Naar de inhoud

Renaat's standpunten

over de sociale en politieke actualiteit en gebeurtenissen
akke.beakke.be
Kom meer te weten op http://www.rvp.be

Categorie: Sociaal

Voor of tegen

  • Mensen zijn in regel voor of tegen een bepaalde politieke partij of stroming, een bepaald persoon, of een bepaald idee, stelling, of mening. voor zover men er zich over uitspreekt.
  • Afbeeldingsresultaat voor democratie
  • Maar in ons democratisch systeem vraagt men de burger helemaal niet om zijn mening om de eenvoudige reden dat deze zich enkel mag uitspreken over welke politieke partij en/of welke persoon zijn voorkeur wegdraagt. Bij parlementaire en gemeenteraadsverkiezingen heeft de kiezer zich enkel te moeien met de machtsverdeling tussen de verschillende partijen, die dan onderling bepalen wie met welk gezamenlijk programma men op dictatoriale wijze gaat regeren. Uit welke partijen de meerderheidscoalitie gaat bestaan, wie de ministers gaan zijn, en in welke mate welke verkiezingsbeloften of -veto's het beleid gaan uitmaken, daar heeft men de kiezer op geen enkel ogenblik zijn mening over gevraagd. Tot daar wat men 'onze democratie' noemt.
  •  
  • Al gaat het het er bij presidentsverkiezingen iets minder ondemocratisch aan toe, en weet men daarbij vooraf toch iets meer over het te verwachten beleid, ook daar krijgt de kiezer geen inspraak in de regerings- en adviseurvorming. In de VS maakt het kiessysteem het zelfs mogelijk dat de kandidaat met de meeste stemmen niet voldoende 'kiesmannen' achter zich krijgt, en , zoals daar nu het geval is, de tegenkandidaat met 3 miljoen stemmen minder, president wordt. 
  •  
  • Een partij- of presidentsprogramma gaat over een relatief groot aantal onderwerpen, die dikwijls, zo niet vaag, dan toch  uitgebreid interpreteerbaar behandeld worden en  waarvan, afgezien van enkele witte raven, nieman het eens kan zijn over alle onderdelen ervan. De gemotiveerde kiezer kan dan ook niet anders dan zijn partij- of persoonkeuze stoelen op de voor hem belangrijkste, met zijn gedachtegoed overeenstemmende standpunten ervan. Zij stem gaat dus naar een partij of persoon waarvan hij meerdere standpunten en ideeën helemaal niet genegen is of zelfs ronduit afkeurt.  Al zijn er uiteraard ook aardig wat kiezers die hun afwijkende mening gemakshalve aanpassen aan deze van hun favoriete partij.
  •  
  • Een weldenkend burger kan dus helemaal niet voor honderd procent achter een bepaalde politicus of partij staan, gezien deze hoogstens kan beschouwd worden als 'het dichts tegen zijn gedachtegoed aanleunend' of de voor hem belangrijkste items delend zijnde.
  •  
  • Onze parlementaire democratie, welke in wezen een particratie is, is bijgevolg een aanfluiting van wat een democratie in wezen inhoudt. Dat de meerderheid van de burgers er op bepaalde onderwerpen dikwijls heel andere ideeën op nahoudt dan de meerderheid van de politieke partijen wordt af en toe bewezen uit de resultaten van wetenschappelijke bevragingen. Zo bleek onlangs een meerderheid van de Vlamingen voor een migratiestop, zo niet uit alle, dan minstens uit bepaalde moslimlanden te zijn, terwijl met uitzondering van 'radicaal rechts' geen enkel politieke partij het aandurft om daar nog maar over na te denken.
  •  
  • Het is onlogisch en onredelijk te stellen dat men vóór of tégen een bepaalde partij of politicus kan zijn. Men kan enkel, en dan dikwijls nog genuanceerd, vóór of tégen een bepaald idé of standpunt zijn. Het in een referendum aan de bevolking voorleggen van bepaalde maatschappelijk belangrijke items komt dan ook heel wat dichter bij een echte democratie, dan de volksverlakkerij die men in de zogenaamde democratische landen als 'voldoende democratisch' aanziet.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 12:24 Reageer op dit bericht Stuur door

Nadenken over oorlog, vluchtelingen, rechtvaardigheid en menselijkheid.

Heb jij je ook reeds afgevraagd waarom het doden in oorlogen, met ‘niet toegelaten’ wapens, zoals gas- en chemische wapens, een oorlogsmisdaad is, en met ‘toegelaten’ wapens, zoals even desastreuze kruitbommen, helemaal zo erg niet is? En waarom oorlogshelden meestal bij overwinnaars voorkomen, en oorlogsmisdadigers bij voorkeur bij de verliezers opduiken? 

 Vindt U het ook bedenkelijk dat weerbare mannen , in plaats van hun haven en goed mee te helpen verdedigen tegen aanvallers, met achterlating van hun gezin en familie vluchtend naar veiliger oorden, rechthebbende asielzoekers zijn, maar daarentegen gezinnen die de honger en ontbering in hun woongebied ontvluchten, teruggestuurd worden naar hun ellende? En waarom er een discriminerend onderscheid wordt gemaakt tussen mensen op de vlucht voor oorlogsgeweld en vervolging, en deze die de honger en bestaansellende ontvluchten, terwijl de kans op sterven in beide gevallen evenwaardig aanwezig is?

