek.
Het centrale glasraam in het koor verwijst naar die eucharistie.In 1922 schilderde Godfroid Bary (Brussel) het linkerglasraam (met het tafereel met Trudo en Remaclus) en het middenste glasraam, 20 jaar nadat het glasraam met Genoveva werd gemaakt voor Bardenhewer uit Brussel.
In het interieur zijn nog muurschilderingen uit het einde van de 15e eeuw bewaard. Deze stellen episodes voor uit het leven van Sint-Genoveva en een voorstelling van het Laatste Oordeel.
In 1960 heerste er een brand in de nieuwe sacristie en werd het orgel vernield in 1962 kwam er het huidige orgel gemaakt door E. Verschueren van Tongeren
De kerk, met het kerkhof en de toegangspoort zijn sinds 1983 beschermd Voor de rest een pracht van een landschap en de moeite waard eens te bezoeken
Via de E40 rijden we de Belgisch-Duitse grens over. We volgen de eerste afrit naar rechts,
richting Monschau. vijf kilometer verder slaan we rechtsaf (weg nr. 258), om nog een kilometer verder links, gedurende twee kilometer, op te
klimmen naar Rott (op 453 m). Daar vind je bij de kerk wel een plaats voor de auto.
Als wij er aan komen, schudden ze boven het beddengoed uit. De dagen ogen sprookjesachtig onder de dikke sneeuwlaag.
Rott hangt grotendeels tegen een helling aan. We dalen af naar het buurdorp Mulartshüne.
We zien er Ijslandse pony's die de kou trotseren, het ijs hangt in hun manen.
We zakken verder af, naar het Vichtbachtal. De weilanden, de beboste heuvels en de huizen, alles flink met sneeuw bepoederd, vormen een geschikt decor voor romantische wenskaarten.
Mülartshüne straalt gemutlichkeit uit.
Op het bord lezen we dat we ons bevinden in het 'Naturpark Nord- "Eifel' en het 'Deutsch Belgischen Naturpark'. We kiezen voor rechts en gaan omhoog via de Halmerstrasse, richting Lammersdorf. Op de heuvel grazen... bizons. Wat moeten die hier? Steaks produceren.
Tussen de prikkeldraden van de omheining hangen spinnenwebben als fijne kantwerkjes.
We stappen verder door het stille winterbos, nu en dan schudt een spar onder een windzucht haar vracht af. De afslag naar Ron laten we rechts liggen en we wandelen
nog wat verder, Vier km voorhij Mularthütte.: Verlaten we de weg. Rechts vertelt een Înformatiebord dal hier een 'Fuss- und Radweg' naar de 'Dreilagerhach Stausee' loopt, Hier worden we omhelst door de stilte van de witte sneeuw. Tussen de bomen ademd de kou wat mist uit, Een schitterende winterwandeling.
Beneden ligt de vastgevroren Dreilagerbach Stausee, Veertig hectare wateroppervlakte met een opnamecapaciteitvan 4,3 miljoen kubieke meter.
De afdamming is 38 meter hoog. Het water van het stuwmeer is vooral bestemd voor de drinkwatervoorziening.
Natuurminnaars zouden ongetwijfeld opteren voor een Eifel zonder stuwmeren,maar ze zijn er nu eenmaal en vandaag zijn het een achttal stuwmeren in de streek rond Monschau.
Een attractie voor toeristen en voor de watersporters.
De Rursee is het grootste stuwmeer in Duitsland.
Uiteindelijk stappen we het bos uit en belanden we op de weg Roetgen Rott.
Een tweetal kilometer stappen we verder op het wandel- en fietspad en belanden we bij de kerk van Rott
Start deze wandeling door Bouwel (1) op het stationsplein aan de weg naar Herenthout.
Hier is immers ruime parkeergelegenheid, terwijl je er ook met het openbaar vervoer kunt geraken. Op dit plein stonden vroeger het spoorwegstation en het tramstation. Beide gebouwen zijn echter afgebroken en er bestaat nu nog alleen een stopplaats waar sommige treinen van de lijn Lier-Herentals halt hou- den. De enige herinnering aan de activiteiten rondom het vroegere station is de herberg 'Het Engels huis' (2).
Verlaat het stationsplein en ga links de Herenthoutse weg op. Volg deze weg zo'n 100 m en neem aan de Sint-]ozefskapel de asfaltweg rechts: de Molendreef. Volg deze weg tot aan het einde 500 m verder. Zowat halfweg deze weg, na de bocht naar links en bij het begin van de bomenrij, staat links de Onze-Lieve-Vrouwgrot, terwijl je rechts in de verte al de windmolen ziet staan. Aan het einde van de Molendreef neem je de betonweg naar rechts in de richting van de windmolen (3). Volg deze weg tot aan de splitsing op het einde.
Op deze wegsplitsing laat je de Middeldonk links liggen en wandel je rechts Echelpoel (4) in.
De betonweg gaat nu over in een asfaltweg en je volgt verder een deel van het Molenpad.
Even geen problemen met links of rechts, want je blijft deze weg zo'n 2,5 km volgen tot je aan het einde ervan komt. Als je rechts een spoorwegovergang ziet (niet oversteken !), heb je deze trip al voor de helft achter de rug.
Wandel nu nog 750 m verder langs de spoorweg, tot de weg ten einde loopt. Hier verlaat je Echelpoel en ga je rechts de Binnenheide in waar je al onmiddellijk de spoorweg over moet. Zowat 100 m voorbij de spoorweg ligt rechts de Echelpoelschranshoeve (5), een van de oude boerderijen die Bouwel rijk is.
Onmiddellijk achter deze boerderij neem je de eerste asfaltweg rechts. Na 200 m versmalt deze weg zich en staat er een paal om auto's de weg te versperren. De weg blijft echter verhard en je wandelt nu op een rustig stuk traject, met aan je linkerhand de beboste duinen (6), een van de attracties in deze gemeente. Nadat je dit wandelpad zo'n 650 m hebt gevolgd, steek je aan het kruispunt de weg over naar een straat met een-richtingsverkeer.
Blijf deze klinkerweg naast de duinen volgen tot aan het zesde kruispunt, en draai daar rechts de Kastanjelaan (de straat qa de Kennedylaan) in. Elke straat draagt hier een keurig naambordje, maar je moet wel even omkijken om ze te kunnen lezen.
In de Kastanjelaan draai je na 50 m de eerste straat links, het Kerkepad, in. Volg dit pad tot het einde en je staat meteen midden in het dorp, recht voor de kerk.
De kerk (7) met de beschermde omgeving ervan geeft een zeer goed idee hoe een Kempens dorp er vroeger uitzag. Opvallend is wel dat het driehoekige plein, zoals je dat in veel dorpen aantreft, hier ontbreekt. Deze dorpskern heeft zich volledig rondom de kerk ontwikkeld.
Je kunt deze mooie omgeving rustig bekijken door via het paadje links rondom de kerk te wandelen en over het kerkhof terug te keren. Na dit bezoek aan de dorpskom laat je de kerk letterlijk links liggen en je volgt de lange Dorpstraat over 375 m tot het einde. Halfweg deze straat, aan het eerste kruispunt, zie je links eerst nog de mooie omgrachte boerderij Bouwelhof(8).
