Stationsplein...

Het Dendermondse Stationsplein in het verleden... Een aantal beelden.




Stationsplein...
Het Dendermondse Stationsplein in het verleden... Een aantal beelden.




Dendermonds wit...
En dan hebben we hier over een konijneras...
Aalstenaars- en gefunsioneerde Erembodegem- en andere naars...

Steeds wilt gij maar proberen,
ons Ros Beiaard te onteren.
Maar luister nu eens goed,
ons Ros dat staat hier goed.
Alles wat ge al hebt geprobeerd
hebt g'al slecht verteerd.
Ge had steeds affronten nooit gebeurd
en g'hebt er wekenlang om getreurd.
Zelf vindt ge het altijd een goed idee
maar eender welke uitvoering valt niet mee.
Menig keer hebt ge het al ervaren
't is moeilijk tegen de Dendermondenaren.
Zelfs een poging om Beiaard te ontvoeren
viel tegen voor de Ajuineboeren.
Nooit ofte nimmer zal zoiets gaan
zolang er Kopvleesfretters bestaan.
Leg het bijltje er maar bij neer...
en doe uwen ajuinenkop met peinzen geen zeer.
Bij iedere aanvalspoging, denk dan plots:
het Ros Beiaard is Dendermondes' trots!
(Jempi)
Geschiedenis van de Gildereuzen - deel 24.


Van BeRT en Miss Antenne...


Gelezen en gehoord...


We laten u even genieten...

Met heel veel pijn in het hart bekijken we enkele foto's van het verdwenen Vestje... Nostalgie zeggen ze dan... Dit stadsgedeelte had enkel en alleen moeten opgewaardeerd worden en mocht zeker niet verdwijnen. Het was het kloppend hart van de stad...






Op die van Aalst hun kap zitten...
In 1995 publiceerden wij vanuit de vereniging 'Den Dèrremonse Klapper' een publicatie met als titel 'Paardesprongen'. Daarin waren volgende Latijnse uitdrukkingen en citaten opgenomen...
Sunt verba et voces, praetereague nihil...
Het zijn woorden en gezegden, en niets meer dan dat...

En wij doen deze er nog bij...
Video nec invideo.
-Ik zie het en koester geen afgunst.
*Nooit zal een Aalstenaar dit kunnen zeggen bij het zien van het Dendermondse Ros Beiaard!
De politie betoogt!



De reus Peke Rammekeszand.
Petrus Alexander - Peke Rammekeszand


Geschiedenis van de Gildereuzen - deel 23.



Volleybal...


Het kwaad hebben...


1969 - Nieuwe Politiecommissaris en Adjunct.
In 1969 werd de heer Cyriel Peleman benoemd tot nieuwe politiecommissaris van de stad, in opvolging van Commissaris Hillewaert. De heer Hendrik Spanoghe werd benoemd tot adjunct-politiecommissaris.


De heren Cyriel Peleman en Hendrik Spanoghe.
Geschiedenis van de Gildereuzen - deel 22.
De fakkeldragers en de hellebaardiers zijn steeds de reuzen blijven omringen. Dansende narren vertolken in de optocht een sfeer van een hofhouding. Traditioneel komt ook een groep vendeliers voor.
Er worden onderdelen uit de Ros Beiaardommegang ingevoerd. Zo was reeds ‘de Walvis’ van de partij, ‘de verdrinking van het Ros Beiaard’ en zoals we reeds eerder lieten weten ’t Schipke.
Kortom de vernieuwingen die werden ingevoerd sedert eind de zestiger jaren hebben duidelijk bijgedragen tot een forse heropleving van de jaarlijkse Katuit. En dat moeten we vandaag nog weerleggen!

