Naar de inhoud

Een Achterhoekse in Drente

of... wie lang leeft kan veel verhalen
seniorennet.beseniorennet.be
Memories

Archief

Een aanvulling op Karel Overijssel èn het dagboekje van ome Jan.

De familie Harwig in deze tijd: oom Jaap, tante Riek, Henk en Jan en de jongere Johan en Jaap

Leuk is dat om ook aanvullingen te krijgen op dit indrukwekkende boek Karel Overijssel, een Christenrebel.

Neef Joop heeft het intussen ook te pakken gekregen via Marktplaats en leest het eveneens met interesse.

Johan Aartsen komt met een aanvulling:

Leuk dat je het boek op aanraden van Wim Harwig hebt aangeschaft en via de site anderen ook laat mee lezen in dit boek.
Even een kleine aanvulling Lena en Henk Groot Enzerink hadden 2 zonen Ben en Bert en 2 dochters.
Bert zat op de MULO in Doetinchem en was een dondersteen met enorm veel humor. Aardige vent !
Ik heb begrepen dat hij in Holten woont. Verder weet ik het niet want ik heb hem zeker 30 jaar niet meer gesproken.

Groeten Johan Aartsen.

En dan een reactie van Jan Harwig op het dagboekje van ome Jan:

Beste Hetty en Wim,

Ik heb de website nu gelezen en kan me die tijd nog wel aardig herinneren. Natuurlijk zijn er wel enige verschillende versies of het nu kanongebulder was of bombardementen in Duitsland - die waren goed te horen in Vorden - o.a. op Emmerik en Wesel.
Voor het huis van de Haar stond Engels of Canadees afweergeschut die op Zutphen hebben geschoten. Grote stukken waren ingegraven en ik heb ze een paar dagen na de bevrijding weer dicht moeten gooien. Ik heb ook gezien dat er daar niet afgevuurde ontkopte granaten werden begraven door die lui en ik bleef wel effe op een afstand.
Ik heb er verder geen aandacht aan besteed maar toen ik in 1970 van Zutfen naar Hillegom ben verhuisd ben ik naar de politie gegaan in Vorden om te zeggen dat daar nog munitie in de grond lag. Een agent -volgens mij de zoon van de hr.Kamphuis die ook agent in Vorden was geweest- zei dat het weinig aannemelijk zou zijn dat er daar voor het huis van de Haar later nog gebouwd zou worden! Aldus ging ik weer! Zie nu de situatie eens aan, ik ben er in geen veertig jaar meer wezen kijken en het ziet er toch anders uit nu! De granaten zijn volgens mij nooit gevonden, misschien zijn ze wel zo verroest dat er niets meer van over is.

In de tijd van de razzia's sliep ik met je vader in het oude kippenhok op de eikenplanken die daar waren opgeslagen. De ratten sliepen er ook maar als je je omdraaide waren ze weer weg.

Die goeie ouwe tijd zeggen ze dan.

Groetjes Jan

Geschreven door Hetty om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Bervo en Karel Overijssel... Slot-

De mensen in Vorden hebben zich vergaapt langs de weg toen de geallieerde legers door het dorp trokken. De wegen waren daar niet op berekend zoals in het dagboekje van ome Jan ook al bleek. Ik weet wel zeker dat ook mijn familie, papa, mama, opa en opoe Bijenhof langs de kant hebben gestaan.En misschien heb ik het zelfs meegemaakt vanuit de wandelwagen. Hoewel van mama ben ik niet zeker want op 12 april is Diny geboren. Maar het kan niet anders dan dat de hele Aartsen- èn Harwigfamilie dit meegemaakt hebben.
Op zekere dag stak vader Groot Enzerink tussen veel militair vervoer de Zutphenseweg over in de richting van zijn huis. Hij stond al op het trottoir en keek naar de drukte van de passerende Canadese legerwagens. Toen maakte een met grote snelheid rijdende Canadese motor-ordonans een kapitale verkeersfout. Hij kon een legerauto niet passeren en reed in volle vaart het trottoir op en reed Bervo omver die met een harde klap met zijn hoofd op de straatstenen terechtkwam. Hij had behalve een ernstige hersenschudding ook heel wat kneuzingen. Hij heeft zichzelf niet genoeg ontzien, veel te vroeg weer aan het werk gegaan. Tot zijn overlijden heeft hij altijd zware hoofdpijn gehad.