 Is het je ook al opgevallen dat het hier voornoemde, genuanceerd, gerelativeerd, en voorwaardelijk kan gesteld worden, en wegens hun complexiteit in de uitvoerbaarheid ervan, dubbelzinnig en dikwijls aan elkaar tegengesteld kan worden uitgelegd en gebruikt ? Dat men, al naar gelang er voor- of nadeel uit te halen is, men daar een verschillende kijk op kan hebben? Dat ‘links’ die dingen eerder moreel en gevoelsmatig benaderd, terwijl ‘rechts’ daar meer de praktische en vooral economischeelementen bij betrekt?

 Vraag jij je ook af waarom men van diegenen die voor een rechtvaardige en min of meer gelijkwaardige verdeling van de welvaart en het welzijn opkomen, en dus sociaaleconomisch als ‘links’ kunnen worden beschouwd, men van hen verwacht dat men op sociaal ethisch vlak even ‘emotioneel’ en gevoelsmatig, wars van alle pragmatisme redeneert?

 Ben je, eveneens als ikzelf, jou ervan bewust dat wij als mensen, zowel individueel als in groepsverband, niet alleen bereid zijn om tot grootse en heldhaftige dingen te verwezenlijken, maar, als wij dat voor onszelf menen te kunnen verantwoorden, in bepaalde omstandigheden de onmenselijkste en wreedaardigste misdaden kunne begaan?

Vindt jij ook dat begrippen zoals rechtvaardigheid, eerlijkheid en menselijkheid niet voor iedereen, en in om het even welke omstandigheid voor iedereen dezelfde betekenis kunnen hebben, en daardoor zowel positief als negatief werkend kunnen zijn?

Als jou wantwoord op de voorgaande vragen, zelfs met enige nuancering, eenduidig ‘ja’ is, dan getuigt dat van voldoende zelf- en mensen- en maatschappijkennis.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Wat mag men in 2017 verwachten met...

Afbeeldingsresultaat voor jaarwisselingTijdens de periode van de jaarwisseling is het de gewoonte om, niet alleen ‘terug te blikken’ maar tevens uit te kijken naar de verwachtingen voor de komende periode. In het voorbije jaar zijn er enkele evoluties, en vooral een gebeurtenis in de belangstelling gekomen welke toch enkele vragen opwerpen m.b.t. wat wij in 2017 mogen verwachten.

 

Een essentiële vraag is, wat we mogen verwachten van een Amerikaanse president, die niet dat niet eens zou zijn indien in dat land de president rechtstreeks zou verkozen worden, en waarbij elke stem hetzelfde gewicht zou hebben. Maar goed, democratie is nu eenmaal wat ze is, en dat is niets meer of minder dan een relatieve ‘benadering’ van het begrip zelf. Dus moeten de Amerikanen, en de rest van de wereld het voorlopig met een geestelijk ietwat gestoorde president doen.

 

Wat mag de wereld verwachten van een wereldleider die tijdens zijn verkiezingscampagne vrijwel iedereen schoffeerde, beledigde en in het harnas wist te jagen. Die leugens en halve waarheden tot feitelijke waarheden promoveerde, en simplisme, ophitserij, en platvloerse boertigheid tot zijn Afbeeldingsresultaat voor trumphandelsmerk maakte, waardoor hij telkens opnieuw door zijn eigen campagneleiders tot de orden werd geroepen te worden, en aangemaand zichzelf heruit te vinden.

 

Wat moeten we met een Amerikaanse president die, na de klimaatverandering een als een chinees sprookje bestempelende, nadien toch toe te geven dat de mens daar wel voor een deel verantwoordelijk voor is, om ten slotte toch een fervente voorstander van de kolenproductie en tevens fervente tegenstander van het klimaatakkoord tot milieuminister te benoemen?

 

Wat moeten de miljoenen Amerikaanse zorgbehoevende voor Trump stemmende ‘working class’- burgers blijkbaar weinig of geen van zijn speeches hebben gehoord, en die pas na de ontmanteling van de Obamacare-wet, zich bewust zullen worden van wat ze zichzelf hebben aangedaan?

 

En Wat moet Europa en de NATO met een Amerikaanse bondgenoot die stelt dat een NATO-lid in geval van een militair conflict niet (meer) vanzelfsprekend moet rekenen op bijstand indien de belangen van de VS niet worden geschaad?

 

Wat mag de wereld verwachten van een Russische super strateeg zoals Poetin, nu die als gevolg daarvan, voor zover hij niet tegen Trumps’ zere benen aanschopt, blijkbaar aardig wat meer ‘speelruimte’ aan zijn Europese grenzen krijgt?

 

Wat moeten wij met Iran en Turkije, twee landen waarover Trump afwisselend koud en warm overAfbeeldingsresultaat voor turkije blaast, laat staan van China die aardig op weg is om Afrika economisch te koloniseren, en Trump dat een te verwaarlozen continent is.

