rad

Iemand een rad voor de ogen draaien.
Iemand iets wijsmaken.
Een afzakkertje nemen.
Op het eind een (alcoholisch) drankje gaan drinken.
Hij kan het geld met een hamer breken.
Hij strooit met geld.
Hij wil wel de lusten maar niet de lasten.
Hij wil wel het voordeel maar er niets voor doen.
Hij schreidt krokodillentranen.
Hij doet net of hij het heel erg vindt maar meent er niets van.



















