Naar de inhoud

Bewust_zijn

mijn levensvisie
akke.beakke.be

Archief

Staken of niet?

Maandag 30 januari. Algemene staking omdat we, na het cadeautjestijdperk, dringend aan terugbetaling toe zijn. En dat doen we niet graag! Verwenning invoeren is makkelijk. Ze afbouwen is zo goed als onmogelijk, tenzij zich echte financiële rampen voordoen en er zelfs hongersnood komt. Wat doet de Belg dus? Staken of niet?

Wél staken natuurlijk! Dit land is immers nog niet helemààl kapot. Kan nog veel kapotter hoor! Het cadeautjestijdperk moet blijven duren! We moeten vooral niet proberen de staatsschuld te verminderen. Integendeel! Steeds verder laten lenen om de cadeautjes te kunnen blijven betalen. Hangjongeren sponsoren. Volwassenen voortijdig met pensioen laten gaan. Werklozen werkloos laten en vreemden importeren om het werk te laten doen!

Dit alles is wat de laatste decenia gebeurde.
Dit alles is de oorzaak van de belabberde toestand van onze huidige krediet- en geloofwaardigheid.
Dit alles is wat velen nog altijd niet begrepen hebben.
Dit alles is wat ons uiteindelijk op het niveau van Griekenland zal brengen.

Staken of niet? Aan elk de keuze. Het gaat alleen maar om de totale ondergang of de heropstanding van ons land. Dan lijkt die keuze me toch niet zo heel erg moeilijk?

Hopelijk is de regering dit keer wijzer geworden door de fouten en te grote toegevingen uit het verleden.

Willy.

Geschreven door Willy om 09:46 Reageer op dit bericht

Sinjoren.

Voorwoord:

Zou ik durven? Zou ik hiermede Antwerpenaren voor het hoofd stoten? Dat is echt niet mijn bedoeling! Het is alleen maar mijn bedoeling om ze op enkele onhebbelijkheidjes te wijzen die soms grote gevolgen hebben en ze (soms onverdiend) een etiket opplakken! Zelfkennis is altijd mooi meegenomen, en de Antwerpenaar die zichzelf niét wil leren kennen blijft dan ook maar weg en leest niet verder. Voor de anderen: doé er iets aan en wees weer overal welkom!!!

Column:

Ja, ik beken het. Ook ik blunder wel af en toe. Veel zelfs. Ook op mijn blog. Maar gelukkig zijn sommige medebloggers er dan als de kippen bij om me daar via een mailtje op te wijzen. En dan ga ik snel mijn blunder wijzigen. Echt wel met rode oortjes hoor! Zéker in het volgende geval:

De allergrootste blunder die ik ooit maakte gebeurde wel onlangs in ‘De naam van de roos’. Daar wist ik het onder het hoofdstukje ‘oud’, waar te maken om de laatste nieuwe deftige naam voor bejaarden als ‘sinjoren’ te schrijven in plaats van senioren. Oei! Daar volgde onmiddellijk een mail op!

De blogger in kwestie vertelde me dat hij wel met welke benaming ook wilde aangesproken worden, maar zéker niet met de naam ‘sinjoor’, wat eigenlijk de benaming is voor een Antwerpenaar.

En ik kon hem volgen en mijn groteske blunder inzien! Kon niet snel genoeg naar mijn blog om het te veranderen! Hopelijk hebben niet zoveel mensen dat opgemerkt. Want inderdaad, ook ik zou niet echt voor een sinjoor willen worden versleten! En blijkbaar stond ik dus niet alleen in die mening!

Had eigenlijk al lang over het fenomeen ‘sinjoor’ willen bloggen, maar het feit dat ik dacht dat mijn mening niet zo heel erg algemeen was, weerhield me ervan.

Wat is het dan toch dat die ‘sinjoren’ over het hele Vlaamse land zo ongeliefd maakt? Het zijn heel sociale mensen toch? Klampen iedereen aan voor een gezellig babbeltje, of ‘zaagje’ als je het zo wilt noemen. Waar sinjoren zitten ben je nooit alleen en heb je altijd weer sociaal contact! In de supermarkt, in de tearoom, op straat of op de markt. Zélfs in de toiletten. Tot vervelens toe! Tot het de spuigaten uitloopt. Tot je als de bliksem wilt wegrennen!

Raar! Echt raar! Ze menen het toch zo goed, zijn echt gezellige mensen die zelfs een hondje met een broek zouden aanspreken. Als ze maar kunnen tateren. Als ze zichzelf maar kunnen horen praten. En toch moet zowat niemand ze! Waarom toch?

- Juist óm hun nooit ophoudend getater?

- Om hun toch wel bemoeizieke aard, die ze zélf goedbedoeld en terecht vinden?

- Lopen ze een beetje naast hun schoenen?

- Vinden ze Antwerpen ( ’t Stad) de enige echte stad in Vlaanderen?

- Vinden ze zich de enige ‘stedelingen’ in België?

Ik zou het niet weten, maar iets in die mensen wekt inderdaad ook wel mijn wrevel op. Waarschijnlijk wel onterecht, en ook dàt beken ik! Misschien ook ben ik zelf wel niet sociaal genoeg! Het duidt er nog maar eens op dat elke gemeenschap, elke entiteit, zijn eigen leefgewoontes heeft. Leefgewoontes die niet altijd goed aanslaan bij andere entiteiten.

En dan heb ik het hier wél over ras- en landgenoten hé? Hoe moet het dan met andere rassen, andere culturen, andere tijdperken? Met onze eigentijdse ‘multiculturen’? Zoiets moet toch een regelrechte ramp worden? Dat beseft toch elke Vlaming? Zou elke Belg toch moeten beseffen? Natuurlijk wel!

Maar helaas… de Wetstraat beseft het niét! Natuurlijk niet! Want ze lagen te slapen toen het onderwerp aan bod kwam! Lagen waarschijnlijk te dromen over sprookjes van duizend en één nacht.

Maar wat die Antwerpenaren betreft, ik ondervond een en ander het beste toen de expresweg Knokke - Antwerpen werd opengesteld. Plots kwamen de Antwerpenaren in grote aantallen naar Knokke afgezakt, daar waar we voorheen vooral Brusselaars als toeristen kregen.

Plots ook veranderde de mentaliteit volledig. Regende het onbenullige klachten over vuiltjes op straat en andere pietluttige futiliteiten. Van de Brusselaars hadden we nochtans nooit een klacht gehoord. Ze hadden voor Knokke gekozen, en lieten Knokke gewoon… Knokke zijn. Probeerden er nooit Brussel van te maken. Ik zeg niet dat ze beter zijn dan Antwerpenaren. Ze zijn alleen veel minder bemoeizuchtig en nemen vrede met het ontspanningsgebied waarvoor ze kozen. Hebben helemaal niet de behoefte het ‘naar eigen beeld’ te herschapen.