 

Om te besluiten: wat mag de wereld verwachten van een Amerikaanse president waarvan zijn woorden bestaan uit letters welke hij achteraf naar eigen goeddunken herschikt, wist, en/off aanvult, en zijn daden dus onvoorzien, en bijgevolg positief of negatief verrassend zullen zijn. Misschien laten wij mijn en Uw wensen voor 2017 best achterwege...ten einde achteraf de ontgoocheling, dan wel de euforie, wat meer draagbaar te maken...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Over optimisme, pessimisme en realisme


Behorend tot de "mei68''-generatie was het toentertijd de normale attitude om optimistisch te zijn. Om het even of je al dan niet geschoold en goed opgeleid was, wie niet ziek, debiel, en/of lui was kreeg meerdere kansen om op één of andere wijze deel hebben aan 'het leven'
Er waren natuurlijk wel maatschappelijke problemen, en hier en daar in de wereld waren er uiteraard plaatselijke oorlogen. De Berlijnse- Tibet- en de Cubacrisis waren nog maar pas achter de rug, of Vietnam, Cambodja en de kernwapenbedreiging voorspelden niet veel goeds. Daarenboven was er nog de 'Club van Rome' die ons op het hart drukte dat de oliereserves niet voldoende waren om ons naar de eeuwwisseling te leiden.
Achteraf bleek het pessimisme van sommigen niet gerechtvaardigd, er werden steeds meer nieuwe oliereserves gevonden, en de wereldleiders van toen bleken wel degelijk te weten wanneer hun militaire spelletjes in ieders nadeel evolueerden, en het de tijd was om in afwachting van een nieuw schaakspel het bord schoon te vegen... Je weet wel: 'de geschiedenis herhaalt zich steeds opnieuw'...
Persoonlijk behoor ik tot de 'geelrode muizen' die bij de evaluatie van verwachtingen, beloften en 'toekomstdromen' vertrekt van uit de geschiedkundige ervaringen, wat met inachtneming van de realiteit en enige relativering, gezien de niet steeds parallel lopende elementen, in het ene geval tot optimistische, en in het andere teerder tot pessimistische besluitvorming leidt.
Vandaag is de menselijke samenlevingsproblemen zodanig algemeen, talrijk, complex, en met mekaar verbonden, dat geen zinnig mens meer in staat is, die te beheersen, laat staan er adequate oplossingen voor te verzinnen. Zowat alles in ons samenlevingssysteem is tegen zijn eigen grenzen aangelopen: de wereldbevolkingsgroei, de economische groei, de werkgelegenheidsgroei, de vervuilingsgroei, de tolerantiegroei, e.d. Waar vroeger plaatselijk beschavingen aan hun ontembare groei ten onder gingen, dreigt nu de ganse mensheid zichzelf de vernietiging in te groeien.
Sommigen geloven in het menselijk vernuft dat op tijd en stond voor de nodige 'resetting' zal zorgen. Ondertussen behelpen ze zich via de gekste, onhaalbare, en onwerkbare ideeën, die als psychische pijnstillers en dito pleisters de aangroeiende pijnen zouden moeten verzachten.
Wie daar niet in meegaat, wordt als destructief, passieve pessimist, en/of overbeterlijke doemdenker gebrandmerkt.
En dan zijn er ook nog de realisten. Realisten bekijken de realiteit, maar realiseren zich dat de informatie die zij daarover krijgen, en verwerven, gestuurd, bezoedeld en/of 'opgesmukt' wordt, al naar gelang deze langs optimisten, pessimisten, en vooral opportunisten is gepasseerd. Zij weten dat zelfs hun eigen waarneming-filter, bestaande uit roosters van geloof, hoop, en vrees, de binnengekomen informatie enigszins vervormt.
Maatschappelijk gezien, mag noch optimisme, noch pessimisme de bovenhand halen. Zij dienen daarentegen mekaar in evenwicht te houden. Ondanks onophoudelijke pogingen daartoe, is de mensheid daar vooralsnog nooit in gelukt. En wellicht is het daar nu toch te laat voor...
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Bent U ook Belg?... Mooi, dan werd U, samen met de andere Belgen eind vorig jaar 23,6 miljard euro rijker

...En bent U klaar om onverdoofd ontvet te worden

Heb even mijn identiteitskaart geraadpleegd...en verdomme! Ik schijn waarachtig óók Belg te zijn... Tot mijn grote vreugde verneem ik van de Nationale Bank dat ik, samen met de andere fortuinrijke ingezetenen van dit landje ons netto financieel vermogen vorig jaar is toegenomen met 23,6 miljard euro tot zo maar eventjes 960,7 miljard euro. Blijkt dus dat mijn bank mij ferm bij mijn spreekwoordelijk pietje heeft, want zij beweert dat mijn spaartegoed sinds langer dan een jaar, uitgezonderd de verwaarloosbare symbolische rente, met geen eurocent is toegenomen.


Nog steeds volgend e Nationale Bank, zouden wij het grootste deel van die toename (17,5 miljard euro) te danken hebben aan de meerwaarde op aandelen (5,3 miljard euro) en participaties in beleggingsfondsen (9,8 miljard euro). Dat ik die had, wist ik dus óók niet. Wat houden die witteboordkriminelen van bankiers voor mij nog allemaal achterhouden?
Daarbovenop zou ik, samen met de andere gelukzakken van dit paradijselijk land, er vorig

jaar ook in geslaagd zijn om 9 miljard euro te sparen, waarvan wegens de lage rente bijna de helft naar beleggingsfondsen en levensverzekeringen werd overgeheveld. Allemaal buiten mijn weten om...

Maar, de Nationale bank zou geen bank zijn, indien ze mijn euforie niet enigszins zou temperen. Zij wijst er ons namelijk op dat, wij onverlaten, niet alleen rijker werden, maar tevens ook meer schulden hebben gemaakt. Want samen met mijn andere landgenoten-kousenvullers hebben wij namelijk in het laatste kwartaal van vorig jaar onze toch al respectabele schuld met 2.5 milard weten aan te dikken tot 258.2 miljard. Dat zouden wij grotendeels uitgegeven hebben aan hypotheekleningen om onze vastgoedhonger te stillen. Ook dààr wist ik dus helemaal niets van!