Blijf echter rechtdoor wandelen, tot je op het einde van deze weg het dorp verlaat en links de Kasteeldreef indraait. Van op deze weg kun je het kasteel (9) en het omliggende park uitgebreid bewonderen.
Op het einde van de Kasteeldreefkom je weer op de weg naar Herenthout terecht. Hier ga je rechtsaf, in de richting van de spoorweg. Voor je de spoorweg bereikt, zie je rechts het boswachtershuisje (10). En als je 50 m verder opnieuw de spoorweg oversteekt en links 'Het Engels huis' in het vizier krijgt, weet je dat je wandeling rond is.
WEETJES
1 Bouwel ligt niet ver van Herentals net onder de E313. Je neemt dan ook uitrit 20 Herentals-West. 1 km van de uitrit ligt Bouwel links van de N13 naar Nijlen en Lier. Met de trein moet je de lijn Lier-Herentals nemen, hoewel niet alle treinen in Bouwel stoppen!
2 'Het Engels huis' maakte deel uit van de gebouwen op het stationsplein. Bij de aanleg van de spoorweg in 1855 werd ook dit huis gebouwd. Zijn naam ontleent het aan zijn typische bouwstijl die herinnen aan de Engelse landelijke architectuur uit de 19de eeuw. Oorspronkelijk was 'Het Engels huis' omgeven door dienstgebouwen zoals stallen en een koetshuis. Toen het station in 1974 werd afgebroken, vielen ook deze gebouwen onder de sloop hamer. 'Het Engels huis' is van bij zijn oorsprong altijd een herberg geweest.
3 De houten windmolen op de Langenheuvel dateert uit de 18de eeuw en de oudste inkerving vermeldt het jaartal 1732. Hij stond oorspronkelijk in Voonkapel- Westerlo, maar werd in 1925 overgebracht naar Bouwel om de vroegere windmolen te vervangen die tijdens de Eerste Wereldoorlog werd verwoest. Deze molen is beschermd en werd in 1973 gerestaureerd. Als de eigenaar aanwezig is, kan men deze gesloten standaardmolen bezoeken.
4 De naam Echelpoel verwijst naar een vochtige plaats waar men vroeger de bloedzuigers kweekte die in de geneeskunde werden gebruikt.
5 De geschiedenis van de Echelpoelschranshoeve gaat terug tot de 17 de eeuw, terwijl in de gevel het jaartal 1712 vermeld staat. In deze oorspronkelijk met grachten omgeven boerderij konden de bewoners uit de omgeving in geval van nood hun toevlucht zoeken.
6 Deze landduinen maken deel uit van een duinencomplex dat zich van Nijlen tot Kasterlee uitstrekt. Ze zijn ontstaan door zandverstuiving en zijn van 8 tot 20 m hoog en 70 tot 80 m breed. Zeer typisch is hier de plantengroei die zich heeft aangepast aan deze zandige en erg droge grond.
7 De Onze-Lieve-Vrouwkerk en haar omgeving zijn beschermd als
landschap. De oorsprong van dit kerkgebouw ligt rond 1400. In de eerste helft van de 16de eeuw kreeg de kerk haar huidige uitzicht met het koor en de kruisbeuk in witte zandsteen, al werd ze in 1869 vergroot en in 1925-1929 grondig vernieuwd. Het kerkmeubilair, met bijvoor- beeld de mooie koorbanken van rond 1800 en de kandelaars van rond 1700, dateert hoofdzakelijk uit de 17 de en de 18de eeuw. Het interieur bevat ook een aantal beelden en schilderijen, rouwblazoenen en grafstenen.
8 Van dit omgrachte Bouwelhof (of Schrans van Bouwel), een pachthoeve van het kasteel, werd reeds in 1508 melding gemaakt. De huidige gebouwen dateren uit het midden van de 18de eeuw. Merkwaardig is hier vooral de schaapskooi met de machtige oversteek.
9 Het oude slot van Bouwel, een versterkte hoeve uit de 16de eeuw, kreeg zijn huidige uitzicht, toen het net voor de Franse Revolutie in classicistische stijl werd herbouwd. Het kasteel en de fraaie beukendreef, aangelegd in 1791, zijn beschermd als landschap. In het park bevindt zich ook nog een van de zeldzame ijskelders die de provincie Antwerpen rijk is.
10 Het boswachtershuisje werd in 1854 opgetrokken als woning voor de boswachter van het naburige kasteel Met dank aan vakantiegenoegens, deze wandeling komt uit mijn archief en het zou kunnen dat er veranderingen zijn op het parcour, is dit zo dan graag even een seintje,dank
Het vertrek- en eindpunt van onze wandelroute. In deze historische plaats kon u in de beste omstandigheden de 'Hoegaardse bieren" proeven : de befaamde "Witte", de Hoegaarden Spéciale, de Hoegaardse Das, de Verboden Vrucht, de Julius en de Hoegaarden Grand Cru.
2. Voormalige brouwerij Loriers
Dit is niet de eerste de beste brouwerij. Hier werd het bekende Hougaerdse Das bier geboren dat sinds 1996 opnieuw volgens het origineel recept uit 1931 wordt gebrouwen. Dit imposante gebouw met bijhorende fabrieksschoorsteen dateert uit 1832 en is een mooi voorbeeld van de industriële architectuur uit het midden van de vorige eeuw.
3. Gasthuisstraat
In deze straat treft u al enkele fraaie woningen aan uit de 18e eeuw. Opgelet echter: het huis, waarvan de deuromlijsting het jaartal 1718 draagt, is opgetrokken in 1985 met gerecycleerd materiaal. Dit huis was vroeger de oude cinemazaal van Hoegaarden.
4. Gemeenteplein
Centraal op het gemeenteplein staat het gemeentehuis van Hoegaarden, daterend uit 1834. De meeste andere gebouwen dateren uit de 17de en 18de eeuw en werden recent gerestaureerd, vaak met gerecycleerde materialen uit die periode. Uitzondering is het huis nummer 17 dat ondanks zijn historische allures, pas in 1985 gebouwd werd met herbruikte baksteen en Gobertangesteen. Zoals u ziet worden in Hoegaarden zowel de bouw- als brouwtradities eigenzinnig in ere gehouden. De fraaie muziekkiosk dateert dan weer wel uit 1898.
5. Sint-Gorgoniuskerk
Deze kerk gebouwd tussen 1754 en 1759 in zuivere rococostijl, zal tijdens uw tocht regelmatig als herkenningspunt dienen omdat ze het landschap als het ware beheerst. Het is trouwens de grootste rococokerk van België en in die tijd de trots van de welstellende brouwers : door hun welstand konden ze de kerk in zeer korte tijd laten bouwen.
6. Arendsnest
Dit is de oudste nog bestaande hoeve in Hoegaarden. Het oudste gedeelte dateert uit 1640, de rest werd bijgebouwd in de 18de eeuw. In die periode woonden er verscheidene d orpsgriffiers, allen trouw aan het Oostenrijkse bewind. Vandaar de naam van de hoeve die verwijst naar de keizerlijke adelaar.
7. Voormalig Kapittelhuis en Vlaamse Toontuinen
Het oude kapittelhuis, opgetrokken in de tweede helft van de 18de eeuw heeft een opmerkelijke architectuur. Het zijn echter de "Vlaamse Toontuinen" die de meeste aandacht trekken. Eén voor één zijn het meesterwerkjes rond een bepaald thema, een attractie die het bezoeken meer dan waard is.
