naar de bliksem
Ze sloeg zich een gat in het ego
woest als een uitgebroken rund
verwond aan prikkeldraad
schelden als een onkundig viswijf
dat met overvolle vismand blijft
ze kon de nederlaag niet verkroppen
de gemiste kansen maken haar buitennissig
haar woede barstte uit zijn voegen
naar de bliksem alle onschuld
zonder schichten te zien
of geroffel van een donder te horen
Zij was het onweer in levende lijve.
Ingrid Lenaerts

