GENIETEN LANGS DE KROMME RIJN

GENIETEN LANGS DE KROMME RIJN
Romantische ridderhofsteden
Joop Duijs
We beseffen het wel eens te weinig, maar Nederland is zo mooi en rijk aan cultuurgeschiedenis. Zo wandelde ik kort geleden in de buurt van Cothen. Slaperig plaatsje in Utrecht, met in de omgeving liefst vier ridderhofsteden die al in de middeleeuwen werden gebouwd en bewoond. Lang dus voordat de eerste blanke voet aan wal zette in Australië. De toenmalige bewoners reden reeds over de rechte bomenlanen die we vandaag bewandelen toen de aboriginals nog heer en meester waren in hun eigen ’zandbak’. En daar wordt het nog steeds warmer ook, terwijl ik lekker in mijn T-shirtje in een zacht, druilerig weertje kan wandelen. Natuurlijk, Australië is wat minder druk bevolkt, maar op deze zondag waarop toch bijna iedereen vrij is, kom ik in dit prachtige stukje Nederland amper iemand tegen. Waarom dan emigreren?
Cothen ligt overigens aan de Kromme Rijn, eens de hoofdloop van de Rijn en noordgrens van het Romeinse Rijk. Het stokoude riviertje mag hier helemaal zichzelf zijn en ook stroomafwaarts bij Bunnik en Utrecht heeft het weer natuurlijke oevers gekregen. Net buiten Cothen passeren we meerdere fruitboomgaarden en een weiland vol minipaardjes. Als we de autoweg N229 oversteken, lopen we het landgoed Hindersteyn op. Met de eerste ridderhofstad, in Overijssel havezate genoemd, die zoals de naam al aangeeft, werd bewoond door ridders. En dat werd je niet zo maar: je moest tot de adel behoren, minstens 24 jaar oud zijn, veel land bezitten en rondom je huis een gracht hebben. De ridders kregen hun land te leen van de bisschop van Utrecht, die zich zo niet alleen van een deel van de opbrengst van de landerijen verzekerde, maar ook van militaire hulp in moeilijke tijden. Hindersteyn ligt er prachtig bij. Met afwisselend bossen, doorkijkjes naar weides waar koeien onder de bomen schuilen voor de regen en bloeiende akkers.
Via de fraaie Rhodensteijnse Laan en Pittesteeg bereiken we Moersbergen, de volgende ridderhofstad en eens decor van een mooie kasteelroman. In 1635 had de enige erfgename, Catharina Van Waell, zich verloofd met Reiner van Raesfeld, afkomstig uit een voornaam Westfaals geslacht. De huwelijksvoltrekking vond een jaar later plaats in het kerkje van Doorn. Tijdens de huwelijksdienst deed Catharina alsof ze zich niet goed voelde en trok zich terug in de consistoriekamer. Tijdens de stilte in de kerk hoorde men ineens een paard weg galopperen en toen men na lang wachten toch maar eens ging kijken waar de bruid toch bleef, bleek de kamer inderdaad leeg en het raam open. De bruid was met haar minnaar, ritmeester Johan Gerard van Oostrum, naar Wijk van Duurstede gevlucht. Daar trouwde ze met Johan, waarna ze samen hun intrek namen op het landgoed.
Na Moersbergen passeren we via de al genoemde, oude oprijlanen eerst landgoed Leeuwenburgh, dat in 1657 is gebouwd op de fundamenten van een middeleeuwse burcht, en vervolgens Hardenbroek (anno 1260), dat op een korte onderbreking na nog steeds wordt bewoond door de familie Van Hardenbroek tot Hardenbroek.
We verlaten het statige landgoed via een houten deurtje naast de hoofdpoort – verschil moet er zijn, nietwaar! – om gelijk over te steken naar een mooi schouwpad langs de Oude Kromme Rijn.
Als we het laatste stuk over het asfalt naar Cothen teruglopen, worden we ingehaald door een grote groep motorrijders. Dacht altijd dat dat vrije vogels zijn, maar waarom dan met z’n allen in ronkende colonne naar het terras? Goeie tip: Australië, kilometers asfalt, lekker warm, je kunt heerlijk gas geven en geen mens die er last van heeft!
bron; telegraaf.nl










Lavendel + rozemarijn in een perk of een kuip. Kies voor lavendel zowel vroeger als later bloeiende soorten. Een ongewone lavendelvariëteit is de vlinderlavendel (Lavandula stoechas), die heeft bloempjes in de vorm van fijne lintjes die geuren naar dennenhout.
Een geurige klimplant tegen een muur + vaste planten aan de voet. Voor de klimplant kunt u kamperfoelie, jasmijn of Akebia quinata (zeer geurige, donkerrode bloemen in april) nemen. Voor de vaste planten: een mix van lupinen (suikergeur), Hemerocallis citrodora (citroen) en dropplanten (Agastache foeniculum). De laatstgenoemde bloeien rijk, hun bladeren ruiken naar drop en smaken naar anijs.
Een eucalyptusboom + aan de voet een brede waaier planten met een munt- en een citroengeur (prima voor onze luchtwegen!): pepermunt, kruizemunt, watermunt, violieren (Matthiola incana, rijke bloei), heliotropen, schildzaad (Alyssum), citroenmelisse, citroenkruid, boerenwormkruid en kattenkruid (liefst de variëteit Nepeta faassenii Six Hills Giant). Er bestaat zelfs een bodembedekker met een doordringende muntgeur, de Mentha requienii. In Namen zijn ze ook zeer te spreken over de citroenverbena (Lippia citriodora), een struik met een langdurige citroengeur en etherische oliën.
Een boog of pergola met een klimroos + geparfumeerde struikrozen . Wegens hun volle geur zijn de variëteiten Iceberg Climbing en Albertine aanraders voor de klimroos. Voor de struikrozen: Yves Piaget (pioenvormige roos), Graham Thomas, Gertrude Jekyll, Chartreuse de Parme, Remember me en Penelope.











