hij

Hij is een gierigaard Hij is fijn op de graat.
Hij is diepgelovig.
Een ondeugd uitroeien met wortel en tak.
Het slechte helemaal verwijderen.
Naar iemands pijpen dansen.
Alles doen wat iemand je zegt.
Eendracht maakt macht.
Door samenwerking en solidariteit staat men sterker.
Een blinddoek voor de ogen binden.
Iemand neppen.




