In 1986 was er mediabelangstelling voor de reuzenommegang vanuit Nederland. De Nederlandse TV (NCRV) stuurde een cameraploeg om de ommegang op beeldband vast te leggen. De opname zou worden gebruikt in een programma rond de Ros Beiaardstede.
Nieuw in 1987 was het mee opstappen van de Gilde der Vrije Pijnders in de optocht.
1991 werd een jubileumuitgave van de vernieuwde ommegangen. Reeds 25 jaar wordt verwezen naar de Ros Beiaardommegangen en steeds weet men aldus de Dendermondenaars te plezieren.
Niettegenstaande in 1995 een nieuw stadsbestuur aan het bewind komt ziet men weinig verandering in de ommegangen. In 1996 werden dan wel geruchten opgevangen als zou men tal van wijzigingen willen doorvoeren…
En van waar komt ‘Katuit’ nu eigenlijk?
Een vaststaand gegeven is dat Dendermonde niet alleen staat met zijn ‘Katuit’. Er zijn nog andere steden en gemeenten in ons land die de kermisweek sluiten met ‘Katuit’. Bij wijze van troost weze gezegd dat de filologen daar geen oplossing weten. En als zij het niet weten…
De drie prachtige reuzen pronken en pralen in een haast weergaloze opsmuk. Ze bewaren een hoogstaande traditie: dansen en buiten om het publiek en de vooraanstaanden te begroeten…
Katuit valt op de donderdag na de vierde zondag van augustus en dan dansen de reuzen door een juichend Dendermonde, stad van folklore en waar legenden geschiedenis worden...

Een stukje groen...



Vanonder de stèirt van 't Pèirt - 'Kerjéis'...


De Braderie...
Adhemar D’Herde nam het initiatief om een dekenij op te richten die een braderij zou organiseren in de buurt van de Bogaerdstraat, Dijkstraat en Werf (±1935). De dekenij kreeg de steun van het stadsbestuur en van de ‘Commissie voor Urbanisatie en Heropbeuring der stad’.
De buurt bruiste van activiteit doordat er heel veel winkels waren gevestigd en een aantal herbergen. Op een gegeven tijdstip waren er zo’n 20 herbergen in die buurt.
De braderij kende de meeste hoogtepunten in de vijftiger en de zestigerjaren, en de maandag was steeds de topdag! De reden hiervan moeten we wellicht zoeken dat tengevolge van de wekelijkse maandagmarkt vele bezoekers afzakten. WOII zou er voor zorgen dat enkele jaren geen braderij werd georganiseerd. In 1952 werd echter de draad opnieuw opgenomen en niet zonder succes.
Aan de bestuurstafel herkennen we ondermeer Clement Leybaert, Henrik de Ridder, Adhemar D'Herde, Marcel Moruanx. Verder zien we nog Arthur De Geest en Rudolf de Wachtelaere...
We doen een greep uit het programma van 1966…
-Autoshow
-Tentoonstelling Fotografische Kring Dendermonde
-Wipschieting op liggende wip
-Optreden Sint-Jorisgilde
-Volleybaltornooi door Sportverbond Politie en Rijkswacht, Brandweer en Defina
-Optredens van orkesten 'The Boa's', 'The Rascals', 'The 4 Spiders', 'The Layabouts'.
-Optreden van de New Orleans Jeggpap Jazzband
-Tombolatrekking door Terry Van Ginderen
Ook tijdens volgende edities bleef men inspanningen doen om het publiek te trekken

Links Hendrik De Ridder van het Braderie-bestuur en agent Ivo Van Lijsebetten.
In 1961 kwamen Hendrik De Ridder (Riddershoe) en Arthur De Geest met een voorstel aandraven om een ‘wijkreus’ te realiseren. Beeldhouwer Jos De Decker en mandenmaker Van Ranst lieten zich met dit karwei in en ‘Peke Rammekeszand’ werd een feit. Deze reus zou jaarlijks de braderij opfleuren met een rondgang. Enkele dragers van de Gildereuzen Indiaan, Mars en Goliath dansten met Peke doorheen de braderij. Ze werden veelal begeleid door een harmonie. ‘Peke’ zou zijn einde kennen als reus van de braderij in 1978. We vermelden hierbij dat hij een wederoptreden deed in 1980 ter gelegenheid van de ‘Peke Rammekeszandfeesten’.
In de zeventiger en tachtiger jaren kende de braderij een ietsje minder interesse. Er waren minder handelaars gevestigd en het aantal herbergen was ook deftig geslonken. Ook waren enkele pioniers verdwenen.
In de negentiger jaren kent de braderij een heropleving onder impuls van enkele handelaars uit de wijk. De activiteiten werden echter alleen op maandag gepland. Enkele jaren later zou de braderij teloorgaan

