Naar de inhoud

'een heel jaar maart?'

schrijfvloer 02 ~ afgerond, klaar
seniorennet.beseniorennet.be

Archief

722. beschouwelijk

Het ware te wensen
dat alle mensen
met hun gebreken
zich zelf eens bekeken,
dan zouden ze het praten
van anderen wel laten.
Laat hebben, laat vloeien,

dat ieder zich met zijn eigen bemoeie.
En die wat weet van mij
of van de mijnen,
ga naar huis en bezie
dan de zijnen.
En zijn die van gebreke vrij,
dán staan ze verre boven mij.
 

Het rijmsel doet me denken aan het soort verzen dat we in de lagere school moesten leren.
'k Ben gaan zoeken op het Net en er wordt geen auteur vermeld.
De eerste lijnen van het gedicht hebben wel carrière gemaakt als spreuk op gebakken tegeltjes.
't Net staat er vol van. Hangt heel Nederland dan vol met dat soort tegeltjes?

Ook geeft men op verschillende sites en blogs de naam of de initialen van de inzender.
Maar over de auteur niks, nog niet gevonden. 
Misschien had ik wat verder moeten speuren, maar daar heb ik nu efkes geen tijd voor.
Als iemand anders het wil doen, verder het Net omspitten, graag ! Alle hulp is welkom. 

Het doet me denken aan die oude gedichtjes, in de stijl van de Rederijkers, die van 'in ’t vroede'
In die werkjes moest een wijze, vroede, stichtende gedachte in zitten,
de strekking met ernstige en moraliserende gedichten.
Eigenlijk waren die dingen opvoedkunde op rijm. Nogal belerend feitelijk,
zoals later ook de moraliserende dominee-poëzie dat was.
Zoals 'Jantje zag eens pruimen hangen'. Dat werd ook geschreven met een bedoeling.  

Maar binnen die manier van werken blijkt er ook de ironische aanpak ?
Deze auteur maakt op het einde van zijn vers zogezegd een buiging voor
de mensen die menen dat zij zichzelf niets te verwijten hebben.

        en zijn die van gebreken vrij
         dan staan zij verre boven mij

Dat is ironie volgens mij, daarom weet ik niet ik of het gedicht past in een van de Rederijkers categorieën.
Een kinderversje is het zeker niet, daarvoor is het te beschouwelijk. 

Ooit hoop ik de naam van die auteur nog te vinden,
want ik zou graag meer weten over hem of haar. 

m – EZW-08/2014, bijgewerkt - https://nl.wikipedia.org/wiki/Rederijker#Poëzie , https://nl.wikipedia.org/wiki/Hieronymus_van_Alphen ,

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

721. droge koude

gevriesdroogd of drooggevroren ?

Eerst was er stilte. Elk zat in eigen gedachten verzonken.
De trein reed door de coulissen van de samenleving
en daar valt heel veel te bekijken en te overdenken.

Er zijn de keurige tuinen, met een veranda tegen het huis.
Alles piekfijn. De grassprieten staan er in het gelid.

Er zijn de levendige tuinen, waar een driewielertje op het terras staat
en een stoel omgewaaid ligt
en onder een deksel zit een zandbakje te overwinteren.

En dan zijn er de puzzelterreinen.
Dat zijn de gronden met de befaamde Belgische koterijen.
Zulke terreinen sporen aan tot raden en verzinnen en saga's fantaseren.
Er zit een gedeelte moestuin bij, met een paadje van betonplaten in het midden.
Sommige paadjes hebben erlangs nog de betonnen wasdraadpalen staan.

De onverzettelijken, de echten, de low-tech-fundamentalisten
drogen nog altijd de was op de draad, los in de wind, de gratis droger.
En het wasgoed ruikt dan zo fris hé.

Die dag vroor het en er was geen zuchtje wind.
De was hing loodrecht naar beneden, als versteven.
Was de was bevroren?

- Als was in de vrieskou ophangt, 
  is die dan drooggevroren of gevriesdroogd ?
- Gevriesdroogd, want eerst vriest het en dan droogt hij.
- Zou iemand natte was gaan ophangen in de vrieskou, denkt ge?
  Da's dan koud aan de handen hoor, natte was …
- Misschien hebben ze de was gisteren opgehangen.
- En vannacht pas is het beginnen vriezen.
- Ja.
- Dan is hij drooggevroren, niet gevriesdroogd.