De Antwerpenaren daarentegen maakten al direct aanstalten om van Knokke ‘Klein Antwerpen’ te maken en zoveel mogelijk ‘eigen gebieden’ in te palmen. Als hondjes die hun territorium afbakenen met… En daardoor ben ik Antwerpenaren een beetje beginnen vergelijken met pootjesheffende hondjes!

Helaas ook vergelijkbaar met de mentaliteit van de allochtonen dus! Allochtonen die in Antwerpen blijkbaar ook al een goed onderkomen hebben gevonden, en de sinjoren op die manier een koekje van eigen deeg geven.

Zo herinner ik me een voorvalletje dat die Antwerpse mentaliteit precies in kaart bracht: een verpleegster in een rode kruispost op het strand, kreeg van een Antwerpenaar de vraag “waar het strand van de Antwerpenaren nu precies lag”.

Slik! Ze bleken zich dus al een eigen plek op het strand te hebben toegeëigend ook!

En die verpleegster, ook niet op haar tong gevallen, antwoordde heel onschuldig dat dit voor zover ze wist op Sint Anneke aan ‘ ’t schelt’ lag.

Jawel hoor! Knokke heeft het geweten dat die expresweg werd opengesteld! Van het ene jaar op het andere was Knokke Knokke niet meer!

De Antwerpse mentaliteit afstotend? Neen hoor! Bijlange na niet. Ze is ontstaan onder de Antwerpenaren en daar voelen ze zich goed bij, lekker onder elkaar. Dat is hun volste recht en daar zijn ze niet uniek in. Elke gemeente of stad heeft zo zijn eigen grote of kleine trekjes. En als ik eerlijk wil zijn heb ik me altijd al goed gevoeld in Antwerpen en onder die gezellige mensen. Het wordt pas een ramp als ze zich buiten hun stadsgrenzen begeven!

Als bezoekers of toeristen vallen ze nog wel mee. Zijn goede, gezellige klantjes voor de horeca. Maar o wee als ze zich ergens gaan 'vestigen'. Om dàn goed inzicht in die toch wel aparte mentaliteit te krijgen moet je echt wel in een openbare dienst hebben gewerkt! Het is zowat altijd een korte 'goed,'... met een héél lange maaaaar erachter!

Ik vind een en ander toch bewijzen dat de wereld veel beter zou draaien als iedereen bleef waar hij thuishoort, of toch tenminste, als hij hoognodig wil verhuizen, zich aanpast aan de mentaliteit van zijn nieuwe locatie.

Voila. Meer wil ik niet kwijt over sinjoren.

Willy.

Geschreven door Willy om 10:06 Reageer op dit bericht

Waarom? Waarvoor?

1081376-f93a911c984092b5b5eee1bf6d43ded0.JPG
Je kunt je inderdaad afvragen hoe het met Europa in het algemeen, en met België in het bijzonder, toch zover is kunnen komen! Dat alles waarvoor onze voorvaderen hebben gestreden nu naar vreemden vloeit, en we zelf paria’s in eigen land zijn geworden. ‘Quantité négligeable’! Eérst de vreemde rassen, dàn wij… als er nog wat overblijft na al het vreemde gegraai in de grabbelton!

Hoe dat komt? Wel, het is vergelijkbaar met het beruchte sneeuwbaleffect.

Er was eens, lang geleden, een verlichte geest in de Wetstraat, die vond dat de geïmporteerde Allochtonen, die nog een enorme minderheid vormden, een hart onder de riem moest worden geschoven. Die mensen kwamen immers vanuit hun zonovergoten thuisland naar hier om (hm) te werken voor ons.

Ze moesten zich hier thuis voelen. Moesten van alle mogelijke sociale vangnetten kunnen genieten. Zoals het dikwijls gaat met meelijwekkende minderheden. Ze moesten door ons gerespecteerd worden, en dat kon het beste door ons een aantal wetten door de strot te drukken. Dat zij toch ook een minimum aan respect mochten betonen aan hun gastheren, daar werd wijselijk maar aan voorbijgestapt.

Helaas, die verlichte geest dacht niet zo héél erg ver! Waarschijnlijk reikte zijn of haar verlichting maar tot het volgende huizenblok. Dacht er niet aan dat die mensen zich zouden vermenigvuldigen! Sneller dan de konijnen! En dat al onze verworvenheden op de duur zouden worden opgeslokt door die nakomelingen, die helemààl geen zin meer hadden in werken!

Wist ook nog helemaal niet welk vlees hij (of zij) in de kuip had! Stond er dus helemaal niet bij stil dat die mensen sedert de kruistochten helemaal niet meer waren geëvolueerd, en nog leefden zoals wij leefden in die duistere tijden: gedicteerd en gehersenspoeld door een niet bestaande god!

Maar het sneeuwballetje was gegooid! Het rolde dartel voorbij de scholen… “Hé, dat komt van de Wetstraat! Nu moeten we ons als de bliksem aanpassen!” En of ze nu al dan niet in die klinkklare nonsens geloofden, dat speelde niet mee. Het enige wat telde was hoé je, de veranderde normen in acht genomen, zo snel mogelijk carrière kon maken. Daar draait het toch allemaal om? Carrière maken! Mét of tegen je persoonlijke mening. Zolang je er maar macht… en geld voor toegestopt krijgt.

Het rolde voorbij de gerechtshoven… “Oei! Nu moeten we gaan opletten die heren in de Wetstraat niet voor het hoofd te stoten!” En ook hier werd, al was het maar voor de schone schijn, geoordeeld en veroordeeld naar de nieuwe, omgekeerde wetten. Wetten die het vaderland onbeschaamd verloochenden!

Het rolde voorbij de politiecommissariaten. Maar daar had men al lang vastgesteld dat met dat allochtone volkje, waar alles om ene Allah draait, niet te argumenteren valt. En nu mocht er plots niet eens meer geargumenteerd worden. Nou ja, maar goed ook want niemand praat graag tegen muren. En nu zéker niet meer, want nu werd het nog strafbaar op de koop toe! Het ‘racisme’ was in het wetboek verschenen! Bescherming van vreemden op de kop en de kosten van eigen volk.

Het rolde verder, en bleef gestresseerd hangen in de OCMW kantoren. Zou het visje hier ook bakken? Maar natuurlijk! Het kwam immers van de heilige Wetstraat! En ook bij de OCMW’s veranderde de mentaliteit helemaal. Tot het balletje werd doorgelaten en zich gretig liet veranderen in een lawine!

Ondertussen had die ‘arme minderheid’ al goed ingezien hoe het werkte in Europa, en ging zich luidop gaan manifesteren. Je weet immers nooit wat er nog meer in de wacht te slepen valt! Ja, dat is juist de sterkte van minderheden! En ze bereikten datgene wat die sneeuwbalgooier (of –gooister) onwetend en oliedom op gang had gebracht.

Tegenspraak en/of verontwaardiging bij welke dienst ook had geen zin als je nog carrière wilde maken. Het kwam van de Wetstraat, en van wié of wat het daar kwam speelde geen rol. Wat van daar komt is evangelie en moet nagevolgd worden. De lawine werd een berg. En de berg ging ons verstikken.

