Lucien Vervaeke.

Stamboomonderzoek Verhelst - Vervaeke
Lucien Vervaeke.
Generatie 5. betovergrootouders Vervaeke - Carbonez. Sosa 28 en 29.
Emiel Cyriel Vervaeke.

Broer van mijn oma.
Emiel werd geboren te Lichtervelde op 4 september 1911. Hij was landbouwer van beroep.
Hij overleed te Torhout op 30 juni 1981.
Hij was getrouwd met Maria Farasyn. Maria werd geboren te Torhout op 20 januari 1915 en overleed er op 9 maart 2003.
Info gekregen van hun dochter Christine.
Christine is gehuwd met Leon Van de Waetere en ze hebben 1 dochter, Ilse.
Jules Jozef Vervaeke.
Ook geëmigreerd naar Canada, maar dan naar Woodslee R.R.I. Ontario...deze foto is uit de jaren 1960.
Roger Oswald Vervaeke.
Emeric Vervaeke.
Emeric Oswald Vervaeke.
Geëmigreerd naar Vanessa R.R.3 Ontario Canada, waar hij een boerderij kocht...de foto's zijn denk ik uit de jaren 1920.
Leon Vervaeke in legerdienst.
Cyriel Vanacker...Leon Vervaeke...Sidon Mackelberghe
Zus van mijn oma, Maria Lucia Vervaeke.
Broers en zussen van mijn oma Julia Vervaeke.
Julia Vervaeke, geboren te Lichtervelde op 8 augustus 1896 en overleden op 15 maart 1979 te Izegem, was de oudste dochter van
Kerkhof Longueval.
Boerderij aan het Bois Fourcaux te Longueval.
Hermina Sidonia margarita Vervaeke - Decock. Sosa 15.
Overgrootvader Alfons Vervaeke. Sosa 14.
Generatie 4. Overgrootouders Vervaecke - Decock. Sosa 14 en 15.