8. Pastorij
De huidige pastorij van Hoegaarden (huisnummer 30) was oorspronkelijk een hoeve die in 1748 werd opgetrokken door de brouwer en schepen Carolus van Nerum. Nadat het kapittelhuis tijdens de Franse Revolutie verbeurd werd verklaard en verkocht, werd de boerderij ingericht als pastorij.
9. Onze-Lieve-Vrouw-van-Troostkapel
Dit pittoreske veldkapelletje uit de 18de eeuw, verborgen tussen de bomen, wordt vooral bezocht door mensen met liefdesverdriet. De inwoners van Hoegaarden hoeven er alvast niet naar toe te gaan, hun liefde voor de "Ware Witte" is nog altijd even groot.
10. "In de refugie van de elf duysent maegden"
Waarom deze indrukwekkende hoeve uit 1748 zo heet ? Een ding staat vast : er hebben nooit 11.000 maagden tegelijk gewoond. Naast het jaartal prijkt wel een afbeelding van Sint Ursula, een Britse koningsdochter die volgens de legende samen met 11.000 maagden overzee vluchtte om aan een gedwongen huwelijk te ontsnappen.
11. Cruysblochoeve
Deze grote gesloten vierkantshoeve (Tommestraat nr. 1) dateert eveneens uit de 18de eeuw en illustreert nogmaals de welstand van de boeren-brouwers uit die tijd.
12. Museum " 't Nieuwhuys"
In dit 18de-eeuwse huis bevond zich het Heemkundig Museum. Dit kan je nu bezichtigen in de Tuinen van Hoegaarden
13. Ernest Ourystraat
Het meest imposante gebouw in deze straat is ongetwijfeld de laat 18de-eeuwse rijwoning op de nummers 16 tot 20. Het fronton dateert uit de 19de eeuw en geeft het gebouw een classicistisch karakter. Het meest verrassende huis vindt u op het nummer 13. Dit huis in puur Engelse cottage-stijl geeft een internationaal accentje aan dit Vlaamse brouwersdorp.
14. Vroentestraat
Ze blijven mooi om naar te kijken : de typische woonhuizen opgetrokken uit baksteen en zandsteen, soms bezet met cement en afgewerkt met arduin. Zolang u dit soort huizen tegenkomt, bent u niet verdwaald.
15. Kasteel "des Lilas"
Komt deze villa u bekend voor? Dan heeft u goed naar het etiket van de "Hoegaarden Grand Cru" gekeken, het neusje van de zalm van de meesterbrouwer van Hoegaarden! Aan het einde van het pad ziet u de kleine molen.
16. Onze-Lieve-Vrouw-van-Scherpenheuvelkapel
Deze kapel werd gebouwd in 1835 en moest een verkleind model worden van de basiliek van Scherpenheuvel. In de volksmond wordt deze kapel ook weleens de Marollenkapel genoemd naar het Marollenklooster of voormalige Bogaardenklooster, aan wie de kapel toebehoorde.
17. Sint-Katharinakapel
Deze laatgotische kapel werd in de 16de eeuw vooral bezocht door mensen met een huidziekte die "het rad van Sint-Katharina" genoemd werd. Een ziekte die zowel de mens als het vee kon treffen. De klokkentoren werd er pas in de 17de eeuw bijgebouwd. Met dank aan HOEGAARDEN ( De plaats en het bier)
Ooit van de Islek gehoord? Wees gerust, het ligt niet aan het eind van de wereld, maar in de Duitse Eifel. Met natuurpracht en gastronomie als speerpunten is deze regio bovendien een ideale dichtbijbestemming. Dit groene hart van Europa met zijn rivieren, bossen, burchten en kastelen vormt een schitterend decor voor wandelingen en fietstochten. Islek is bovendien gastronomisch niet te versmaden. Arzfeld, Bitburg en Krautscheid zijn ook geknipt als uitvalsbasis voor excursies. Een kennismaking.
Waar wij een hotelletje hebben gevonden is in Karlshausen,vlak bij Daleiden
Het noemt Zur Karlshausener Muhle, een prachtig gelegen hotel restaurant
Aan de rand van de rivier De Irsen,en ook aan de rand van het immens groot en prachtig natuurgebied De Islek,en het gehucht noemt Falkenauel
Hier hebben we gelogeerd voor een meer dan schappelijke prijs met een rijk gevulde tafel.
Maar nu over naar de wandeling
De wandeling zelf is ongeveer 8 km en je doet er 2,5 a 3 uur over
Die begint bij het hotel en gaat links omhoog richting
Karlshausen.Men volgt de weg tot men aan de linkse kant van de weg een blauw bordje of geverft teken ziet met een witte 7 in.Dat is nu de wandeling die we gaan volgen.De rest kan je makkelijk op het kaartje volgen.
In het dorp Karlshausen is er mogelijkheid tot aankopen in een winkel,geld uit de muur en ook een cafeetje is er te vinden en dan ben je ook half weg
Ik wens iedereen een goed verblijf en een leuke wandeling in dit prachtig natuurgebied
Het adres van ons hotel is noemt Zur Karlshausener Muhle D-54673 Karlshausen
Afstand : 11.5 km Aard van de weg : Verhard,geschikt voor kinderwagens Bewegwijzering : Geen Parkeren : Aan de kerk of aan herberg - restaurant "De Horne" in de Brugstraat De wandeling :
Start deze wandeling bij herberg 'De Home' in de Brugstraat te Vechmaal . Aan de rotonde achter deze oude hoeve stap je rechts de Heurnestraat in. Links zie je hoge bomen en de eerste kasteelhoeve.
Na 500 m bereik je de splitsing van de Hekslaan (links) en de Langstraat (rechts).
Je wandelt rechtsaf tot aan het volgende kruispunt .
Hier ga je naar links (voorzichtig oversteken !) en je volgt de wegwijzers naar Tongeren en Borgloon.
Langs het macadam van deze Monnikenlaan kun je zo'n 300 m het voetpad volgen en daarna wordt het wel even uitkijken.
Na 1,7 km ligt links de prachtige Monnikenhoeve met een reusachtige inrijpoort.
Deze hoeve behoort tot Heks en ligt op een van de hoogste punten van de gemeente in de buurt van de Ster en Zalesberg (121 m).
Na een kijkje bij de poort stap je verder en na zo'n 1,4 km bereik je het kruispunt met een asfaltwegje. Recht voor je staat het kerkje van Bommershoven, een deelgemeente van Borgloon. Je draait hier links het asfalt van de Lod. Lavkistraat (met het bordje 'Vlaanderen fietsroute') in.
Even flink doorstappen nu langs deze unieke holle weg zoals je die alleen nog in Haspengouw aantreft.
Zo'n 3,8 km na de start bereik je het gemeentebordje van Heks. Rechts ligt een bos en achter je een fraai landschap met de spits van het kerkje van Bommershoven. Het gaat nu bergaf.
rechtdoor wandelen met het kasteel bos aan je linkerkant.
Voorbij het kruispunt van deze wegen zie je links de ingang naar het kasteel toe. De Hoogstraat is niet toegankelijk voor wandelaars. Ga verder tot aan het kruispunt en neem daar links de Hekslaan.
