Geschiedenis van de drie Gildereuzen - deel 4.

Uit een rekeningpost van 1627 blijkt dat de Sint-Jorisgilde van de stad een bepaalde som heeft ontvangen 'tot hulpe van de oncosten van het opmaken ende erigeren van een nieuwe reuse tot decoratie van de kermisse'.Blijkens de rekening van 1649 makte 'meester Valentyn van der Lantscroon de nieuwe reuzen te kermesse lestleden". Ook de onkosten voor 'stoffen, frienden en andere toebehoorten aen de cleederen van de dry kinderen van de reusinne, met het maeken van deselve'.
In de periode 1651 tot 1682 wordt er melding gemaakt van reuzen en reuzinnen, doch opnieuw zijn de rekeninggegevens zeer vaag.
'In 1682-'83 tommedragen vanden mars Inden ommeganck... vande Jachtgodinne... de camniere... den sone vandenreuse... twasschen van lijnwaet en tstellen van het hooft vande camniere... tcleeden ende ontcleeden van dry kemels en camniere, de sone vanden reuse, ende het reusinneken vande vischmerct...'.
Hieruit kunnen we afleiden dat er ergens een familiaal karakter was ontstaan. Men spreekt zelfs van een 'camniere' (kameniersters) of persoonlijke bediende.
Uit de programmabrochure van den 'Ommegang van 1754', ter gelegenheid van het 900-jarig jubileum over het inbrengen der Gebeenderen van de HH. Hidluardus en Christine, lmeren wij dat er toen reuzen waren met het uitzicht van Mars, Indiaan en een niet nader te omschrijven reus. In dezelfde broichure vermeld men ook nog 'het Sôontjen vande reus' bij de Walvis.
Goliath vinden we voor het eerst in een programma van 1878. In de vorige ommegangen nam hij plaats naast Mars en Indiaan als 'Reus', dus neutraal opgesteld.
Uit het kermisprogramma van 1862:
-Donderdag 28 Augusty 1862
8 ure Fakkeltogt door de straten van de stad
8 1/2 ure Concert op het Kiosk ter Groote Markt
De Reuzen Indiaen, Mars en Kruisboogschutter zullen hunne krygsbewegingen uitvoeren
9 1/2 ure Vuurwerk ter zelver plaetse
Wat zeker vaststaat is dat Goliath, Mars en Indiaan een verworvenheid zijn geworden in de ommegangen en de volksfeesten en dit sedert de periode dat Filips de Goede (midden 15e eeuw) regeerde.
De 18e eeuwse rekeningen bevatten geen posten over de reuzen. Misschien moeten we hieruit concluderen dat men er geen vergoedingen meer voor toekende, of werden de voorziene bedragen uitgekeerd als onderdeel van de subsidie van de schuttersgilden.
In het kermisprogramma van 1872 worden de reuzen niet vermeld, wél dat er 'Bengaelsche vuren' werden afgestoken op 2 Augusty.
Op 31 Augusty worden ze echter wél vermeld in de volgorde van de stoet gehouden ter gelegenheid van de inhuldiging van Burgemeester Leon De Bruyn.
Het is opvalend dat de reuzen sommige jaren niet worden aangetroffen in de kermisprogrammatie op donderdag (Katuit), maar wél op de eerste zondag vankermis. Dit was de dag waarop het Festival voor Harmonieën en Fanfares werd gehouden.
Toch mogen wij terecht fier zijn op het imposante trio, dat in de veelvuldige ommegangen en stoeten steeds borg staat voor een algemeen gejuich van de toegestroomde volksschare bij hun verschijning. Als middeleeuwse helden worden ze vereerd door een steeds van enthousiasme zinderende massa...








































































