Hoe dan ook, nu ik weet dat ik samen met mijn landgenoten heel wat vermogender zijn dan dat wij ooit gedacht hebben, hoeven wij ons niet zoveel zorgen te maken over de verwittiging van het zelfverklaard sociaal gezicht van deze federale regering, minister Peeters. Hij maakt zich sterk dat hij en zijn trawanten tegen juni van dit jaar hun fileermessen voldoende geslepen te hebben, en “nog veel dieper zullen snijden dan tot nu toe het geval was.” Want cijfers van de Nationale bank bewijzen dat, zowel ik als alle anderen die het uitzonderlijk voorrecht genieten om de Belgische nationaliteit bezitten, ‘boven onze stand leven’. En daar gaat hij, op aangeven van ‘de kracht van de verandering’ wat aan doen...

En ten einde de Turkse Kalief Erdogan en zijn naar het decadente Westen gestuurde stoottroepen niet tegen het zere been te schoppen, laat staan racistisch over te komen, zal die fileer- en ontvettingsprocedure uiteraard ritueel én onverdoofd uitgevoerd worden.

Minister Wuyts zal het druk hebben om voldoende slachtvloeren te voorzien...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 17:02 Reageer op dit bericht Stuur door

Het is vandaag 3 maart 2016, en overmorgen, vertrek ik samen met mijn ega naar Turkije. Neen, niet om 584823asde Syrische vluchtelingen aan de Turks-Syrische grens te helpen, noch om de Koerden in hun strijd tegen Erdogans wandaden bij te staan. Daarentegen zullen wij, ver van het strijdgewoel en de miserie, na gedurende een achtdaagse rondreis geproefd te hebben van de positieve elementen, die ook de Turkse cultuur niet vreemd zijn, ons nog een week laten verwennen in een gloednieuw vijfsterrenhotel aan de zuidkust.

 Door dit hier zonder enige schaamte en schuldgevoel naar voor te brengen, zullen misschien heel wat van mijn linkse broeders, zoals verschillende van hen reeds eerder deden, de neiging hebben om mij hier te ‘ontvrienden’.

Begrijpelijk. Want wie in deze tijden, waarin men blijkbaar geen weg weet met de miljoenen oorlogsvluchtelingen, in plaats van fysiek te manifesteren tegen zoveel onrecht, en daadwerkelijke hulp aan noodlijdende vluchtelingen te bieden, kiest voor luxueuze vakantie, dan nog in de regio van het gebeuren zelf, moet wellicht onmens, en rechts-extremistische, ja, zelfs misschien nazi-genen bezitten.

 Voor mezelf meen ik dat te mogen ontkennen. Dat de huidige vluchtelingencrisis mede een gevolg zijn van de westerse tussenkomsten in de Midden-Oosten-regio gedurende de voorbije decennia, welke op hun beurt de gevolgen waren van de voorafgaande geschiedenis, welke voortvloeide uit de kolonisatieperiode na de val van het Ottomaanse Rijk, bevat heel wat waarheid. Maar het stelselmatig focussen op die medeverantwoordelijkheid van West-Europa, draagt geenszins bij tot oplossingen daarvoor. Juist zoals geen zinnig mens de huidige Duitse generatie verantwoordelijk acht voor tot wat hun grootouders zich lieten verleiden, zo ook laat ik mij geen schuldgevoel aanpraten voor de oorzakelijke verbanden van de huidige ellende en zijn gevolgen in het Midden-Oosten.

 Dat neemt uiteraard niet weg dat, wie daartoe de mogelijkheid heeft, behulpzaam kan zijn aan het lenigen van de directe nood van de vluchtelingen. Maar als sociaal mens ben ik van oordeel dat in dit geval, gezien de omvang van het probleem, de gemeenschap, en daarmee bedoel ik de wereldgemeenschap, zowel de directe, als de hulp op langere termijn dient te verlenen. Men kan zich afvragen waarom internationale instellingen zoals ‘Het Hoog Commissariaat Voor De Vluchtelingen’ van de UNO bestaan?

 Waarom sturen die geen schepen naar de Griekse eilanden waar de vluchtelingen opeengepakt zitten, om ze naar zogenaamde 'welwillende opvanglanden' te verschepen? Waarom, wat reeds een jaar geleden beloofd werd, zijn er in de buurlanden van de oorlogsgebieden nog steeds niet VOLDOENDE opvangkampen, mèt de nodige voorzieningen én internationale werkingshulp, opgericht?

In plaats van zinloze ‘solidariteitsbetogingen’, zou men beter massaal dergelijke internationale organisaties, welk juist voor deze situaties zijn opgericht, ter verantwoording roepen!


Dus, neen, ik heb geen schaamte, noch schuldgevoel. Want...In tegenstelling tot menig emotioneel huilende Facebooker, draag ik sinds 1982 (dus reeds 33 jaar) mijn beperkt steentje bij tot de financiering van UNICEF, de UNO-organisatie voornamelijk gericht op kinderarmoede en -ellende. Sinds dàt jaar schrijf ik ELKE MAAND automatisch een bedrag ter waarde van 25 euro over op de rekening van deze instelling.(BE31 0000 0000 5555) Dat maakt dat ik tot op dit ogenblik een totaal van bijna 10.000 euro heb bijgedragen. Behalve wie met een gelijkaardig inkomen een gelijkaardige (of grotere) bijdrage levert, heeft dan ook niemand het recht om mij van te weinig, laat staan volledig gebrek aan solidariteit aan te wrijven.

