
... vanwege plaatsgebrek. Ik heb het nog een laatste keer over dat artikel over mij in de artikelenreeks 'de Stoel'. Ik nam daarin - in tegenstelling tot alle anderen die in hun favoriete stoel gaan zitten - plaats op zo'n Brugs groengeschilderd bankje aan de Vismarkt met Frank Van Acker met zijn diep gegroefd gezicht waarschuwend op de achtergrond. In dat artikel in het BH kwam u misschien iets te weten over mijzelf, maar weinig over wat me in deze stad bezighoudt buiten fotograferen. Toch had ik een en ander daarover willen vertellen. Daarom doe ik het nu opnieuw in deel 2 van wat het Brugsch Handelsblad verzweeg, euh pardon: niet schreef, vanwege plaatsgebrek.
Mijn vrouw is gehandicapt en wij wonen in het centrum van Brugge. Als wij ons samen in deze binnenstad willen verplaatsen, dan is mijn vrouw aangewezen op een rolstoel die ik voortduw. Lastig is dat, enorm lastig, vooral voor mij. Op de vingers van één hand kunt u de rolstoelgebruikers tellen die met een elektrisch aangedreven rolstoel door onze binnenstad rijden. Die nemen altijd de hobbelige rijweg want die dingen zijn niet gemaakt voor de trottoirs die meestal heel oneffen liggen, dikwijls te smal zijn en ook te pas en te onpas belemmerd worden door fietsen, auto's of zelfs vrachtwagens. Mijn vrouw doet het dus nog met een mechanisch ding en ik kan u verzekeren dat het voor de begeleider, die uit veiligheidsoverwegingen overal het voetpad probeert te nemen, een erg veel inspanningen vergende en zenuwslopende bezigheid is, waarbij op alles gelet moet worden. Op de toeristen bijvoorbeeld die nooit op niks letten en hun verstrooide zelf proberen te zijn. In datzelfde Brugsch Handelsblad verscheen tijdens de maand november een paginagroot artikel ivm rolstoelgebruik in Brugge. Dat artikel stond bol van positieve dingen. Eén der weinig negatieve opmerkingen kwam er van een rolstoelgebruiker zelf die de bankautomaten overal (met uitzondering van één, rara waar?) veel te hoog voor hem vond. En dat was het. Burgemeester Moenaert was er bijvoorbeeld fier op dat er aan de dienst Bevolking in het Brugse Vrije speciaal voor rolstoelgebruikers een buitenlift is. Welnu, die buitenlift liet het uitgerekend op de dag dat mijn vrouw er om haar nieuwe identiteitskaart ging afweten. Ik vermoedde dat het kwam vanwege de regen die het mechanisme binnendrong! Maar toen ik aan het loket stond en het defect meldde kreeg ik te horen dat dat nog al gebeurd was. Fijne buitenlift heeft u, meneer Moenaert!
En wat dan bijvoorbeeld te zeggen van de Post? Tenminste als men tegenwoordig nog een postkantoor in het centrum kan vinden! Die ene grote op de Markt, jaah, die is er nog, maar die is bij wijze van spreken al eeuwen onbereikbaar voor rolstoelgebruikers vanwege de vele trappen. Waarom plaatst men daar geen loopbrug? Omdat er anders een verstrooide toerist of iemand met zijn zatte kl.. kan overtuimelen?
Regelmatig wandelen mijn vrouw en ik vanaf de overkant van het Station naar het Zand. Dat doen we op het het fietspad, want daar is dat mooi effen voor de rolstoel en fietsers en bromfietsers kunnen er ons altijd nog veilig passeren. Ooit kregen we een bitse opmerking van een fietser dat we op het voetpad moesten lopen. Het was duidelijk geen fietser die ooit al eens geprobeerd had om op dat voetpad te fietsen, want zelfs voor zo'n vehikel is het daar opletten geblazen met al die oneffen stenen en gaten ertussen.
Conclusie: ons Brugge kan nog altijd stukken verbeterd worden, en zeker voor enkelen van de zwaksten onder ons: de rolstoelgebruikers. Als niet alleen het stadsbestuur daarvoor extra inspanningen zou willen doen, maar als daar bovenop de dagelijkse weggebruikers wat minder egoïstisch zouden willen zijn, dan zou het leven van de zwakkere mensen in onze maatschappij een stuk aangenamer kunnen zijn. Maar ik vrees dat wat ik nu verkondig een illusie is.
En nu stop ik met zagen ... tenminste voor vandaag.