
The Basques, their struggle for independence
ISBN 186057 0186
Copyright © Luis Núñez 1995. First published in the Basque Country as “La razón Vasca”, by Txalaparta, 1995.
Eén van de betere boeken in het Engels over de politieke situatie in Baskenland, geschreven door de toenmalige hoofdredacteur van het linkse Baskischtalige dagblad “Egin”, Luis Nünez Astrain, in 1998 gesloten door de Spaanse justitie.
Ondanks dat het boek in 1995 geschreven werd, en in 1997 werd vertaald, is het nog steeds actueel. De administratieve opdeling van de 7 Baskische provincies is immers nog een feit, marteling en repressie nog aan de orde van de dag en het zogenaamde ‘Autonomiestatuut’ is nog steeds aan kritiek onderhevig. In de afgelopen tien jaar is natuurlijk erg veel gebeurd; ten goede natuurlijk de permanente wapenstilstand van ETA, ten slechte de tientallen slachtoffers die zijn gevallen en de talloze organisaties die verboden zijn verklaard en de honderden arrestaties die uitgevoerd werden. De kern van het conflict blijft echter bestaan; het in een klimaat van vrede het uitoefenen van het recht op zelfbeschikking van de Baskische bevolking.
In wat voor soort land wil de Baskische bevolking leven? In wat voor politiek raamwerk willen zij hun leven vorm geven? Bij welke buitenlandse politiek willen zij betrokken worden? In Baskenland wilden ze niet bij de NAVO, ook wilden ze niet betrokken worden bij de oorlog in Irak, net als miljoenen Spanjaarden trouwens. Mag het haar eigen oeroude taal conserveren en nieuw leven inblazen? Mag het gebied haar eigen immigratiepolitiek bepalen? Een eigen belastingsysteem invoeren? Haar eigen docenten en professoren op universiteiten aanstellen?
Astrain beschrijft kernachtig en vlot de moeilijkheden van de administratieve opdeling van de gebieden waar Basken wonen, zoals de verwarring die ontstaat bij verkiezingen bijvoorbeeld. Er kan gestemd worden voor maar liefst 12 instanties; natuurlijk de gemeenteraad, dan voor het provinciebestuur van Naffaroa (Concejo), het algemeen bestuur van de provincie Pyrénées-Atlantiques, waar de Frans-Baskische gebieden onder vallen, de ‘Juntas Generales’ van de 3 westelijke provincies, het parlement van Naffaroa, het Autonome Parlement van Gasteiz van de Baskische Autonome Gemeenschap, de Algemene Raad van Aquitaine in Frankrijk, het Spaanse congres en de senaat, het Franse parlement, de presidentsverkiezingen van Frankrijk en het Europees Parlement. Democratische vertegenwoordiging genoeg voor die Basken zou je denken.
Hij schrijft ook over het vroegere koninkrijk van Naffaroa, de eerste Carlistische oorlog van 1833-1939, de 2e van 1872-1876, de Spaanse burgeroorlog van 1936-1939 en de periode Franco 1939-1975. En natuurlijk de geboorte van het Baskisch nationalisme en het ontstaan van ETA, de referenda die werden gehouden en de oprichting van het inmiddels buiten de wet gestelde Herri Batasuna. Ook andere historische gebeurtenissen als de gesprekken in Algiers tussen ETA en de Spaanse regering en wat daaraan vooraf ging komen langs.