Het was een academische kwestie aan het worden.
Ze zwegen en dachten na en keken naar buiten.
Af en toe kwam nog eens wasgoed langs.

- Weet ge, ik denk niet dat hij droogt.
- Ik ook niet, hij bevriest alleen maar.
- En binnen ontdooit hij weer.
- Ja.
- En dan is hij niet droog.
- Nee.

De wereld was weer in harmonie
en zo ook draaiden de wielen.

m – HiH-01/2017, ongewijzigd -

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

720. de aha-erlebnis

wanneer een lichtje gaat branden    

Wanneer iets plots duidelijk wordt, ooit heb ik daar eens een beschrijving van gelezen.
De blik staart, de ogen gaan half dicht, er is een moment van hersenstilte
(er wordt niet gedacht of nagedacht) en plots verheldert het gelaat. Aha! zeggen de ogen.

Lang geleden, het meisje is nu 46 jaar geworden,
verwarde Toppié het woord andere met het woord blauwe.
Wanneer ze 'andere' bedoelde, zei ze 'blauwe'.
- Wilt ge een pannenkoek of een wafel, Toppiéke?
- De blauwe.
Pannenkoek dus, dat eerste, dat andere. Wij snapten het,
maar ze moest ook elders verstaanbaar zijn met haar blauwe.


Misschien als ze de namen van de kleuren leerde,
zou ze vanzelf het woord blauw in de juiste context gaan gebruiken.
Want het kind was schrander genoeg, ze was enkel efkes misleid door dat 'andere = blauwe'.
Ik nam een blad papier en wasco stiftjes en zei dat het papier wit was.
Ze zette er een paar strepen op, ziezo, en ze keek mij aan
of ze me een groot plezier gedaan had. Waarschijnlijk had ze begrepen dat het papier leeg was.

Wit = leeg? Een tweede begripsverwarring konden we missen,
we hadden eerst die andere weg te werken, die blauwe.
En de kleuren opsommen van de wasco leek ook geen vat te hebben op haar denkmachientje.

Als ik nu eens veel dingen van dezelfde kleur bijeen bracht,
dan werd het misschien duidelijk dat het over de kleur ging
en niet over een andere eigenschap van gelijk welk ding.
Kleine prutsen in kleur, dingen die op tafel kunnen gelegd worden.

In de knopendoos (4 generaties knopen) lag kleur,
bij de pionnen van mens-erger-je-niet hadden we de basiskleuren, plus groen.
Vier van de wasco's mochten weer meedoen. En plastic wasknijpers.
En legoblokjes in allerlei vormen en basiskleuren. En de grote houten kralen.
Geel was de moeilijkste kleur. Kleine gele dingen vinden …
gelukkig zaten er voldoende gele knopen in de knopendoos.
Ergens rond WOII moet geel in de mode geweest zijn.

En toen kwam ik in de speelgoedbak de zandvormkes tegen.
In de vier kleuren. 'k Was gered.
Ik nam vier vormkes en zette ze op tafel.
Rond het groene legde ik alle groene spulletjes,
De gele dingen kwamen rond het geel vormke,
de rode frutsels rond het rood potteke en
alle blauwe dingetjes rond het blauw.

Toppié zag me doen en ik zag haar denken welk spel dit kon zijn.
'k Had haar aandacht, dat was al iets.

Traag legde ik in elk vormpje 1 ding
- Groen-bij-groen … geel-bij-geel … rood-bij-rood … blauw-bij-blauw.
  Nu Toppiéke.

Haar blik ging op oneindig, haar ogen gingen half toe … stilte …
En toen gingen de oogjes weer open : aha! zó zit het spel ineen!
Het was alsof ik tot in haar denkmachientje kon kijken.
Ze heeft het vast, ze snapt het, ze heeft het begrepen!
'k Had zin om te juichen en hield tegelijk mijn adem in.