Bervo, geteisterd door de oorlogservaringen, in het bijzonder als gevangene van de S.D. èn de angst dat ook zijn zoon dit zou moeten meemaken en daarnaast die aanhoudende hoofdpijn zal nog eens tijdens de oranjefeesten eind augustus 1945 de meest besproken man worden in Vorden. Hij schreef en speelde de hoofdrol in een door hem geschreven openluchtspel “In handen van de Sicherheits Dienst. Het was een zo realistisch stuk, geschreven over wat hij zelf had meegemaakt waarbij hij zich zo inleefde dat tientallen mensen huilend zijn weggelopen tijdens de voorstelling die gehouden werd op het terrein bij de Zuivelfabriek.
Toen was de koek op. Bervo wilde niet verder, niet opnieuw het stuk spelen of het te laten uitgeven, zelfs niet voor veel geld. Hij wilde 'In handen van de Sicherheits Dienst' niet herhaald zien buiten Vorden. Bervo was geknakt, de spanning van het opnieuw beleven had hem geestelijk kapot gemaakt. De onverzettelijke, die de vijand op alle fronten heeft bestreden en weerstaan is tenslotte gevallen. Hij overleed op 17 juni 1947.

En Karel Overijssel? Hij ging als Henk Groot Enzerink aan de slag in de rijwielhandel van Bervo en trouwde met zijn Lena. Hun eerste kind dat 14 dagen na de dood van Bervo geboren is, werd gedoopt als Berend Hendrikus Groot Enzerink. De tweede werd een dochter: Gerdina Willemina Jenny, naar de beide moeders en de laatste, weer een dochter, Helena Karelina Margo. Helena, afkorting voor Henk en Lena; Karelina naar zijn schuilnaam in de oorlog en Margo was de schuilnaam van Lena tijdens de bezetting.

Vanaf 28 maart zijn alle stukjes en verscheidene foto's ontleend aan het boek Karel Overijssel, een Christenrebel, een ode aan verzetsman Henk Groot Enzerink, zijn vader Bervo en met hen heel veel anderen die in die zware tijd in het verzet zaten. Velen hebben het met hun leven moeten bekopen.
Het is geschreven door H.W Poorterman die daarvoor heel wat onderzoek en interview werk heeft gedaan

Geschreven door Hetty om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Terug in Vorden....

Na de bevrijding werd Karel Overijssel in Vriezenveen aangehouden door leden van het verzet en opgebracht naar het toenmalige gemeentehuis. Joop Colenbrander bracht de ware identiteit van de gearresteerde verzetsman aan het licht en vanaf dat moment kreeg hij alle medewerking.

De weg terug naar Vorden was een bijzondere rit. Hij gebruikte zoals afgesproken was de motor van Cor Overijssel die zolang verstopt was geweest in het hooi en zo aan de grijpgrage handen van de moffen was ontkomen. Kloosterhaar kwam hij door omdat een familielid van Lena hem herkende. Daarna reed Karel Vriezenveen binnen. Hier moest hij aan kunnen tonen wie hij was aan de leden van de N.B.S. die aanvankelijk dachten met een gevaarlijke N.S.B.er van doen te hebben. Hij werd afgevoerd naar het gemeentehuis door joelende mensen. Waarom hij geen persoonsbewijs bij zich had, vroeg daar hun commandant. Hij gaf alleen maar het advies:”Laat Joop Colenbrander maar komen, die zal u zeggen wie ik ben”. Toen de deur openging en Joop en Karel oog in oog stonden werd het duidelijk. “Karel… jij hier? Ik had al gehoord dat je gefusilleerd was door de Duitsers.” En deze Joop legde de commandant uit:”Deze man is Karel Overijssel van het ondergrondse Trouw. Ik was in Vriezenveen zijn hoofdverspreider.” Hier kreeg hij een bewijs wie hij was zodat hij verder ongehinderd kon reizen. Via Almelo en Enschede, waar hij vrienden uit het verzet, ook hoofdverspreiders van Trouw opzocht, kwam hij terug in Vorden. De wegen zaten vol tanks en ander materieel, maar hij kwam thuis waar niemand nog wist dat hij nog in leven was.Zijn moeder kwam aanrennen en over de ontmoeting met vader Bervo vertelde Karel hierover:”Toen zag ik vader komen, op de fiets, vanaf het Hoge, over wat mijn zoons later het Boer’npaadje noemden. Hij wist nog niets. Ondanks de bevrijding keek hij zorgelijk. Misschien wel om mij. Hij had vaak tegen moeder gezegd:”Kon ik maar in zijn plaats in de gevangenis zitten”.
Toen hij dichtbij me was, toen ineens, zag hij me staan, gezond en wel. Vader kon geen woord uitbrengen. Hij was totaal verstomd. Hij bleef op zijn fiets zitten, met de armen op het stuur geleund.
Het heeft heel lang geduurd voor hij van de fiets kon stappen. Toen volgde de ontmoeting.

