gewoon een mens
Gewoon een mens.
Ze was geworden een vervelende zeur.
Haar leven had geen doel meer en geen kleur.
Kinderen had ze nooit gehad.
Toch was haar leven een moeilijk pad.
Opgegroeid was ze als enig kind.
Door haar ouders verwend en bemind.
Niet te weten hoeveel schade dit was.
Dat merkte ze veel later pas.
Trouwen deed ze uit liefde en trouw.
Ze was toen heel gelukkig als vrouw.
Op een dag heeft hij haar verlaten.
Heeft haar vol verdriet achter gelaten.
Zoveel veranderde er in haar leven.
Niets meer van haar zelf kon ze geven.
Alles wat ze lief had werd ze kwijt.
Ze zit vol met verdriet en zoveel spijt.
Daarom is ze geworden die lastige zeur.
Haar leven is geworden een pijnlijke sleur.
Er is een moraal in deze vrouw haar verhaal.
Dat ieder mens zijn leven heeft zijn eigen taal.
CvdB

