Transcripties van historische documenten uit diverse archieven die met het oude Land van Heyst te maken hebben.
15-03-2026
Hendrik en Hubrecht vander Nuwermoelen, zonen van Mathijs en Katelijne Tucbake, komen tot verdeling van de erfenis van hun ouders. 1496.
Stadsarchief Mechelen, Schepenregisters, SR 109, f°70v-71r
9 april 1496
Bovenaan de pagina: Tertia die mensis Aprilis Anno xcvj° fuit pascha
<Nuwermoelen>
Mol, Hulst.
Heinrick ende Hubrecht vander Nuwermoelen / wettige kynderen van wylen Mathys vander Nuwermoelen, ende van wylen / Kathelinen Tucbake synder huysvrouwen, hebben opembaerlic voer ons bekent / dat sy by tusschen sprekene, wille, ende goeden onderwyse van haeren momboren / mynliken ende vriendeliken, gescheyden ende gedeylt hebben, alle de haeffelike / erffelike ende omberuerlike goeden, bynnen ende buyten der stad ende vryheyt / van Mechelen, wesende ende gelegen, die henlieden byder doot van haeren / voerscrevene vader ende moeder, gebleven, toecomen ende verstorven syn <ende die haere voorscrevene / momboren met na haerer ouderen / doot, henlieden met / haeren penninghen / gecocht ende gecregen / hebben> Inder / vuegen ende manieren, hier naer volgende ende verclaert.
Alsoe dat byder crachte / van dier deylingen ende scheydingen, de voergeseyde Heinrick vander Nuwermoelen / voer syn deel ende part der voerscreven goeden, hebben, houden ende besitten sal, / tgene dat hier naer volght.
Ierst, een huys metten hove, lande, / bossche, bemde, ende allen anderen sinen toebehoerten, alsoe de voerscreven wylen / Mathys, syn vader, dat bynnen sinen leven, besat, gelegen op Zellaer,/ byder Boenheyden;
Item eenen beempt, gelegen achter den Pas, tusschen / Marien van Papenbroeck erve, aende drie zyden, ende de Boeymere, / aende vierde zyde;
Item een pond ouder groeten turnoysen, erffeliker / renten, opte stad van Mechelen ;
Item driendertich scellinge, twee / penningen, ende sesse myten Brabants gelts, erffelic chys, op zekere goeden / Henricken vander Loe toehoerende, tot Heyst gelegen ;
Item twintich/ scellinge groeten oic Brabants, erffelix chys, op een huys met sinen toebehoerten / inde Vetterstrate gelegen, toehoerende, Henricken int Moeleken ;
Item de helft van eenen bossche, geheeten den Bogaert, met sinen/ toebehoerten, gelegen onder Heyst ;
Item van tvierendeel van eenen / cleynen bossche tot Leest gelegen, daer af dandere drie vierendeelen / toehoeren Jan Boom cousmaker;
Item vyf veertelen rogs erfpachts/ op zeker erve tot Putte gelegen, Cornelis de Wytte toehoerende; /
Item twee veertelen rogs erfpachts, op zeker goet, Jan Stampaert / toehoerende, gelegen tot Heyst ;
Item twee veertelen rogs erfpachts/ op zekere goeden, Godevaert de Neve toehoerende, oic tot Heyst gelegen ; /
Item twee veertelen rogs erfpachts, op zekere goeden, tot Heyst oic / gelegen, der weduen van wylen Gielis van Gestelle toehoerende; /
Ende twee veertelen rogs erfpachts, op zekere goeden aldaer oic gelegen / toebehoerende Wouteren Goessens.
Ende dat opten last van chyse ende anderen / commer uut allen {?den? voerscreven deele} der voerscreven goeden jaerlix gaende.
Ende dat de voergeseyde / Hubrecht vander Nuwermoelen, byder crachte vander voerscreven deylingen / ende scheydingen oic hebben, houden ende besitten sal voir syn deel ende paert / der voerscreven goeden
Ierst dander helft vanden voerscreven bossche, den Bogaert / geheeten, onder Heyst gelegen ;
Item tvierendeel van eender hoeven, met / allen haeren toebehoerten, tot Bersele gelegen, daer af, deen helft / toehoert, meesteren Heinrick Tucbake, ende dander twee achtstedeelen / Janne Tucbake, ende Heinricken Scaerlaken;
Item sessendertich scellinge / groete, Brabants gelts, erffeliker renten opte voerscreven stad van Mechelen ;/
Item sessentwintich scellinge ende acht / penninge groete, Brabants erffelix chys, op zekere pande tot Heyst gelegen, / Janne Wynrix toehoerende;
Item eenentwintich scellinge, sesse penninge, / ende achtien myten, Brabants gelts, {erffelicx chys} op een huys met sinen toebehoerten / Janne vander Moelen toehoerende inden Vettersham byde Heynmeysbrugge / gelegen ;
Item seventhien scellinge, ende sesse penninge groete oic brabants / erffelix chys op drie cleyne huysen, met haeren toebehoerten {daer by gelegen} den selven / Janne vander Moelen {oic} toehoerende,
Item eenendertich scellinge / der voerscreven groeten Brabants, oic erffelic chys, op eenen wygaert toe behoerende / Janne Lymmaer, gelegen buyten Sinte Kathelinen poerten byder Hoebergen;
Item eenen beempt / geheeten Vernyen beempt met synen toebehoerten, tot Heyst gelegen ;
Item/ eenen bosch met sinen toebehoerten, geheeten Dleerken oic tot Heyst gelegen ; /
Item eenen bosch met sinen toebehoerten, geheeten Blaeuverwers / bosch, gelegen tot Werft onder Heyst;
Item tvierendeel van eenen bossche / geheeten de Reehage, gelegen inden Scryeck aenden draeyboom;
Item tvierendeel van eenen bossche, geheeten tHoefken, gelegen oic / onder Heyst;
Item dachtstedeel van eenen bossche, geheeten de Myle, oic onder Bersele gelegen;
Item twee veertelen rogs erfpachts, op / Matheus Gheens goet tot Heyst gelegen ;
Item anderhalve veertele / rogs erfpachts, op Martens de Smet goet, oic tot Heyst gelegen;
Ende/ anderhalve veertele rogs oic erffpachts, op Peter Comans goet, gelegen / ter Boenheyden.
Oic opten chys ende commer, uut sinen deele van allen sinen voerscreven goeden jaerlix gaende.
Welke scheydinge ende deylinge der voergeseyde goeden / hebben de voergeseyde Heinrick ende Hubrecht vander Nuwermoelen, gebroederen / gelooft voir hen haer hoir ende nacomelingen, te houden eeuwelic vast / gestentich, onverbrekelic ende van goeder weerden, ende daer tegens nemmermeer / te doen, te seggen, oft te comen, oft by anderen doen seggen, oft comen in / gheender manieren, alle argelist uutgescheyden.