Na 400 m kom je aan de kerk met ernaast een gedenkplaat voor jeugdschrijver Lod. Lavki . Wandel tot aan de Molenstraat (rechts), met de kasteelmuur aan je linkerkant.
Om de voorgevel van het kasteel te bekijken moet je nog 200 m verder stappen.
Keer dan op je stappen terug, want je moet rechts de Molenstraat in (met een kapelletje op de hoek).
Daal met de weg mee en je komt na 6,8 km wandelen aan de Henestraat die Horpmaal en Heers verbindt. De weg naar Horpmaal is een holle weg die naar de tumulus of Romeinse grafueuvel van Home leidt. Jij draait echter met de macadamweg mee en kunt dan op een bank rechts even uitblazen.
Op stap maar weer, tussen velden, akkers en beemden in om dan opnieuw links af te draaien. Rechts van de weg (Heurnestraat) staat een bank onder een boom.
Volg je links de Heumestraat mee.
Recht voor je staat de prachtige Sint-Pieterskapel (zie kaderstukje) Van Vechmaal, met banken op het pleintje ervoor en een kwadraathoeve links.
Na een rustpauze volg je rechts het klinkerwegje en 200 m verder ga je weer rechtsaf. Links staat een van de mooiste kwadraathoeven
Draai links de Tongersestraat in. Langs dit macadamwegje zie je rechts een mooie hoeveschuur en weer een kwadraathoeve. Op het land achter de hoeve ligt het Zouwveld, waar in 1989 een badgebouw en een deel van een Romeinse villa werden blootgelegd. Wat verder zie je links beneden een kerkje en een voetbalveld. kom je aan een stukje kasseiweg. Steek voorzichtig de Sint-Martinusstraat over en stap rechtdoor. Rechts op de hoek van het kruispunt staat een hoger gelegen kapelletje. In de omgeving bevinden zich ook de gesloten turf- en mergelgroeven .
Daarna wandel je door een met bomen afgezoomde holle weg en 300 m verder draai je links Henisdael in.
Je komt aan je linkerkant voorbij de kasteelhoeve Hinnisdael met een merkwaardige inrijpoort. In de weide rechts bevindt zich de bron van de Molen- of Herkebeek.
Op het einde van de weg sla je links de Vechmaallaan in. Rechts zie je weer een kwadraathoeve en na 300 m dwars je wederom de Sint-Martinusstraat en je stapt rechtdoor opnieuw de Brugstraat in. Als je zin hebt in een ommetje, kun je rechts de Sint-Martinusstraat nemen. Aan de kerk van Vechmaal neem je links de Peuskensstraat en vervolgens links de Suskensstraat tot aan de Brugstraat. Onderweg kom je voorbij het parochiaal ontmoetingscentrum, een café met de naam van zijn voetbalploeg, de gemeenteschool en de neoclassicistische Sint-Martinuskerk (1840) met de calvarie errond.
Op de hoek van de Brugstraat staan wegwijzers naar herberg 'De Horne' en de Sint-Pieterskapel. Bij je startplaats kun je terecht voor een natje en een droogje. Dat kan een streekbiertje zijn of een stuk Heerse Tattepoem of dikke appeltaart (tarte-aux-pommes), boerengebak gevuld met moes van appelen uit de eigen boomgaarden waaraan rozebotteljam werd toegevoegd.
WEETJES
op de E40 Brussel-Luik neem je uitrit 29 (Waremme) en dan linksaf de weg Oreye- Tongeren (N69); voorbij Oreye linksaf naar Heks en Vechmaal. In Vechmaal aan het eerste kruispunt linksaf naar Sint- Pieterskapel Heurne en herberg 'De Home'. De Walen noemen dit hoekje 'Au passage du Jourdin', naar het bijbelverhaal over de Jordaan, daar er een beekje voor het hoevetje stroomt. De naam Home is wellicht afgeleid van het Germaanse 'hore' (modder) en werd al in archieven uit 1175 aangetroffen. Vanaf 1657 kwam de samenstelling Hom Sint-Peter voor. De naam is tevens afkomstig van de voormalige heerlijkheid Home. Op het grondgebied van Vechmaal bestonden de heerlijkheden Vechmaal, Home en Hinnisdael, die Dionijs van Hinnisdael tussen 1610 en 1616 allemaal in zijn bezit kreeg.
2 Het Monnikenhof of Munckhofin Maaslandse renaissancestijl, een boerderij van zo'n 100 ha groot, werd op het einde van de 12de eeuw gebouwd door de monniken van Graethem voor de cisterciënzerabdij van Villers. De kwadraathoeve werd in 1582 eigendom van het Sint- Lambertuskapittel van Luik (zie beeld op het dak van de stallingen bij de grote inrijpoort). Tijdens de Franse Omwenteling besloeg het goed nog 169 ha, maar daarna werd het zoals de meeste kerkgoederen door de staat verkocht.
3 Achter deze vierkantshoeve, het Manshovenhof, ligt het gelijknamige bos. De hoeve staat op een hoger gelegen plateau bij de Sint-Servaas- berg (90-110 m) op het grondgebied van Borgloon, hoewel de hoeve is georiënteerd naar Heks.
4 De eerste steen van de huidige kerk van Onze-Lieve-Vrouw Ten- hemelopneming werd in juni 1850 gelegd door pastoor Dirix. De kerk werd ingewijd door Mgr. Van Bommel, bisschop van Luik. De vroegere kerk dateerde wellicht reeds van voor 1666 en was toegewijd aan de heilige Aldegonde met de heilige Barbara als patrones. Bezienswaardig zijn: het kerkmeubilair met een preekstoel in Luikse rococo en op het kerkhof een grafkruis uit 1654.
5 Aan het voormalige gemeentehuis naast de kerk werd in 1967 door de Vlaamse Toeristenbond een gedenkplaat onthuld voor Lod. Lavki (pseudoniem van Ludovic Van Winkel). Deze priester-schrijver (1893 Heks-1954 Hasselt) schreef een vijftigtal avontuurlijke jeugdromans. 6 Het kasteel van Heks, een van de mooiste stijlkastelen van België, werd in 1770 gebouwd als zomerverblijf en jachtslot voor een van de laatste prins-bisschoppen van Luik, de kunstzinnige graaf Karel von Velbrück. Het U-vormige, classicistische kasteel met rococodecorum werd opgetrokken in rode baksteen met raamlijsten in kalksteen. Het sobere gebouw heeft als enige versiering een driehoekig fronton met jachtgodin Diana in reliëf. Het kasteel, nu eigendom van gravin d'Ursel, ligt verscholen in het groen van een Engels park en is omringd door een Franse tuin met een vermaarde rozentuin, dit alles omgeven door loofbossen. Sinds 1948 zijn het kasteel met het smaakvolle interieur, de parken, tuinen en bossen beschermd als monument én als landschap. Het kasteel zelfis normaal niet toegankelijk, maar in de zomer worden enkele open-tuindagen georganiseerd. De boerderij bij het kasteel dien- deals decor Voor de film' Adriaan Brouwer'.
7 Deze eerder vervallen hoeve was vroeger eigendom van de patriciërs- familie Bossch (zie wapenschild boven de inrijpoort). De witte hoeve Berloz uit 1743 heeft een bijbehorend kasteeltje en een park. In dit domein werd in 1970 een deel van de film 'Monsieur Hawarden' van de Vlaamse regisseur Harry Kümel opgenomen.
