
De dag na de sluiting
21 februari 2003
In de kiosk ligt geen Egunkaria meer. In de plaats daarvan ligt er wel Egunero, 'Dagelijks' in het Nederlands. Zwart-wit, amper 16 bladzijden "dik". Op de voorpagina staat in grote letters “itxia, baina ez isildua”. We zouden dat kunnen vertalen naar “Gesloten maar niet het zwijgen opgelegd”. In de krant staan de namen van de gearresteerden, plus een korte biografie.
Ook de eerste reacties op het gebeuren staan erin. Naast de voorspelbare reacties van PNV, EA, Batasuna en allerhande Baskische basisbewegingen zijn er twee zeer opmerkelijke bij van Angel Acebes (PP) en van Ramon Jauregi (PS van Euskadi). Volgens Acebes is “de operatie uitgevoerd ter verdediging van de Baskische cultuur en taal”. Jauregi, echter, reageert bijzonder verrast, want volgens hem “verbindt niemand Egunkaria met terrorisme”.
Met de sluiting van de krant is ook de webstek van Egunkaria geblokkeerd, alsook de provider ervan, Plazaguna. En dat heeft als gevolg dat tienduizenden e-postadressen niet meer beschikbaar zijn. In de krant staat een oproep om op zaterdag 22 februari 2003 te betogen in Donostia.
De dag na de sluiting (21 februari 2003) legden duizenden mensen rond het middaguur het werk neer om zich te verzamelen voor het hoofdkantoor van Egunkaria in Andoain. Zaterdag zag Donostia een van de grootste demonstraties ooit in deze stad. Amper twee dagen na de sluiting gingen tienduizenden, wellicht honderdduizenden de straat op om te protesteren tegen de sluiting. Vertegenwoordigers van de politieke partijen PNV, EA, Batasuna, en Aralar liepen mee, evenals vertegenwoordigers van de grootste vakbonden ELA en LAB. Ook veel vertegenwoordigers van de Baskische afdeling van de sociaaldemocratische partij PSOE liepen mee, zij het "ten persoonlijke titel". De Baskische regering liet zich vertegenwoordigen door drie van haar ministers. In de dagen daarna vinden er tientallen lokale demonstraties plaats in de steden en dorpen van Baskenland.
Overigens zit Baskenland geen dag zonder Baskischtalige krant. De dag na de sluiting van Egunkaria verschijnt Egunero, gemaakt door de arbeiders van Egunkaria. De oplage stijgt binnen enkele dagen tot maar liefst honderdduizend exemplaren.
Maandag, 24 februari 2003, blijkt dat de één van de gearresteerden, Zubiria sinds zaterdag in het ziekenhuis ligt, volgens de Spaanse media in verband te brengen met maagklachten. Maar in het ziekenhuis zou Zubiria geprobeerd hebben zelfmoord te plegen. De vrouw van Zubiria mag haar man niet bezoeken omdat hij nog steeds in incomunicado-detentie wordt gehouden. Het enige wat zij te horen krijgt over de toestand van haar man, is dat hij nog leeft. De angstige voorgevoelens van velen worden een dag later bewaarheid als vijf van de tien gearresteerden op borgtocht worden vrijgelaten. De directeur van Egunkaria, Matxelo Otamendi verklaart direct na zijn vrijlating te zijn gemarteld door de Guardia Civil. Hij werd verstikt door middel van een plastic zak (een martelmethode die bekend staat als "la Bolsa") en moest naakt tot uitputting toe oefeningen doen, waarbij hij werd geslagen en geschopt. Ook werd hem verteld dat de erepresident van Egunkaria, Ugalde, zou zijn omgekomen tijdens de huiszoeking. Als later de vijf mensen die niet zijn vrijgelaten met hun advocaat mogen spreken, blijkt dat zij op vergelijkbare wijze gemarteld zijn.
De toestand van Zubiria en de verklaring van Otamendi, beiden alom gerespecteerd voor hun werk voor de Baskische taal, doen een golf van verontwaardiging door Baskenland gaan. Partijen als de PNV, EA, Batasuna en IU eisen onmiddellijke opheldering. De Spaanse minister van justitie, Acebes, blijkt minder geschokt. Hij laat onmiddellijk onderzoeken of degenen die klagen over de martelingen, vervolgd kunnen worden wegens leugens. Acebes komt met het oude verhaal op de proppen dat het aangifte doen van martelingen een ETA-tactiek is die ook in het ETA-handboek vermeld staat. Dit ETA-handboek is eigenlijk een folder van de mensenrechtenorganisatie Gestoras Pro-Amnistia waarin mensen wordt gevraagd aangifte te doen als ze gemarteld zijn. Otamendi verklaart enige dagen later tegen Gara dat de Guardia Civil hem bedreigd had om niets te verklaren over zijn behandeling: "De Guardia Civil zei tegen me dat we elkaar nog wel tegen zullen komen, dat het leven lang is. Maar ik zei tegen mezelf, als ik dit niet aanklaag, ga ik weg uit mijn land." Uiteindelijk roept ook de Baskische president, Ibarretxe, op tot heropening van Egunkaria en de onmiddellijke vrijlating van Zubiria. Ook kondigt de Baskische regering aan dat ze in de toekomst subsidie zullen blijven geven aan Egunkaria en dat ze zullen adverteren in Egunero. Ook de grootste partij van Catalonia, CiU, geeft aan in de toekomst in Egunero te zullen adverteren. De PP eist een strafrechtelijk onderzoek tegen de instanties die in het "ETA-pamflet" adverteren.
In een verklaring verklaart de woordvoerder van Batasuna, Arnaldo Otegi, dat de enige motor van de totalitaire en neofascistische staat Spanje, de haat tegen Baskenland is. En hij stelt de Spaanse koning als eindverantwoordelijke van de martelpraktijken. Dit komt hem prompt op een strafrechtelijk onderzoek te staan. Volgens het Spaanse OM kan Otegi voor zijn uitlatingen twee jaar gevangenisstraf krijgen. Otegi reageert daarop met de mededeling dat hij alleen maar hardop zegt wat de meeste Basken denken.