
Euskadi Ta Askatasuna
ETA 50 jaar
1958-2008
Gewoonlijk worden terroristische acties gepleegd door machtigen (bezetters) gedefinieerd als militaire acties,
terwijl militaire acties (verzet) gepleegd door minderheden (zwakkeren) gedefinieerd worden als terroristische acties.
Op 31 juli 1999 bloklettert de krant "Gara": "ETA bestaat 40 jaar en verschillende maanden". De aanvulling "verschillende maanden" verwijst naar het feit dat ETA eigenlijk niet op 31 juli 1959 ontstaan is, maar eerder in 1958 (zij opereerden al een paar maanden in alle anonimiteit en in alle clandestiniteit). Deze maand bestaat ETA dus 50 jaar.
In december 1958, tijdens een bijeenkomst in Deba, werd onder het voorzitterschap van EGI-EKIN beslist om een nieuwe organisatie op te richten, die de naam zal dragen Euskadi Ta Askatasuna - E.T.A.
Toen een brief aan de Lehendakari Agirre, in ballingschap, begin juli 1959 was uitgelekt en het drieletterwoord publiek werd, heeft ETA 31 juli 1959 aangegrepen om hun oprichting in december 1958 te officialiseren. Om de ontevredenheid tegenover de PNV symbolisch te onderstrepen, kozen de oprichters van ETA als “tweede” dies natalis de datum 31 juli 1959, de 64ste verjaardag van de oprichting van de PNV.
“Euskadi Ta Askatasuna” (ETA) was de enige organisatie die het aandurfde de Franco-dictatuur aan te vallen. Ze genoten dan ook in héél Spanje van een grote populariteit. Ik herinner mij nog Tv-beelden van vroeger waar een nooit geziene massa Basken in een manifestatie opstapte achter de slagzin: "ETA, ETA, ETA, más de metralleta!". Het scanderen van die slagzin was overdonderend. Maar toen na de dictatuur de “democratuur” uitbrak, vergaten de Spaanse "democraten" de eisen van de Basken. Ze bleven zich vanuit Madrid met het Baskische huishouden bemoeien. Dus bleef ook ETA dit bestrijden en dat was "erg vervelend" voor Spanje. Toen de historische ETA-leiders van het toneel verdwenen (gedood, gedeporteerd, gevangen, gevlucht) en vervangen werden, wist iedereen meteen dat die "vervangers" niet zo charismatisch waren.
Waarom is ETA (nog steeds) niet verdwenen?
Dat in een overgangstijd waarin ook de tegenpartij zeer hard optrad, Etarras met hun geweld doorgingen en dat zelfs opvoerden, laat zich nog wel begrijpen. Maar waarom is dat geweld ook na 1982, toen het autonomiestatuut in werking trad en in Spanje de PSOE de macht kreeg, nooit helemaal verdwenen en waarom is het ook vandaag nog niet verdwenen?
Ongetwijfeld speelt het feit een rol dat in de spiraal van actie-reactie het optreden van de ordebewaarders in Baskenland niet altijd even gelukkig is geweest, om het eufemistisch uit te drukken. Het politie-apparaat is natuurlijk niet van de ene dag op de andere democratisch geworden, het is zelfs nooit democratisch geworden, en ETA heeft altijd volgrhouden in staat van oorlog te zijn met alle in Baskenland aanwezige leger- en politie-eenheden. En in een oorlog wordt met scherp geschoten. Voornamelijk de paramilitaire Guardia Civil wordt nog altijd gezien als het Franquistische symbool bij uitstek van het feit dat de Basken door Spanje worden onderdrukt. De dood van een behoorlijk aantal collega's zal het enthousiasme voor de Baskische zaak en voor ETA in kringen van het politionele- en militaire apparaat niet hebben vergroot, en verklaart mede het optreden van de zogeheten doodseskaders van GAL, de Grupos Antiterroristas de Liberación, in de vuile oorlog. Het feit dat het ETA-geweld in de jaren tachtig en negentig vaak ook volstrekt onschuldige, argeloze burgers heeft getroffen, zal de geneigdheid om ETA te vergeven ook in bredere kring niet hebben bevorderd. Aan de andere kant is er uiteraard nog veel ressentiment bij veel Basken ten opzichte van 'de Spanjaarden', die hun land manu militari hebben geannexeerd. Hoewel een overgrote meerderheid van de Basken ETA liever kwijt dan rijk is, kan ETA toch nog voldoende garen spinnen omdat de "democratie" al lang niet meer gespeeld wordt, zoals het eigenlijk zou moeten.