Niemand durfde reageren, maar integendeel, iedereen ging zich inspannen om ‘het nieuwe evangelie’ nog beter en sneller te verspreiden. De een vond antiracistische wetten uit om zich te profileren in het nieuwe beleid. De andere stommerd zag kans een CGKR op te richten tot hulp aan die ‘arme slachtoffertjes’ van het wrede racistische eigen volk. En de oorlog begon! Een oorlog weliswaar met meer verraders dan vijanden. Een oorlog met als moorddadigste wapen: de grenzeloze domheid van die verraders… en de ontroerende domheid van het slaafse Vlaamse volk.

Ja, je kon ‘vredelievende’ maatregelen zo gek niet bedenken of het woord werd wet! Strebers zagen overal kans zich op te werken door de Wetstraat te plezieren.

En dit alles ontstond uit een heel klein sneeuwballetje. Een ‘los’ idee’ door een of andere clown luidop gedacht in de Wetstraat. Niemand van dit clubje had kunnen vermoeden dat het dergelijke vormen zou aannemen. En was er hier en daar al eentje die verder dacht dan zijn neus lang was, en enorme twijfels had, het was veel te gevaarlijk om je ‘antihumanistisch’ op te stellen in die gevaarlijke politieke tijdbom.

En dus was iedereen vóór of deed iedereen alsof hij vóór was. En nu het zover gekomen is, durft niemand er nog een poot naar uitsteken. Durft niemand nog bekennen dat het allemaal een grote stommiteit was geweest.

En wij? Wij zitten ermee!

De oorzaak is gewoon het feit dat niemand van ons een uitspraak die humanistisch lijkt, durft tegen te spreken. Ergens denkt iemand luidop dat het toch maar een arme, meelijwekkende minderheid is, en de wagen gaat aan het rollen. Als die mening dan ook nog in de Wetstraat wordt geopperd, durft ook daar niemand ze te weerleggen. Zéker niet als ze helemaal niet weten welk vlees ze in de kuip hebben!

En zo gaat het maar door. Steeds verder. Naar alle niveaus van de samenleving. En voor je het weet heeft die ‘arme minderheid’ het voor het zeggen in ons land.

Tja, dat is wat er gebeurt als de bevolking voor entertainers kiest in plaats van voor verstandige beleidsmensen! Dat is wat er in Europa is gebeurd. Dat is het wat ooit wereldoorlog 3 zal veroorzaken, voor zover ze niet al veroorzaakt is! En voor zover het al niet te laat is om ze nog te stoppen! De meeste mensen weten het nog niet, maar de dag dat dit besef komt zal het jaren te laat zijn!

Willy.





Geschreven door Willy om 10:09 Reageer op dit bericht

Fruitige Fratsen.

Weeral via mail kreeg ik een aantal tips door over fruit. En die wil ik jullie niet onthouden, want ik had me ook al afgevraagd hoe het komt dat ondanks al het fruit dat mensen eten, ze toch soms dik worden, of blijven, ongezond blijven, en niet echt dat ‘stralende’ hebben dat je van fruiteters toch zou mogen verwachten. Tenminste, als we mogen geloven wat geleerde bollen daarover schrijven en al de vitamines en mineralen die er zouden inzitten.

Het gehele artikel bespaar ik jullie. Temeer omdat het klaarblijkelijk uit het Engels vertaald is en dus wat moeilijk leesbaar. Maar de hoofdpunten wou ik toch even aankaarten, want ze houden een verklaring in waarom fruit, zoals het gegeten wordt, niet werkt! Het artikel komt van ene dokter Stephen Mak.

- Fruit moet je niet eten als dessert. Liefst wél op je nuchtere maag! Alleen dan zal het je hele systeem ontgiften en je van de nodige energie kunnen voorzien.

- Eet je het als dessert, dan ‘valt’ het in je maag bovenop een op gang zijnd verteringsproces, met zuurafscheiding enzovoort, en bederft het hele zootje door een wisselwerking met de maagsappen.

- Liever een verse vrucht eten dan het sap. En zéker geen gekookte vruchten, want daavan ervaar je alleen maar de smaak. De vitamines en mineralen worden er uitgekookt en hebben geen enkele invloed meer.

Enkele citaten uit het artikel (met bijgeschaafd taalgebruik):

KIWI: Klein maar krachtig. Dit is een goede bron van kalium, magnesium, vitamine E en vezels. Het vitamine C gehalte is tweemaal dat van een sinaasappel.


APPEL: Een appel per dag houdt de dokter weg? Jawel! Hoewel een appel een laag vitamine C-gehalte heeft, heeft het anti-oxidanten en flavonoïden die de vitamine C activeren en aldus bijdragen ​​tot het verlagen van het risico op darmkanker, hartaanvallen en beroertes.


AARDBEI: Beschermend Fruit. Aardbeien hebben het hoogste aantal antioxidanten onder de vruchten en beschermen het lichaam tegen kankerverwekkende vrije radicalen en bloedvatverstoppingen.


SINAASAPPEL: Lekkerste geneesmiddel. Het nemen van 2-4 sinaasappels per dag kan helpen verkoudheden weg te houden, cholesterol verlagen, voorkomen en oplossen van nierstenen en verminderen van het risico op darmkanker.


WATERMELOEN: Koelste dorstlesser. Samengesteld uit 92% water, heeft het ook een gigantische dosis glutathion, dat ons immuunsysteem helpt versterken. Ze zijn ook een belangrijke bron van lycopeen, de kankerbestrijdende oxidant. Andere voedingsstoffen die gevonden worden in watermeloen zijn vitamine C & Kalium.


GUAVA & PAPAYA: Top prijzen voor vitamine C. Ze zijn de duidelijke winnaars door hun hoge vitamine C gehalte. Guava is ook rijk aan vezels, die helpen constipatie te voorkomen. Papaja is rijk aan caroteen, dit is goed voor je ogen.

Ook nog een tip waarvan velen zullen opkijken:

Koud water drinken na de maaltijd = Kanker! Kunt u dat geloven? Voor degenen die graag koud water drinken, dit artikel is op u van toepassing. Het is leuk om een ​​beker koude drank na een maaltijd te drinken. Toch zal de koude vloeistof het vet doen stollen dat je zojuist hebt verbruikt. Het zal de spijsvertering vertragen. Zodra dit 'slib' reageert met het zuur, wordt het afgebroken en sneller door de darm geabsorbeerd dan het vaste voedsel. Het zal langs de darm gaan, maar zeer binnenkort zal dit veranderen in vetten en leiden tot kanker. Het beste is om warme soep of warm water te drinken na de maaltijd.

Voilà! Heb nog maar eens aan mijn burgerplicht voldaan door diegenen onder jullie die vechten tegen cholesterol en andere nare vet- en ziekmakers, deelgenoot te maken van wat ik net leerde.