- Zo-bij-zo, zo-bij-zo, zo-bij-zo, zo-bij-zo … ratelde ze.
Klaar! Schrander genoeg, 'k zei het toch. Nu nog de namen van de kleuren.
Ik roefelde de resterende spulletjes door elkaar.
- Dit is een groene, de groene bij de groene.
  De rode?
- Pij te rote …

Ze deed en zei vlotjes wat van haar verwacht werd, zonder te aarzelen bij het woord blauwe.
We hebben het spel nog één keer gespeeld en toen vond ze het genoeg, het was tijd voor iets anders.
's Avonds hebben we nog een optreden gedaan voor Tina.
Het was een echte voorstelling, met applaus en gelukwensen en kusjes voor Toppiéke.

Mijn dag was goed. 'k Had die namiddag in dat klein brein
een lichtje zien geboren worden. Dat is een memorabel moment hoor.

m – HiH-09/2016, bijgewerkt - https://nl.wikipedia.org/wiki/Aha-erlebnis,  

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

719. quasi tegendraads

            Liefde maakt het leven lichter. Niet licht. Wel lichter.
        Daaraan dacht ik toen ik dit stukje las over
        een gewoon klein momentje tussen twee gewone mensen.

het licht van zijn leven

Ze keek naar hem met de milde ironie van een vrouw die haar man oud ziet worden en hem liefheeft.

- Louis, uw das …
- Och, deed hij onverschillig.
Maar ze nam hem bij de jaskraag, draaide hem langzaam een halve slag zodat hij keurig voor haar stond
en stropte dan met een vloeiend gebaar de blauwe das weer netjes rond zijn nek.
- Allez! deed hij, quasi tegendraads.

Toen zag ze dat zijn veters weer te ver uit zijn schoenen hingen.
Hij zag het ook, maar omdat hij zo’n ronde buik had, kon hij er niet zo vlug bij.
Zij stond al gebukt en knoopte een paar onwederroepelijke strikken.
Met een wijsvinger veegde ze terloops een spatje van zijn blinkende schoenen.

Toen ze zich oprichtte
nam hij haar  gelaat tussen zijn handen en drukte zachtjes een kus tussen haar ogen.
- Zot …, zei ze stil.

m – HiH-09/2016, bijgewerkt - van 'Paar' van Gaston Durnez, 1987, https://nl.wikipedia.org/wiki/Gaston_Durnez

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

718. vervolgontmoeting

een gemiste vriendschap? 

In de lente van '76 stond ik op Zaventem 
in de aankomsthal te wachten op een vliegtuig uit New York. 
Nagelbijtend. En in de andere hand welkomst-bloemen.

De luchthaven zag er toen nog helemaal anders uit en er hingen nog geen monitoren.
We moesten het doen met zo'n ratelend lamellenbord.
Dat ging goed hoor : door het geratel werden we eraan herinnerd
dat we nog eens op het bord moesten kijken.
Was er nieuw nieuws? Want het vliegtuig had vertraging.
Eerst drie uur, dan ineens maar twee uur ...  er kwam schot in de zaak!
Uiteindelijk zijn het  6 uren geworden. Zés.
Na verloop van tijd stopt een mens vanzelf met nagelbijten.
En de bloemen trokken ook op niks meer.

'k Was in gesprek geraakt met iemand van mijn leeftijd.
Zij moest ook die zes uren zien door te komen en ook met de cash die ze op zak had.

Bankcontact bestond nog niet. Eten en drinken? We zien wel. 

Wachten maakt murw. Uiteindelijk zaten we op de grond, de benen languit
en de bloemen lagen al ergens buiten mijn gezichtsveld.
Teveel roken (dat mocht toen nog)
te weinig drinken (wisten wij veel van hydrateren)
en niet eten.
En dan dat wachten. Niks actie. En weinig  focus want lectuur hadden we ook niet bij.
Na een tijdje geraakt men in een vreemd soort tijdsinterval. Compleet onwerkelijk.

We hebben mekaar dingen verteld waarover ik zelfs nog niet
met mijn naaste dierbaren gesproken had en ook niet van plan was  zulks te doen.
Zoveel dingen worden existentieel wanneer men
24 is, zes uur moet wachten en niks om handen heeft. Zes uren vacuum.

En toen kwamen onze reizigers toe en hadden wij mekaar niet meer nodig.
Zouden we wel afscheid genomen hebben?