Geschreven door Hetty om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Toch nog gearresteerd...

Het Karel de 5e huis aan de Sassenstraat 25 in Zwolle, bewoond door Huib en Grietje van der Kamp, was een centraal punt in de koeriersdienst tussen West- en Noordoost Nederland. Het echtpaar van der Kamp heeft onschatbare diensten aan het verzet, in het bijzonder aan het illegale Trouw, bewezen.

Op vrijdagmiddag 16 maart 1945 werd Karel Overijssel toch nog gearresteerd door de S.D. bij de Sassenpoort in Zwolle. Zijn persoonsbewijs en bijbeltje werden voor zijn ogen in stukken gescheurd. Hij kwam alleen in een cel zonder eten of drinken en elke dag kwam er een Duitser vragen of hij al bereid was te bekennen. Hij hoorde de Engelse vliegtuigen en alles wat er gebeurd was ging door zijn hoofd. Ze probeerden zelfs met een zgn gevangene in de cel naast hem om hem aan het praten te krijgen, maar Karel was door Bervo helemaal geïnstrueerd in wat hem zou kunnen gebeuren. Die had ook gezegd dat hij om te overleven best wat bekennen kon als hij maar namen noemde van mensen die hier geen last van konden ondervinden. Na een week zonder eten en drinken was hij zover, had goed nagedacht en gaf aan dat hij wilde bekennen. Hij werd gehaald en gaf alleen namen door van mensen in bevrijd gebied of die jong overleden waren. Uiteindelijk geloofden ze hem en zou naar Duitsland getransporteerd worden wegens het niet melden als krijgsgevangene en zijn valse persoonsbewijs. ‘Karel’ kwam nu bij anderen in de cel en maakte mee dat er verschillende gevangenen werden opgehaald om gefusilleerd te worden. Zo ook Abraham Fros die dat lot beschoren was op de IJsseldijk, een bijzondere verzetsman, maar ook vader van 4 kinderen. De Duitsers begonnen de 5e april haast te krijgen en wilden hen nog wegvoeren naar Duitsland. Met een schip ging het richting Hasselt.. de Lichtmis… Dedemsvaart… Lutten. Het werd voor ‘Karel’ bekend terrein. Hier dichtbij woonde Lena. Nu konden ze niet verder omdat de brug opgeblazen was en werden ze de school ingejaagd. De volgende dag zouden ze weer terug naar Zwolle moeten met de boot, maar Henk weet met nog twee anderen te ontvluchten en kunnen zich verstoppen bij mensen in een schuur. En dan zijn de Canadezen er. Henk is nu vlakbij de familie. Samen met een mede ex- gevangene Jo Sinkler verlaten ze het feestende Lutten om naar Bruchterveld te gaan, maar Jo is op en kan niet meer. Daarop gaat Henk op pad om fietsen te halen. Als hij terugkomt vindt hij een geheel ontdane Jo. Toen Henk weg was gegaan was er een Duitse bus met soldaten aan komen rijden die in Jo met zijn oranje lintje een terrorist zagen. Hij moest tegen de muur gaan staan en net toen ze hem wilden doodschieten kwam er een Canadese tank aan. Jo kon nog net uitbrengen:'De Canadezen...' De Duitsers zagen het ook en vlogen terug naar hun bus, maar te laat. Een voltreffer van de Canadezen raakte de bus, de helft van de Duitse soldaten was dood en de rest werd gevangen genomen. Dit had zich allemaal net voor de ogen van Jo Sinkler afgespeeld toen Henk met de fiets kwam. Die vond een doodsbleke Jo die eerst niets kon uitbrengen.
Het weerzien met vriendin Lena was natuurlijk geweldig in Bruchterveld. Ook zijn zus Willy en zwager Louis die hier ondergedoken waren ziet hij hier terug. De bevrijding is een feit.