Of ik me persoonlijk iets van die tips zal aantrekken? Misschien wel! Ik heb er wel iets van opgestoken dat me logisch lijkt, en waard om in de praktijk te brengen. Tegen cholesterol en gewichtstoename hoef ik me wel niet te verzetten. Eerder tegen gewichtloosheid!

Maar toch… als je gezonder kunt gaan leven, waarom zou je het niet doen?

Willy.

Geschreven door Willy om 09:33 Reageer op dit bericht

Man bemint hond.

1079742-76c80dc6d7e723b5c47a93d49bb5afd9.jpg
Hiernaast: Chico bewaakt ‘zijn’ territorium uit de hoogte: de onbezoldigde parkwachter.

Naar aanleiding van een probleempje met Chico (melkhoektanden wilden niet uitvallen en dreigden de rest van zijn gebit te misvormen, want ze stonden dubbel naast de definitieve tanden) moest hij bij de dierenarts onder narcose behandeld worden en die vier melktanden getrokken. We brachten hem zelf, op vraag van de dierenarts, zodat hij zich niet n de steek gelaten zou voelen en hij zou hem terugbrengen zodra de narcose enigszins was uitgewerkt.

En inderdaad, een paar uur later stond hij al aan onze deur met een slaperige Chico. Ik nam hem uit de draagkooi en verschoot me een bult! Het voelde aan alsof ik een lijkje vastnam. Koud als een lijk! Leek helemaal onderkoeld, en kon amper de oogjes openen! Dierenarts betaald en afwachten maar. Vier eindeloze uren bleef hij koud aanvoelen, hoé we hem ook toestopten. Had af en toe neiging tot overgeven! Probeerde de oogjes half open te krijgen, maar dat lukte niet echt. Opstaan al helemaal niet. We gingen het ergste vrezen. Toen kon mijn vrouw het niet langer aanzien en gaf hem te eten, wat hij toch gretig binnenspeelde. Het beestje had trouwens de hele dag niet gegeten want moest nuchter blijven. En het werd al rond twintig uur. Ik nam me voor hem niet alleen in zijn bench te laten slapen, en desnoods de hele nacht op te blijven bij hem.

En oef! Rond tien uur gebeurde het wonder! Hij richtte zich op en deed enkele wankele passen! Kwam dan na enige aarzeling recht op me af en keek me met eindelijk klare, maar vragende ogen aan. En ik wist meteen: de arme drommel moet hoognodig en wil dat ik hem uit laat. Hoe ziek hij zich ook had gevoeld, hij wou niets bevuilen, al hadden we daar zeker geen aanstoot aan genomen onder die omstandigheden.

Maar goed. Hij wilde, en ik besloot toch maar een parkwandelingetje te riskeren. Hij fleurde helemaal op, deed onmiddellijk een enorme plas, en was weer helemaal de oude toen we thuis kwamen! Eind goed al goed.

Dit kleine voorvalletje liet me beseffen hoeveel ik van mijn hondje hou!

En telkens en telkens weer stel ik me de vraag hoe het komt dat een hond zich zo voorbeeldig weet aan te passen aan de mens! Véél beter dan mensen onderling! En dan stelt zich onmiddellijk de vraag: zijn honden soms gemaakt voor de mensen? Kunnen mensen wel zonder hond? Als ik in de amandelvormige ogen van Chico kijk dan smelt ik weg! Ogen die echt en welgemeend zeggen: “Ik hou van je”. En toch zijn het ‘maar’ de ogen van een hond.

Soms zijn het vragende ogen. Maar omdat het beest niet kan praten moet je maar gissen wat hij nu weer van je wilt. Soms ook is het een ‘vuile blik’. Als hij ergens heen wilt waar jij hem liefst van afhoudt. Soms is het een doordringende blik met het kopje schuingehouden. Alsof hij zeggen wil: “Allez stomme mens, snap je nu echt niet wat ik je wil duidelijk maken?”

Wat heb ik nog veel te leren van mijn hond. Alleen al die veelzeggende lichaamstaal… die intelligente, bijna menselijke blik. Waarom toch kunnen die beesten nou niet gewoon praten? Dan zouden misverstanden toch zó uit de weg geruimd zijn?

Of zou het net een zegen zijn dat ze niet kunnen praten? Zo kun je ook niet eindeloos ruzieën en argumenteren! Dat lijken ze trouwens helemaal niet nodig te hebben. Want zélfs als ze een persoonlijke voorkeur hebben zijn ze toch altijd blij met jou als leider die het laatste woord heeft en lopen gewillig en tevreden mee.

Chico wil lekker wat rondlopen in het park, maar ik moet naar de apotheek? Wel, hij zal even aan de leiband trekken, richting park, maar zodra hij ziet dat ik andere bedoelingen heb, staakt hij zijn pogingen en loopt blij mee pal naast me. Bekijkt het park niet eens meer!

Honden zijn eigenlijk een godsgeschenk voor de mens, mits je ze op de juiste manier behandelt. En ze vragen niet veel! Af en toe een aai… af en toe wat aandacht… af en toe een spelletje spelen en ze zijn al lang tevreden!

En mijn appartement? Wel, de living is herschapen in een kindercreche. Knuffelberen, poppemies, ballen, trektouwen, kauwdingen en noem maar op. Alles verspreid over de living. Geen kind heeft zoveel speeltjes als hij. En nu is mijn vrouw wel echt een netheidsmaniak, maar dié wanorde stoort haar niet. Integendeel, telkens ze de stad ingaat komt er een speeltje bij!

En ’s avonds, als koning hond gaan slapen is, wordt alles netjes in een mand gelegd. Maar zodra meneer uit zijn slaapholletje komt in de vroege morgen en na het halen van een frisse neus en ledige blaas, is zijn eerste werk: die mand ledigen en over de hele woonkamer verspreiden! Dan is hij weer gerust. En wij ook… zo lang we nergens over struikelen!

Willy.

Geschreven door Willy om 08:55 1 reactie Reageer op dit bericht

Mannelijk mysterie.

Of moet ik zeggen: "Mannelijke miserie"?

Het valt op: zowel mannen als vrouwen plakken graag het etiket ‘mysterieus’ op… vrouwen! Wezens die je moet leren kennen. Wezens die helemaal anders reageren. Wezens die verwachten dat je hen begrijpt of daar tenminste toch alle moeite voor doet!

Maar wat nog meer opvalt: je hoort noch mannen noch vrouwen verklaren dat de man een mysterie is!

Hoe zou dat zo komen? De man moet, voor de vrouw, al een even groot raadsel zijn als de vrouw voor de man. Maar er wordt niet over gepraat! Waarom niet? Slechts één antwoord: het interesseert de vrouw niet! Want de vrouw ziet de man dikwijls als een koel en hard wezen. Een wezen dat ze hoognodig moet veranderen en aanpassen aan hààr vrouwelijke wereld! Verder denkt ze niet. Dat ander wezen leren kennen? Vergeet het! Dat ként ze al. Al heel lang! Van zodra ze geboren werd!