Geschiedenis van de Gildereuzen - deel 21.
Vanaf 1973 trekken de reuzen niet meer gezamenlijk door de straten. Ze krijgen elk apart een begeleiding die bij hun traditie past. Het middeleeuws wagenspel wordt afgevoerd om organisatorische reden. De reuzenommegang groeit telkenmale, nieuwe elementen zorgen voor een ander uitzicht zodat men niet elk jaar eenzelfde optocht te zien krijgt. De Dienst voor Cultuur en Toerisme (thans Dienst Stadspromotie) zorgt ervoor dat Katuit meer te bieden heeft en zonder enige twijfel zijn zij daar grandioos in geslaagd.
‘Ge kèntj in ’t stat op de koppe luëpe’ hoort men de Dendermondenaars al eens zeggen. Een menigte van duizenden mensen juichen de reuzen toe en dat zijn niet alleen stadsbewoners! Van einde en verre wordt de ommegang bezocht. Het Commissariaat-Generaal voor Toerisme riep zelfs de ommegang uit tot een ‘manifestatie van nationaal belang’ voor het Belgische toerisme.
Later werd telkens een thema ingevoerd waarrond de stoet werd gebouwd. Zo was er in 1978 de 90e verjaardag te vieren van het bezoek van Polydoor De Keyser en ook de Hellewagen bewoog mysterieus in de stoet.
In 1983 vierde men de verjaring van 750 jaar stadskeure, een passende hulde aan Robrecht van Bethune en zijn gevolg.
In 1988 werd het bezoek dat de Londense burgemeester (Lord Mayor De Keyser) bracht aan zijn geboortestad als thema genomen. Het was toen juist 100 jaar geleden.
De spotnamen van de Dendermondenaars staan reeds jaren centraal in de ommegangen, en dit om deze een eigen imago te geven en los te koppelen van de Ros Beiaardommegang.
Even een opsomming en een woordje uitleg…
De spotnaam ‘Makeleters’ dateert uit de 15e eeuw. Makel zou geen makreel zijn, maar wel een kleine riviervis. Zijn vorm zou sterk gelijken op deze van de brasem, doch zou hij iets platter zijn. In de ommegang wordt deze spotnaam uitgebeeld door een groep vissersvrouwen die gerookte vis uitdelen aan de kijklustigen.
‘Scheepstrekkers’ – deze spotnaam wordt uitgebeeld door de praalwagen ’t Schipken en verbeeldt de koophandel en de scheepvaart. Het schip zou de relieken van de stadspatronen hebben afgehaald in Dikkelvenne. In 1494 was ’t Schipke bemand door Sint-Ursula en haar elfduizend maagden, in 1560 spreekt men over ‘het schip van Charoon, de Helleschipper’. Vanaf 1652 zou het bemand geweest zijn met leden van het schippersambacht.
Dan zijn er de ‘Kopvleesfretters’. Dit wijst op een bepaalde karaktertrek van de Dendermondenaars waarmee ze in de streek geplaagd worden. De snoever, de kale pronker…
De knaptanden komen traditioneel voor in de ommegangen. Deze zouden ontstaan zijn naar een onbekende vis die in de Dender rondzwom. Een reusachtig gedrocht met vreselijke tanden, waarmee het vervaarlijk knapte. In de ommegangen wordt dit fabelachtig dier voorgesteld met een kop die geleek op een honden- of wolvenkop. Reeds enkele eeuwen zijn de knaptanden in de optochten aanwezig en krijgen soms de naam mee van ‘de politie van de ommegang’ of ‘de ordedienst’.
De spotnaam ‘Polydoorkes’ is een attentie van de Aalstenaars, die zinspeelt op de naam van Polydoor De Keyser, een geboren Dendermondenaar en later Lord Mayor van Londen. Hij werd op 26 augustus 1888 op luisterrijke wijze in zijn geboortestad ontvangen. De vreugde en de trots van de Dendermondenaars was groot, maar de spottende uitlatingen bleven niet achterwege.
Dan zijn er nog de ‘Flauzemakers’ of ‘Paffers’… omdat de Dendermondenaars steeds voor bluffers werden gehouden…
Op de pui...

