snoeien in de siertuin

Gisteren, 20 maart, zijn we bij Luc en Gislaine Dewaele, naar een snoeidemonstratie gaan zien. De bekende velt-lesgever Emeric Pollet zou de dans leiden. Een paar dagen voordien moest hij noodgedwongen afbellen wegens zich met een rolstoel te moeten behelpen.
We hopen voor Emeric dat het maar voor korte duur zal zijn en wensen hem dan ook langs deze weg een zeer spoedig herstel toe.
Noodgedwongen hebben we hem vervangen. Zelf heb ik, die vroeger jaren in het openbaar groen heb gesnoeid, de principes van deze rudimentaire snoeivorm uitgelegd. De eigenlijke snoei liet ik aan Luc zelf over met wie ik voordien eens de tuin ben gaan bezien. 
Luc bij de beginuitleg in de voortuin. 
Tot de actie overgaan op een klimhortensia aan de voorkant van het huis. 
Meer dan twee uur van de ene bijzondere struik naar de andere met heel klare en verantwoorde uitleg. 





Luc heeft dat op een schitterende manier klaar gespeeld . Sommigen hebben zich verwonderd over de grootte en de verscheidenheid van deze tuin waarvan ik hierboven enkele sfeerbeelden weergeef. Het leerrijke gedeelte werd afgerond met een koffietafel en een poosje gezellig napraten.





























bevat naast vet ook vlees. Men noemt het doorregen buikspek. Men kan onderscheid maken tussen verschillende soorten spek. Het onderscheid kan vooral gemaakt worden in buikspek en rugspek. Speklappen worden gehaald uit het buikspek. Dat is de magerste speksoort. Het vette spek uit de rug wordt veel gebruikt om te larderen of voor het maken van paté. Larderen is het doorrijgen van mager vlees of wild met reepjes spek om uitdroging tijdens het braden te vermijden.
worden stukken vlees gesneden van de flanken, de rug of de buik. Vervolgens worden deze geconserveerd door het vlees te drogen, zouten en soms ook te roken. Katenspek wordt gehaald uit de magere spekbuikstreek van het varken. Het wordt gekookt en daarna gerookt. Zeeuws spek 












komt uit 