Geschreven door Hetty om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

De Vrijgezellenknoop

Aan de IJsseldijk vlakbij Hattem herinnert dit monument aan de moord op zeven Nederlanders en een Belg. Eén van hen was Abraham Fros, een vooraanstaand verzetsman uit Loosduinen.

Behalve degene die nèt konden ontsnappen zijn in dit boek heel wat namen te vinden van mensen, die het nìet gered hebben en door de Duitsers zijn gefusilleerd. Ook aan de dijk bij Hattem zijn er vlak voor de bevrijding mensen omgekomen.
Veel van de mensen die zorgden voor het drukken en verspreiden van “Trouw” zijn gepakt en doodgeschoten. Er zijn overal in het land plaquettes en gedenkzuilen om te zorgen dat wij hen nooit zullen vergeten, ook aan de IJsseldijk bij Hattem.
Bij de mannen die met de bevrijding in zicht gedood werden in Zutphen en in de IJssel werden gedumpt, waarbij Hans Westhof door toedoen van Bervo gered werd, was er nog één man die het overleefd heeft. In het boekje “Zutphen in dagen van spanning”, een gedenkschrift over de belegering en bevrijding van Zutphen, 8 en 14 april 1945 wordt hierover verteld. Nadat de mannen twee aan twee aan elkaar gebonden waren werden ze gefusilleerd en vervolgens in de IJssel gegooid. Hier zijn geen woorden voor.
Het waren:
H.H. Lier, student 21 jaar
D.J. Sonnenberg, student 22 jaar
A Gerritsen, smid- bankwerker 26 jaar
Th. W.L. baron van Heemstra, hoofding. Ned. Spoorwegen, 62 jaar
H.J. Lammer, landbouwer uit de Hoven, 23 jaar
A.C. Oskam, commies aan het Dep. van koloniën, 44 jaar
H.J. Boxtart, doodgraver, 26 jaar
G. van Oostveen, inspecteur Levensverzekering Mij, 37 jaar
De ook neergeschoten marechaussee van Bentem wist zich zwemmend te redden. De kogel die voor hem bestemd was, ketste af op een z.g. vrijgezellenknoop. Hij was slechts licht gewond, deed net of hij dodelijk getroffen was en liet zich op het lichaam van hem, aan wie hij vastgebonden was, vallen. Voordat ze de lichamen in de IJssel wierpen, werden ze losgesneden en gelukkig voor hem ook de zware laarzen uitgetrokken. Hij wist zich in het water aan een z.g. dukdalf langs de wal te grijpen en toen hij er zeker van was dat de uitvoerders van het vonnis vertrokken waren, liet hij zich met de stroom meedrijven en bereikte een eind verder de IJsselkade. Hij hees zich uit het water en vond op de hoek van de Turfstraat onderdak.

Geschreven door Hetty om 09:48 Reageer op dit bericht Stuur door

Opnieuw een poging...

De Vordense Dorpsstraat in 1938. In de verte Bervo die met zijn motor een fiets en naaimachine wegbrengt.