En dan komen we weer bij het feit dat denken dat je alles weet, juist leidt tot niéts weten!

Mannen, veel ervan toch, zijn daar anders in. Natúúrlijk zijn ze in de eerste plaats geïnteresseerd in seks. Maar ondervinden ook al gauw dat omgaan met een vrouw veel boeiender is dan met een man. En naarmate ze dat ander wezen leren kennen, ondervinden ze ook dat seks veel verder gaat dan alleen maar zinnelijk genot. Ja, ondervinden ze ook al heel gauw dat seks zonder verdere geestelijke band helemaal niet bevredigend is! Platvloers zelfs! Ontdaan van alles wat het zo mooi maakt.

Maar dan komt het volgende obstakel: hoe goed de man ook zijn best doet zijn partner te leren kennen, dat is en blijft meestal maar eenrichtingsverkeer. De vrouw doet daar totaal geen moeite voor. Natuurlijk niet! Ze wist het al lang wat een man is! Een vrouw met een penis en zonder borsten toch? Meer hoeft daar niet achter gezocht te worden denkt ze! En het onbegrip begint. De vrouw ‘vindt’ zich onbegrepen… de man ‘is en blijft’ onbegrepen.

En als het mannelijke ‘zoeken naar’ alleen maar van één kant komt, dan kan ook geen begrip van dat andere wezen worden verwacht. De man stelt al spoedig vast dat hij niet begrepen wordt, hoéft op de duur ook niet meer begrepen te worden, en zijn belangstelling in de vrouw verdwijnt. Gaat dan maar ander vertier zoeken: aan de toog, tussen de voetbalsupporters, of waar dan ook waar hij maar een beetje begrepen wordt. Het is wel niet het soort begrip dat hij verlangt, maar het is altijd beter dan niets.

Want dat vrouwmens thuis, dat denkt dat ze hem zo goed kent, kent hem totaal niét en blijft maar, koppig als ze is, communiceren met iemand waarvan ze denkt dat het een vrouw met penis is en verwacht van hem dan natuurlijk ook vrouwelijke reacties. Is hoogst verwonderd en verbolgen als die reacties niét voldoen aan wat ze van een vrouw zou verwachten. Ze heeft nooit de moeite genomen het wezen ‘man’ te doorgronden. Er al evenmin bij stilgestaan dat voor de meeste taken die beide eigenschappen nodig zijn. Opvoeding van de kinderen bijvoorbeeld… het soort klusjes in huis… noem maar op.

Een wereld zonder vrouwen zou misschien wel eentonig, maar heel efficiënt kunnen werken.

Een wereld zonder mannen zou als een lief zachtgekookt eitje zijn. Wondermooi, wonderzoet, maar niet in staat zichzelf staande te houden in de harde realiteit.

Vandaar dat beide geslachten er nodig zijn om de kerk in het midden te houden. Vandaar dat de man zoekt om het andere geslacht te begrijpen. Waarom doet de vrouw dat niet?” Of… hééft ze dat talent gewoon niet?

En zo is de mythe ontstaan van de ‘mysterieuze vrouw’.

Op de mythe van de mysterieuze man zullen we nog een aantal eeuwen moeten wachten denk ik. Blijkbaar is de evolutie van de vrouw ergens blijven steken en raakt niet voorbij dat punt.

Alvorens ik bestookt word met boze mails wil ik hier nog het volgende aan toevoegen: ik heb het wél over het gros van de vrouwen. Weet best dat ze niet allemaal zo zijn. Maar ach, al die bomen in het bos, weet je wel? Jonge mensen verdwalen daar zo gauw in, en dat probeer ik hen nu juist aan het verstand te brengen.

Mannen:

Zeg niet te gauw het is weer een vrouw.

Vrouwen:

Zeg niet te snel: ‘die venten ken ik wel’!

Willy.

Geschreven door Willy om 09:17 Reageer op dit bericht

Tijdeloos!

In het column ‘relatieve-tijdstheorie’ van februari 2011 had ik het over de vraag of tijd wel bestond! Die vraag kwam vooral uit mijn persoonlijk aanvoelen en had niks met exacte wetenschap te maken. Was zomaar iets wat al lang zat te broeden binnen in me, zonder op enige wetenschappelijke grond te zijn gestoeld. ‘Zielsverzinsels’ zeg maar.

Maar deze week zag ik op ‘Discovery Science’ toch een aantal wetenschappelijke benaderingen van het fenomeen tijd en relativiteit. En dat gaf me toch het zalige gevoel dat ik niet alleen sta met die op zijn minst onconventionele mening! Neen! Dat die mening lang niet zo onconventioneel is als ik dacht!

Het gegeven werd wél door een aantal wetenschappers op heel wiskundige wijze geprobeerd uit te leggen. De een trad het, volgens zijn persoonlijke wiskundige berekeningen, bij, de ander brak het af. We zijn dus nog ver van een exacte wetenschap af, maar dat er op gestudeerd wordt door heel geleerde bollen vond ik toch al formidabel. Dat er pro’s en contra’s zijn is al even positief. Zo blijft de vlam in de pijp.

En laat ik maar eerlijk zijn: ik kon, met die wiskundige benadering, echt niet mee. Snapte wel de bedoeling, voelde aan dat ze op het juiste spoor zaten, maar het ging me allemaal even te snel om de ingewikkelde berekeningen die er aan te pas kwamen te kunnen volgen. Het was trouwens maar een TV programma en daarin wordt niet verondersteld dat de kijker volledig doorzicht krijgt in die ingewikkelde materie, noch dat hij in wiskunde geïnteresseerd is. Het gaat eerder om lichtvoetig entertainment met wetenschappelijke achtergrond: de kijker vooral niet vervelen met ingewikkelde toestanden!

Een aantal hoofdpunten die me toch wel direct aanspraken waren:

- Iemand zei dat, als je denkt dat het verleden niet meer bestaat, dat gelijk staat aan tellen tot dertien en dan verklaren dat elf niet meer bestaat. Prachtig argument vond ik. Want zo voel ik het ook aan.

- Een ander ging zelfs nog een stap verder: we leven in een driedimensionele wereld, waarin de tijd eigenlijk de vierde dimensie is die waarneembaar is met onze zintuigen (let wél: ‘zintuigen!’). En dat het bijlange na niet zeker is dat de tijd maar uit die éne dimensie bestaat die we kunnen waarnemen: van vroeger naar later. Hij stelde dat er nog een tweede, niet voor ons waar te nemen dimensie kan bestaan in de tijd: van boven naar onder of vice versa. Of zelfs van later naar vroeger. Dat zou al meteen vier dimensies opleveren voor alleen maar de tijd.