 Dus Turkije, Here we come ...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 09:34 Reageer op dit bericht Stuur door

Is 'onvoldoende vertrouwenwekkend' een racistische of discriminerende afwijzing van een sollicitant?

Behoort U bij diegenen die het nu stilaan wel gehad te hebben met dat geweeklaag over racisme en discriminatie? Uiteraard bent U weliswaar een zinnig mens die deze twee begrippen, welke van oudsher in onze samenleving steeds in meer of mindere mate aanwezig zijn, niet goedkeurt, maar hebt U wel het gevoel dat men wat té ver dreigt te gaan in het bestrijden ervan. 

Neen, U zal van mij geen ondoordachte uitspraken horen, zoals deze aan welke de voorzitter van de Vlaamse nationalisten zich vorige week bezondigde, en een bepaalde bevolkingsgroep, omwille van 'de hun eigen zijnde beslotenheid' als zelf-medeschuldig achtte aan de hen ten deel vallende discriminatie. Volgens de politiekcorrecte deontologie is het ongehoord dat men bepaalde negatieve eigenschappen aan een nationaliteit of entiteit toedicht, zelfs al zouden ze in de algemeenheid enige waarheid bevatten. 

 

Sinds, wegens de incompatibiliteit met onze westerse cultuur, de integratie van de steeds groter wordende geïmmigreerde islamitische  bevolkingsgroep, totaal is mislukt, beginnen wij ons stilaan neer te leggen bij het begrip 'multicultuur' en is 'diversiteit' het nieuwe orderwoord geworden. Als de verschillende culturen zich niet met elkaar kunnen of willen vermengen, dan moeten ze maar apart met of naast elkaar samenleven, menen wij. Dus, datgene wat  vroeger 'apartheid' werd genoemd, heet in zijn moderne versie: 'diversiteit'...  

 

Respect, ruimdenkendheid, gelijkwaardige behandeling, en vrije godsdienst- en cultuurbeleving erkent, mits enige nuancering, vrijwel iedereen. In de praktijk blijkt het echter iets problematischer te zijn  dan men op het eerste zich denkt.

Tot tegen het einde van vorige eeuw kon men als werkgever of verhuurder, om het even welke reden probleemloos een kandidaat-werknemer of -huurder afwijzen, zonder dat tegenover iemand moeten te verantwoorden. Of dat was omdat men te jong, te oud, te mooi, te lelijk, te vuil, te onbemiddeld, te bruin, of te vreemd was, of zelfs gewoon omdat je de beoordelaar 'niet lag', maakte niets uit. Ondertussen heeft men de taalkundige begrippen 'racisme' en 'discriminatie' een wettelijke omschrijving gegeven. Zo mag men weliswaar discrimineren op grond van (of het ontbreken van voldoende) bezit, vermogen, verstandelijke vermogens, opleidingsniveau, en de daaraan verbonden verloning, maar mag men dat niet op grond van geslacht, afkomst, huidskleur, godsdienst, en cultuur. Bij vermoeden van discriminatie is het aan de vermeende discriminator om het tegendeel te bewijzen. Om dat na te gaan is men nu zinnens om test-calls in te voeren. Onnodig er op te wijzen dat selectieve werkgevers voortaan hun 'discriminatiegedrag' zullen uitstellen tot bij het face-to-face sollicitatiegesprek.

 

 Een 'van wanten wetende' zogenaamd racistische werkgever of verhuurder  zal uiteraard niet de fout  maken om Mohamed op grond van zijn etni af te wijzen, maar bv. gewoon "het niet voldoende vertrouwen wekkend gesprek" met de kandidaat huurder, of de "onvoldoende bepaalde competenties" vanwege de sollicitant als afwijzingsfactor aangeven. De vraag is op welke wettelijke grond men dergelijke niet-discriminerende motivatie zou kunnen in twijfel trekken?

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 09:50 Reageer op dit bericht Stuur door

De Joodse ervaringsdeskundigheid

Vorige maand is de jaarlijkse zitting van de “United Nations Commission on the Status of Women” (CSW), een zogenaamde “internationale commissie van vakmensen voor de juridische positie van de vrouw”, bijeengekomen en heeft zij haar jaarlijks rapport voorgesteld.

219.jpg
Deze commissie werd in 1946 ingesteld en behoort tot de Economische en Sociale Raad van de Verenigde Naties, één van de zes belangrijkste organen van de VN (waartoe bijvoorbeeld ook de Algemene Vergadering, de Veiligheidsraad en het Internationaal Gerechtshof behoren). De doelstelling van dit orgaan is de seksegelijkheid in de wereld te bevorderen, op te komen voor de universele rechten van vrouwen, en te rapporteren over hoe zich de desbetreffende situatie in de wereld ontwikkelt.

Eenmaal per jaar komt de uit 45 leden bestaande commissie in het VN-hoofdkwartier in New York bijeen om de stand van zaken te bespreken, overleg te voeren over te nemen politieke stappen, resoluties aan te nemen en, programma´s te ontwikkelen. Ze is de hoogste en belangrijkste instelling van de VN wat betreft vrouwenrechten.