“Het was niet altijd duidelijk of iemand verkeerde bedoelingen had. Soms moest je op je gevoel afgaan”, zo vertelde Henk Groot Enzerink in het boek Karel Overijssel. “Op een keer kwamen er twee onbekende mannen om fietsbanden bij Bervo in de werkplaats. Die zei stug dat hij die alleen op bonnen kon leveren en wat hij had was voor zijn eigen klanten. Daarop vond het tweetal dat hij maar eens een toontje lager moest gaan zingen want ze waren van de ondergrondse en dan zouden ze met de knokploeg wel eens alle voorradige banden kunnen meenemen….. Hierop liep vader Bervo dreigend op het tweetal toe:”Denk niet dat ik voor iets of iemand bang ben, niet voor jullie en ook niet voor de knokploeg of die nu van de Duitsers is of van de ondergrondse”.
Ze dropen af maar kwamen verscheidene keren terug om Henk te spreken. “Henk is er niet en ik weet ook niet waar hij zit”, zei vader steeds, maar een dag erop kreeg ik ze aan de telefoon en maakte toch een afspraak met ze, ondanks dat Bervo me voor ze gewaarschuwd had.
Toen ze kwamen was ik toch maar even naar mijn zus en zwager Schouten gegaan, die het even niet zo gemakkelijk hadden want die dag werd hun zoon Bert geboren.
Om half 11 belde moeder op:”Ze bunt ‘r, maor ik bun ’t met vader ens, ik vertrouwe ze niet. Weas toch veurzichtig!”
Ik waagde het er op om naar huis te gaan. Bij de deur van de werkplaats stond vader me op te wachten en zei ook :”Henk, ik vertrouwe dee luu niet, ze bunt van de verkeerde kante. En noe nog iets. Ik heb onze beide revolvers gelaajen. As ze oew iets doet wat mien niet ansteet, scheet ik ze allebeide dood en stoppe wie-j ze in de beerputte. Ie wet da’k doe wa’k zegge. Zo steet et d’r veur en niet anders!”
Ik stapte vanuit de winkel de kamer in en zag in één oogopslag dat vader gelijk had. Opnieuw verzekerden ze ons dat ze van de ondergrondse waren. Ze begonnen over een zekere Johnny de Droog en of ik wist of die wel echt van de ondergrondse zou zijn. Iemand had hun gezegd dat Henk van Vorden wel zou weten hoe het zat.
Ik stond met de rug naar de winkeldeur, keek ze strak aan en mijn rechterhand hield ik in mijn broekzak. Ik deed of ik een revolver in de hand had.
Ze noemden verschillende namen die hem zouden hebben genoemd. Ik zei:”Ik ken er geen één van en doe me een plezier… Doe de hele ondergrondse een genoegen en schiet die Johnny de Droog dan hartstikke dood, want dat heeft hij verdiend. Verder heb ik heen tijd meer, dus doe wat ik je gezegd heb”.
Ik liep langzaam achteruit, keek hen brutaal in de ogen, hield de rechterhand nog steeds in de broekzak. Ze liepen vlak voor me heen naar de winkeldeur naar buiten en bedankten me nog voor de goede raad… Ik staarde ze na en besefte dat ik door het oog van de naald gekropen was.

Geschreven door Hetty om 23:04 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Bervo en de S.D.

Het huis met winkel van Bervo stond vlak voor de Gereformeerde Kerk in Vorden. Vriend en vijand kwamen er op bezoek. Wat betreft de vijand: zeven keer zelfs, maar steeds tevergeefs.

Zeven keer kwam de S.D. op bezoek in huize Bervo. De tweede keer was op donderdag 20 januari 1944.
Op die avond zou 'de groep van negen' weer bij elkaar komen, zoals gewoonlijk in de consistorie van de Geref. Kerk, maar Henk van Vorden, zoals Henk Groot Enzerinks schuilnaam eerst was, had die middag ineens een vreemd en zelfs angstig gevoel hierover en vroeg ds Jansen of ze het zaaltje van de Hervormde kerk die avond mochten gebruiken. Deze vroeg niets maar begreep waarschijnlijk waar het om ging en zei alleen maar:”Natuurlijk kan en mag dat. Ik zal zorgen dat de deur open is en de kachel brandt”.
En zo gebeurde het. De groep kwam die avond daar bijeen en tenslotte ging iedereen naar huis, naar Zutphen, Warnsveld, Almen, Harfsen en Hengelo Gld. Henk ging ook naar huis waar ze nog bezoek hadden van een a.s. zwager, Herman Overweg, die het met hem over onderduikers wilde hebben. Die avond hoorden ze tegen 10 voor 11 twee overvalwagens aankomen. De ene reed een stukje de Herstellingsoordweg in en de andere een eindje verder de Dorpsstraat op en keerde toen. Zijn ouders zeiden meteen:”Wegwezen hier”. Zo stapten de twee om 5 voor 11 op de fiets en gingen naar Henks oudste zuster en zwager Luimes aan de Burg. Galléestraat.
Daarbij passeerden ze de woning van de fam. Struik terwijl ze zich van geen gevaar bewust waren. Maar dat was anders geweest als ze geweten hadden wat mevr. Struik allemaal had gezien. Later zou ze erover vertellen: ”Die avond regende het een beetje tegen een uur of 11. Ik had de twee Duitse auto’s gehoord en had de indruk dat er iets aan de hand was. Vanuit de donkere kamer zag ik twee mannen oversteken die bij ons huis onder de veranda gingen schuilen en hoorde ik ze tegen elkaar zeggen:”Deze keer zal hij ons niet ontsnappen zoals zaterdag". Ik begreep echter niet wie er bedoeld werd. Terwijl de twee mannen daar stonden te schuilen, reden twee andere mannen op hun fietsen rakelings langs hen heen. Eén van hen kende ik: Henk Groot Enzerink, de zoon van Bervo".
De volgende morgen vroeg werd er bij de fam. Luimes aan de bel getrokken. Mien Harmsen, de rechterhand van moeder Groot Enzerink, stond aan de deur en vertelde dat de vorige avond laat 16 S.D ers met grof geweld het hele huis van Bervo ondersteboven hadden gekeerd en van alles vernield. Maar de vogel waarvoor ze kwamen was gevlogen. Na een zwaar verhoor werd vader Bervo meegenomen en naar de Koepel in Arnhem gebracht. Toch werd hij na een tijdje en na ook kennis gemaakt te hebben met de praktijken van de S.D. weer vrijgelaten.
Voor Henk was nu de tijd aangebroken om te verdwijnen.

