luuk gruwez
zo ik de vriend was van mezelf,
dan noodde ik mijzelf veelvuldig uit;
ik bracht incognito bonbons en bloemen mee
en ook een beeldig meisje voor de nacht
en zo ik de vriendin was van mezelf
dan zond ik mij soms anonieme zoenen
ontblootte ik de taalrijkdom van dijen
tot aan het wingewest van de begeerte
zo ik mijn vijand was, mij naar het leven stond,
verkocht ik mij een aandeel in het sterven;
dan kwam ik langs - een heer in sneeuwwit pak -
verzekeringen veinzend in het heimwee
maar van mijzelve ben ik niets
mijn kamer is een ballingsoord
dat wel zo groot als heel de wereld is
en met een inboedel van louter lucht