- Weer een ander, die de theorie op zich heel sterk aanklampte, zei tot besluit dat, wàt er ook van zij, we toch allemaal ons aardse leven leiden met de aardse middelen die we hebben. En of er nu drie of honderd dimensies zijn… het zal aan ons leven weinig veranderen. Natuurlijk niet! Zéker niet voor wie alleen maar in ons kortstondige aardse leven gelooft. Maar daarna?

- Wat me ook sterk aansprak was het echt gebeurd voorbeeld van een man die met zijn auto reed. Plots leek de auto steeds sneller te gaan en kon hij met geen mogelijkheid vertragen. En eigenlijk had hij de indruk dat het niet de auto was, maar de wereld om hem heen die versnelde. Aangekomen op zijn bestemming voelde hij zich onwel en liet zich opnemen. Bleek een hersentumor te hebben die drukte op de plaats in de hersenen die voor ons ‘tijdsgevoel’ zorgt. Kunnen we daaruit besluiten dat ‘tijd’ alleen maar in onze hersenen wordt opgewekt en gewoon op hol slaat als aan dat ‘tijdwaarnemingscentrum’ iets scheelt? Dat we ‘tijd’ alleen maar ervaren door een soort ingebouwde klok in de hersenen?
Het doel van die klok? Ons beschermen! We zijn er fysiek namelijk niet toe in staat alles wat ooit is gebeurd tegelijk waar te nemen. We zouden gewoon gek worden!

- Ook de relatie ‘tijdsgevoel - ouderdom’ kwam aan bod en is niet te miskennen: hoe ouder je wordt, hoe sneller de tijd lijkt te gaan. Nog een bewijs dat tijd op zich niet echt bestaat, maar door onze hersenen wordt gegenereerd.

Boe! Ik zit jullie hier te vervelen met dingen die de meeste mensen boven hun petje gaan. Mij ook trouwens hoor, als dat jullie een troost mag wezen. Het gaat zéker boven mijn wiskundige vermogens, want die heb ik niet. Tenminste niet in dié mate. Maar het gaat niet boven mijn filosofische vermogens en mijn persoonlijk aanvoelen. En daar blijft het halsstarrig hangen!

De eerste die er gewag van maakte, was Einstein, en dat deed hij met zijn wiskundig talent. Ikzelf heb het altijd vermoed, maar dat kwam voort uit mijn analytische ingesteldheid. Ik analiseer nu eenmaal graag alles wat ik rondom mij zie gebeuren. Het manifesteerde zich wél op een dwingende wijze, maar ik zou het nooit luidop hebben durven uitspreken. Men zou me gek hebben verklaard. En daarom… schreef ik het maar neer in plaats van het te zeggen en op hopen onbegrip te stuiten.

Ik heb in mijn leven dingen gedaan waarvan ik dacht: “Dit gaat nooit voorbij! Kàn gewoon niet uitgewist worden! Ik wil dit moment bevriezen en bewaren voor eeuwig.”

En misschien dacht ik nog zo gek niet! Want tot op heden blijven die momenten deel uit maken van mijn leven en van mijn zijn! Kan ik niet aannemen dat het uitgewist is door de tijd en dus niet meer bestaat. Want als ik dàt zou denken, zou ik eigenlijk mijn eigen bestaan ontkennen en stellen dat mijn leven geen enkele zin had. En sorry, dat kan ik nu eenmaal niet.

Waarin leven wij trouwens? We leven in en beleven het ‘nu’. Wat is dat ‘nu’? Een uur? Een seconde? Minder? Jawel! Minder dan een seconde is het ‘nu’ dat we beleven. Want een seconde later kunnen we dood zijn, en een seconde vroeger ‘bestaat’ dus niet meer! Wanneer hebben we dan geleefd? Moet je dus stellen dat je leven enkel uit die fractie van een seconde bestaat die we ‘nu’ noemen? En dat al die andere seconden verspilde energie geweest zijn? Uitgewist zoals het krijt op een bord?

Hoé wetenschappers er ook over denken, hoéveel berekeningen wiskundigen ook maken, ik persoonlijk benader het vanuit de enige benadering die ik machtig ben: de gevoelsmatige benadering. De benadering die mijn ziel er aan geeft. En die benadering zegt me dat een zinloos leven niet van deze aarde is. En dus moét er wel een dimensie in de tijd zijn die het allemaal bijhoudt, laat voortbestaan, en niets laat verloren gaan.

Als dat niét zo zou zijn, wat zou dan de zin van het leven zijn?

Wat tussen de regels ook naar voor kwam in die documentaire was het feit dat we nog lang niet zo geleerd zijn als we wel denken. Dat, wat vandaag als nonsens wordt gezien door de gevestigde wetenschap, morgen een vaststaand feit kan worden… en bijgetreden door diezelfde wetenschap!

En ook dàt was me een riem onder het hart. Wetenschappers lijken eindelijk te beseffen dat er nog héél veel ‘te weten’ is dat we niét weten. Dat er veel meer tussen hemel en aarde kan zijn dan we ook maar kunnen vermoeden. Dat we er moeten mee ophouden te denken dat we alwetend zijn! Want juist dààr is het dat het schoentje meestal wringt.

Ooit waren ‘alwetende’ dokters verstokte rokers! Het beschermde hen namelijk tegen de vele ziekten waamee ze in contact kwamen. Nu zijn nieuwe ‘alwetende’ dokters van oordeel dat we allemaal moeten stoppen met roken! Tja, de waarheid zal wel ergens in het midden liggen zeker? Maar mensen, laat ons toch eens ophouden met dit ‘ge-alweet’! Laat ons, naast de ‘onfeilbare wetenschap’, toch ook nog eens luisteren naar ons eigen lichaam en geest?

Of ze ooit, met hun wiskundige benadering van de tijd, het juiste spoor zullen weten te vinden en te bewijzen, kan me eigenlijk weinig schelen. De wiskundige uitleg zal ik waarschijnlijk toch niet kunnen volgen. Het zou me wél een steuntje in de rug geven, maar ik moet me desalniettemin toch beperken tot wat ik zelf aanvoel op mijn eigen, filosofische wijze.

De wijze die mijn ziel me héél dwingend dicteert!

Want ja! Er IS leven na de dood!

Willy.

Geschreven door Willy om 09:35 Reageer op dit bericht

Slecht geheugen?

Een tijdlang vond ik van mezelf dat mijn geheugen wat ging falen. En in werkelijkheid is het ook wel zo. Maar ik ging op zoek en vond de ‘redenen van verschoning’. En wel in sommige reacties van kinderen, de uitleg die de ‘trotse’ oudertjes er aan geven, en door het ‘vervolg’ van die toestand meermaals te hebben meegemaakt:

- Mijn kind? Onthoudt àlles. Hoewel het nog maar vier jaar oud is. Weet perfect de weg naar oma of naar de winkel. Weet nog perfect wat zich hier of daar afspeelde. Fenomenaal! Dat wordt gegarandeerd een bolleboos!