De abdij hoeve laat je achter je liggen, terwijl je ook de vroegere pastorij aan je linkerhand voorbijwandelt.
Trek in de Trapstraat naar 'boven', in de richting van de velden. Na een 400 m kom je op een kruispunt waar je rechts niet naast een huis kunt kijken waartegen een kruisbeeld is aangebracht. Neem echter links.
Deze weg van bijna 1 km lengte leidt je door het Strik- en Kruisveld, vroeger eigendom van de priorij. Links heb je een mooi vergezicht op onder andere Bogaarden en Heikruis.
Rechts probeert het kerkje van Pepingen op te vallen.
Beneden gekomen laat je de 'staande wippen' (2) rechts liggen, tenzij er een wedstrijd bezig is, want dan moet je toch even pauzeren.
Draai dan links naast de muurkapel mee tot op de bredere betonweg: Hoesnaeke heet het hier. Houd links aan tot je zowat 500 m verder nogmaals links een weg vindt die zich 1,2 km door het Pajottenlandse landschap wil kronkelen. Niet alleen mode- en publiciteitsfotografen, maar ook filmploegen hebben hier al menig beeldje geschoten met de imposante en beschermde abdij gebouwen op de achtergrond.
Aan de monumentale maar toch enigszins vervallen boerderij 'Hof ter Kammen' betreed je een grotere weg op het grondgebied van Bogaarden. Ook hier weer naar links, de driesprong voorbij (Kriekelaerestraat), tot je even voorbij de bibliotheek aan je rechterhand een asfaltWeg naar beneden ziet slingeren.
Daal deze Terheugenstraat zo'n 400 m af tot aan een brugje over een niet zo proper beekje en trek nu links weer de glooiende velden in. Meteen ben je halfweg de wandeling.
Na 1 km bereik je door een mooie dreef het kasteel 'Den Dael' (3) dat rond 1650 in Franse stijl werd opgetrokken. Het is omringd door een park met vijvers - uitgewerkt door Le Notre die ook de hovingen van Versailies ontWierp - maar daar merk je hier niet zoveel van.
Terug naar links om 400 m verder een scherpe bocht te maken naar én in de Daelestraat. Die volg je 1 km, tot ze ornhoogkruipt naar een kruispunt.
Ga rechtdoor de Dorekensstraat in. Links in de verte oogt het Terloo-torentje (4) vrediger. Zo'n 600 m verder, op de driesprong, volg je de Hoevestraat die je vrij snel de kerk van Beert openbaart.
Net voor de eerste boerderij links ('De Eik') trekt een bonkige kasseiweg, naast een vijver en tussen de stallingen van het hof, naar het hoogste punt van deze tocht.
Je neemt daar de Kattenholstraat (5), tot je na 300 m naar links zwenkt in de richting van de huizengroep, in de volksmond nogal hautain 'Klein Brussel' (6) gedoopt.
Je wagen vind je van hieruit zeker terug.
Als je het geluk hebt om de abdijkerk (7) open te vinden, wat nietvanzelfsprekend is op een weekdag, ga dan zeker binnen. En een blik door de toegangspoort van de abdij hoeve (8), nog iets verderop in deze doodlopende straat, mag je zeker niet missen.
Het hofbeweken is een moeilijker aangelegenheid.
WEETJES
1 Bellingen bereik je best via de steenweg Halle- Ninove. Even voor het
dorpscentrum van Pepingen (als je uit Halle komt) of erna (als Ninove je vertrekpunt was) staan twee wegwijzers onder elkaar: Hondzocht Bellingen. Terwijl de 'hond' er 2 km over doet om zijn Bellingse bestem- ming te halen, sta jij al na 1,5 km aan de kerk.
2 In de buurt die Wanake wordt genoemd, stond ooit het kasteel van Engelbert van Edingen. Na een geschil met de graaf van Henegouwen kwam hij zich hier op het einde van de 12de eeuw vestigen om, indien nodig, vlug naar het naburige en veiliger Brabant te kunnen overwippen. Engelbert en zijn vrouw werden overigens in Bellingen begraven. 3 Het kasteel 'Den Oael' was ooit de heerlijkheid 'Ledale' en bezat een eigen meier, schepenen en schandpaal. Van de 17 de tot het begin van deze eeuw was het kasteel eigendom van de uit Gent afkomstige familie van Hoobrouck de te Walle. Deze familie leverde niet alleen vele Bellingse burgemeesters af, maar bezat tevens het grootste deel van de gronden van deze gemeente en van Bogaarden.
4 Terloo, een vroegere kasteelhoeve die nu als dorpsschool en klooster dienst doet, bestond reeds in de 13de eeuw als heerlijkheid. Vermoe- delijk was het door een slotgracht omwald en via een dreefverbonden met het kasteel van 'Den OaeI'.
5 Kattenhol, ook Kartenhof genoemd, is het hoogste punt van de gemeente Beert. Tot in 1940 stond hier nog een windmolen van waarop je volgens sommige bronnen vijftien kerktorens kon aanschouwen. Volgens professor Lindemans betekent de naam zoveel als 'gronduitholling bevestigd met paal- en rijswerk'. Op Kattenhol zouden twee secundaire Romeinse heirbanen elkaar hebben ontmoet: enerzijds de verbinding Beert-Saintes-Rebecq en anderzijds de lijn St.-Pieters- Leeuw-Beert-Kester waar aansluiting werd gemaakt met de grotere Bavai-Asse-route.
6 Met de spotnaam Klein Brussel wordt een groep armelijke huizen aangeduid die vroeger Alvereie heette. Alvereie is een Romaans woord dat zijn wortels heeft in albaretum, wat abelenbos betekent.
7 De laat-gotische Onze-Lieve-Vrouwkerk (1619-1623) bevat een
oudere sacristie: de voormalige grafkapel van de Heren van Edingen. Aan de noordkant heeft deze kerk geen vensters, daar tegen deze blinde muur het klooster was aangebouwd. Het ruime koor bewijst dat het klooster ooit dichtbevolkt was. Het meubilair is overwegend classicistisch, terwijl de kansel in rococostijl is. Er hangen ook twee schilderijen van de Antwerpenaar Hubertus Sporckmans die tot de school van Rubens behoorde. Wapenborden en grafzerken - zowel binnen als buiten - verwijzen steeds naar de abdij of naar de bewoners van de omliggende heerlijkheden.
8 De abdij hoeve die samen met de omgeving in 1982 werd beschermd,
was een gedeelte van het klooster dat heel zijn eigendom met hoge muren liet omgeven. De schuur en de stallingen zijn bijna intact gebleven, net als de toegangspoort waarboven het wapen van Cantimpret prijkt. Het geheel is nu eigendom van de niet-onbemiddelde familie De Clerck, die in februari 1992 in het nieuws kwam door de ontVoering van (klein)zoon Anthony.
Wist u dat de Vlaamse volksheld Jan Breydel eigenlijk Van Bellinghen heette? En dat de prachtige abdijhoeve in het Pajotse dorpje Bellingen eigendom is van textielbaron Jan De Clerck?