Geschreven door Hetty om 15:24 Reageer op dit bericht Stuur door

Taalmaatje

Sinds kort ben ik dus ook Taalmaatje voor een oudere Marokkaanse vrouw. Ze is analfabeet, heeft 5 kinderen en 17 kleinkinderen en woont al 34 jaar in Nederland. Om het nog ingewikkelder te maken is haar vroegere man terug naar Marokko, heeft al jaren een nieuwe vrouw en is ze zelf na een hernia operatie minder mobiel. Verder is ze moslima en past ze regelmatig op kleinkinderen wat eigenlijk te zwaar is voor haar. Ze is lief… mijn taalmaatje, maar ik heb na twee keer al door dat ik niet de illusie moet hebben haar nog veel te kunnen leren wat betreft lezen en schrijven. Het zal bij mondeling taalgebruik blijven, denk ik. Ze is door omstandigheden erg geïsoleerd geraakt. Haar wens is om zelfstandig een afspraak bij de dokter te kunnen maken en geld te pinnen.
Er is dus nog werk te doen. Voor de RUG ( Rijks Universiteit Groningen) hebben we haar een passieve en actieve woordentoets af genomen. De bedoeling is om over een jaar te kijken hoeveel er veranderd is.
Haar tuintje wordt langzamerhand van gras en onkruid ontdaan en er zijn steeds meer kruiden in te zien die ze in de keuken gebruikt.Dit wordt ook een aanknopingspunt denk ik.
Na twee keer thuis zitten te praten en te oefenen gaan we volgende week er op uit… winkelen. Ik stelde voor om ergens in Emmen op een terrasje te gaan koffie drinken. Oei… helemaal fout. Dat doet een moslima niet…. samen met mannen in dezelfde ruimte aan de koffie, maar alle winkels wil ze wel in. Ik ben benieuwd.

Geschreven door Hetty om 15:22 Reageer op dit bericht Stuur door

Bervo en de slacht...

In de boerderij van G.J. Wuestenenk aan de Strodijk 13 in Vorden vergaderde de verzetsgroep van Vorden, bekend onder de naam "de groep van negen", vaak. Henk Groot Enzerink kreeg de leiding. Toen hij moest onderduiken nam Jan Norde deze taak over.- Ome Jan had het steeds over een G. Norde. Zou hier toch dezelfde man bedoeld zijn?

Van Johan Aartsen had ik al vernomen dat deze Bervo, die goed bevriend was met oom Sjoerd, ook illegaal slachtte in oorlogstijd en in het boek Karel Overijssel vertelt de heer Masselink, die vanaf het moment dat zoon Henk moest onderduiken fietsenmaker is geweest bij de fam. Groot Enzerink, over zijn ervaringen met Bervo. Hij vertelt over dat illegale slachten, zwart slachten werd het genoemd. Rijke mensen liet Bervo het dubbele betalen voor een kilo vlees, arme mensen kregen het voor niets om de deur geschoven. Hij hield zelfs een lijst bij wat ieder betaalde of wie niets hoefde te betalen.
Eens fietste hij met een zak vol varkensvlees over straat, wat natuurlijk verboden was. Toen kwam Gerrit Wolters, ambtenaar van de C.D.D.- Crisis Controle Dienst, hem achterop. Het bloed liep onder uit de zak. De mensen in Vorden gniffelden al: mo-j den Bervo noe es zien, hee fietst verdorie met een zwart varken in de zak zomaor met een ambtenaar van de C.C.D. over straote. "He-j dan helemaole niks emerkt", vroegen ze Wolters later. “Natuurlijk wel”, reageren den, “wee zol niet emerkt hebb'n dat den beste kearl een geslacht varken in dee zak had. Maor hee dee d'r allenig maor goed met en dan nem ie zon varken toch niet in beslag…?"
Met smaak kunnen ze je in Vorden ook nog vertellen, hoe politieman Maters op een gegeven moment Bervo op de fiets achterop kwam na weer zo’n verboden slachtpartij. Maters kwam, zag en deed net of z’n neus bloedde. Om Bervo te laten merken dat hij de situatie wel door had, zei de politieman alleen:”Zeg Bervo, as ie-j noe weer es van…. oew werk…. weerkomt, zo-j dan meschien de moeite will'n nemmen um oew 't bloed van de klomp'n af te veagen...?"