Drie dagen later zat ik op de tram ter hoogte van de Beurs (Brussel),
toen nog bovengronds (de tram), en iets verderop zag ik een bekend gezicht staan.
'k Glimlachte wat vaagjes, omdat ik niet wist wie, van waar, of hoe.
"New York" lipte ze, en ik wist het weer.
'k Zat te ver af en een gesprek was gelukkig onmogelijk.
Het was niet de bedoeling dat de gedachtewisseling van uren een vervolg zou hebben, hoe kort ook.

Nog eens drie dagen later zag ik haar zitten in de Villon,
aan het kerkhof van Elsene, de andere kant van de stad,
toen een nogal spooky rondpunt, zelfs op dagen dat het langer licht bleef.

Twee toevallige vervolg-ontmoetingen in één week tijd?
Dat vond ik bizar genoeg, en ik koos voor een strategische aftocht.

Dat alles is vandaag 43 jaar geleden.
Heel af en toe vraag ik me af hoe het verder zou gegaan zijn
als ik die avond in de Villon toch naar haar was toegestapt. 
We waren allebei in gezelschap, we hadden het zeer kort kunnen houden. 
Óf we hadden de tafels bijeen kunnen schuiven ...

Misschien ben ik daar de vriendschap van mijn leven misgelopen.

m - EZW-08/2011, HiH 11/2015, 09/2016, bijgewerkt - 

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

717. er weze licht

1996, Jurong

Elektrieker is het oudste beroep van de wereld.
Toen ene god aan zijn schepping begon zei hij: er weze licht. En er was licht, volgens Genesis 1:3.
Maar wie heeft daarvoor gezorgd? Wie was er al tijden kabels aan het trekken? Juist ja.
Men kan een opperwezen toch niet in de donkerte laten sukkelen hé. 't Zou er lief uitgezien hebben.

-----

In '96  lag het schip op anker voor Jurong (de westkant van Singapore Island) en
LM  & ik stonden 's avonds samen met de scheepselektrieker Nicola (Kroaat)
te wachten op het taxibootje dat ons naar de wal zou brengen voor een avondje uit.
Het regende al een tijdje.
't Was zo'n tropische stortbui waar een mens binnen de 30 seconden doorweekt van is.
En we moesten de gangway nog af.

Om onze voorpret helemáál te bederven begon het nog te bliksemen ook.
Van die horizontale, rennende bliksems.
Monumentale lichtspoken die rakelings  over de buildings heen-&-weer scheerden
met vlak daarop langgerekte krakende donders.
En dat bleef zich herhalen, en dat minderde niet.

- Oh-Oh! Master-Electrician angry! zei Nicola en zeer onder de indruk sloeg hij een kruis.

Toen het bootje er was hield het op het met bliksemen, de regen nam af, en stopte ook
en wij geraakten relatief droog het deck over en de gangway af tot in het bootje.
Het is droog gebleven tot we goed en wel in het restaurant op Jurong-Pier zaten, met open kijk op het spektakel.
Want er brak weer een indrukwekkend klank-en-lichtspel los, zo een waar een mens stil van wordt.

- Super-Electrician, knikte Nicola, wetend.

Wanneer we later op de avond terug naar boord gingen was alles weer kalm,
we hoorden enkel het klotsen van het water. We zijn droog de gangway opgeraakt.
We zijn veilig het kasteel binnen geraakt. We konden rustig gaan slapen.
Allemaal dank zij die kleine scheepselektrieker die
de juiste eretitels had gebruikt voor zijn Grote Elektrieker daarboven.

m – EZW-08/2011, HiH 12/2014, HiH-09/2016, bijgewerkt -

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

716. buurman Jan

goed nabuurschap ~ van zijn blog geplukt 

                        Als het even kan,
                   dan spring ik binnen
                   bij mijn goede buurman Jan.
                   Hij is niet zo goed ter been
                   en Jan, ja hij is vaak alleen.

                   Ik zie aan Jan zijn lach
                   dat hij me gaarne mag.
                   "Blijf maar zitten", zeg ik dan
                   "Blijf maar zitten Jan"
                   Bij hem staat de koffie altijd klaar
                   en koekjes van speculaas, zomaar.

