Toen ik een heel klein ventje was
Gingen wij op stap met de klas,
Doel:het ontdekken der natuur,
Liefst naar een bos in de buurt.
Zoeken naar paddestoelen niet groot
Waren toen te vinden in wit en rood,
Op school had de juf veel verteld ,
Dat kaboutertjes op privé zijn gesteld
Wij waren stil en toch niet te vinden,
En dan die boze wolf die at kinderen,
Eenmaal hebben wij in de verte gezien
Sneeuwwitje en een dwerg of tien.
Voor de rest was het bladeren zoeken,
Zoals de voorbeelden in de boeken,
De verschillende bomen en bloemen
Wat er zo allemaal in’t bos kan groeien.
We mochten er spelen, eten, stoeien
Alles ontdekken wat stond te bloeien
Het bos konden wij zelf wel kiezen,
De bossen hadden niets te verliezen.
Nu wij met kinderen en kleinkinderen,
Wandelend het de richting bosjes gaat,
Moet ik alles vertellen of verzinnen,
Nu er” privé verboden ingang staat”.
De kaboutertjes zijn al lang verdwenen,
T zijn nu smurfen die je hoort wenen,
Wolven zijn er ook al lang niet meer
Gevaar is nu gargamel met zijn geweer!
En het bos, gesloten t is jacht, Meneer…….
Jasper