Met de rug naar de kerk gericht vertrekken we naar rechts en volgen de Vollezelestraat en dit 328 meter tot aan een Twee-sprong links die we in slaan , dit is de Hazelaarswijk. We wandelen nu rechtdoor en dit 209 meter , tot aan een T-splitsing waar we rechts af slaan en wandelen verder de Frankrijkstraat door om na 287 meter links te volgen.Deze weg volgen we 468 meter tot aan een T-splitsing met de Viergatenstraat die we links in slaan.
We volgen de Viergatenstraat 109 meter tot aan de eerste Twee-sprong rechts , daar slaan we in en volgen nu de Schavolliestraat 1019 meter tot aan een T-splitsing , waar we links van ons een kapel waarnemen. We slaan aan de T-splitsing links in en wandelen nu in de Bontestraat , deze straat blijven we volgen over een afstand van 1181 meter tot aan een Twee-sprong links , onderweg komen we nog een kapel aan de rechter zijde tegen.
We blijven de Bontestraat verder volgen en wandelen over de Hollandse Beek heen , na 676 meter komen we aan een kruising met rechts van ons een kapel . Na de kruising wandelen we rechtdoor en volgen nu de Hollandstraat 1023 meter tot aan een Twee-sprong rechts , maar blijven links de Hollandstraat volgen en dit tot aan een T-splitsing na 757 meter.
Aan de T-splitsing staan we in de Peverstraat , we slaan deze straat rechts in en volgen 120 meter tot aan de volgende T-splitsing , waar we in de Goteringenstraatstraat staan die we links in slaan.We volgen deze straat over een afstand van 215 meter tot aan de eerste Twee-sprong links , deze weg slaan we in en volgen 149 meter tot aan een Twee-sprong , die we links in slaan.
Deze straat heet terug de Frankrijkstaat en volgen deze nu tot aan de eerste kruising en dit over een afstand van 1184 meter , waar we rechts de Kasteelstraat in slaan . Na 80 meter slaan we links tussen de huizen een pas geasvalteerde voetweg in om over een afstand van 582 meter in de Pastoriestraat uit te komen , waar we links na enkele meters aan ons vertrekpunt terug uit komen
Deze parochiekerk werd in 1858 opgetrokken in neogotische stijl. Bezienswaardig zijn het met snijwerk versierde altaar, de glasramen, de monumentale kruisweg in 1867 geleverd door de Ninoofse beeldhouwer Jacobs, de schilderijen van E. Van Hove en de prachtige schilderijen van kunstschilder P. De Clercq, daterend van 1860.
Kasteel Van Heetvelde
Kasteel in Brabantse renaissancestijl dat in de volksmond "Het Waterkasteel" genoemd wordt. Het gaat in feite om een oudere waterburcht die in de 17de eeuw gedeeltelijk werd heropgebouwd door Pieter Collins, heer Van Heetvelde. Het kasteel bestaat uit een vierkante donjon (woontoren), een ronde toren, een kapel en een ronde verdedigingstoren aan de westkant. Dit kasteel is niet te bezichtigen.
Vertrek : Aan de voorkant van de basiliek Met de rug naar de ingang van de kerk vertrek je links Afstand : 9 km De weg : Goed begaanbare zand- en asfaltwegen Bewegwijzering : onvoldoende Parking : Achter de basiliek aan het voetbalveld
Bezienswaardigheden Scherpenheuvel
HET ONTSTAAN
Magische Boom
Scherpenheuvel is de meest bezochte bedevaartplaats van België. De oorsprong verdwijnt in de donkere middeleeuwen. Tussen Zichem en Diest op de heuveltop stond een heilige eik in kruisvorm. Een vrome man gaf aan deze eik een christelijke betekenis door er een Mariabeeldje aan te hangen. Vele mensen kwamen hier bidden. De toeloop van het volk begon zeer groot te worden, toen een herder zijn schapen kwam hoeden op de heuvel en het beeldje op de grond zag liggen; wellicht had de wind het van de stam gerukt. Hij nam het op en wilde het mee naar huis nemen, en zie, een ongekende kracht hield de man ter plaatse, juist alsof hij aan de grond genageld was. Door schrik bevangen, begon de schaapherder te bidden, doch het lukte hem niet één voet te verzetten. Ongerust over het wegblijven van zijn knecht, trok de schapenboer erop uit en vond de knaap met het beeldje in de hand op de Scherpe-Heuvel. "Ik wilde", zo sprak de jongen gans terneergeslagenn "het beeldje naar huis brengen om het daar te vereren." "Laat ons liever dat beeld op zijn oude paats terugzetten", sprak de boer en hij plaatste het terug op het kleine voetstuk; onmiddellijk kon de knecht opnieuw vrij bewegen. Tot daar de legende.....
Rond het midden van de zestiende eeuw pelgrimeren de inwoners van het Brabantse Zichem naar de Scherpenheuvel. Het is een wat geïsoleerde heuvel die zich op 3 km van het stadje bevindt. Boven op de heuvel staat een oude eik en daaraan hangt een eenvoudig Mariabeeld. De Zichemnaren wenden zich vooral tot de Madonna om genezing van koortsen af te smeken.
Godfried van Thienwinckel, die in Zichem opgroeide en er ruim een kwarteeuw pastoor was, verklaart dat zijn ouders op de Scherpenheuvel om genezing gingen bidden toen hij als kind erg ziek was.Aan hun gebed schrijft hij zijn voorspoedige genezing toe. Anderen leggen gelijkluidende getuigenissen af. Zo tekent zich een beeld af van een sacrale plaats met een erg lokale achterban.
In die periode maakt Zichem deel uit van de baronie Diest, een betrekkelijk groot leen dat eigendom is van Willem de Zwijger, prins van Oranje. Die band met de leider van de opstand komt het stadje duur te staan. (meer, zie geschiedenis Zichem) .
Alle uitingen van katholicisme worden met harde hand onderdrukt. Zo moet ook het beeldje in de eik eraan geloven. Op een dag is het verdwenen, zonder dat iemand precies weet wat er mee gebeurd is. Het herstel van het Habsburgse gezag in 1583 doet de rust niet weerkeren. De voortdurend heen en weer trekkende legers maken de streek nog lang onveilig. Bovendien slaan de garnizoenen van Diest en Zichem meer dan eens aan het muiten.
In al die verwarring duurt het tot 1587 vooraleer vrome inwoners van Zichem een nieuwe Madonna in de eik plaatsen. Agnes Frederix, een kosteres uit Diest, heeft het beeldje geschonken. Later is wel eens beweerd dat het oorspronkelijke beeld op die manier naar zijn standplaats is teruggekeerd. Dat is erg onwaarschijnlijk. Geen enkele tijdgenoot komt met die bewering voor de dag. Nochtans zou iemand als pastoor Van Thienwinckel het oude Madonnabeeld beslist hebben herkend en zou hij er alle belang bij hebben gehad om dat kenbaar te maken. Het nieuwe beeld wordt immers het voorwerp van een snel aanzwellende devotie.
Basiliek Aanvankelijk was Scherpenheuvel slechts een gehucht van de aloude Brabantse stad Zichem, maar kreeg in 1605 stadsrechten en stadsgrachten en werd zo een zelfstandige stad. Samen met deze stadsrechten kreeg Scherpenheuvel ook zijn specifieke grondplan in de vorm van een zevenpuntige ster met als centrum de basiliek. Dit wijst op het grote belang van de symboliek, waarmee uitdrukking wordt gegeven aan de zeven vreugden en de zeven smarten van Maria.