                   Dat jij nog lang mag leven, Jan!
                   Want soms voel ik mij ook alleen.
                   Dan spring ik even binnen, als het kan
                   bij mijn goede buurman Jan.

                                  MajuMau 09/2006  

De reden waarom ik bovenstaande lijnen hier plak : ik vind het een enorm sprekend gedicht.
De koffie en speculaas altijd klaar, zomaar.  
Niet omdat iemand verwacht wordt, maar in de hoop dat er iemand langskomt.
Voor mij gaat er een enorme tristesse uit van die twee lijnen. (lijn 10 & 11)
En dan lijn 13, die vertelt alles : 'want soms voel ik mij ook alleen'.

In drie strofen een hele film vertellen, wie kan dat ? Hij kan dat.
En het naturel waarmee dat alles verteld wordt, haast terloops, vind ik meesterlijk.

Oké. 'k Ben het gedicht aan het kapot-redeneren. Vergeet mijn interpretatie en lees het nog eens.

m – HiH-09/2016, bijgewerkt - 

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

715. twéé moeiallen ?

contact met het verleden 

Eigenlijk heb ik nog nooit iemand van vroeger aangeschreven, gebeld of daadwerkelijk opgezocht.
Een beetje Googlen, dat wel. Maar daar blijft het bij. Geen Feesboek of ander gedoe.
Terug contact op te nemen met het verleden vind ik voor mezelf niet nodig.
De twee keren dat ik per mail contact met mensen van vroeger had
is dat zelfs teleurstellend afgelopen.

Het eerste contact was er doordat mijn mailadres via een rouwregister
terecht gekomen was bij de broer van de overledene (toen 56j, een jeugdvriendin).
Vermits het om een rouwregister ging vond ik het vanzelfsprekend dat ik
me onder mijn eigen naam zou aanmelden en natuurlijk ook onder eigen naam zou tekenen.
Die broer wou blijkbaar de draad terug opnemen, maar zijn tweede en derde mail
stonden alweer zo vol dikdoenerij dat ik de communicatie laten uitdoven heb.

Het tweede contact was nogal verbazend. Plots kreeg ik mails van een koppel jeugdvrienden
die nu ergens een plantage houden en die af en toe hun ervaringen wilden meedelen.
Het was geen blog, het was een soortement automatisch doorsturen van nieuwsbrieven,
zonder de mogelijkheid om uit te schrijven. Vreemd was dat. 

De eerste mails waren interessant tot ik neerbuigende opmerkingen tegenover de lezer begon te merken.
Zo stond er eens : 'de naam van de waterval schrijf ik niet want jullie onthouden dat toch niet'.
Mag de lezer daar zelf over beslissen, over wat onthouden wordt en wat niet ?
Die waterval kon dus niet opgezocht worden.
De relazen waren opgesteld in een barokke taal, met onnodig veel details, en met een
haast dwangmatig gebruik van bijvoeglijke naamwoorden, alsof de lezer niet zelf een voorstellingsvermogen heeft. 
Dat, samen met flink wat manklopende vergelijkingen, maakte dat ik al schele hoofdpijn kreeg
nog voor ik een tweede alinea uit gelezen had. 

'k Heb toen gevraagd hoe ik me kon uitschrijven (zonder verdere uitleg te geven) en de mails hielden vanzelf op.

In die periode vertelde ik de tweede helft van dat mail-verhaal bij mijn zus Tina aan tafel
en ik zei erbij dat het toch vreemd was dat die twee ginder mijn adres hadden.
Waarop Tina zeer opgetogen vertelde dat zij hen dat bezorgd had.
Waarop ik een eh, gedachtewisseling had met Tina. 

Dat doorgeven van privé-gegevens heeft ze van Ma. Die heeft het ooit bestaan mijn woonadres
door te geven aan de oudleerlingenbond van de nonnenschool.
Gewoon omdat de oudleerlingenbond dat per post op het ouderlijk adres gevraagd had
had Ma geantwoord. Louter en alleen omdat die school het vroeg. Een school waar we nota bene ...
Wat ik daarvan vond, van haar mak & gedwee gedoe heb ik toen met handen en voeten moeten uitleggen.