Op woensdag 25 september 1895 om 9 uur 's morgens stonden mijn overgrootouders voor de schepen / ambtenaar van den burgelijken stand , dhr.Eduard Farasijn, te Lichtervelde, om te trouwen.
Hij Alphonsus Vervaeke, molenaar van beroep, geboren (21 maart 1869) en getogen te Lichtervelde,
meerderjarigen en ongehuwden zoon van Franciscus Vervaeke, oud 53 jaar, en van Louise Carbonez, oud 54 jaar, molenaars en landbouwers van beroep.
Zij Hermina, Sidonia, Margarita Decock, landbouwersdochter, wonende en geboren (1 februari 1873) te Lichtervelde, meerderjarige ongehuwde dochter van Jan Decock, oud 67 jaar, en van Regina Vanoverschelde, overleden op 18 juli 1888.
De getuigen bij het huwelijk waren:
Henri Decock, oud 33 jaar, beenhouwer van beroep en broer van de bruid.
Leonard Decock, oud 24 jaar, landbouwer en ook een broer van de bruid.
Eduard Vancoillie, 62 jaar en ook beenhouwer gewoon een goeie kennis.
Edmond Debaillie, 51 jaar, herbergier en ook bekende van de familie.
Na voorlezing en ondertekening van de akte hadden ze hopelijk tijd om de gebeurtenis eens goed te vieren.
Na hun huwelijk begonnen ze met een kleine boerderij in Lichtervelde. Ze kregen daar 9 kinderen. Polydor hun 3de kind overleed in 1921 in Lichtervelde, door een ongeval aan het spoor, hij was toen 22 jaar. Kort daarna verhuisde het complete gezin naar een boerderij in Woumen.
Hier trouwde mijn oma Julia, de oudste dochter, met Alberic Verhelst.
Emeric trouwde eind jaren 20 met Gabrielle Vandamme , zij emmigreerden naar Canada waar ze een tabaksplantage runden. Hadden 1 zoon Roger Vervaeke.
Enige tijd later zou ook Jules naar Canada verhuizen, de eerste tijd woonde en werkte hij bij zijn broer.
Begin jaren 30 verhuisden Alphons en Hermina naar de boerderij in Bois Fourcaux in Longueval , Somme Noord-Frankrijk. De rest van de kinderen gingen mee...ook
mijn opa en oma en mama woonden er nog een tijd in, later verhuisden ze naar Templemare.
Achiel overleed daar op 24 januari 1941, Hermina op 18 februari 1945. Ze liggen er begraven op het kleine kerkhof.
Emiel trouwde in de jaren 50 met Maria Farasyn en ging op een boerderij in Torhout wonen. Kregen 1 dochter Christine.
Maria Lucia, overleed op 2 juli 1963 te Longueval.
Nu waren alleen Achiel, Leonard en Lucien over...kort hierna vertrokken ze allemaal weer richting West-Vlaanderen.
Achiel naar Kortemarke, waar hij op 15 februari 1978 overleed
Lucien naar Ploegsteert hij overleed te Ieper op 1 november 1977.
Leonard naar Loker, waar hij op 10 februari 1982 overleed.
bijgewerkt 30-06-2014.
Schooltje Longueval 1936.
Deze foto werd genomen op de speelplaats achter het schoolgebouwtje in Longueval...zo te zien waren het toen geen hoogtijdagen...waar het kruisje bijstaat is mama, 13 jaar oud.
Schooltje Longueval in 2002.
Kachtemse schuwe Maandag (8)Deze tekst die uit een plaatselijke krant kwam (welke weet ik echter niet) , kreeg ik ooit van mijn pepé Alberic Verhelst...het is een deel van een tragische gebeurtenis die zich afspeelde in de oorlog en waar 2 van zijn broers bij betrokken waren nml.René en Camiel Verhelst.
Met de revolver in de vuist verplichtten ze iedereen eruit te komen en staken daarna de ast in brand. Allen werden op een rij geplaatst met de rug naar het huis van Haerinck. "Sie haben geschossen" klonk het ruw en dit betekende het doodsvonnis voor allen. De kleine jongen die naast zijn oudere broer stond, werd uit de rij gerukt met de woorden: "Du hast nicht geschossen !" Nadat allen afgetast waren en Julien Haerinck de zwachtel van zijn gewonde vinger werd afgerukt, werden de veroordeelden naar het einde van de koer gedreven alwaar de terechtstelling zou plaatsvinden. Weer was de "' kleine Marcel naast zijn peter gaan staan, niet begrijpende wat er gebeurd was en opnieuw werd hij uit de rij genomen en weggejaagd. Zo stonden ze dan op een rij voor het eksekutiepeleton. Van links naar rechts: Verhelst René, Haerinck Julien, Verhelst Camiel, Dejonckheere Pius, VandewaetereGodfried, Denolf Omer, Deleu Palmer en Deleu Cyriel. Toen de soldaten aanlegden om te vuren, stoof de rij uiteen. Cyriel Deleu vluchtte over de muur. De gebroeders Verhelst. Palmer Deleu en Julien-Haerinek vluchtten onder 't magazijn en de drie anderen renden in wanhoop de koer op. Deze laatsten werden op de koer door bajonettesteken afgemaakt en meester Denolf werd zelfs het hoofd gekloven. Cyriel Deleu werd achtervolgd en aan de achterdeur van Victor Coals neergeschoten en het hoofd gekloven. In de vlucht onder het magazijn werd Julien Haerinek door een kogel getroffen en hij stortte neer.
Hij trachtte zich nog '"op de vrachtwagen te tillen en zijn kreunen werd gehoord. Palmer was in de linkerhoek gevlucht en wist zich te verschuilen in de aalbak. Camiel Verhelst was naar de rechterhoek gevlogen en had zich laten vallen tussen het kippenrek en de muur. René Verhelst, getroffen door een kogel in de rechterhand, sprong achter zakken kolen die klaar stonden voor levering. Twee zakken keerden om en zo werd hij met kolen bedekt. Een soldaat kwam met een zaklamp nog even loeren onder 't magazijn. "Niets dan kippen", opperde hij, maar hoorde het kreunen van de stervende jongeling op de wagen. Twee revolverschoten stelden een einde aan zijn lijden. 't Werd langzaam stil op de koer. De rook van de brand in den ast sloeg tegen de grond en hield iedereen op afstand.
De soldaten gingen verder drinken in de goed voorziene herberg en in het huis van de juffrouwen Vandoorne dat ze opengebroken hadden. Zo trachtten ze nun verwijtend geweten het zwijgen op te leggen. De drie ontsnapten aan de moordpartij kregen hinder in hun schuilplaats door de rook van de brandende ast. Palmer vluchtte schichtig over de muur. Hij sprong onbewust over het lijk van zijn vader heen en rende als een bezetene naar 't Hoge.
Camiel Verhelst kroop voorzichtig vanonder de kippen die hem zo goed beschermd haddën. Hij hielp zijn gewondè broer, die reeds koorstig was, van onder de kolen en vluchtte dan verder over de muur. Op straat komen durfden ze niet. Ze kropen over handen en voeten door de aanpalende hovingen, bleven hier en daar een tijdje onder een haag liggen en geraakten eindelijk in het open veld waar ze tussen het loof de nacht doorbrachten.
Intussen moest gijzelaar Alberic Ostyn verder mee om plaats te zoeken voor manschappen en paarden. In 't Nieuw Gemeentehuis waren de soldaten lastig tegen hem. Ze hadden er immers de vlag en kepi der Leopoldisten gevonden. Alberic die welbespraakt was, maar toch geen Duits sprak, kon na heel wat inspanning de soldaten iets wijs maken dat deze dingen niet van het Belgische leger waren. Paarden werden geplaatst in de kongregatiezaal, op de speelplaats van de jongensschool en in de klassen.
Alberic begon het beter en beter te stellen met de soldaten en kreeg tenslotte ook nog drinkgeld en mocht na al zijn uitgestane angsten weer naar vrouw en kinderen terug.
De kleine Marcel Haerinck was het moordtoneel ontvlucht en had in zijn eenzame ellende een schuilplaats gezocht in het huis van Deleu. In de nacht kon het kind meermalen, in het vage licht van een lantaarn, opkijken tegen de hoge laarzen van aanzittende soldaten.' -
Mijn grootvader Alberic Verhelst. Sosa 6.
Broers en zussen van opa Verhelst met hun gezin.