Zaterdag 31 december 2005
Het liefste gaf ik jou een spiegel omdat ik weet dat die niet liegen kan als je gaat ontdekken de schoonheid i…
Het liefste gaf ik jou een spiegel
omdat ik weet dat die niet liegen kan
als je gaat ontdekken
de schoonheid in de trekken
van de vrouw die lachend in mijn leven kwam...
Zaterdag 10 december 2005
Jozefien, Jozefien, 'k heb je achter 't raam gezien, in een fijn japonnetje, bloot tot je balkonnetje, onder 't blauwe neonlicht, waar jij g…
Jozefien, Jozefien, 'k heb je achter 't raam gezien,
in een fijn japonnetje, bloot tot je balkonnetje,
onder 't blauwe neonlicht, waar jij gelaten deed jouw plicht,
Jozefien, Jozefien, 'k heb je achter 't raam gezien...
Jozefien, Jozefien, 'k heb je kamertje gezien,
vol met bloemetjesbehang en meubeltjes van vierde rang,
je ogen keken nog eens gauw naar de madonna op de schouw,
Jozefien, Jozefien, 'k heb je kamertje gezien...
Jozefien, Jozefien, 'k heb je mooie lijf gezien,
ik moest wachten met de vreugd, eerst de centen dan de deugd,
de madonna sloot haar ogen, je was voor mij vol mededogen,
Jozefien, Jozefien, 'k heb je mooie lijf gezien...
Jozefien, Jozefien, 'k heb je nooit meer weer gezien,
in je fijn japonnetje, bloot tot je balkonnetje,
nu zit onder 't neonlicht, één of ander vreemde wicht,
Jozefien, Jozefien, 'k heb je nooit meer weer gezien...
Onzeker ging ik met haar blikken om, de vrouw die mij 't verleiden leerde, een spel dat ik niet winnen kon. Gulzig ging ik met haar lichaam …
Onzeker ging ik met haar blikken om,
de vrouw die mij 't verleiden leerde,
een spel dat ik niet winnen kon.
Gulzig ging ik met haar lichaam om,
de vrouw die mij de passie leerde,
waar ik nooit meer zonder kon.
Eerlijk ging ik met haar gevoelens om,
de vrouw die mij de liefde leerde,
meer dan ik haar geven kon.
Wazig ga ik met haar foto om,
de vrouw die mij het heengaan leerde,
en ik die haar niet helpen kon.
Bang voor het grote niets
zoek ik je hand
in 't drijfzand van het dodenland...
. ..
Ik ben de wind de vrije wind vergeefs op zoek naar ruste... Jij bent de zee lonkende zee gevangen tussen kusten... Als wind e…
Ik ben de wind
de vrije wind
vergeefs op zoek naar ruste...
Jij bent de zee
lonkende zee
gevangen tussen kusten...
Als wind en zee
spelen wij twee
't verleidingsspel der lusten...
Mijn woorden wachten... Alsof dit vers een eind genomen heeft. Raak mijn gedachten Jaaglijn die trouw jouw schoonheid sleept Al die nachten …
Mijn woorden wachten...
Alsof dit vers een eind genomen heeft.
Raak mijn gedachten
Jaaglijn die trouw jouw schoonheid sleept
Al die nachten
Naar vele havens waar nooit wordt aangemeerd.
Als ik verdwalend in de nacht mijn armen naar je strek en niets omvat dan 't wit der lakens …
Als ik verdwalend in de nacht
mijn armen naar je strek
en niets omvat dan 't wit der lakens
weet ik het weer
je bent er niet...
Ik herkende je meteen al kwam je uit een ver verleden waarin ik jou 't voldaan zijn leerde en alles wat een man een vrouw kon geven. Je mond…
Ik herkende je meteen
al kwam je uit een ver verleden
waarin ik jou 't voldaan zijn leerde
en alles wat een man een vrouw kon geven.
Je mond behield die volle lippen
je stempelde mijn lichaam vol
met onderhuids genot en lust
ijskoude droom nu jij hem gulzig kust.
Je schudt je hoofd, je haren deinen
een waaier van vertrouwd satijn
weer voel ik z' over mijn lichaam glijden
zijn warrelende hand laat striemen op mijn lijf.
Je stapt zelfzeker, je lenden soepel
langzaam verdwijnend uit mijn troebel zicht
mijn ogen tranen tot de laatste druppel
't verleden spat uiteen en dooft het licht.
Zaterdag 26 november 2005
Laat mij... je lichaam raken je lijn der vormen maken de gulzigheid in ons ontwaken... Laat mij... …
Laat mij... je lichaam raken
je lijn der vormen maken
de gulzigheid in ons ontwaken...
Laat mij... je lippen kraken
je passie smaken
de hartstocht kleven op ons kaken...
Laat mij... je buik bevaren
je storm bedaren
de zwaarte van ons geheim bewaren...
Donderdag 24 november 2005
Sierlijk is niet de zwaan maar het water waarin de zwaan zich eindeloos in weerspiegeld waant... Het warmst …
Sierlijk is niet de zwaan
maar het water
waarin de zwaan zich eindeloos in weerspiegeld waant...
Het warmst is niet jouw blik
maar de mijne
omdat jouw blik als harde marmer glanzen gaat...
Het zachtst zijn niet jouw armen
maar de mijne
omdat jouw armen mij als versteend alleen doen staan...
Teder zijn niet jouw woorden
maar de mijne
omdat jouw woorden in mij onhoorbaar wonden slaan...
Verdriet is niet de traan
maar de kilte
die ik als sjaal eeuwig omheen mijn schouders draag...
En toch...
Naast alles wat niet bleef, bleef jij mij over.
Want alles gaat voorbij, maar niets gaat over.