
Het politieke proces van de eeuw
18/98
Het politieke proces, voorgesteld onder de mantel van een juridisch proces, heeft op 19 december 2007, bevestigt wat al twee jaar geweten was. Het vonnis was al uitgeschreven voor de start van het proces op 21 november 2005. In november 2007 verscheen in de kranten al de strafmaat toegekend aan elke beklaagde afzonderlijk. De hoge magistraat moest zich zogezegd nog beraden over de strafmaat, maar wat 4 à 5 weken geleden in de kranten verscheen, is exact het vonnis dat op 19 december 2007 werd voorgelezen.
De aanval was eigenlijk al begonnen in 1996 toen, na een furieuze en georkestreerde mediacampagne, de eerste verdachtmakingen gelanceerd werden tegen Herri Batasuna. De voltallige directie werd veroordeeld en opgesloten. Dit was zonder voorgaande in Europa. De socialisten (PSOE), waren toen aan de macht. Een paar jaar later, toen de PP de macht overnam, werd de repressieve strategie agendapunt nummer 1 voor de regering. Ideeën, initiatieven, sociale en politieke activiteiten werden gecriminaliseerd. Onder impuls van magistraat Baltasar Garzón werd vanaf dit moment de filosofie van het “netwerk” uitgetekend. Personen en organisaties die hetzelfde doel nastreefden als ETA (zelfbeschikking) werden beschouwd als het “netwerk” van ETA. De finaliteit was al die personen en organisaties buiten de wet te stellen. Het motto “Todo es ETA”, ze zijn allemaal van ETA, moest juridische stappen en veroordelingen vergemakkelijken. De impuls van deze strategie was louter politiek: de sacrosancte eenheid van het grote Spanje vrijwaren. De processen die gevoerd werden, waren generaliserend: ze handelden niet over specifieke delicten, maar over algemeen vooringenomen stellingen die tot doel hadden een bepaalde socio-politieke gemeenschap te straffen. Als klap op de vuurpijl werden die processen gevoerd voor een uitzonderingsrechtbank, de Audiencia Nacional, opvolger van het “Tribunal de Orden Público” onder Franco. De Audiencia Nacional hanteerde eigen normen over de rechtstaat, en dit met goedkeuring van de uitvoerende macht. Verklaringen afgelegd onder de vreselijkste folteringen werden met de mantel van de macht bedekt en op de koop toe als wettelijk bewijsmateriaal aanvaard. Vreemde zaken zijn er in de rechtszaal gebeurd. Meerdere malen werd het recht op verdediging geschonden. Vanaf het begin werd een rechtsprocedure naar eigen goeddunken gehanteerd, de vooringenomenheid van het Hof lag er vingerdik op, personen die rechtstreeks met het onderzoek betrokken waren, werden onder hevig protest van de verdediging toch als “deskundigen” opgeroepen, bewijslast (vooral ten ontlaste) verdween, documenten waren onvolledig, 100.000 documenten, waarvan de verdediging niet in kennis werd gesteld, werden op de rol geplaatst, meermaals werd aan de beklaagden of aan de verdediging het woord ontnomen, de vertalingen van het Euskara naar het Castilliaans brachten totaal verkeerde interpretaties aan het licht, tegenstrijdige verklaringen waren schering en inslag, authentieke documenten die verdwenen waren, werden vervangen door al dan niet gemanipuleerde kopieën, vreselijke verhalen van folteringen, werden door het Hof als niet ter zake weggewuifd…
Op 19 december 2007, dag van de uitspraak, kon de Spaanse regering (socialisten!) het niet nalaten nog eens met groot machtsvertoon uit te pakken voor de uitzonderingsrechtbank, de Audiencia Nacional, in het Casa de Campo: de onmiddellijke omgeving was afgegrendeld door een zwarte (toepasselijke) meute van politieagenten, te paard, in overvalwagens, in uniform, in burger. De Guardia Civil hield een overkoepelend oog in het zeil.
Lakua klaagt aan dat ideeën worden opgesloten
Het moet al bijzonder erg zijn als de gematigde Baskische regering vanuit Lakua (de Baskische Wetstraat 16) op 20 december 2007 de stem verheft.
De Minister van Justitie van de Regering van Lakua, Joseba Azkarraga, heeft de gerechtelijke uitspraak als volgt getaxeerd: “De interpretatie van de wet is op een ontstellende manier verdraaid en verkeerd voorgesteld, enkel en alleen om op een onrechtvaardige wijze aan burgers hun vrijheid te ontzeggen. Bovendien baseerde het vonnis zich op een politieke premisse, die ervan uitgaat dat, Todo es ETA, alles is ETA. De uitspraak brengt de democratie een zware klap toe, en de Spaanse regering kan niet blijven zwijgen als ze ziet dat strafwetten en de interpretatie ervan zo manifest de nek worden omgewrongen. De tripartiete in onze Baskische regering is ervan overtuigd dat de (uitzonderingsrechtbank) Audiencia Nacional, doorheen het langdurige proces, op een verontrustende manier, de eis naar voldoende bewijslast heeft genegeerd. Een schoolvoorbeeld daarvan is het vermoeden van onschuld. Op geen enkele ogenblik is dit democratische rechtsprincipe aan bod gekomen. De Spaanse regering legt ons een nieuwe juridisch-strafrechterlijke terminologie op, afgeleid van een manifeste en nefaste politieke druk die een tabula rasa gemaakt heeft van het strafrecht. Hoe ver zijn zij nog in staat te gaan, als zelfs ideeën worden opgesloten?”
De onafhankelijkheidsbeweging reageert
“Dit was geen juridisch vonnis, maar een politieke beslissing. De Spaanse regering heeft de pen vastgehouden die het vonnis neerschreef. Een politieke beslissing van meedogenloze straf en brutale repressie ten aanzien van de onafhankelijkheidsbeweging”, aldus verklaarden Karmelo Landa en Mikel Etxaburu in de loop van de avond van 20 december 2007 te Bilbao. “De Spaanse regering heeft geopteerd voor een brutale repressie, die niet uitgetekend werd in de tribunalen, maar in de meest obscure hoeken van deze perfide regering, onder de leiding van Zapatero en Rubalcaba. Deze aanslag op de onafhankelijkheidsbeweging was trouwens niet mogelijk geweest zonder de medeplichtigheid van de PNV.”