Met de bouw van deze prachtige barokbasiliek werd in 1609 begonnen onder impuls van de aartshertogen Albrecht en Isabella, volgens plan van de hofarchitect Wenceslas Cobergher. Het gebouw werd voltrokken in 1627, Cobergher liet zich waarschijnlijk inspireren door de Italiaanse barok en wellicht door de Dom van Firenze van architect Brunelleschi die 200 jaar daarvoor gebouwd was om het Pantheon uit het oude Rome te evenaren.
Cobergher kreeg de hulp van de gebroeders Nole, die lid waren van de Sint-Lukasgilde van Antwerpen en die de beeldhouwwerken van de engelen, profeten en evangelisten vervaardigden die het interieur van de kerk sieren. Theodoor van Loon verfraaide de kerk met zijn ingetogen barokschilderijen van mariale taferelen, die in de kranskapellen en boven het altaar hangen.
De koepel is belegd met lood tegen insijpelend water en versierd met 298 zevenpuntige vergulde sterren. Opmerkelijk aan deze koepel is het feit dat er geen lichtopeningen zijn.
De zijkapellen die rond de koepel tot op halve hoogte gebouwd zijn, werden opgetrokken in ijzerzandsteen die in het naburige Langdorp ontgonnen werd.
De vierkante toren, achteraan de koepel, werd opgetrokken in zandsteen en telt vier verdiepingen die een beiaard met 49 klokken huisvest.
Aansluitend op deze toren vinden we de gerestaureerde barokgang, deze gang is een overblijfsel van het Oratorianenklooster dat in 1624 werd gebouw, maar ging grotendeels verloren tijdens woelige de Franse Revolutie.
In de omgeving van de basiliek worden sinds honderden jaren kleine kramen uitgebaat door inwoners van Scherpenheuvel, die objecten van devotie, snoep en prullaria verkopen aan de talrijke bezoekers die jaarlijks weer een bezoekje brengen.
Waterput In de onmiddelijke omgeving van de basiliek kunnen we de waterput bezichtigen. Deze waterput, 42 meter diep, diende vroeger voor de watervoorziening van de bevolking. De put dateert uit 1632 en is grotendeels opgetrokken uit de typische ijzerzandsteen van de streek. Het gebouwtje waar de put zich in bevindt, dateert van 1871-1872. Mariahal
Omdat de capaciteit van de kerk te klein was, werd begin jaren zeventig besloten tot de bouw van een grote hal voor eucharistievieringen, die vooral in de meimaand honderden mensen kan herbergen. De hal werd in 1972 afgewerkt en heeft een capaciteit van 2000 zitplaatsen. Oratorianenklooster & college
De Oratorianen werden in 1574 te Rome gesticht door de H. Philippus Nerius. In 1624 wordt het Oratorium opgericht door aartsbisschop Jacobus Boonen, de eerste overste is pastoor Brouckaert. Rond dezelfde periode begint men ook te bouwen aan het klooster, hetzelfde jaar nog wordt het Oratorium bekrachtigd door Paus Urbanus VIII.
De Oratorianen richtten te Scherpenheuvel in 1656 een Latijns college voor humaniorastudenten op. Dit college was op de plaats waar nu het onthaalcentrum De Pelgrim is gevestigd.
De Barokgang die de laatste jaren gerestaureerd werd, heeft zijn oorsprong in 1660, toen er een verbinding gemaakt werd tussen het klooster en de sacristie van de Basiliek.
In de periode van de Franse Revolutie (1797-1798) werden de vijf laatste paters uit Scherpenheuvel verjaagd , Proost Van Bael kon ontsnappen, de vier overigen werden naar Cayenne in Frans Guyana gedeporteerd, waar zij stierven. De gebouwen ondergingen hetzelfde droeve lot en werden bijna volledig verwoest. Huis Aartshertogen (Gulden Vlies)
'Het Gulden Vlies' werd omstreeks 1600 gebouwd als een afspanning, het is één van de oudste huizen van Scherpenheuvel en werd gebouwd in de Renaissance-stijl, dit in tegenstelling tot de de Basiliek, die opgetrokken werd in de nieuwere Barokstijl.
Deze afspanning of herberg zorgde voor en tijdens de bouw van de Basiliek voor onderdak aan de talrijke medewerkers zoals steenhouwers, schilders enz.
De Aartshertogen Albrecht en Isabella zouden bij hun bezoeken aan Scherpenheuvel gelogeerd hebben in dit prachtige huis.
Ook talrijke gewone bedevaarders die reeds van voor de bouw van de Basiliek naar Scherpenheuvel afzakten hebben decennia lang onderdak gevonden in 'Het Gulden Vlies', één van de talrijke afspanningen die Scherpenheuvel sinds het begin van de 17de eeuw rijk was en die door de eeuwen heen honderdduizenden pelgrims te slapen gelegd hebben.
Volgens bepaalde bronnen zou er vroeger zelfs een onderaardse verbinding gelopen hebben tussen de Basiliek en 'Het Gulden Vlies'.
Onthaalcentrum 'De Pelgrim'
De plaats waar nu 'De Pelgrim' gevestigd is, aan het Isabellaplein, heeft sinds eeuwen een opvoedkundige betekenis gehad.
In 1656 openden de Oratorianen op deze plaats hun Latijns College voor humaniorastudenten.
Na de Franse Revolutie (1797-1798) verdwenen de Oratorianen uit Scherpenheuvel, waarna de Zusters van Liefde deze gebouwen bewoonde tot in 1830.
In 1830 kocht pastoor Lambertz van Tildonk het college en de herberg de 'de Drie Snoeken', waarna de Zusters Ursulinen het gebouw betrokken en er een kostschool openden, het 'Pensionaat der Ursulinen'. Tot 1950 werden alle vakken hier nog in het Frans onderwezen en voor de Tweede Wereldoorlog had men heel wat Engelse, Schotse en Zwitserse leerlingen, zij gingen enkel in de grote vakantie naar huis.
Na de jaren vijftig werd de naam veranderd naar Sinte-Lutgardisluceum, waarna in de jaren 1990 de activiteiten van de school traag maar zeker volledig tot een einde kwamen.
Monografie van Scherpenheuvel
Scherpenheuvel ligt op 50°53° Noorderbreedte en op 4°51' Oosterlengte van Greenwich.
Het grenst: ten Noorden aan Messelbroek en Zichem, ten Oosten aan Kaggevinne en Assent, ten Zuiden aan Kaggevinne, Bekkevoort en Onze-Lieve-Vrouw Tielt, ten Westen aan Rillaar en Messelbroek. Het behoort tot de provincie Vlaams-Brabant, administratief en gerechterlijk arrondissement Leuven, gerechterlijk kanton Diest.
Het is gelegen in het Noorden van het Hageland met een oppervlakte van 682 ha.
De Basiliek ligt op 61 m. boven de zeespiegel.
Het hoogste punt van Scherpenheuvel ligt op de Eggersberg, 77m.
Het laagste punt bij de grens met Rillaar, 25 m.
Het waterpeil van het grondwater ligt op ± 9 m. diep.