Helaas! In veel gevallen werden die kindjes in werkelijkheid dommerdjes. Waarom? Omdat ze van in hun prille jeugd door de oudertjes als superslim werden bestempeld. Vonden dat ze niks meer te leren hadden. Ze waren immers al ‘slim’ en het zijn enkel maar de dommen die nog moeten leren! En juist daardoor waren de schoolresultaten er ook naar: héél bedroevend!

Toen ik dit scenario al meermaals had meegemaakt en er de droevige resultaten van had gezien, ging ik me vragen stellen. Hoe komt het dat een schijnbaar ‘intelligent’ kind zo kan gaan falen zodra het er echt op aankomt?

Wel, ik denk dat het zo zit: de hersenen van een kind zijn een lege doos. Zodra er iets in komt, valt dat heel erg op, en het kind onthoudt het. Ouders zijn dan veel te snel om ‘fenomenaal’ te roepen als een kind die énige herinnering die het heeft, weer weet op te halen. Dat is echt niet moeilijk: er zijn er ook maar een paar om te ‘doorzoeken’!

Maar er komen tien… honderd… duizend… miljoenen herinneringen en weetjes bij en op de duur zitten de hersenen propvol, net als de harde schijf van een pc. Een herinnering ophalen kost dan een pak meer moeite!

En dàt is volgens mij de reden waarom het geheugen ‘lijkt’ te verminderen naarmate je ouder wordt: je eigen harde schijf wordt steeds voller en er één herinnering uitpikken kost steeds meer moeite.

Bijgevolg denk ik dat het schijnbaar verminderen van het geheugen weinig te maken heeft met het afsterven van hersencellen zoals zo vaak wordt beweerd! In werkelijkheid zijn je hersenen op een bepaald moment toe aan een nieuwe ‘harde schijf’ om de capaciteit te vergroten!

En ik weet echt niet of ouders er zo goed aan doen kindjes te loven voor hun ‘intellect’, dat, de leeftijd in acht genomen, totaal niet ongewoon is! Het zich herinneren van een bepaald gegeven heeft trouwens weinig met intellect te maken! Maar ouders willen het wél zo zien, en gaan het kindje wijsmaken dat het super is. Met alle gevolgen vandien natuurlijk!

Als je aldus alle fouten van veel oudertjes op een rijtje zet, dan hoeft het je helemaal niet te verwonderen dat in onze maatschappij zoveel hangjongeren rondlopen. Je kunt ze er, vooral op de leeftijd tussen twee en zes jaar, al uithalen: ze blijven je maar lastigvallen met de uitnodiging:

- Kijk eens wat ik al kan?

En als je dan kijkt, ‘zie’ je ze als het ware denken:

- Oei! Wat zal ik nu eens demonstreren?

Ze hebben dus éérst gepraat om aandacht te vragen. Dàn pas denken ze hoe ze nu de geschapen verwachting moeten invullen! En als hen niets anders te binnen schiet zullen ze maar eens een sprongetje of zo laten zien, wat dan van de ouders een dikke hoera uitlokt.

Mooi hoor! Volledig in de trend van het soort kinderpsychologie dat in de jaren zestig de kop ging opsteken en zich hardnekkig in onze maatschappij blijft nestelen: “Geef het kind aandacht; roem het voor wat het goed doet”. Op zich misschien goedbedoeld en correct… als oudertjes maar niet heel sterk gingen overdrijven!

Want zelden heb ik kinderen die in deze mentaliteit werden opgevoed volwaardige volwassenen weten worden.

Willy.

Geschreven door Willy om 09:16 Reageer op dit bericht

Verkeersellende.

Ik hoef er geen tekeningetje bij te maken: elke dag opnieuw verkeersellende en files op en rond de spitsuren, en vooral op en rond de steden. Brusselse ring… Antwerpse ring… In het buitenland is het niet beter. Kijk maar naar de ‘périferique’ rond Parijs! Maar laten we ons tot ons eigen landje beperken.

Als ik dan op de wegenkaart kijk, stel ik vast dat België één groot spinnenweb is van autowegen, die bijna allemaal ‘doodlopen’ op Brussel. Of beter gezegd, op de Brusselse ring. Waardoor Brussel eigenlijk midden in een enorme verkeerswisselaar is komen te liggen! Als je dan nog rekening houdt met de tewerkstelling in Brussel, waardoor elke dag weer duizenden werknemers ‘in en uit’ de stad en over die verkeerswisselaar moeten komen bovenop alle ander doorgaand verkeer dat van diezelfde ring gebruik moet maken, dan heb je al één der hoofdoorzaken van de verkeerschaos aangeboord!

Want in dit land kun je moeilijk van A naar B rijden zonder over de Brusselse ring te moeten. Zowat alle autowegen lopen er namelijk op uit. En natuurlijk is dat helemaal verkeerd!

Hoe dat zo gekomen is? Een korte historiek zal dat even duidelijk maken:

Op veel Vlaamse secundaire wegen kun je recht voor je een kerktoren zien, en recht achter je ook eentje! Dat komt omdat de middeleeuwse wegenbouwers weinig of geen navigatiemiddelen hadden. Gemakshalve richtten ze zich dan maar op kerktorens om een kaarsrechte verbinding tussen twee dorpen of steden te vormen. Van kerktoren naar kerktoren dus.

Tot op heden is er weinig van dit principe afgeweken. Ook niet als de eerste autoweg in België werd aangelegd. De planning gebeurde al vóór de tweede wereldoorlog, maar de daadwerkelijke aanleg startte pas goed na de oorlog. Het voornaamste ‘snelverkeer’ toen, was toeristisch verkeer. Voor zakelijk verkeer volstonden in veel gevallen nog paard en kar, of in het gunstigste geval een gammel vrachtwagentje.

De eerste snelweg werd dan ook hoofdzakelijk vanuit toeristisch oogpunt gepland. Waar zaten de rijkste toeristen? In Brussel natuurlijk! En waar wilden ze snel heen kunnen om zich te ontspannen? Naar de kust! En de snelweg Brussel - Oostende werd een feit en een primeur voor België. Nog altijd volgens het aloude concept: van centrum naar centrum. Met andere woorden: eigenbelang voor de destijds nog gelukkige autobezitters.

Later volgde de ene autoweg na de andere, nog steeds volgens datzelfde concept. Plus het feit dat men het belangrijk vond dat Brussel van uit alle uithoeken van het land gemakkelijk bereikbaar werd. Helaas! Door deze redenering werd juist het omgekeerde bereikt! Brussel werd bijna onbereikbaar!

Niet alleen door verkeer nààr en van Brussel, maar vooral ook door al dat verkeer dat de Brusselse ring moet gebruiken voor bijna alle andere bestemmingen. Verkeer dat op zich niets uitstaans heeft met Brussel.