Bovendien is het doel van de meeste nationalisten, volledige onafhankelijkheid, nog niet bereikt en het lijkt, eerlijk gezegd, ook niet spoedig naderbij te komen. Gezien het feit dat grofweg de helft van de inwoners van Baskenland een of andere nationalistische beweging steunt (PNV, EA, HB, ANV, Aralar) en dus uitbreiding van de autonomie en uiteindelijke onafhankelijkheid wil, is er nog alle reden voor politieke druk op Spanje. Het geweld van ETA kan in deze situatie vaak fungeren als een pressiemiddel. Van het ideaal van de Abertzale-bewegingen, een onafhankelijke Baskische staat, is nog helemaal niets terechtgekomen, dus voor hen is ETA's optreden zeker niet zinloos.
Diegenen die zelf geweld gebruiken of dat althans steunen, gaan volledig op in 'de strijd' waarvoor alles willen opgeven, ook hun eigen leven. Zij kunnen zich moeilijk een ander leven voorstellen, zeker wanneer daarin alles toch min of meer voor niets mocht blijken te zijn geweest. Zoals gezegd, de nationale strijd is voor de radicalen een wijze van leven. Wie stopt, geeft behalve een leefwijze, ook een vrienden- en kennissenkring op. De huidige uitzonderingstoestand met een ongemeen brutaal optreden in Baskenland door Guardia Civil en Ertaintza, creëert bovendien een groot reservoir van gefrustreerden, jongeren die geen perspectief zien en gevoelig zijn voor radicale leuzen en methoden.
De nationale strijd krijgt in toenemende mate ook meer en meer implicaties voor het samenleven binnen Baskenland zelf. Conflicten en meningsverschillen tussen personen die in Baskenland wonen - Basken zowel als niet-Basken - zijn er al vanaf het ontstaan van de nationale beweging geweest, maar het heeft er alle schijn van dat de laatste jaren de spanningen tussen Basken onderling weer ernstiger worden. De belangrijkste scheidslijn loopt tussen PNV en EA enerzijds en HB en ETA anderzijds. Niet alleen de Spaanse politieke partijen PSOE en PP of de met Madrid meeheulende PNV en rijke Basken roepen de ergernis op van radicale nationalisten. Stel je maar eens voor om jarenlang in een uitzonderingstoestand (een soort staat van beleg) te moeten leven.
Het staat in de sterren geschreven dat Baskenland en ETA nog vaak de voorpagina van de kranten zullen halen.
Het draagvlak van ETA
Voor alle duidelijkheid wil ik andermaal onderstrepen dat ik tegen alle geweld ben. Maar mijn mening doet hier wellicht weinig terzake. Ik heb trouwens gemakkelijk praten: ik kan deze regels bij wijze van spreken zo uit mijn knusse zetel neerpennen. Veel belangrijker om weten, is wat er ter plaatste vandaag over ETA gedacht wordt. De tijd dat ETA in heel Spanje van een grote popularireit en sympatie kon genieten, is met de jaren gevoelig verminderd. Iedereen is het geweld beu. Ik benadruk: alle geweld, ook dat van de staat dus!
Op 11 oktober 2008 werden onderzoeksresultaten vrijgegeven door Euskobarómetro, een onderzoeksbureau van het Departement Politieke Wetenschappen van de Universidad del Pais Vasco (UPV-EHU). Uit die onderzoeksresultaten blijkt, zelfs bij de Abertzalebeweging, een groeiend gebrek aan genegenheid ten aanzien van ETA.
In de periode 1995-2007 is de totale steun die Izquierda Abertzale aan ETA verleende gedaald van 20 % naar 2 %. De kritische rechtvaardiging van de gewapende acties is gedaald van 34 % naar 8 %. De steun voor de doelstellingen van ETA echter, gekoppeld aan het verzaken van geweld, is gestegen van 34 % naar 41 %. De totale afwijzing van ETA is gestegen van 4 % naar 11%. Terwijl in 1999 nog 50 % van de Abertzales, de militanten van ETA beschouwde als “patriotten”, is dat gedaald tot 18 %.
Scriptie over ETA