Later heeft ze op de boekenbeurs nog twee keer mijn telefoonnummer doorgegeven aan iemand
gewoon omdat daarnaar gevraagd werd. Een telefoonnummer is immers geen adres, was haar redenering. 
Nee? Een telefoonnummer is nog veel intrusiever dan een adres volgens mij.
Wéér hartige woorden.
Het is haar niet meer 'overkomen'.

Wanneer ik contact wil opnemen met het verleden, zal ik dat zelf wel doen.
Zonder de moeialle bereidwilligheid van buitenaf, van Ma of van Tina.
Laura doet zulke dingen toch niet ?!

m – EZW-10/2011, HiH-09/2016, bijgewerkt - 

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

714. boom die sprak

          om te vergroten, klik op bijlage ~  de troostboom spreekt 
          
          Amai P2, dat gedicht is iets moois. En het kan dienen voor mensen van 4 tot 104.

                             “neem een blaadje van mij mee”

Dat klinkt echt als de warme woorden van een wijze boom.
Met een blaadje kan men geen tranen drogen
en bij een huilbui kan men er ook al niet in snuiten,
maar er gaat wel een enorme troost uit van het gebaar.

                   “neem een blaadje van mij mee” zegt de boom.

"Ge zult het zelf moeten rapen of plukken, want ik kan het u niet aanreiken,
daarvoor zijn onze werelden te verschillend, maar neem. Neem gerust. Neem veel.
Want dat is het enige dat ik kan bieden, een plaatsje en blaadjes van troost."
Zo genereus is een boom.

Dit is een persoonlijke interpretatie natuurlijk.

Magnifiek gevonden. 'k Ben op zoek gegaan naar
die wondere Threes S. Wetting, en hieronder een resultaatje.
Voor de tekst over haarzelf, voldoende scrollen, tot voorbij alle gedichten :
 

http://www.nopapers.nl/DiZijn/wie/lit/auteur/ThreesWetting/ 

m – HiH-09/2016, bijgewerkt - 

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

713. een zielige smoes

andermans vriendschap als goedkope smoes 

 '… moeten bannen. Twee verwittigingen gegeven en toch nog zijn pingpongballen aan vegen, …'

Dat bannen getuigt van daadkracht.
Voor zo'n kordaat en rechtlijnig beleid, mijn oprechte achting en waardering.
Want het andere bestaat ook. Hier het verhaal :

Door laks beleid ivm met stoorzenders die hun gang konden blijven gaan en bléven gaan,
heb ik een florissante groep compleet zien verworden.
Zoiets van nabij meemaken is niet mooi om zien en doet pijn. En zoiets blijft bij.
Zowel het verworden van die groep als het pertinent weigeren van de verantwoordelijke om in te grijpen.

In 't zeer kort :
Ivm de dwarsliggers was na drie jaar het geduld van de meeste mensen op.
De leden hadden regelmatig gemeld dat het genoeg geweest was met die stoorzenders
-het waren er twee, elk op een andere manier- en dat er moest ingegrepen worden.

Maar ongeacht hoeveel mensen aangaven dat er iets moest gebeuren, de verantwoordelijke deed niks.
In tegendeel, hij voerde redenen aan om niét in te grijpen. Redenen waren het eigenlijk niet,
het waren vooral zwakke smoezen die niet ter zake deden, onder andere
dat een sympathisante van een van die stoorzenders de moeder was van de beste vriendin van zijn dochter.

Hallo? Wa-blieft ?

Dit was geen beleid, dit was ouwemannepraat van de verantwoordelijke die
verondersteld werd de teugels in handen te houden!

Zich verschuilen achter een vriendschap tussen twee dochters om niet te moeten ingrijpen in een gemeenschap
waarvan die twee vriendinnen geeneens deel uitmaakten … ?
Een vriendschap ergens waar ze van geen tel is, gebruiken als smoes om gebrek aan daadkracht te maskeren?
Als redenering was dat verschrikkelijk. Deprimerend ook. En zo pover, zo zielig.

Dat laks beleid heeft definitieve en onomkeerbare schade aangericht en
de verwording van de groep, de teloorgang laten gebeuren.
Vriendschap al smoes … ik wist niet wat ik las toen ik die mail toen las.

m – HiH-09/2016, bijgewerkt - 

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van 'een heel jaar maart?'

↑ Terug naar de berichten