Op de 59ste jaarvergadering welke vorige maand plaats had, werd een resolutie aangenomen, waarin een land – let wel, één enkel land – veroordeeld wordt voor het schenden van vrouwenrechten. Dit land krijgt daardoor van de VN een soort speciale (negatieve) status aangemeten, omdat de schendingen waaraan het zich schuldig maakt, als ongebruikelijk ernstig en bijzonder noemenswaardig worden beschouwd.

Dat het echter maar over één enkel land gaat, kan enige verbazing wekken. Vooral omdat wij met de regelmaat van de klok in de media bericht worden over vrouwenrechtenschendingen in landen, zoals Pakistan, waar procentueel de meeste vrouwen onder geweld door hun partners lijden, of Soedan, waar 88% van de vrouwen onder de 50 jaar onderhevig zijn aan genitale verminking en waar de minimumleeftijd voor een meisje 10 jaar bedraagt, of Saoedi-Arabië, waar vrouwen lichamelijke straffen krijgen als ze niet de voorgeschreven kleding dragen, en waar ze niet mogen autorijden of zonder een mannelijke begeleider mogen reizen.

En het lijstje van landen waarvoor de commissie blijkbaar enig begrip kan opbrengen voor hun ietwat 'rare culturele geplogenheden' wordt nog aangevuld met o.a. de “Islamitische Republiek” Iran, waar vrouwen wegens overspel dood gestenigd kunnen worden, geen voorzitter van een rechtbank mogen zijn, een rigide hoofddoekdwang moeten opvolgen, en de toestemming van hun man nodig hebben om buitenshuis te werken. En dan hebben we het nog niet eens over Syrië, waar het regime verkrachtingen en andere vormen van geseksualiseerd geweld tegen vrouwen inzet als oorlogsstrategie. En China, waar sprake is van gedwongen abortussen en sterilisaties van vrouwen.

csw1.jpeg

En wat te zeggen over die talrijke landen, waarin “eermoorden”, vrouwenhandel, gedwongen prostitutie en het hele palet aan ontbrekende politieke, individuele en sociale rechten voor vrouwen, zo niet wettelijk toegelaten, dan toch als “normaal” worden aanzien?

Volgens deze eerbare commissie is er dus in geen enkele van de voornoemde landen sprake van enige noemenswaardige vrouwen-ongelijkheid, laat staan van 'ernstige' schendingen van vrouwenrechten

 Neen. Het land dat als ENIGE door de “United Nations Commission on the Status of Women” in een resolutie expliciet word veroordeeld, is: Israël.

En zoals het bij een 'deskundige' veroordeling betaamt, wordt ook deze als volgt gemotiveerd:

“De Israëlische bezetting blijft de belangrijkste hindernis voor Palestijnse vrouwen wat betreft hun ontwikkeling, hun zelfstandigheid, en hun deelname aan de vooruitgang van hun samenleving.”


De bekende mensenrechtenactiviste Anne Bayefsky zegt sprakeloos te zijn bij de vaststelling dat, enerzijds heel wat Islamitische landen waar vrouwen als tweederangsburgers worden behandeld, blijkbaar buiten schot blijven, terwijl anderzijds de VN de joodse staat eens temeer aan de VN-schandpaal nagelt, en haar verantwoordelijk stelt voor de miserabele situatie van Palestijnse vrouwen, welke grotendeels het gevolg zijn van de vrouwonvriendelijke islamitische religieuze decreten en tradities, alsook de cultuur van mannenoverheersing.

Deze onrechtmatige veroordeling van de commissie is het zoveelste bewijs van anti-Israëlische ingesteldheid vanwege de meeste VN-lidstaten. Terwijl men i.v.m. het Gaza-conflict van vorig jaar Israël beschuldigde van het 'afslachten' van onschuldige burgers', zwijgt men over de tientallen van de 193 UNO-leden die niet enkel bij defensieve, maar ook bij offensieve oorlogshandelingen, behalve veel meer burgerslachtoffers maken, ook nog wetten hebben aangenomen waardoor vrouwen naar de rand van de desbetreffende samenleving gedrongen worden.

Maar door het stilzwijgen daarover, worden deze hier allemaal als onschuldig beschouwd.

Hoe dan ook, bij nader toezien is dat niet zo verwonderlijk, bedenkend dat niet alleen Iran tot de commissieleden behoort, Soedan zelfs plaatsvervangend voorzitter van de commissie is, en ook de Palestijnen er zijn vertegenwoordigd.

Deze resolutie, welke op initiatief van de Palestijnen en Zuid-Afrika in de vergadering van de VN-vrouwenrechtencommissie ingebracht, werd met 27 “Ja”-stemmen aangenomen. Slechts twee commissieleden stemden tegen, namelijk de VS en Israël zelf.

24a.jpgBovendien waren er 13 blanco stemmen – waaronder, (dat zal niemand verbazen), de leden van de Europese Unie. Om opportunistische reden gaven de meeste Europese landen via hun onthouding te kennen dat zij het in ieder geval niet volledig onjuist vonden om Israël als de nummer één onder de globale schenders van vrouwenrechten te zien. Blijkbaar is het voor de westerse landen, gezien de groeiende Arabische aanwezigheid in West-Europa, niet aangewezen deze bevolkingsgroep tegen de haren in te strijken.

De Israël-bashing en het hen als schuldige aanwijzen voor alles en nog wat, begint enige vergelijkingspunten te vertonen met de antisemitische golf in de eerste helft van vorige eeuw...