Het is interessant om daar, in het licht van de huidige permanente wapenstilstand van ETA, even bij stil te staan. In 1975, direct na de door van Franco, is er tweemaal contact tussen ETA en een vertegenwoordiger van de koning, de latere minister Marcelino Oreja. Oreja wil een wapenstilstand van ETA in ruil voor ‘wat beloftes’, maar ETA vindt het voorstel niet duidelijk en doortimmerd genoeg. In Geneve wordt begin 1977 vervolgens gesproken tussen ETA en 3 hoge officieren van het Spaanse leger, die de terugkeer van bannelingen, de vrijlating van gevangenen en de legalisering van politieke partijen beloofden. In ruil daarvoor zou ETA een wapenstilstand van 3 maanden in acht moeten nemen. ETA ging er niet op in omdat de legalisering van organisaties niet ter hand werd genomen, maar behield in Parijs wel contact met de Spaanse regering, evenals leden van KAS overigens. In 1978 spraken Josep Tarradellas, president van Catalonia en de nog in ballingschap verkerende Baskische president Jesus Maria Leizaola met ETA. In juni van dat jaar werd opnieuw gesproken, ook advocaat Inaki Esnaola, die ETA-gevangenen bijstond, probeert gesprekken op gang te krijgen. In 1981 wordt dan een papieren akkoord bereikt over vrijlating van gevangenen en terugkeer van vluchtelingen in ruil voor een wapenstilstand. In 1986 beginnen dan de beruchte gesprekken in Algiers, met de Etarra Txomin Iturbe, die bij praktisch alle gesprekken aanwezig was, en vertegenwoordigers van de Spaanse regering. Opvallend was trouwens dat in 1984 de Franse ambassadeur in Madrid zich bemoeide met de (pogingen tot) onderhandelingen door te stellen dat Frankrijk zal stoppen met het uitleveren van Baskische vluchtelingen aan Spanje als ETA een wapenstilstand zou inlassen. Dit voorstel werd door ETA als een dreigement opgevat en er werd geen gehoor aan gegeven.
Dan komt Iturbe, die dus in 1986 naar Algerije werd gedeporteerd, bij een ongeluk om het leven. Zijn begrafenis op 8 maart 1987 in Mondragón in de Baskische provincie Gipuzkoa was een van de grootste publieke steunbetuigingen aan ETA. Dan legt ETA de beruchte bom in de Hipercor-supermarkt in Barcelona, op 19 juni 1987, waarbij 21 mensen omkomen. In een onderzoeksrapport dat op 20 juni 1994 wordt gepubliceerd, wordt geconcludeerd dat de politie ruim de tijd had na de waarschuwing voor de bom van ETA om de supermarkt te ontruimen en de doden te voorkomen. Maar de schuld voor het enorme risico van het plaatsen van een bom op zo’n plaats en dan vertrouwen op de politie om de boel te ontruimen, ligt natuurlijk bij de bommenleggers zelf, de ETA. Laat dat duidelijk zijn. ETA beseft zich haar precaire positie en biedt excuses aan en reprimeerd de daders. Een kleine maand later wordt Eugenio Etxebeste namens ETA van zijn banningsoord Ecuador naar Algerije overgebracht om de gesprekken te hervatten.
Dan gaat er van alles mis; ETA maakt bezwaar tegen de intermediair die van de politie is, Frankrijk begint op 3 oktober een enorm offensief tegen Baskische vluchtelingen, ETA valt waarschijnlijk als antwoord daarop, op 11 december 1987 een kazerne van de Guardia Civil aan en de Spaanse regering schort alle gesprekken op totdat ETA een wapenstilstand uitroept. Pas eind 1988, na veel over en weerverklaringen, wordt een akkoord bereikt om opnieuw te gaan praten, en tussen 15 januari en 4 april 1989 is er een wederzijdse wapenstilstand, geen bommen en geen arrestaties. De verlenging van het bestand mislukt door de externe druk van reactionaire krachten op de PSOE-regering, die verklaarde de Grondwet en het Statuut te zullen blijven verdedigen, en ETA hervat haar bommencampagne op 8 april. De deur voor onderhandelingen op deze manier is voorgoed dichtgegooid.
Astrain besluit zijn boek met hoofdstukken over marteling en repressie in Baskenland, de participerende democratie zoals die door vele organisaties van de linkse onafhankelijkheid in de praktijk wordt gebracht en een beschouwing over het recht op zelfbeschikking. Kortom, bijna 10 jaar na vertaling nog steeds een aanrader!
(Bron boekbespreking: BIC-Baskinfo.org)