Was men nu eens, in plaats van Brussel als uitgangspunt te nemen, van de uithoeken van het land uitgegaan en had men die eerste snelweg ergens tussen Brussel en Antwerpen door laten lopen naar bijvoorbeeld Maastricht of Aken. Dan konden vanaf Aalst een aantal verbindingen worden gemaakt: naar Koekelberg, naar Vilvoorde, naar Antwerpen, naar Zaventem. Het voordeel hiervan zou geweest zijn dat niemand die naar Brussel moet, in de file staat met verkeer naar Zaventem, naar Luik, naar Duitsland en weet ik veel, maar elk van die bestemmingen een stuk autoweg zou hebben van minstens 10 kilometer, met elk zijn eigen filetje! Een ‘wachtplaats’ op drukke momenten weliswaar, maar dan wél een wachtplaats naar één enkele bestemming, zonder ander storend verkeer dat daar helemaal niets te zoeken heeft.

1076852-5c3811841db53f2de2d3a5b8db749b2a.JPG
Laat ik me dan als voorbeeld ook beperken tot die eerste autoweg, die duidelijk de gemaakte fout aantoont.

Voor het traject Oostende-Brussel zou het huidige gedeelte ‘Aalst-Brussel’ dan als ‘afrit’ naar Koekelberg fungeren. De hoofdweg zou dan moeten afbuigen en netjes tussen Antwerpen en Brussel door lopen. Het schematisch kaartje geeft, voor een West - Oost as, een ruwe schets van de bedoeling. De groene trajecten zouden, op spitsuren, grotendeels fungeren als eventuele ‘wachtplaatsen’ voor telkens maar één bestemming. Natuurlijk méér bestemmingen dan aangeduid staan; het gaat om de bedoeling!

Passagiers voor de luchthaven zouden dan hun vlucht niet moeten missen doordat ze in de file stonden met verkeer naar honderd en een andere richtingen! Ze zouden de luchthaven trouwens vanuit de tegengestelde richting bereiken. Rechtstreeks vanaf de supersnelweg. Verkeer naar Brussel zou dan vanaf Aalst weer niet langer gestoord worden door verkeer naar de luchthaven en verder.

Maar dit alles samenpersen op één ring is om problemen vragen! Jawel! Brussel heeft het allemaal naar zich toe willen trekken, en ziet daar nu de gevolgen van! We hebben een wegennet dat steeds weer uitbreidde ‘naar de behoefte van de dag’, en weinig of geen rekening hield met de toekomst!

Misschien zal men er toch eens moeten aan denken een aantal autowegen aan te passen en tot ‘supersnelwegen’ te promoveren. Supersnelwegen die géén grote steden meer aandoen, maar er op een tien tot twintig kilometer van af blijven, met comfortabele, voldoende lange ‘verbindingsautowegen’ naar die steden. Zo zal men altijd alleen maar in de file naar zijn eigen eindbestemming kunnen blijven steken en zal vooral ook onze nationale luchthaven een pak sneller te bereiken zijn.

Misschien een natte droom van een verkeersfanaat, maar waarschijnlijk zal het ooit de enige oplossing blijken te zijn als we nog een beetje mobiel willen blijven. Supersnelwegen van 6 of meer rijstroken per richting, die angstvallig op minstens 10 kilometer afstand van de grootsteden blijven. Van uiterst west naar uiterst oost, en van uiterst noord naar uiterst zuid.

Te laat is het in elk geval nog niet. Veel bestaande autowegen zijn nog relatief gemakkelijk in die zin aan te passen. Sommige andere zouden dan misschien wel overbodig kunnen worden en vervangen worden door bossen, om de groene jongens te plezieren. Wat dié zullen er wel als de kippen bij zijn om nóg meer autowegen af te keuren! Tenzij andere autowegen daardoor zouden kunnen vervallen.

Met enige logische planning zouden het dan ook geen extra autowegen hoeven te worden, maar grotendeels een verschuiving van de bestaande, ter verhoging van de efficiëntie.

Ik gooi ook geen stenen naar de bouwers van de eerste snelwegen! Wie had toén kunnen vermoeden welke vaart het allemaal zou nemen?

Nog maar eens een voorbeeld van hoe moeilijk het is realistisch vooruit te denken alvorens ergens aan te beginnen! En toch… de snelle vooruitgang van het gemotoriseerd verkeer na de oorlog hàd belletjes kunnen doen rinkelen! Voor mensen die naar die belletjes wilden luisteren! Maar dat deden ze niet en het resultaat is een knoeiboel geworden die stukken beter zou kunnen mits aangepast aan de veranderde tijden.

En dat doet me weer denken aan een Parijse wetenschapper die aan het eind van de negentiende eeuw verklaarde dat, als er niets werd op gevonden, de paardendrollen in Parijs binnen twintig jaar een hoogte van honderd meter zouden bereiken volgens zijn berekeningen!

Gelukkig voor hem: twintig jaar later liepen er geen paarden meer in Parijs! En was er dus ook geen drollenprobleem meer.

Ongelukkig voor hem: zijn hele ‘drollenstudie’ was dus zinloos geweest.

Willy.
Geschreven door Willy om 09:43 Reageer op dit bericht

Human Definitions.

Dit lijstje heb ik maar wat bijgehouden en regelmatig aangevuld voor momenten waarin ik weinig andere inspiratie heb. Misschien een handvest dat Aliëns kunnen gebruiken als ze ooit op aarde landen:

Man:

mens waarmee te praten valt.

Vrouw:

mens die je enkel mag en moet aanhoren om geen conflicten uit te lokken.

Paren:

het onverenigbare verenigen.

Kind:

mens die nog niet geïnfecteerd is door bovenvermelde eigenschappen.

Moeder:

mens die er alles aan doet om haar kind er wél mee te infecteren.

Vader:

mens die er alles aan doet om dat te verhinderen.

Puber:

Mens die nog geen mens is maar wel al denkt het te zijn.

Vriend:

mens die er altijd voor je is. Die met je lacht en met je grient.

Vriendin:

mens die altijd in is voor een lekker potje roddel of ruzie.

Familie:

niks om je druk over te maken. Gewoon laten betijen.

Maitresse:

zoals het woord zelf zegt: iemand die je overmeestert, maar dan in een zalige zin.

Homo:

een vergissinkje van de natuur.

Lesbienne:

evenwichtsherstelling om bovenstaande vergissing te compenseren.

Crimineel:

iemand die zich door duizend en een wetten gesteund weet.

Advocaat:

iemand die alleen naam kan maken door het onverdedigbare te verdedigen.

Politicus:

iemand die niet in staat is datgene te doen wat hij van anderen verlangt.

Zot:

iemand die al het bovenvermelde aan zijn laars lapt om niet gek te worden.

Hond:

wezen dat voor een hondenleven heeft gekozen en misschien wel gelijk heeft ook!

Hondenbaasje:

iemand die een leven zonder hond een hondenleven vindt.

Vergat ik nog iets? Misschien. Maar Aliëns kunnen met dat lijstje toch al een heel eind ver komen in een poging tot het begrijpen van onze ‘beschaving’!

Willy.

Geschreven door Willy om 09:52 Reageer op dit bericht

Meer van Bewust_zijn

↑ Terug naar de berichten