Eens te meer lijkt de geschiedenis zich deels te gaan herhalen. Maar gelukkig zijn juist daardoor de Joden ervaringsdeskundige geworden...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 12:08 Reageer op dit bericht Stuur door

Syriza: Griekenlands' hoop. Zorgt de EU dat het een uitgestelde ontgoocheling wordt?

DeWereldMorgen.be

De overwinning van de links-radicale partij Syriza bij de recente Griekse verkiezingen, welke op twee zetels na bijna de volstrekte meerderheid behaalde, zal de problemen voor de moegetergde Grieken niet direct oplossen, laat staan dat de chronisch aan politieke en economische bloedarmoede lijdende Europese Unie daar beter zou van worden.

Hoe die partij haar verkiezingsbelofte, welke inhoudt dat zij er zal voor zorgen dat de overheidsschulden aan de andere Europese landen, en de daar aan verbonden opgelegde nefaste bezuinigingspolitiek hoe dan ook verdwijnen, is niet zo duidelijk. Het spreekt namelijk voor zichzelf dat de grootste schuldeisers, zoals Duitsland en de Europese Centrale Bank dat helemaal niet moeten van weten, en hoogstens tot een lichte wijziging van de 'modaliteiten' (zoals afbetalingstermijn) te bewegen zijn.

Bovendien is met het wegsmelten van die schuld, de door het bezuinigingsbeleid aangerichte schade nog niet hersteld, en zijn er grootse investeringen en is er dus veel, heel veel, nieuw geld nodig om het economisch leven, de werkgelegenheid, en de economie terug op een aanvaardbaar peil te brengen. Andere Europese landen met eveneens een relatief groot aantal slachtoffers van het neo-kapitalistische graaien, zoals Spanje, Portugal, en zelfs Italië, waar radicaal-linkse broederpartijen zich hoopvol optrekken aan of het Griekse Syriza experiment, kijken gespannen uit, hoe men, na een eventuele schuldvermindering, laat staan vrijwel volledige kwijtschelding, zowel private als nationale banken nog kan overhalen om aan een dergelijke 'onbetrouwbare' ontlener nog kredieten te verstrekken.

Dat Syriza een 'nationalistische partij in zee gaat om een meerderheidsregering te vormen, is niet zo verwonderlijk, al zullen er daarvoor toch wat (economische) 'radicale' hoeken van de Syriza-verkiezingsprogramma afgeveild worden. De toekomst van de partij, en of haar politieke macht als grootste partij in Griekenland, en de nieuwe regering een lang leven beschoren is, zal grotendeels afhangen hoe De EU, de ECB en het IMF nu met de Griekse situatie omspringen. De mogelijke scenario's zijn legio, maar voor het ven welk scenario wordt 'gespeeld', voor de griekse bevolking zullen de gevolgen, al dan niet soelaas brengend, niet op korte termijn voelbaar zijn. En omdat in een Democratie het 'evaluatiepunt bij de eerstvolgende verkiezingen ligt, vereist deze per definitie 'korte termijnresultaten'.

Slaagt Syriza er niet in, om binnen de komende vier jaar, het voor de noodlijdende bevolking in de goede richting te sturen, dan wordt het 'einde verhaal' en haalt de financieel-economische elite (weerom) haar slag thuis. Met dank aan hun Europese politieke waterdragers, en het sociaaleconomisch egoïsme van de Nood- en centraal- West-Europese bevolkingen.

Alhoewel het idee, dat het EU-ECB-en IMF-beleid er alles zal aan doen om het in vorige alinea aangehaalde scenario te helpen bewerkstelligen, mij weliswaar weerom als onverbeterlijke pessimist zal etiketteren, hoop ik het bij wijze van uitzondering, nu toch eens verkeerd voor te hebben, en mijn hoop in dit geval geen uitgestelde ontgoocheling zal zijn...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 13:31 Reageer op dit bericht Stuur door

De weg naar een democratische democratie

Het begrip 'democratie, afgeleid van de Griekse woorden 'demos' (volk) en 'krateo' (heersen, regeren, wat dus samengesteld 'volksheerschappij betekent, hield in het oude Athene in dat het volk zelf stemde over het al dan niet goedkeuren van de wetten.

Toen door, zowel gewelddadige revoluties als vreedzame evoluties, de democratie in onze westerse landen van de grond kwam, werd, in tegenstelling tot het oud-Griekse voorbeeld, niet voor rechtstreeks 'volksbestuur, maar voor een  'representatieve' democratie geopteerd, waarbij niet het volk zelf, maar de door hen gekozen vertegenwoordigers de bestuursmacht zouden uitmaken.

Deze keuze kwam er niet enkel omwille van de complexiteit van zowel wat inhoud als uitvoering betreft, maar vooral omdat een dergelijk systeem de van oudsher feodale macht van koningen, graven, baronnen, en kerken, (geleidelijk aan vervangen door de kapitaalkrachtige financieel-economische elite) totaal zou teniet doen. 

260px-Leopold.I.family.jpgUit het ter ziele gaan van het feodale systeem, ontstonden er twee  basisstromingen:, Een christelijke en een atheïstische. Allebei weliswaar toegankelijk gesteld voor alle klassen in de maatschappij, maar waar de Christelijke stroming toch het gros van de midden- en lage klasse voor hun rekening nam. In België resulteerde dat in de oprichting van twee politieke partijen: de liberale en de Christelijke volkspartij. Bij de opkomst van het socialisme kwam daar ook nog de, bij het Marxisme aanleunende Belgische Socialistische Partij bij, hoofdzakelijk de arbeiders en armen huizende.