Aard van de weg : langs de demer onverhard ,maar meestal goed begaanbaar
Vertrekplaats : aan de kerk van zichem
St.-Eustachiuskerk van Zichem
Zoals de meeste kerken in de Demerstreek is de Sint-Eustachiuskerk van Zichem opgetrokken uit ijzerzandsteen. Dit vroeg-gotische gebouw heeft enkele laat-gotische delen en een ietwat merkwaardig interieur: blinde nissen en kapiteelloze zuilen. Vooraan in het koor, in het midden, pronkt het prachtstuk van de kerk: het oudste glasraam van België. Achter de kerk staan de kruisbeelden voor Zuster Valentina, Zuster Monica en Zuster Hyancinta. Deze drie nonnen speelden een belangrijke rol in het Zichems onderwijs en in het leven van Ernest Claes. Zuster Hyacinta heeft dan ook model gestaan voor "Moeder Cent" in het oeuvre van Claes.
Het is een aangename wandeling die gaat vanuit het dorp van Zichem
Langs de Maagdentoren,daar waar de witte van zichem de held van vlaanderen
Speelde, langs de oude trambedding richting Scherpenheuvel ,terug naar de lager
Gelegen beemden en vijversom tenslotte langs de oevers van de demer
Terug richting Zichem te wandelen
Zichem dankt zijn bekendheid in Vlaanderen aan de nog altijd populaire schrijver Ernest Claes, die in vele romans zijn geboortestreek heeft beschreven. Het hoevetje waar "Nest" op 24 oktober 1885 het levenslicht zag, is nu ingericht als stedelijk museum met een authentiek 19de-eeuws interieur. Het museum en het omliggende landschap zijn erkend als beschermd gebouw en gebied. Al de uitgaven en vertalingen van de werken van Claes vindt u er terug. Zijn meest gerenommeerd boek is ongetwijfeld "De Witte". Het werd gepubliceerd in verschillende talen en haalde tweemaal het witte doek. Vele herinneringen huizen in dit kleine Kempense boerderijtje waarin zich het jeugdleven van de schrijver heeft afgespeeld.
Locatie : Ernest Claesstraat 152, Zichem Openingsuren : Juli en augustus: dinsdag t.e.m. vrijdag: van 13 tot 17 uur zon- en feestdagen: van 13 tot 18 uur
Marktplein van Zichem Zichem was tijdens de middeleeuwen met zijn lakennijverheid een bloeiend stadje. Ook in de 21ste eeuw blijft het bezoekers lokken. Zowel de fervente toerist als cultuurliefhebbers komen aan hun trekken: het aangename dorpsplein met kiosk, diverse restaurantjes, gezellige caféetjes en verschillende bezienswaardigheden liggen op een boogscheut van elkaar. Drie monumenten sieren het plein. Eén met taferelen uit het boek "De Witte", een beeld van Ernest Claes met zijn romanheld op de schouders (opgericht ter ere van de 100ste verjaardag van de schrijver) en het "Oorlogsmonument". Op de markt staat de afspanning "Het Witte Paard". Dat is het oudste huis (1617) van Zichem, dat fungeerde als tolhuis voor het scheepvaartverkeer op de Demer. 200 meter verder kijkt u tegen het 17de - eeuws Oranjekasteel aan. Filip-Willem van Oranje, heer van Zichem, liet dit bouwen op de plaats waar vroeger een waterburcht stond. Deze werd in de 16de eeuw verwoest. Als u de markt afwandelt richting Diest, ziet u op 800 meter "Hoeve Craenenburgh" (17de eeuw), een typisch voorbeeld van een Brabantse hoeve.
De Maagdentoren De Maagdentoren ligt naast de Demer, op wandelafstand van het centrum van Zichem. De "donjon" of middeleeuwse woontoren werd op het einde van de 14de eeuw gebouwd door Reinier II Van Schoonvorst. Het bouwwerk heeft een buitendiameter van 14.80 meter, een muurdikte van 4.10 meter en telt 4 niveau's. Volgens de legende, waaraan de toren zijn naam dankt, werd Rosita, dochter van de Heer van Zichem, verliefd op een eenvoudige soldaat. Dit zinde haar vader niet en hij sloot haar op in de toren samen met twee nonnen. Omdat dochterlief haar trouwplannen weigerde te wijzigen, liet haar vader de drie dames aan elkaar vastbinden en in de Demer gooien. Uit berouw doolde de man 's nachts rond de toren en hoorde voortdurend het geween van zijn dochter. Hierdoor werd hij krankzinnig. De vzw "Red de Maagdentoren" zoekt samen met Erfgoed Vlaanderen en stad Scherpenheuvel-Zichem naar een nieuwe toekomst voor de toren.
Bezienswaardigheden Zichem
Sint-Eustachiuskerk
De oudste vermelding van Zichem dateert van 1134: Sichene. De kerk van Zichem is toegewijd aan Sint- Eustachius en gezellen.
Volgens een akte van 1134 was Meinardus pastoor van Zichem. Er was dus al vroeg een kerkgemeenschap in Zichem. Het huidige kerkgebouwdateert uit de 14de, 15de en 16de eeuw. De kerk werd voltooid in 1557.
Het gebouw is opgetrokken in de typische demergotiek, gebruikmakend van ijzerzandsteen die plaatselijk ontgonnen werd.
Pronkstuk van de kerk is het glasraam, midden vooraan in het koor. Dit glasraam is het oudste van ons land, doch slechts gedeeltelijk oorspronkelijk. Het stelt Christus aan het kruis voor en onderaan vindt men het wapenschild van de schenker, Reinier van Schoonvorst, die het in 1387 in het koor deed plaatsen.
Watermolen
Het huidig gebouw dateert uit 1771 en onderging regelmatig wijzigingen. De 'Grote' molen werd enkele jaren geleden grondig gerestaureerd door de huidige eigenaars.
De molen werd vooral beroemd als decor voor de verfilmingen van 'De Witte', het bekende boek van Ernest Claes. Dit gebeurde reeds in 1934 door Jan Verheyden met Jefke Bruyninckx in de hoofdrol. Later, in 1979, nog eens door Robbe De Hert met Erik Clerckx in de hoofdrol.
De borden aan de muur herinneren nog aan de 'Stuw Zichem'.
Marktplein
Op en langs het marktplein van Zichem vinden we nog enkele prachtige gebouwen en monumenten:
Afspanning Het Witte Paard: dit is het oudste huis van Zichem, daterend uit 1617. In de voorgevel zijn nog enkele kanonsballen te zien, waarschijnlijk achterblijvers uit de woelige Spaanse periode. Dit was een 'tolhuis', waar de tol geïnd werd van de boten die op de Demer voeren.
Monument '100 jaar Ernest Claes', uitgevoerd door de kunstenaar T. Frantzen. Dit monument werd ingehuldigd in 1985 naar aanleiding van de geboorte van Ernest Claes, 100 jaar eerder. Het monument beeldt de schrijver uit die zijn romanheld 'de Witte' op de schouders draagt.
Het 'Wittemonument' werd geschonken door de VTB in 1964 ter gelegenheid van de 100ste uitgave van het boek 'De Witte', geschreven door E. Claes. Er worden 7 taferelen uit het Witte-verhaal afgebeeld. Beeldhouwer van dienst was Dhr. Poels uit Borgerhout