Geschreven door Hetty om 17:36 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Bervo vervolg

Vader en zoon Groot Enzerink uit Vorden, bekend als respectievelijk Bervo en Karel Tuin/ Overijssel.

Afschuwelijke gebeurtenissen zijn er te lezen in Karel Overijssel, aanhoudingen, executies, martelingen. Maar ook verhalen van moed en lef. Zo ook hetgeen de gevangen èn weer vrijgelaten Bervo aan het eind van de oorlog meemaakte.

Het was vlak voor de bevrijding, Bervo zat opnieuw gevangen, met een jongen, Johannes heette hij. Hans werd hij genoemd, de 16 jarige zoon van de weduwe Westhof aan de Warnsveldseweg 51 in Zutphen. Hij was gearresteerd , terwijl hij in het bezit was van een vuurwapen. Met een aantal andere verzetsmensen werd hij ter dood veroordeeld en opgesloten in Zutphen. In die cel was ook Bervo binnengebracht. Hans stond zijn plaatsje aan de oudere man af en samen raakten ze in gesprek. Over het doodvonnis: over zijn moeder die alleen achter zou blijven. Bervo werd kort daarop vrijgelaten, maar zijn vrijheid schonk hem geen voldoening. Hij dacht maar aldoor aan die aardige jongen in de cel in Zutphen: zo jong en dan al wachten op de dood. En een moeder, een weduwe die alleen achterbleef…
Bervo’s besluit stond kort daarop vast. Tegen zijn vrouw zei hij:”Ik ga terug naar Zutphen om te zien wat ik voor die jongen kan doen. Laten we knielen en samen bidden voor de redding van die jongen.” Zijn vrouw:”Nu je juist bent vrijgelaten, moet je nu werkelijk terug in het hol van de leeuw?” Een opmerking die goed bedoeld was maar geen enkele invloed had op het besluit om te gaan.
Daar in Zutphen lag zijn taak, daarheen zou hij gaan. Het gelukte hem om bij de Duitsers binnen te komen, maar jonge Duitse soldatenvrouwen waarschuwden hem nadrukkelijk: laat je niet zien, het is levensgevaarlijk, vooral nu de zaak in paniek begint te raken.
Bervo liet zich niet ompraten en reageerde rustig:….”en toch wil ik spreken met Heinemann.” Dat was de commandant van de S.D., die hem al vaker had verhoord. Ze kenden elkaar zo langzamerhand. Had de Duitse Hauptsturmführer mogelijk enig respect voor die onverzettelijke Nederlander? Hoe dan ook, Groot Enzerink kreeg gelegenheid even met Heinemann te spreken. Hij vroeg hem:”Hebt u ook kinderen? Komt uw zoon ook op voor zijn vaderland? En moet je nu een jongen van 16 jaar, die meent te moeten opkomen voor zijn land, daarom doodschieten? Is dat Duitse eer? Deze zoon is de enige zoon van een weduwe. Ik vraag u dit leven te sparen, deze jongen vrij te laten.”
Wie zal ooit weten wat in deze Duitser is omgegaan, waarom reageerde hij zoals hij deed. Hans Westhof, ter dood veroordeelde jongen, reeds vastgebonden aan een medegevangene om doodgeschoten te worden, werd losgesneden en ontkwam aan de dood door de kogel. Zijn leven werd gespaard.
Pas na de bevrijding begreep hij waaraan hij zijn leven te danken had. Toen is hij naar Vorden gekomen en sloeg de vaderloze jongen de armen om zijn redder alsof hij zijn vader omhelsde.

Geschreven door Hetty om 17:50 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Een Achterhoekse in Drente

↑ Terug naar de berichten