Via politieke partijen, en het daarin verenigen van gelijkgezinde kandidaat-volksvertegenwoordigers, kon de heersende klasse b.m.v. het principe 'wiens brood men eet, diens woord men spreekt', hun verdwenen feodale macht op democratische wijze bestendigen. De groei van het socialisme maakte daar na de industriële revolutie deels een eind aan, maar de stijgende welvaart en het wegvallen van de linkse dreiging, na val van het Sovjet-communisme, daarbij geholpen door de mondialisering van zowel economie als politiek, heeft echter die macht  in al zijn glorie hersteld.

De zogenaamde 'soevereine macht van het volk', welke in België, zoals in nog meerdere landen, zelfs grondwettelijk is verankerd, is in de realiteit  onbestaande. De door 'het volk' gekozen vertegenwoordigers zijn in feiten de vertegenwoordigers-, spreekbuizen- en stemmachines van hun onderscheiden politieke partijen, welke hen als kandidaat aan de kiezer hebben voorgedragen, waardoor zij schatplichtig zijn aan de partij. Om de vier of vijf jaar mag (moet) het volk dan via zijn stemgedrag de machtsverhoudingen tussen de politieke partijen  bepalen. En daarbij houdt de zogenaamde democratie voor dat volk dan ook op.

Na de stembusuitslag, bepalen de partijen, al dan niet onderling, hoe zij die verkiezingsuitslag interpreteren en zoeken naar de voor hen op dat ogenblik meest voordelige coalitiepartners, of kiezen bij gebrek daaraan om aan de zijlijn te gaan staan. Indien partijen gezamenlijk een meerderheid aan volksvertegenwoordigers hebben, en men via 'geven en nemen tot een 

compromis-regeerprogramma komt, wordt er een regering gevormd, welke, voor zolang de partijcenakels van de regeercoalitie dat goedvinden door hun volks-(partij)vertegenwoordigers zal worden gesteund, en waarvan alle wetten door regering of regeerpartijvertegenwoordigers ingediend, goedgekeurd worden.

Weze daarbij opgemerkt dat de parlementsleden, volgens art.42 van de grondwet,   " 'de natie',en niet enkel degenen die hen hebben verkozen" vertegenwoordigen. Door echter uitsluitend de standpunten van hun eigen partij te verwoorden en volgend de door hen gegeven orderwoorden te stemmen, gaat zij in tegen hun afgelegde eed om 'de grondwet na te leven'

Op geen enkel ogenblik van de legislatuurduur word over wat dan ook de mening van het volk gevraagd, en wordt er van uitgegaan dat het volk via zijn oorspronkelijk stemgedrag alle doen en laten van de regeringscoalitie goedkeurt. Dat het volk geen enkele inspraak, laat staan keuzemogelijkheid heeft over welke regering, welke ministers, en welk regeerprogramma, en latere wetgeving het krijgt, en dus gedurende vier of vijf jaar een dictatuurlegislatuur ondergaat, stoort daarbij blijkbaar geen enkele zogenaamde zelfverklaarde democraat.

Waarschijnlijk ter compensatie van zoveel democratische volksverlakkerij, heeft men in de loop der tijden wel 'democratische' rechten en vrijheden geschapen, teneinde de bevolking te voorzien van middelen om zijn ongenoegen over het 'dictatoriale' bestuur te uiten: Zo kan men zijn mening uiten via media, betogingen en stakingen. Dat heet dan 'signalen uitzenden' of 'druk uitoefenen'. In het verleden hebben die democratische middelen wel enigszins hun nut bewezen. Vrijwel al onze sociale verworvenheden zijn er via, vooral betogingen en stakingen gekomen. Het valt te betwijfelen of er zonder dat, enkel via parlementair initiatief, ook maar iets van zou waargemaakt zijn.  Dat daarenboven het geweld tijdens die manifestaties steeds van min of meer doorslaggevend belang is geweest, stemt daarbij toch tot nadenken.

Iedereen is het er over eens dat een democratie waarbij het volk, bij elke wijzigende of nieuwe wetgeving geraadpleegd zou worden, zelfs al zou het enkel om de belangrijke gaan, in de praktijk niet werkbaar is. Daarvoor is onze samenleving uiteraard  té complex. Maar dat neemt niet weg dat men het volk wel kan laten beslissen over datgene wat politici  te pas en te onpas bedrieglijk beweren: nl dat de kiezer gekozen heeft voor een bepaalde regering en/of regeerbeleid.verkiezingen.jpg

De kiezer heeft helemaal geen keuze gehad over welke coalitie hij wenst, laat staan over welk regeerakkoord hij in meerderheid genegen is.

Dus, waarom gaan de partijen, na de verkiezingsuitslag, niet met verschillende coalitiemogelijkheden onderhandelen over verschillende regeerakkoorden, eigen aan elke coalitie, legt men de resultaten ervan in een tweede stemonde voor aan het volk en laat men hen beslissen welke regeercoalitie en regeerakkoord het in meerderheid wenst?

Dàn pas kan men met recht en reden beweren dat de bevolking voor een bepaalde regering en -beleid heeft gekozen. Dàn pas is er sprake van een (benadering van) echte democratie.

Dàn pas kan men van de burger verwachten dat hij zich schikt naar wat de democratische meerderheid van 'de natie' wenst, i.p.v. wat de zichzelf kiezende regering hem oplegt...

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Renaat om 14:28 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Renaat's standpunten

↑ Terug naar de berichten